Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBASS:2012:BX2962

Instantie
Rechtbank Assen
Datum uitspraak
16-07-2012
Datum publicatie
30-07-2012
Zaaknummer
341379 EK VERZ 12-10193 en 341380 EK 12-10194
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verzoek OBS afgewezen: Bewindvoerder niet gekwalificeerd en niet professioneel. Verzoekers houden vast aan hun voorkeur voor deze bewindvoerder.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ASSEN

Sector kanton

Locatie Assen

zaaknummers: 341379 EK VERZ 12-10193 en 341380 EK 12-10194

beschikking onderbewindstelling van 16 juli 2012

Op 19 maart 2012 is een verzoekschrift ingediend door:

1. [X], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

2. [Y], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

beiden wonende te [adres],

hierna te noemen verzoekers,

tot instelling van een bewind over de goederen die aan hen (zullen) toebehoren.

Beoordeling

1. Op 19 maart 2012 zijn ter griffie de verzoekschriften ingekomen, waarin verzoekers vragen om hun vermogen onder bewind te stellen. In de verzoekschriften wordt aangegeven dat het een schuldbewind betreft, waardoor verzoekers veel stress ervaren en de situatie niet meer aan kunnen. Als te benoemen bewindvoerder is de heer [bewindvoerder] genoemd, geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], wonende te [adres], vennoot van de commanditaire vennootschap Laagste Maandlasten C.V.

2. De griffier heeft de heer [bewindvoerder] op 19 maart 2012 verzocht om uiterlijk 16 april 2012 een medische verklaring ten behoeve van verzoekers in te dienen waaruit duidelijk wordt dat er een grond voor onder bewindstelling is. Daarnaast is aangegeven dat de heer [bewindvoerder] ingeval er een professionele relatie met verzoekers bestaat, moet aantonen dat aan kwaliteitseisen wordt voldaan. De heer [bewindvoerder] is met het oog daarop verzocht om schriftelijk mee te delen dan wel stukken over te leggen waaruit blijkt:

• dat hij is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel;

• dat hij is aangesloten bij de Branchevereniging van Professionele Bewindvoerders en Inkomensbeheerders;

• dat hij een bedrijfsplan heeft;

• dat hij beschikt over de vereiste kennis en vaardigheden;

• hoe de financiële werkprocessen zijn georganiseerd;

• of er jaarlijks een audit plaatsvindt;

• of hij beschikt over een accountantsverklaring.

3. Aangezien hierop geen reactie werd ontvangen, heeft de griffie het verzoek op 27 april 2012 herhaald, en verzocht om de stukken voor 11 mei 2012 over te leggen. Dat is niet gebeurd. Op 30 mei 2012 heeft de griffier telefonisch met de heer [bewindvoerder] gesproken, die daarbij heeft toegezegd dat de stukken de volgende week zouden komen.

4. De griffier heeft uiteindelijk op 13 juni 2012 een brief met bijlagen van de heer [bewindvoerder] ontvangen. Bij die stukken is een inschrijving van de Kamer van Koophandel gevoegd, waaruit blijkt dat de heer [bewindvoerder] sinds 17 juli 2009 beherend vennoot is van de commanditaire vennootschap Laagste Maandlasten C.V. De onderneming, waarin twee personen werkzaam zijn, legt zich blijkens de inschrijving toe op het beheren van, bemiddelen bij en advies geven over financiële diensten, budgetanalyse voor particulieren en bedrijven, het bieden van ondersteuning bij reorganisaties, assurantiebemiddeling, hypotheek- bemiddeling, bewindvoering, accountancy, PGB zorgbegeleiding, MKB- en BBZ ondersteuning en herfinanciering.

De commanditaire vennootschap is in 2011 toegelaten als instelling voor begeleiding als bedoeld in artikel 6 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ. De belastingdienst heeft haar een Becon-nummer voor belastingconsulenten toegekend. De heer [bewindvoerder] heeft een uitdraai bijgevoegd van de website www.laagste-maandlasten.nl/verzekeringen.php. Een medische verklaring over de toestand van verzoekers, een bedrijfsplan, en opleidingsinformatie en/of -certificaten zijn niet bijgevoegd. Ook is er geen beschrijving van de werkprocessen gegeven, geen accountantsverklaring overgelegd en niet vermeld of er jaarlijkse een audit plaatsvindt.

In zijn begeleidende brief geeft de heer [bewindvoerder] aan dat hij principieel geen lid is van de brancheorganisaties omdat deze een vaste werkwijze hebben en in de praktijk geen aanvullende werkzaamheden accepteren.

5. Het verzoek is mondeling behandeld ter zitting van 2 juli 2012, in aanwezigheid van verzoekers en de heer [bewindvoerder]. De heer [bewindvoerder] heeft meegedeeld dat er ook bij andere rechtbanken aanvragen liggen voor onder bewindstelling waarbij hij zich bereid heeft verklaard als bewindvoerder te worden benoemd. Hij is inmiddels eenmaal tot bewindvoerder benoemd. Verzoekers hebben aangegeven dat zij alleen de heer [bewindvoerder] als bewindvoerder willen en niemand anders.

6. De kantonrechter stelt voorop dat er in het onderhavige geval weliswaar sprake is van problematische schulden, maar dat er geen medische verklaring of andere gegevens zijn waaruit blijkt dat verzoekers daardoor niet meer ten volle in staat zijn om hun vermogensrechtelijke belangen behoorlijk waar te nemen, en dat een traject van schuldhulpverlening buiten het kader van een beschermingsbewind, ontoereikend zou zijn. Indien de kantonrechter over dit punt heen zou stappen, stuit het verzoek af op het feit dat verzoekers te kennen hebben gegeven dat zij alleen de heer [bewindvoerder] en niemand anders als hun bewindvoerder willen. De kantonrechter overweegt daarover het volgende.

7. Artikel 1:435 lid 3 BW bepaalt dat de kantonrechter die een bewind instelt, bij de benoeming van de bewindvoerder de uitdrukkelijke voorkeur van verzoekers volgt, tenzij gegronde redenen zich tegen die benoeming verzetten. Die situatie doet zich in dit geval voor. De kantonrechter overweegt dat zij met het oog op de belangrijke taak die bewindvoerders als wettelijk vertegenwoordiger van de onderbewindgestelden hebben te vervullen en het toezicht dat zij daarop moet uitoefenen, aan professionele bewindvoerders kwaliteitseisen stelt die hun deskundigheid, zorgvuldigheid en controleerbaarheid betreffen.

De kantonrechter stelt vast dat de heer [bewindvoerder] ondanks herhaalde verzoeken en zijn toezegging op 30 mei 2012, pas op 11 juni 2012 de door de griffier opgevraagde gegevens heeft toegezonden. De kantonrechter acht dit niet zorgvuldig. Bovendien is de verstrekte informatie incompleet. Zo is niet aangegeven hoe de werkzaamheden en financiële werkprocessen van de commanditaire vennootschap zijn georganiseerd, welke relevante opleidingen de heer [bewindvoerder] heeft gevolgd, en of en op welke wijze de kwaliteit van de bedrijfsvoering en dienstverlening wordt ge-audit. De uitdraai van de website van de commanditaire vennootschap geeft hierin ook geen inzicht. De homepage van die website (waarvan de eerste zin luidt: "kortingen bedrijven online, Extra korting; mobiel & internet, vakantie & uitgaan, verzekeren online, hypotheek & lening, diensten, schuldsanering, Tip ons; partners, Tips; veiligveilenonline, alle vacatures Nederland"), vermeldt ook een dermate grote diversiteit aan activiteiten en links, dat de vraag rijst waar de heer [bewindvoerder] zich in de dagelijkse praktijk precies mee bezig houdt, en of hij voldoende tijd, aandacht en expertise heeft om de taken van een beschermingsbewindvoerder op een professionele en verantwoorde wijze uit te voeren. Dat de heer [bewindvoerder], zoals hij ter zitting aangaf, niet eerder op de verzoeken van de griffier heeft gereageerd omdat hij (te) drukke werkzaamheden had, (be)vestigt de indruk dat de werkzaamheden nog onvoldoende zijn georganiseerd.

De kantonrechter acht de benoeming van de heer [bewindvoerder], als beschermingbewindvoerder daarom niet aangewezen.

8. Het voorgaande brengt mee dat de verzoeken zullen worden afgewezen.

Beslissing

De kantonrechter:

wijst de verzoeken af.

Deze beslissing is gegeven door de kantonrechter mr. M.E. van Rossum en in het openbaar uitgesproken op 16 juli 2012.

typ: mpo/223

coll: