Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBASS:2011:BS7505

Instantie
Rechtbank Assen
Datum uitspraak
13-09-2011
Datum publicatie
13-09-2011
Zaaknummer
19.830147-11
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Dossier biedt onvoldoende aanknopingspunten om tot bewijs te komen van gekwalificeerde diefstal, oplichting en criminele organisatie. Rechtbank spreekt verdachte van die verwijten vrij.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ASSEN

Sector strafrecht

Parketnummer: 19.830147-11

vonnis van de Meervoudige kamer d.d. 13 september 2011 in de zaak van het openbaar ministerie tegen:

[verdachte 3],

geboren te Braila (Roemenië) op [datum] 1969,

wonende [adres],

verblijvende in P.I. Overijssel, HvB Zwolle te Zwolle.

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgehad op 06 september 2011.

De verdachte is verschenen en werd bijgestaan door mr. A.A. Scholtmeijer, advocaat te Heerenveen.

Tenlastelegging

De verdachte is ingevolge de ter terechtzitting gewijzigde tenlastelegging bij dagvaarding tenlastegelegd, dat

1. hij op of omstreeks 24 mei 2011 te Emmen en Groningen tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen meerdere, althans een, mobiele telefoon(s) (merk: Apple type: iPhone), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);

althans, indien ter zake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, ter zake dat

[verdachte 1] en/of [verdachte 2] op of omstreeks 24 mei 2011 te Emmen en Groningen tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen meerdere, althans een, mobiele telefoon(s) (merk: Apple type: iPhone), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan die [verdachte 1] en/of [verdachte 2] en/of zijn mededader(s) en/of aan verdachte bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen daar opzettelijk behulpzaam is geweest door [verdachte 1] en/of [verdachte 2] te vervoeren van en naar de plaatsen Emmen en/of Groningen;

2. hij op of omstreeks 24 mei 2011, te Drachten, althans in Nederland, van een of meerdere voorwerp(en), te weten meerdere (17) mobiele telefoons (merk: Apple en/of Nokia en/of Vertu) en/of 2485 euro en/of 24 dollar en/of 100 kronen en/of 20 ponden, althans een hoeveelheid geld en/of een Notebook (merk: Samsung) en/of een navigatiesysteem (merk: TomTom), de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld, althans heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op een voorwerp was of wie bovenomschreven voorhanden had, terwijl hij wist/redelijkerwijs moest vermoeden dat dat voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit het misdrijf, zulks terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) van het plegen van voormeld(e) feit(en) een gewoonte heeft/hebben gemaakt;

3. hij op verschillende momenten in/of omstreeks de periode van 23 augustus 2010 tot en met 24 mei 2011 te Emmen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, meerdere personen heeft/hebben bewogen tot de afgifte van een hoeveelheid geld, in elk geval van enig goed, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voor gedaan als collectanten die geld inzamelen ten behoeve van doofstomme personen, waardoor deze personen (telkens) werden bewogen tot bovenomschreven afgifte;

4. hij op of omstreeks de periode van 23 augustus 2010 tot en met 24 mei 2011 te Emmen en/of Groningen en/of Drachten, althans in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, te weten een samenwerkingsverband tussen [verdachte 3] en/of [verdachte 4] en/of [verdachte 2] en/of [verdachte 1] en/of [verdachte 5] en/of [verdachte 6] en/of een of meer anderen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk

- het (tezamen en in vereniging) oplichten van een of meer personen en/of

- het (tezamen en in vereniging) plegen van diefstallen en/of

- het (tezamen en in vereniging) plegen van witwassen;

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie mr. S. Kromdijk acht hetgeen onder 1 primair, 2, 3 en 4 is tenlastegelegd wettig en overtuigend bewezen en vordert dat de rechtbank als volgt zal beslissen:

* het opleggen van een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden, met aftrek van voorarrest;

* toewijzing van de vordering van de benadeelde partij;

* verbeurdverklaring van het beslag.

De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

Vrijspraak

De verdachte dient van het 1 primair en subsidiair, 3 en 4 tenlastegelegde te worden vrijgesproken, omdat de rechtbank dit niet wettig en overtuigend bewezen acht.

De rechtbank overweegt daartoe het volgende.

Feit 1.

Verdachte wordt verweten dat hij -kort gezegd- samen met een ander of anderen telefoons heeft gestolen dan wel (subsidiair) dat hij daaraan medeplichtig is geweest door [verdachte 1] en/of [verdachte 2] te vervoeren naar en van de plaatsen waar de diefstallen hebben plaatsgevonden.

Uit de verklaringen van aangevers komt naar voren dat zij door twee mannelijke jeugdige personen werden benaderd met de vraag of zij geld wilden geven voor een goed doel. Kort daarop bleek dat de telefoons waren weggenomen.

Uit de verklaringen van aangevers noch uit andere verklaringen of andere feiten of omstandigheden komt naar voren dat er nog andere personen bij de diefstallen betrokken zijn geweest.

Naar het oordeel van de rechtbank komt uit het dossier niet dan wel onvoldoende naar voren dat verdachte bij deze diefstallen op een dusdanige wijze betrokken is geweest dat daaruit het medeplegen kan worden afgeleid. Ook is niet gebleken dat verdachte voornoemde personen naar en van de plaatsen waar de diefstallen zijn gepleegd, heeft vervoerd. Uit het dossier kan derhalve niet worden afgeleid dat verdachte aan de diefstallen medeplichtig is geweest.

Feit 3.

Verdachte wordt verweten dat hij betrokken is geweest bij de oplichting van personen.

De rechtbank constateert dat er geen aangiften van personen in het dossier aanwezig zijn die stellen te zijn opgelicht door de handelwijze als in de tenlastelegging staat omschreven.

Daarmee ontbreekt het wettige bewijs dat slachtoffers door die handelwijze zijn bewogen tot afgifte van gelden en dat leidt ertoe dat niet gesproken kan worden van oplichting.

Gelet op de verklaringen van medeverdachten [verdachte 1] en [verdachte 2] moet de handelwijze mogelijk eerder worden gezien als een hulpmiddel bij het plegen van de diefstallen van de telefoons. Verdachte wordt dan ook vrijgesproken van het aan hem tenlastegelegde misdrijf medeplegen van oplichting of de medeplichtigheid daarvan.

Feit 4

Met betrekking tot dit feit wordt verdachte verweten dat hij heeft deelgenomen aan een criminele organisatie door met zijn medeverdachten strafbare feiten te plegen zoals in de tenlastelegging staat omschreven.

Om te kunnen spreken van een criminele organisatie moet er sprake zijn van het plegen van misdrijven in een georganiseerd verband. De organisatie moet het oogmerk hebben om misdrijven te plegen waarbij er sprake moet zijn van een bepaalde organisatiegraad en een samenwerkingsverband waar de betrokkenen aan deelnemen of dat ondersteunen. Ook moet er sprake zijn van een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband tussen twee of meer personen.

Naar het oordeel van de rechtbank biedt het dossier onvoldoende aanknopingspunten om te kunnen spreken van een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband tussen personen. De rechtbank ziet in het dossier geen aanknopingspunten voor een organisatiegraad waarbij een persoon of personen een sturende rol zou/zouden hebben.

De genoemde diefstallen zijn naar het oordeel van de rechtbank eerder aan te merken als gelegenheidsdiefstallen. Van oplichting is in onderhavige zaak geen sprake.

Voor het witwassen geldt dat het om een eenmalige gebeurtenis gaat.

De verdachte en zijn medeverdachten hebben, zo blijkt naar het oordeel van de rechtbank uit het dossier en kan uit het verhandelde ter terechtzitting worden vastgesteld, een bepaalde manier van leven. Die kan echter in het onderhavige geval niet synoniem staan voor deelname aan een criminele organisatie.

Bewijsmiddelen

Overeenkomstig de nader op te nemen bewijsconstructie.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig bewezen en zij heeft de overtuiging verkregen dat de verdachte het onder 2 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij op 24 mei 2011, te Drachten, van meerdere voorwerpen, te weten meerdere mobiele telefoons (merk: Apple) de herkomst, de vindplaats heeft verborgen en/of verhuld, terwijl hij wist dat dat voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

De in de bewijsmiddelen genoemde feiten en omstandigheden zijn redengevend voor hetgeen de rechtbank bewezen acht.

De verdachte zal van het meer of anders tenlastegelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

Met betrekking tot de geldbedragen, de Notebook en de TomTom biedt het dossier naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende aanknopingspunten dat deze goederen van enig misdrijf afkomstig zouden zijn. Dit geldt ook voor de mobiele telefoons van de merken Nokia en Vertu.

Nu het witwassen zich blijkens de bewezenverklaring op één dag heeft afgespeeld, kan naar het oordeel van de rechtbank niet gezegd worden dat er sprake is van gewoonte witwassen zodat dit onderdeel evenmin bewezen kan worden verklaard.

Kwalificatie

Het bewezen geachte levert op:

witwassen,

strafbaar gesteld bij artikel 420bis van het Wetboek van Strafrecht.

Strafbaarheid

De rechtbank acht de verdachte strafbaar, omdat geen strafuitsluitingsgronden aanwezig worden geacht.

Strafmotivering

De rechtbank heeft bewezen geacht dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan witwassen van telefoons. Verdachte heeft een aantal telefoons die in Zweden waren gestolen in zijn auto verborgen gehouden om deze later te kunnen verkopen.

Door deze handelwijze heeft verdachte het voor anderen lonend gemaakt om telefoons te stelen. Verdachte heeft daarmee in zekere zin de criminaliteit aangaande de diefstal van goederen gefaciliteerd en heeft daarmee de eigendomsbelangen van de slachtoffers geschaad. De rechtbank acht dit gedrag zeer verwerpelijk.

Aangaande de op te leggen straf houdt de rechtbank rekening met de aard en ernst van het bewezen verklaarde, met de omstandigheden waaronder dit is begaan en met hetgeen de rechtbank uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken omtrent de persoon van de verdachte. Voorts slaat de rechtbank acht op de inhoud van het uittreksel uit het algemeen documentatieregister d.d. 12 augustus 2011 waaruit blijkt dat verdachte niet eerder is bestraft voor soortgelijke feiten.

De rechtbank is op grond van de ernst van het bewezen geachte, in samenhang met de hiervoor weergegeven overwegingen, feiten en omstandigheden, van oordeel dat in dit geval een gevangenisstraf geboden is. De duur daarvan zal gelijk zijn aan het aantal dagen dat de verdachte tot op heden in voorarrest heeft doorgebracht.

Benadeelde partij [slachtoffer 2]

De rechtbank acht het feit waaruit de schade zou zijn ontstaan niet bewezen. De benadeelde partij zal niet ontvankelijk worden verklaard in haar vordering en zij kan haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Toepassing van wetsartikelen

De rechtbank heeft mede gelet op de artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht.

Beslissing van de rechtbank

De rechtbank verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte onder 1 primair en subsidiair, 3 en 4 is tenlastegelegd en spreekt de verdachte daarvan vrij.

De rechtbank verklaart bewezen dat het onder 2 tenlastegelegde, zoals hierboven is omschreven, door de verdachte is begaan, stelt vast dat het aldus bewezen verklaarde oplevert het strafbare feit zoals hierboven is vermeld en verklaart de verdachte deswege strafbaar.

De rechtbank verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte onder 2 meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

De rechtbank veroordeelt de verdachte tot

* een gevangenisstraf voor de duur van 112 DAGEN.

De rechtbank beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht.

De rechtbank heft op het bevel tot voorlopige hechtenis met ingang van heden.

De rechtbank gelast de teruggave aan verdachte van de navolgende in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen te weten:

- 1 kentekenbewijs, Ia, Ib en II, Volkswagen kenteken 94-VR-NG;

- een geldbedrag ad 26,50 euro;

- een geldbedrag ad 1958,30 euro;

- een geldbedrag ad 100 kronen;

- een geldbedrag ad 20 ponden;

- 1 navigator merk TomTom;

- 1 computer merk Samsung R522;

- 1 personenauto merk Volkswagen kenteken 94-VR-NG.

De rechtbank gelast de teruggave aan de rechtmatige eigenaar van de navolgende in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen te weten:

- 1 GSM Nokia 8600 nr 121412 - 1 GSM Nokia 6300 nr 121438

- 1 GSM Nokia 8800 nr 121439 - 1 GSM Nokia 1661 nr 121440

- 1 telefoontoestel Vertu nr 121405

- 1 Simkaart nr 121856 - 3 Simkaarten nr 121859

- 5 Simkaarten nr 121860 - 2 Simkaarten nr 121862

- 7 Simkaarten nr 121867 - 1 Simkaart nr 121868

- 1 Simkaart nr 121869 - 1 Simkaart nr 121870.

De rechtbank bepaalt dat de benadeelde partij [slachtoffer 2] niet ontvankelijk is in haar vordering en dat zij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen. De benadeelde partij en de verdachte dragen de eigen kosten.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Schoemaker, voorzitter, A.L.J.M.A. Janssens en mr. M. van der Veen, rechters in tegenwoordigheid van D.C. Witvoet, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de rechtbank op 13 september 2011, zijnde mr. Van der Veen buiten staat dit vonnis binnen de door de wet gestelde termijn mede te ondertekenen.

Parketnummer: 19.830147-11

Uitspraak d.d.: 13 september 2011 7

vonnis