Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBASS:2009:BK0689

Instantie
Rechtbank Assen
Datum uitspraak
19-10-2009
Datum publicatie
20-10-2009
Zaaknummer
09/716
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Versnelde behandeling
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Gelet op haar doelstelling dient PLOP naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter te worden aangemerkt als een politieke partij. De omstandigheid dat de doelstelling van een politieke partij inhoudt het behartigen van het algemeen belang zoals zij dit ziet, brengt niet met zich dat zij door een besluit dat zich hiermee niet zou verdragen rechtstreeks in haar belang wordt getroffen. Nu ook overigens geen rechtstreeks betrokken belang als bedoeld in artikel 1:2 van de Awb is gesteld of gebleken, kan verzoekster dan als zodanig niet worden aangemerkt als een belanghebbende. Dit betekent dat verzoekster gelet op artikel 8:1, eerste lid, van de Awb juncto artikel 7:1 van de Awb niet in bezwaar kan komen tegen het bestreden besluit.

Wetsverwijzingen
Algemene wet bestuursrecht 1:2, geldigheid: 2009-10-19
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ASSEN

Sector Bestuursrecht

Kenmerk: 09/716 WW44

PROCES-VERBAAL MONDELINGE UITSPRAAK

van de voorzieningenrechter op de voet van het bepaalde in titel 3 van hoofdstuk 8 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)

in het geding tussen:

de Vereniging Politiek Lokaal Onafhankelijke Partij (PLOP), gevestigd te Assen, verzoekster,

en

het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Assen, verweerder.

I. Procesverloop

Namens verzoekster is bij brief van 15 september 2009 bij verweerder bezwaar gemaakt tegen de door verweerder bij besluit van 21 augustus 2008 verleende sloopvergunning voor de panden Witterstraat 35 en 37 te Assen.

Bij brief van 8 oktober 2009 is tevens namens verzoekster aan de voorzieningenrechter van de rechtbank verzocht om toepassing te geven aan het bepaalde in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Verweerder heeft bij brief van 13 oktober 2009 de op de zaak betrekking hebbende stukken alsmede een verweerschrift ingezonden. De gemachtigde van verzoekster heeft hiervan een afschrift ontvangen.

Het verzoek is behandeld ter zitting van de rechtbank op 19 oktober 2009, alwaar verzoekster is vertegenwoordigd door H.R. Wiersma en mr. S.M. Klomp.

Voor verweerder is verschenen drs. H.P. Slot en A. Pronk.

II. Beslissing

Aan het slot van de zitting heeft de voorzieningenrechter het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen.

III. Motivering

Op grond van artikel 8:1, eerste lid, van de Awb gelezen in samenhang met artikel 7:1 van de Awb kan een belanghebbende tegen een besluit bezwaar maken.

Ingevolge artikel 1:2, eerste en derde lid, van de Awb wordt onder een belanghebbende verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. Ten aanzien van rechtspersonen worden als hun belangen mede beschouwd de algemene en collectieve belangen die zij krachtens hun doelstellingen en blijkens hun feitelijke werkzaamheden in het bijzonder behartigen.

Op grond van artikel 3, eerste lid, van de Statuten van de vereniging PLOP heeft eiseres het volgende doel:

“Met nadrukkelijke inachtneming van het bepaalde in artikel 1 van de Nederlandse Grondwet stelt de vereniging zich ten doel op te komen voor de belangen van de gemeente Assen en haar ingezetenen”.

Zij tracht dat doel blijkens het tweede lid te bereiken door:

a. deel te nemen aan de gemeenteraadsverkiezingen in de gemeente Assen;

b. het beleggen van voorlichtings- en contactbijeenkomsten voor de ingezetenen der gemeente Assen;

c. alle wettelijke middelen die tot dat doel kunnen leiden, waaronder het lidmaatschap van organisaties als de Vereniging van Plaatselijke Politieke Groeperingen”.

Gelet op haar doelstelling dient PLOP naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter te worden aangemerkt als een politieke partij. De omstandigheid dat de doelstelling van een politieke partij inhoudt het behartigen van het algemeen belang zoals zij dit ziet, brengt niet met zich dat zij door een besluit dat zich hiermee niet zou verdragen rechtstreeks in haar belang wordt getroffen. Nu ook overigens geen rechtstreeks betrokken belang als bedoeld in artikel 1:2 van de Awb is gesteld of gebleken, kan verzoekster dan als zodanig niet worden aangemerkt als een belanghebbende. Dit betekent dat verzoekster gelet op artikel 8:1, eerste lid, van de Awb juncto artikel 7:1 van de Awb niet in bezwaar kan komen tegen het bestreden besluit.

Alles overziende acht de voorzieningenrechter niet waarschijnlijk dat verzoekster in de bezwaarprocedure ontvankelijk wordt verklaard. Er bestaat om die reden geen aanleiding de gevraagde voorlopige voorziening te treffen en het verzoek daartoe dient derhalve te worden afgewezen.

Deze mondelinge uitspraak is gegeven door mr. K. Wentholt, voorzieningenrechter, op 19 oktober 2009. Aldus opgemaakt door de griffier.

De griffier, De voorzieningenrechter,

mr. C.T Hofman mr. K. Wentholt

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Afschrift verzonden op: