Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBASS:2008:BD8166

Instantie
Rechtbank Assen
Datum uitspraak
01-07-2008
Datum publicatie
22-07-2008
Zaaknummer
19.830068-08
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

poging doodslag; diefstal met bedreiging met geweld; poging tot diefstal met bedreiging met geweld;

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ASSEN

Sector strafrecht

Parketnummer: 19.830068-08

vonnis van de meervoudige strafkamer d.d. 1 juli 2008 in de zaak van het openbaar ministerie tegen:

[naam verdachte,

geboren te [geboorte plaats en datum verdachte] 1985,

zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande,

[verblijfplaats verdachte]

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgehad op 17 juni 2008.

De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. M. Baijens, advocaat te Emmen.

Tenlastelegging

De verdachte is ingevolge de ter terechtzitting gewijzigde tenlastelegging bij dagvaarding tenlastegelegd, dat

1.

hij op of omstreeks 01 augustus 2005 te Roden, gemeente Noordenveld, ter

uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in

vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk en met

voorbedachten rade [naam slachtoffer]en/of (een) andere(en) van het leven te

beroven, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

met dat opzet en na kalm beraad en rustig overleg, met (een) vuurwapen(s)

(een) kogel(s) heeft afgevuurd op die [naam slachtoffer] e/of die ander(en),

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen,

terzake dat

hij op of omstreeks 01 augustus 2005 te Roden, gemeente Noordenveld, met een

ander of anderen, op of aan, althans zichtbaar vanaf, de openbare weg, de

Brink, in elk geval op of aan, althans zichtbaar vanaf, een openbare weg,

openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [naam slachtoffer]en/of (een)

ander(en) en/of discotheek Pruim, welk geweld bestond uit het met (een)

vuurwapen(s) afvuren van (een) kogels op die [naam slachtoffer] en/of die ander(en)

en/of die discotheek;

althans, indien ook terzake van het laatstvermelde geen veroordeling mocht

volgen, terzake dat

hij op of omstreeks 01 augustus 2005 te Roden, gemeente Noordenveld, tezamen

en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, [naam slachtoffer] heeft

bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware

mishandeling, immers heeft/hebben verdachte en/of (een of meer van) zijn

mededader(s) opzettelijk dreigend met (een) vuurwapen(s) (een) kogel(s)

afgevuurd op die [naam slachtoffer];

2.

hij op of omstreeks 25 augustus 2005 te Groningen op de openbare weg de

Stationsstraat, althans op een openbare weg, tezamen en in vereniging met een

ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke

toe-eigening heeft weggenomen

- een mobiele telefoon (Sharp) en/of een geldbedrag, in elk geval enig goed,

geheel of ten dele toebehorende aan [naam slachtoffer], in elk geval aan een ander

of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- een mobiele telefoon (Nokia), in elk geval enig goed, geheel of ten dele

toebehorende aan [naam slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan

verdachte en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld

en/of bedreiging met geweld tegen die [naam slachtoffer]en/of die [naam slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of

om bij betrapping op heter daad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s)

hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te

verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en)

dat verdachte en/of zijn mededader(s)

- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, hebben/heeft

gericht op die [naam slachtoffer]en/of

- dreigend tegen die [naam slachtoffer]en/of die [naam slachtoffer]hebben/heeft gezegd: "Geef alles, geef je geld, geef je telefoon" en/of "Iedereen, geef mij geld" en/of

"Niet bewegen, geef mij geld", althans woorden van gelijke dreigende aard

en/of strekking en/of

- (vanuit een auto) een (tweede) vuurwapen, althans een op een vuurwapen

gelijkend voorwerp, hebben/heeft gericht op die [naam slachtoffer]en/of die [naam slachtoffer] en/of

- dreigend tegen die [naam slachtoffer] hebben/heeft gezegd: "Geef mij geld of mobiel",

althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of

- toen die [naam slachtoffer] weigerde geld of een mobiel af te geven, een (derde)

vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, tevoorschijn

hebben/heeft gehaald en/of uit de kolf/greep van dat vuurwapen/voorwerp

een magazijn met patronen hebben/heeft gehaald en dat aan die [naam slachtoffer]

hebben/heeft laten zien en/of met dat vuurwapen/voorwerp een

(doorlaad)beweging hebben/heeft gemaakt en/of

- de loop van dat (derde) vuurwapen/voorwerp tegen de hals/keel van die

[naam slachtoffer] hebben/heeft gedrukt en/of

- dreigend tegen die [naam slachtoffer] hebben/heeft gezegd: “Ik speel niet swa”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking;

en/of

hij op of omstreeks 25 augustus 2005 te Groningen [namen slachtoffers] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, gericht op [namen slachtoffers], althans dat vuurwapen/voorwerp zichtbaar voor genoemde perso(o)n(en) in de hand heeft gehad;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen,

terzake dat

hij op of omstreeks 25 augustus 2005 te Groningen op de openbare weg de

Stationsstraat, althans op een openbare weg, tezamen en in vereniging met een

ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een)

ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met

geweld

- [naam slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een mobiele telefoon (Sharp)

en/of een geldbedrag, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele

toebehorende aan die [naam slachtoffer] of aan een derde en/of

- [naam slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een mobiele telefoon (Nokia),

in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [naam slachtoffer] of

aan een derde,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte

en/of zijn mededader(s)

- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, hebben/heeft

gericht op die [naam slachtoffer] en/of

- dreigend tegen die [naam slachtoffer] en/of die [naam slachtoffer] hebben/heeft gezegd: "Geef alles, geef je geld, geef je telefoon" en/of "Iedereen, geef mij geld" en/of

"Niet bewegen, geef mij geld", althans woorden van gelijke dreigende aard

en/of strekking en/of

- (vanuit een auto) een (tweede) vuurwapen, althans een op een vuurwapen

gelijkend voorwerp, hebben/heeft gericht op die [naam slachtoffer] en/of die [naam slachtoffer] en/of

- dreigend tegen die [naam slachtoffer] hebben/heeft gezegd: "Geef mij geld of mobiel",

althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of

- toen die [naam slachtoffer] weigerde geld of een mobiel af te geven, een (derde)

vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, tevoorschijn

hebben/heeft gehaald en/of uit de kolf/greep van dat vuurwapen/voorwerp

een magazijn met patronen hebben/heeft gehaald en dat aan die [naam slachtoffer]

hebben/heeft laten zien en/of met dat vuurwapen/voorwerp een

(doorlaad)beweging hebben/heeft gemaakt en/of

- de loop van dat (derde) vuurwapen/voorwerp tegen de hals/keel van die

[naam slachtoffer] hebben/heeft gedrukt en/of

- dreigend tegen die [naam slachtoffer] hebben/heeft gezegd: "Ik speel niet, swa", althans

woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking;

3.

hij op of omstreeks 25 augustus 2005 te Groningen op de openbare weg de

Stationsstraat, althans op een openbare weg, ter uitvoering van het door

verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of

anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg

te nemen

- een mobiele telefoon en/of een geldbedrag, geheel of ten dele toebehorende

aan [naam slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of

zijn mededader(s) en/of

- een mobiele telefoon, geheel of ten dele toebehorende aan [naam slachtoffer]

, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of

zijn mededader(s),

en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen

vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen

[namen slachtoffers], te plegen met het oogmerk om die

diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping

op heter daad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht

mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, een en

ander hierin bestaande, dat verdachte en/of zijn mededader(s)

- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, tegen het

hoofd van die [naam slachtoffer] hebben/heeft gezet en/of (daarbij) dreigend tegen die

[naam slachtoffer] hebben/heeft gezegd: "Nu wil ik jullie geld en mobiele telefoons

hebben", althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of

- die [naam slachtoffer]en/of die [naam slachtoffer]een vuurwapen, althans een op een

vuurwapen gelijkend voorwerp hebben/heeft getoond en/of (daarbij) dreigend

tegen die [namen slachtoffers] hebben/heeft gezegd dat

zij/hij zou(den) schieten als die [namen slachtoffers]

zou(den) bewegen, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of

strekking en/of

- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, hebben/heeft

gericht op die [naam slachtoffer] en/of

- die [namen slachtoffers] hebben/heeft gefouilleerd, althans de

door die [namen slachtoffers] gedragen kleding hebben/heeft

doorzocht (kennelijk) op zoek naar geld en/of (een) mobiele telefoon(s),

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen,

terzake dat

hij op of omstreeks 25 augustus 2005 te Groningen op de openbare weg de

Stationsstraat, althans op een openbare weg, ter uitvoering van het door

verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of

anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en)

wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld

- [naam slachtoffer]te dwingen tot de afgifte van een mobiele telefoon en/of een

geldbedrag, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan

die [naam slachtoffer]of aan een derde,

- [naam slachtoffer] te dwingen tot de afgifte van een mobiele telefoon

en/of een geldbedrag, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele

toebehorende aan die [naam slachtoffer] of aan een derde

- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, tegen het

hoofd van die [naam slachtoffer]hebben/heeft gezet en/of (daarbij) dreigend tegen die

[naam slachtoffer] hebben/heeft gezegd: "Nu wil ik jullie geld en mobiele telefoons

hebben", althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of

- die [namen slachtoffers] een vuurwapen, althans een op een

vuurwapen gelijkend voorwerp hebben/heeft getoond en/of (daarbij) dreigend

tegen die [namen slachtoffers] hebben/heeft gezegd dat

zij/hij zou(den) schieten als die [namen slachtoffers]

zou(den) bewegen, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of

strekking en/of

- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, hebben/heeft

gericht op die [naam slachtoffer]en/of

- die [namen slachtoffers] hebben/heeft gefouilleerd, althans de

door die [namen slachtoffers] gedragen kleding hebben/heeft

doorzocht (kennelijk) op zoek naar geld en/of (een) mobiele telefoon(s),

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

Kennelijke taal- en/of schrijffouten in de tenlastelegging worden geacht te zijn verbeterd. De verdachte is daardoor, blijkens het onderzoek ter terechtzitting, niet geschaad in de verdediging.

De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in haar vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

Met betrekking tot de ontvankelijkheid van de officier van justitie overweegt de rechtbank het volgende.

De raadsman van verdachte heeft aangevoerd dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar vervolging van het onder 1 tenlastegelegde gelet op het tijdsverloop in deze zaak. Hij stelt zich op het standpunt dat de vervolging een aanvang heeft genomen op het moment dat verdachte in de nacht van 13 op 14 augustus 2005 door de politie is gehoord nadat hij door het slachtoffer [naam slachtoffer]werd aangewezen als schutter.

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat geen sprake is van overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, EVRM nu de vervolging naar haar mening eerst is aangevangen toen verdachte op 8 maart 2008 werd aangehouden op vlieghaven Schiphol toen hij vanuit Curaçao Nederland wilde inreizen. Zij geeft voorts aan dat zij met het tijdsverloop tussen het plaatsvinden van het incident en de aanvang van de vervolging wel rekening houdt in haar strafeis.

Het voorschrift van artikel 6, eerste lid, EVRM inzake de behandeling van een strafzaak binnen een redelijke termijn, beoogt te voorkomen dat een verdachte langer dan redelijk is onder de dreiging van een (verdere) strafvervolging zou moeten leven. Op het aan de verdachte toegekende recht op berechting binnen een redelijke termijn kan inbreuk worden gemaakt door het tijdsverloop, te rekenen vanaf het moment dat vanwege de Nederlandse Staat jegens de betrokkene een handeling is verricht waaraan deze in redelijkheid de verwachting kan ontlenen dat tegen hem ter zake van een bepaald strafbaar feit door het openbaar ministerie een strafvervolging zal worden ingesteld. Anders dan door de raadsman wordt gesteld, dwingt artikel 6 EVRM niet tot de opvatting dat het eerste verhoor van de verdachte door de politie steeds als zodanige handeling heeft te gelden. Wel dienen de inverzekeringstelling van de verdachte en de betekening van de inleidende dagvaarding als een zodanige handeling te worden aangemerkt. Ingevolge de uitspraak van de Hoge Raad d.d. 17-06-2008 ( 01946/07 LJN: BD2578) kan overschrijding van de redelijke termijn niet leiden tot niet-ontvankelijk verklaring van het openbaar ministerie.

Overigens is de rechtbank in het onderhavige geval van oordeel dat geen sprake is van overschrijding van de redelijke termijn nu de vervolging eerst is aangevangen op het moment dat verdachte op 8 maart 2008 is aangehouden op Schiphol. Niet is gebleken dat verdachte op een eerder tijdstip dan 8 maart 2008 op de hoogte was of kon zijn van de tegen hem ingestelde strafvervolging ter zake van het onder 1 tenlastegelegde feit. Dat verdachte -naar zijn zeggen- al in 2006 naar Nederland wilde komen maar daarvan heeft afgezien toen hij hoorde dat hij gezocht werd in Nederland doet hier niet aan af nu dit geen relatie heeft tot de onderhavige zaak. Gebleken is immers dat verdachte in september 2006 door de rechtbank Groningen bij verstek is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden voor andere strafbare feiten, welke straf hij nog diende uit te zitten.

Het verweer kan derhalve niet slagen.

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie mr. A.M. de Vries acht hetgeen onder 1. primair, 2. primair en onder 3. primair is tenlastegelegd wettig en overtuigend bewezen en vordert dat de rechtbank als volgt zal beslissen: een gevangenisstraf voor de duur van 3 jaar, met aftrek van de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van de uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht.

Het bewijs

Bewijsmiddelen

De rechtbank acht de volgende bewijsmiddelen van belang, van welke bewijsmiddelen de strekking zakelijk is weergegeven:

Overeenkomstig de nader op te nemen bewijsconstructie.

Nadere bewijsoverweging met betrekking tot het onder 1 primair tenlastegelegde opzet:

Verdachte heeft met een pistool meerdere kogels afgevuurd op de toegangsdeur van discotheek Pruim. Kort daarvoor was een vriend van verdachte uit de discotheek gezet. Op het moment dat het schietincident plaatsvond was het weliswaar niet meer druk in het café

-het was na sluitingstijd- maar er was nog wel personeel aanwezig in de discotheek. Het was derhalve te verwachten dat zich achter de toegangsdeur personen zouden bevinden. Ook bevonden zich -zichtbaar voor de verdachte- omstanders vóór de toegangsdeur.

Door zijn handelen heeft verdachte het gevaar geaccepteerd dat die personen geraakt zouden kunnen worden door de door hem afgevuurde kogels en daarbij gedood zouden kunnen worden. Verdachte heeft door aldus te handelen zich willens en wetens aan dit risico blootgesteld, met dien verstande dat hij de aanmerkelijke kans op dat gevolg heeft aanvaard en op de koop toe genomen. Verdachte heeft in die zin zijn opzet gericht op het van het leven beroven van [naam slachtoffer] en/of andere omstanders vóór of achter de deur van discotheek Pruim.

De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig bewezen en zij heeft de overtuiging verkregen dat de verdachte het onder 1 primair, onder 2 primair en onder 3 primair tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1.

hij op 01 augustus 2005 te Roden, gemeente Noordenveld, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk [naam slachtoffer]en/of anderen van het leven te beroven, met dat opzet, met een vuurwapen kogels heeft afgevuurd op die [naam slachtoffer]en/of die anderen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

2.

hij op 25 augustus 2005 te Groningen op de openbare weg de Stationsstraat, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- een mobiele telefoon (Sharp) en een geldbedrag, toebehorende aan [naam slachtoffer], en

- een mobiele telefoon (Nokia), toebehorende aan [naam slachtoffer],

welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen die [naam slachtoffer] en die [naam slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, welke bedreiging met geweld hierin bestond dat verdachte

- een vuurwapen heeft gericht op die [naam slachtoffer] en

- dreigend tegen die [naam slachtoffer] en die [naam slachtoffer] heeft gezegd: "Geef alles, geef je geld, geef je telefoon" en/of "Iedereen, geef mij geld" en/of "Niet bewegen, geef mij geld", althans woorden van gelijke dreigende aard en strekking en

- een vuurwapen tevoorschijn heeft gehaald en uit de kolf van dat vuurwapen een magazijn met patronen heeft gehaald en dat aan die [naam slachtoffer] heeft laten zien en met dat vuurwapen een (doorlaad)beweging heeft gemaakt en de loop van dat vuurwapen tegen de hals/keel van die [naam slachtoffer] heeft gedrukt en

- dreigend tegen die [naam slachtoffer] heeft gezegd: “Ik speel niet swa”;

en

hij op 25 augustus 2005 te Groningen [namen slachtoffers] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend een vuurwapen gericht op die [namen slachtoffers];

3.

hij op 25 augustus 2005 te Groningen op de openbare weg de Stationsstraat, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen

- een mobiele telefoon toebehorende aan [naam slachtoffer], en

- een mobiele telefoon, toebehorende aan [naam slachtoffer],

en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en te doen vergezellen van bedreiging met geweld tegen die [namen slachtoffers], te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, een en ander hierin bestaande, dat verdachte

- een vuurwapen tegen het hoofd van die [naam slachtoffer] heeft gezet en (daarbij) dreigend tegen die [naam slachtoffer] heeft gezegd: "Nu wil ik jullie geld en mobiele telefoons hebben", althans woorden van gelijke dreigende aard en strekking en

- die [namen slachtoffers] een vuurwapen heeft getoond en (daarbij) dreigend

tegen die [namen slachtoffers] heeft gezegd dat hij zou schieten als die [namen slachtoffers] zouden bewegen, althans woorden van gelijke dreigende aard en strekking en

- die [namen slachtoffers] heeft gefouilleerd, (kennelijk) op zoek naar mobiele telefoons, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

De in de bewijsmiddelen genoemde feiten en omstandigheden zijn redengevend voor de bewezenverklaring. Elk bewijsmiddel is slechts gebruikt voor het bewijs van het feit, waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

De verdachte zal van het onder 1 primair, onder 2 primair en onder 3 primair meer of anders tenlastegelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

De kwalificaties

Het bewezen verklaarde levert respectievelijk op:

onder 1: poging doodslag,

strafbaar gesteld bij artikel 287 juncto artikel 45 van het Wetboek van Strafrecht;

onder 2: diefstal, voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken,

strafbaar gesteld bij artikel 312 van het Wetboek van Strafrecht;

en

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht,

strafbaar gesteld bij artikel 285 van het Wetboek van Strafrecht;

onder 3: poging diefstal, , voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken,

strafbaar gesteld bij artikel 312 van het Wetboek van Strafrecht;

De strafbaarheid

De rechtbank acht de verdachte strafbaar, omdat geen strafuitsluitingsgronden aanwezig worden geacht.

De strafmotivering

De rechtbank neemt bij de bepaling van de hierna te vermelden straf in aanmerking: de aard en de ernst van de gepleegde feiten; de omstandigheden waaronder deze feiten zijn begaan; hetgeen de rechtbank uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken omtrent de persoon van de verdachte; de eis van de officier van justitie; het pleidooi van de raadsman van de verdachte; de oriëntatiepunten voor de straftoemeting en de inhoud van het de verdachte betreffende uittreksel uit het algemeen documentatieregister d.d. 11 maart 2008, waaruit blijkt dat de verdachte eerder ter zake van misdrijven is veroordeeld.

Daarbij is in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Nadat een vriend van verdachte na een onenigheid in discotheek Pruim buiten de deur was gezet, is verdachte korte tijd later teruggekeerd en heeft met een pistool meerdere kogels afgevuurd op de toegangsdeur van de discotheek. Dat er geen slachtoffers zijn gevallen - er waren op dat moment nog mensen aanwezig in de discotheek alsmede op het plein vóór de discotheek - beschouwt de rechtbank als een gelukkig toeval en is zeker niet de verdienste van verdachte. De rechtbank rekent de verdachte zijn handelen zwaar aan.

De rechtbank is op grond van de ernst van het bewezen geachte, in samenhang met de hiervoor weergegeven overwegingen, feiten en omstandigheden, van oordeel dat in dit geval een onvoorwaardelijke gevangenisstraf zoals door de officier van justitie gevorderd passend en geboden is.

De rechtbank houdt bij het bepalen van de duur van de op te leggen straf voorts rekening met de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, zoals die zijn gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting alsmede uit het op 12 juni 2008 uitgebrachte voorlichtingsrapport van Verslavingszorg Noord Nederland. Van strafverminderende omstandigheden is de rechtbank niet gebleken.

Toepassing van wetsartikelen

De rechtbank heeft mede gelet op de artikelen 10, 27, 47, 57, 63 van het Wetboek van Strafrecht.

Beslissing van de rechtbank

De rechtbank verklaart bewezen dat het onder 1 primair, onder 2 primair en onder 3 primair tenlastegelegde, zoals hierboven is omschreven, door de verdachte is begaan, stelt vast dat het aldus bewezen verklaarde oplevert de strafbare feiten zoals hierboven is vermeld en verklaart de verdachte deswege strafbaar.

De rechtbank verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte onder 1 primair, onder 2 primair en onder 3 primair meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 JAAR (drie jaar).

De rechtbank beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Schoemaker, voorzitter en mr. B.I. Klaassens en mr. A.M.E. van der Sluijs, rechters in tegenwoordigheid van mr. A.D. Vermeer, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de rechtbank op 1 juli 2008, zijnde mr. Van der Sluijs buiten staat dit vonnis binnen de door de wet gestelde termijn mede te ondertekenen.