Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBASS:2008:BD3290

Instantie
Rechtbank Assen
Datum uitspraak
06-06-2008
Datum publicatie
06-06-2008
Zaaknummer
19-830052-08
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft in de nacht van 4 op 5 januari 2008 en in de nacht van 7 op 8 januari 2008 samen met [medeverdachte] in Klazienaveen een fors aantal diefstallen uit woningen gepleegd. Beiden zochten naar woningen waarvan een toegangsdeur niet was afgesloten. In twee gevallen werd een in een garage of een schuur aangetroffen huissleutel gebruikt om de woning zelf binnen te komen. Het is algemeen bekend dat de wetenschap dat er ´s nachts iemand in je woning is geweest die daar niet mocht zijn, een blijvend gevoel van onveiligheid oplevert. Verdachte heeft daar echter totaal geen rekening mee gehouden. De rechtbank rekent hem dat zwaar aan. Ter terechtzitting verklaarde verdachte heel erg veel spijt te hebben van wat hij gedaan heeft maar dat hij het niet kan terugdraaien.

Anderzijds neemt de rechtbank in aanmerking dat verdachte en [medeverdachte] bewust op zoek zijn gegaan naar woningen die niet afgesloten waren. Ze hebben dus geen braakschade veroorzaakt.

Verdachte is in het verleden opgenomen geweest in internaten en een kamertrainings-centrum. Voorafgaand aan zijn aanhouding woonde hij in een jongerenhuis. Toen hij in de ziektewet kwam nam zijn leven een negatieve wending. Hij heeft intensieve begeleiding nodig bij het opnieuw op orde brengen van zijn leven. Daartoe lijkt opname in een setting als Vast en Verder te Groningen, waar verdachte terecht kan, of een soortgelijke setting aangewezen. Verdachte heeft na lang twijfelen ingestemd met het volgen van dit traject. Hij vreesde dat door de afstand het contact met zijn familie en vrienden in Emmen en omgeving zou verwateren. Ook op de terechtzitting gaf verdachte aan er om die reden tegen op te zien naar Groningen te gaan. Toch zal de rechtbank de eis van de officier van justitie volgen. Naar het oordeel van de rechtbank is de ernst van de bewezen verklaarde feiten hierin voldoende tot uitdrukking gebracht, terwijl voorts de opname in Vast en Verder of een soortgelijke setting kan worden gebruikt voor onder meer het vinden van een zinvolle dagbesteding ter voorkoming van herhaling van strafbare feiten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ASSEN

Sector strafrecht

Parketnummer: 19/830052-08

vonnis van de meervoudige kamer d.d. 6 juni 2008 in de zaak van het openbaar ministerie tegen:

[naam],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,

wonende te [woonplaats],

thans gedetineerd in [plaats van detentie].

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgehad op 23 mei 2008.

De verdachte is verschenen en werd bijgestaan door mr. A. Mulder, advocaat te Emmen.

Tenlastelegging

De verdachte is bij dagvaarding tenlastegelegd, dat

1.

(incident 1)

hij op of omstreeks 5 januari 2008, te Klazienaveen, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, tijdens een voor de nachtrust bestemd tijdstip, te weten op een tijdstip gelegen tussen 00:30 en 06:30 uur, uit een woning gelegen aan [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een portemonnee met inhoud en 6 zegelboekjes van de Plus Supermarkt, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 1], in elk geval aan een ander of anderen dan verdachte en/of die mededader(s);

2.

(incident 2)

hij op of omstreeks 5 januari 2008, te Klazienaveen, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, tijdens een voor de nachtrust bestemd tijdstip, te weten tussen 01:00 en 03:00 uur, uit een woning gelegen aan [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een portemonnee met inhoud en meerdere pakjes shag, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 2], in elk geval aan een ander of anderen dan verdachte en/of die

mededader(s);

3.

(incident 3)

hij in de nacht van 4 januari 2008 op 5 januari 2008, te Klazienaveen, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, tijdens een voor de nachtrust bestemd tijdstip, te weten tussen 23:00 en 07:30 uur uit een woning gelegen aan [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een DVD-speler, laptop en een sleutelbos, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 3], in elk geval aan een ander of anderen dan verdachte en/of die mededader(s);

4.

(incident 4)

hij in de nacht van 4 januari 2008 op 5 januari 2008, te Klazienaveen, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, uit schuur behorende bij een woning gelegen aan [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen 2 fietsen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 4], in elk geval aan een ander of anderen dan verdachte en/of die mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of voornoemde goederen onder zijn./hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak verbreking en/of inklimming;

5.

(incident 6)

hij in de nacht van 7 januari 2008 op 8 januari 2008, te Klazienaveen, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, tijdens een

voor de nachtrust bestemd tijdstip, te weten op een tijdstip gelegen tussen 23:15 en 05:30 uur, uit een woning gelegen aan [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke

toe-eigening heeft weggenomen een camera, (lege) DVD's, een bruien leren map met onder andere een rijbewijs, een portemonnee, pakjes shag, make-up tasje en meerdere felssen frisdrank, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 5],

in elk geval aan een ander of anderen dan verdachte en/of die mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of voornoemde goederen onder zijn./hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van valse sleutels.

Kennelijke taal- en/of schrijffouten in de tenlastelegging worden geacht te zijn verbeterd. De verdachte is daardoor, blijkens het onderzoek ter terechtzitting, niet geschaad in de verdediging.

Bewijsmiddelen

Nu verdachte hetgeen de rechtbank bewezen zal verklaren heeft bekend en nadien niet anders heeft verklaard en hij noch zijn raadsvrouw vrijspraak heeft bepleit zal de rechtbank volstaan met een opgave van bewijsmiddelen.

ten aanzien van feit 1:

de aangifte van [benadeelde 1] op dossierpagina 98 van het proces-verbaal;

de verklaring van de verdachte op dossierpagina 119 van het proces-verbaal.

ten aanzien van feit 2:

de aangifte van [benadeelde 2] op dossierpagina 125 van het proces-verbaal;

de verklaring van de verdachte op dossierpagina 127 van het proces-verbaal.

ten aanzien van feit 3:

de aangifte van [benadeelde 3] op dossierpagina 131 van het proces-verbaal;

de verklaring van de verdachte op dossierpagina 134 van het proces-verbaal.

ten aanzien van feit 4:

de aangifte van [benadeelde 4] op dossierpagina 138 van het proces-verbaal;

de verklaring van de verdachte op dossierpagina 141 van het proces-verbaal.

ten aanzien van feit 5:

de aangifte van [benadeelde 5] op dossierpagina 151 van het proces-verbaal;

de verklaring van de verdachte op dossierpagina 161 van het proces-verbaal.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig bewezen en zij heeft de overtuiging verkregen dat de verdachte het onder 1. tot en met 5. tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1.

(incident 1)

hij op 5 januari 2008, te Klazienaveen, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander tijdens een voor de nachtrust bestemd tijdstip, te weten op een tijdstip gelegen tussen 00:30 en 06:30 uur, uit een woning gelegen aan [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een portemonnee met inhoud en een aantal zegelboekjes van de Plus Supermarkt, toebehorende aan [benadeelde 1];

2.

(incident 2)

hij op 5 januari 2008, te Klazienaveen, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander tijdens een voor de nachtrust bestemd tijdstip, te weten tussen 01:00 en 03:00 uur, uit een woning gelegen aan [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een portemonnee met inhoud en pakjes shag, toebehorende aan een ander of anderen dan verdachte en die mededader;

3.

(incident 3)

hij in de nacht van 4 januari 2008 op 5 januari 2008, te Klazienaveen, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander tijdens een voor de nachtrust bestemd tijdstip, te weten tussen 23:00 en 07:30 uur uit een woning gelegen aan [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een DVD-speler, een laptop en een sleutelbos, toebehorende aan [benadeelde 3];

4.

(incident 4)

hij in de nacht van 4 januari 2008 op 5 januari 2008, te Klazienaveen, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander uit een schuur behorende bij een woning gelegen aan [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen 2 fietsen, toebehorende aan [benadeelde 4];

5.

(incident 6)

hij in de nacht van 7 januari 2008 op 8 januari 2008, te Klazienaveen, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander tijdens een voor de nachtrust bestemd tijdstip, te weten op een tijdstip gelegen tussen 23:15 en 05:30 uur, uit een woning gelegen aan [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een camera, lege DVD's, een bruine leren map met onder andere een rijbewijs, een portemonnee, een pakje shag, een make-up tasje en meerdere flessen frisdrank, toebehorende aan [benadeelde 5], waarbij verdachte of zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft verschaft door middel van valse sleutels.

De in de bewijsmiddelen genoemde feiten en omstandigheden zijn redengevend voor de bewezenverklaring. Elk bewijsmiddel is slechts gebruikt voor het bewijs van het feit, waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

De verdachte zal van het onder 4. meer tenlastegelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat, evenals de officier van justitie, niet wettig en overtuigend bewezen acht.

De verdachte zal voorts van het onder 1., 2., 3. en 5. meer of anders tenlastegelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

Kwalificaties

Het bewezen verklaarde levert respectievelijk op:

onder 1., 2. en 3. telkens:

diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd door twee of meer verenigde personen,

onder 4.:

diefstal door twee of meer verenigde personen, en

onder 5.:

diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van valse sleutels,

telkens strafbaar gesteld bij artikel 311 in verbinding met artikel 310 van het Wetboek van Strafrecht.

Strafbaarheid

De rechtbank acht de verdachte strafbaar, omdat geen strafuitsluitingsgronden aanwezig worden geacht.

Strafmotivering

De rechtbank neemt bij de bepaling van de hierna te vermelden straf in aanmerking de aard en de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder die zijn begaan, hetgeen de rechtbank uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken omtrent de persoon van de verdachte, de eis van de officier van justitie, mr. C. Westerling-Diderich, luidende: 300 dagen gevangenisstraf, waarvan 191 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, onder aftrek van voorarrest, toezicht van het Leger des Heils in het kader van te stellen bijzondere voorwaarden, hetgeen mede inhoudt opname in Vast en Verder, en afwijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 3] (feit 3), nu de door de benadeelde partij geleden schade geheel op andere wijze is vergoed, het pleidooi van de raadsvrouw van de verdachte, de oriëntatiepunten voor de straftoemeting, de inhoud van het de verdachte betreffende uittreksel uit het algemeen documentatieregister d.d. 9 mei 2008, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder ter zake van een misdrijf is veroordeeld, en de ter zitting gedane erkenning door de verdachte dat hij zich aan de op de dagvaarding ad-informandum gevoegde feiten onder de nummers 1. tot en met 4. heeft schuldig gemaakt, welke feiten hiermee zijn afgedaan.

Verdachte heeft in de nacht van 4 op 5 januari 2008 en in de nacht van 7 op 8 januari 2008 samen met [medeverdachte] in Klazienaveen een fors aantal diefstallen uit woningen gepleegd. Beiden zochten naar woningen waarvan een toegangsdeur niet was afgesloten. In twee gevallen werd een in een garage of een schuur aangetroffen huissleutel gebruikt om de woning zelf binnen te komen. Het is algemeen bekend dat de wetenschap dat er ´s nachts iemand in je woning is geweest die daar niet mocht zijn, een blijvend gevoel van onveiligheid oplevert. Verdachte heeft daar echter totaal geen rekening mee gehouden. De rechtbank rekent hem dat zwaar aan. Ter terechtzitting verklaarde verdachte heel erg veel spijt te hebben van wat hij gedaan heeft maar dat hij het niet kan terugdraaien.

Anderzijds neemt de rechtbank in aanmerking dat verdachte en [medeverdachte] bewust op zoek zijn gegaan naar woningen die niet afgesloten waren. Ze hebben dus geen braakschade veroorzaakt.

Verdachte is in het verleden opgenomen geweest in internaten en een kamertrainings-centrum. Voorafgaand aan zijn aanhouding woonde hij in een jongerenhuis. Toen hij in de ziektewet kwam nam zijn leven een negatieve wending. Hij heeft intensieve begeleiding nodig bij het opnieuw op orde brengen van zijn leven. Daartoe lijkt opname in een setting als Vast en Verder te Groningen, waar verdachte terecht kan, of een soortgelijke setting aangewezen. Verdachte heeft na lang twijfelen ingestemd met het volgen van dit traject. Hij vreesde dat door de afstand het contact met zijn familie en vrienden in Emmen en omgeving zou verwateren. Ook op de terechtzitting gaf verdachte aan er om die reden tegen op te zien naar Groningen te gaan. Toch zal de rechtbank de eis van de officier van justitie volgen. Naar het oordeel van de rechtbank is de ernst van de bewezen verklaarde feiten hierin voldoende tot uitdrukking gebracht, terwijl voorts de opname in Vast en Verder of een soortgelijke setting kan worden gebruikt voor onder meer het vinden van een zinvolle dagbesteding ter voorkoming van herhaling van strafbare feiten.

BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 3]

De rechtbank acht weliswaar het causaal verband tussen het bewezen verklaarde feit en de schade alsmede de aansprakelijkheid van de verdachte voor die schade bewezen, maar de schade die verdachte en zijn mededader hebben veroorzaakt is reeds op andere wijze vergoed, zodat de rechtbank de benadeelde partij niet zal ontvangen in zijn vordering.

Toepassing van wetsartikelen

De rechtbank heeft mede gelet op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 14d, 27 en 57 van het Wetboek van Strafrecht.

Beslissing van de rechtbank

De rechtbank verklaart bewezen dat het onder 1. tot en met 5. tenlastegelegde, zoals hierboven is omschreven, door de verdachte is begaan, stelt vast dat het aldus bewezen verklaarde oplevert de strafbare feiten zoals hierboven is vermeld en verklaart de verdachte deswege strafbaar.

De rechtbank verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte onder 1. tot en met 5. meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

De rechtbank veroordeelt de verdachte tot gevangenisstraf voor de duur van 300 dagen, waarvan een gedeelte, groot 191 dagen, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.

De rechtbank beveelt, dat de voorwaardelijk opgelegde straf niet zal worden tenuitvoergelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de verdachte zich voor het einde van voormelde proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt,

of gedurende die proeftijd de hierna te vermelden bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd.

De rechtbank stelt als bijzondere voorwaarde dat de verdachte zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen hem te geven door of namens het Leger des Heils Jeugdzorg & Reclassering te Groningen, zolang deze instelling zulks onder goedkeuring van Reclassering Nederland, arrondissement Assen, nodig oordeelt, hetgeen mede inhoudt opname in Vast en Verder te Groningen of een soortgelijke setting, met opdracht aan die instelling ingevolge art. 14d van het Wetboek van Strafrecht.

De rechtbank beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht.

De rechtbank heft op het bevel tot voorlopige hechtenis met ingang van heden.

De rechtbank bepaalt dat de benadeelde partij niet ontvankelijk is in zijn vordering. De benadeelde partij en de verdachte dragen ieder de eigen kosten.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Schoemaker, voorzitter, en mr. J.G. de Bock en mr. H.K. Elzinga, rechters, in tegenwoordigheid van R.C. Sprong, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de rechtbank op 6 juni 2008. Mr. Elzinga is buiten staat dit vonnis binnen de door de wet gestelde termijn mede te ondertekenen.