Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBASS:2008:BC6020

Instantie
Rechtbank Assen
Datum uitspraak
04-03-2008
Datum publicatie
06-03-2008
Zaaknummer
214686 - CV EXPL 07-3490
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Beroep op opschortingsrecht gepasseerd. Uit onderhoudsplan van verhuurder kan recht op opschorting niet worden afgeleid.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 6
Burgerlijk Wetboek Boek 6 262
Burgerlijk Wetboek Boek 6 265
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JHV 2008/99 met annotatie van Theo Gardenbroek

Uitspraak

RECHTBANK ASSEN

Sector kanton

Locatie Assen

zaak-/rolnummer: 214686 \ CV EXPL 07-3490

vonnis van de kantonrechter d.d. 4 maart 2008

in de zaak van

de stichting STICHTING "DOMESTA",

hierna te noemen: Domesta,

gevestigd te Emmen,

eisende partij,

gemachtigde: R.A.J. Brouwer,

tegen

[Gedaagde],

hierna te noemen: [gedaagde],

wonende te [adres],

gedaagde partij,

gemachtigde: mr. H.H. Gerdes (Haarsma Advocaten).

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

de dagvaarding van 12 oktober 2007;

de conclusie van antwoord met producties;

de nadere toelichtingen van partijen, waarbij Domesta haar vordering heeft vermeerderd met de huur over de maanden november 2007 tot en met januari 2008.

De vaststaande feiten

1. De kantonrechter gaat uit van de volgende feiten, die vaststaan omdat ze niet of niet voldoende zijn betwist en/of blijken uit de in zoverre onweersproken gelaten inhoud van de overgelegde producties.

Tussen Domesta en [gedaagde] bestaat een huurovereenkomst met betrekking tot het perceel [adres], tegen een maandelijkse bij vooruitbetaling verschuldigde huurprijs van thans € 488,75.

[gedaagde] had ten tijde van het uitbrengen van de dagvaarding een huurschuld tot en met de maand oktober van € 1.466,25.

De vordering en het verweer

2. Domesta vordert de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde cum annexis alsmede betaling van de openstaande huurschuld tot en met januari 2008 inclusief een bedrag wegens buitengerechtelijke kosten ad € 357,00. Voorts vordert zij veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een bedrag van € 488,75 voor elke maand dat de woning nog niet ontruimd is. Domesta baseert zich daarbij op voormelde feiten en stelt dat het saldo van de huurachterstand na dagvaarding verder is opgelopen.

3. [gedaagde] heeft de vordering betwist. Zij beroept zich op de omstandigheid dat er op haar inkomen loonbeslag is gelegd, waardoor zij niet in staat was tot huurbetaling. Verder voert zij aan dat dit beslag verband hield met huwelijkse schulden, die thans worden voldaan door haar voormalige echtgenoot [M]. Volgens [gedaagde] heeft zij met [M] de afspraak gemaakt dat [M] de door de deurwaarder ingehouden bedragen aan haar zal voldoen, waarna zij de huurschuld zal aflossen. [gedaagde] stelt voorts dat zij inmiddels een bedrag van € 1.500,00 in mindering op de huurschuld heeft voldaan. Verder beroept zij zich op een opschortingsrecht nu de woning op een aantal punten in zeer slechte staat verkeert. Zij verwijst daartoe naar een onderhoudsplan van Domesta voor onder meer haar woning. Ten slotte betwist [gedaagde] de (buitengerechtelijke) kosten en voert daartoe aan dat zij rauwelijks is gedagvaard.

De beoordeling van het geschil

4. Het door [gedaagde] gedane beroep op een opschortingsrecht zal door de kantonrechter worden gepasseerd. Niet is gesteld of gebleken dat [gedaagde] bij Domesta melding heeft gemaakt van de bestaande onderhoudsgebreken, noch heeft [gedaagde] haar klachten behoorlijk onderbouwd. Naar het oordeel van de kantonrechter kan een huurder die, zonder melding te maken van het gebrek of de gebreken, zijn verplichting tot huurbetaling opschort, zich te dier zake niet op het opschortingsrecht van artikel 6: 262 BW beroepen. Uit het enkele feit dat door Domesta een onderhoudsplan is opgesteld voor onder meer de woning van [gedaagde] kan niet zonder meer worden afgeleid dat die woning zodanige gebreken vertoont dat hierdoor voor [gedaagde] het recht is ontstaan de huurbetalingsverplichting op te schorten.

Nu [gedaagde] de gestelde betaling niet heeft aangetoond door een (afschrift van een) betalingsbewijs in het geding te brengen, zal de kantonrechter met de gestelde betaling geen rekening houden. Eventuele betalingen op de bestaande huurschuld kunnen in mindering strekken op de tenuitvoerlegging van het hierna toe te wijzen bedrag.

De hoogte van de (vermeerderde) vordering tot betaling van de huurschuld rechtvaardigt gevorderde ontbinding en ontruiming. De kantonrechter zal de vordering van Domesta als onvoldoende betwist en als gegrond op de wet toewijzen als na te melden.

5. Met betrekking tot de gevorderde buitengerechtelijke kosten merkt de kantonrechter op dat Domesta heeft aangevoerd dat zij [gedaagde] niet heeft hoeven te sommeren tot betaling, nu de huurschuld een brengschuld is, maar dat zij niettemin [gedaagde] bij brief van 21 september 2007 tot betaling heeft gemaand. De stelling van Domesta dat haar incassogemachtigde andere werkzaamheden heeft verricht dan die ter voorbereiding op deze procedure is niet onderbouwd. De vordering betreffende de buitengerechtelijke kosten zal daarom worden afgewezen.

6. [gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van de procedure worden verwezen.

De beslissing

De kantonrechter:

ontbindt de tussen partijen bestaande huurovereenkomst inzake het perceel met toebehoren aan de [adres];

veroordeelt [gedaagde] om dat perceel binnen twee weken na de betekening van dit vonnis met alle daarin aanwezige personen en zaken, voor zover deze laatste het eigendom van eiseres niet zijn, te ontruimen en te verlaten en onder afgifte der sleutels ter vrije en algehele beschikking van Domesta te stellen;

veroordeelt gedaagde tegen bewijs van betaling aan eiseres te voldoen:

a. € 2.932,50, wegens huurachterstand tot en met januari 2008;

b. € 488,75 voor elke maand, of gedeelte daarvan te rekenen vanaf 1 februari 2008 tot de dag der ontruiming;

veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, tot deze uitspraak aan de zijde van Domesta begroot op € 84,31 aan dagvaardingskosten, € 199,00 aan vast recht en € 300,00 aan salaris gemachtigde;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. A. van der Meer en in het openbaar uitgesproken op 4 maart 2008.

typ/conc: 162/AM

coll: