Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBASS:2003:AL3248

Instantie
Rechtbank Assen
Datum uitspraak
07-10-2003
Datum publicatie
13-10-2003
Zaaknummer
19/830149-03
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte is een man die gefixeerd lijkt op het vergaren van geld en goederen. Hij heeft daarbij geen oog voor de normen waaraan men zich in het maatschappelijk verkeer dient te houden. Het kan hem eigenlijk niet schelen dat hij anderen ernstig benadeelt. Schuldgevoelens jegens de gedupeerden zijn hem vreemd. Verdachte is letterlijk onverbeterlijk en dient uit een oogpunt van normhandhaving voor lange tijd uit de samenleving te worden verwijderd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ASSEN

STRAFVONNIS van de meervoudige kamer in de zaak van het openbaar ministerie tegen:

[naam verdachte],

geboren in het jaar 1962,

thans gedetineerd in het huis van bewaring te Veenhuizen.

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 23 september 2003.

De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. Chr. de Wal, advocaat te Assen.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. M.A.M. Wolters.

De vordering houdt in: drie jaren gevangenisstraf waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren en als bijzondere voorwaarde reclasseringstoezicht en toewijzing van een vijftal civiele vorderingen, tevens in de vorm van schadevergoedings-maatregelen.

1. TENLASTELEGGING

De verdachte is bij dagvaarding tenlastegelegd, dat

(parketnummer 19/830149-03)

1.

hij op of omstreeks 20 augustus 2002, te Geesbrug, gemeente Coevorden,

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen

door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of

door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van

verdichtsels, [naam slachtoffer] heeft bewogen tot de afgifte van een hoeveelheid

geluidsapparatuur (vier boxen, een powercase, vier statieven, twee cd-spelers

een zender-microfoon, een batterijlader en/of drie accu's), in elk geval van

enig goed, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk

weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met

de waarheid tegenover die [naam slachtoffer] voorgedaan dat hij namens het bedrijf

[naam bedrijf] te Lelystad genoemde geluidsapparatuur wilde/moest huren en/of dat

hij, verdachte, geen legitimatiebewijs kon tonen omdat hij zijn rijbewijs

thuis had laten liggen, waardoor [naam slachtoffer] werd bewogen tot bovenomschreven

afgifte;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen,

terzake dat

hij in of omstreeks de periode van 21 augustus 2002 tot en met 31 augustus

2002, te Geesbrug, gemeente Coevorden, althans in Nederland,

opzettelijk een hoeveelheid geluidsapparatuur (vier boxen, een powercase, vier

statieven, twee cd-spelers een zender-microfoon, een batterijlader en/of drie

accu's), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam slachtoffer],

in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk(e) goed(eren)

verdachte anders dan door misdrijf, te weten in het kader van huur/bruikleen,

onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

2.

hij op diverse tijdstipppen, althans op enig tijdstip, in of omstreeks de

periode van 28 september 2002 tot en met 16 oktober 2002, in de gemeente

Emmen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk

te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse

hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een

samenweefsel van verdichtsels, een medewerker van [naam bedrijf], althans

[naam benadeelde] (mede-eigenaar van dat bedrijf) heeft

bewogen tot de afgifte van een of meer warme maaltijden, een aantal belegde

broodjes, hoeveelheden (fris)drank en/of een aantal pakjes sigaretten, in elk

geval van enig goed, hebbende verdachte (telkens) met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in

strijd met de waarheid zich telefonisch en/of ter plaatse in dat restaurant,

(telkens) tegenover een medewerker van [naam bedrijf],

althans [naam benadeelde] (mede-eigenaar van dat bedrijf), voorgedaan als een

werknemer van het bedrijf [naam bedrijf] te Lelystad, die met

andere werknemers van dat bedrijf op diverse lokaties in (het centrum van)

Emmen werkzaamheden uitvoerde en welk bedrijf wekeljks de rekeningen voor de

geleverde etenswaren zou betalen, waardoor de medewerker van [naam bedrijf], althans

[naam benadeelde] (mede-eigenaar van dat bedrijf)

(telkens) werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

3.

hij in of omstreeks de periode van 12 november 2002 tot en met 21 november

2002, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen,

althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk

te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse

hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een

samenweefsel van verdichtsels, (een) verkoper(s)/medewerker(s) van

[naam bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van een digitale camera, een printer,

een hoeveelheid papier en/of een agenda, in elk geval van enig goed, hebbende

verdachte en/of zijn mededader(s) met

vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk

en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid, zich tegenover (een)

verkoper(s)/medewerker(s) van genoemd bedrijf voorgedaan als medewerker/

vertegenwoordiger handelende namens het bedrijf [naam bedrijf] en/of dat zij/hij

werkzaamheden uitvoerde(n) ten behoeve van een televisieprogramma en/of een

eenmalige machtiging (tot overschrijving van het bedrag van de op rekening

gekochte goederen) afgegeven en daarbij een onjuist rekeningnummer en/of het

rekeningnummer van een rekening zonder saldo vermeld,

waardoor ((een) verkoper(s)/medewerker(s) van) [naam bedrijf] werd(en) bewogen

tot bovenomschreven afgifte;

4.

hij in of omstreeks de periode van 18 november 2002 tot en met 19 november

2002, te Veenoord, gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander of

anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en)

wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van

een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door

een samenweefsel van verdichtsels, (een) medewerker(s) van [naam bedrijf] heeft

bewogen tot de afgifte van een navigatiesysteem, in elk geval van

enig goed, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven

oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk

en/of in strijd met de waarheid (een) medewerker(s) van genoemd bedrijf gezegd

dat zij/hij een samenwerkingsverband had(den) met een of meer

televisieprogramma's en/of de politie, waardoor [naam bedrijf], althans (een)

medewerker(s) van dat bedrijf, werd(en) bewogen tot

bovenomschreven afgifte;

5.

hij in of omstreeks periode 01 juni 2002 tot 02 juli 2002, te Lelystad,

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen

door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of

door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van

verdichtsels, (een) medewerker(s) van het bedrijf [naam bedrijf] te Lelystad heeft

bewogen tot de afgifte van een aggregaat, een kabelhaspel, een afzetketting

en/of een of meer andere goederen, in elk geval van enig goed, hebbende

verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of

listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich tegenover

(een) medewerker(s) van voornoemd bedrijf uitgegeven als zijnde [naam vertegenwoordiger],

handelende in opdracht van of voor rekening van het bedrijf [naam bedrijf] bv te Arnhem,

welk bedrijf bij [naam bedrijf] een rekening wenste te openen (voor het

kopen op rekening) en/of uittreksel van voornoemd bedrijf uit de kamer van

koophandel overlegd aan een medewerker van het bedrijf [naam bedrijf], waardoor (een)

medewerker(s) van het bedrijf [naam bedrijf] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

(parketnummer 19/005184-02)

1.

hij in of omstreeks de periode van 01 juni 2001 tot en met 25 september 2001

te Hoogeveen opzettelijk steigermateriaal en/of een aanhangwagen, in elk geval

enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam bedrijf],

in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk(e) goed(eren)

verdachte anders dan door misdrijf, te weten als huurder onder de naam [naam bedrijf],

onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

2.

hij op enig tijdstip in of omstreeks de periode van 18 juli 2001 tot en met 4

oktober 2001 te Meppel, meermalen, althans eenmaal, met het oogmerk om zich

en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het

aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of

meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (een of

meer werknemers van) [naam bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van

een draagbare computer en/of computerbenodigdheden, in elk geval van enig

goed, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

zich voorgedaan als bonafide klant die de rekening zou voldoen en/of een

machtiging bankgiro-incasso ingevuld en ondertekend, terwijl hij wist dat het

ingevulde rekeningnummer niet op zijn naam stond en/of terwijl hij wist dat

hij niet (volledig) over het ingevulde bedrag kon beschikken, waardoor

[naam bedrijf] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

3.

hij in of omstreeks de periode van 01 mei 2001 tot en met 18 mei 2001 te Leek

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen

door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of

door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van

verdichtsels, [naam bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van

diverse horecabenodigdheden, in elk geval van enig goed, hebbende verdachte

met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of

listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan

als bonafide klant, die de rekening zou betalen en/of valselijk gebruik heeft

gemaakt van de naam [gebruikte naam], waardoor [naam bedrijf] werd bewogen

tot bovenomschreven afgifte;

(parketnummer 19.020958-02)

verdachte op of omstreeks de periode tussen 15 mei 2002 tot en met 26 juni 2002,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, te en in de gemeente

Emmen, althans in Nederland, opzettelijk een personenauto (opel Zafira), geheel of ten

dele toebehorende aan [naam bedrijf], in elk geval aan een ander of anderen dan verdachte

of zijn medeverdachte en welk(e) personenauto verdachte als (mede)huurder en/of

(mede)gebruiker ter beschikking had en aldus, in elk geval anders dan door misdrijf onder

zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

Indien de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten bevat, worden deze geacht te zijn verbeterd. De verdachte is daardoor blijkens het onderzoek ter terechtzitting niet geschaad in de verdediging.

2. VRIJSPRAAK

De verdachte dient van het onder parketnummer 19/830149-03 onder 1. primair en het onder parketnummer 19/005184-02 onder 1. tenlastegelegde te worden vrijgesproken, omdat de rechtbank dit niet wettig en overtuigend bewezen acht.

De rechtbank acht met betrekking tot het onder parketnummer 19/005184-02 onder 1. tenlastegelegde met name niet bewezen, dat verdachte zich het steigermateriaal en de aanhangwagen wederrechtelijk heeft toegeëigend. De huur was immers voor onbepaalde duur aangegaan en verdachte is niet aangemaand het gehuurde te retourneren (zie proces-verbaal van aangifte, pag. 2.1.2.). Dat verdachte de overeengekomen huur niet heeft betaald, doet aan dit oordeel niet af: het niet of niet tijdig voldoen van de afgesproken huurpenningen immers valt niet onder de werking van artikel 321 van het Wetboek van Strafrecht.

3. BEWIJSMIDDELEN

Overeenkomstig de nader op te nemen bewijsconstructie.

4. BEWEZENVERKLARING

De rechtbank acht door de inhoud van deze bewijsmiddelen, waarop de hierna te vermelden beslissing steunt, waarbij ieder bewijsmiddel, ook in zijn onderdelen, telkens slechts is gebruikt voor het bewijs van het feit, waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft, wettig bewezen en zij heeft de overtuiging verkregen, dat de verdachte het onder parketnummer 19/830149-03 onder 1. subsidiair, 2., 3., 4. en 5., onder parketnummer 19/005184-02 onder 2. en 3. en onder parketnummer 19.020958-02 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat

hij in de periode van 21 augustus 2002 tot en met 31 augustus 2002 in Nederland,

opzettelijk een hoeveelheid geluidsapparatuur (vier boxen, een powercase, vier

statieven, twee cd-spelers een zender-microfoon, een batterijlader en drie accu's), toebehorende aan [naam benadeelde], welke goederen verdachte anders dan door misdrijf, te weten in het kader van huur onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

hij op diverse tijdstippen in de periode van 28 september 2002 tot en met 16 oktober 2002, in de gemeente Emmen, telkens met het oogmerk om zich wederrechtelijk

te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en door een samenweefsel van verdichtsels, een medewerker van [naam bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van warme maaltijden, een aantal belegde broodjes, hoeveelheden frisdrank en pakjes sigaretten, hebbende verdachte telkens met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en in strijd met de waarheid zich telefonisch en ter plaatse in dat restaurant, telkens tegenover een medewerker van [naam bedrijf] voorgedaan als een werknemer van het bedrijf [naam bedrijf] te Lelystad, die met andere werknemers van dat bedrijf op diverse lokaties in het centrum van Emmen werkzaamheden uitvoerde en welk bedrijf wekelijks de rekeningen voor de geleverde etenswaren zou betalen, waardoor de medewerker van [naam bedrijf] telkens werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

hij in de periode van 12 november 2002 tot en met 21 november 2002, in de gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk om zich en een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, medewerkers van

[naam bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van een digitale camera, een printer, een hoeveelheid papier en een agenda, hebbende verdachte en zijn mededader met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk

en in strijd met de waarheid, zich tegenover medewerkers van genoemd bedrijf voorgedaan als handelende namens het bedrijf [naam bedrijf] en dat zij werkzaamheden uitvoerden ten behoeve van een televisieprogramma en een eenmalige machtiging tot overschrijving van het bedrag van de op rekening gekochte goederen afgegeven en daarbij het rekeningnummer van een rekening zonder saldo vermeld, waardoor medewerkers van [naam bedrijf] werden bewogen tot bovenomschreven afgifte;

hij in de periode van 18 november 2002 tot en met 19 november 2002, te Veenoord, gemeente Emmen, tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk om zich en een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels, medewerkers van [naam bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van een navigatiesysteem, hebbende verdachte en zijn mededader met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en in strijd met de waarheid medewerkers van genoemd bedrijf gezegd

dat zij een samenwerkingsverband hadden met televisieprogramma's en de politie, waardoor medewerkers van [naam bedrijf] werden bewogen tot bovenomschreven afgifte;

hij in de periode van 01 juni 2002 tot 02 juli 2002, te Lelystad, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen medewerkers van het bedrijf [naam bedrijf] te Lelystad heeft bewogen tot de afgifte van een aggregaat, een kabelhaspel, een afzetketting en andere goederen, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid zich tegenover medewerkers van voornoemd bedrijf uitgegeven als zijnde [naam vertegenwoordiger], handelende in opdracht van of voor rekening van het bedrijf [naam bedrijf] te Arnhem, welk bedrijf bij [naam bedrijf] een rekening wenste te openen voor het kopen op rekening en een uittreksel van voornoemd bedrijf uit het register van de kamer van koophandel overgelegd aan een medewerker van het bedrijf [naam bedrijf], waardoor medewerkers van het bedrijf [naam bedrijf] werden bewogen tot bovenomschreven afgifte;

hij op enig tijdstip in de periode van 18 juli 2001 tot en met 4 oktober 2001 te Meppel, meermalen met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen telkens door het

aannemen van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen werknemers van [naam bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van een draagbare computer en computerbenodigdheden, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk en in strijd met de waarheid zich voorgedaan als bonafide klant die de rekening zou voldoen en een machtiging bankgiro-incasso ingevuld en ondertekend, terwijl hij wist dat het ingevulde rekeningnummer niet op zijn naam stond en terwijl hij wist dat hij niet over het ingevulde bedrag kon beschikken, waardoor [naam bedrijf] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

hij in de periode van 01 mei 2001 tot en met 18 mei 2001 te Leek met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en een valse hoedanigheid [naam bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van diverse horecabenodigdheden, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en in strijd met de waarheid zich voorgedaan als bonafide klant, die de rekening zou betalen en valselijk gebruik gemaakt van de naam [gebruikte naam], waardoor [naam bedrijf] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

verdachte in de periode 15 mei 2002 tot en met 26 juni 2002, tezamen en in vereniging met een ander in Nederland opzettelijk een personenauto (Opel Zafira), toebehorende aan [naam bedrijf], en welke personenauto verdachte als medehuurder en medegebruiker ter beschikking had en aldus anders dan door misdrijf onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

De in de bewijsmiddelen genoemde feiten en omstandigheden zijn redengevend voor de bewezenverklaring.

De verdachte zal van het onder parketnummer 19/830149-03 onder 1. subsidiair, 2., 3., 4. en 5., onder parketnummer 19/005184-02 onder 2. en 3. en onder parketnummer 19.020958-02 meer of anders tenlastegelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet wettig en overtuigend bewezen acht.

5. KWALIFICATIES

Het bewezene levert respectievelijk op:

verduistering,

strafbaar gesteld bij artikel 321 van het Wetboek van Strafrecht.

Oplichting,

strafbaar gesteld bij artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht, meermalen gepleegd.

Medeplegen van oplichting,

strafbaar gesteld bij artikel 326 in verbinding met artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht.

Medeplegen van oplichting,

strafbaar gesteld bij artikel 326 in verbinding met artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht.

Oplichting,

strafbaar gesteld bij artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht.

Oplichting

strafbaar gesteld bij artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht, meermalen gepleegd.

Oplichting,

strafbaar gesteld bij artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht.

Medeplegen van verduistering

strafbaar gesteld bij artikel 321 in verbinding met artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht.

6. STRAFBAARHEID

Bij de stukken is aanwezig een psychiatrisch rapport d.d. 27 augustus 2003, opgemaakt door R. Vriesema, psychiater/psychoanalyticus.

Dit rapport houdt onder meer in als conclusie: bij verdachte is sprake van een scheefgroei in de ontwikkeling hetgeen heeft geleid tot antisociale persoonlijkheids-kenmerken met overheersend specifiek criminogeen gedrag. Er is sprake van een lacunaire gewetensontwikkeling van waaruit weinig bijsturing richting meer adequate gedragsalternatieven valt te verwachten. Dit deed zich ook voor ten tijde van de delicten. Verdachte kan desalniettemin volledig verantwoordelijk worden geacht voor de feiten die hij heeft gepleegd. Hij heeft willens en wetens gehandeld en heeft daarbij de risico's ingecalculeerd. Hij moet het inzicht hebben gehad dat het plegen van de feiten maatschappelijk onaanvaardbaar was. Hij moet ook in staat zijn geweest zijn wil en handelen overeenkomstig dat inzicht te bepalen. Echter het handelen uit winstmotief was overheersend.

De rechtbank verenigt zich, mede gelet op de gebleken toedracht van de feiten en de persoon van de verdachte, met voormelde conclusie en maakt die tot de hare.

De rechtbank is derhalve van oordeel, dat het hiervoor bewezen geachte volledig aan verdachte kan worden toegerekend.

De rechtbank acht de verdachte deswege strafbaar en komt tot de hierna te vermelden strafoplegging.

7. STRAFMOTIVERING

De rechtbank neemt bij de bepaling van de hierna te vermelden straf in aanmerking:

- de aard en de ernst van de gepleegde feiten.

- De omstandigheden waaronder deze zijn begaan.

- Hetgeen de rechtbank is gebleken omtrent de persoon van de verdachte.

- De eis van de officier van justitie.

- De inhoud van het verdachte betreffende uittreksel uit het algemeen documentatieregister d.d. 28 juni 2003, waaruit blijkt dat verdachte vele malen eerder is veroordeeld terzake valsheid in geschriften, oplichting en flessentrekkerij, recentelijk in juli 2002.

- De ter terechtzitting gedane erkenning van de verdachte zich aan de op de dagvaardingen onder parketnummers 19/830149-03 en 19/005184-02 genoemde ad-informandum gevoegde feiten telkens onder de nummers 1. en 2. te hebben schuldig gemaakt en welke feiten hiermee zijn afgedaan.

Verdachte is een man die gefixeerd lijkt op het vergaren van geld en goederen. Hij heeft daarbij geen oog voor de normen waaraan men zich in het maatschappelijk verkeer dient te houden. Hij heeft wel weet van deze normen, maar overtreedt deze al vele jaren lang stelselmatig om zijn doel te bereiken. Het kan hem eigenlijk niet schelen dat hij anderen daarbij ernstig benadeelt. Schuldgevoelens jegens de gedupeerden zijn hem vreemd. Op dit punt legt hij een grote mate van onverschilligheid aan de dag. Telkens slaagt hij er weer in goederen en diensten los te praten bij zijn slachtoffers. Verdachte is letterlijk onverbeterlijk en dient uit een oogpunt van normhandhaving voor lange tijd uit de samenleving te worden verwijderd. In dit licht bezien acht de rechtbank de eis van de officier van justitie te mild. Zij is van oordeel dat in dit geval niet kan worden volstaan met een andere straf dan de zwaarste gevangenisstraf die, in aanmerking genomen artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht, voor de onderhavige feiten kan worden opgelegd: drie jaren en zes maanden.

Het opleggen van een voorwaardelijke straf met als bijzondere voorwaarde begeleiding door de reclassering, acht de rechtbank voor deze verdachte niet zinvol.

8. BENADEELDE PARTIJ [naam benadeelde partij]

De rechtbank acht het causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade, de aansprakelijkheid van de verdachte voor die schade, alsmede de gevorderde schade tot na te noemen bedrag bewezen, zodat de civiele vordering tot dat bedrag voor toewijzing vatbaar is. Voor het overige deel acht de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering.

9. BENADEELDE PARTIJ [naam benadeelde partij]

De rechtbank acht het causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade, de aansprakelijkheid van de verdachte voor die schade, alsmede de gevorderde schade tot na te noemen bedrag bewezen, zodat de civiele vordering tot dat bedrag voor toewijzing vatbaar is. Voor het overige deel acht de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering.

10. BENADEELDE PARTIJ [naam benadeelde partij]

De rechtbank acht het causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade, de aansprakelijkheid van de verdachte voor die schade, alsmede de gevorderde schade tot na te noemen bedrag bewezen, zodat de civiele vordering tot dat bedrag voor toewijzing vatbaar is. Voor het overige deel acht de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering.

11. BENADEELDE PARTIJ [naam benadeelde partij]

De rechtbank acht het causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade, de aansprakelijkheid van de verdachte voor die schade, alsmede de gevorderde schade tot na te noemen bedrag bewezen, zodat de civiele vordering tot dat bedrag voor toewijzing vatbaar is. Voor het overige deel acht de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering.

12. BENADEELDE PARTIJ [naam benadeelde partij]

De rechtbank acht het causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade, de aansprakelijkheid van de verdachte voor die schade, alsmede het bedrag der gevorderde schade bewezen, zodat de civiele vordering voor toewijzing vatbaar is.

13. BENADEELDE PARTIJ [naam benadeelde partij]

De rechtbank acht deze civiele vordering onvoldoende onderbouwd. Er is immers geen schadebedrag vermeld. De benadeelde partij kan daarom niet worden ontvangen in haar vordering.

14. TOEPASSING VAN WETSARTIKELEN

De rechtbank heeft mede gelet op de artikelen 10, 27, 36f, 57 en 63 van het Wetboek van Strafrecht.

15. BESLISSING VAN DE RECHTBANK

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte onder parketnummer 19/830149-03 onder 1. primair en het onder parketnummer 19/005184-02 onder 1. is tenlastegelegd en spreekt verdachte mitsdien daarvan vrij.

Verklaart bewezen, dat het onder parketnummer 19/830149-03 onder 1. subsidiair, 2., 3., 4. en 5., onder parketnummer 19/005184-02 onder 2. en 3. en onder parketnummer 19.020958-02 tenlastegelegde, zoals hierboven is omschreven, door verdachte is begaan.

Stelt vast, dat het aldus bewezen verklaarde oplevert de strafbare feiten zoals hierboven is vermeld.

Verklaart verdachte deswege strafbaar.

Veroordeelt verdachte te dier zake tot:

een gevangenisstraf voor de tijd van drie jaren en zes maanden.

Beveelt, dat de tijd, door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte onder parketnummer 19/830149-03 onder 1. subsidiair, 2., 3., 4. en 5., onder parketnummer 19/005184-02 onder 2. en 3. en onder parketnummer 19.020958-02 meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam benadeelde partij], van de som van€ € 1125,50 euro, met de veroordeling tevens van verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot op heden gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot op heden begroot op nihil.

Bepaalt dat de benadeelde partij voor het overige deel van de vordering niet-ontvankelijk is en dat deel van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam benadeelde partij] van de som van€ 855,11 euro, met de veroordeling tevens van verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot op heden gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot op heden begroot op nihil.

Bepaalt dat de benadeelde partij voor het overige deel van de vordering niet-ontvankelijk is en dat deel van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam benadeelde partij] van de som van€ 1295,19 euro, met de veroordeling tevens van verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot op heden gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot op heden begroot op nihil.

Bepaalt dat de benadeelde partij voor het overige deel van de vordering niet-ontvankelijk is en dat deel van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam benadeelde partij] van de som van€ 3559,57 euro, met de veroordeling tevens van verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot op heden gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot op heden begroot op nihil.

Bepaalt dat de benadeelde partij voor het overige deel van de vordering niet-ontvankelijk is en dat deel van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam benadeelde partij] van de som van€ 2389,16 euro, met de veroordeling tevens van verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot op heden gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot op heden begroot op nihil.

Bepaalt dat de benadeelde partij [naam benadeelde partij] niet-ontvankelijk is in haar vordering en dat zij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Bepaalt dat de benadeelde partij en verdachte ieder de eigen kosten draagt.

Legt aan veroordeelde de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [naam slachtoffer], een bedrag van€ 1125,50 euro te betalen, bij gebreke van betaling te vervangen door 23 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

Legt aan veroordeelde de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [naam slachtoffer] een bedrag van€ 855,11 euro te betalen, bij gebreke van betaling te vervangen door 18 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

Legt aan veroordeelde de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [naam slachtoffer], een bedrag van€ 1295,19 euro te betalen, bij gebreke van betaling te vervangen door 26 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

Legt aan veroordeelde de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [naam slachtoffer], een bedrag van€ 3559,57 euro te betalen, bij gebreke van betaling te vervangen door 71 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

Legt aan veroordeelde de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [naam slachtoffer], een bedrag van€ 2389,16 euro te betalen, bij gebreke van betaling te vervangen door 47 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

Verstaat dat voldoening aan de verplichting tot betaling aan de Staat van voormelde bedragen ten behoeve van de slachtoffers de veroordeling tot betaling aan de benadeelde partijen doet vervallen, alsmede dat betaling van voormelde bedragen aan de benadeelde partijen de verplichting tot betaling aan de Staat van deze bedragen doet vervallen.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.E. Münzebrock, voorzitter, en mr. W.M. van Schuijlenburg en mr. G. Kaaij, rechters, in tegenwoordigheid van R.C. Sprong, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de rechtbank op 7 oktober 2003, zijnde mr. Kaaij buiten staat dit vonnis binnen de door de wet gestelde termijn mede te ondertekenen.-