Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2012:BY6969

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
28-11-2012
Datum publicatie
20-12-2012
Zaaknummer
221756
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Ontwerp bouw van een gebruiksklare website. Betaling facturen. Verzuim. Schuldeisersverzuim. Niet voldaan aan stelplicht t.a.v. auteursrechtinbreuk.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 221756 / HA ZA 11-1401

Vonnis van 28 november 2012

in de zaak van

[eisers (3)]

eisers in conventie,

verweerders in reconventie,

advocaat mr. J. Bouter te Amsterdam,

tegen

[gedaagde]

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat mr. J.A.M. Jonkhout te Amersfoort.

Partijen zullen hierna WK-Ontwerpers en [gedaagde] genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 18 januari 2012

- het proces-verbaal van comparitie van 20 juni 2012

- de akte uitlating partijen en inbreng twee producties van WK-Ontwerpers

- de akte antwoord op vermeerdering van eis in conventie van [gedaagde].

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. Op 10 december 2008 heeft WK-Ontwerpers een offerte voor ‘het ontwerp en de bouw van de website van [gedaagde]’ aan de heer H.G. Schaëfer, directeur van [gedaagde], gezonden. In deze offerte, die op 5 januari 2009 door [gedaagde] voor akkoord is ondertekend, is onder meer het volgende opgenomen:

Omschrijving BRO.001

Ontwerp en realisatie website www.bronswerk.nl – Fase 1

Het ontwerpen en bouwen van een gebruiksklare website.

Fase 1.1

Voorbereiding

Inventarisatie, samenstellen van programma van eisen.

(…)

Fase 1.2

Onderzoek/concept

Onderzoek, conceptontwikkeling.

(…)

Naar aanleiding van dit onderzoek zal er een concept worden ontwikkeld om [gedaagde] het imago te geven van ‘Hét kennisbedrijf van de wereld op het gebied van warmtewisseling en stroming’.

Het doel is om de imagovorming en positionering in de markt te verbeteren en het personeel actief bij de organisatie te betrekken d.m.v. kennisoverdracht en de ‘[gedaagde] Heat Transfer Community’.

[gedaagde] Heat Transfer BV zal veranderen van een productgerichte organisatie in een procesgerichte organisatie.

Fase 1.3

Realisatie ontwerp

Ontwikkeling definitieve ontwerp

In deze fase wordt het concept gedetailleerd uitgewerkt in een definitief ontwerp. Ook vindt nu de productie van overig beeldmateriaal plaats, zoals fotografie, film, animatie en de begeleiding hiervan. De kosten van fotografie, film en animatie zijn niet in deze offerte opgenomen. Deze worden vastgesteld naar aanleiding van het concept/ontwerp.

Projectmanagement

Het projectmanagement t.b.v. de content bedraagt EURO 100,00 per uur (incl. reiskosten).

Stelpost

- Eventuele extra uren worden in overleg met de opdrachtgever uitgevoerd

- Film / Animatie / Fotografie / Illustratie

- Vertaling / Tekstschrijven

Fase 1.4

Bouw

De bouw van de website zal, in samenwerking met WK-Ontwerpers, waarschijnlijk worden gerealiseerd door Fenêtre (www.fenetre.nl). Fenêtre is een leverancier, die zich richt op advies, projectmanagement, ontwikkeling en implementatie van websites, zakelijke internetapplicaties en systeemintegratie.

(…)

Fase 1.5

[gedaagde] Heat Transfer Community

(…)

TOTAAL FASE 1 EURO 89.500,00

Prijzen zijn exclusief:

- BTW

- presentatiematerialen en kleurafdrukken

- aanschaf van font(s)

- beeldbewerking

- hostingkosten / domeinregistratie

- reiskosten (EURO 0,50 per kilometer)

- koerierskosten

Betaling

Betaling geschiedt in drie termijnen: 50% bij opdracht, 20% bij oplevering van de website engine (zie planning: tot en met ‘Ontwikkeling – versie mobiele telefoon’), 30% bij oplevering.

WK-Ontwerpers zal drie deelfacturen sturen. Het projectmanagement t.b.v. de content à EURO 100,00 per uur (incl. reiskosten) wordt maandelijks gefactureerd. Alle vermelde tarieven zijn geldig tot 14 dagen na dagtekening.

(…)

Aanvullende voorwaarden

(…)

- Op deze offerte zijn de algemene voorwaarden van de BNO van toepassing (…).

2.2. De in de offerte genoemde ‘Algemene Voorwaarden van de Beroepsorganisatie Nederlandse Ontwerpers (BNO)’, versie januari 2005 (hierna: algemene voorwaarden), luiden voor zover van belang als volgt:

Artikel 7. Betaling

7.1 Betalingen dienen plaats te vinden binnen 30 dagen na factuurdatum. Indien na het verstrijken van deze termijn door de opdrachtnemer nog geen (volledige) betaling is ontvangen, is de opdrachtgever in verzuim en is hij rente verschuldigd gelijk aan de wettelijke rente. Alle door de opdrachtnemer gemaakte kosten, zoals proceskosten en buitengerechtelijke en gerechtelijke kosten, daaronder begrepen de kosten voor juridische bijstand, deurwaarders en incassobureaus, gemaakt in verband met te late betalingen, komen ten laste van de opdrachtgever. De buitengerechtelijke kosten worden gesteld op ten minste 10% van het factuurbedrag met een minimum van EURO 150,- excl. BTW.

(…)

7.3 De opdrachtgever verricht de aan de opdrachtnemer verschuldigde betalingen zonder korting of

verrekening, behoudens verrekening met op de overeenkomst betrekking hebbende verrekenbare voorschotten, die hij aan de opdrachtnemer heeft verstrekt. Opdrachtgever is niet gerechtigd betaling van facturen van reeds verrichte werkzaamheden op te schorten.

2.3. Nadat WK-Ontwerpers van start is gegaan met het project heeft zij verschillende facturen aan [gedaagde] gezonden. In totaal heeft [gedaagde] een bedrag van € 272.186,82 inclusief btw aan WK-Ontwerpers voldaan.

2.4. Op 25 juni 2010 is de nieuwe website van [gedaagde] officieel gelanceerd.

2.5. Op diezelfde datum heeft WK-Ontwerpers een factuur aan [gedaagde] gezonden. Deze factuur, VF.010.027, à € 37.604,00 inclusief btw, betreffende ‘Projectmanagement content, 316 uren à EURO 100,00, diverse besprekingen en begeleiding content februari t/m april 2010’, is door [gedaagde] onbetaald gelaten.

2.6. Bij de stukken bevinden zich e-mailberichten van 28, 29 en 30 juni 2010 van [gedaagde] aan WK-Ontwerpers, waarin [gedaagde] opmerkingen maakt over - kort gezegd - de werking van de website en fouten in de teksten op die website.

2.7. Op 10 juli 2010 heeft WK-Ontwerpers vier facturen aan [gedaagde] gezonden, die [gedaagde] onbetaald heeft gelaten. Het gaat om de volgende facturen:

- VF.010.033, à € 4.712,40 inclusief btw, betreffende ‘Tekstschrijven, copywriting website (Funnavigatie bestaande uit Kennis, Community, Innovatief, Kunst, Uitzonderlijk en Nieuws / Topnavigatie bestaande uit Missie en Historie / Klarex.com) incl. besprekingen en correcties, 33 uren à EURO 120,00’,

- VF.010.034, à € 11.900,46 inclusief btw, betreffende ‘Vertalingen, vertalingen website (Engels, Duits, Tsjechisch, Arabisch en Nederlands – Indien Engels aangeleverd)*, * de vertalingen in Russisch en voor Klarex.com in alle talen volgen nog’,

- VF.010.035, à € 48.790,00 inclusief btw, betreffende ‘Projectmanagement content, 410 uren à EURO 100,00, diverse besprekingen en begeleiding content mei t/m juli 2010’,

- VF.010.036, à € 31.951,50 inclusief btw, betreffende ‘Ontwerp en realisatie website www.bronswerk.nl – Fase 1, Het ontwerpen en bouwen van een gebruiksklare website (volgens offerte met kenmerk 08.026 dd 10.12.2008), deel 3, 30% van EURO 89.500,00’.

2.8. Op 23 augustus 2010 heeft een bespreking tussen partijen plaatsgevonden waarin [gedaagde] verdergaande klachten heeft geuit. WK-Ontwerpers heeft in een brief van 1 september 2010 aan [gedaagde] gereageerd op de volgens haar tijdens de bespreking geuite klachten en heeft in sommige gevallen een voorstel gedaan.

2.9. Daarop heeft [gedaagde] bij brief met bijlagen van 7 september 2010 gereageerd.

Hierin heeft zij onder meer aangegeven wat volgens haar de opdracht was. Ook heeft zij opnieuw op- en aanmerkingen gemaakt over de voortgang en kwaliteit van het project. Zij is haar brief - voor zover van belang - als volgt geëindigd:

Het moge u duidelijk zijn dat [gedaagde] Heat Transfer BV absoluut niet tevreden is over de performance van WK-Ontwerpers en dat er tot op vandaag geen website operationeel is conform de aan u verstrekte opdracht. Wij verzoeken u daarom voor a.s. vrijdag 10 september 2010 om 12:00 uur een website op te leveren conform de aan u verstrekte opdracht. Mocht u niet in staat zijn om dit te realiseren dan zijn wij genoodzaakt om de website in eigen beheer of met behulp van derden af te maken en verwachten wij van u een voorstel ter genoegdoening van de door [gedaagde] geleden schade en een substantiële korting voor de niet uitgevoerde werkzaamheden. (…)

2.10. Partijen hebben vervolgens op 9 september 2010 nader overleg gevoerd. Tot een oplossing heeft dit niet geleid.

2.11. Bij brief van 13 september 2010 heeft WK-Ontwerpers onder meer het volgende aan [gedaagde] bericht:

Zoals besproken zend ik u hierbij ons voorstel n.a.v. ons gesprek van d.d. 09.09.2010. Tijdens dit gesprek, tussen u en mijzelf, is er besloten per direct met de werkzaamheden m.b.t. de website te stoppen. (…)

Uiteraard hopen we op een spoedige afhandeling van de financiële zaken. Na afhandeling hiervan zal z.s.m. de broncode worden overgedragen en de CMS-cursus worden gegeven door het webbouwbureau.

Na overleg kunnen we [gedaagde] Heat Transfer een korting geven van EURO 20.000,00 op de nog te betalen facturen (…). Daarnaast zal er geen aanspraak worden gemaakt door WK-Ontwerpers betreffende Artikel 5 Gebruik en licentie van de Algemene Voorwaarden. Dit betekent dat [gedaagde] Heat Transfer, indien er een financieel akkoord wordt gesloten tussen beide partijen, hierna gerechtigd is om het ontwerp vrij te gebruiken. De gebruikelijke gang van zaken is dat deze rechten worden afgekocht.

2.12. In reactie hierop heeft [gedaagde] bij brief van 15 september 2010 onder meer het volgende aan WK-Ontwerpers bericht:

Wij kunnen ons op geen enkele wijze vinden in uw voorstel en het geeft absoluut niet weer hetgeen besproken is op donderdag 9 september 2010.

Hoewel wij de hoofdsom plus geaccordeerd meerwerk (+/- EUR 230.000,--, excl. BTW) betaald hebben, hebben wij u medegedeeld ervan af te zien om u te sommeren de fouten in de website op te lossen en de website operationeel te maken, daar dit naar onze ervaring met u te langzaam gaat en veelal tot nieuwe fouten leidt (in uw bezit is een lange lijst met problemen die nog opgelost moeten worden).

Wij hebben u daarom medegedeeld niet met u verder te gaan maar in eigen beheer de site zo goed mogelijk operationeel te maken. Daarna zullen wij met een nieuwe bureau een website maken die de uitstraling en communicatie heeft die wij nodig hebben. In uw schrijven van 13 september 2010 geeft u aan de broncode niet aan ons te willen overhandigen, daar u van mening bent dat wij nog betalen moeten, hetgeen wij betwisten. Wij hebben nergens aanvullende opdrachten gegeven of toestemming gegeven om op nacalculatie te werken.

Bij deze stellen wij u aansprakelijk voor alle schade die ontstaat doordat de site niet goed werkt, waardoor klanten ons niet kunnen vinden op onze producten en diensten. Hierdoor missen wij aanvragen en ontstaat er omzetverlies vanaf 25 juni 2010. Dit is de datum waarop u feestelijk de website als gereed presenteerde en onze oude website gestopt werd.

Uitdrukkelijk wijzen wij u er nogmaals op dat de door [gedaagde] Heat Transfer BV geaccordeerde kosten (hoofdsom + geaccordeerd meerwerk) volledig zijn betaald en zelfs meer dan dat.

De financiële afhandeling bestaat voor [gedaagde] uit:

1. Creditering van alle ten onrechte gefactureerde rekeningen/de nu nog openstaande rekeningen.

2. Nieuwe facturen worden niet meer gehonoreerd.

3. Broncode wordt per omgaande aan BHT overhandigd.

4. CMS-cursus wordt zo spoedig mogelijk aan BHT personeel gegeven.

Alleen indien wij voor morgen, donderdag 16 september 2010 12:00 uur, een bevestiging ontvangen dat u akkoord gaat met bovenstaande punten zullen wij afzien van een schadeclaim.

2.13. Bij de stukken bevindt zich een in opdracht van [gedaagde] opgemaakt partijdeskundigenbericht inzake ‘[gedaagde] Heat Transfer BV Website project’ van [deskundige] van 13 december 2011.

2.14. Voorts bevindt zich bij de stukken een in opdracht van WK-Ontwerpers opgemaakte ‘Analyse WK-Ontwerpers Project Website [gedaagde] Heat Transfer’ van de heer P. [betrokkene B] van 1 juni 2012.

2.15. WK-Ontwerpers heeft op 30 mei 2012 nog een factuur à € 37.412,41 (VF.012.027) aan [gedaagde] gezonden in verband met - kort gezegd - extra uitgevoerde werkzaamheden. Ook deze factuur heeft [gedaagde] tot op heden niet voldaan.

3. Het geschil

in conventie

3.1. WK-Ontwerpers vordert na vermeerdering c.q. verandering van eis dat [gedaagde] wordt veroordeeld, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

1. om met onmiddellijke ingang te staken en gestaakt te (doen) houden iedere inbreuk op de

auteursrechten van WK-Ontwerpers, alsmede het onrechtmatig handelen jegens

WK-Ontwerpers; en meer in het bijzonder dat [gedaagde] wordt verboden om de werken

van WK-Ontwerpers, waaronder, doch niet uitsluitend begrepen, alle werken van

WK-Ontwerpers en meer in het bijzonder de ontwerpen en/of afbeeldingen en/of (delen

van) de uiterlijke vormgeving en/of foto’s en/of grafische ontwerpen en/of illustraties

en/of animaties en/of de broncode en/of teksten waaronder ook begrepen de vertalingen

die [gedaagde] zonder toestemming van WK-Ontwerpers heeft gebruikt op haar website

en/of zonder toestemming heeft gebruikt en/of verspreid en/of het werk heeft gebruikt als

huisstijl, geheel dan wel gedeeltelijk (waaronder ook begrepen briefpapier, visitekaartjes,

folders en ander reclamemateriaal en ander drukwerk) zonder toestemming van

WK-Ontwerpers te (doen) verveelvoudigen en/of openbaar te maken dan wel werken

identiek aan of in overwegende mate gelijkend op de genoemde originele werken, te

(doen) vervaardigen en/of aan te bieden en/of in voorraad te (doen) houden en/of te

(doen) verkopen en/of te (doen) leveren en/of op welke titel dan ook zonder voorafgaande

toestemming van de rechthebbenden te (doen) verhandelen en/of in het verkeer te (doen)

brengen, op straffe van een dwangsom van € 1.000,00 per verveelvoudiging waarmee

voormeld verbod wordt overtreden en een dwangsom van € 10.000,00 per dag of dagdeel

dat deze overtreding voortduurt,

2. tot betaling van € 37.604,00 (factuur 10.027), vermeerderd met wettelijke rente ex artikel

6:119a BW,

3. tot betaling van € 4.712,40 (factuur 10.033), vermeerderd met wettelijke rente ex artikel

6:119a BW,

4. tot betaling van € 11.900,46 (factuur 10.034), vermeerderd met wettelijke rente ex artikel

6:119a BW,

5. tot betaling van € 48.790,00 (factuur 10.035), vermeerderd met wettelijke rente ex artikel

6:119a BW,

6. tot betaling van € 31.951,50 (factuur 10.036), vermeerderd met wettelijke rente ex artikel

6:119a BW,

7. tot betaling van € 37.412,41 (factuur 12.027), vermeerderd met wettelijke rente ex artikel

6:119a BW,

8. tot betaling van € 133.367,28 wegens gederfde licentievergoeding, het niet vragen van

toestemming aan WK-Ontwerpers en andere schade vanwege inbreuk op het auteursrecht

van WK-Ontwerpers alsmede inbreuk op haar persoonlijkheidsrecht, vermeerderd met

wettelijke rente ex artikel 6:119a BW,

9. tot betaling van de kosten voor deskundige Van [betrokkene B] á € 14.161,00, vermeerderd met

wettelijke rente ex artikel 6:119a BW,

10. tot betaling van de buitengerechtelijke kosten ten bedrage van € 4.165,00, vermeerderd

met wettelijke rente ex artikel 6:119a BW,

11. tot betaling van de volledige en daadwerkelijk door WK-Ontwerpers gemaakte

proceskosten, welke ten minste € 34.901,03 bedragen, dan wel indien wordt geoordeeld

dat van inbreuk op auteursrecht geen sprake is, tot betaling van de proceskosten,

vermeerderd met nakosten.

3.2. WK-Ontwerpers legt samengevat het volgende aan haar vorderingen ten grondslag.

[gedaagde] is toerekenbaar tekort geschoten in de nakoming van haar verplichtingen voortvloeiend uit de tussen partijen gesloten overeenkomst en de uitgevoerde meerwerkopdrachten, door een zestal facturen onbetaald te laten. Daarnaast heeft [gedaagde] inbreuk gemaakt op het auteursrecht van WK-Ontwerpers, alsmede in dat verband wanprestatie gepleegd, dan wel onrechtmatig gehandeld jegens haar. Als gevolg van de handelwijze van [gedaagde] heeft WK-Ontwerpers aanzienlijke schade geleden.

3.3. [gedaagde] voert verweer.

3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

in reconventie

3.5. [gedaagde] vordert, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

I. primair

een verklaring voor recht dat de overeenkomst tussen partijen door [gedaagde] is ontbonden wegens toerekenbare tekortkoming in de nakoming van de zijde van WK-Ontwerpers per 15 september 2010,

I. subsidiair

dat wordt geoordeeld dat de overeenkomst tussen partijen bij dit vonnis zal zijn ontbonden wegens toerekenbare tekortkoming in de nakoming van de zijde van WK-Ontwerpers,

II.

dat WK-Ontwerpers wordt veroordeeld, uit hoofde van de op haar rustende verplichting tot ongedaanmaking, tot betaling van € 272.186,82 inclusief btw, vermeerderd met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW,

III.

dat WK-Ontwerpers wordt veroordeeld ter zake van schade als bedoeld in artikel 10.2 sub a, b en c van de algemene voorwaarden tot betaling van € 20.966,91, vermeerderd met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW,

IV.

dat WK-Ontwerpers wordt veroordeeld tot betaling van de kosten ter verkrijging van nakoming buiten rechte ad € 2.975,00 inclusief btw (conform Rapport Voorwerk II), vermeerderd met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW,

V.

dat WK-Ontwerpers word veroordeeld in de kosten van het geding.

3.6. [gedaagde] legt aan haar vorderingen ten grondslag dat WK-Ontwerpers in ernstige mate toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de aan haar verleende opdracht. De per 25 juni 2010 opgeleverde, gebruiksklare website vertoonde namelijk tal van gebreken en tekortkomingen en deze door WK-Ontwerpers gebouwde website beantwoordde niet aan de specificaties zoals opgenomen in de offerte en aan hetgeen tussen partijen was overeengekomen. Om die reden was [gedaagde] bevoegd de overeenkomst buitengerechtelijk te ontbinden. Als gevolg hiervan ontstaat voor WK-Ontwerpers jegens [gedaagde] een verbintenis tot ongedaanmaking van de reeds door [gedaagde] verrichte prestaties, hierin bestaande dat WK-Ontwerpers aan [gedaagde] is verschuldigd hetgeen [gedaagde] aan WK-Ontwerpers heeft voldaan, te weten het bedrag van € 272.186,82. Nu de overeenkomst tussen partijen is of zal dienen te worden ontbonden, is WK-Ontwerpers voorts verplicht de door [gedaagde] geleden schade te vergoeden.

3.7. WK-Ontwerpers voert verweer.

3.8. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling in conventie en in reconventie

4.1. Omdat de vorderingen in conventie en reconventie, voor zover zij betrekking hebben op de tussen partijen gesloten overeenkomst, nauw met elkaar samenhangen, bespreekt de rechtbank deze hierna gezamenlijk.

4.2. De rechtbank stelt het volgende voorop. Vast staat dat er tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen op grond waarvan WK-Ontwerpers in opdracht van [gedaagde] het ontwerp en de bouw van een gebruiksklare website voor [gedaagde] zou realiseren. Tevens zou WK-Ontwerpers zorgdragen voor het projectmanagement ten behoeve van de op die website te plaatsen content (het geheel aan informatie/inhoud dat [gedaagde] op haar website wil overbrengen, zoals filmpjes, animaties, foto’s, illustraties, vertalingen en teksten), waaronder het contracteren van derden voor het vervaardigen van bepaalde content.

4.3. In deze procedure vordert WK-Ontwerpers in conventie onder meer betaling van een zestal facturen die [gedaagde] tot op heden onbetaald heeft gelaten, voor werkzaamheden die zij in opdracht van [gedaagde] en in het kader van genoemde overeenkomst stelt te hebben verricht. [gedaagde] stelt niet gehouden te zijn deze facturen te voldoen, omdat zij de overeenkomst op 15 september 2010 buitengerechtelijk heeft ontbonden. In reconventie vordert zij daarom van WK-Ontwerpers onder meer terugbetaling van de reeds door haar, [gedaagde], betaalde facturen.

4.4. Kernvraag die thans dus dient te worden beantwoord is of [gedaagde] gerechtigd was de overeenkomst buitengerechtelijk te ontbinden. Daarbij is van belang de vraag of [gedaagde], voordat zij de overeenkomst ontbond - waarbij de rechtbank er veronderstellenderwijs van uitgaat dat de brief van 15 september 2010 inderdaad ontbinding van de overeenkomst behelsde - reeds in verzuim was met betaling van de facturen van WK-Ontwerpers. In dat geval was zij namelijk niet langer gerechtigd de overeenkomst te ontbinden (artikel 6:266 lid 1 BW).

4.5. De onbetaald gelaten facturen dateren van 25 juni 2010 (factuur 10.027) en 10 juli 2010 (factuur 10.033, 10.034, 10.035 en 10.036). De algemene voorwaarden - waarvan vast staat dat zij tussen partijen van toepassing zijn - bevatten in artikel 7.1 een bepaling op grond waarvan betaling van facturen dient plaats te vinden binnen 30 dagen na factuurdatum. Indien na het verstrijken van deze termijn door de opdrachtnemer nog geen (volledige) betaling is ontvangen, is de opdrachtgever in verzuim en is hij rente verschuldigd gelijk aan de wettelijke rente. Dit betekent dat indien [gedaagde] was gehouden de facturen te voldoen, zij op het moment van ingebrekestelling (7 september 2010) en ontbinding (15 september 2010) reeds zelf in verzuim was. De uiterste betalingstermijn van de verschillende facturen ligt immers voor deze data, te weten op 25 juli (factuur 10.027) dan wel 9 augustus 2010 (factuur 10.033, 10.034, 10.035 en 10.036). De factuur van 30 mei 2012 (factuur 12.027) valt hier in dit opzicht buiten en wordt hierna onder 4.28 tot en met 4.32 besproken.

Factuur 10.027

4.6. Deze factuur ziet op ‘Projectmanagement content, 316 uren à EURO 100,00, diverse besprekingen en begeleiding content februari t/m april 2010’.

4.7. Namens [gedaagde] is ter comparitie gesteld dat voor de website een vaste prijs is afgesproken van € 89.500,00 exclusief btw. Daarnaast is een uurtarief overeengekomen voor projectmanagement. Dit is gebeurd omdat er 25 processchema’s binnen [gedaagde] moesten worden gemaakt. Omdat de ervaring leert dat dat sneller gaat als er iemand is die de werknemers achter de broek zit, heeft [betrokkene A] [eiser sub 3] gevraagd om daarvoor op het kantoor van [gedaagde] aanwezig te zijn. Enkel voor die uren is overeengekomen dat WK-Ontwerpers die in rekening mocht brengen op basis van een uurtarief van € 100,00. Dat waren maximaal 15 dagen. Voor andere werkzaamheden is dat niet overeengekomen. Die werkzaamheden vallen volgens [gedaagde] daarom onder de vaste prijs. Volgens [gedaagde] mocht WK-Ontwerpers evenmin projectmanagementuren aan haar in rekening brengen in verband met gesloten overeenkomsten met derden ten behoeve van het vullen van de website. Ook die werkzaamheden waren verdisconteerd in de vaste prijs van € 89.500,00.

4.8. Volgens WK-Ontwerpers heeft zij het vullen van de website gecoördineerd, hetgeen ook als projectmanagement kan worden gekwalificeerd. Hiervoor gold het overeengekomen uurtarief. WK-Ontwerpers en [gedaagde] zijn nooit overeengekomen dat projectmanagement alleen apart in rekening zou worden gebracht op basis van het uurtarief als de werkzaamheden op het kantoor van [gedaagde] werden verricht. Ook is het niet zo dat er geen projectmanagementtaken meer waren toen de feitelijke aanwezigheid van WK-Ontwerpers bij [gedaagde] niet meer nodig was omdat [.] [betrokkene A] het vaste aanspreekpunt binnen [gedaagde] werd. Van begin af aan is het projectmanagement als zodanig op basis van het uurtarief in rekening gebracht en ook door [gedaagde] betaald, ook na de komst van [.] [betrokkene A].

4.9. De rechtbank stelt in de eerste plaats vast dat in de overeenkomst slechts is opgenomen dat het tarief voor projectmanagement ten behoeve van de content € 100,00 per uur bedraagt en dat dit maandelijks wordt gefactureerd. Er is ten aanzien van het projectmanagement geen maximum aantal uren in de overeenkomst opgenomen, noch zijn daaraan bepaalde voorwaarden verbonden. Evenmin wordt er in de overeenkomst ten aanzien van het projectmanagement onderscheid gemaakt tussen uren die WK-Ontwerpers ([eiser sub 3]) op het kantoor van [gedaagde] zou maken en uren die zij elders en/of in het kader van met derden gesloten overeenkomsten zou maken. Voorts staat vast dat WK-Ontwerpers voordat het geschil tussen partijen is ontstaan in totaal 662 uren aan projectmanagement in rekening heeft gebracht bij [gedaagde] en dat [gedaagde] de daarvoor ontvangen facturen zonder protest heeft voldaan. Dit geldt ook voor factuur VF.010.002 van 3 februari 2009 (bedoeld zal zijn: 3 februari 2010), betreffende ‘projectmanagement, 244 uren à € 100,00 voor diverse besprekingen en begeleiding content november t/m januari 2009’, terwijl [.] [betrokkene A] met ingang van 27 november 2009 de leiding van het WEB van [eiser sub 3] al had overgenomen en vanaf dat moment binnen [gedaagde] als contactpersoon was gaan functioneren (zie productie 11 bij dagvaarding). Uit het feit dat [gedaagde] verschillende facturen van WK-Ontwerpers, die een duidelijke omschrijving van het projectmanagement bevatten, zoals hiervoor bijvoorbeeld ten aanzien van factuur VF.010.002 is weergegeven, zonder protest heeft voldaan, leidt de rechtbank af dat ook zij de overeenkomst aldus heeft opgevat dat ook voor het projectmanagement dat niet op locatie bij [gedaagde] is uitgevoerd het uurtarief van € 100,00 gold en dus niet in de vaste prijs van € 89.500,00 was begrepen. Dit leidt tot de conclusie dat [gedaagde] deze factuur in beginsel was verschuldigd.

4.10. [gedaagde] heeft mede in dit verband (eerst) ter comparitie voorts betwist dat er door WK-Ontwerpers in totaal 1388 uren procesmanagement zijn verricht, welke uiteindelijk aan [gedaagde] in rekening zijn gebracht.

4.11. Bij akte uitlating partijen en inbreng twee producties heeft WK-Ontwerpers op 5 juli 2012 onder meer als productie 47 een overzicht in het geding gebracht van alle projectmanagementuren zoals die door haar zijn verricht maar niet door [gedaagde] zijn betaald. Dit overzicht ziet op de periode februari 2010 tot en met juli 2010. Daarbij is per week aangegeven dat, en welke werkzaamheden zijn verricht gedurende die periode. WK-Ontwerpers stelt daarbij nog dat de projectmanagementuren vóór de periode februari 2010 wel altijd door [gedaagde] zijn betaald, ook nadat [.] [betrokkene A] in november 2009 het aanspreekpunt werd.

4.12. [gedaagde] heeft op 5 juli 2012 bezwaar gemaakt tegen het indienen van voornoemde productie in deze fase van het geding. Zij stelt, zoals ook is vastgelegd in het proces-verbaal van comparitie, dat partijen zich slechts dienden uit te laten over het al dan niet voortprocederen. [gedaagde] verzoekt om die reden deze productie - alsook een andere, thans niet relevante productie - buiten beschouwing te laten.

4.13. Vastgesteld moet worden dat de rolrechter op 20 juli 2012 aan partijen heeft bericht dat [gedaagde] op 15 augustus 2012 een antwoordakte kan nemen en dat daarna de behandelend rechter bij vonnis een beslissing zal nemen. Vast staat verder dat [gedaagde] deze antwoordakte ook heeft genomen. Weliswaar is in het proces-verbaal van comparitie van 20 juni 2012 opgenomen dat [gedaagde] in haar antwoordakte zich enkel en alleen mag uitlaten over de vermeerdering van eis in conventie, voor zover die betrekking heeft op de door WK-Ontwerpers gestelde inbreuk op haar auteursrechten, maar in de antwoordakte is [gedaagde] ook ingegaan op de vermeerdering van eis in conventie, voor zover die ziet op de overige vorderingen van WK-Ontwerpers. Daarbij heeft [gedaagde] evenwel met geen woord gerept over productie 47 van WK-Ontwerpers en is zij niet nader ingegaan op de totale omvang van de projectmanagementuren. Gelet op het een en ander ziet de rechtbank geen aanleiding om [gedaagde] alsnog die gelegenheid te geven.

4.14. Naar het oordeel van de rechtbank heeft WK-Ontwerpers met productie 47 het totaal aantal projectmanagementuren voor de periode vanaf februari 2010 voldoende nader onderbouwd. De rechtbank wijst in dit verband ook nog op productie 5 bij dagvaarding. Dit betreft e-mailcorrespondentie tussen [eiser sub 3] en de heer [betrokkene C] van [gedaagde] van 9 juli 2010. Hierin vraagt [betrokkene C] om een overzicht met betrekking tot het projectmanagement. [eiser sub 3] verstrekt daarop het gevraagde overzicht. Zij vermeldt daarbij dat ze geen specificatie heeft van wat zij precies tijdens die uren heeft gedaan: “Dit in overleg met [betrokkene A].” [gedaagde] heeft dit niet weersproken. Verder is van belang dat [gedaagde] in ieder geval 662 uren aan projectmanagement, bijna de helft van het totaal aantal projectmanagementuren, zonder protest heeft voldaan. Ten slotte overweegt de rechtbank nog dat het ook in de rede ligt dat juist vlak voor de lancering van de nieuwe website nog veel projectmanagementuren zijn gemaakt. Dit leidt ertoe dat de omvang van het gefactureerde projectmanagement als onvoldoende gemotiveerd betwist vaststaat. [gedaagde] was dan ook factuur 10.027 volledig verschuldigd.

Factuur 10.033

4.15. Deze factuur ziet op ‘Tekstschrijven, copywriting website (Funnavigatie bestaande uit Kennis, Community, Innovatief, Kunst, Uitzonderlijk en Nieuws / Topnavigatie bestaande uit Missie en Historie / Klarex.com) incl. besprekingen en correcties, 33 uren à EURO 120,00’.

4.16. [gedaagde] heeft deze werkzaamheden erkend. Zo is namens haar ter comparitie verklaard dat WK-Ontwerpers in haar opdracht met derden overeenkomsten heeft gesloten ten behoeve van het vullen van de website, hetgeen altijd met instemming van [betrokkene A] is gebeurd. Hij was van tevoren op de hoogte gesteld van de prijzen die deze derden in rekening zouden brengen en was daarmee akkoord. [gedaagde] was deze factuur dus verschuldigd.

Factuur 10.034

4.17. Deze factuur ziet op ‘Vertalingen, vertalingen website (Engels, Duits, Tsjechisch, Arabisch en Nederlands – Indien Engels aangeleverd)*, * de vertalingen in Russisch en voor Klarex.com in alle talen volgen nog’.

4.18. Hiervoor geldt hetzelfde als hiervoor ten aanzien van factuur 10.033 is overwogen. [gedaagde] was ook deze factuur verschuldigd.

Factuur 10.035

4.19. Deze factuur ziet op ‘Projectmanagement content, 410 uren à EURO 100,00, diverse besprekingen en begeleiding content mei t/m juli 2010’.

4.20. Hiervoor geldt hetgeen hiervoor ten aanzien van factuur 10.027 is overwogen. [gedaagde] was deze factuur dan ook volledig verschuldigd.

Factuur 10.036

4.21. Deze factuur ziet op ‘Ontwerp en realisatie website www.bronswerk.nl – Fase 1, Het ontwerpen en bouwen van een gebruiksklare website (volgens offerte met kenmerk 08.026 dd 10.12.2008), deel 3, 30% van EURO 89.500,00’.

4.22. In de overeenkomst is opgenomen dat betaling van de vaste prijs van € 89.500,00 in drie termijnen geschiedt: 50% bij opdracht, 20% bij oplevering van de website engine (zie planning: tot en met ‘Ontwikkeling – versie mobiele telefoon’) en 30% bij oplevering.

4.23. Naar het oordeel van de rechtbank hebben partijen op grond van de overeenkomst redelijkerwijs moeten begrijpen dat de laatste 30% van de vaste prijs was verschuldigd bij lancering van de nieuwe website en het ‘offline gaan’ van de oude website. De opdracht zag immers op het ontwerp en de bouw van een gebruiksklare website van [gedaagde]. Vast staat dat de nieuwe website op 25 juni 2010 feestelijk is gelanceerd en online is gegaan en dat de oude website vanaf dat moment uit de lucht is gegaan. Dit betekent dat [gedaagde] op 25 juni 2010 de laatste 30% van de vaste prijs was verschuldigd. Deze factuur diende [gedaagde] derhalve te voldoen.

Schuldeisersverzuim

4.24. Uit hetgeen hiervoor is overwogen volgt dat [gedaagde] de hiervoor besproken facturen had dienen te voldoen en wel, op grond van artikel 7.1 van de algemene voorwaarden, binnen 30 dagen na factuurdatum. Nu zij dit niet heeft gedaan, was zij op 25 juli (factuur 10.027) dan wel op 9 augustus 2010 (factuur 10.033, 10.034, 10.035 en 10.036) in verzuim. Daarmee was zij niet langer gerechtigd de overeenkomst op 15 september 2010 te ontbinden. Artikel 6:266 lid 1 BW bepaalt immers dat geen ontbinding kan worden gegrond op een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis ten aanzien waarvan de schuldeiser zelf in verzuim is. In dit verband overweegt de rechtbank nog dat eventuele tekortkomingen aan de (inhoud van de) door WK-Ontwerpers gebouwde en ontworpen website op zichzelf niets afdoen aan de betalingsverplichting van [gedaagde].

4.25. Nu [gedaagde] niet gerechtigd was de overeenkomst op 15 september 2010 te ontbinden en de reconventionele vorderingen allemaal gebaseerd zijn op de stelling dat [gedaagde] wel gerechtigd was de overeenkomst te ontbinden, dienen deze vorderingen te worden afgewezen.

4.26. De vorderingen in conventie die zien op betaling van de facturen 10.027, 10.033, 10.034, 10.035 en 10.036 zullen worden toegewezen.

4.27. Ingevolge artikel 7.1 van de algemene voorwaarden is de gevorderde wettelijke handelsrente eveneens toewijsbaar, vanaf de datum van opeisbaarheid van de betreffende vordering, c.q. de overschrijding van de betalingstermijn van dertig dagen.

Factuur 12.027

4.28. Deze factuur bestaat kort gezegd uit de volgende onderdelen:

- BRO.016: Ontwerp diverse extra pagina’s, productsheets en beeldmateriaal,

- BRO.017: Bouw extra pagina’s, bestaande uit verschillende templates en het uitvoeren van

de website in drie extra talen,

- BRO.018: Vertalingen,

- BRO.019: Licentie fotografie achtergrondbeelden werkgebieden,

- BRO.020: Banners – Animaties.

4.29. [gedaagde] stelt zich op het standpunt dat voor de onderdelen BRO.016 en BRO.017 geen opdracht is gegeven. Zij wist wel van de werkzaamheden af, maar ging ervan uit dat deze vielen onder de vaste prijs. [gedaagde] leidt dit af uit de in de overeenkomst opgenomen specificaties van de nummers 1.1 tot en met 1.4 van Fase 1, alsmede de procesomschrijving Fase 1 op pagina 9 van de overeenkomst.

4.30. Ter comparitie is van de zijde van WK-Ontwerpers verklaard dat niet met [gedaagde] is besproken dat het ontwerpen en laten bouwen van extra webpagina’s apart zou worden gefactureerd. Volgens WK-Ontwerpers was het echter voor iedereen duidelijk dat dit extra kosten zou meebrengen. Waarom dit voor iedereen duidelijk was, heeft zij evenwel niet nader geconcretiseerd. Mede gelet op de onderbouwde stelling van [gedaagde] dat de hier aan de orde zijnde werkzaamheden onder de vaste prijs vielen, had het op de weg van WK-Ontwerpers gelegen om aan te tonen dat die posten geen onderdeel uitmaakten van de vaste prijs. Dit geldt te meer nu het hier gaat om het ontwerp en de bouw van extra webpagina’s en niet om het vullen van de website (content), ten aanzien waarvan [gedaagde] de in dat kader verrichte werkzaamheden van derden heeft erkend. Nu WK-Ontwerpers dit heeft nagelaten, zijn de onderdelen BRO.016 en BRO.017 naar het oordeel van de rechtbank niet verschuldigd.

4.31. De overige onderdelen van factuur 12.027 zijn wel verschuldigd, nu [gedaagde] - zoals zojuist al opgemerkt - de daarvoor verrichte werkzaamheden heeft erkend. Derhalve zal een bedrag worden toegewezen van € 2.496,00 (BRO.018) + € 2.475,00 (BRO.019) +

€ 960,00 (BRO.020) = € 5.931,00 x 19% btw = € 7.057,89.

4.32. Ingevolge artikel 7.1 van de algemene voorwaarden is de gevorderde wettelijke handelsrente eveneens toewijsbaar, vanaf de datum van opeisbaarheid van de betreffende vordering, c.q. de overschrijding van de betalingstermijn van dertig dagen.

Auteursrechtinbreuk?

4.33. WK-Ontwerpers stelt in haar akte vermeerdering c.q. verandering van eis in de eerste plaats meer in het algemeen dat [gedaagde] inbreuk heeft gemaakt op de auteursrechten van WK-Ontwerpers, aangezien zij de ontwerpen en/of afbeeldingen en/of (delen van) de uiterlijke vormgeving van WK-Ontwerpers, de ‘werken’, zonder toestemming heeft afgebeeld op haar website en/of zonder toestemming heeft gebruikt en/of verspreid en/of heeft gebruikt als huisstijl. Verder stelt zij dat zij auteursrecht heeft op de door haar voor [gedaagde] gemaakte werken, waaronder de grafische ontwerpen, website ontwerpen, lay-out ontwerpen, schetsen, concepten, illustraties en foto’s. WK-Ontwerpers stelt dat zij auteursrechtelijke bescherming geniet, nu de werken een eigen oorspronkelijk karakter hebben en het persoonlijk stempel van de maker dragen. Ook stelt WK-Ontwerpers dat uit de compositie van het werk blijkt dat de huisstijl, de website en andere werken gemaakt zijn met het kennelijke doel de daarop afgebeelde objecten als kenmerkend en representatief voor de onderneming(en) van [gedaagde] weer te geven. Het is volgens WK-Ontwerpers evident dat [gedaagde] zich met behulp van het beeld heeft willen presenteren en onderscheiden. Door voormelde verveelvoudigingen en openbaarmakingen van dit werk zonder toestemming van WK-Ontwerpers, heeft [gedaagde] op grond van artikel 1 juncto artikel 12 en 13 Auteurswet (Aw) inbreuk op het auteursrecht van WK-Ontwerpers gemaakt. De vormgeving, lay-out, illustraties en animaties, foto’s, grafisch ontwerp en teksten inclusief vertalingen, waarvan WK-Ontwerpers alle rechten heeft en welke zij voor de website en de identiteit van [gedaagde] heeft gemaakt of laten maken, is auteursrechtelijk beschermd. Als productie 25 heeft WK-Ontwerpers, zoals zij stelt “ter illustratie”, een aantal voorbeelden van inbreuken in het geding gebracht, voorzien van commentaar. Voorts heeft zij nog een aantal andere producties in het geding gebracht, die toepassingen laten zien van door haar ontwikkelde werken (met name producties 28, 35 tot en met 38 en 41).

4.34. Met [gedaagde] is de rechtbank van oordeel dat WK-Ontwerpers met de hiervoor weergegeven onderbouwing niet heeft voldaan aan haar stelplicht. Zij heeft slechts in algemene bewoordingen gesteld dat zij auteursrecht heeft op de door haar voor [gedaagde] gemaakte werken en dat [gedaagde] daarop inbreuk heeft gemaakt. Niet duidelijk is evenwel geworden wat zij precies bedoelt. Het enkele feit dat 27% van de website is gekopieerd en dat dit zoveel is dat toeval geheel is uitgesloten, betekent nog niet dat er sprake is van auteursrechtinbreuk. WK-Ontwerpers heeft in de eerste plaats onvoldoende geconcretiseerd welke specifieke, door of namens haar ontwikkelde/ontworpen ‘zaken’ kunnen worden beschouwd als een werk in de zin van artikel 1 juncto artikel 10 Aw. Daarbij had WK-Ontwerpers per onderdeel (zoals onder meer filmpjes, animaties, foto’s, illustraties, teksten en vertalingen) dienen te stellen en te onderbouwen dat en waarom deze zaken een eigen, oorspronkelijk karakter hebben en het persoonlijk stempel van de maker dragen. Meer in het bijzonder had zij nader moeten concretiseren waarom die zaken het resultaat zijn van scheppende menselijke arbeid en dus van creatieve keuzes. Daarenboven heeft WK-Ontwerpers onvoldoende onderbouwd dat er sprake is van auteursrechtelijk relevante verveelvoudigingen/openbaarmakingen door [gedaagde]. In dit verband had het op de weg van WK-Ontwerpers gelegen om te stellen en te onderbouwen dat en waarom de beweerdelijk inbreukmakende werken van [gedaagde] in zodanige mate de auteursrechtelijk beschermde trekken van haar werken vertonen dat de totaalindrukken die de werken maken te weinig verschillen voor het oordeel dat de werken van [gedaagde] als zelfstandige werken kunnen worden aangemerkt. De in het geding gebrachte producties bieden geen soelaas, nu het slechts gaat om “een aantal voorbeelden”, die “ter illustratie” zijn overgelegd.

4.35. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de vorderingen van WK-Ontwerpers met een auteursrechtelijke grondslag (onder 3.1 sub 1 en 8) zullen worden afgewezen.

Overige vorderingen in conventie

4.36. De gevorderde kosten voor deskundige Van [betrokkene B] zullen worden afgewezen. Artikel 7.1 van de algemene voorwaarden bepaalt onder meer dat alle door de opdrachtnemer gemaakte kosten in verband met te late betaling ten laste van de opdrachtgever komen. De analyse van Van [betrokkene B] ziet echter op de gestelde tekortkomingen en op schending van het auteursrecht. WK-Ontwerpers heeft niet gesteld dat deze kosten op een andere grondslag toewijsbaar zijn.

4.37. De gevorderde buitengerechtelijke kosten zijn toewijsbaar op grond van het reeds genoemde artikel 7.1 van de algemene voorwaarden, met dien verstande dat dit bedrag zal worden beperkt tot het bij dagvaarding gevorderde bedrag van € 2.975,00. WK-Ontwerpers heeft op geen enkele wijze onderbouwd waarom dit bedrag thans, bij akte vermeerdering c.q. verandering van eis, is verhoogd tot een bedrag van € 4.165,00.

Proceskosten in conventie

4.38. [gedaagde] zal als de overwegend in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van WK-Ontwerpers worden begroot op:

- dagvaarding € 76,31

- griffierecht € 3.529,00

- salaris advocaat € 4.263,00 (3 punten × tarief € 1.421,00)

Totaal € 7.868,31

De gevorderde nakosten zijn, op de voet van het arrest van de Hoge Raad van 19 maart 2010, LJN BL1116, voor toewijzing vatbaar als na te melden.

Proceskosten in reconventie

4.39. [gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van WK-Ontwerpers worden begroot op € 2.000,00 wegens salaris advocaat (2 punten × factor 0,5 × tarief € 2.000,00).

5. De beslissing

De rechtbank

in conventie

5.1. veroordeelt [gedaagde] om aan WK-Ontwerpers te betalen een bedrag van € 37.604,00 (zevenendertigduizendzeshonderdvier euro), zijnde betaling van factuur 10.027 van 25 juni 2010, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag met ingang van 25 juli 2010 tot de dag van volledige betaling,

5.2. veroordeelt [gedaagde] om aan WK-Ontwerpers te betalen een bedrag van € 4.712,40 (vierduizendzevenhonderdtwaalf euro en veertig eurocent), zijnde betaling van factuur 10.033 van 10 juli 2010, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag met ingang van 9 augustus 2010 tot de dag van volledige betaling,

5.3. veroordeelt [gedaagde] om aan WK-Ontwerpers te betalen een bedrag van € 11.900,46 (elfduizendnegenhonderd euro en zesenveertig eurocent), zijnde betaling van factuur 10.034 van 10 juli 2010, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag met ingang van 9 augustus 2010 tot de dag van volledige betaling,

5.4. veroordeelt [gedaagde] om aan WK-Ontwerpers te betalen een bedrag van € 48.790,00 (achtenveertigduizendzevenhonderdnegentig euro), zijnde betaling van factuur 10.035 van 10 juli 2010, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag met ingang van 9 augustus 2010 tot de dag van volledige betaling,

5.5. veroordeelt [gedaagde] om aan WK-Ontwerpers te betalen een bedrag van € 31.951,50 (eenendertigduizendnegenhonderdeenenvijftig euro en vijftig eurocent), zijnde betaling van factuur 10.036 van 10 juli 2010, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag met ingang van 9 augustus 2010 tot de dag van volledige betaling,

5.6. veroordeelt [gedaagde] om aan WK-Ontwerpers te betalen een bedrag van € 7.057,89 (zevenduizendzevenenvijftig euro en negenentachtig eurocent), zijnde betaling van factuur 12.027 van 30 mei 2012, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag met ingang van 29 juni 2012 tot de dag van volledige betaling,

5.7. veroordeelt [gedaagde] om aan WK-Ontwerpers te betalen een bedrag van

€ 2.975,00 (tweeduizendnegenhonderdvijfenzeventig euro) ter zake van buitengerechtelijke kosten, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119a BW over dit bedrag vanaf 6 juni 2012 tot de dag van volledige betaling,

5.8. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van WK-Ontwerpers tot op heden begroot op € 7.868,31, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag met ingang van 10 oktober 2011 tot de dag van volledige betaling,

5.9. veroordeelt [gedaagde] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat [gedaagde] niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak,

5.10. verklaart dit vonnis in conventie tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.11. wijst het meer of anders gevorderde af,

in reconventie

5.12. wijst de vorderingen af,

5.13. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van WK-Ontwerpers tot op heden begroot op € 2.000,00.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.P. Heijmans en in het openbaar uitgesproken op 28 november 2012.

Coll.: MvG