Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2012:BX6425

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
08-08-2012
Datum publicatie
10-09-2012
Zaaknummer
217537
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Vervolg op LJN: BW2504.

Nu Go4Agri niet is geslaagd in het bewijs, moet de rechtbank ingevolge art. 7:752 BW een redelijke prijs voor d eopdracht laten vaststellen. Daarvoor moet een deskundige worden benoemd. In het incident wordt de gevraagde voorlopige voorziening - toewijzing van een voorschot - toegewezen, maar voor een lager bedrag dan gevorderd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 217537 / HA ZA 11-1015

Vonnis in incident van 8 augustus 2012

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiseres] PROJECTEN B.V.,

gevestigd te [woonplaats],

eiseres in conventie in de hoofdzaak,

verweerster in reconventie in de hoofdzaak,

eiseres in het incident,

advocaat mr. J.A.M. Reuser te Pijnacker-Nootdorp,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GO4AGRI INTERNATIONAL B.V.,

gevestigd te Elst, gemeente Overbetuwe,

gedaagde in conventie in de hoofdzaak,

eiseres in reconventie in de hoofdzaak,

verweerster in het incident,

advocaat mr. R.J. Verweij te Nijmegen.

Partijen zullen hierna [eiseres] Projecten en Go4agri genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 4 april 2012,

- de conclusie na niet gehouden getuigenverhoor tevens incidentele conclusie tot het treffen van een voorlopige voorziening van [eiseres] Projecten,

- de conclusie na niet gehouden getuigenverhoor (tevens incidentele conclusie van antwoord) van Go4agri.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2. De beoordeling in de hoofdzaak

2.1. De rechtbank heeft in haar tussenvonnis van 4 april 2012 [eiseres] Projecten te bewijzen opgedragen:

a. dat [eiseres] Kassen met Go4agri is overeengekomen dat zij op basis van nacalculatie mocht factureren tegen een uurtarief van € 35,00;

b. dat Go4agri een stalen rail met koppelbuis bij [eiseres] Kassen heeft besteld en dat [eiseres] Kassen deze heeft geleverd.

Voor het geval [eiseres] Projecten niet zou slagen in genoemde bewijsopdracht, is Go4agri in het tussenvonnis toegelaten tot het bewijs van haar stelling dat zij met [eiseres] Kassen een vaste aanneemsom van € 50.752,00 is overeengekomen.

2.2. [eiseres] Projecten heeft aan de rechtbank kenbaar gemaakt het gevraagde bewijs niet te kunnen leveren. [betrokkene 1] blijkt niet te traceren en [betrokkene 2], die ook bij Go4agri werkzaam is (geweest) heeft laten weten zich van het gesprek niets meer te kunnen herinneren. [eiseres] Projecten concludeert dan ook dat, ervan uitgaande dat ook Go4agri niet zal slagen in haar bewijsopdracht, de rechtbank zal moeten vaststellen wat een redelijke prijs is voor de door [eiseres] Kassen uitgevoerde werkzaamheden.

2.3. Go4agri heeft eveneens aan de rechtbank kenbaar gemaakt van bewijslevering door middel van getuigen af te zien nu [betrokkene 2] zich niets meer herinnert van het gesprek waarin de bewuste afspraken zijn gemaakt. Ter voldoening aan de in het tussenvonnis geformuleerde bewijsopdracht verwijst Go4agri (nogmaals) naar de inhoud van de onderliggende processtukken en de daarbij in de conclusie van antwoord en tijdens de comparitie gegeven toelichting.

2.4. De rechtbank constateert dat beide partijen geen nader bewijs hebben geleverd en niet zijn geslaagd in hun bewijsopdracht. Go4agri gaat er evenwel vanuit dat zij geslaagd is in haar bewijsopdracht aangezien zij kennelijk meent dat de reeds overgelegde stukken voldoende overtuigend bewijs opleveren. De rechtbank heeft in het tussenvonnis reeds beslist dat zulks niet het geval is maar zal deze beslissing, voor zover nodig, nogmaals toelichten.

2.5. Go4agri beroept zich op de e-mail van [betrokkene 2] van 6 december 2010 aan [eiseres] Kassen en wijst erop dat [betrokkene 2] hierin rept over een ‘afgesproken bedrag’ (zie 2.10 van het tussenvonnis). Nog daargelaten dat dit ‘afgesproken bedrag’ in de betreffende e-mail niet nader wordt aangeduid, moet thans worden geconstateerd dat [betrokkene 2] als getuige niet wenst te bevestigen dat een vast bedrag is afgesproken zodat onduidelijk is welke betekenis moet worden toegekend aan die e-mail. Weliswaar is vreemd dat [eiseres] Kassen tot 10 oktober 2010 lijkt te factureren alsof er sprake is van een vaste aanneemsom en daarna gaat factureren op basis van nacalculatie, daar staat tegenover dat [eiseres] Kassen de opdrachtbevestiging en inkooporder van Go4agri niet heeft getekend en de e-mails van Go4agri van 22 en 26 november en 3 december 2010 er geen blijk van geven dat Go4agri de facturen van 10 oktober 2010 en van latere datum betwist. Feit blijft dat zonder nadere bewijslevering, die niet heeft plaatsgevonden, niet kan worden vastgesteld dat [eiseres] Kassen het aanbod van Go4agri heeft aanvaard, althans Go4agri er gerechtvaardigd op heeft mogen vertrouwen dat [eiseres] Kassen dit aanbod had aanvaard.

2.6. De conclusie moet dan ook zijn dat ook Go4agri er niet in is geslaagd het noodzakelijke bewijs te leveren en dat de rechtbank, zoals reeds is beslist in het tussenvonnis, ingevolge artikel 7:752 lid BW een redelijke prijs voor de onderhavige opdracht moet laten vaststellen. Partijen hebben onvoldoende gesteld en onvoldoende stukken in het geding gebracht om de rechtbank in staat te stellen om hierover zonder deskundigenbericht een beslissing te kunnen nemen.

2.7. [eiseres] Projecten heeft gesteld dat een uurtarief van € 35,- alleszins redelijk en zelfs nogal laag is te noemen voor de verrichte werkzaamheden. Zij heeft gesteld 2.225 uren aan de opdracht te hebben besteed en heeft weekstaten overgelegd waaruit dat blijkt. Zij heeft verder gesteld dat de kosten hoger zijn uitgevallen dan voorzien doordat zich twee problemen hebben voorgedaan. Go4agri heeft nagelaten door te geven dat de maten van de folie afweken van de normale maten waardoor de rollen veel zwaarder en moeilijker te hanteren waren. Daarnaast waren er onnodige wachttijden als gevolg van de slechte logistiek van de zijde van Go4agri.

2.8. Go4agri betwist niet dat € 35,- een redelijk uurtarief is voor de onderhavige werkzaamheden maar betwist wel de juistheid van de door [eiseres] Projecten in het geding gebrachte urenoverzichten. Zij meent dat een deskundige aan de hand van de opdracht en de tekeningen dient vast te stellen wat een redelijke prijs is, waarbij diverse factoren van het werk moeten worden betrokken.

2.9. De rechtbank is voornemens de volgende vragen aan een deskundige voor te leggen:

1. Is naar uw oordeel het aantal van 2.225 uur, zoals blijkt uit de weekstaten van [eiseres] Kassen, redelijk (in de zin van gangbaar) voor de werkzaamheden die Go4agri aan [eiseres] Kassen heeft opgedragen (zie opdrachtbevestiging van 28 september 2010) en zo niet, hoeveel uur acht u daarvoor redelijk.

2. Kunt u bij de beantwoording van vraag 1 tevens aangeven, voor zover mogelijk, hoeveel uur extra in redelijkheid besteed zal moeten zijn als gevolg van de door [eiseres] Kassen ter plaatse ondervonden problemen (zie hiervoor onder 2.6)?

3. Is een uurtarief van € 35,- redelijk voor de onderhavige werkzaamheden en zo niet, welk uurtarief geldt in de branche als redelijk/gangbaar voor deze werkzaamheden?

4. Indien opdrachten als de onderhavige (voor het bouwen van een foliekas) doorgaans worden geoffreerd op basis van het aantal m², kunt u dan aangeven wat op die basis als een redelijke prijs moet worden beschouwd voor de onderhavige opdracht?

5. Heeft u overigens opmerkingen die voor de beoordeling van de zaak van belang kunnen zijn?

2.10. De rechtbank is voorlopig van oordeel dat kan worden volstaan met de benoeming van één deskundige. Partijen worden in de gelegenheid gesteld om zich bij akte uit te laten – eerst [eiseres] Projecten als partij op wie volgens de bewijsregel van artikel 150 Rv de bewijslast rust en daarna Go4agri – over de persoon van de deskundige en de aan de deskundige te stellen vragen. Voorts wordt partijen in overweging gegeven de rechtbank een deskundige voor te stellen met wie zij beiden kunnen instemmen. Bij gebreke daarvan zal de rechtbank zelfstandig tot de benoeming van een deskundige overgaan.

2.11. Op grond van artikel 195 Rv zal het voorschot op de kosten van de deskundige te zijner tijd door [eiseres] Projecten dienen te worden gedeponeerd.

2.12. Iedere verdere beslissing in de hoofdzaak zal worden aangehouden.

3. De beoordeling in het incident

3.1. [eiseres] Projecten vordert dat de rechter een voorlopige voorziening zal treffen voor de duur van het geding en bij wijze van voorschot een bedrag van € 40.000,- zal toewijzen. Zij stelt hiertoe dat Go4agri in ieder geval het door haar schuldig erkende bedrag dient te voldoen nu [eiseres] Projecten als gevolg van het uitblijven van betaling van Go4agri in grote liquiditeitsproblemen komt.

3.2. Go4agri voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

3.3. [eiseres] Projecten heeft voldoende processueel belang bij de incidentele vordering. De gevraagde voorlopige voorziening hangt samen met de hoofdvordering en is gericht op een voorziening die voor de duur van de aanhangige bodemprocedure kan worden gegeven. Derhalve moet worden beoordeeld of een afweging van de materiële belangen van partijen de gevorderde ordemaatregel rechtvaardigt. Bij een voorziening in de vorm van betaling van een geldsom is dat in verband met het restitutierisico meestal alleen het geval indien de vordering tot het beloop van het gevorderde voorschot reeds voldoende vaststaat dan wel op eenvoudige wijze kan worden vastgesteld.

3.4. De rechtbank kan [eiseres] Projecten niet volgen in haar stelling dat Go4agri reeds heeft erkend nog € 40.000,- aan [eiseres] Projecten verschuldigd te zijn. Go4agri stelt zich op het standpunt dat een vaste aanneemsom van € 50.752,- is overeengekomen waarvan zij reeds € 21.624,68 heeft voldaan. Alsdan resteert nog € 29.127,32 te voldoen, exclusief rente en kosten. In de visie van Go4agri zal zij dus nog minimaal dit bedrag, vermeerderd met rente, aan [eiseres] Projecten verschuldigd zijn. Van een restitutierisico is derhalve geen sprake indien nu reeds een voorschot van € 30.000,- zou worden toegewezen. Niet valt te verwachten dat de deskundige op een lager bedrag dan € 50.752,- zal uitkomen nu dit bedrag is berekend op basis van een door Go4agri gehanteerd tarief van € 6,50 per m² en [eiseres] Projecten onweersproken heeft gesteld dat hem is gebleken dat in de branche een tarief van € 9,00 per m² reëler is voor deze opdracht.

3.5. De gevorderde voorziening zal worden toegewezen, met dien verstande dat geen voorschot van € 40.000,- maar een voorschot van € 30.000,- zal worden toegewezen.

3.6. Go4agri zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van het incident worden veroordeeld.

4. De beslissing

De rechtbank

in het incident

4.1. veroordeelt Go4agri voor de duur van het geding tot betaling aan [eiseres] Projecten van een voorschot van € 30.000,00 (dertig duizend euro),

4.2. verklaart deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad,

4.3. veroordeelt Go4agri in de kosten van het incident, aan de zijde van van Schie Projecten tot op heden begroot op € 452,00,

4.4. verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,

in de hoofdzaak

4.5. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 22 augustus 2012 voor het nemen van een akte door [eiseres] Projecten waarin hij zich uitlaat over de aangekondigde deskundigenrapportage en de aan de deskundige te stellen vragen,

4.6. houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.S.T. Belt en in het openbaar uitgesproken op 8 augustus 2012.