Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2012:BX1000

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
12-07-2012
Datum publicatie
12-07-2012
Zaaknummer
AWB 12/1170
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Parkeerbelasting. Extra koopavond vlak voor Sinterklaas. Niet kenbaar gemaakt ter plaatse via bord of digitale parkeermeter; wel vermeld op website gemeente en in huis-aan-huis bladen. Niet voldoende kenbaar dat parkeerbelasting was verschuldigd. Niet aannemelijk dat eiser uit de drukte die avond had kunnen afleiden dat het koopavond was. Naheffingsaanslag vernietigd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
V-N Vandaag 2012/1778
Belastingblad 2012/400
V-N 2012/45.21.7
FutD 2012-1911
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ARNHEM

Sector bestuursrecht, enkelvoudige belastingkamer

registratienummer: AWB 12/1170

uitspraak ingevolge artikel 8:77 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)

van 12 juli 2012

inzake

(De erven van) [X], tot april 2012 wonende te [Z], eiser,

tegen

de heffingsambtenaar van de gemeente Nijmegen, verweerder.

1. Ontstaan en loop van het geding

Verweerder heeft aan eiser op 2 december 2011 een naheffingsaanslag (aanslagnummer [000]) parkeerbelasting opgelegd, ten bedrage van € 54,15 (€ 2,15 parkeerbelasting en € 52 kosten naheffing).

Verweerder heeft bij uitspraak op bezwaar van 11 februari 2012 de naheffingsaanslag gehandhaafd.

Eiser heeft daartegen bij brief van 12 maart 2012, ontvangen door de rechtbank op 15 maart 2012, beroep ingesteld.

Verweerder heeft op 29 mei 2012 de op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd en een verweerschrift ingediend. In het verweerschrift is onder meer vermeld dat eiser op 27 april 2012 is overleden.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 28 juni 2012 te Arnhem. Eiser is door de griffier bij aangetekende brief, verzonden op 26 april 2012 op het adres [A-straat 1] te [Z], onder vermelding van plaats en tijdstip, uitgenodigd om op de zitting te verschijnen. Namens eiser is, zonder kennisgeving aan de rechtbank, niemand verschenen. Nu genoemde brief niet ter griffie is terugontvangen en uit informatie van Post NL is gebleken dat de brief op 4 mei 2012 is afgehaald op de afhaallocatie, is de rechtbank van oordeel dat de uitnodiging om op de zitting te verschijnen op juiste wijze, tijdig en aan het juiste adres is aangeboden. Namens verweerder is verschenen mr. [gemachtigde].

2. Feiten

Eiser heeft op vrijdagavond 2 december 2011 zijn auto met kenteken [00-AA-BB] in [Q] aan de [A-straat 2] geparkeerd.

Eiser heeft voor het parkeren geen parkeerbelasting voldaan, terwijl deze wel verschuldigd was. Daarom is aan eiser de onderhavige naheffingsaanslag opgelegd.

3. Geschil

In geschil is of de naheffingsaanslag parkeerbelasting terecht aan eiser is opgelegd. In het bijzonder is in geschil of het voor eiser voldoende kenbaar was dat er een extra koopavond was en dat daarom parkeerbelasting was verschuldigd.

4. Beoordeling van het geschil

Op verweerder rust de verplichting kenbaar te maken dat parkeerbelasting is verschuldigd voor het parkeren van een voertuig op een bepaalde plaats, een bepaalde dag en tijd en gedurende een maximale tijdsduur. Verweerder dient die verplichting op zodanige wijze in te vullen dat over de verschuldigdheid van parkeerbelasting voor dat parkeren redelijkerwijs geen misverstand kan bestaan.

Verweerder heeft gesteld dat de betreffende avond van 2 december 2011 een extra koopavond betrof in verband met Sinterklaas. Verweerder heeft voorts een print overgelegd van de website nijmegenonline.nl waarop de extra koopavond staat vermeld. Verweerder is van mening dat op eiser de verplichting rust om zich ervan te vergewissen of parkeerbelasting is verschuldigd en dat burgers worden geacht ervan op de hoogte te zijn dat er vlak vóór Sinterklaas extra koopzondagen en koopavonden zijn. Ter zitting heeft verweerder gesteld dat in het beginscherm van de parkeerautomaat staat vermeld dat voor extra koopavonden op publicaties moet worden gelet, dat het eiser had moeten opvallen dat het ter plaatse op die bewuste avond erg druk was en dat vanaf de plaats van parkeren te zien is dat er winkels open zijn.

Eiser heeft in het beroepschrift aangevoerd dat het voor hem niet kenbaar was dat sprake was van een extra koopavond. Volgens eiser heeft hij ter plaatse daarvan geen vermeldingen gezien. Ook op de display van de parkeerautomaat stond volgens hem niets aangegeven over een extra koopavond. Eiser heeft een foto overgelegd van een bord bij de parkeerautomaat waarop diverse koopzondagen staan vermeld. De koopavond op 2 december 2011 is daarop niet vermeld.

Verweerder heeft erkend dat ter plaatse niet te zien was op een bord of op de parkeerautomaat dat 2 december 2011 een extra koopavond was. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder met hetgeen is aangevoerd niet aannemelijk gemaakt dat het voor eiser voldoende kenbaar was dat parkeerbelasting was verschuldigd. Weliswaar rust op eiser de verplichting om zich ervan te vergewissen of hij voor het parkeren parkeerbelasting is verschuldigd en mag van hem worden verwacht dat hij ervan op de hoogte is dat er vlak vóór Sinterklaas extra koopavonden zijn, maar eiser heeft in dit kader gesteld dat hij ter plaatse wel degelijk heeft gekeken of hij parkeerbelasting moest voldoen. In de directe omgeving van de parkeerplaats stond echter geen extra koopavond vermeld. Integendeel, op een ter plaatse aangebracht bord stonden wel de koopzondagen vermeld maar niet de extra koopavonden. Dat eiser daaruit heeft afgeleid dat van een extra koopavond op 2 december 2011 geen sprake was, kan hem niet worden aangerekend. Ook de vermelding van de extra koopavond op de website is onvoldoende om te aan te nemen dat het voor eisers voldoende kenbaar was dat parkeerbelasting was verschuldigd. Dit moet naar het oordeel van de rechtbank namelijk ook ter plaatse worden kenbaar gemaakt. Dat in het beginscherm van de parkeerautomaat staat vermeld dat voor extra koopavonden op publicaties moet worden gelet, is daarom ook onvoldoende. Die publicaties ontbreken namelijk nu juist ter plaatse. Voorts is in het licht van eisers stellingen in het beroepschrift niet aannemelijk geworden dat het op die bewuste avond zodanig druk was dat eiser daaruit had moeten kunnen afleiden dat sprake was van een koopavond. De enkele stelling van verweerder daartoe is onvoldoende. Ook verweerders stelling dat eiser vanaf de plaats van parkeren heeft kunnen zien dat er winkels open waren, is zonder nadere onderbouwing – welke ontbreekt – onvoldoende om te kunnen aannemen dat eiser wist of had moeten weten dat sprake was van een koopavond. De naheffingsaanslag is daarom ten onrechte aan eiser opgelegd.

Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen dient het beroep gegrond te worden verklaard.

5. Proceskosten

De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling, omdat niet is gesteld of gebleken dat eiser kosten heeft gemaakt die op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor vergoeding in aanmerking komen.

6. Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt de uitspraak op bezwaar;

- vernietigt de naheffingsaanslag parkeerbelasting;

- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar;

- gelast dat verweerder het door eiser betaalde griffierecht van € 42 vergoedt.

Deze uitspraak is gedaan door mr. F.M. Smit, rechter, in tegenwoordigheid van mr. P.J.G. Tiemessen, griffier.

De griffier, De rechter,

Uitgesproken in het openbaar op: 12 juli 2012

Afschrift aangetekend verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Arnhem (belastingkamer), Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.

Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:

1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd;

2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:

a. de naam en het adres van de indiener;

b. een dagtekening;

c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;

d. de gronden van het hoger beroep.