Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2012:BW3216

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
04-04-2012
Datum publicatie
25-04-2012
Zaaknummer
05/900880-10
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2013:9800, Meerdere afhandelingswijzen
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Mensenhandel en verkrachting; 9 jaar gevangenisstraf

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ARNHEM

Sector strafrecht

Meervoudige kamer

Promis II

Parketnummer : 05/900880-10, 16/997012-08tul, 21/000568-09tul

Data zittingen : 17 mei 2011, 9 augustus 2011, 2 november 2011, 25 januari 2012, 20 en 21

maart 2012

Datum uitspraak : 4 april 2012

Tegenspraak

In de zaak van

de officier van justitie in het arrondissement Arnhem

tegen:

naam : [verdachte],

geboren op : [1963 in geboorteplaats],

thans gedetineerd in PI Arnhem - De Berg, Arnhem Noord, Wilhelminastraat 16

Arnhem.

Raadsman : mr. M.W.G.J. IJsseldijk, advocaat te Arnhem.

1. De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is, na een door de rechtbank toegewezen vordering wijziging tenlastelegging, tenlastegelegd dat:

1.

hij (op meerdere tijdstippen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2009

tot en met 9 september 2010 te Apeldoorn en/of te Wilp en/of te Stroe en/of te

Kootwijk en/of te Waalwijk en/of te Leusden en/of te Ermelo en/of te

Hoevelaken en/of te Amersfoort, in elk geval (telkens) in Nederland,

een ander, te weten, [slachtoffer 1],

(lid 1, onder 1°)

door dwang en/of geweld en/of één of meer (andere) feitelijkheden en/of door

dreiging met geweld en/of andere feitelijkheden en/of afpersing en/of

misleiding en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend

overwicht en/of door misbruik van de kwetsbare positie,

heeft geworven en/of vervoerd en/of overgebracht en/of gehuisvest en/of

opgenomen

met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 1],

en/of

(lid 1, onder 4°)

(telkens) met één of meerdere van de onder 1° van dit artikel genoemde

middelen, te weten door dwang en/of geweld en/of één of meer (andere)

feitelijkheden en/of door dreiging met geweld en/of andere feitelijkheden

en/of afpersing en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke

omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van de kwetsbare

positie

die [slachtoffer 1] heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het

verrichten van arbeid en/of diensten

en/of

de onder 1° van dit artikel genoemde omstandigheden enige handeling(en) heeft

ondernomen waarvan hij, verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat

die [slachtoffer 1] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van

arbeid en/of diensten,

en/of

(lid 1, onder 6°)

(telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer 1],

en/of

(lid 1, onder 9°)

(telkens) met één of meerdere van de onder 1° genoemde middelen, te weten

door dwang en/of geweld en/of één of meer (andere) feitelijkheden en/of door

dreiging met geweld en/of andere feitelijkheden en/of afpersing en/of

misleiding en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend

overwicht en/of door misbruik van de kwetsbare positie

die [slachtoffer 1] heeft bewogen hem, verdachte te bevoordelen uit de opbrengst van

haar seksuele handelingen met en/of voor een derde,

immers heeft verdachte (één of meermalen)

-die [slachtoffer 1] gedwongen seks met hem, verdachte, en/of met anderen te hebben

en/of

-(seks)advertenties op internet geplaatst en/of

-die [slachtoffer 1] naar parkeerplaatsen gebracht en/of als escort bij klanten

Gebracht en/of huisvesting voor die [slachtoffer 1] geregeld en/of die [slachtoffer 1] in een auto laten slapen en/of die [slachtoffer 1] opgenomen in (kraak)panden en/of

-die [slachtoffer 1] gedreigd haar vader en/of haar neefje neer te schieten en/of wat

aan te doen als ze niet mee zou werken en/of

-die [slachtoffer 1] gedreigd met de dood door een pistool tegen haar hoofd te houden

en/of in haar nabijheid tegen, althans in de richting van, een verkeersbord

geschoten en/of

-die [slachtoffer 1] meerdere malen mishandeld - onder meer - wanneer zij verdachte

aansprak op zijn gedrag en/of wanneer zij te weinig geld had verdiend en/of

-die [slachtoffer 1] de woorden toegevoegd: "Ik zit in de schulden, ik heb problemen,

jij moet geld voor mij verdienen." en/of "Als je iets nodig hebt, dan moet je

dat aan mij vragen." en/of

-gecontroleerd hoeveel klanten die [slachtoffer 1] had en hoeveel geld ze daarmee had

verdiend en/of betaalafspraken gemaakt met de klanten en/of

-het door [slachtoffer 1] verdiende geld ingenomen en/of beheerd en/of (deels)

aangewend voor zijn eigen gebruik en/of

-de werktijden van die [slachtoffer 1] als prostituee bepaald en/of

-meerdere condooms verstrekt aan die [slachtoffer 1] en/of

-één of meerdere auto-kentekens op naam van die [slachtoffer 1] gezet en/of een of

meerdere schuldeisers (onder meer nutsbedrijven en/of gemeentelijke

belastingen) op naam van die [slachtoffer 1] gezet en/of

-de mobiele telefoon en/of privé-contacten en/of privé-bezigheden van die [slachtoffer 1] gecontroleerd (teneinde haar privé-leven te kunnen beheersen) en/of die

[slachtoffer 1] de contacten met haar vrienden en/of familie laten verbreken en/of

-die [slachtoffer 1] opdracht gegeven illegaal vuurwerk te smokkelen en/of

-die [slachtoffer 1] gedwongen een tatoeage en/of een tongpiercing te nemen;

art 273f lid 1 ahf/sub 9 Wetboek van Strafrecht

art 273f lid 1 ahf/sub 6 Wetboek van Strafrecht

art 273f lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht

2.

hij op één of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 5 januari

2010 tot en met 7 juli 2010 te Kootwijk en/of Hoevelaken, althans in Nederland

(telkens) door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met

geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot

het ondergaan van (een) handeling(en) die (telkens) bestond(en) uit of mede

bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1],

hebbende verdachte (telkens)

- zijn penis in de vagina en/of de mond en/of de anus van die [slachtoffer 1]

gebracht en/of geduwd en/of bewogen

en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging

met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) hierin dat verdachte (telkens)

meerdere malen, althans eenmaal,

-die [slachtoffer 1] aan haar armen heeft meegesleurd en/of getrokken en/of

-tegen het lichaam en/of het hoofd heeft geslagen en/of gestompt en/of

-die [slachtoffer 1] met zijn armen en/of benen in bedwang heeft gehouden en/of

-met kracht in haar kaak geknepen

en/of (aldus) (telkens) voor die [slachtoffer 1] een bedreigende situatie heeft doen

ontstaan;

3.

hij (op meerdere tijdstippen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2010

tot en met 7 juli 2010 te Almere en/of te Terschuur en/of Barneveld en/of

Amersfoort en/of te Apeldoorn en/of te Waalwijk en/of te Stroe, in elk geval

(telkens) in Nederland

een ander, te weten, [slachtoffer 3],

(lid 1, onder 1°)

door dwang en/of geweld en/of één of meer (andere) feitelijkheden en/of door

dreiging met geweld en/of andere feitelijkheden en/of afpersing en/of

misleiding en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend

overwicht en/of door misbruik van de kwetsbare positie,

heeft geworven en/of vervoerd en/of overgebracht en/of gehuisvest en/of

opgenomen

met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 3],

en/of

(lid 1, onder 4°)

(telkens) met één of meerdere van de onder 1° van dit artikel genoemde

middelen, te weten door dwang en/of geweld en/of één of meer (andere)

feitelijkheden en/of door dreiging met geweld en/of andere feitelijkheden

en/of afpersing en/of misleiding en/of door misbruik van uit feitelijke

omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van de kwetsbare

positie

die [slachtoffer 3] heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot

het verrichten van arbeid en/of diensten

en/of

de onder 1° van dit artikel genoemde omstandigheden enige handeling(en) heeft

ondernomen waarvan hij, verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat

die [slachtoffer 3] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van

arbeid en/of diensten,

en/of

(lid 1, onder 6°)

(telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting

van die [slachtoffer 3],

en/of

(lid 1, onder 9°)

(telkens) met één of meerdere van de onder 1° genoemde middelen, te weten

door dwang en/of geweld en/of één of meer (andere) feitelijkheden en/of door

dreiging met geweld en/of andere feitelijkheden en/of afpersing en/of

misleiding en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend

overwicht en/of door misbruik van de kwetsbare positie

die [slachtoffer 3] heeft bewogen hem, verdachte te bevoordelen uit de opbrengst

van haar seksuele handelingen met en/of voor een derde,

immers heeft verdachte (één of meermalen)

-terwijl die [slachtoffer 3] een verstandelijke beperking heeft en/of

-die [slachtoffer 3] opdracht gegeven tegen klanten te zeggen dat ze 16 jaar is en/of

-tegen die [slachtoffer 3] gezegd dat hij, verdachte, haar moeder of

[getuige 9] iets aan zou doen, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking en/of

-(seks)foto's en/of (seks)filmpjes van die [slachtoffer 3] gemaakt en/of op

internet gezet en/of

-aan die [slachtoffer 3] geld geleend en/of gezegd dat hij er wel iets voor terug

wilde en/of

-die [slachtoffer 3] gedwongen seks met hem, verdachte, en/of met anderen te hebben

en/of

-die [slachtoffer 3] naar klanten gebracht en/of

-gecontroleerd hoeveel klanten die [slachtoffer 3] had en hoeveel geld ze daarmee

had verdiend en/of

-het door [slachtoffer 3] verdiende geld ingenomen en/of beheerd en/of (deels)

aangewend voor zijn eigen gebruik en/of

-gedreigd die [slachtoffer 3] en/of haar familie iets aan te zullen doen en/of

gezegd dat hij, verdachte, vrienden met pistolen had en/of dat hij haar dood

zou maken;

art 273f lid 1 ahf/sub 9 Wetboek van Strafrecht

art 273f lid 1 ahf/sub 6 Wetboek van Strafrecht

art 273f lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht

4.

hij op één of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari

2010 tot en met 7 juli 2010 te Almere en/of te Terschuur en/of Barneveld en/of

Amersfoort en/of te Apeldoorn en/of te Waalwijk en/of te Stroe, in elk geval

(telkens) in Nederland

(telkens) door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met

geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 3] heeft gedwongen tot

het ondergaan van (een) handeling(en) die (telkens) bestond(en) uit of mede

bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3],

hebbende verdachte (telkens)

- zijn penis in de vagina van die [slachtoffer 3] gebracht en/of geduwd en/of

bewogen

en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging

met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en)

hierin dat verdachte (telkens) meerdere malen, althans eenmaal,

-de benen en/of de knieën van die [slachtoffer 3] uit elkaar heeft geduwd en/of

haar armen in bedwang gehouden en/of

-tegen die [slachtoffer 3] heeft gezegd dat ze alleen vrienden konden zijn als ze

ook seks hadden en/of tegen die [slachtoffer 3] gezegd dat hij haar standjes moest

leren voor de klanten en/of

-misbruik heeft gemaakt van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend

overwicht,

en/of (aldus) (telkens) voor die [slachtoffer 3] een bedreigende situatie heeft

doen ontstaan;

5.

hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 augustus

2009 tot en met 30 november 2009 te Putten, in elk geval (telkens) in

Nederland,

een ander, te weten, [slachtoffer 2],

(lid 1, onder 1°)

door dwang en/of geweld en/of één of meer (andere) feitelijkheden en/of door

dreiging met geweld en/of andere feitelijkheden en/of afpersing en/of

misleiding en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend

overwicht en/of door misbruik van de kwetsbare positie,

heeft geworven en/of vervoerd en/of overgebracht en/of gehuisvest en/of

opgenomen

met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 2],

en/of

(lid 1, onder 4°)

(telkens) met één of meerdere van de onder 1° van dit artikel genoemde

middelen, te weten door dwang en/of geweld en/of één of meer (andere)

feitelijkheden en/of door dreiging met geweld en/of andere feitelijkheden

en/of afpersing en/of misleiding en/of door misbruik van uit feitelijke

omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van de kwetsbare

positie

die [slachtoffer 2] heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het

verrichten van arbeid en/of diensten

en/of

de onder 1° van dit artikel genoemde omstandigheden enige handeling(en) heeft

ondernomen waarvan hij, verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat

die [slachtoffer 2] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van arbeid

en/of diensten,

immers heeft/is hij verdachte,

-die [slachtoffer 2] voorgehouden dat hij een schoonmaakster zocht en/of die [slachtoffer 2]

Voorgehouden dat hij haar aan werk kan helpen en/of

-die [slachtoffer 2] met kracht tegen haar lichaam geduwd en/of

-de borsten van die [slachtoffer 2] aangeraakt en/of met zijn vingers haar (ontblote)

geslachtsdelen betast en/of

-boven op die [slachtoffer 2] gaan zitten en/of

-met kracht haar broek opengetrokken en/of haar broek en/of onderbroek omlaag

getrokken en/of

-meerdere malen, althans eenmaal, tegen die [slachtoffer 2] gezegd dat hij haar wel in

de prostitutie wilde hebben en/of

-tegen die [slachtoffer 2] gezegd "Als je werk wil hebben, dan weet ik wel iets beters,

waarmee je grof geld kan verdienen." en/of

"[slachtoffer 1] verdient wel eens 4.000 euro op één avond." en/of

"Het werk is aan de snelweg in vrachtwagens, veelal 's nachts en 's avonds."

en/of

"Je kan er veel geld mee verdienen." en/of

"Ik heb wel 20 tot 25 meisjes voor me werken in de prostitutie.";

art 273f lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht

althans, indien het vorenstaande onder 5 niet tot een veroordeling leidt:

hij op één of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 augustus

2009 tot en met 30 november 2009 te Putten, in elk geval (telkens) in

Nederland,

door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of

(een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het plegen

en/of dulden van een of meer ontuchtige handeling(en), bestaande uit

-het betasten en/of aanraken van de borsten en/of het betasten van de

(ontblote) vagina van die [slachtoffer 2]

en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging

met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) uit

-met kracht tegen het lichaam van die [slachtoffer 2] duwen en/of

-boven op die [slachtoffer 2] gaan zitten en/of

-met kracht haar broek opentrekken en/of haar broek en/of onderbroek omlaag

trekken en/of

-het onverhoeds betasten en/of aanraken van die [slachtoffer 2] en/of

-meerdere malen, althans eenmaal, tegen die [slachtoffer 2] gezegd dat hij haar wel in

de prostitutie wilde hebben;

6.

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 december 2009

tot en met 26 april 2010 te Putten en/of Amersfoort en/of Hoevelaken, althans

in Nederland,

een ander, te weten, [slachtoffer 4] (geboren [1992])

(lid 1, onder 2°)

heeft geworven en/of vervoerd en/of gehuisvest en/of opgenomen

met het oogmerk van uitbuiting,

terwijl die [slachtoffer 4] de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt,

en/of

(lid 1, onder sub 5°)

(telkens) die [slachtoffer 4] ertoe heeft gebracht zich beschikbaar te stellen tot het

verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling

danwel ten aanzien van die [slachtoffer 4] enige handeling(en) heeft ondernomen

waarvan hij, verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die [slachtoffer 4]

zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van seksuele handelingen,

immers heeft verdachte, meerdere malen, althans eenmaal,

-die [slachtoffer 4] meegenomen naar een seksshow en/of voorgesteld dat zij haar

kleding uitdeed en/of

-die [slachtoffer 4] gedwongen seks met hem, verdachte te hebben en/of die [slachtoffer 4]

gedwongen tot andere seksuele handelingen met hem, verdachte, en/of met [slachtoffer 1]

[slachtoffer 1] en/of

-die [slachtoffer 4] stevig bij haar pols en/of arm gepakt en/of gevraagd mee te doen

met het verrichten van seksuele handelingen en/of

-aan die [slachtoffer 4] voorgesteld dat zij, omdat zij zo jong was, hij voor haar

wel 200 euro of 250 euro per uur kon vragen en/of

-aan die [slachtoffer 4] een manspersoon aangewezen en/of daarbij gezegd dat hij een

klant was van [slachtoffer 1] en/of dat deze man gek was op jonge meisjes en/of aan die

[slachtoffer 4] voorgesteld dat zij die man als klant zou nemen en/of dat hij dan een

nog hoger bedrag kon vragen dan voor [slachtoffer 1] en/of

-tegen die [slachtoffer 4] gezegd dat zij veel geld kon verdienen met de prostitutie

en/of

-gevraagd aan die [slachtoffer 4] of ze er nog over na had gedacht en/of dat [slachtoffer 1]

een nieuwe klant had en zij die ook wel had kunnen doen en/of

-gezegd dat hij iedereen die hem in de steek liet binnen een week weer

gevonden had;

art 273f lid 1 ahf/sub 2° Wetboek van Strafrecht

art 273f lid 1 ahf/sub 5° Wetboek van Strafrecht

en/of

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 27 april 2010

tot en met 31 augustus 2010 te Putten en/of Amersfoort en/of Hoevelaken,

althans in Nederland,

een ander, te weten, [slachtoffer 4]

(lid 1, onder 1°)

door dwang en/of geweld en/of één of meer (andere) feitelijkheden en/of door

dreiging met geweld en/of andere feitelijkheden en/of afpersing en/of

misleiding en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend

overwicht en/of door misbruik van de kwetsbare positie,

heeft geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest en/of opgenomen

met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 4],

en/of

(lid 1, onder 4°)

(telkens) met één of meerdere van de onder 1° van dit artikel genoemde

middelen, te weten door dwang en/of geweld en/of één of meer (andere)

feitelijkheden en/of door dreiging met geweld en/of andere feitelijkheden

en/of afpersing en/of misleiding en/of door misbruik van uit feitelijke

omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van de kwetsbare

positie

die [slachtoffer 4] heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het

verrichten van arbeid en/of diensten

en/of

de onder 1° van dit artikel genoemde omstandigheden enige handeling(en) heeft

ondernomen waarvan hij, verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat

die [slachtoffer 4] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van

arbeid en/of diensten,

immers heeft verdachte, meerdere malen, althans eenmaal,

-die [slachtoffer 4] veel drank gegeven en/of

-die [slachtoffer 4] gedwongen seks met hem, verdachte te hebben en/of die [slachtoffer 4]

gedwongen tot andere seksuele handelingen met hem, verdachte en/of

-die [slachtoffer 4] stevig bij haar pols en/of arm gepakt en/of gevraagd mee te doen

met het verrichten van seksuele handelingen en/of

-aan die [slachtoffer 4] voorgesteld dat zij, omdat zij zo jong was, hij voor haar

wel 200 euro of 250 euro per uur kon vragen en/of

-aan die [slachtoffer 4] een manspersoon aangewezen en/of daarbij gezegd dat hij een

klant was van [slachtoffer 1] en/of dat deze man gek was op jonge meisjes en/of aan die

[slachtoffer 4] voorgesteld dat zij die man als klant zou nemen en/of dat hij dan een

nog hoger bedrag kon vragen dan voor [slachtoffer 1] en/of

-tegen die [slachtoffer 4] gezegd dat zij veel geld kon verdienen met de prostitutie

en/of

-gevraagd aan die [slachtoffer 4] of ze er nog over na had gedacht en/of dat [slachtoffer 1]

een nieuwe klant had en zij die ook wel had kunnen doen en/of

-gezegd dat hij iedereen die hem in de steek liet binnen een week weer

gevonden had;

art 273f lid 1 ahf/sub 1° Wetboek van Strafrecht

art 273f lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht

7.

hij (op meerdere tijdstippen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2009

tot en met 9 september 2010 te Apeldoorn en/of te Wilp en/of te Stroe en/of

te Kootwijk en/of te Waalwijk en/of te Leusden en/of te Ermelo en/of Almere

en/of te Terschuur en/of Barneveld en/of Amersfoort, in elk geval (telkens) in

Nederland,

(telkens) van een voorwerp, te weten grote hoeveelheden chartaal geld, de

werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de

verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld, althans heeft verborgen en/of

verhuld wie de rechthebbende op een voorwerp, te weten voornoemde grote

hoeveelheden chartaal geld, was of wie bovenomschreven voorwerp, te weten

voornoemde grote hoeveelheden chartaal geld, voorhanden had, terwijl hij,

verdachte wist, althans redelijkerwijs had(moeten vermoeden dat dat voorwerp -

onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit het misdrijf en/of

(telkens) een voorwerp, te weten grote hoeveelheden chartaal geld, heeft

verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of omgezet, althans

van een voorwerp, te weten voornoemde grote hoeveelheden chartaal geld,

gebruik heeft gemaakt, terwijl hij, verdachte wist, althans rederlijkerwijs

had moeten vermoeden dat voornoemde grote hoeveelheden chartaal geld -

onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

immers heeft verdachte (met voornoemde wetenschap)

-(telkens) grote geldbedragen en/of goederen verworven en/of omgezet en/of

vervoerd en/of afgeleverd en/of voorhanden gehad

art 420bis lid 1 sub b Wetboek van Strafrecht

art 420quater lid 1 sub a Wetboek van Strafrecht

art 420quater lid 1 sub b Wetboek van Strafrecht

8.

hij op of omstreeks 29 januari 2011 te Amersfoort, tezamen en in vereniging

met een ander of anderen, althans alleen,

een (vuur)wapen van categorie III, te weten een pistool FN-Herstal, type

Model 1906, kaliber 6.35, voorhanden heeft gehad;

De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover

daaraan in de Wet wapens en munitie betekenis is gegeven, geacht in dezelfde

betekenis te zijn gebezigd;

1a. De geldigheid van de dagvaarding

De geldigheid van de dagvaarding.

De raadman heeft betoogd dat de dagvaarding ter zake van feit 7 nietig moet worden verklaard omdat deze te vaag zou zijn. Materieel voert hij op dit punt aan dat de begrippen 'grote geldbedragen' en 'goederen' vaag en niet geconcretiseerd zijn en dat ten slotte de feitelijke uitwerking niet meer is dan een herhaling van de delictsomschrijving.

De rechtbank overweegt hiertoe dat het begrip "grote geldbedragen" kennelijk moet worden beschouwd als een optelling van de (op zich per keer geringere) opbrengsten van seksuele handelingen en kontakten van [slachtoffer 1], [slachtoffer 3] en (mogelijke) anderen met derden en dat het begrip 'goederen' kennelijk betrekking heeft op de met deze geldbedragen verworven goederen.

Dat de feitelijke uitwerking in de tenlastelegging van het witwassen (mede) is vorm gegeven door de zinsnede:

"immers heeft verdachte (met voornoemde wetenschap)

-(telkens) grote geldbedragen en goederen verworven en/of omgezet en/of

vervoerd en/of afgeleverd en/of voorhanden gehad",

maakt niet dat de tenlastelegging onder 7 niet voldoende feitelijk van aard zou zijn.

De rechtbank neemt hierbij nog in aanmerking dat de officier van justitie in de tenlastelegging ook heeft opgenomen dat verdachte dat geld zou hebben overgedragen, hetgeen in de context van het verweten gedrag niet anders kan worden uitgelegd en begrepen dan als "uitgeven" van dat geld.

Van nietigheid van de dagvaarding ter zake van feit 7 is naar het oordeel van de rechtbank dan ook geen sprake.

1b. De vordering na voorwaardelijke veroordeling

Bij de stukken bevinden zich twee vorderingen na voorwaardelijke veroordeling (parketnummers 16/997012-08 en 21/000568-09).

2. Het onderzoek ter terechtzitting

De zaak is laatstelijk op 20 en 21 maart 2012 ter terechtzitting onderzocht. Daarbij is verdachte verschenen. Verdachte is bijgestaan door mr. M.W.G.J. IJsseldijk, advocaat te Arnhem.

Als benadeelde partijen hebben zich schriftelijk in het geding gevoegd :

* [slachtoffer 1], tevens ter terechtzitting verschenen,

* [slachtoffer 3].

De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het onder 2 tenlastegelegde zal worden vrijgesproken en terzake van het onder 1 en 3 tot en met 8 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaren met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht.

Voorts heeft de officier van justitie gevorderd dat de onder verdachte inbeslaggenomen goederen vermeld onder nrs. 4, 21, 25, 27, 36, 39, 40 en 41 als genoemd in de aan dit vonnis aangehechte lijst van inbeslaggenomen goederen verbeurd worden verklaard en de inbeslaggenomen goederen vermeld onder nrs. 5, 8 en 9 als genoemd in de aan dit vonnis aangehechte lijst van inbeslaggenomen goederen worden onttrokken aan het verkeer. Voorts heeft de officier van justitie gevorderd dat de onder verdachte inbeslaggenomen goederen vermeld onder nrs. 32, 35 en 37 als genoemd in de aan dit vonnis aangehechte lijst van inbeslaggenomen goederen teruggegeven zullen worden aan verdachte en de inbeslaggenomen agenda teruggegeven zal worden aan mevrouw [naam 8].

Ten aanzien van de vordering na voorwaardelijke veroordeling onder parketnummer 16/997012-08 heeft de officier van justitie gevorderd de tenuitvoerlegging van 2 maanden gevangenisstraf die door de economische politierechter te Arnhem op 23 november 2009 voorwaardelijk is opgelegd.

Ten aanzien van de vordering na voorwaardelijke veroordeling onder parketnummer 21/000568-09 heeft de officier van justitie gevorderd de tenuitvoerlegging van 9 maanden gevangenisstraf die door het hof Arnhem op 1 juni 2010 voorwaardelijk is opgelegd.

De officier van justitie heeft voorts verzocht dat de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] tot een bedrag van € 45.404,- wordt toegewezen en heeft gevorderd dat er een schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd tot dit bedrag, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 262 dagen hechtenis. Voor het overige heeft de officier van justitie verzocht dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk zal worden verklaard in de vordering.

De officier van justitie heeft voorts verzocht dat de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3] tot een bedrag van € 17.927,- wordt toegewezen en heeft gevorderd dat er een schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd tot dit bedrag, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 124 dagen hechtenis. Voor het overige heeft de officier van justitie verzocht dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk zal worden verklaard in de vordering.

Verdachte en zijn raadsman hebben het woord ter verdediging gevoerd.

3. De beslissing inzake het bewijs1

Feit 1

De feiten

Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.

In januari 2009 heeft verdachte het telefoonnummer van [slachtoffer 1] gekregen van ene [naam 2] die hem had gezegd dat hij een meisje (zijnde [slachtoffer 1]) had dat aan escortservice deed die hij wel naar verdachte toe kon sturen.2 Verdachte heeft [slachtoffer 1] toen gebeld en haar gevraagd of ze mee wilde naar de parenclub De Wilphof. Verdachte en [slachtoffer 1] zijn toen naar die parenclub geweest. Die avond hebben zij seks gehad waar verdachte niet voor betaald heeft.3 Verdachte en [slachtoffer 1] kregen een seksuele relatie met elkaar.4 Verdachte was toen 45 jaar oud.5 Op dat moment was [slachtoffer 1] 20 jaar oud.6 Verdachte wist dit.7 Op 7 juni 2010 is de relatie geëindigd.8 In de periode van hun relatie werkte [slachtoffer 1] in Nederland in de prostitutie, onder andere op parkeerplaatsen, en als escort..9 Tot juni 2009 woonde [slachtoffer 1] nog bij haar ouders in [woonplaats].10 Daarna mocht zij van verdachte in een caravan in [ woonplaats] wonen.11 In het najaar van 2009 hebben verdachte en [slachtoffer 1] een tijdje in een kraakpand in [ woonplaats] gewoond.12 Daarna hebben ze een tijd in een auto geslapen13, vervolgens een lang weekend in een gekraakt huisje in [woonplaats] en daarna, tot aan 7 juni 2010, hebben ze in [woonplaats] in een gekraakt huisje gewoond.14 Op internetsites zijn seksadvertenties van/voor [slachtoffer 1], al dan niet samen met verdachte, geplaatst.15 Eén van die advertenties is door verdachte gezet.16 Op één van de sites heeft verdachte op 16 november 2009 geplaatst dat [slachtoffer 1] en [naam 1] die avond op Vaerland staan voor parkeerplaatssex.17

Verdachte heeft meerdere keren condooms verstrekt aan [slachtoffer 1] en haar naar de plaatsen gebracht waar zij de prostitutie uitoefende.18

Verdachte kon over het prostitutiegeld van [slachtoffer 1] beschikken.19

In het dossier bevinden zich verschillende weergaven van opgenomen telefoongesprekken die door verdachte over de periode van 2 november 2009 tot en met 18 december 2009 gevoerd zijn, onder andere met [slachtoffer 1].20 Verdachte belt [slachtoffer 1] in die periode meerdere keren per dag om te vragen hoeveel klanten zij heeft gehad en hoeveel ze daarmee heeft verdiend.21

[slachtoffer 1] heeft in de zomer van 2009 in het bijzijn van verdachte verteld dat zij niet van haar lichaam hield. Verdachte wist ook dat [slachtoffer 1] al bij de hulpverlening was geweest.22

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen.

Verdachte heeft [slachtoffer 1] door middel van dwang, feitelijkheid, geweld, dreiging met geweld en misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht geworven, gehuisvest, opgenomen en vervoerd met het oogmerk van uitbuiting door diensten, seks met verdachte, werken in de prostitutie en afdragen van geld. Voor zover [slachtoffer 1] vrijwillig begon met de seks met anderen, is de druk bij haar opgevoerd, zodat zij geen weerstand kon bieden aan de verzoeken tot seks met verdachte, prostitutie en de afdracht van verdiend geld.

De officier van justitie gaat uit van de periode van januari 2009 tot en met 7 juni 2010.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman van verdachte heeft het verweer gevoerd dat verdachte van het tenlastegelegde dient te worden vrijgesproken nu er sprake is van onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.

Daartoe heeft hij het volgende betoogd.

Niet bewezen kan worden dat sprake is geweest van enig dwangmiddel. [slachtoffer 1] werkte (ook voordat zij verdachte leerde kennen) uit vrije wil als prostituee.

[slachtoffer 1] heeft bij de politie, bij de rechter-commissaris en ook tegenover de rechtbank op 20 maart 2012, gelogen. Haar verklaringen zijn derhalve onbetrouwbaar en ongeloofwaardig en moeten worden uitgesloten van het bewijs.

Ten aanzien van de tenlastegelegde periode dient vrijspraak te volgen voor de periode van 1 januari 2009 tot 15 juni 2009 nu [slachtoffer 1] heeft verklaard dat de eerste 3 maanden van haar relatie met verdachte, de seks met hem en anderen vrijwillig plaatsvond en de omslag plaatsvond op het moment van inbeslagname van de Scudo, die plaatsvond op 15 juni 2009.

Ten aanzien van de tenlastegelegde feitelijke handelingen zoals vermeld onder de gedachtestreepjes heeft de raadsman, kort gezegd, betoogd dat zich in het dossier, naast de verklaring van [slachtoffer 1], geen (objectief) bewijs bevindt dat die verklaring ondersteunt, danwel is de handeling niet redengevend voor een bewijs van mensenhandel.

De beoordeling door de rechtbank

Verklaring [slachtoffer 1]

Daar waar de rechtbank delen van de verklaring van [slachtoffer 1] voor het bewijs gebruikt, acht de rechtbank die verklaring betrouwbaar, nu de verklaring van [slachtoffer 1] op de kernonderdelen voldoende ondersteuning vindt in overig bewijsmateriaal.

Dat [slachtoffer 1] ter terechtzitting, in tegenstelling tot hetgeen zij hierover bij de politie heeft verklaard, heeft verklaard dat zij nooit verliefd is geweest op verdachte en dat al vlak na hun eerste ontmoeting sprake was van een bedreiging, maakt haar eerdere verklaringen niet zonder meer ongeloofwaardig, omdat dat standpunt, die verklaring, ook een gevolg kan zijn van een ontwikkeling die zij zelf inmiddels heeft doorgemaakt. De rechtbank schat in dat dit hier het geval is. .

Ter terechtzitting heeft [slachtoffer 1] verklaard dat zij blijft bij haar verklaring die zij bij de politie heeft afgelegd, waar zij heeft gezegd dat er in het begin sprake was van een normale relatie met verdachte waarin zij niet in de prostitutie hoefde te werken en waarbij na drie maanden sprake was van een omslagpunt. De rechtbank gaat op dit punt uit van de verklaring die [slachtoffer 1] bij de politie heeft afgelegd.

Feitelijke handelingen

die [slachtoffer 1] gedwongen seks met hem, verdachte, en/of met anderen te hebben

[slachtoffer 1] heeft hierover het volgende verklaard. Nadat ik [verdachte] leerde kennen was er de eerste drie maanden sprake van een normale relatie. Het omslagpunt kwam op het moment dat de auto van [verdachte], de Volkswagen Caddy, in beslag werd genomen. [verdachte] heeft toen gezegd dat, omdat hij schulden had, ik voor hem in de prostitutie moest gaan werken.23

Bij de politie heeft [slachtoffer 1] over haar eerste werkdag in de prostitutie verklaard: We zijn naar de parkeerplaats in Waalwijk gegaan waar een man aan [verdachte] vroeg of ik aan het werk was. [verdachte] zei: als je nu niet gaat werken doe ik je vader wat aan of je neefje. Als je het niet doet, schiet ik je neefje overhoop en schiet ik je vader door zijn knie. [verdachte] had geld nodig en ik moest dat geld voor hem bij elkaar verdienen. Ik ben toen met die man meegegaan omdat ik heel bang was voor [verdachte]. Daarna zei [verdachte] dat ik er nog minstens drie of vijf moest doen.24 [verdachte] heeft mij ook een keer een pistool op mijn hoofd gezet. Ik heb [verdachte] wel aangesproken op zijn gedrag maar dan werd hij heel agressief en ging hij mij slaan. [verdachte] zei dat hij mijn vader wat aan zou doen. In de periode dat ik nog thuis woonde heeft [verdachte] mij één of twee keer geslagen. In de periode daarna gebeurde het vaker. [verdachte] bepaalde alles voor me. Als ik niet naar hem luisterde kreeg ik allerlei bedreigingen naar mijn hoofd geslingerd.25 Tegen klanten en de politie zei ik, als er naar gevraagd werd, dat ik het werk vrijwillig deed, dat moest ik namelijk van [verdachte] zeggen.26 Ook in de periode van 5 januari 2010 tot 7 juni 2010 moest ik voor [verdachte] werken en seks hebben met anderen. Het was een periode van gevoel uitschakelen en gewoon over je heen laten komen. Ik keek vanaf een afstandje naar mezelf.27 Na de eerste drie maanden moest ik seks hebben met andere mannen terwijl ik dat niet wilde. [verdachte] uitte de bedreigingen om mij aan het werk te krijgen. Toen dacht ik ook dat [verdachte] zijn dreigementen uit zou voeren als ik niet deed wat hij zei. Ik was bang voor hem. Hij ging door met de bedreigingen. De blik in zijn ogen wekte bij mij heel veel angst op.28 In het begin was er overleg over partnerruil, maar later moest ik het van [verdachte] of ik wilde of niet. Deed of wilde ik het niet dan werd ik weer geslagen.29 Ik ben één keer weggegaan, omdat ik het zat was. Ik zei dat ik geen zin meer had en ben even later daar weggegaan. Ik kwam toen thuis zonder geld. [verdachte] werd heel boos en heeft me toen weer in mijn gezicht geslagen. Een volgende keer laat je het dan wel om weg te gaan.30

Voorts heeft [slachtoffer 1] verklaard dat zij vóór april 2010 vijf á tien keer gedwongen is tot seks met verdachte en daarna gebeurde dit meerdere keren per week. Hij sloeg haar dan.31 [slachtoffer 1] heeft ook aan getuige [getuige 5] verteld dat zij onder dwang seks had met verdachte.32

Ter terechtzitting van 20 maart 2012 heeft [slachtoffer 1] tevens nog verklaard: in de periode dat ik met [verdachte] was, moest ik van [verdachte] seks hebben met anderen. [verdachte] had mij in zijn macht. Ik was bang voor hem en deed alles wat hij zei. Als ik overdag niet aardig deed tegen [verdachte], dan kon hij 's avonds heel agressief doen en mij slaan. Daarom probeerde ik heel lief te zijn. Ook omdat [verdachte] mij had bedreigd met een vuurwapen deed ik, uit pure angst voor hem, alles wat hij zei. Ook werd ik door [verdachte] geslagen. Uit pure angst voor [verdachte] had ik zowel betaalde als onbetaalde seks met anderen. Ik heb een hele tijd buiten mijn lichaam geleefd. Dan kon ik doen alsof alles koek en ei was en bekeek ik alles van een afstandje.

Getuige [getuige 1] heeft bij de politie het volgende verklaard. Ik heb van [verdachte] gehoord op Vaarland bij Waalwijk stond [slachtoffer 1] wel alleen omdat ze daar van [verdachte] naar toe moest en daar klanten moest trekken. [verdachte] vertelde dat hij drie meisjes voor zich had werken in de prostitutie. [verdachte] was behoorlijk dominant. Dat wat hij zei moest gebeuren. [verdachte] vertelde wel eens dat [slachtoffer 1] tegen hem zat te zeiken en dat hij haar een 9mm op de hasses had gezet en dat [slachtoffer 1] toen van haar af had gezeken.33 [verdachte] vertelde ook dat als hij naar huis naar [slachtoffer 1] belde en haar sommeerde om naar hem toe te komen zij ook gelijk kwam. Op een gegeven moment had [verdachte] seks met [slachtoffer 1] in hun auto. Zij stapt uit en dan rijdt hij met de auto naar voren en dan moest [slachtoffer 1] in haar nakie op het midden van de weg naar hem toe lopen terwijl het stervenskoud was. Ik heb dit gezien en [verdachte] gezegd dat ik het niet normaal vond. [verdachte] zei dan: Luisteren moet ze. [verdachte] kwam ook wel eens met mensen vanuit de Wilphof naar de parkeerplaats. [slachtoffer 1] moest het dan met een vent doen. [slachtoffer 1] had toen gewoon pijn, maar [verdachte] had het naar zijn zin. [slachtoffer 1] riep toen gewoon 'auw', terwijl ze seks had. [verdachte] maakte dit echter niet uit, hij had het naar zijn zin. Ik heb dit voorval zelf gezien.34 [slachtoffer 1] deed alles wat [verdachte] zei en was net een robot.35

In een telefoongesprek van 3 december 2009 zegt [slachtoffer 1] tegen verdachte: 'ik heb gewerkt voor je. Ik heb mijn lichaam gewoon aan iedereen gegeven dat weet je, voor jou'(...) Verdachte zegt: 'maar dat vond je toch ook lekker of niet'. [slachtoffer 1]: 'ik heb er nooit van genoten. Nooit van het werk echt nooit. Ik deed het voor jou'. Verdachte: 'ja dat weet ik ook wel..dat was ook.. was lekker geil wat je voor mij deed'.36

Bovenstaande verklaring van [slachtoffer 1] over het onder dwang seks hebben met anderen vindt ondersteuning in de hiervoor genoemde bewijsmiddelen. De rechtbank acht derhalve bewezen dat verdachte [slachtoffer 1] gedwongen heeft seks met anderen te hebben.

Ten aanzien van het onder dwang seks hebben met verdachte, staat de verklaring van [slachtoffer 1] op zichzelf. De rechtbank acht haar verklaring echter betrouwbaar, nu deze consistent is en mede gelet op hetgeen de rechtbank hiervoor omtrent de betrouwbaarheid van haar verklaring heeft overwogen. Dat verdachte haar mishandelde volgt voorts uit hetgeen de rechtbank hierna onder het kopje die [slachtoffer 1] meerdere malen mishandeld - onder meer - wanneer zij verdachte

aansprak op zijn gedrag en/of wanneer zij te weinig geld had verdiend heeft opgenomen.

(seks)advertenties op internet geplaatst

[slachtoffer 1] heeft zowel bij de politie37 als ter terechtzitting van 20 maart 2012 verklaard dat verdachte seksadvertenties op internet heeft geplaatst.

Verdachte heeft ter terechtzitting bevestigd dat hij een seksadvertentie over [slachtoffer 1] op een internetsite heeft geplaatst.38

In een telefoongesprek van 5 november 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1]:'als je hem hebt afgewerkt, ga je naar Doorn toe, dat boeketje wegbrengen (...) en dan ga je weer op die parkeerplaats staan (...) in de tussentijd heb ik waarschijnlijk wel weer wat op internet staan'.39

[getuige 2] heeft verklaard dat hij verdachte wel eens heeft gehoord over adverteren. Dat hij een advertentie had gezet of meiden wilden werken.40

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank bewezen dat verdachte seksadvertenties op internet heeft geplaatst.

die [slachtoffer 1] naar parkeerplaatsen gebracht en/of als escort bij klanten

gebracht en/of huisvesting voor die [slachtoffer 1] geregeld en/of die [slachtoffer 1] in een auto laten slapen en/of die [slachtoffer 1] opgenomen in (kraak)panden

[slachtoffer 1] heeft hierover verklaard dat, na de eerste keer dat zij als prostituee gewerkt had, verdachte haar altijd op kwam halen en dan reden ze naar Waalwijk naar de parkeerplaats waar zij verschillende klanten had.41 In juni 2009 ging zij samen met [verdachte] in een caravan in [ woonplaats] wonen. In het najaar van 2009 besloot verdachte samen met haar een kraakpand te betrekken aan de [adres]. Verdachte had dit pand gevonden en wilde dat [slachtoffer 1] zich als kraker ging melden, zodat ze daar klanten kon ontvangen. Ze heeft daarvoor op 9 november 2009 een contract ondertekend. Daarna hebben ze een tijd in de Scudo gebivakkeerd.42 Na die tijd hebben ze nog twee panden gekraakt.43

Verdachte heeft verklaard dat hij tegen [slachtoffer 1] heeft gezegd dat zij bij hem mocht komen wonen in zijn stacaravan in [ woonplaats] en dat zij samen regelmatig sliepen in de auto.44

Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat verdachte [slachtoffer 1] ophaalde en dat ze dan met hem mee moest naar het Vaerland of de Wilphof. Dit heeft verdachte zelf aan hem verteld. Zo wilde verdachte [slachtoffer 1] onder controle houden. Verdachte heeft hem ook verteld dat hij huisjes kraakte op naam van [slachtoffer 1]. Verdachte deed niets op eigen naam45.

Getuige [getuige 3], met wie [slachtoffer 1] als escort seks heeft gehad, heeft verklaard dat [slachtoffer 1] door verdachte bij hem werd gebracht.46

In een telefoongesprek van 11 november 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1] dat hij gereageerd heeft op een nieuw huisje voor haar [slachtoffer 1]. Verdachte zegt dat ze dan nog meer klanten gaat krijgen.47

Gelet op voornoemde bewijsmiddelen acht de rechtbank ook dit gedeelte van de tenlastelegging wettig en overtuigend bewezen.

die [slachtoffer 1] gedreigd haar vader en/of haar neefje neer te schieten en/of wat

aan te doen als ze niet mee zou werken

De rechtbank verwijst hiervoor naar de verklaring die [slachtoffer 1] bij de politie heeft afgelegd zoals hiervoor onder het kopje 'die [slachtoffer 1] gedwongen seks met hem, verdachte, en/of met anderen te hebben' heeft weergegeven. [slachtoffer 1] heeft ook tegen haar vader verteld dat verdachte had gezegd dat hij hem door zijn knie zou schieten.48 Getuige [getuige 5] heeft tegenover de rechter-commissaris verklaard dat [slachtoffer 1] hem verteld heeft dat ze bang was voor verdachte. Als zij naar de politie zou gaan, zou haar of de mensen van wie ze hield iets aan worden gedaan.49

Nu de verklaring van [slachtoffer 1] ook op dit punt consistent is en gelet op hetgeen de rechtbank hiervoor heeft overwogen omtrent de betrouwbaarheid van haar verklaring, acht de rechtbank de verklaring van [slachtoffer 1] ook op dit punt betrouwbaar en overtuigend en bezigt zij deze, alsmede de ondersteunende verklaring van haar vader tot het bewijs van dit tenlastegelegde punt.

die [slachtoffer 1] gedreigd met de dood door een pistool tegen haar hoofd te houden

en/of in haar nabijheid tegen, althans in de richting van, een verkeersbord

geschoten

De rechtbank verwijst hiervoor naar de verklaringen van [slachtoffer 1] die zij bij de politie en ter terechtzitting heeft afgelegd en tevens naar de verklaring van getuige [getuige 1] zoals hiervoor onder het kopje 'die [slachtoffer 1] gedwongen seks met hem, verdachte, en/of met anderen te hebben' weergegeven.

Voorts heeft verdachte in een telefoongesprek op 3 december 2009 tegen [slachtoffer 1] gezegd: 'als je

me nog een keer bel hè, dan schiet ik jou dood'.50

De verklaring van [slachtoffer 1] wordt ondersteund door de verklaring van [getuige 1] en het hiervoor weergegeven telefoongesprek. De rechtbank acht derhalve bewezen dat verdachte [slachtoffer 1] gedreigd heeft met de dood door een pistool tegen haar hoofd te houden. De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte in de nabijheid van [slachtoffer 1] tegen, althans in de richting van, een verkeersbord heeft geschoten, nu de verklaring van [slachtoffer 1] dat verdachte in het verkeersbord heeft geschoten, niet wordt ondersteund door het onderzoek van de politie aangezien geen kogelgaten in het bewuste verkeersbord zijn aangetroffen.

die [slachtoffer 1] meerdere malen mishandeld - onder meer - wanneer zij verdachte

aansprak op zijn gedrag en/of wanneer zij te weinig geld had verdiend

Ten aanzien van de verklaring van [slachtoffer 1] hierover verwijst de rechtbank naar hetgeen hiervoor onder het kopje die [slachtoffer 1] gedwongen seks met hem, verdachte, en/of met anderen te hebben' is weergegeven. Zij heeft ook nog verklaard over de maanden maart, april en mei 2010, dat als ze thuis kwam en er teveel geld mistte, ze klappen kreeg van [verdachte]. Als haar verdiende geld te weinig was, dan begon verdachte haar uit het niets zomaar te slaan.51

Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat verdachte hem heeft verteld dat, toen hij [slachtoffer 1] met een andere vent had betrapt op haar werkplek, hij haar een paar beuken had gegeven.52

In een telefoongesprek op 7 november 2009 tussen verdachte en [slachtoffer 1] zegt verdachte eerst tegen [slachtoffer 1] dat zij niet tegen hem moet zeggen dat hij wat moet eten. Vervolgens zegt [slachtoffer 1]: 'ja dat weet ik wel, maar ik weet nog een vorige keer hè. Dat je ook niks had gegeten en dat we wat gingen drinken. En toen heb je me de kop in tweeën geslagen'. Verdachte: 'jaah'. [slachtoffer 1]: 'ja omdat je teveel gedronken had'. Verdachte: 'jamaar ik ga, luister meidje'. [slachtoffer 1]: 'En niet gegeten had'. Verdachte: ja, maar wie zei dat ik vanavond ga drinken dan'.53

In een telefoongesprek van 26 november 2009 zegt [slachtoffer 1] tegen verdachte dat hij niet altijd vrolijk is. Verdachte beaamt dit en zegt dat hij ook heel boos kan zijn en dat dat een andere kant van hem is. [slachtoffer 1] zegt daarop dat zij een heel stuk van haar haar kwijt is. Verdachte: 'ja? Zo erg. Ach god ook. Dan ga je van de week maar naar de kapper toe, dan is het weer goed'.54

In een telefoongesprek van 11 december 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1]: 'weet jij wel hoe vaak ik in die andere auto's tank of in die Citroen'. [slachtoffer 1]: 'ja en waar komt dat geld vandaan'. Verdachte: 'luister stinkhoer daarvoor ben jij mijn pinapparaat. Dus je moet dat pinnetje even goed laten werken ja, anders krijg je vanavond gewoon een draai om je oren'.55

In een telefoongesprek van 18 december 2009 zegt [slachtoffer 1] tegen verdachte: 'Waarom moet het nou altijd weer zo? Eerst sla je me!'. Verdachte: 'heb ik je geslagen?'. [slachtoffer 1]: 'ja je hebt me geslagen'. Verdachte: 'nou ja dan moet je daar aangifte van doen'. [slachtoffer 1]: 'nee dat weet je dat ik dat niet doe'.56

In een telefoongesprek van diezelfde dag zegt verdachte tegen [slachtoffer 1]: 'als ik zo die kant op kom rijden, dan krijg je zo'n harde stoot voor je harsens dat al je voortanden uit je bek liggen'.57

Gelet op voornoemde bewijsmiddelen acht de rechtbank dit deel van de tenlastelegging bewezen. De verklaring van verdachte dat hij [slachtoffer 1] nooit geslagen heeft acht de rechtbank derhalve ongeloofwaardig.

die [slachtoffer 1] de woorden toegevoegd: "Ik zit in de schulden, ik heb problemen,

jij moet geld voor mij verdienen." en/of "Als je iets nodig hebt, dan moet je

dat aan mij vragen."

[slachtoffer 1] heeft hierover verklaard dat zij met verdachte naar Waalwijk is gereden, naar de parkeerplaats Het Vaarland. Onderweg zei verdachte tegen haar dat ze voor hem moest gaan werken. Hij zei dat hij in de schulden zat, dat hij problemen had en dat zij geld voor hem moest verdienen in de prostitutie. [slachtoffer 1] moest al het geld wat ze verdiend had aan verdachte geven. Verdachte zei dat wanneer [slachtoffer 1] iets nodig had, ze dat aan hem moest vragen.58

[getuige 2] heeft verklaard dat verdachte enkele meisjes voor zich had werken. Verdachte palmde die meiden dan in. Ook nam verdachte ze mee naar een parenclub. Dan konden ze alvast aan seks wennen, had verdachte gezegd. Daarna kwam verdachte geld tekort en moesten die meiden voor hem werken. Verdachte kon daarbij erg bedreigend overkomen. [slachtoffer 1] moest uiteindelijk ook voor verdachte werken.59 Verdachte ging er prat op dat hij geld had door [slachtoffer 1] te laten werken.60

In een telefoongesprek van 7 december 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1]: '550 euro is wat je op moet brengen, want ik heb een heel zware rekening gekregen'.61

De verklaring van [getuige 2] bij de rechter-commissaris dat de belastende passages uit zijn verklaring bij de politie niet kloppen en hij dat uit wraak heeft verklaard, acht de rechtbank niet betrouwbaar, nu zijn, en [slachtoffer 1]'s, hiervoor weergegeven verklaring, ondersteund worden door het hiervoor opgenomen telefoongesprek.

Gelet op voornoemde bewijsmiddelen acht de rechtbank ook dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen.

gecontroleerd hoeveel klanten die [slachtoffer 1] had en hoeveel geld ze daarmee had

verdiend en/of betaalafspraken gemaakt met de klanten

Vast staat dat verdachte [slachtoffer 1] in de periode dat zij werkte als prostituee vaak heeft gebeld om te vragen hoeveel klanten ze had gehad en hoeveel geld ze daarmee had verdiend.

[slachtoffer 1] heeft tevens verklaard dat verdachte tegen haar gezegd had dat wanneer een klant vroeg wat het koste zij dan moest zeggen 50 euro voor pijpen of neuken en 75 euro voor allebei.62 De eerste keer sprak verdachte met de klant af wat hij moest betalen.63

Op 5 november 2009 belt verdachte met een man genaamd [naam 2]. Verdachte vraagt waar [naam 2] is en zegt: 'ze draait nou net de snelweg op. Ik wou net zeggen anders had ik wel even een lekker wijf voor je. Die rijdt nou net de snelweg op, eentje van 22. In de auto ken je ook neuken. Ze heb gewoon een bestelauto met een matras achterin. Dat meisje werkt een beetje op parkeerplaatsen en zo'. [naam 2]: 'waar is zij dan, kan ze nog gauw een half meiertje verdienen'. Verdachte: 'ik bel d'r zo, moet ik haar terug laten komen, ik bel d'r zo'.64

Even later belt verdachte weer met [slachtoffer 1]. Verdachte zegt: 'je moet zeggen vijftig euro voor pijpen of neuken en vijfenzeventig allebei'.65

Op 11 november 2009 zegt verdachte in een telefoongesprek met [slachtoffer 1] dat een man haar liep te roepen. [slachtoffer 1] zegt dat ze dat niet hoorde want ze ging toen met iemand mee in de auto. Verdachte zegt dat de man dacht dat zij bij [naam 3] hoorde. Verdachte zegt dat de man vroeg wat het koste. Verdachte heeft de man toen aan de praat gehouden en gezegd dat [slachtoffer 1] en [naam 4] samen € 600,- kostte.66

Op 18 november 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1]: 'heb je er nog maar eentje meegehad'. [slachtoffer 1] zegt dat ze er nog maar net een uur staat. Verdachte: 'ja, nou, had je er toch al minimaal twee moeten hebben, wat is dat nou he, eentje in een uur... dat kan toch niet?'.67

Gelet op voornoemde bewijsmiddelen acht de rechtbank dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen.

het door [slachtoffer 1] verdiende geld ingenomen en/of beheerd en/of (deels)

aangewend voor zijn eigen gebruik

Vast staat dat verdachte over het prostitutiegeld van [slachtoffer 1] kon beschikken. Haar geld was ook zijn geld.68

[slachtoffer 1] heeft zowel bij de politie69, als bij de rechter-commissaris70 en ter terechtzitting verklaard dat zij het geld dat zij als prostituee verdiende, bij verdachte in moest leveren. Alleen om te tanken mocht ze wat geld houden.

[slachtoffer 1] heeft voorts verklaard dat vanaf juni 2009 van haar prostitutiegeld de boodschappen werden gedaan.71

Getuige [getuige 6] heeft verklaard dat [slachtoffer 1] hem verteld heeft dat ze een klein gedeelte van haar verdiende geld zelf mocht houden. Dit was ongeveer € 200,-.72

Getuige [getuige 2] heeft verklaard dat verdachte het leuk vond dat [slachtoffer 1] werkte, want dat leverde geld op. Verdachte ging er prat op dat hij geld had door haar te laten werken.73

In een telefoongesprek van 10 november 2009 vraagt verdachte [slachtoffer 1] hoeveel klanten zij die dag ervoor heeft gehad. [slachtoffer 1] zegt dat het er vier geweest zijn en zegt op vraag van verdachte dat het klopt dat hij van haar dus € 150,- heeft gehad. Verdachte zegt dat hij van dat geld nog maar € 45,- over heeft omdat hij daarvan getankt heeft en er ook van gedronken en gegeten heeft, samen met zijn zoon op Schiphol.74

In een telefoongesprek van 7 december 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1]: '550 euro is wat je op moet brengen, want ik heb een heel zware rekening gekregen'.75

In een telefoongesprek van 21 november 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1] dat ze er rekening mee moet houden dat ze moet tanken en dat hij er juist € 150,- vanaf pakt waarvan € 20,- om een beetje te eten en te drinken.76

In een telefoongesprek van 2 december 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1]: 'wat heb ik er nou aan dat ze over die parkeerplaats heenkomen, daar verdien ik niks aan'.77

Op 3 december 2009 spreekt [slachtoffer 1] een voicemailbericht in voor verdachte waarin zij zegt: 'vieze vuile pooier dat je bent. He al het geld inbeslag neemt en wil ik wat dan alleen maar moeilijk doen'.78

In een telefoongesprek diezelfde dag zegt [slachtoffer 1] tegen verdachte dat ze al haar geld aan hem heeft gegeven en zelf niets heeft. Ze heeft voor hem gewerkt.79

In een telefoongesprek van 8 december 2009 vraagt verdachte [slachtoffer 1] of ze een beetje centen voor hem kan verdienen daar.80

In een telefoongesprek van 9 december 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1] dat als ze minimaal 200 per dag opbrengt, hij het wel best vindt.81

In een telefoongesprek van 11 december 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1]: 'weet jij wel hoe vaak ik in die andere auto's tank of in die Citroen'. [slachtoffer 1]: 'ja en waar komt dat geld vandaan'. Verdachte: 'luister stinkhoer daarvoor ben jij mijn pinapparaat. Dus je moet dat pinnetje even goed laten werken ja, anders krijg je vanavond gewoon een draai om je oren'.82

In een telefoongesprek van 13 januari 2011 zegt verdachte tegen [naam 5] dat [slachtoffer 1] wel een hoop centjes opbracht, maar dat het ook weer op ging aan privéclubs, saunaatjes en gekke dingen doen.83

Gelet op voornoemde bewijsmiddelen acht de rechtbank dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen.

de werktijden van die [slachtoffer 1] als prostituee bepaald

[slachtoffer 1] heeft hierover verklaard dat, na haar eerste klant, verdachte zei dat ze nog een paar klanten af moest werken.84 Verdachte bepaalde hoe laat ze wegging en hoe laat ze weer thuis kwam. Hij zei dan dat hij de regels bepaalde.85

Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat verdachte hem verteld heeft dat als verdachte naar huis naar [slachtoffer 1] belde en haar sommeerde om naar hem toe te komen, zij ook gelijk kwam. Hij zei dat ze moest luisteren. Verdachte kwam ook wel eens met mensen vanuit de Wilphof naar de parkeerplaats. [slachtoffer 1] moest het dan met een vent doen. [getuige 1] heeft ook van verdachte begrepen dat [slachtoffer 1] niet in de auto mocht zitten op de parkeerplaats, maar buiten de auto moest blijven staan voor de klanten. Ook al was het stervenskoud.86

In een telefoongesprek van 5 november 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1]:'als je hem hebt afgewerkt, ga je naar Doorn toe, dat boeketje wegbrengen (...) en dan ga je weer op die parkeerplaats staan (...) in de tussentijd heb ik waarschijnlijk wel weer wat op internet staan'.87

In een telefoongesprek van 24 november 2009 vraagt verdachte aan [slachtoffer 1] hoeveel klanten ze heeft gehad. [slachtoffer 1] zegt: 'vier of vijf'. Verdachte zegt: 'je moet een beetje meer doorwerken met je kutje'.88

In een telefoongesprek van 25 november 2009 zegt [slachtoffer 1] tegen verdachte dat ze nog geen klanten heeft gehad. Verdachte zegt tegen [slachtoffer 1] dat hij anders die dag ook niet voor die auto gaat kijken voor haar want als ze niets verdient, kan ze ook niks kopen. [slachtoffer 1] vraagt hem waarom hij niet gaat kijken waarop verdachte haar vraagt of ze vrijdag ook gaat werken. Als [slachtoffer 1] dit bevestigt, zegt verdachte: 'ja, oh, dan ga ik morgen wel even bij die auto kijken'.89

In een telefoongesprek van 26 november 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1] dat hij wil hebben dat ze nu naar huis komt anders brengt hij de auto terug want ze heeft nog niet eens de huur van de auto verdiend.90

In een telefoongesprek van 3 december 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1] dat ze zo aan het werk moet. 'Voor jou zeker?', zegt [slachtoffer 1].91

In een telefoongesprek van 11 december 2009 belt verdachte [slachtoffer 1] op en vraagt haar of ze nog lag te slapen. [slachtoffer 1] bevestigt dit. Verdachte zegt: 'He ga is naar je werkplek toe joh kom op [slachtoffer 1] he'.92

één of meerdere auto-kentekens op naam van die [slachtoffer 1] gezet en/of een of

meerdere schuldeisers (onder meer nutsbedrijven en/of gemeentelijke

belastingen) op naam van die [slachtoffer 1] gezet

De rechtbank overweegt dat zich in het dossier geen bewijsmiddel bevindt om bewezen te kunnen achten dat verdachte door dit te doen, [slachtoffer 1] seksueel heeft uitgebuit danwel haar gedwongen of bewogen heeft zich beschikbaar te stellen tot prostitutie, of dat dit daartoe heeft bij gedragen. De rechtbank acht dit onderdeel van de tenlastelegging derhalve niet bewezen.

de mobiele telefoon en/of privé-contacten en/of privé-bezigheden van die [slachtoffer 1] gecontroleerd (teneinde haar privé-leven te kunnen beheersen)en

[slachtoffer 1] de contacten met haar vrienden en/of familie laten verbreken

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat zij achteraf het gevoel had dat zij langzamerhand afhankelijk van verdachte is geworden omdat ze van verdachte het contact met vrienden en haar ouders moest verbreken. Met haar ouders weigerde ze dat. Verdachte pakte haar mobiel af en belde haar vrienden op en hing dan de grootste verhalen op. Aan een vriend van haar, [getuige 5], had verdachte verteld dat zij het vervelend vond dat die [getuige 5] de hele tijd aan haar zat.93

Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat hij van verdachte weet dat verdachte de telefoon van [slachtoffer 1] in beslag had genomen zodat ze haar vrienden en familie niet meer kon bellen. Hij was bang dat ze anders zouden proberen haar om te praten en dat zij bij hem weg zou gaan. Vanaf het begin van de relatie wilde verdachte [slachtoffer 1] controleren.94

Getuige [getuige 7] heeft verklaard dat [slachtoffer 1] vaak door verdachte gebracht werd naar de korfbalvereniging of door hem werd opgehaald. Ook bracht verdachte [slachtoffer 1] naar huis en haalde haar thuis op. Verdachte reed ook wel achter hen aan naar de korfbal. Getuige weet dit omdat ze zijn busje dan ergens zag staan. Ze zei dit ook wel tegen [slachtoffer 1], die daar weer van schrok en haar zei dat ze door verdachte werd opgehaald of zo. Getuige heeft ook meegemaakt dat als ze terugkwamen van een uitwedstrijd [slachtoffer 1] verdachte opgebelde om te zeggen hoe laat ze thuis kwamen. Toen heeft getuige ook gemerkt dat het busje van verdachte achter hen aan reed. Getuige zei dit dan tegen [slachtoffer 1] die hierop zei dat verdachte daar misschien ook in de buurt moest zijn.95

Getuige [getuige 5] heeft verklaard dat verdachte hem heeft opgebeld en gezegd dat [slachtoffer 1] van hem geen contact meer met [getuige 5] mocht hebben.96

Op 5 november 2009 belt verdachte [slachtoffer 1] en zegt haar dat hij dacht dat ze thuis zou zijn. [slachtoffer 1] zegt dat ze even eten ging halen. Verdachte: 'Zie je nou dat je altijd smoesjes hebt [slachtoffer 1]'. [slachtoffer 1]: 'Hoezo dan moet ik verhongeren'. Verdachte: 'je hebt toch brood leggen of niet'.97

In een telefoongesprek van 3 december 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1] dat ze geluk heeft dat hij haar zo achterlaat want er zijn andere meiden geweest die hij anders heeft achtergelaten. [slachtoffer 1] zegt dat ze bijna bij haar ouders is. Verdachte zegt dat ze zo aan het werk moet en op dat moment en heel snel, terug moet komen. [slachtoffer 1] zegt dat ze al bijna bij haar ouders thuis was. Verdachte zegt dat ze daar ook wel heen mag rijden, dan zijn ze klaar. [slachtoffer 1] zegt: 'nee, ik ben al omgekeerd'.98

Gelet op voorgaande bewijsmiddelen acht de rechtbank dit deel van de tenlastelegging bewezen.

die [slachtoffer 1] opdracht gegeven illegaal vuurwerk te smokkelen

Ook ten aanzien van deze tenlastegelegde handeling overweegt de rechtbank dat zich in het dossier geen bewijsmiddel bevindt om bewezen te kunnen achten dat verdachte door dit te doen, [slachtoffer 1] seksueel heeft uitgebuit danwel haar gedwongen of bewogen heeft zich beschikbaar te stellen tot prostitutie, of dat dit daartoe heeft bijgedragen. De rechtbank acht dit onderdeel van de tenlastelegging derhalve niet bewezen.

die [slachtoffer 1] gedwongen een tatoeage en/of een tongpiercing te nemen

[slachtoffer 1] heeft hierover verklaard dat zij een tatoeage heeft en dat ze die van verdachte moest laten tatoeëren. Ze moest deze zetten omdat het geil stond volgens verdachte. Op 10 oktober 2009 moest ze van verdachte een tongpiercing laten zetten. Volgens verdachte was dat bij het pijpen lekkerder voor de man. Ten aanzien van beide dwong verdachte haar door middel van woorden.99

Voor een bewezenverklaring van een onderdeel van de tenlastelegging is één bewijsmiddel voldoende. De rechtbank acht de verklaring van [slachtoffer 1] op dit punt betrouwbaar gelet op hetgeen de rechtbank hiervoor heeft overwogen omtrent de betrouwbaarheid van de verklaring van [slachtoffer 1] en mede gelet op de telefoongesprekken die hierna onder het kopje uitbuiting [slachtoffer 1] zijn weergegeven. Daarin komt tot uiting dat verdachte ook tegen [slachtoffer 1] zei wat ze aan moest doen als ze aan het werk ging en dat ze voor haar werk haar haarkleur moest veranderen.

Gedraging, dwangmiddel en oogmerk van uitbuiting

Werkwijze verdachte in het algemeen

In een telefoongesprek op 3 november 2009 spreekt verdachte met [getuige 2]. In dat gesprek zegt [getuige 2] tegen verdachte: 'die van 18 komt godverdomme vier huizen naast mij wonen. Waar ik niet blij mee ben, want dat wordt dichtbij. En nou heb ik er vandaag weer eentje opgepikt. Die is 22. Die van 18 is vrij serieus en is gescheiden. Seks apart en alle dingen apart' (...)

Verdachte: 'een van die twee. Kan die niet werken'.

[getuige 2]: dat weet ik nog niet. Die ene van 18 doe dat sowieso niet want daar zit een smoel op'. Verdachte: 'ja maar ik heb ze zo klein'.

[getuige 2]: 'die andere is 22 en die heeft het verstandelijke vermogen van eentje van 17'. Verdachte: 'o ja, zo eentje'.

[getuige 2]: 'ja maar wel een goeie kont. Alles zit derop en deraan'.

Verdachte: 'mij maakt het niet uit of ze 22, 18 of 19 zijn'.

[getuige 2]: 'die van 18 dat wil ik haar niet aandoen om in zo'n leven te storten maar die andere interesseert me geen reet'.

Verdachte: 'ja nou. Wanneer is die weer een keer bij je dan?'. (...)

[getuige 2]: '[slachtoffer 1] moet er sowieso bij zijn want dan is het meer vertrouwd (...) al laat ze d'r eigen maar 5 keer in de rondte neuken. Dat interesseert me niks. Kijk die van 18 is een ander verhaal. Die hou ik voor me eigen. Maar deze. Die is in principe kant en klaar geschikt. Geldschulden enne, ja, probleemgeval. Maar wel een goeie kont en kut en ze is 22 ja'.

Verdachte: 'ja, ze kan zo meedraaien'.100

Over dit telefoongesprek heeft [getuige 2] verklaard dat die 22jarige [slachtoffer 2] betrof. En dat het hem duidelijk was dat verdachte meiden aan het ronselen was. Verdachte is een jager, die zoekt de zwakken. Met [slachtoffer 2] was duidelijk iets aan de hand.101 [getuige 2] heeft de politie ook verteld dat verdachte altijd meisjes zocht die makkelijk te beïnvloeden waren. Hij palmde ze dan in door bijvoorbeeld kleding voor hen te kopen. Ook nam hij ze mee naar een parenclub om hen alvast aan seks te laten wennen. Daarna kwam verdachte geld tekort en moesten die meiden voor hem werken. Daarbij kon verdachte erg bedreigend overkomen. Verdachte ging ook wel met die meiden naar de sauna en naar een parkeerplaats bij Waalwijk. Daar moesten die meiden voor verdachte werken.102

Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat verdachte hem verteld heeft dat hij drie meisjes voor zich had werken in de prostitutie. Verdachte is ook een keer met een jong meisje op de parkeerplaats geweest. Verdachte vertelde [getuige 1] dat dit meisje klaargestoomd werd voor het werk.103

Uitbuiting [slachtoffer 1]

De rechtbank acht bewezen dat verdachte eenzelfde werkwijze ten aanzien van [slachtoffer 1] heeft gehanteerd.

[slachtoffer 1] heeft immers verklaard dat na de eerste drie maanden van haar relatie met verdachte, er een omslagpunt kwam toen de auto van verdachte in beslag werd genomen en hij zei dat hij schulden had.104 Die auto is inbeslaggenomen op 15 juni 2009.105 De rechtbank gaat derhalve ten aanzien van het beginpunt van de bewezenverklaarde periode uit van deze datum. Als einddatum gaat de rechtbank uit van het moment dat hun relatie eindigde, te weten 7 juni 2010.

Verdachte wist, toen hij [slachtoffer 1] voor het eerst ontmoette, van haar, ten opzichte van hem, jonge leeftijd en wist dat zij in de escortservice werkte. Bij die eerste ontmoeting nam hij [slachtoffer 1] mee naar een parenclub en die avond hebben zij ook, zonder dat verdachte daarvoor hoefde te betalen, seks met elkaar gehad. Verdachte wist ook dat [slachtoffer 1] niet van haar lichaam hield en dat zij bij de hulpverlening was geweest.

Uit hetgeen hiervoor bewezen is verklaard volgt dat [slachtoffer 1] na de eerste drie maanden, onder bedreiging van haarzelf en haar familie, voor verdachte gedwongen moest werken in de prostitutie. Wanneer zij met te weinig geld thuis kwam mishandelde verdachte haar. Daarnaast moest zij geld dat zij verdiende aan verdachte afstaan. Verdachte controleerde hoeveel klanten zij had en hoeveel ze daarmee verdiende en bepaalde haar werktijden. Tevens isoleerde hij haar van haar vrienden en familie en dwong hij haar tot seks met hemzelf.

Dat verdachte misbruik maakte van het uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht dat hij had op [slachtoffer 1] en dat hij haar kleineerde en emotioneel chanteerde wordt verder bewezen door de volgende telefoongesprekken.

Op 4 november 2009 belt [slachtoffer 1] verdachte. Ze zegt dat ze haar rokje aan heeft, maar verdachte zegt dat dat niet leuk meer is en dat het een keer leuk is geweest zo met die jas en dat ze even een poosje apart moet doen. Even later zegt verdachte: 'ga maar rijen'. [slachtoffer 1]: 'oke en waar'. Verdachte: 'ja waar we altijd afspreken [slachtoffer 1]' (...) Verdachte: 'ga jij maar even wat te eten halen dan. En ga dan daar staan'.106

Diezelfde dag belt verdachte weer met [slachtoffer 1]. Verdachte zegt: 'als je hem hebt afgewerkt ga je naar Doorn toe, dat boeketje wegbrengen. Dan kom je terug schat en dan ga je weer op die parkeerplaats staan. Dan sms je me. In de tussentijd heb ik waarschijnlijk wel weer wat op internet staan'(...) [slachtoffer 1]: 'als ik klaar ben met die vent dan sms ik je ook, ja dat het goed is gegaan, dat wil je toch'. Verdachte: 'ja dat wil ik ja'.107

In een telefoongesprek van 10 november 2009 maakt verdachte [slachtoffer 1] duidelijk dat als ze niet doet wat hij haar vraagt, hij haar niet meer wil zien.108 In een gesprek diezelfde dag vraagt verdachte [slachtoffer 1] of ze wel een beetje gewassen en gedoucht en gedaan is. Ze moet er wel netjes uitzien want ze moeten even bij Erotica naar binnen.109

In een gesprek een half uurtje later zegt verdachte, als [slachtoffer 1] aangeeft dat ze nog thuis is, dat ze thuis kan blijven en dat hij haar niet meer hoeft te zien en dat hij klaar is met haar. Hij zegt dan: 'Kut he?'. [slachtoffer 1]: 'ja'. Verdachte: 'ja weet ik, je slaapt vannacht naast me, je moet de matras meenemen kuttekop'.110

In een telefoongesprek op 30 november 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1] die op de parkeerplaats aan het werk is, dat ze haar rokje af en toe een beetje open moet houden en dat ze haar haar weer opnieuw zwart moet maken of blonderen.111

In een telefoongesprek van 2 december 2009 zegt [slachtoffer 1] tegen verdachte dat ze het niet leuk vind dat hij achter haar rug om met een ander neukt, tegen hun afspraak in. Verdachte zegt dat het dan tijd wordt dat ze afscheid van elkaar nemen. [slachtoffer 1] geeft aan dat ze dat niet wil, maar verdachte zegt dat hij klaar met haar is.112

In een telefoongesprek een dag later zegt verdachte tegen [slachtoffer 1] dat zij hem met rust moet laten. [slachtoffer 1] vraagt huilend wat ze verkeerd doet. Verdachte zegt: 'denk er om als ik wil weten waar je bent weet ik waar je bent [slachtoffer 1] hoor'. [slachtoffer 1] zegt dat ze dit weet. Verdachte zegt dat [slachtoffer 1] van geluk mag spreken dat hij haar zo achterlaat. Er zijn andere meiden geweest die hij anders heeft achtergelaten. Dus ze moet blij zijn. [slachtoffer 1] zegt op een gegeven moment dat ze bijna tegen een boom aanrijdt. Verdachte zegt dat dat niet geeft want dat hij er dan in één keer vanaf is.113 Even later zegt verdachte tegen [slachtoffer 1] dat hij de vrouw met wie [slachtoffer 1] op de parkeerplaats is, gaat neuken en dat [slachtoffer 1] verleden tijd is. [slachtoffer 1]: 'nee toch'. Verdachte: 'jawel. Ik heb toch gezegd dat ik geen grote bek van vrouwen duldt of wel?'. [slachtoffer 1]: 'heb ik niet'. Verdachte: 'dat zullen we vanavond wel eventjes bespreken dan ja'.114

Op 4 december 2009 zegt verdachte tegen [slachtoffer 1] dat hij haar aan een jongen had willen koppelen met de woorden je kan haar meenemen naar huis toe. Je kan haar bij je houden maar ze blijft voorlopig voor mij werken.115

De rechtbank overweegt dat [slachtoffer 1] aldus niet in een situatie verkeerde die gelijk is aan de omstandigheden waarin een mondige prostituee in Nederland pleegt te verkeren. Door de dwangmiddelen die verdachte op haar toepaste, was zij niet of verminderd in staat bewuste keuzes te maken. Dat [slachtoffer 1] ook voordat zij met verdachte in aanraking kwam al in de prostitutie werkte, doet daar niet aan af.

Met name uit het laatste telefoongesprek blijkt hoezeer verdachte [slachtoffer 1] beschouwde als zijn bezit.

Conclusie

Gelet op het voorgaande in onderling verband en samenhang bezien met hetgeen hiervoor als bewijs is opgenomen, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte door het verrichten van de bewezenverklaarde feitelijke handelingen, door geweld, bedreiging met geweld en door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, [slachtoffer 1] heeft geworven, vervoerd, gehuisvest en opgenomen met het oogmerk van uitbuiting van [slachtoffer 1] en haar bewogen heeft zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele diensten. Daarnaast heeft verdachte opzettelijk voordeel getrokken uit haar uitbuiting.

Daar waar verdachte dit heeft ontkend, acht de rechtbank zijn verklaring ongeloofwaardig. Datzelfde geldt voor de verklaring van verdachte dat hij [slachtoffer 1] opbelde om te vragen hoeveel klanten zij had gehad, omdat [slachtoffer 1] seksverslaafd was en als ze genoeg klanten had gehad hij dan 's avonds rust had.

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat:

1.

hij (op meerdere tijdstippen) in de periode van 15 juni 2009

tot en met 7 juni 2010 in Nederland,

een ander, te weten, [slachtoffer 1],

(lid 1, onder 1°)

door geweld en door dreiging met geweld en door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht heeft geworven en vervoerd en gehuisvest en opgenomen

met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 1],

en/of

(lid 1, onder 4°)

(telkens) met één of meerdere van de onder 1° van dit artikel genoemde

middelen, te weten door geweld en door dreiging met geweld en

door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht die [slachtoffer 1] heeft bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van diensten

en

(lid 1, onder 6°)

(telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer 1],

en

(lid 1, onder 9°)

(telkens) met één of meerdere van de onder 1° genoemde middelen, te weten

door geweld en door

dreiging met geweld en door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend

overwicht die [slachtoffer 1] heeft bewogen hem, verdachte te bevoordelen uit de opbrengst van

haar seksuele handelingen met een derde,

immers heeft verdachte (één of meermalen)

-die [slachtoffer 1] gedwongen seks met hem, verdachte, en met anderen te hebben

en

-(seks)advertenties op internet geplaatst en

-die [slachtoffer 1] naar parkeerplaatsen gebracht en als escort bij klanten

gebracht en huisvesting voor die [slachtoffer 1] geregeld en die [slachtoffer 1] in een auto laten slapen en die [slachtoffer 1] opgenomen in (kraak)panden en

-die [slachtoffer 1] gedreigd haar vader en/of haar neefje neer te schieten en/of wat

aan te doen als ze niet mee zou werken en

-die [slachtoffer 1] gedreigd met de dood door een pistool tegen haar hoofd te houden

en

-die [slachtoffer 1] meerdere malen mishandeld - onder meer - wanneer zij verdachte

aansprak op zijn gedrag en/of wanneer zij te weinig geld had verdiend en/of

-die [slachtoffer 1] de woorden toegevoegd: "Ik zit in de schulden, ik heb problemen,

jij moet geld voor mij verdienen." en "Als je iets nodig hebt, dan moet je

dat aan mij vragen." en

-gecontroleerd hoeveel klanten die [slachtoffer 1] had en hoeveel geld ze daarmee had

verdiend en betaalafspraken gemaakt met de klanten en

-het door [slachtoffer 1] verdiende geld ingenomen en/of beheerd en (deels)

aangewend voor zijn eigen gebruik en

-de werktijden van die [slachtoffer 1] als prostituee bepaald en

-meerdere condooms verstrekt aan die [slachtoffer 1] en

-de mobiele telefoon en privé-contacten en/of privé-bezigheden van die [slachtoffer 1] gecontroleerd (teneinde haar privé-leven te kunnen beheersen) en die

[slachtoffer 1] de contacten met haar vrienden en/of familie laten verbreken en

-die [slachtoffer 1] gedwongen een tatoeage en een tongpiercing te nemen;

Feit 2

De rechtbank acht, evenals de raadsman en de officier van justitie, niet wettig bewezen dat verdachte [slachtoffer 1] verkracht heeft. In het dossier bevindt zich hiervoor, naast de verklaring van [slachtoffer 1], geen steunbewijs.

De rechtbank zal verdachte derhalve van dit feit vrijspreken.

Feit 3

De feiten

Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.

Verdachte en [slachtoffer 3], die toen 19 jaar was, hebben elkaar leren kennen op de parkeerplaats op Almerestrand in januari 2010.116 Dit was een seksontmoetingsplek.117 [slachtoffer 3] heeft daarna in de prostitutie gewerkt, op parkeerplaatsen en als escort.118 Verdachte heeft [slachtoffer 3] een keer als escort naar [getuige 8] gebracht.119

Verdachte heeft seks gehad met [slachtoffer 3].120 De eerste keer dat ze seks hadden zijn er ook foto's gemaakt.121

[slachtoffer 3] heeft een verstandelijke beperking.122

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen.

Verdachte heeft [slachtoffer 3] in de tenlastegelegde periode door middel van dwang, misleiding, geweld, dreiging met geweld, feitelijkheid, misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht en misbruik van een kwetsbare positie, geworven, vervoerd en overgebracht met het oogmerk van uitbuiting door haar te willen laten werken in de prostitutie, het afdragen van gelden en zelf seks met haar te hebben tegen haar wil.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft primair betoogd dat verdachte van het tenlastegelegde dient te worden vrijgesproken nu enig steunbewijs voor de aangifte van [slachtoffer 3] ontbreekt.

Subsidiair heeft hij betoogd dat een vrijspraak dient te volgen voor de periode van 1 januari 2010 tot 20 april 2010.

Beoordeling

Periode

[slachtoffer 3] heeft verklaard dat de eerste ontmoeting met verdachte plaats vond kort voordat zij seks met verdachte had in het huis van haar moeder, die toen in het ziekenhuis lag.123 De moeder van [slachtoffer 3] heeft in ieder geval in de periode van 19 april 2010 tot en met 23 april 2010 in het ziekenhuis gelegen. Op 20 april 2010 bevond zowel de telefoon van [slachtoffer 3] als de telefoon van verdachte zich in [woonplaats] in de buurt van de woning van de moeder van [slachtoffer 3].124

De rechtbank gaat derhalve voor wat betreft de begindatum van de periode uit van 1 april 2010.

Feitelijke handelingen

die [slachtoffer 3] opdracht gegeven tegen klanten te zeggen dat ze 16 jaar is

[slachtoffer 3] heeft verklaard dat zij van verdachte tegen de klanten moest zeggen dat ze 16 jaar was. Ze moest dat zeggen zodat ze meer geld kon krijgen.125 Ze moest als zestienjarige dus ze mocht geen make-up en zo op. En haar haar mocht niet los. Ze moest ook elke keer hakken aan.126

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat [getuige 3] eerst een klant van haar was. [getuige 3] wilde een jonger meisje, hoe jonger hoe beter. Verdachte zou een jonger meisje regelen. Toen kwam verdachte [slachtoffer 3] tegen. Toen [slachtoffer 3] eenmaal voor verdachte werkte heeft verdachte [getuige 3] opgebeld. Verdachte heeft [slachtoffer 3] toen een keer naar [getuige 3] gebracht.127 [getuige 3] heeft verklaard dat hij seks gehad heeft met [slachtoffer 3] als escort.128

[getuige 8] heeft verklaard dat hij seks heeft gehad met [slachtoffer 3] als escort. Verdachte had hem verteld dat [slachtoffer 3] 16 jaar was. De eerste keer werd [slachtoffer 3] door verdachte bij hem thuis gebracht. De tweede keer kwam ze met een lange jas met daaronder alleen lingerie aan, bij hem. Ze zei hem dat verdachte haar geadviseerd had om dit voor hem te doen.129

Gelet op voornoemde bewijsmiddelen acht de rechtbank dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen.

tegen die [slachtoffer 3] gezegd dat hij, verdachte, haar moeder of

[getuige 9] iets aan zou doen, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking

[slachtoffer 3] heeft verklaard dat verdachte iedere keer dat hij seks met [slachtoffer 3] wilde haar dreigde met doodmaken en zo. Familie en zo en dat hij vrienden had met messen en pistolen.130 Als verdachte boos werd, dan schreeuwde hij en dreigde hij. Hij heeft wel eens gedreigd over haar familie en haar vriend en over haar.131

Ook tegenover de rechter-commissaris heeft [slachtoffer 3] verklaard dat zij van verdachte tegen haar vriend [getuige 9] moest zeggen dat de seks met verdachte vrijwillig was, want anders zou verdachte haar wat aandoen. Hij zei ook dat hij vrienden had met wapens.132

[slachtoffer 3] heeft dit ook verteld aan haar vriend.133

De rechtbank acht deze verklaring van [slachtoffer 3] betrouwbaar. Als onderdeel van de tenlastelegging is voor een wettig bewijs één verklaring op zich voldoende. Gelet op de consistentheid van haar verklaring acht de rechtbank deze verklaring van [slachtoffer 3] betrouwbaar en overtuigend. Daarbij heeft de rechtbank tevens in aanmerking genomen dat verdachte soortgelijke bedreigingen heeft geuit als dwangmiddel ten aanzien van de uitbuiting van [slachtoffer 1].

(seks)foto's en/of (seks)filmpjes van die [slachtoffer 3] gemaakt en/of op

internet gezet

Zoals hierboven bij de feiten weergegeven staat vast dat er seksfoto's van [slachtoffer 3] zijn gemaakt. [slachtoffer 3] heeft verklaard dat zij ook van verdachte de site parkeerplaatsseks.nl in de gaten moest houden omdat verdachte daar wel eens advertenties op zette. Dan had verdachte staan 'twee lekkere meiden op autodate'. Verdachte had ook een betaalde site. 'Speurders' of zo, voor een escortbedrijf. Op de betaalde sites stonden foto's van haar die verdachte gemaakt had. Ze moest dan sexy tegen een witte muur staan waarbij ze, gekleed in alleen haar string, naar voren moest bukken. Verdachte had haar gezegd, omdat het haar advertenties waren, dat zij daar ook voor moest betalen. [slachtoffer 3] zei tegen verdachte dat ze die foto's niet wilde maken waarop verdachte zei: 'je moet je niet zo aanstellen'.134

In het dossier bevindt zich een uitdraai van een advertentie op een site genaamd 'sexjobs'. De advertentie heeft als titel 'autodate en privéontvangst [naam 6] en [slachtoffer 3]'. In de advertentie staat: 'ik [naam 6] 22 jaar en mijn veel jongere vriendin [slachtoffer 3] doen morgen woensdag 26 mei aan autodate of privé ontvangst. Trio mogelijk'. Op de uitdraai staat vermeld dat de laatste update dateert van 25 mei 2010.135

In het dossier bevinden zich tevens uitdraaien van internetpagina's van de site 'chattijd.nl'. Daarop zijn ook foto's van [slachtoffer 3] te zien, onder andere een foto waarop zij gekleed in een hemdje en string tegen een witte muur staat.136

[getuige 2] heeft verklaard dat hij verdachte wel eens heeft gehoord over adverteren. Dat hij een advertentie had gezet of meiden wilden werken.137

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen.

aan die [slachtoffer 3] geld geleend en/of gezegd dat hij er wel iets voor terug

wilde

[slachtoffer 3] heeft verklaard dat zij van verdachte in de prostitutie moest werken omdat hij haar en [getuige 9] 100 euro had geleend en een volle tank had gegeven.138 [slachtoffer 3] heeft ook verklaard dat verdachte haar naar [getuige 8] bracht als escort. Ze moest daar een uur blijven en dan haalde verdachte haar weer op. Ze kreeg daarvoor € 250,- en gaf dat aan verdachte. Verdachte zei dan tegen haar dat ze volgende week heel veel geld zou krijgen, maar later zei hij dan dat ze een schuld bij hem had van zoveel honderd euro en dat ze dat terug moest betalen in de vorm van werken of ze gingen naar parenclubs en zo. Verdachte zei dan dat ze al geld had gehad in de parenclub. De schuld bestond er uit dat verdachte zei dat hij geld aan [getuige 9] had gegeven.139

Verdachte heeft verklaard dat hij [slachtoffer 3] twee keer geld geleend heeft, één keer € 100,- en één keer € 50,-.140

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat verdachte heeft gezegd dat hij zou zorgen dat [slachtoffer 3] ook aan het werk ging, waarmee hij de prostitutie bedoelde. Ook op seksparkeerplaatsen was hij meiden aan her ronselen. Zo heeft hij ook [slachtoffer 3] geronseld. Dit was op een parkeerplaats in Almere. Eerst deed verdachte alsof hij heel goed kon met de vriend van [slachtoffer 3], maar zodra [slachtoffer 3] een paar keer voor verdachte had gewerkt dan probeert hij haar en haar vriend uit elkaar te drijven.141

[getuige 8] heeft verklaard dat hij één of twee keer seks met [slachtoffer 3] heeft gehad bij hem thuis. De eerste keer bracht verdachte haar. [getuige 8] moest voor [slachtoffer 3] € 200,- betalen voor een uur omdat ze wat jonger was. De extra's kwamen daar nog bij, dit liep van € 25,- tot € 50,-. [getuige 8] heeft [slachtoffer 3] € 50,- extra betaald om het zonder condoom te mogen doen.142

[getuige 9] heeft verklaard dat [slachtoffer 3], toen ze voor verdachte werkte, een keer naar [getuige 9] toe is gekomen om te vragen of hij geld van verdachte had gekregen.143

[getuige 2] heeft de politie verteld dat verdachte altijd meisjes zocht die makkelijk te beïnvloeden waren. Hij palmde ze dan in door bijvoorbeeld kleding voor hen te kopen. Ook nam hij ze mee naar een parenclub om hen alvast aan seks te laten wennen. Daarna kwam verdachte geld tekort en moesten die meiden voor hem werken. Daarbij kon verdachte erg bedreigend overkomen.144

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen.

die [slachtoffer 3] gedwongen seks met hem, verdachte, en/of met anderen te hebben

[slachtoffer 3] heeft hierover verklaard dat zij onder dwang van verdachte in de prostitutie moest werken. Verdachte ging dan dreigen dat hij heel sterk was en dat hij [slachtoffer 3] wat aan ging doen als ze geen geld ging verdienen. Hij zei dat hij haar dood zou maken.145 Kort na haar eerste ontmoeting met verdachte moest zij seks hebben met verdachte. [slachtoffer 3] zei de hele tijd dat ze dat niet wilde. Verdachte zei dan: 'doe niet zo raar joh'. Ze moest seks met hem hebben in het huis van haar moeder. Ze zei de hele tijd 'nee' maar hij bleef gewoon doorgaan. Ze kon eigenlijk niet zoveel doen, omdat verdachte veel sterker was.146 [slachtoffer 3] heeft verdachte verteld dat ze gehandicapt is en dat ze niet zo heel veel snapt. Verdachte zei dat je voor dat werk geen verstand nodig had. [slachtoffer 3] moest in de prostitutie gaan werken omdat verdachte hen (rechtbank: [slachtoffer 3] en [getuige 9]) geld geleend had. Toen ze in zijn huis in [woonplaats] waren wilde hij alleen maar seks. Dat heeft ze toen gedaan omdat hij haar dreigde met doodmaken en ook haar familie. Verdachte zei dat hij vrienden had met messen en pistolen. Hij dreigde elke keer.147 Elke keer als ze in [woonplaats] was, dan moest ze seks hebben met verdachte. Hij zei dan dat ze dan kon leren, voor naar de klanten toe. Ze moest dan seksstandjes leren. Iedere keer huilde ze dan maar verdachte zei dat ze zich niet zo aan moest stellen.148 Als ze zich ging verzetten zei hij dat hij haar dood zou maken. Want als ze hem weigerde, zou ze dat ook bij klanten doen. Als hij daar achter kwam, had ze helemaal een probleem, want dan zou hij zijn klanten verliezen.149 Als hij seks met haar had, duwde hij haar knieën uit elkaar en hield hij haar handen vast.150

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat verdachte heeft gezegd dat hij zou zorgen dat [slachtoffer 3] ook aan het werk ging, waarmee hij de prostitutie bedoelde. Ook op seksparkeerplaatsen was hij meiden aan het ronselen. Zo heeft hij ook [slachtoffer 3] geronseld. Dit was op een parkeerplaats in Almere. Eerst deed verdachte alsof hij heel goed kon met de vriend van [slachtoffer 3], maar zodra [slachtoffer 3] een paar keer voor verdachte had gewerkt dan probeert hij haar en haar vriend uit elkaar te drijven.151 Verdachte zei dat hij klanten voor [slachtoffer 3] had en dan haalde hij haar 's avonds laat op. 's Avonds had hij dan seks met [slachtoffer 3] en de volgende dag bracht hij haar naar een klant in [woonplaats]. [slachtoffer 3] zei tegen verdachte dat ze geen seks wilde als verdachte aanstalten maakte en aan haar broek zat. Verdachte deed alsof hij het niet hoorde.152

[slachtoffer 3] heeft ook haar moeder verteld dat zij gedwongen was regelmatig seks met verdachte te hebben.153

De verklaring van [getuige 2] zoals hiervoor opgenomen dient als hier herhaald en ingelast te worden beschouwd.

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen.

die [slachtoffer 3] naar klanten gebracht

Naast de verklaring van verdachte hierover, zoals hiervoor bij de feiten weergegeven, heeft [slachtoffer 1] verklaard dat [slachtoffer 3] vaak bij hen in [woonplaats] is geweest. Verdachte zei dan dat hij klanten voor [slachtoffer 3] had en dan haalde verdachte haar 's avonds op. De volgende dag bracht hij haar dan naar een klant.154

Getuige [getuige 11] heeft verklaard dat hij gezien heeft dat verdachte [slachtoffer 3] wegbracht naar een klant. Later belde zij dan weer op en werd ze weer opgehaald.155

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen.

gecontroleerd hoeveel klanten die [slachtoffer 3] had en hoeveel geld ze daarmee

had verdiend

[slachtoffer 3] heeft hierover verklaard dat als zij met [slachtoffer 1] op de parkeerplaats was in Waalwijk, verdachte op een afstandje aan het kijken was. Verdachte zei altijd dat hij hen in de gaten moest houden.156 Als ze op de parkeerplaats was moest ze ook langs de auto van verdachte lopen om te zeggen hoeveel klanten ze had gehad.157

De rechtbank acht deze verklaring van [slachtoffer 3] betrouwbaar, nu haar verklaring voor het overige op belangrijke onderdelen ondersteund wordt door andere bewijsmiddelen. Daarnaast vindt de rechtbank bevestiging in hetgeen onder 1 bewezen is verklaard. Verdachte belde [slachtoffer 1] immers vaak op om te vragen hoeveel klanten zij had gehad.

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank ook dit onderdeel van de tenlastelegging wettig en overtuigend bewezen.

het door [slachtoffer 3] verdiende geld ingenomen en/of beheerd en/of (deels)

aangewend voor zijn eigen gebruik

[slachtoffer 3] heeft hierover verklaard dat als zij klanten had gehad, verdachte naar de auto kwam om het geld op te halen. Zij moest haar geld aan verdachte geven.158 Dat gold ook voor het geld dat zij van [getuige 8] kreeg.159 De moeder van [slachtoffer 3] heeft verteld dat [slachtoffer 3] haar verteld heeft dat zij van een klant waar zij seks mee moest hebben, € 250,- kreeg waarvan zij

€ 100,- aan verdachte moest geven en € 150,- zelf mocht houden.160

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat verdachte haar verteld heeft dat een deel van het door [slachtoffer 3] verdiende geld naar verdachte ging.161

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank ook dit onderdeel van de tenlastelegging wettig en overtuigend bewezen.

gedreigd die [slachtoffer 3] en/of haar familie iets aan te zullen doen en/of

gezegd dat hij, verdachte, vrienden met pistolen had en/of dat hij haar dood

zou maken

De rechtbank verwijst hiervoor naar hetgeen onder het kopje 'tegen die [slachtoffer 3] gezegd dat hij, verdachte, haar moeder of [getuige 9] iets aan zou doen, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking' is opgenomen hetgeen als hier herhaald en ingelast dient te worden beschouwd. De rechtbank acht derhalve ook dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen.

Gedraging, dwangmiddel en oogmerk van uitbuiting

Werkwijze verdachte in het algemeen

Hetgeen de rechtbank bij feit 1 ten aanzien van de algemene werkwijze van verdachte heeft overwogen dient als hier herhaald en ingelast te worden beschouwd.

Uitbuiting [slachtoffer 3]

De rechtbank acht bewezen dat verdachte eenzelfde werkwijze ten aanzien van [slachtoffer 3] heeft gehanteerd.

Vast staat dat [slachtoffer 3] een verstandelijke beperking heeft. Verdachte heeft verklaard dat hij dit niet wist en gewoon dacht dat zij een jaar of 20 was. De rechtbank acht deze verklaring ongeloofwaardig gelet op hetgeen hiervoor is weergegeven omtrent zijn algemene werkwijze en gelet op het volgende.

[slachtoffer 3] heeft verklaard dat zij verdachte heeft verteld dat ze gehandicapt is. Verdachte zei dat je voor dat werk geen verstand nodig had.162

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat zij [slachtoffer 3] wel eens ophaalde in [woonplaats] waar [slachtoffer 3] woonde in een begeleid wonen of beschermd wonen. [slachtoffer 3] was een probleemkind en heeft in [Instituut] gezeten waar kinderen met gedragsproblemen zitten. [slachtoffer 3] was vaak bij hen in [woonplaats]. Verdachte zei dat hij klanten had voor [slachtoffer 3] en haalde haar dan 's avonds op.163

Ten aanzien van de uitbuiting van [slachtoffer 3] overweegt de rechtbank voorts het volgende.

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat verdachte heeft gezegd dat hij zou zorgen dat [slachtoffer 3] ook aan het werk ging, waarmee hij de prostitutie bedoelde. Ook op seksparkeerplaatsen was hij meiden aan het ronselen. Zo heeft hij ook [slachtoffer 3] geronseld. Dit was op een parkeerplaats in Almere. Eerst deed verdachte alsof hij heel goed kon met de vriend van [slachtoffer 3], maar zodra [slachtoffer 3] een paar keer voor verdachte had gewerkt dan probeert hij haar en haar vriend uit elkaar te drijven.164

[getuige 8] heeft verklaard dat hij [slachtoffer 3] leerde kennen via verdachte. Verdachte belde hem dat hij een meisje had en vroeg [getuige 8] of hij haar wilde ontmoeten. [getuige 8] had van [slachtoffer 3] geen telefoonnummer want dat contact verliep via verdachte.165

Zoals hiervoor bewezen verklaard, dwong verdachte [slachtoffer 3] door bedreiging met geweld in de prostitutie te werken en seks met hem te hebben. Tijdens de gedwongen seks met hem, hield verdachte [slachtoffer 3]'s handen vast en duwde haar knieën uit elkaar.

Ook zei verdachte haar dat ze geleend geld terug moest betalen door in de prostitutie te werken en misleidde hij haar door te zeggen dat hij haar al geld had betaald. [slachtoffer 3] moest hem laten weten hoeveel klanten ze had gehad en een deel van haar inkomsten moest [slachtoffer 3] aan verdachte afstaan.

De mate van psychisch overwicht dat verdachte op [slachtoffer 3] had en het misbruik dat hij, puur voor zijn eigen gewin, maakte van het feit dat zij er, ook lichamelijk, jonger uitzag volgt tevens uit de bewijsmiddelen die hiervoor onder het kopje 'die [slachtoffer 3] opdracht gegeven tegen klanten te zeggen dat ze 16 jaar is' zijn weergegeven.

De rechtbank overweegt dat [slachtoffer 3] aldus niet in een situatie verkeerde die gelijk is aan de omstandigheden waarin een mondige prostituee in Nederland pleegt te verkeren. Door de dwangmiddelen die verdachte op haar toepaste, was zij niet of verminderd in staat bewuste keuzes te maken.

Conclusie

Gelet op het voorgaande in onderling verband en samenhang bezien met hetgeen hiervoor als bewijs is opgenomen, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte door het verrichten van de bewezenverklaarde feitelijke handelingen, door geweld, dreiging met geweld, misleiding en misbruik van de kwetsbare positie van [slachtoffer 3], [slachtoffer 3] heeft geworven, vervoerd en overgebracht met het oogmerk van uitbuiting van [slachtoffer 3] en haar bewogen heeft zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele diensten. Daarnaast heeft verdachte opzettelijk voordeel getrokken uit haar uitbuiting.

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat:

3.

hij (op meerdere tijdstippen) in de periode van 1 april 2010

tot en met 7 juli 2010 in Nederland

een ander, te weten, [slachtoffer 3],

(lid 1, onder 1°)

door geweld en door

dreiging met geweld en

misleiding en door misbruik van de kwetsbare positie,

heeft geworven en vervoerd en overgebracht

met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 3],

en

(lid 1, onder 4°)

(telkens) met één of meerdere van de onder 1° van dit artikel genoemde

middelen, te weten door geweld en door dreiging met geweld en misleiding en door misbruik van de kwetsbare

positie

die [slachtoffer 3] heeft bewogen zich beschikbaar te stellen tot

het verrichten van diensten

en

(lid 1, onder 6°)

(telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting

van die [slachtoffer 3],

en

(lid 1, onder 9°)

(telkens) met één of meerdere van de onder 1° genoemde middelen, te weten

door geweld en door

dreiging met geweld en

misleiding en door misbruik van de kwetsbare positie

die [slachtoffer 3] heeft bewogen hem, verdachte te bevoordelen uit de opbrengst

van haar seksuele handelingen met een derde,

immers heeft verdachte (één of meermalen)

-terwijl die [slachtoffer 3] een verstandelijke beperking heeft en

-die [slachtoffer 3] opdracht gegeven tegen klanten te zeggen dat ze 16 jaar is en

-tegen die [slachtoffer 3] gezegd dat hij, verdachte, haar moeder of

[getuige 9] iets aan zou doen, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking en

-(seks)foto's van die [slachtoffer 3] gemaakt en op

internet gezet en

-aan die [slachtoffer 3] geld geleend en gezegd dat hij er wel iets voor terug

wilde en

-die [slachtoffer 3] gedwongen seks met hem, verdachte, en met anderen te hebben

en

-die [slachtoffer 3] naar klanten gebracht en

-gecontroleerd hoeveel klanten die [slachtoffer 3] had en

-het door [slachtoffer 3] verdiende geld ingenomen en/of beheerd en (deels)

aangewend voor zijn eigen gebruik en

-gedreigd die [slachtoffer 3] en haar familie iets aan te zullen doen en

gezegd dat hij, verdachte, vrienden met pistolen had en/of dat hij haar dood

zou maken;

Feit 4

De feiten

Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.

Verdachte en [slachtoffer 3], die toen 19 jaar was, hebben elkaar leren kennen op de parkeerplaats bij Almerestrand in januari 2010.166 Dit was een seksontmoetingsplek.167

In april 2010 heeft verdachte seks gehad met [slachtoffer 3] .168

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen op basis van de verklaring van [slachtoffer 3], hetgeen zij tegen haar vriend en moeder heeft verteld en op basis van de verklaring van [slachtoffer 1].

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft betoogd dat verdachte van het tenlastegelegde dient te worden vrijgesproken nu enig steunbewijs voor de aangifte van [slachtoffer 3] ontbreekt.

Beoordeling

[slachtoffer 3] heeft verklaard dat zij, toen haar moeder in het ziekenhuis lag, seks met verdachte moest hebben. Hij vond dat dat moest. Zij zei de hele tijd 'nee'. Verdachte zei dat ze niet zo raar moest doen. Ze zei de hele tijd 'nee' maar hij bleef gewoon doorgaan. Hij was veel sterker en deed haar broek los.169 Als ze in zijn huis in [woonplaats] waren wilde verdachte eigenlijk alleen maar seks. Zij zei 'nee'. Verdachte zei dat ze alleen vrienden konden zijn als ze seks met hem had. Het gebeurde toch want verdachte dreigde met doodmaken en zo. Familie en zo en dat hij vrienden had met messen en pistolen. Verdachte dreigde iedere keer en zei dat ze zich niet zo moest aanstellen.170 Verdachte legde haar op de grond en deed haar broek en onderbroek en alle kleren uit.171 Elke keer als ze in [woonplaats] was moest ze seks met verdachte hebben. Hij zei dan dat ze kon leren, voor naar de klanten toe. Ze moest dan van hem seksstandjes leren. Als ze seks met hem had, ging ze elke keer huilen. Hij zei dan dat ze zich niet zo aan moest stellen.172 Als ze zich zou verzetten zou hij haar doodmaken. Als ze weigerde, zou ze dat ook bij klanten doen. En als verdachte daar achter kwam, had ze helemaal een probleem. Want dan zou hij klanten verliezen. Verdachte had dan seks met haar en duwde daarbij haar knieën uit elkaar en hield haar handen vast. Dit gebeurde heel vaak.173 Ook bij de rechter-commissaris heeft [slachtoffer 3] verklaard dat ze tegen haar wil seks had met verdachte en dit ook tegen hem gezegd had. Hij zei dan dat ze niet zo lullig moest doen en dat hij haar anders wat aan zou doen en dat hij een hoop vrienden met wapens had.174

[slachtoffer 3] heeft ook haar moeder verteld dat zij gedwongen was regelmatig seks met verdachte te hebben.175

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat verdachte zei dat hij klanten voor [slachtoffer 3] had en dan haalde hij haar 's avonds laat op. 's Avonds had hij dan seks met [slachtoffer 3] en de volgende dag bracht hij haar naar een klant in [woonplaats]. [slachtoffer 3] zei tegen verdachte dat ze geen seks wilde als verdachte aanstalten maakte en aan haar broek zat. Verdachte deed alsof hij het niet hoorde.176

De verklaring van [slachtoffer 3] is gedetailleerd, consistent en wordt voldoende ondersteund door de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen.

De rechtbank acht, gelet op hetgeen zij hiervoor bij feit 3 heeft overwogen, bewezen dat verdachte misbruik heeft gemaakt van het uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht dat hij op [slachtoffer 3] had.

Conclusie

Het voorgaande in onderling verband en samenhang bezien met hetgeen hiervoor bij de feiten is opgenomen, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte [slachtoffer 3] meermalen heeft verkracht.

De rechtbank acht bewezen dat:

hij op tijdstippen in de periode van 1 april

2010 tot en met 7 juli 2010 in Nederland

(telkens) door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) heeft gedwongen tot

het ondergaan van (een) handeling(en) die (telkens) bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3],

hebbende verdachte (telkens)

- zijn penis in de vagina van die [slachtoffer 3] gebracht en/of geduwd en/of

bewogen

en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en)

hierin dat verdachte (telkens) meerdere malen, althans eenmaal,

de knieën van die [slachtoffer 3] uit elkaar heeft geduwd en

haar armen in bedwang gehouden en

-tegen die [slachtoffer 3] heeft gezegd dat ze alleen vrienden konden zijn als ze

ook seks hadden en tegen die [slachtoffer 3] gezegd dat hij haar standjes moest

leren voor de klanten en

-misbruik heeft gemaakt van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend

overwicht,

en(aldus) (telkens) voor die [slachtoffer 3] een bedreigende situatie heeft

doen ontstaan;

Feit 5

De feiten

Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.

In de periode van augustus tot en met november 2009 heeft verdachte [slachtoffer 2], die toen 23 jaar was, meermalen opgezocht in haar woning in [woonplaats]. De eerste keer dat hij daar was heeft hij haar gemasseerd en heeft hij haar verteld dat [slachtoffer 1] aan parkeerplaatsseks deed en een hoertje was. Verdachte heeft [slachtoffer 2] gezegd dat hij een schoonmaakster zocht.177

[slachtoffer 2] heeft een Wajong-uitkering. Ze is voor 90 % afgekeurd, onder andere als gevolg van psychische problemen.178

In het dossier bevinden zich verschillende verslagen van opgenomen telefoongesprekken die verdachte gevoerd heeft met [slachtoffer 2] en anderen. Verdachte heeft ter terechtzitting erkend deze gesprekken gevoerd te hebben.

In een gesprek op 3 november 2009 spreekt verdachte met [getuige 2]. In dat gesprek zegt [getuige 2] tegen verdachte: 'die van 18 komt godverdomme vier huizen naast mij wonen. Waar ik niet blij mee ben, want dat wordt dichtbij. En nou heb ik er vandaag weer eentje opgepikt. Die is 22. Die van 18 is vrij serieus en is gescheiden. Seks apart en alle dingen apart' (...)

Verdachte: 'een van die twee. Kan die niet werken'.

[getuige 2]: dat weet ik nog niet. Die ene van 18 doe dat sowieso niet want daar zit een smoel op'. Verdachte: 'ja maar ik heb ze zo klein'.

[getuige 2]: 'die andere is 22 en die heeft het verstandelijke vermogen van eentje van 17'. Verdachte: 'o ja, zo eentje'.

[getuige 2]: 'ja maar wel een goeie kont. Alles zit derop en deraan'.

Verdachte: 'mij maakt het niet uit of ze 22, 18 of 19 zijn'.

[getuige 2]: 'die van 18 dat wil ik haar niet aandoen om in zo'n leven te storten maar die andere interesseert me geen reet'.

Verdachte: 'ja nou. Wanneer is die weer een keer bij je dan?'. (...)

[getuige 2]: '[slachtoffer 1] moet er sowieso bij zijn want dan is het meer vertrouwd (...) al laat ze d'r eigen maar 5 keer in de rondte neuken. Dat interesseert me niks. Kijk die van 18 is een ander verhaal. Die hou ik voor me eigen. Maar deze. Die is in principe kant en klaar geschikt. Geldschulden enne, ja, probleemgeval. Maar wel een goeie kont en kut en ze is 22 ja'.

Verdachte: 'ja, ze kan zo meedraaien'.179

Op 6 november 2009 belt verdachte met [slachtoffer 2] om te vragen of [slachtoffer 1] haar al had gebeld. [verdachte] zegt dat ze op zoek zijn naar een schoonmaakster en zij vraagt of hij dat van [getuige 2] heeft gehoord.180

Ongeveer drie kwartier later belt verdachte met [slachtoffer 1]. Hij zegt haar dat hij [getuige 2] gesproken heeft over meiden, eentje van 18 en eentje van 22. Verdachte zegt dat hij tegen [getuige 2] gezegd heeft dat [getuige 2] het nummer van die van 22 moet geven omdat [getuige 2] die van 18 voor zichzelf wil houden. Verdachte zegt tegen [slachtoffer 1] dat hij die van 22 toen heeft gebeld en gezegd heeft dat hij een schoonmaakster zocht. Dan zegt hij: 'ik denk als ik haar eerst maar eens in het huisje heb, dan komt de rest vanzelf wel ja toch' en 'ik denk ja je moest eens weten van ik zometeen van plan ben met je'.181

Op 7 november 2009 belt verdachte [slachtoffer 1] terwijl hij [slachtoffer 2] in haar huisje aan het masseren is. . Hij zegt [slachtoffer 1] dat hij [slachtoffer 2] aan het masseren is, 'want neuken doen we niet hoor', zegt verdachte.182 Later belt verdachte [slachtoffer 1] nog een keer en zegt hij dat hij ook tegen [slachtoffer 2] heeft gezegd dat [slachtoffer 1] soms een paar duizend euro in de week verdiend, want je moet mensen altijd lekker maken.183

Op 9 november 2009 belt verdachte met [slachtoffer 2]. Verdachte biedt [slachtoffer 2] aan dat als zij in de financiële problemen zit en een paar honderd euro wil verdienen, haar te zeggen hoe ze dat het beste kunnen gaan doen. Verdachte zegt dat hij een normaal iemand is, die met vrouwen werkt. [slachtoffer 2] zegt dat ze best wil werken maar niet op dat gebied vanwege haar verleden. Verdachte zegt dat hij haar heeft uitgelegd wat de mogelijkheden zijn en dat zij maar moet kijken wat ze daarmee wil. Verdachte zegt dat als [slachtoffer 2] wel interesse heeft in dat andere en zij slikt de pil niet dat zij dan met klanten meegaat en zich dan moet laten volspuiten. Verdachte zegt dat [slachtoffer 2] met [slachtoffer 1] kan gaan praten en dat verdachte met [slachtoffer 1] heel ruimdenkend is, dat hij met [slachtoffer 1] wel eens in parenclubs komt en dat [slachtoffer 1] dan met 2 of drie man in een slaapkamer verdwijnt. Verdachte zegt dat dat andere voor [slachtoffer 2] wel een mooie oplossing is want dan pakt [slachtoffer 2] een paar honderd euro op een avond.184

In een gesprek van 17 november 2009 zegt [getuige 2] tegen verdachte over [slachtoffer 2]: 'of je moet ze flink meppen geven en laten werken, maar anders kun je er niks mee'. [getuige 2] zegt dat als verdachte denkt dat hij [slachtoffer 2] ergens kan planten en er mee aan de gang kan gaan dat dat geweldig is maar zegt verdachte wel op te letten. Verdachte zegt dat hij er aan denkt [slachtoffer 2] in het huisje neer te zetten.185

Op 18 november 2009 zegt verdachte in een telefoongesprek tegen [slachtoffer 2] dat ze maar in het huisje in [ woonplaats] moet kijken. Hij vraagt haar ook of ze wel eens in de sauna komt.186

Op 21 november 2009 bedreigt verdachte [slachtoffer 2] aan de telefoon dat als zij naar het politiebureau gaat, hij haar door het hele huisje heen slaat. Hij verlangt van niemand een grote bek, zeker niet van een vrouw.187

Standpunt officier van justitie

De officier van justitie acht het als sub 1 tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen.

Verdachte heeft [slachtoffer 1] door middel van misleiding, geweld, feitelijkheid en misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht [slachtoffer 2] geworven met het oogmerk van uitbuiting door haar te willen laten werken in de prostitutie. De officier van justitie acht daarbij de eerste vier tenlastegelegde gedachtestreepjes ook bewezen.

Niet bewezen kan worden dat [slachtoffer 2] zich beschikbaar heeft gesteld voor de prostitutie. Derhalve moet een vrijspraak volgen voor het als sub 4 tenlastegelegde.

Standpunt verdediging

De raadsman heeft betoogd dat verdachte vrijgesproken zal moeten worden van het primair tenlastegelegde nu er geen sprake is geweest dat verdachte [slachtoffer 2] heeft geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest of opgenomen met het oogmerk van uitbuiting. Ook is er geen bewijs voor één van de genoemde dwangmiddelen.

Ten aanzien van het subsidiaire heeft de raadsman tevens een vrijspraak betoogd nu er geen sprake van is dat verdachte [slachtoffer 2] heeft gedwongen of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten.

Beoordeling

Werkwijze verdachte in het algemeen

Hetgeen de rechtbank bij feit 1 ten aanzien van de algemene werkwijze van verdachte heeft overwogen dient als hier herhaald en ingelast te worden beschouwd.

Uitbuiting [slachtoffer 2]

De rechtbank acht bewezen dat verdachte eenzelfde werkwijze ten aanzien van [slachtoffer 2] heeft gehanteerd.

[slachtoffer 2] heeft verklaard dat verdachte, de eerste keer dat hij bij haar in haar woning was, begon over prostitutie. Zij had toen geldproblemen. Hij zei haar dat hij prostitutiewerk voor haar had en dat hij 20 tot 25 meisjes in de prostitutie had. Verdachte zei dat hij meisjes had werken op parkeerplekken in vrachtwagens. Hij zei dat je daar duizenden euro's mee kon verdienen. Verdachte zei dat [slachtoffer 1] daar 4.000 euro per week mee verdiende. Verdachte heeft haar gevraagd of zij voor hem in de prostitutie wilde werken omdat ze daar veel geld mee kon verdienen. Verdachte heeft haar enkele malen gevraagd of zij voor hem wilde werken in de prostitutie.188 Verdachte heeft haar gezegd dat als ze werk wilde hebben, hij wel iets beters wist waar ze grof geld mee kon verdienen. Hij zei ook dat [slachtoffer 1] wel eens 4.000 euro op een avond verdiende. Het werk was aan de snelweg in vrachtwagens en veelal 's avonds en 's nachts.189

Over het hiervoor genoemde telefoongesprek van 3 november 2009 heeft [getuige 2] verklaard dat die 22jarige [slachtoffer 2] betrof. En dat het hem duidelijk was dat verdachte meiden aan het ronselen was. Verdachte is een jager, die zoekt de zwakken. Met [slachtoffer 2] was duidelijk iets aan de hand.190 [getuige 2] heeft de politie ook verteld dat verdachte altijd meisjes zocht die makkelijk te beïnvloeden waren. Hij palmde ze dan in door bijvoorbeeld kleding voor hen te kopen. Ook nam hij ze mee naar een parenclub om hen alvast aan seks te laten wennen. Daarna kwam verdachte geld tekort en moesten die meiden voor hem werken. Daarbij kon verdachte erg bedreigend overkomen. Verdachte ging ook wel met die meiden naar de sauna en naar een parkeerplaats bij Waalwijk. Daar moesten die meiden voor verdachte werken.191

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat verdachte dacht dat hij [slachtoffer 2] ook in de prostitutie kon krijgen. Dit heeft ze van verdachte gehoord.192

De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte de (onder)broek van [slachtoffer 2] heeft opengetrokken, bovenop haar is gaan zitten en haar borsten of geslachtsdelen heeft betast. Hiervoor is in het dossier onvoldoende steunbewijs voor de verklaring van [slachtoffer 2] aanwezig. Ook het telefoongesprek dat verdachte heeft gevoerd met [slachtoffer 1] op het moment dat hij [slachtoffer 2] aan het masseren was en waarbij op de achtergrond [slachtoffer 2] zelf te horen is, biedt daarvoor onvoldoende aanwijzing.

Gelet op voornoemde bewijsmiddelen in samenhang bezien met hetgeen hiervoor onder de feiten is weergegeven, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte, wetende dat [slachtoffer 2] 'een probleemgeval' was, doelbewust geprobeerd heeft haar in de prostitutie te laten werken door middel van misleiding, misbruik van het uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht dat hij op haar had en misbruik te maken van haar kwetsbare positie.

Verdachte heeft naar haar toe immers doen voorkomen alsof hij haar wilde laten schoonmaken. Daarna heeft hij haar gemasseerd, ondertussen [slachtoffer 1] gebeld en over neuken gesproken, en daarna meermalen tegen [slachtoffer 2] gezegd dat hij haar wel in de prostitutie wilde hebben en genoemd dat ze daar veel geld mee kon verdienen en hij meer meisjes voor zich had werken in de prostitutie.

Aldus heeft verdachte [slachtoffer 2] geworven met het oogmerk van uitbuiting van haar. Dat [slachtoffer 2] te kennen heeft gegeven dat ze niet in de prostitutie zou gaan werken, maakt dat niet anders nu het niet gaat om de vraag of de prostitutiearbeid zich ook heeft gerealiseerd maar alleen om de vraag of daartoe is geworven, en dat is zo..

Conclusie

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat bewezen geacht wordt dat:

5.

hij op tijdstippen in de periode van 1 augustus

2009 tot en met 30 november 2009 te Putten,

een ander, te weten, [slachtoffer 2],

(lid 1, onder 1°)

door

misleiding en door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend

overwicht en door misbruik van de kwetsbare positie,

heeft geworven met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 2],

immers heeft/is hij verdachte,

-die [slachtoffer 2] voorgehouden dat hij een schoonmaakster zocht en die [slachtoffer 2]

Voorgehouden dat hij haar aan werk kan helpen

en

-meerdere malen, althans eenmaal, tegen die [slachtoffer 2] gezegd dat hij haar wel in

de prostitutie wilde hebben en

-tegen die [slachtoffer 2] gezegd "Als je werk wil hebben, dan weet ik wel iets beters,

waarmee je grof geld kan verdienen." en

"[slachtoffer 1] verdient wel eens 4.000 euro op één avond." en

"Het werk is aan de snelweg in vrachtwagens, veelal 's nachts en 's avonds."

en

"Je kan er veel geld mee verdienen." en

"Ik heb wel 20 tot 25 meisjes voor me werken in de prostitutie.";

Feit 6

De feiten

Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.

Verdachte en [slachtoffer 4], geboren op [1992], hebben elkaar leren kennen in de sauna in Putten, waar verdachte met [slachtoffer 1] was.193 Verdachte, [slachtoffer 1] en [slachtoffer 4] zijn samen ook in de seksshop Erotica geweest. Toen [slachtoffer 1] daar seks had op een bed, heeft verdachte [slachtoffer 4] gevraagd haar vest uit te doen en heeft haar een tongzoen gegeven. Hij heeft ook wel eens tegen [slachtoffer 4] gezegd dat iemand een klant van [slachtoffer 1] was.194 In Erotica is een darkroom met daarin een bed waarop mensen seks kunnen hebben en mensen toe kunnen kijken.195

Verdachte heeft met [slachtoffer 4] en [slachtoffer 1] seks gehad in de sauna in Putten. [slachtoffer 4] heeft verdachte verteld dat zij in het verleden misbruikt was.196

Standpunt officier van justitie

De officier van justitie acht het tenlastegelegde bewezen.

Verdachte heeft [slachtoffer 4], vòòr haar 18e verjaardag, geworven en vervoerd met het oogmerk van uitbuiting door haar te willen laten werken in de prostitutie en zelf seks met haar te hebben tegen haar wil. Voor het deel van de tenlastelegging dat ziet op artikel 273 lid 1 sub 5 (het ook feitelijk tegen betaling seksuele diensten (doen) verrichten) is geen bewijs omdat er geen bewijs is dat er betaald is voor de seks van [slachtoffer 4] met een derde en evenmin dat [slachtoffer 4] zich daarvoor beschikbaar heeft gesteld.

Verdachte heeft [slachtoffer 4], nà haar 18e verjaardag, door middel van dwang, misleiding, geweld, dreiging met geweld en misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht geworven en vervoerd met het oogmerk van uitbuiting door haar te willen laten werken in de prostitutie en zelf seks met haar te hebben tegen haar wil.

Standpunt verdediging

De raadsman heeft het verweer gevoerd dat verdachte van het tenlastegelegde dient te worden vrijgesproken. Daartoe heeft hij het volgende betoogd.

Uit geen enkel bewijsmiddel blijkt dat [slachtoffer 4] zich voor de prostitutie beschikbaar heeft gesteld. Er is geen verband tussen het tenlastegelegde en de seksuele handelingen die (verdachte met) [slachtoffer 4] had.

[slachtoffer 4] heeft bij haar verklaring bij de rechter-commissaris gezegd dat ze geen aangifte wilde doen en zij was kennelijk benaderd om de zaak van [slachtoffer 1] rond te krijgen, hetgeen vragen oproept over de betrouwbaarheid van de verklaring van [slachtoffer 4].

De verklaring van [slachtoffer 4] ten aanzien van de gedwongen seks is te vaag. Er is geen informatie omtrent de vraag hoe [slachtoffer 4] kenbaar heeft gemaakt aan verdachte dat zij niet wilde.

Verdachte betwist dat hij [slachtoffer 4] al vòòr haar 18e verjaardag kende hetgeen wordt ondersteund door de eerste verklaring van [slachtoffer 4] bij de politie.

Verdachte heeft bepaalde uitlatingen niet gedaan om [slachtoffer 4] tot prostitutie te bewegen.

De verklaring van [slachtoffer 1] moet met een korrel zout worden genomen.

Wettig en overtuigend bewijs ontbreekt voor het werven, vervoeren, huisvesten en/of opnemen met het oogmerk van uitbuiting en ook voor het dwingen of bewegen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten. Evenmin is sprake van enig tenlastegelegd dwangmiddel.

Beoordeling

Betrouwbaarheid verklaringen [slachtoffer 4] en [slachtoffer 1]

De rechtbank acht beide verklaringen, voor zover hierna tot het bewijs gebezigd, betrouwbaar, nu deze op belangrijke onderdelen ondersteuning vinden in elkaar en in andere bewijsmiddelen. Dat [slachtoffer 4] bij de rechter-commissaris heeft verklaard dat ze geen aangifte heeft gedaan tegen verdachte doet daar niet aan af, temeer daar zij heeft uitgelegd dat zij dat niet heeft gedaan omdat ze dan een advocaat nodig had, de kans groter zou zijn dat ze tegenover verdachte zou komen te zitten en de situatie er niet door veranderde. Evenmin doet daar aan af dat [slachtoffer 4] bij de rechter-commissaris heeft verklaard dat ze [slachtoffer 1]'s verhaal bij de politie moest bevestigen. Ze zegt niet dat [slachtoffer 1], de politie of een ander haar dit gevraagd heeft. Ze zegt dat de politie haar wilden horen om te kijken of het klopte wat [slachtoffer 1] allemaal verteld had. Niet is gesteld of gebleken dat de politie haar heeft verteld wat [slachtoffer 1] had verklaard.

Feitelijke handelingen voor de 18e verjaardag van [slachtoffer 4]

die [slachtoffer 4] meegenomen naar een seksshow en/of voorgesteld dat zij haar

kleding uitdeed

Dat verdachte en [slachtoffer 4] samen bij een seksshow in Erotica aanwezig waren en hij haar voorstelde haar vest uit te doen heeft verdachte zelf ook verklaard ter terechtzitting van 12 maart 2012.

[slachtoffer 4] heeft verklaard dat zij 17 jaar oud was toen zij verdachte leerde kennen in de sauna in Putten. Dit was eind 2009. Verdachte begon toen tegenover haar meteen over parenclubs. Later ging het daar weer over en over een seksshop Erotica in Amersfoort. Al vòòr haar 18e verjaardag is zij met verdachte en [slachtoffer 1] bij Erotica geweest in Amersfoort. De eerste keer dat ze in Erotica was, was ze met verdachte en [slachtoffer 1]. Verdachte heeft haar toen Erotica laten zien. Hij liet haar ook de bioscoop aan de achterkant zien. Daar is een bed waar toen een seksshow bezig was van een man en een vrouw waar veel mannen stonden te kijken. Verdachte stelde haar voor dat ze haar vest uit zou doen. Verdachte heeft haar daar toen ook getongzoend.197 Ook bij de rechter-commissaris heeft [slachtoffer 4] verklaard dat ze ook in Erotica is geweest toen ze nog 17 jaar was.198

Verdachte heeft ter terechtzitting van 20 maart 2012 verklaard dat [slachtoffer 4] misschien de eerste keer toen ze elkaar leerden kennen in de sauna nog geen 18 jaar was.199

Hoewel [slachtoffer 4] bij de politie eerst verklaard heeft dat zij denkt dat zij verdachte ergens in het voorjaar van 2010 heeft leren kennen, zegt ze ook dat ze het niet precies meer weet. In een latere verklaring wordt haar gericht gevraagd wanneer alles plaats vond en of zij toen al 18 jaar was of niet. [slachtoffer 4] linkt die eerste ontmoeting dan aan bepaalde andere situaties, zoals bijvoorbeeld Kerst en eerdere bezoeken aan de sauna met anderen. De rechtbank acht haar verklaring derhalve betrouwbaar.

Gelet op voornoemde bewijsmiddelen acht de rechtbank dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen.

die [slachtoffer 4] gedwongen seks met hem, verdachte te hebben en/of die [slachtoffer 4]

gedwongen tot andere seksuele handelingen met hem, verdachte, en/of met [slachtoffer 1]

[slachtoffer 1] en

die [slachtoffer 4] stevig bij haar pols en/of arm gepakt en/of gevraagd mee te doen

met het verrichten van seksuele handelingen

[slachtoffer 4] heeft verklaard dat zij in de maanden december 2009 en januari tot en met april 2010 seksuele contacten had met [slachtoffer 1] en verdachte. Voor haar 18e verjaardag had ze tussen de 20 en 30 keer seksuele gemeenschap met verdachte. Dit was in Erotica in Amersfoort, in de sauna in Putten en ook in de woning van [slachtoffer 1] en verdachte in [woonplaats]. Ten aanzien van die seksuele contacten verklaart [slachtoffer 4] dat ze gewoon mee moest doen. Verdachte keek haar dan op een bepaalde manier aan of pakte haar pols net iets harder vast dan normaal, waardoor ze toch maar weer mee deed. Ze had niet echt gevoel bij de seks omdat ze eerder seksueel misbruikt is. Ze heeft gezegd dat ze zich ongemakkelijk voelde. In het begin in Erotica heeft ze heel lang gezegd dat ze niet op het bed wilde gaan liggen. Er werd dan aan haar arm getrokken of heel erg gepusht tot ze er wel op ging liggen. Verdachte trok dan aan haar arm. Hij pushte haar ook door de manier waarop hij keek en de dingen die hij zei. Hij gaf je het gevoel dat je niet zo flauw moest doen. Als je stap A had gezet, moest je ook stap B zetten. Verdachte vertelde ook dat hij vastgezeten had en dat zijn vrouw thuis een pistool of revolver had liggen. Hij vertelde dit omdat ze er bang van zou worden. Ze was gewoon bang voor hem.200

Ook bij de rechter-commissaris heeft [slachtoffer 4] verklaard dat ze de eerste keer in Erotica dat ze seks had met verdachte en [slachtoffer 1], ze zeker wel een paar keer nee heeft gezegd tegen verdachte. Er waren toen ook andere mannen bij. Toen ze nee zei, pakte verdachte haar arm vast en probeerde haar van de bank te trekken. Toen ze weer nee zei pakte hij haar iets harder vast en trok haar omhoog van de bank. In de sauna heeft ze ook meerdere keren seks gehad met verdachte en zei ze soms ook nee. Ze heeft zeker laten blijken dat ze niet wilde.201

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat verdachte seks moest en zou hebben met [slachtoffer 4]. Wilde ze niet dan gebeurde het toch. Verdachte heeft seks gehad met [slachtoffer 4] tegen haar wil. Ze heeft vaak genoeg gezegd dat ze niet wilde.202 Verdachte pakte [slachtoffer 4] dan vast en duwde zijn pik gewoon naar binnen. Als [slachtoffer 4] zei dat ze niet wilde, gebeurde het altijd toch. Ze liet zich overhalen door verdachte om seks te hebben en soms nam hij het gewoon. Ze hadden met z'n drieën tussen de 20 en 30 keer seks.203 Ook bij de rechter-commissaris heeft [slachtoffer 1] dit verklaard.204

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank het tenlastegelegde bewezen.

aan die [slachtoffer 4] voorgesteld dat zij, omdat zij zo jong was, hij voor haar

wel 200 euro of 250 euro per uur kon vragen en

aan die [slachtoffer 4] een manspersoon aangewezen en/of daarbij gezegd dat hij een

klant was van [slachtoffer 1] en/of dat deze man gek was op jonge meisjes en/of aan die

[slachtoffer 4] voorgesteld dat zij die man als klant zou nemen en/of dat hij dan een

nog hoger bedrag kon vragen dan voor [slachtoffer 1] en

tegen die [slachtoffer 4] gezegd dat zij veel geld kon verdienen met de prostitutie

[slachtoffer 4] heeft hierover verklaard dat verdachte haar eens voorstelde dat, omdat ze nog zo jong was, hij wel € 200,- tot € 250,- voor haar per uur kon vragen. Dat voorstel heeft verdachte ongeveer 4 keer aan haar gedaan om in de prostitutie te gaan werken. De eerste keer was toen er een man met een sigaar naar buiten kwam lopen bij Erotica. Verdachte zei toen dat die man een klant van [slachtoffer 1] was en dat die altijd zo jong mogelijke meisjes wil. Verdachte zei dat hij voor [slachtoffer 1] een X bedrag kon vragen, maar als ze naar haar zouden gaan, als zij het zou doen kon hij nog een hoger bedrag vragen. Dit was voor haar 18e verjaardag dat hij dat zei.205 Ze denkt dat als ze hem weer zou ontmoeten dat hij haar wel weer zou pushen, dat ze veel geld kon verdienen met prostitutie.206

Later zijn ze ook met z'n drieën naar een parenclub geweest.207

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat het eerste wat verdachte over [slachtoffer 4] zei was: 'die span ik ook voor het karretje of die gaat ook voor de bijl'.208 Verdachte heeft wel geprobeerd [slachtoffer 4] in de prostitutie te laten werken. [slachtoffer 1] haalde [slachtoffer 4] vaak op om wat te drinken, naar de sauna te gaan of te gaan stappen of winkelen. Ze kreeg dan geld mee van verdachte zodat ze ook voor [slachtoffer 4] kon betalen. Verdachte had daarover gezegd dat ze het [slachtoffer 4] naar de zin moest maken en voor haar moest betalen want dan kreeg hij haar wel zover dat [slachtoffer 4] ook ging werken in de prostitutie en dan zou ze het wel terug betalen.209

[getuige 2] heeft verklaard dat verdachte enkele meisjes voor zich had werken. Verdachte palmde die meiden dan in. Ook nam verdachte ze mee naar een parenclub. Dan konden ze alvast aan seks wennen, had verdachte gezegd. Daarna kwam verdachte geld tekort en moesten die meiden voor hem werken. Verdachte kon daarbij erg bedreigend overkomen. [slachtoffer 1] moest uiteindelijk ook voor verdachte werken.210

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank het tenlastegelegde bewezen.

gevraagd aan die [slachtoffer 4] of ze er nog over na had gedacht en/of dat [slachtoffer 1]

een nieuwe klant had en zij die ook wel had kunnen doen

Uit de verklaring van [slachtoffer 4] volgt dat dit na haar 18e verjaardag gebeurd was. Dit deel van de tenlastelegging kan hier derhalve niet bewezen worden.

gezegd dat hij iedereen die hem in de steek liet binnen een week weer

gevonden had

[slachtoffer 4] heeft verklaard dat verdachte altijd zei dat hij iedereen die hem in de steek liet, binnen een week gevonden had.211

Hoewel hiervoor geen directe ondersteuning in het dossier aanwezig is, heeft de rechtbank geen reden te twijfelen aan haar verklaring, gelet op hetgeen de rechtbank hiervoor over de betrouwbaarheid van haar verklaring heeft overwogen. Het past in het patroon van handelen door verdachte, en behoeft voor het bewijs (dan) ook geen aparte ondersteuning.

Daarnaast volgt uit een opgenomen telefoongesprek tussen verdachte en [slachtoffer 1] van 3 december 2009, zoals opgenomen bij feit 1, dat verdachte soortgelijke bewoordingen richting [slachtoffer 1] heeft geuit.

Feitelijke handelingen ná de 18e verjaardag van [slachtoffer 4]

die [slachtoffer 4] veel drank gegeven

Evenals de officier van justitie en de raadsman acht de rechtbank dit onderdeel van de tenlastelegging niet bewezen.

die [slachtoffer 4] gedwongen seks met hem, verdachte te hebben en/of die [slachtoffer 4]

gedwongen tot andere seksuele handelingen met hem, verdachte

[slachtoffer 4] heeft verklaard dat na haar 18e verjaardag, de contacten tussen haar, [slachtoffer 1] en verdachte bleven bestaan. [slachtoffer 1] en verdachte hadden toen een huis gekraakt in [woonplaats]. Ze zijn toen ook naar een parenclub in Weesp of Muiden geweest en daar hebben ze ook met elkaar seks gehad.212 Daar heeft ze vaak gezegd dat ze geen zin had in seks met verdachte. Ze bedacht dan heel vaak smoesjes. Het was altijd wel zo dat als verdachte wat wilde dat het dan ook gebeurde.213

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat verdachte ook in [woonplaats] tegen [slachtoffer 4]s wil seks met haar had. [slachtoffer 4] heeft vaak genoeg gezegd dat ze niet wilde. Wilde ze niet dan gebeurde het toch.214 In [woonplaats] hadden ze seks met z'n drieën. [slachtoffer 4] wilde meestal geen seks met verdachte, maar verdachte ging net zolang door met uitkleden en kussen en aan haar zitten tot ze uiteindelijk toegaf.215 Verdachte pakte [slachtoffer 4] dan vast en duwde zijn pik gewoon naar binnen. Als [slachtoffer 4] zei dat ze niet wilde, gebeurde het altijd toch. Ze liet zich overhalen door verdachte om seks te hebben en soms nam hij het gewoon. Ze hadden met z'n drieën tussen de 20 en 30 keer seks.216 Ook bij de rechter-commissaris heeft [slachtoffer 1] dit verklaard.217

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank het tenlastegelegde bewezen.

die [slachtoffer 4] stevig bij haar pols en/of arm gepakt en/of gevraagd mee te doen

met het verrichten van seksuele handelingen en

aan die [slachtoffer 4] voorgesteld dat zij, omdat zij zo jong was, hij voor haar

wel 200 euro of 250 euro per uur kon vragen en

aan die [slachtoffer 4] een manspersoon aangewezen en/of daarbij gezegd dat hij een

klant was van [slachtoffer 1] en/of dat deze man gek was op jonge meisjes en/of aan die

[slachtoffer 4] voorgesteld dat zij die man als klant zou nemen en/of dat hij dan een

nog hoger bedrag kon vragen dan voor [slachtoffer 1] en/of en

tegen die [slachtoffer 4] gezegd dat zij veel geld kon verdienen met de prostitutie

Uit de verklaring van [slachtoffer 4] volgt dat dit voor haar 18e verjaardag gebeurd was. Dit deel van de tenlastelegging kan hier derhalve niet bewezen worden nu het in de feitelijke uitwerking in de tenlastelegging is verbonden aan haar meerderjarigheidsperiode..

gevraagd aan die [slachtoffer 4] of ze er nog over na had gedacht en/of dat [slachtoffer 1]

een nieuwe klant had en zij die ook wel had kunnen doen

Nadat [slachtoffer 4] heeft verklaard over het voorstel van 200 á 250 euro en de klant van [slachtoffer 1] heeft ze verklaard dat na haar 18e verjaardag, verdachte nog wel eens gevraagd heeft of ze er over nagedacht had. Verdachte zei ook wel dat [slachtoffer 1] een nieuwe klant had en dat zij die ook wel had kunnen doen.218 Toen ze 18 was hebben ze ook seks gehad in een parenclub.219

Ze denkt dat als ze hem weer zou ontmoeten dat hij haar wel weer zou pushen, dat ze veel geld kon verdienen met prostitutie.220

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat het eerste wat verdachte over [slachtoffer 4] zei was: 'die span ik ook voor het karretje of die gaat ook voor de bijl'.221 Verdachte heeft wel geprobeerd [slachtoffer 4] in de prostitutie te laten werken. [slachtoffer 1] haalde [slachtoffer 4] vaak op om wat te drinken, naar de sauna te gaan of te gaan stappen of winkelen. Ze kreeg dan geld mee van verdachte zodat ze ook voor [slachtoffer 4] kon betalen. Verdachte had daarover gezegd dat ze het [slachtoffer 4] naar de zin moest maken en voor haar moest betalen want dan kreeg hij haar wel zover dat [slachtoffer 4] ook ging werken in de prostitutie en dan zou ze het wel terug betalen.222

[getuige 2] heeft verklaard dat verdachte enkele meisjes voor zich had werken. Verdachte palmde die meiden dan in. Ook nam verdachte ze mee naar een parenclub. Dan konden ze alvast aan seks wennen, had verdachte gezegd. Daarna kwam verdachte geld tekort en moesten die meiden voor hem werken. Verdachte kon daarbij erg bedreigend overkomen. [slachtoffer 1] moest uiteindelijk ook voor verdachte werken.223

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank het tenlastegelegde bewezen.

gezegd dat hij iedereen die hem in de steek liet binnen een week weer

gevonden had

[slachtoffer 4] heeft verklaard dat verdachte altijd zei dat hij iedereen die hem in de steek liet, binnen een week gevonden had.224

Hoewel hiervoor geen directe ondersteuning in het dossier aanwezig is, heeft de rechtbank geen reden te twijfelen aan haar verklaring, gelet op hetgeen de rechtbank hiervoor over de betrouwbaarheid van haar verklaring heeft overwogen. Het past in het patroon van handelen door verdachte, en behoeft voor het bewijs (dan) ook geen aparte ondersteuning.

Daarnaast volgt uit een opgenomen telefoongesprek tussen verdachte en [slachtoffer 1] van 3 december 2009, zoals opgenomen bij feit 1, dat verdachte soortgelijke bewoordingen richting [slachtoffer 1] heeft geuit.

Gedraging, dwangmiddel en oogmerk van uitbuiting, zowel voor als na de 18e verjaardag van [slachtoffer 4]

Algemene werkwijze verdachte

Hetgeen hierover bij feit 1 is weergegeven dient als hier herhaald en ingelast te worden beschouwd.

Uitbuiting [slachtoffer 4]

Zoals hiervoor bij de feiten vastgesteld, wist verdachte dat [slachtoffer 4] vroeger misbruikt was.

[slachtoffer 4] heeft verklaard dat verdachte wist dat zij 17 jaar was. Verdachte heeft dat ook wel gezegd omdat zij 17 jaar en zo jong was daarom kon hij zoveel geld voor haar krijgen. Het staat ook op je hyves en ze spraken ook over haar rijbewijs dat zij nog niet had of ze hadden het over het brommercertificaat wat zij had.225

Verdachte heeft ter terechtzitting van 20 maart 2012 verklaard dat [slachtoffer 4] misschien de eerste keer toen ze elkaar leerden kennen in de sauna nog geen 18 jaar was.226

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat het eerste wat verdachte over [slachtoffer 4] zei was: 'die span ik ook voor het karretje of die gaat ook voor de bijl'.227 Verdachte heeft wel geprobeerd [slachtoffer 4] in de prostitutie te laten werken. [slachtoffer 1] haalde [slachtoffer 4] vaak op om wat te drinken, naar de sauna te gaan of te gaan stappen of winkelen. Ze kreeg dan geld mee van verdachte zodat ze ook voor [slachtoffer 4] kon betalen. Verdachte had daarover gezegd dat ze het [slachtoffer 4] naar de zin moest maken en voor haar moest betalen want dan kreeg hij haar wel zover dat [slachtoffer 4] ook ging werken in de prostitutie en dan zou ze het wel terug betalen.228

Gelet op voornoemde bewijsmiddelen in samenhang bezien met de feitelijke handelingen die de rechtbank bewezen heeft geacht, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte eenzelfde werkwijze als ten aanzien van [slachtoffer 3] bij [slachtoffer 4] heeft gehanteerd.

Verdachte heeft [slachtoffer 4] gedwongen seks met hem te hebben, stelde haar meermalen voor om in de prostitutie te werken en zei haar dat hij iedereen die hem in de steek liet binnen een week gevonden had. Door deze dwang en het misbruik maken van het uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht dat hij op haar had, was [slachtoffer 4] niet of

verminderd in staat bewuste keuzes te maken.

Conclusie

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte door het verrichten van de bewezenverklaarde feitelijke handelingen, door dwang en misbruik van het uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht dat hij op [slachtoffer 4] had, [slachtoffer 4] heeft geworven met het oogmerk van uitbuiting van [slachtoffer 4].

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat:

6.

hij op tijdstippen in de periode van 1 december 2009

tot en met 26 april 2010 te Putten en/of Amersfoort

een ander, te weten, [slachtoffer 4] (geboren [1992])

(lid 1, onder 2°)

heeft geworven

met het oogmerk van uitbuiting,

terwijl die [slachtoffer 4] de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt,

immers heeft verdachte, meerdere malen, althans eenmaal,

-die [slachtoffer 4] meegenomen naar een seksshow en voorgesteld dat zij haar

kleding uitdeed en

-die [slachtoffer 4] gedwongen seks met hem, verdachte te hebben en/of met [slachtoffer 1]

[slachtoffer 1] en

-die [slachtoffer 4] daarbij stevig bij haar pols en/of arm gepakt en

-aan die [slachtoffer 4] voorgesteld dat zij, omdat zij zo jong was, hij voor haar

wel 200 euro of 250 euro per uur kon vragen en

-aan die [slachtoffer 4] een manspersoon aangewezen en daarbij gezegd dat hij een

klant was van [slachtoffer 1] en/of dat deze man gek was op jonge meisjes en aan die

[slachtoffer 4] voorgesteld dat zij die man als klant zou nemen en dat hij dan een

nog hoger bedrag kon vragen dan voor [slachtoffer 1] en

-tegen die [slachtoffer 4] gezegd dat zij veel geld kon verdienen met de prostitutie

en

-gezegd dat hij iedereen die hem in de steek liet binnen een week weer

gevonden had;

en

hij op tijdstippen in de periode van 27 april 2010

tot en met 31 augustus 2010 te [woonplaats],

althans in Nederland,

een ander, te weten, [slachtoffer 4]

(lid 1, onder 1°)

door dwang en door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend

overwicht

heeft geworven,

met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 4],

immers heeft verdachte, meerdere malen, althans eenmaal,

-die [slachtoffer 4] gedwongen seks met hem, verdachte te hebben

-gevraagd aan die [slachtoffer 4] of ze er nog over na had gedacht en dat [slachtoffer 1]

een nieuwe klant had en zij die ook wel had kunnen doen en

-gezegd dat hij iedereen die hem in de steek liet binnen een week weer

gevonden had;

Feit 7

Wat betreft de verweten witwas gedragingen stelt de rechtbank dezelfde (onweersproken) feiten vast als hiervoor onder sub 1 en sub 3 opgenomen (voor zover hier nodig onder verwijzing naar dezelfde bewijsmiddelen).

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht het ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen.

Verdachte heeft [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] door middel van dwang, feitelijkheid, geweld, dreiging met geweld en misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht geworven, gehuisvest, opgenomen en vervoerd met het oogmerk van uitbuiting door diensten, seks met verdachte, werken in de prostitutie en afdragen van geld. Dat geld is door verdachte "witgewassen".

De officier van justitie gaat uit van de periode van 15 juni 2009 tot en met 7 juni 2010.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman van verdachte heeft het verweer gevoerd dat verdachte van het ten laste gelegde onder 1 en 3 dient te worden vrijgesproken nu er sprake is van onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.

Rechtstreek gevolg daarvan is dat ook van witwassen geen sprake kan zijn geweest.

Verder heeft de verdediging betoogd dat met betrekking tot gezamenlijke uitgaven van verdachte en [slachtoffer 1] niet gesproken kan worden over "witwassen" en dat het enkel voorhanden hebben van een voorwerp afkomstig van een door de verdachte zelf begaan misdrijf niet voldoende is voor witwassen.

De beoordeling door de rechtbank

Wat betreft de bewezen verklaring van de verweten gedragingen betreffende mensenhandel sub 1 en 3 verwijst de rechtbank hier naar hetgeen daartoe is overwogen en hetgeen daaraan aan bewijsmiddelen ten grondslag is gelegd.

Die overwegingen moeten als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.

De officier van justitie is bij haar opstelling en conclusie tot bewezenverklaring van de volgende vooronderstellingen uitgegaan:

Impliciete:

De door [verdachte] genoten inkomsten zijn gevolg van mensenhandel en daarmee crimineel (de prostitutie-inkomsten van [verdachte] en [slachtoffer 3] zijn immers legaal).

Door dat chartale geld in omloop te brengen/te gebruiken wordt de criminele herkomst dan wel de rechthebbende verhuld.

Grote geldsbedragen worden gevormd door een (geoorloofde) optelling van verschillende kleinere genoten bedragen uit de opbrengst van de prostitutie door [verdachte] en [slachtoffer 3].

Expliciete (zie bewijsmiddelen overzicht van de officier van justitie):

Alleen de uitgaven en inkomsten zijn meegenomen waarvan bewijs is gevonden.

Bij niet bekend geworden uitgaven is uitgegaan van minimum begroting van Nibud juli 2010.

Bij de kasopstelling gaat het om de contante uitgaven en inkomsten, die via de portemonnee van verdachte zijn gegaan.

Het kassaldo is per 1 januari 2010 op nihil gesteld.

Er is alleen gekeken naar contante geldstromen die op opnames, facturen, bonnen en stukken in het SFO aantoonbaar waren (p. 2210A).

Er is geen rekening gehouden met niet aantoonbare uitgaven en inkomsten.

Over deze uitgangspunten overweegt de rechtbank het volgende.

De hiervoor vermelde impliciete uitgangspunten zijn juist en door de officier van justitie terecht tot uitgangspunt genomen.

De hier genoemde expliciete uitgangspunten zijn juist en door de officier van justitie terecht tot uitgangspunt genomen, behoudens de bij het laatste punt genoemde post van de niet aantoonbare uitgaven. Onjuist is immers dat niet aantoonbare uitgaven in een bewijsopstelling niet ten gunste van verdachte zouden moeten worden meegenomen, omdat een ander oordeel met zich mee zou brengen dat de bewijslast op de betreffende punten zou worden omgekeerd ten laste van verdachte, hetgeen strafvorderlijk niet toelaatbaar is.

Voor de bewezenverklaring doet dat in dit geval evenwel alleen maar ter zake in het kader van een verificatie aan het eind omdat de tenlastelegging niet spreekt over concrete "witgewassen" bedragen. Met andere woorden is de vraag dan: "zouden deze ten onrechte niet in de beschouwing betrokken uitgaven tot de conclusie moeten leiden dat niet langer sprake is geweest van het witwassen van grote bedragen? ".

In dat verband resteren op dit punt de volgende vragen:

Hebben [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] hun verdiensten aan verdachte moeten afdragen en zo ja in welke mate?;

Kan het uitgeven van die verdiensten door verdachte als "witwassen" worden geduid en zo ja in hoeverre ?

Over die vragen overweegt de rechtbank het volgende:

Zowel [slachtoffer 1]229 als [slachtoffer 3]230 hebben verklaard dat zij hun, c.q. dat [slachtoffer 3] haar verdiensten moest(en) afstaan aan verdachte. Die verklaringen worden ondersteund door verklaringen van anderen:

[getuige 6]231 verklaarde dat [slachtoffer 1] hem vertelde dat ze van de opbrengst ongeveer €200 zelf mocht houden.

[getuige 11] verklaarde dat [slachtoffer 1] erg commercieel met seks bezig was op de parkeerplaats in Waalwijk en dat zodra [verdachte] aankwam, [slachtoffer 1] rende om hem het geld te geven232.

[getuige 2] verklaarde dat verdachte het leuk vond dat [slachtoffer 1] ([slachtoffer 1]) voor hem werkte want dat leverde geld op en dat [verdachte] er prat op ging dat hij geld had door haar ([slachtoffer 1]) voor zich te laten werken233.

De verklaring van [slachtoffer 1] dat [slachtoffer 3] haar inkomsten afgaf aan [slachtoffer 1], die zij op haar beurt weer afstond aan verdachte234.

Op grond van hetgeen hiervoor is vermeld en de daaraan ten grondslag liggende bewijsmiddelen is de rechtbank van oordeel dat zowel [slachtoffer 1] [slachtoffer 1] als [slachtoffer 3], tenminste een deel van hun verdiensten aan verdachte af moesten staan c.q. afstonden.

Voor wat betreft de vraag of sprake is geweest van witwassen is nog het volgende van belang.

De officier van justitie heeft door de politie een aantal berekeningen doen maken235.

Op die berekeningen heeft verdachte op zich geen verweer gevoerd.

Het proces-verbaal van die berekeningen houdt onder meer een berekening van het vermoedelijke kassaldo 2010 in. Daaruit volgt dat verdachte in 2010 totaal €4.383,--beschikbaar had voor dagelijkse uitgaven. Hij heeft minmaal uitgegeven € 16.856,--. Het tekort bedraagt €12.473,--

Zelfs rekening houdende met (niet aangetoonde) uitgegeven bedragen voor sauna bezoek en bezoeken aan parenclubs, als mede voor aanschaf van de "Scudo" en de "Corsa", is de rechtbank met de officier van justitie van oordeel dat dit verschil de slotsom rechtvaardigt dat verdachte in kleinere delen opgeteld al met al grote bedragen heeft uitgegeven van het door [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3], door verdachte uitgebuit in het kader van de onder 1 en 3 bewezen verklaarde mensenhandel, in de prostitutie verdiende geld, en dusdoende heeft verhuld dat die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] daarop rechthebbenden waren en niet hijzelf.

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde onder 7 heeft begaan met dien verstande dat:

7.

hij op tijdstippen in de periode van 15 juni 2009

tot en met 8 juni 2010 in Nederland,

van een voorwerp, te weten grote hoeveelheden chartaal geld, de herkomst, heeft verborgen en heeft verhuld wie de rechthebbende op een voorwerp, te weten voornoemde grote

hoeveelheden chartaal geld, was terwijl hij,

verdachte wist, dat dat voorwerp -

onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit het misdrijf en

van een voorwerp, te weten voornoemde grote hoeveelheden chartaal geld,

gebruik heeft gemaakt, terwijl hij, verdachte wist,

dat voornoemde grote hoeveelheden chartaal geld -

onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

immers heeft verdachte (met voornoemde wetenschap)

geldbedragen en goederen verworven en voorhanden gehad.

Feit 8

De feiten

Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.

Op 29 januari 2011 is in de woning aan de [adres] waar de (ex)partner en kinderen van verdachte wonen een pistool FN 6.35 kaliber aangetroffen.236 Het pistool is van het merk FN-Herstal, type Model 1906 en kaliber 6,35 mm. Het pistool is een vuurwapen in de zin van categorie III van de Wet Wapens en Munitie.237 Verdachte heeft ook op dat adres gewoond en heeft daar in ieder geval op 24 en 28 januari verbleven. Bovendien komen voertuigen waarvan verdachte gebruik maakt, dagelijks op dat adres en blijven ze diverse keren gedurende de nacht op die locatie staan.238

Standpunt officier van justitie

De officier van justitie acht het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen op basis van de verklaring van de (ex)partner van verdachte, de zoon van verdachte, processen-verbaal van bevindingen, afgeluisterde telefoongesprekken, peilbakens op de auto en getuigenverklaringen.

Standpunt verdediging

De raadsman heeft het verweer gevoerd dat verdachte van het tenlastegelegde dient te worden vrijgesproken. Daartoe heeft hij het volgende betoogd.

Verdachte had niet expliciet toegang tot de woning en er woonden daar andere personen.

De verklaringen van getuigen zijn van horen en zeggen en leveren onvoldoende bewijs.

Beoordeling

Getuige [getuige 13], de (ex)partner van verdachte en woonachtig op het adres waar het pistool is aangetroffen, heeft verklaard dat het pistool dat in de woning in beslag is genomen door verdachte daar is neergelegd in oktober 2010.239

Getuige [getuige 1] heeft bij de politie verklaard dat verdachte wel eens vertelde dat [slachtoffer 1] tegen hem zat te zeiken en dat hij haar een 9mm op de hasses had gezet en dat [slachtoffer 1] toen van haar af had gezeken.240

Conclusie

Het voorgaande in onderling verband en samenhang bezien met hetgeen hiervoor onder de feiten is opgenomen, acht de rechtbank het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen. Hiermee is ook het verweer van de raadsman verworpen.

De rechtbank acht bewezen dat:

8.

hij op 29 januari 2011 te Amersfoort

een (vuur)wapen van categorie III, te weten een pistool FN-Herstal, type

Model 1906, kaliber 6.35, voorhanden heeft gehad;

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

Hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd is niet bewezen. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

De beslissing dat verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. Voor zover meer feiten bewezen zijn verklaard, worden de bewijsmiddelen alleen gebruikt voor het feit of de feiten waarop deze betrekking hebben.

4. De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

Ten aanzien van feit 1, 3, 5 en 6, telkens:

mensenhandel

Ten aanzien van feit 4:

verkrachting, meermalen gepleegd

Ten aanzien van feit 7:

witwassen

Ten aanzien van feit 8:

Handelen in strijd met artikel 26, lid 1 van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III

De feiten zijn strafbaar.

5. De strafbaarheid van verdachte

Niet is gebleken van feiten of omstandigheden die de strafbaarheid van verdachte geheel uitsluiten met name ook niet uit de hierna te noemen deskundigenrapportage.

6. De motivering van de sanctie(s)

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft bij haar eis rekening gehouden met de aard en ernst van de bewezenverklaarde feiten, de gevolgen daarvan voor de slachtoffers en de recidive verdachte.

Het standpunt verdediging

De raadsman heeft betoogd dat de geëiste straf niet in verhouding staat tot de tenlastegelegde feiten, de periode die bewezen verklaard kan worden en de straffen die in vergelijkbare zaken worden opgelegd.

De beoordeling door de rechtbank

Bij de beslissing over de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met:

- de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan;

- de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waarbij onder meer is gelet op:

* de justitiële documentatie betreffende verdachte, gedateerd 20 maart 2012 en

* een pro justitia rapportage van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie, locatie Pieter Baan Centrum, door I. Schilperoord, psycholoog, en A.C. Bruijns, psychiater, gedateerd 24 januari 2012, betreffende verdachte.

De rechtbank overweegt in het bijzonder het navolgende.

Verdachte is bewust op zoek gegaan naar jonge vrouwen met problemen met het doel hen in de prostitutie te brengen. Bij twee van hen is dat ook gelukt. 'Ik krijg ze wel klein', zijn zijn eigen woorden.

Eén van de slachtoffers heeft gedurende een jaar, onder dwang en ter betaling van zijn schulden, voor verdachte in de prostitutie moeten werken. Ook moest zij, passend in dat patroon, seks met verdachte hebben. Verdachte gebruikte ook lichamelijk geweld en bedreigde haar en haar familie, waarbij hij ook een pistool tegen haar hoofd heeft gehouden. Verdachte controleerde hoeveel klanten zij had en hoeveel geld ze daarmee verdiend had. Ook bepaalde hij haar werktijden. Tevens heeft hij haar gedwongen een tatoeage en een tongpiercing te nemen, ten behoeve van klandizie. Het grootste deel van het geld dat zij verdiende heeft zij aan verdachte af moeten staan.

Een ander slachtoffer heeft gedurende drie maanden, onder dwang en in ruil voor geleend geld, voor verdachte in de prostitutie moeten werken en seks met hem moeten hebben. Verdachte heeft haar meermalen verkracht. Ook bedreigde hij haar en haar familie. Daarnaast maakte hij foto's van haar die hij gebruikte voor seksadvertenties en controleerde hij hoeveel klanten zij had. Omdat zij er uitzag alsof ze 16 jaar was kon zij, ten behoeve van verdachte, meer geld verdienen dat zij grotendeels aan hem af moest staan. Het ging hier om een verstandelijk beperkt slachtoffer.

Met name dit feit rekent de rechtbank verdachte bijzonder zwaar aan.

Het is hartverscheurend om tot het bewustzijn te laten doordringen wat verdachte [slachtoffer 3] heeft aangedaan door haar zo uit te buiten, wetende hoe kwetsbaar dit meisje was.

Ook een derde slachtoffer dat kampte met psychische en financiële problemen, heeft verdachte geprobeerd in de prostitutie te brengen. Verdachte zocht contact met haar door te doen alsof hij een schoonmaakster zocht, heeft haar toen gemasseerd en heeft er daarna bij haar op aangedrongen dat ze in de prostitutie veel geld kon verdienen. Hij bedreigde haar met geweld als ze naar de politie zou gaan.

Een vierde slachtoffer was nog maar 17 jaar oud toen verdachte is begonnen met proberen haar in de prostitutie te brengen. Dit meisje was in het verleden seksueel misbruikt, hetgeen verdachte wist. Ook dit slachtoffer heeft verdachte gedwongen seks met hem te hebben, onder meer in een seksshop, sauna en parenclub. Daarna drong hij er ook bij haar op aan dat ze, gelet op haar leeftijd, veel geld kon verdienen in de prostitutie. Ook liet hij haar weten dat hij iedereen die hem in de steek liet binnen een week weer gevonden had. Het ging bij dit slachtoffer om een periode van 9 maanden.

Verdachte heeft hiermee op een respectloze en schandelijke wijze doelbewust misbruik gemaakt van het lichamelijk en psychisch overwicht dat hij had op de slachtoffers. Dit psychisch overwicht had hij niet alleen op basis van de problematiek van de slachtoffers, en het leeftijdsverschil maar creëerde hij ook zelf en hield dat daarna in stand. Op die manier waren de slachtoffers niet danwel verminderd in staat bewuste keuzes te maken.

Ten aanzien van [slachtoffer 1] geldt dat verdachte haar gedurende ongeveer een jaar gewetenloos heeft uitgebuit zowel ten behoeve van zijn eigen seksuele gerief, als financieel. Voor [slachtoffer 3] was dat gelukkig korter, maar niet minder gewetenloos.

Zowel [slachtoffer 1] als [slachtoffer 3] waren uiteindelijk totaal afhankelijk van verdachte; hij controleerde en beheerste hun levens, ze waren totaal onvrij.

De ervaring, en in deze zaak ook concreet blijkens de slachtofferverklaringen van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3], leert dat vrouwen van dergelijke pooiers maar heel moeilijk los kunnen komen, daar lang last van hebben in maatschappelijk, maar ook psychosociaal en seksueel opzicht. Dat is des te meer wrang omdat van [slachtoffer 3] mag worden aangenomen dat ook haar seksuele ontwikkeling nog tot (gezonde) wasdom moest komen. Dat is door verdachte wreed verstoord.

Dat bewezen is dat verdachte het met nog twee andere kwetsbare vrouwen heeft geprobeerd, illustreert hoezeer hij stelselmatig bezig is geweest om vrouwen ten behoeve van zichzelf in de prostitutie te krijgen.

Met dit alles, maar ook met de wijze waarop verdachte zich blijkens de telefoontaps uitliet, heeft verdachte laten zien deze vrouwen te minachten. Uitlatingen als "ik krijg haar wel klein", "luister stinkhoer daarvoor ben jij mijn pinapparaat dus je moet dat pinnetje even goed laten werken ja, anders krijg je vanavond gewoon een draai om je oren" kan de rechtbank niet anders dan als diepe minachting voor deze vrouwen uitleggen.

Door het geld van de twee eerstgenoemde slachtoffers af te nemen heeft verdachte zich tevens schuldig gemaakt aan witwassen.

Verdachte heeft daarnaast een vuurwapen voorhanden gehad.

Uit het aangehaalde uittreksel uit het algemeen documentatieregister blijkt dat verdachte reeds eerder terzake mensenhandel, verkrachting en geweldsdelicten is veroordeeld.

De deskundigen hebben, vanwege de weigering van verdachte om mee te werken met het onderzoek, niet de vraag kunnen beantwoorden of bij verdachte ten tijde van de tenlastegelegde feiten sprake was van een gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van zijn geestvermogens. Derhalve hebben zij ook geen uitspraak kunnen doen over zijn toerekeningsvatbaarheid.

Gelet daarop gaat de rechtbank ervan uit dat verdachte volledig toerekeningsvatbaar was ten tijde van de bewezenverklaarde feiten.

Gelet op de aard en ernst van de bewezenverklaarde feiten en de hiervoor genoemde eerdere veroordelingen van verdachte, acht de rechtbank geen andere straf passend en geboden dan een gevangenisstraf van 9 jaren. Deze straf is lager dan geëist door de officier van justitie gelet op de straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd en de gedeeltelijke vrijspraak.

De na te melden inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, dienen te worden onttrokken aan het verkeer, aangezien het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met het algemeen belang en de wet. Het betreft twee pistolen en verdovende middelen.

De na te melden inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen betreffen voorwerpen met behulp waarvan de bewezenverklaarde feiten terzake mensenhandel zijn begaan. De rechtbank zal deze voorwerpen verbeurd verklaren. Het betreft een Fiat Scudo, een jas, een memory stick, een simkaart, twee telefoons Nokia en een sleutelbos van de Fiat Scudo.

De rechtbank is van oordeel dat de inbeslaggenomen papieren, notitieblok en een telefoon Nokia teruggegeven kan worden aan verdachte.

Een inbeslaggenomen agenda kan teruggegeven worden aan de rechthebbende.

6a. De beoordeling van de civiele vorderingen, alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel

De benadeelde partijen hebben overeenkomstig het bepaalde in artikel 51b van het Wetboek van Strafvordering opgave gedaan van de inhoud van de vordering, strekkende tot vergoeding van geleden schade.

De benadeelde partij [slachtoffer 1] vordert een bedrag van € 45.829,-, te vermeerderen met wettelijke rente. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, te weten € 30.000,- terzake gederfde inkomsten, € 404,- terzake reiskosten en € 425,- terzake derving van vakantiedagen.

Tevens wordt een bedrag gevorderd voor immateriële schade van € 15.000,-, waaronder schade wegens studievertraging.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht de gevorderde schade van € 30.000,- in ieder geval toewijsbaar. Daarbij heeft zij aansluiting gezocht bij de ontnemingsvordering waarin wordt uitgegaan van een periode van 15 juni 2009 tot 7 juni 2010 met een aantal van twee tot vier klanten per dag en een gemiddeld tarief van, in het begin € 75,- en later € 60,-.

De gevorderde reiskosten acht zij voldoende onderbouwd en toewijsbaar. De gevorderde schade terzake derving van vakantiedagen betreft geen schade van de benadeelde en voor dat deel heeft de officier van justitie gevorderd dat de benadeelde partij niet ontvankelijk wordt verklaard in de vordering.

De gevorderde immateriële schade van € 15.000,- acht de officier van justitie eveneens toewijsbaar nu dit voldoende is onderbouwd.

Het standpunt van de verdediging

Primair heeft de raadsman betoogd de vordering af te wijzen nu hij vrijspraak heeft bepleit.

De raadsman bestrijdt subsidiair de post gederfde inkomsten ten aanzien van de hoogte van het bedrag. De raadsman heeft betoogd dat moet worden uitgegaan van twee tot drie klanten per avond. Ook moet worden uitgegaan van een lager gemiddeld tarief dan € 75,- per klant. Ten aanzien van de verdiensten per dag kan hooguit worden uitgegaan van € 150,- per dag.

Volgens de raadsman zijn de reiskosten flink aangedikt en worden reiskosten om als getuige te verschijnen vergoed door justitie.

De overige kosten zijn onvoldoende onderbouwd. De kosten van de moeder van benadeelde zijn geen kosten van de benadeelde zelf en moeten worden afgewezen.

De kosten van studievertraging zijn evenmin toewijsbaar nu er geen causaal verband is met de bewezenverklaring.

De immateriële schade moet voor het grootste deel worden afgewezen nu niet vast te stellen is of de psychische gevolgen rechtstreeks het gevolg zijn van een eventuele bewezenverklaring.

De beoordeling door de rechtbank

Materiële schade

a. gederfde inkomsten ad € 30.000,-

Dit bedrag wordt in de vordering onderbouwd door uit te gaan van een verdienste van € 200,- per dag.

[naam 7], die ook in de prostitutie werkt, heeft verklaard over de verdiensten dat je op normale dagen € 200,- verdient en op topdagen € 400,- tot € 550,-. [getuige 6], een klant van benadeelde, heeft verklaard dat benadeelde hem verteld heeft dat ze ongeveer € 200,- van haar verdiensten zelf mocht houden. Dit wordt ondersteund door een telefoongesprek waarin verdachte tegen benadeelde zegt dat als ze minimaal € 200,- per dag opbrengt, hij het best vindt.

Gelet op de bewezenverklaarde periode, acht de rechtbank dit deel van de vordering voldoende onderbouwd en wijst zij dit deel van de vordering toe.

b. reiskosten ad € 404,-

In de vordering wordt aangegeven dat er kosten zijn gemaakt voor reizen van en naar het politiebureau, rechtbank, advocaat en zitting bij de rechtbank. De reiskosten ten aanzien van de zitting bij de rechtbank, worden afzonderlijk vergoed en acht de rechtbank derhalve in dezen niet toewijsbaar. Voor het overige is de vordering voldoende onderbouwd en toewijsbaar. Dit komt neer op een totaal van 1800 kilometer x € 0,19 = € 342,- + € 5,- parkeerkosten is een totaal van € 347,-.

c. derving vakantiedagen ad € 426,-

De rechtbank acht evenals de raadsman en de officier van justitie dit deel van de vordering niet toewijsbaar nu het geen schade van de benadeelde betreft. De rechtbank zal de benadeelde in dit deel van de vordering niet-ontvankelijk verklaren.

Immateriële schade

De vordering vermeldt dat hierin ook een bedrag wordt gevorderd terzake opgelopen studievertraging ad € 12.189,-. De rechtbank acht onvoldoende onderbouwd dat de benadeelde gestopt is met haar studie als gevolg van het onder 1 bewezenverklaarde feit en zal de benadeelde in dit deel van de vordering niet-ontvankelijk verklaren.

De rechtbank acht voor het overige deel van de vordering voldoende bewezen dat [slachtoffer 1] door hetgeen haar is aangedaan immateriële schade heeft geleden en dat zij uit dien hoofde terecht aanspraak maakt op vergoeding van die schade. De rechtbank kan in deze strafrechtelijke procedure niet exact vaststellen welk bedrag aan vergoeding voor de geleden immateriële schade juist is. Zij is echter van oordeel dat in ieder geval een bedrag van € 10.000,- aan schadevergoeding op zijn plaats is zodat zij dit bedrag in ieder geval zal toewijzen aan het slachtoffer. Voor zover de vordering strekt tot vergoeding van een hoger bedrag wegens immateriële schade levert de behandeling van de vordering naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafgeding op zodat de benadeelde partij in zoverre niet-ontvankelijk is en de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht.

De benadeelde partij [slachtoffer 3] vordert een bedrag van € 21.608,50,-. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, te weten € 37,54 terzake kosten van de huisarts, € 2.500,- terzake gederfde inkomsten, € 390,45 terzake kosten van injecties en € 1.180,50 terzake kosten van re-integratie.

Tevens wordt een bedrag gevorderd voor immateriële schade van € 17.500,-.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht de gevorderde kosten terzake kosten van de huisarts, van injecties en van re-integratie voldoende onderbouwd en toewijsbaar. Ten aanzien van het bedrag aan gederfde inkomsten heeft de officier van justitie aangesloten bij de ontnemingsvordering in die zin dat € 1.000,-, toewijsbaar is. Voor het overige dient de benadeelde niet-ontvankelijk te worden verklaard in de vordering.

De gevorderde immateriële schade van € 17.500,- acht de officier van justitie eveneens toewijsbaar nu dit voldoende is onderbouwd.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft betoogd dat de vordering afgewezen moet worden, althans voor het grootste deel nu geen sprake is van een deugdelijke onderbouwing en er geen causaal verband met de feiten vaststaat.

Beoordeling

Materiële schade

a. kosten huisarts ad € 37,54 en kosten injecties € 390,45

De vordering geeft aan dat het gaat om onderzoeken en medicijnen in verband met vaginale infecties. De rechtbank acht echter onvoldoende onderbouwd dat de benadeelde deze infecties heeft opgelopen als gevolg van de onder 3 en 4 bewezenverklaarde feiten. De rechtbank zal de benadeelde derhalve in dit deel van de vordering niet-ontvankelijk verklaren.

b. gederfde inkomsten ad € 2.500,-

De vordering geeft aan dat dit een geschat bedrag is, maar geeft niet aan waar die berekening uit bestaat. Gelet op de verklaring van de benadeelde en de verklaringen van getuigen [getuige 8] en [getuige 3], acht de rechtbank een bedrag van € 1.000,- toewijsbaar. Voor het overige is de vordering onvoldoende onderbouwd en verklaart de rechtbank de benadeelde in dit deel van de vordering niet ontvankelijk.

c. kosten re-integratie ad € 1.108,50

De rechtbank acht onvoldoende onderbouwd dat de gevorderde kosten een rechtstreeks verband houden met het onder 3 en 4 bewezenverklaarde feit en zal de benadeelde derhalve terzake dit deel van de vordering niet ontvankelijk verklaren.

Immateriële schade

De rechtbank acht voldoende bewezen dat [slachtoffer 3] door hetgeen haar is aangedaan immateriële schade heeft geleden en dat zij uit dien hoofde terecht aanspraak maakt op vergoeding van die schade. De rechtbank kan in deze strafrechtelijke procedure niet exact vaststellen welk bedrag aan vergoeding voor de geleden immateriële schade juist is. Zij is echter van oordeel dat in ieder geval een bedrag van € 10.000,- aan schadevergoeding op zijn plaats is zodat zij dit bedrag in ieder geval zal toewijzen aan het slachtoffer. Voor zover de vordering strekt tot vergoeding van een hoger bedrag wegens immateriële schade levert de behandeling van de vordering naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafgeding op zodat de benadeelde partij in zoverre niet-ontvankelijk is en de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht.

6b. De beoordeling van de vorderingen na voorwaardelijke veroordeling

Op grond van het verhandelde ter terechtzitting acht de rechtbank de feitelijke grondslag van de vorderingen van de officier van justitie juist. Dat het gaat om andere feiten dan de onderhavige, zoals betoogd door de raadsman, staat aan een toewijzing van de vorderingen niet in de weg.

Ten aanzien van de vordering met parketnummer 21/000568-09 heeft de raadsman naar voren gebracht dat daarvan al eerder 4 maanden ten uitvoer zijn gelegd. Nu het hier niet gaat om een onherroepelijke uitspraak, is het openbaar ministerie in dezen ontvankelijk.

Nu de verdachte zich binnen de proeftijd van beide opgelegde voorwaardelijke veroordelingen heeft schuldig gemaakt aan bovengenoemde bewezenverklaarde feiten, zal de rechtbank de tenuitvoerlegging gelasten van beide eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraffen, te weten 9 maanden gevangenisstraf die zijn opgelegd bij arrest van het hof Arnhem op 1 juni 2010 en 2 maanden gevangenisstraf die zijn opgelegd bij vonnis van de economische politierechter op 23 november 2009.

7. De toegepaste wettelijke bepalingen

De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14g, 24c, 27, 33, 33a, 36b, 36c, 36d, 36f, 57, 91, 242, 273f en 420bis van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 26, 55 en 56 van de Wet wapens en munitie.

8. De beslissing

De rechtbank, rechtdoende:

Spreekt verdachte vrij van het onder 2 tenlastegelegde feit.

Verklaart bewezen dat verdachte de overige tenlastegelegde feiten, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4.

Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot

een gevangenisstraf voor de duur van 9 (negen) jaren.

Beveelt overeenkomstig het bepaalde in artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht dat de tijd, door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, geheel in mindering zal worden gebracht.

Beveelt de onttrekking aan het verkeer van de inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

- verdovende middelen (nr. 5);

- pistool (nr. 8);

- pistool (nr. 9)

Verklaart verbeurd de inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

- Fiat Scudo (nr. 4 en nr. 25);

- Jas (nr. 21);

- Memory stick (Usb gr stip 2; nr. 27);

- Simkaart Granam (nr. 36);

- Telefoon Nokia (nr. 39);

- Sleutelbos Fiat Scudo (nr. 40);

- Telefoon Nokia (nr. 41).

Beveelt de teruggave van het inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerp, te weten een notitieblok (nr. 32), een telefoon Nokia (nr. 35) en papieren (nr. 37), aan de veroordeelde.

Beveelt de teruggave van het inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerp, te weten een agenda (nr. 50) aan de rechthebbende.

De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] (feit 1).

Wijst de vordering van de benadeelde partij ten dele toe.

- Veroordeelt de veroordeelde tegen kwijting aan [slachtoffer 1], te betalen € 40.347,- (zegge veertigduizenddriehonderdzevenenveertig euro), te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 15 juni 2009.

- Veroordeelt de veroordeelde tevens in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden vooralsnog begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken.

- Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering.

Maatregel van schadevergoeding ad € 40.347,-, subsidiair 236 dagen hechtenis.

- Legt op aan veroordeelde de verplichting aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer

[slachtoffer 1], te betalen € 40.347,- (zegge veertigduizenddriehonderdzevenenveertig

euro), te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 15 juni 2009,

bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 236 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

- Bepaalt daarbij dat voldoening van de ene betalingsverplichting de andere doet vervallen.

De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3] (feit 3 en 4).

Wijst de vordering van de benadeelde partij ten dele toe.

- Veroordeelt de veroordeelde tegen kwijting aan [slachtoffer 3], te betalen € 11.000,- (zegge elfduizend euro).

- Veroordeelt de veroordeelde tevens in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden vooralsnog begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken.

- Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering.

Maatregel van schadevergoeding ad € 11.000,-, subsidiair 90 dagen hechtenis.

- Legt op aan veroordeelde de verplichting aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer

[slachtoffer 3], te betalen € 11.000,- (zegge elfduizend euro),

bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 90 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

- Bepaalt daarbij dat voldoening van de ene betalingsverplichting de andere doet vervallen.

DE BESLISSING OP DE VORDERING NA VOORWAARDELIJKE VEROORDELING (PARKETNUMMER 16/997012-08)

Gelast de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de economische politierechter, d.d. 23 november 2009.

DE BESLISSING OP DE VORDERING NA VOORWAARDELIJKE VEROORDELING (PARKETNUMMER 21/000568-09)

Gelast de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf voor de duur van 9 maanden voorwaardelijk opgelegd bij arrest van het hof te Arnhem, d.d. 1 juni 2010.

Aldus gewezen door mr. N.K. van den Dungen-Dijkstra, als voorzitter, mr. L.C.P. Goossens en mr. M. van der Linde, rechters, in tegenwoordigheid van mr. N. ter Horst, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 4 april 2012.

1 Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisanten van de politie Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal met dossiernummer 201008261100, gesloten op 29 april 2011, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen die worden weergegeven, verwijzen naar de pagina's van het doorgenummerde proces-verbaal.

2 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012; proces-verbaal van verhoor, verklaring verdachte, p. 196.

3 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

4 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 564, 565; proces-verbaal van verhoor, verklaring verdachte, p. 196, 197.

5 Proces-verbaal verhoor, verklaring verdachte, p. 196.

6 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 562.

7 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

8 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 576.

9 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 565, 566, 572 t/m 574

10 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 563, 567.

11 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 571; verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

12 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 573; proces-verbaal verhoor, verklaring verdachte, p. 199.

13 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 573; proces-verbaal van verhoor, verklaring verdachte, p. 204.

14 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 576; verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

15 Proces-verbaal van bevindingen, p. 1396; proces-verbaal p. 1468; een schriftelijk bescheid zijnde de weergave van de internetsite 'chatgirl.nl', p. 1469, 1470; proces-verbaal, p. 1475; proces-verbaal, p. 1478 met als bijlage het schriftelijk bescheid zijnde de weergave van de advertentie, p. 1479; proces-verbaal p. 1480

16 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012;

17 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1976, nr. 698.

18 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

19 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

20 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

21 Schriftelijke bescheiden zijnde verslagen van opgenomen telefoongesprekken, p. 1959, 1979, 1991, 1992, 1993, 2013, 2018, 2021, 2026, 2028, 2036, 2044, 2047, 2069, 2100, 2103, 2109,

22 Proces-verbaal verhoor, verklaring verdachte, p. 197.

23 Verklaring [slachtoffer 1], afgelegd als getuige ter terechtzitting van 20 maart 2012; proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 565, 566.

24 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 566.

25 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 567.

26 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 574.

27 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 576.

28 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 588.

29 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 595.

30 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 596.

31 Proces-verbaal verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 606.

32 Proces-verbaal van verhoor als getuige bij de rechter-commissaris op 22 september 2011, p. 4.

33 Proces-verbaal verhoor, verklaring getuige [getuige 1], p. 848.

34 Proces-verbaal verhoor, verklaring getuige [getuige 1], p. 849.

35 Proces-verbaal verhoor, verklaring getuige [getuige 1], p. 850.

36 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2082.

37 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 574, 575, 597.

38 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

39 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1936.

40 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 2], p. 813.

41 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 590.

42 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 573.

43 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 576.

44 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

45 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 1], p. 851.

46 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 3], p. 897.

47 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1964, 1965.

48 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige.[getuige 4], p. 702.

49 Proces-verbaal getuigenverhoor bij de rechter-commissaris op 22 september 2011, verklaring getuige [getuige 5], p. 3.

50 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2077.

51 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 573.

52 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 1], p. 848.

53 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1949, 1950.

54 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2031, 2032.

55 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2106, 2107.

56 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2125, 2126.

57 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2129.

58 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 565, 566.

59 Proces-verbaal van bevindingen, p. 817.

60 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 2], p. 811.

61 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2098, 2099.

62 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 566.

63 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 572.

64 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1933.

65 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1936, 1937.

66 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1966, 1967.

67 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1991.

68 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

69 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 572.

70 Proces-verbaal van verhoor als getuige bij de rechter-commissaris op 3 oktober 2011, p. 6.

71 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 572, 583.

72 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 6], p. 908.

73 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 2], p. 811.

74 Een schriftelijk bescheid, zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1958, 1959.

75 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2098, 2099.

76 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2003, 2004.

77 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2068, 2069.

78 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2080, 2081.

79 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2081, 2082.

80 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2100.

81 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2102, 2103.

82 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2106, 2107.

83 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2133 t/m 2135.

84 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 589.

85 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 592.

86 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 1], p. 849, 850.

87 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1936.

88 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2020, 2021.

89 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2024, 2025.

90 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2035, 2036.

91 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2082, 2083.

92 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2113.

93 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 587.

94 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 1], p. 851.

95 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 7], p. 762.

96 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 5], p. 690, 691.

97 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1932.

98 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2083, 2084.

99 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 598.

100 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1923 t/m 1925 (nr.74); proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 2], p. 813.

101 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 2], p. 813.

102 Proces-verbaal van bevindingen, p. 817.

103 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 1], p. 849, 850.

104 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 565, 566.

105 Een schriftelijk bescheid zijnde een registratie PL0600_2009003844_BVH Noord- en Oost Gelderland, gevoegd als bijlage1 bij het repliek van de officier van justitie t.a.v. de ontneming.

106 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1927, 1928.

107 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1935, 1936.

108 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1954 tot en met 1956.

109 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1959, 1961, 1962.

110 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1962, 1963.

111 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2049.

112 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2068.

113 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2081 t/m 2084.

114 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2086, 2087.

115 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2090, 2091.

116 Proces-verbaal, p. 422; verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

117 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 576.

118 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 503, 507, 516; proces-verbaal verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 567, 577, 593 en 597.

119 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

120 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

121 Proces-verbaal van verhoor, verklaring verdachte, p. 212; proces-verbaal van bevindingen met als bijlages foto's waarop onder meer te zien is dat verdachte seks heeft met [slachtoffer 3], p. 1404, 1405 en 1408 t/m 1411.

122 Een schriftelijk bescheid zijnde een brief betreffende aanvraagformulier zorg, gedateerd 18 november 2005 van Stichting MEE, p. 439.

123 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 477 t/m 489.

124 Proces-verbaal van bevindingen, p. 1275, 1276.

125 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 513.

126 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 514.

127 Proces-verbaal van verhoor als getuige bij de rechter-commissaris op 3 oktober 2011, p. 5.

128 Proces-verbaal van verhoor als getuige bij de rechter-commissaris op 22 augustus 2011, p. 2.

129 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 8], p. 921.

130 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 493.

131 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 532.

132 Proces-verbaal van verhoor als getuige tegenover de rechter-commissaris op 28 september 2011, p. 13.

133 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 9], p. 936.

134 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 518 t/m 520.

135 Een schriftelijk bescheid, zijnde een uitdraai van een internetpagina, p. 1479.

136 Schriftelijke bescheiden zijnde uitdraaien van de internetpagina's, p. 1488, 1491, 1494, 1499; proces-verbaal van verhoor, verklaring verdachte, p. 232, 233 met bijbehorende foto's op p. 281, 282, 285, 290.

137 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 2], p. 813.

138 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 492.

139 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 516, 517.

140 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 3], p. 212.

141 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 593.

142 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [getuige 8], p. 921, 922.

143 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [getuige 9], p. 938.

144 Proces-verbaal van bevindingen, p. 817.

145 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 477.

146 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 479 t/m 481.

147 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 491 t/m 493.

148 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 543, 544.

149 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 546.

150 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 547.

151 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 593.

152 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 577.

153 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 10], p. 711.

154 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 577.

155 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [getuige 11], p. 875.

156 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 508.

157 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 515, 516.

158 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 512.

159 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 529.

160 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 10], p. 711.

161 Proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 1] als getuige bij de rechter-commissaris op 3 oktober 2011, p. 4.

162 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 491.

163 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 577.

164 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 593.

165 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [getuige 8], p. 921, 922.

166 Proces-verbaal, p. 422; verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

167 Proces-verbaal van verhoor, verklaring aangeefster [slachtoffer 1], p. 576.

168 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012; proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 480, 481, 482; proces-verbaal van bevindingen, p., p. 1275, 1276.

169 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p.480 t/m 482.

170 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 492 t/m 494.

171 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 495, 496.

172 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 543, 544.

173 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 3], p. 546 t/m 548.

174 Proces-verbaal van verhoor als getuige bij de rechter-commissaris op 28 september 2011, p. 12, 13.

175 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 10], p. 711.

176 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 577.

177 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012; proces-verbaal van verhoor, verklaring verdachte, p. 218 t/m 221; proces-verbaal van aangifte [slachtoffer 2], p. 611.

178 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2], p. 614.

179 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 1923 t/m 1925 (nr.74); proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 2], p. 813.

180 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2145, 2146.

181 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2147, 2148.

182 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2159, 2160.

183 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2204, 2205.

184 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2163 t/m 2167.

185 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2186, 2187.

186 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2192.

187 Een schriftelijk bescheid zijnde een verslag van een opgenomen telefoongesprek, p. 2200.

188 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2], p. 619, 620.

189 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 2], p. 660.

190 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 2], p. 813.

191 Proces-verbaal van bevindingen, p. 817.

192 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 597, 598.

193 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012; proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 787, 788.

194 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

195 Proces-verbaal van verhoor bij de rechter-commissaris op 10 oktober 2011 van getuige [getuige 12], p. 2, 3.

196 Proces-verbaal van verhoor, verklaring verdachte, p. 228, 229.

197 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 781, 782 en 788.

198 Proces-verbaal van verhoor bij de rechter-commissaris op 10 oktober 2011, p. 4.

199 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

200 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 783, 788, 790, 791, 793.

201 Proces-verbaal van verhoor bij de rechter-commissaris op 10 oktober 2011, p. 3.

202 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 576.

203 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 607, 608.

204 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 1], p. 7.

205 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 784, 791.

206 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 787.

207 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 783.

208 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 576.

209 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 593, 594.

210 Proces-verbaal van bevindingen, p. 817.

211 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 787.

212 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 783.

213 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 792.

214 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 576.

215 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 594.

216 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 607, 608.

217 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 1], p. 7.

218 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 791, 792.

219 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 783.

220 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 787.

221 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 576.

222 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 593, 594.

223 Proces-verbaal van bevindingen, p. 817.

224 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 787.

225 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [slachtoffer 4], p. 789.

226 Verklaring verdachte ter terechtzitting van 20 maart 2012.

227 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 576.

228 Proces-verbaal van verhoor, verklaring [slachtoffer 1], p. 593, 594.

229 Verklaring ter terechtzitting van de getuige [slachtoffer 1] [[ ]] [slachtoffer 1] d.d. 20 maart 2012, inhoudende dat ze alles moest afstaan behoudens bij tijd en wijle een bedrag voor brandstof, alsmede dat ze het door [slachtoffer 3] verdiende geld afstond aan verdachte;

230 Proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 3], d.d. 24 januari 2011, pag. 471 e.v. , i.h.b. 541 & 542;

231 Proces-verbaal verhoor [getuige 6], d.d. 17 maart 2011, 908;

232 Proces-verbaal verhoor [getuige 11] d.d. 24 februari 2011, pag. 872;

233 Proces-vebraal van verhoor [getuige 2], d.d.d 18 februari 2011, pag. 809-813.

234 Verklaring ter terechtzitting van de getuige [slachtoffer 1] [[ ]] [slachtoffer 1] d.d. 20 maart 2012.

235 Proces-verbaal van relaas van bevindingen d.d. 20 april 2011, p. 2210A e.v.alsmede de daarin vermelde onderliggende stukken.

236 Proces-verbaal van doorzoeking, p. 3072, 3073; een schriftelijk bescheid zijnde een kennisgeving van inbeslagneming, p. 3241.

237 Proces-verbaal, p. 1296.

238 Proces-verbaal van bevindingen, p. 101, 102.

239 Proces-verbaal van verhoor, verklaring getuige [getuige 13], p. 799.

240 Proces-verbaal verhoor, verklaring getuige [getuige 1], p. 848.