Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2012:BW2807

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
17-04-2012
Datum publicatie
17-04-2012
Zaaknummer
05/900393-10
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

verdachte vrijgesproken van dwang wegens het ontbreken van voldoende wettig en overtuigend bewijs.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ARNHEM

Sector strafrecht

Meervoudige kamer

Promis

Parketnummer : 05/900393-10

Data zittingen : 15 augustus 2011 en 3 april 2012

Datum uitspraak : 17 april 2012

Tegenspraak

In de zaak van

de officier van justitie in het arrondissement Arnhem

tegen:

naam : [verdachte],

geboren op : [geboortedatum] 1976 te [geboorteplaats],

adres : [adres],

plaats : [woonplaats]

Raadsman : mr. S.F.W. van 't Hullenaar, advocaat te Arnhem.

Officier van Justitie : mr. J. Schram.

1. De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

hij op een of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 17

februari 2010 tot en met 08 maart 2010 te Kesteren, gemeente Neder-Betuwe,

en/of te Rhenen, in elk geval in Nederland,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, [slachtoffer1],

door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of

enige andere feitelijkheid gericht tegen die [slachtoffer1] en/of [slachtoffer2]

en/of [slachtoffer3] wederrechtelijk heeft gedwongen iets te doen, niet te doen

of te dulden,

hierin bestaande dat verdachte en/of zijn mededader(s) voornoemde [slachtoffer1]

hebben gedwongen tot afgifte van zijn auto en/of de bij die auto horende

autosleutel(s) en/of kentekenpapieren door in voornoemde periode -zakelijk

weergegeven-:

- meermalen, althans eenmaal, naar het huis van die [slachtoffer1] te gaan om een

schadevergoeding (ter hoogte van 50.000 Euro) te eisen voor door hen gedane

investeringen, en/of

- voornoemde [slachtoffer2] meermalen te benaderen en/of te dwingen om die [slachtoffer1]

onder druk te zetten om die schadevergoeding te betalen, en/of

- geweld te gebruiken en/of te laten gebruiken tegen voornoemde [slachtoffer3] en/of

(vervolgens) tegen die [slachtoffer1] te zeggen dat zij geweld tegen die [slachtoffer3]

hadden gebruikt en/of laten gebruiken, en/of

- voornoemde [slachtoffer1] meermalen, althans eenmaal een vuurwapen, althans een

op een vuurwapen gelijkend voorwerp te tonen en/of dat vuurwapen, althans

dat op een vuurwapen gelijkend voorwerp op die [slachtoffer1] te richten en/of

gericht te houden, en/of

- tegen die [slachtoffer1], althans in het bijzijn van die [slachtoffer1], te zeggen

"moet ik hem pijn doen, of zal ik het pistool tegen zijn hoofd zetten, zodat

hij het begrijpt" en/of "Jij gaat mij jouw autopapieren geven" en/of "je

moet ons gaan betalen, je moet niet denken dat je met smurfen te maken hebt,

jij zou het regelen, jij zou ons betalen" en/of "je moet gewoon betalen,

wij hebben ook geïnvesteerd en willen ons geld terug, goedschiks of

kwaadschiks", en/of "wij maken je koud, we zitten er niet mee, we hebben

toch niets te verliezen" en/of "er gebeurt je niets als je meewerkt" en/of

"ik hou je onder schot, breng ons naar [naam]" en/of "we gaan niet weg zonder

het geld of je auto of we leggen je om", althans woorden van gelijke

dreigende aard en/of strekking, en/of

- (vervolgens) in de auto van die [slachtoffer1] naar het huis van voornoemde

[slachtoffer2] te rijden, waarna die [slachtoffer1] op verzoek van verdachte en/of zijn

mededader(s) de autosleutel(s) en/of de kentekenpapieren van zijn auto aan

hem/hen heeft overhandig, en/of

- (vervolgens) in de auto van die [slachtoffer1] naar diens woning te rijden en/of

die [slachtoffer1] in de buurt van diens woning af te zetten, waarbij verdachte

of (een van) zijn mededader(s) verdachte de woorden "als het klopt dat de

auto 50.000 Euro waard is, dan zie je ons niet meer", althans woorden van

gelijke aard of strekking heeft toegevoegd,

waarna verdachte en/of zijn mededader(s) in de auto van die [slachtoffer1] zijn

weggereden;

2. Het onderzoek ter terechtzitting

De zaak is, na verwijzing door de politierechter op 15 augustus 2011, op 3 april 2012 ter terechtzitting onderzocht. Verdachte is ter zitting niet verschenen. Namens verdachte is verschenen mr. S.F.W. van 't Hullenaar, advocaat te Arnhem, die verklaarde uitdrukkelijk gemachtigd te zijn om het woord ter verdediging te voeren.

De officier van justitie acht het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen en heeft geëist dat verdachte ter zake van het tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden, geheel onvoorwaardelijk.

De raadsman van verdachte heeft het woord ter verdediging gevoerd.

3. De beslissing inzake het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie is van mening dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden dat bij de ten laste gelegde handelingen vuurwapens getoond dan wel gebruikt zijn. Wel is zij van mening dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat in de periode van 17 februari 2010 tot en met 8 maart 2010 de druk zodanig is opgevoerd, dat sprake is geweest van dwang.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft vrijspraak bepleit. Volgens de raadsman kan het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen worden. De raadsman is van mening dat de verklaringen van aangever tegenstrijdigheden, ongeloofwaardigheden, leugens en ongerijmdheden op essentiële punten bevatten.

De beoordeling door de rechtbank

In navolging van de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat het dossier onvoldoende bewijsmiddelen bevat om tot een bewezenverklaring te komen van het tonen van en het bedreigen met een vuurwapen. Voor het overige tenlastegelegde, is de rechtbank van oordeel dat er weliswaar voldoende wettige bewijsmiddelen in het dossier voorhanden zijn, waarmee bewezen zou kunnen worden dat aangever [slachtoffer1] zich onder druk gezet heeft gevoeld en dat verdachte bij het uitoefenen van die druk betrokken is geweest. Maar de rechtbank heeft uit die bewijsmiddelen onvoldoende overtuiging bekomen dat die druk aangever ertoe heeft gebracht om zijn auto af te staan. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat aangever tegenstrijdige en wisselende verklaringen heeft afgelegd over hetgeen hem zou zijn overkomen.

Verdachte zal daarom worden vrijgesproken van het tenlastegelegde feit.

4. De beslissing

De rechtbank, rechtdoende:

Spreekt verdachte vrij van het tenlastegelegde.

Aldus gewezen door:

mr. P.C. Quak (voorzitter), mr. G.J.M. van Wijk en mr. H.G. Eskes, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. J.H.J. Baarsma-Reuchlin, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 17 april 2012.