Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2011:BU7615

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
11-11-2011
Datum publicatie
13-12-2011
Zaaknummer
769820 CV Expl. 11-5735
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Schadevordering op grond van publicatie foto zonder toestemming beroepsfotograaf.

Artt. 1 juncto 5 juncto 10 sub 9 en artikel 25 lid 1 sub a en sub c van de Auteurswet. Gedaagde heeft zonder toestemming, zonder vermelding van de naam van eiser en zonder het betalen van een vergoeding, een foto van eiser gepubliceerd, welke foto auteursrechtelijk beschermd. Eiser vordert daarom, conform de Algemene Voorwaarden van de Fotografenfederatie, een bedrag van € 600,00 aan schade en conform artikel 1019h Rv, werkelijke proceskosten ad € 3.678,50. De kantonrechter heeft overwogen dat deze voorwaarden niet van toepassing zijn, omdat er geen overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen. Daarom heeft de kantonrechter wat betreft de hoogte van de schade aansluiting gezocht bij artikel 6:96 BW. Nu de omvang van de schade niet nauwkeurig kon worden vastgesteld heeft de kantonrechter de schade, gelet op artikel 6:97 BW, geschat op een bedrag van € 300,00, met compensatie van kosten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ARNHEM

burgerlijk recht, sector kanton

Locatie Nijmegen

zaakgegevens 769820 \ CV EXPL 11-5735 \ 377 BD

uitspraak van 11 november 2011

vonnis

in de zaak van

[eisende partij], h.o.d.n. [handelsnaam]

wonende te [woonplaats]

eisende partij

gemachtigde mr. A.A.C. Schouten

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Wychens Weekblad

Wegwijs B.V.

gevestigd te Niftrik

gedaagde partij

procederend in persoon, vertegenwoordigd door haar directeur de heer [naam directeur]

Partijen worden hierna [eisende partij] en Wijchens Weekblad genoemd.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 19 augustus 2011 en de daarin genoemde processtukken

- het proces-verbaal van de comparitie van partijen van 12 oktober 2011

- de akte na comparitie van de zijde van [eisende partij] met producties

- de brief van de zijde van Wijchens Weekblad van 18 oktober 2011 met producties.

2. De feiten

[eisende partij] is beroepsfotograaf. Wijchens Weekblad heeft in het weekblad Wegwijs op

19 januari 2011 een foto geplaatst, die door [eisende partij] is gemaakt. Het gaat om een portretfoto van de heer [X] (hierna: [X]) bij een artikel. Voor het gebruik van deze foto is geen toestemming van [eisende partij] gevraagd of gekregen.

3. De vordering en het verweer

3.1. [eisende partij] vordert dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Wijchens Weekblad veroordeelt om aan hem te betalen een bedrag van € 600,00 ten titel van schadevergoeding, vermeerderd met de BTW en de wettelijke rente vanaf 9 augustus 2011 tot aan de dag van volledige betaling, met veroordeling van Wijchens Weekblad BV in de totale kosten van deze procedure op grond van artikel 1019h Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv).

Volgens [eisende partij] bedragen de totale kosten op grond van artikel 1019h Rv een bedrag ad € 3.965,81, bestaande uit een bedrag van € 76,31 voor een rekening van het deurwaarderskantoor, € 202,00 voor een nota van de rechtbank en € 3.678,50 aan salaris voor de gemachtigde.

3.2. [eisende partij] baseert zijn vordering, kort samengevat, op de volgende stellingen.

Wijchens Weekblad heeft willens en wetens zonder zijn toestemming, zonder vermelding van zijn naam en zonder het betalen van een vergoeding de door hem gemaakte foto van [X] geplaatst. Deze foto is aan te merken als een werk in de zin van artikel 1 van de Auteurswet (hierna: Aw). Verder heeft Wijchens Weekblad de fotocompositie gewijzigd. Om deze redenen heeft Wijchens Weekblad in strijd gehandeld met de artikelen 1 juncto 5 juncto 10 sub 9 Aw en met artikel 25 lid 1 sub a en sub c Aw. Ook heeft Wijchens Weekblad, gelet op het vorenstaande, onrechtmatig gehandeld jegens

[eisende partij]. Van Wijchens Weekblad mag, als professionele partij, worden verwacht dat zij ervan op de hoogte is dat op een dergelijke foto auteursrechten rusten.

[eisende partij] heeft schade geleden als gevolg van de inbreuk op zijn auteursrecht.

Volgens hem dient zijn schade ex aequo en bono te worden vastgesteld waarbij de artikelen 18, 19 en 20 van de Algemene Voorwaarden van de Fotografenfederatie van toepassing zijn. Als uitgangspunt geldt een bedrag van € 100,00 als vergoeding voor het publiceren van een foto. [eisende partij] maakt, overeenkomstig artikel 18 van deze voorwaarden, aanspraak op een schadevergoeding van tenminste viermaal het bedrag van € 100,00. Verder heeft hij, op grond van artikel 19 lid 2 van de voorwaarden, recht op nog eenmaal vergoeding van dat bedrag in verband met het ontbreken van naamsvermelding en, op grond van artikel 20 lid 2 van de voorwaarden, nog eenmaal dat bedrag vanwege het openbaar maken van de foto.

Het totale bedrag aan schadevergoeding komt dan ook uit op € 600,00.

Voorts vordert [eisende partij] de door hem gemaakte kosten op grond van artikel 1019h Rv, inhoudende de buitengerechtelijke en de gerechtelijke kosten.

3.3. Wijchens Weekblad heeft hiertegen aangevoerd dat zij zich er niet van bewust was een recht te hebben geschonden en dat [X] zelf de foto naar haar heeft opgestuurd via zijn digitale nieuwsbrief met als doel publicatie in het weekblad Wegwijs, zodat er voor haar geen aanleiding bestond om te veronderstellen dat zij voor de foto moest betalen.

Zij heeft dan ook volledig te goeder trouw gehandeld. Volgens Wijchens Weekblad heeft zij de foto niet besteld en is zij niet de eerste afnemer. Daarom hoeft zij ook niet voor de foto te betalen, aldus Wijchens Weekblad.

Tevens heeft zij verweer gevoerd tegen het gevorderde bedrag aan schadevergoeding nu dit bedrag volgens haar buitenproportioneel hoog is. Ook heeft zij aangevoerd dat [eisende partij] na een enkele sommatie tot dagvaarden is overgegaan en dat het daarom onredelijk is een dergelijk hoge schadevergoeding te vorderen.

Voorts heeft Wijchens Weekblad aangevoerd dat de Algemene Voorwaarden van de Fotografenfederatie niet van toepassing zijn en dat zij haar proceskosten vergoed wil zien.

4. De beoordeling

4.1. Tussen partijen is niet geschil dat onderhavige foto een auteursrechtelijk beschermd werk is in de zin van de Aw is en dat [eisende partij] de rechthebbende van dit auteursrecht is.

Voorts staat tussen partijen vast dat Wijchens Weekblad de foto heeft overgenomen uit de digitale nieuwsbrief van [X] en daarna in haar uitgave van 19 januari 2011 heeft gepubliceerd, waarbij zij de foto heeft gewijzigd.

Nu de foto auteursrechtelijk beschermd is staat het Wijchens Weekblad niet vrij om de onderhavige foto openbaar te maken zonder toestemming van [eisende partij].

De kantonrechter volgt [eisende partij] in zijn stelling dat het enkele feit, dat [X] de foto via zijn digitale nieuwsbrief aan Wijchens Weekblad heeft gestuurd, Wijchens

Weekblad BV niet ontslaat van haar verplichting om te controleren of daarop auteursrechtelijke bescherming rustte, temeer nu [eisende partij] onweersproken heeft gesteld dat de foto zijn waterkenmerk bevatte. Nu Wijchens Weekblad dit niet heeft gedaan is zij aansprakelijk voor de schade die [eisende partij] door het zonder toestemming publiceren van zijn foto lijdt. Haar verweer, dat er geen aanleiding was om te veronderstellen dat zij voor de foto moest betalen, gaat dan ook niet op.

Het verweer van Wijchens Weekblad dat de foto al eerder gepubliceerd was in de digitale nieuwsbrief van [X] en dat zij derhalve niet de eerste afnemer van de foto was, doet hier niet aan af nu de wijze waarop Wijchens Weekblad over de foto kon beschikken niet relevant is.

Wijchens Weekblad moet dan ook voor de onderhavige foto betalen.

4.2. Voor wat betreft de gevorderde schadevergoeding voor het publiceren van de foto overweegt de kantonrechter als volgt.

Wijchens Weekblad heeft verweer gevoerd tegen de gevorderde schadevergoeding. Voorts heeft Wijchens Weekblad betwist dat, voor wat betreft de schadevergoeding, aansluiting kan worden gezocht bij de Algemene Voorwaarden van de Fotografenfederatie. De kantonrechter volgt Wijchens Weekblad in deze stelling nu er geen overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen en de genoemde voorwaarden dus niet van toepassing zijn op de verhouding tussen partijen.

Gelet op het bovenstaande zal de kantonrechter wat betreft de hoogte van de schadevergoeding geen aansluiting zoeken bij de Algemene Voorwaarden van de Fotografenfederatie, maar bij de wet. Artikel 6:96 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) bepaalt dat vermogensschade zowel geleden verlies als gederfde winst omvat. Niet is gesteld of gebleken dat het gevorderde bedrag ten titel van schadevergoeding bestaat uit geleden verlies of gederfde winst. Ook heeft Wijchens Weekblad gemotiveerd verweer gevoerd tegen de hoogte van het gevorderde bedrag aan schadevergoeding. Nu de gevorderde schadevergoeding alleen is onderbouwd met het beroep op de Algemene Voorwaarden, kan de omvang van de schade niet nauwkeurig worden vastgesteld.

De kantonrechter zal, ingevolge artikel 6:97 BW, de schade schatten en wel op een bedrag van € 300,00, uitgaande van een bedrag van € 100,00 dat [eisende partij] voor de publicatie van de foto zou hebben ontvangen en rekeninghoudende met het feit dat Wijchens Weekblad de foto zonder vermelding van de naam van [eisende partij] heeft gepubliceerd en zij die foto heeft gewijzigd.

De conclusie is dan ook dat de kantonrechter een bedrag van € 300,00 aan schadevergoeding toewijst. Hierbij tekent de kantonrechter aan dat BTW als verrekenpost voor [eisende partij] reeds daarom niet als schade kan worden gevorderd.

4.3. Partijen worden over en weer in het ongelijk gesteld. De kantonrechter zal daarom de proceskosten compenseren als hierna te melden.

5. De beslissing

De kantonrechter

5.1. veroordeelt Wijchens Weekblad om aan [eisende partij] te betalen € 300,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 9 augustus 2011 tot aan de dag van volledige betaling;

5.2. verklaart deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad;

5.3. compenseert de proceskosten, in die zin dat ieder der partijen de eigen kosten draagt;

5.4. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. J.W.M. Tromp en in het openbaar uitgesproken op 11 november 2011.