Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2011:BU6953

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
16-11-2011
Datum publicatie
06-12-2011
Zaaknummer
206867
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Zorgkantoor vordert terugbetaling van uitgekeerd persoonsgebonden budget (Pgb) op grond van onverschuldigde betaling, nu gedaagde - die in de WSNP zit - de uitgaven niet heeft verantwoord. Pgb behoort niet tot boedel in de zin van art. 295 FW. Terugvorderingsbeschikkingen hebben formele rechtskracht. Geen plaats voor uitzondering op beginsel van formele rechtskracht. Geen plaats voor uitzondering op beginsel van formele rechtskracht.

Vordering toegewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 206867 / HA ZA 10-2047

Vonnis van 16 november 2011

in de zaak van

de stichting

STICHTING ZORGKANTOOR MENZIS,

gevestigd te Wageningen,

eiseres,

advocaat mr. D.R. van Oppenraaij - Beijdorff te Wageningen,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonplaats],

gedaagde,

advocaat mr. Th.R.M. Welling te Doetinchem.

Partijen zullen hierna Stichting Zorgkantoor Menzis en [gedaagde] genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 26 januari 2011;

- het proces-verbaal van comparitie van partijen, gehouden op 13 mei 2011;

- de akte houdende vermindering van eis van de zijde van Stichting Zorgkantoor Menzis.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. Stichting Menzis Zorgkantoor is op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten aangewezen als zorgkantoor.

2.2. [gedaagde] is op 24 september 2007 toegelaten tot de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. Mevrouw K.M. Jager - van Goor is benoemd tot bewindvoerder WSNP.

2.3. In 2008 en 2009 heeft [gedaagde] bij c.q. van het ICTEP (Instituut voor beeldende therapie & expressieve psychotherapie) creatieve activerende begeleiding ontvangen.

2.4. Aan [gedaagde] is bij beschikking van 5 november 2008 een Persoonsgebonden Budget (hierna Pgb) van € 3.843,66 toegekend voor de periode 1 maart 2008 tot en met 31 december 2008 voor 'ondersteunende begeleiding in dagdelen zonder vervoer'. Stichting Menzis Zorgkantoor heeft voor de uitbetaling van het Pgb zorg gedragen.

In de beschikking is - onder meer - het volgende bepaald.

6. Verantwoording

U ontvangt van het zorgkantoor de verantwoordingsformulieren. Het zorgkantoor controleert of u het persoonsgebonden budget besteed heeft aan Pgb-zorg (…).

Budget dat door u niet aan deze zorg wordt besteed moet u na afloop van het kalenderjaar weer terugbetalen aan het zorgkantoor.

Van het toegekende Pgb is 209,02 vrij besteedbaar. Dit bedrag hoeft u niet te verantwoorden.

U moet de volgende verantwoordingsformulieren insturen:

Uiterlijk 11-02-2009 over de periode 01-03-2008 t/m 31-12-2008.

2.5. Bij beschikking van 17 december 2008 is aan [gedaagde] een Persoonsgebonden Budget (hierna Pgb) van € 732,72 toegekend voor de periode 1 januari 2009 tot en met 25 februari 2009 voor 'ondersteunende begeleiding in dagdelen zonder vervoer'. Stichting Menzis Zorgkantoor heeft voor de uitbetaling van het Pgb zorg gedragen.

In de beschikking is - onder meer - het volgende bepaald.

6. Verantwoording

U ontvangt van het zorgkantoor de verantwoordingsformulieren. Het zorgkantoor controleert of u het persoonsgebonden budget echt heeft besteed aan Pgb-zorg (…). Pgb dat niet voor Pgb-zorg is gebruikt, moet u aan het einde van het kalenderjaar weer terugbetalen aan het zorgkantoor. Van uw Pgb is 38,36 euro vrij besteedbaar. Het zorgkantoor controleert niet hoe u deze 38,36 euro gebruikt heeft.

U moet de volgende verantwoordingsformulieren insturen:

Uiterlijk 08-04-2009 over de periode 01-03-2008 t/m 31-12-2008.

2.6. Op 6 mei 2009 heeft Stichting Zorgkantoor Menzis [gedaagde] een eindafrekening Pgb gezonden over de periode 1 maart 2008 tot en met 31 december 2008. In de eindafrekening staat - voor zover van belang - het volgende.

Overzicht (eindafrekening)

Toegekend Pgb 3.843,36

Ontvangen ziektegeld 0,00-

Verantwoordingsvrij bedrag 0,00-

Verantwoord bedrag 0,00

Door u terug te betalen volgens afrekening 2008 3.843,36

(…)

U bent het niet eens met dit besluit?

Bent u het niet eens met dit besluit? U kunt binnen zes weken bezwaar maken tegen deze beschikking. (…)

2.7. Stichting Zorgkantoor Menzis heeft [gedaagde] op 6 mei 2009 een eindafrekening Pgb over de 1 januari 2009 tot en met 25 februari 2009. In de eindafrekening staat - voor zover van belang - het volgende.

Overzicht (eindafrekening)

Toegekend Pgb 732,72

Ontvangen ziektegeld 0,00-

Verantwoordingsvrij bedrag 0,00-

Verantwoord bedrag 0,00

Door u terug te betalen volgens afrekening 2009 732,72

(…)

U bent het niet eens met dit besluit?

Bent u het niet eens met dit besluit? U kunt binnen zes weken bezwaar maken tegen deze beschikking. (…)

2.8. Op 26 augustus 2009 de kantonrechter te Wageningen de goederen van [gedaagde] onder bewind gesteld. Als bewindvoerder is benoemd mevrouw D. Knoef van Pactus Bewindvoering te Doetinchem.

2.9. Op 6 juli 2011 heeft Stichting Zorgkantoor Menzis een bedrag van € 2.411,08 van [gedaagde] ontvangen.

3. Het geschil

3.1. Stichting Zorgkantoor Menzis vordert na vermindering van eis samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling aan haar van een bedrag van € 3.343,99, bestaande uit een bedrag van € 2.165,00 aan ontvangen persoonsgebonden budget, een bedrag van

€ 714,00 aan buitengerechtelijke incassokosten en een bedrag van € 218,91 aan verschuldigde rente tot 8 september 2010, te vermeerderen met rente en proceskosten.

3.2. [gedaagde] voert verweer.

3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Omdat de goederen van [gedaagde] bij beschikking van 26 augustus 2009 onder bewind zijn gesteld, had Stichting Zorgkantoor Menzis niet mogen volstaan met het dagvaarden van [gedaagde], maar had zij ook de bewindvoerder mevrouw D. Knoef in de onderhavige procedure moeten betrekken. Nu de bewindvoerder ter gelegenheid van de comparitie van 13 mei 2011 is verschenen en heeft verklaard in te kunnen stemmen met deze procedure, zal de rechtbank Stichting Zorgkantoor Menzis ontvankelijk verklaren in haar vorderingen.

4.2. In geschil is of [gedaagde] gehouden is tot terugbetaling van een bedrag van

€ 2.165,00 in hoofdsom aan Stichting Zorgkantoor Menzis uit hoofde van onverschuldigde betaling, zoals Stichting Zorgkantoor Menzis heeft gesteld en [gedaagde] gemotiveerd heeft betwist.

4.3. [gedaagde] heeft allereerst aangevoerd dat de vorderingen van Stichting Zorgkantoor Menzis moeten worden afgewezen nu het Pgb tot de boedel in de zin van artikel 295 Faillissementswet behoort. Dit verweer gaat niet op. De rechtbank overweegt daartoe het volgende.

In het rapport van de werkgroep rekenmethode VLTB, dat onderdeel uitmaakt van de Recofa-richtlijnen in de WSNP, is overwogen dat het Pgb een budget is dat beschikbaar wordt gesteld aan personen die zorg behoeven. Met het toegekende budget kan de budgethouder de benodigde zorg inkopen en uitbetalen. Vanwege die achterliggende gedachte is er voor gekozen om in de WSNP het Pgb buiten de boedel te laten vallen.

4.4. [gedaagde] heeft erkend dat zij geen bezwaar heeft gemaakt tegen de terugvorderingsbeschikkingen van 6 mei 2009, zodat, aldus [gedaagde], - in beginsel - dient te worden uitgegaan van de rechtmatigheid van deze beschikkingen. Nu - volgens [gedaagde] - vast staat dat zij op grond van de wet recht had op een Pgb, dat zij (een deel van) het Pgb ook geheel conform de toekenningsbeschikkingen heeft gebruikt en dat het niet (tijdig) verantwoording afleggen door [gedaagde] te wijten is aan de psychische omstandigheden van [gedaagde] en het niet ontvangen zijn van de correspondentie van Stichting Zorgkantoor Menzis door haar bewindvoerder WSNP, heeft [gedaagde] aangevoerd dat in het onderhavige geval een uitzondering dient te worden gemaakt op het beginsel van de formele rechtskracht.

Ter gelegenheid van de comparitie van partijen heeft Stichting Zorgkantoor Menzis er op gewezen dat [gedaagde] geen bezwaar heeft gemaakt tegen de beschikkingen van 6 mei 2009, en evenmin een beroep heeft gedaan op verschoonbare termijnoverschrijding.

4.5. Indien tegen een besluit van een bestuursorgaan een met voldoende waarborgen omklede bestuursrechtelijke rechtsgang heeft opengestaan, maar deze rechtsgang niet is gebruikt, dient de burgerlijke rechter, ingeval de geldigheid van het besluit in het voor hem gevoerde geding in geschil is, in beginsel van die geldigheid uit te gaan, behoudens indien de daaraan verbonden bezwaren door bijkomende omstandigheden zo klemmend worden dat op dat beginsel een uitzondering moet worden aanvaard. Gelet op dit criterium moet er van uitgegaan worden dat de terugvorderingsbeschikkingen van 6 mei 2009 formele rechtskracht hebben, zodat [gedaagde] de in die beschikkingen genoemde bedragen aan Stichting Zorgkantoor Menzis moet terugbetalen. De door [gedaagde] aangevoerde omstandigheden zijn niet zo uitzonderlijk of zwaarwegend te noemen dat op het in Nederlandse rechtssysteem heersende rechtsbeginsel van formele rechtskracht een uitzondering moet worden gemaakt. Met andere woorden, de door [gedaagde] aangevoerde bijkomende omstandigheden leiden er niet toe dat de aan het handhaven van de geldigheid van het besluit klevende bezwaren voor [gedaagde] zo klemmend worden dat voor haar een uitzondering op dit rechtsbeginsel moet worden gemaakt.

Weliswaar lijkt zich thans een ontwikkeling voor te doen die een uitzondering op - in beginsel - rigide stelsel toestaat, maar de door [gedaagde] geschetste omstandigheden, die voor haar rekening en risico komen, passen niet in deze ontwikkeling. De conclusie is dat ook het subsidiaire verweer van [gedaagde] niet slaagt. De rechtbank acht hierbij relevant dat [gedaagde] überhaupt geen bezwaar heeft gemaakt tegen de beschikking van Stichting Zorgkantoor Menzis, ook niet met een beroep op verschoonbare termijnoverschrijding. Dat had wel op haar weg gelegen.

4.6. Meer subsidiair heeft [gedaagde] aangevoerd dat de toewijzing van de vordering tot terugbetaling in strijd is met de redelijkheid en billijkheid, omdat in civielrechtelijke zin is komen vast te staan dat zij wel degelijk op rechtmatige wijze een gedeelte van het haar toegekende Pgb, te weten een bedrag van € 2.165,0, in overeenstemming met de daarvoor geldende regels heeft besteed, terwijl vanwege haar persoonlijke omstandigheden haar geen verwijt kan worden gemaakt van het niet op juiste wijze in acht nemen van de geldende regels ter zake de verantwoording van de door haar bestede gelden van het Pgb.

In rechtsoverweging 4.5. is overwogen dat de omstandigheid dat [gedaagde] niet op de juiste wijze de regels ter zake de verantwoording in acht heeft genomen voor haar rekening en risico behoort te blijven.

Met een beroep op de redelijkheid en billijkheid kan niet zonder meer voorbij worden gegaan aan de formele rechtskracht, terwijl de gestelde omstandigheden dat in dit geval niet anders maken.

4.7. De conclusie is dat Stichting Zorgkantoor Menzis het Pgb ad - in totaal -

€ 4.576,08 onverschuldigd aan [gedaagde] heeft voldaan. De vordering tot terugbetaling zal worden toegewezen. Vanwege de gedeeltelijke terugbetaling op 6 juli 2011 zal de vordering tot betaling van de wettelijke rente op de wijze als hierna bepaald worden toegewezen.

4.8. Het uitgangspunt voor het toekennen van een vergoeding voor buitengerechtelijke werkzaamheden is dat het moet gaan om werkzaamheden die meer omvatten dan een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een – niet aanvaard – schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op de gebruikelijke wijze samenstellen van een dossier. Stichting Zorgkantoor Menzis heeft haar stelling dat zij meer of andere dan de hiervoor bedoelde werkzaamheden heeft verricht niet, althans onvoldoende, onderbouwd. De vordering tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten ad € 714,00 wordt daarom afgewezen.

4.9. De kosten aan de zijde van Stichting Zorgkantoor Menzis worden begroot op:

- dagvaarding € 91,32

- betaald vast recht € 78,50

- in debet gesteld vast recht € 235,50

- salaris procureur € 768,00 (2,0 punten × factor 1,0 × € 384,00)

Totaal € 1.173,32

5. De beslissing

De rechtbank

5.1. veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Stichting Menzis Zorgkantoor van een bedrag van € 2.383,91, te vermeerderen met de wettelijke rente over een bedrag van

€ 4.576,08 vanaf 8 september 2010 tot en met 6 juli 2011 en over een bedrag van € 2.165,00 vanaf 7 juli 2011 tot aan de dag van algehele voldoening,

5.2. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van Stichting Zorgkantoor Menzis tot op heden begroot op € 1.173,32;

5.3. verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad,

5.4. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.H. Bokx-Boom en in het openbaar uitgesproken op 16 november 2011.

Coll.: KvW