Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2011:BU4326

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
31-08-2011
Datum publicatie
15-11-2011
Zaaknummer
AWB 10/822
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Wob. Verweerder heeft ten onrechte niet gemotiveerd dat er buiten de verstrekte documenten geen andere documenten onder hem berusten. Beroep gegrond. Eiser kan niet aannemelijk maken dat de niet verstrekte gegevens wel onder verweerder berusten. De rechtsgevolgen van het te vernietigde besluit worden in stand gelaten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ARNHEM

Sector bestuursrecht

registratienummer: AWB 10/822

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak ingevolge artikel 8:67, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van 31 augustus 2011

inzake

[eiser], eiser,

wonende te [woonplaats],

tegen

het Dagelijks bestuur Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden, verweerder.

1. Aanduiding bestreden besluit

Besluit van verweerder van 15 februari 2010.

2. Beslissing

De rechtbank

verklaart het beroep gegrond;

vernietigt het bestreden besluit en bepaalt dat de rechtsgevolgen van het besluit geheel in stand blijven;

bepaalt dat verweerder het door eiser betaalde griffierecht ten bedrage van € 150 aan hem vergoedt.

3. Gronden van de beslissing

Verweerder heeft in het verweerschrift aangegeven in het bestreden besluit ten onrechte niet gemotiveerd te hebben dat er buiten de verstrekte documenten geen andere documenten onder hem berusten. De rechtbank is van oordeel dat dit geen vormgebrek is waar onder toepassing van artikel 6:22 van de Awb voorbijgegaan kan worden. Eiser kon nu immers niet weten of verweerder voor zover mogelijk volledig aan zijn verzoek tegemoet gekomen was. Het bestreden besluit is derhalve in strijd met artikel 7:12 van de Awb.

Eiser heeft ter zitting aangegeven niet aannemelijk te kunnen maken dat de niet verstrekte gegevens wel onder verweerder berusten. De rechtbank ziet daarom aanleiding om met toepassing van artikel 8:72, derde lid, van de Awb de rechtsgevolgen van het te vernietigen besluit in stand te laten.

De rechtbank acht geen termen aanwezig om een proceskostenveroordeling uit te spreken.

De rechtbank bepaalt, onder toepassing van artikel 8:74, van de Awb, dat het griffierecht wordt vergoed.

Tegen deze uitspraak staat voor belanghebbenden, behoudens het bepaalde in artikel 6:24 juncto 6:13 van de Awb, binnen 6 weken na de dag van verzending hiervan, hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA 's-Gravenhage.

De uitspraak is ter openbare zitting van 31 augustus 2011 gegeven door mr. J.A. van Schagen, rechter, in tegenwoordigheid van mr. L.A. Kjellevold - Hoegee, griffier.

Waarvan proces-verbaal,

De griffier, De rechter,

Afschrift verzonden op: 31 augustus 2011