Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2011:BR5567

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
17-08-2011
Datum publicatie
23-08-2011
Zaaknummer
215590
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bevoegdheidsincident.

Beide partijen verwerpen uitdrukkelijk de algemene voorwaarden van de wederpartij. De algemene voorwaarden zijn in ieder geval wat betreft het arbitragebeding niet verenigbaar. In afwijking van de vuistregel van art. 6:225 lid 3 BW geen van beide sets algemene voorwaarden van toepassing.

Rechtbank bevoegd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJF 2011/513
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 215590 / HA ZA 11-710

Vonnis in incident van 17 augustus 2011

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HEXTA HEKWERK B.V.,

gevestigd te Katwijk,

eiseres in de hoofdzaak,

verweerster in het incident,

advocaat mr. P.D. Labee te Amersfoort,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[gedaagde] SPORT EN CULTUURTECHNIEK B.V.,

gevestigd te [woonplaats],

gedaagde in de hoofdzaak,

eiseres in het incident,

advocaat mr. F.A.M. Knüppe te Arnhem.

Partijen zullen hierna Hexta en [gedaagde in de hoofdzaak] genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de incidentele conclusie tot onbevoegdverklaring

- de incidentele conclusie van antwoord.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2. De beoordeling in het incident

2.1. Hexta vordert in de hoofdzaak veroordeling van [gedaagde in de hoofdzaak] tot betaling aan Hexta van een bedrag van € 74.807,00 vermeerderd met rente en kosten. Zij legt hieraan ten grondslag dat [gedaagde in de hoofdzaak] de tussen partijen gesloten overeenkomsten niet is nagekomen door niet (volledig) te voldoen aan haar betalingsverplichting. Op de overeenkomsten zijn volgens Hexta de Algemene Voorwaarden van Hexta Hekwerk van toepassing.

2.2. [gedaagde in de hoofdzaak] voert in het incident aan dat de rechtbank onbevoegd is van de zaak kennis te nemen. Zij legt hieraan ten grondslag dat in artikel 19 van de Algemene Voorwaarden voor Inkoop en Uitbesteding van KWS Infra B.V. is bepaald dat alle geschillen zullen worden beslecht door arbitrage ingevolge de regels zoals omschreven in de statuten van de Raad van Arbitrage voor bouwbedrijven (inmiddels: Raad van Arbitrage voor de Bouw). Deze Algemene Voorwaarden zijn op de overeenkomsten tussen partijen van toepassing, aangezien in de onderaannemingsovereenkomsten die partijen hebben gesloten de Algemene Voorwaarden van Hexta uitdrukkelijk van de hand worden gewezen en de Algemene Voorwaarden voor Inkoop en Uitbesteding van KWS Infra B.V. van toepassing worden verklaard. Hexta heeft deze onderaannemerovereenkomsten dan wel niet ondertekend, maar [gedaagde in de hoofdzaak] mocht er gerechtvaardigd op vertrouwen dat Hexta stilzwijgend akkoord ging met de inhoud ervan, aldus [gedaagde in de hoofdzaak].

2.3. Hexta voert verweer tegen deze stellingen. Volgens haar is de totstandkoming van de overeenkomst tussen partijen anders verlopen. [gedaagde in de hoofdzaak] heeft een prijsaanvraag bij haar ingediend, Hexta heeft daarop een offerte opgemaakt, waarna partijen een offertebespreking hebben gevoerd. Vervolgens heeft Hexta een orderbevestiging gestuurd, waarop de werkzaamheden zijn gebaseerd. In de prijsaanvraag is door [gedaagde in de hoofdzaak] niet verwezen naar Algemene Voorwaarden voor Inkoop en Uitbesteding van KWS Infra B.V. Zowel in de offertes als in de orderbevestigingen van Hexta is uitdrukkelijk verwezen naar haar Algemene Voorwaarden. Hexta heeft de onderaannemingsovereenkomsten nooit ontvangen en [gedaagde in de hoofdzaak] heeft dan ook op geen enkele wijze deze voorwaarden van de hand gewezen. Op grond van artikel 6:225 lid 3 zijn de Algemene Voorwaarden van Hexta van toepassing. Bovendien heeft Hexta zowel mondeling als schriftelijk aan [gedaagde in de hoofdzaak] laten weten dat mogelijke Algemene Voorwaarden van [gedaagde in de hoofdzaak] worden afgewezen. Subsidiair heeft Hexta aangevoerd dat de Algemene Voorwaarden voor Inkoop en Uitbesteding van KWS Infra B.V. op grond van artikel 6:233 j. 6:234 BW vernietigbaar zijn, aangezien zij geen kennis van deze voorwaarden heeft kunnen nemen.

2.4. Artikel 6:225 lid 3 geeft een vuistregel voor de beantwoording van de vraag welke Algemene Voorwaarden op een overeenkomst van toepassing zijn indien beide partijen verwijzen naar verschillende Algemene Voorwaarden. De omstandigheden van het geval kunnen aanleiding geven van deze vuistregel af te wijken. Uit de hiervoor genoemde stellingen van partijen blijkt dat [gedaagde in de hoofdzaak] de Algemene Voorwaarden van Hexta uitdrukkelijk van de hand wijst en dus uitdrukkelijk niet akkoord gaat met de inhoud van deze Algemene Voorwaarden. Hexta stelt zich op haar beurt op het standpunt dat zij uitdrukkelijk niet akkoord gaat met de inhoud van de Algemene Voorwaarden voor Inkoop en Uitbesteding van KWS Infra B.V. Nu duidelijk is dat beide partijen de Algemene Voorwaarden van de wederpartij uitdrukkelijk verwerpen en deze Algemene Voorwaarden in elk geval voor wat betreft het arbitragebeding niet met elkaar verenigbaar zijn, ziet de rechtbank thans aanleiding om in afwijking van de vuistregel van artikel 6:225 lid 3 BW geen van beide Algemene Voorwaarden van toepassing te verklaren.

2.5. Uit het voorgaande volgt dat de vordering van [gedaagde in de hoofdzaak] tot onbevoegdverklaring zal worden afgewezen. [gedaagde in de hoofdzaak] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van het incident worden veroordeeld.

4. De beslissing

De rechtbank

in het incident

4.1. wijst het gevorderde af,

4.2. veroordeelt [gedaagde in de hoofdzaak] in de kosten van het incident, aan de zijde van Hexta tot op heden begroot op EUR 452,00,

in de hoofdzaak

4.3. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 28 september 2011 voor conclusie van antwoord.

Dit vonnis is gewezen door mr. F.J. de Vries en in het openbaar uitgesproken op 17 augustus 2011.

Coll.: SK