Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2011:BP6913

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
02-03-2011
Datum publicatie
07-03-2011
Zaaknummer
192500
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Vervolg op LJN: BO2651.

Ged.1conv./eis.1reconventie is aansprakelijk voor de schade die eisers in conventie hebben geleden doordat Diro hun de aan haar verstrekte geldlening niet heeft terugbetaald, voorzover het door het pandrecht gesecureerde bedrag van € 15.000,-- de netto-opbrengst van de executieverkoop van de in vuistpand genomen zaken overtreft. De diverse schadeposten worden deels toegewezen en deels afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 192500 / HA ZA 09-2052

Vonnis van 2 maart 2011

in de zaak van

1. [eis.1conv./ged.1reconv.],

wonende te [woonplaats],

2. [eis.2conv./ged.2reconv.],

wonende te [woonplaats],

eisers in conventie,

verweerders in reconventie,

advocaat mr. M.H.H. Emmen te ‘s-Hertogenbosch,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[ged.1conv./eis.1reconv.].,

gevestigd te [vest.plaats],

2. [ged.2conv./eis.2reconv.],

wonende te [woonplaats],

gedaagden in conventie,

eisers in reconventie,

advocaat mr. M. van Wouwe te Rotterdam.

Partijen zullen hierna gezamenlijk [eis.conv./gedn.reconv.] en [gedn.conv./eis.reconv.] worden genoemd. Afzonderlijk zullen partijen [eis.1conv./ged.1reconv.] [eis.2conv./ged.2reconv.], [ged.1conv./eis.1reconv.] en [ged.1conv./eis.2reconv.] worden genoemd.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 20 oktober 2010

- de akte uitlaten tussenvonnis van [gedn.conv./eis.reconv.]

- de antwoordakte tevens houdende wijziging van eis van [eis.conv./gedn.reconv.]

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De verdere beoordeling

in conventie

2.1. Bij genoemd vonnis van 20 oktober 2010 heeft de rechtbank de zaak naar de rol verwezen teneinde [eis.conv./gedn.reconv.] in de gelegenheid te stellen zich uit te laten omtrent hetgeen is overwogen onder 2.10 van dat vonnis. In die rechtsoverweging heeft de rechtbank onder meer beslist dat [gedn.conv./eis.reconv.] aansprakelijk is voor de schade die [eis.conv./gedn.reconv.] heeft geleden doordat Diro hem de aan haar verstrekte geldlening niet heeft terugbetaald, voor zover het door het pandrecht gesecureerde bedrag van € 15.000,00 de netto-opbrengst van de executieverkoop van de op 16 oktober 2009 in vuistpand genomen zaken overtreft.

de wijziging van eis

2.2. [eis.conv./gedn.reconv.] heeft zijn eis gewijzigd. Hij vordert na die eiswijziging – samengevat – de veroordeling van [gedn.conv./eis.reconv.] tot betaling van:

- een bedrag van € 71.873,52 met rente, welk bedrag bestaat uit:

- geldlening pro resto € 56.250,00

- kosten van verhaal € 8.772,52, welk bedrag bestaat uit:

- vervoerskosten c.a. € 7.449,40

- deurwaarderskosten € 1.071,83

- advieskosten € 6.851,00

- een bedrag van € 1.788,00

- een bedrag van € 7.449,40 en een bedrag van € 1.000,00 per maand vanaf 16 oktober 2009

- de proceskosten.

2.3. Tegen die eiswijziging heeft [gedn.conv./eis.reconv.] zich niet verzet en de rechtbank ziet geen aanleiding die wijziging van eis ambtshalve buiten beschouwing te laten, zodat op de gewijzigde eis zal worden recht gedaan.

het bedrag van € 56.250,00

2.4. Zoals is overwogen onder 2.10 van het vonnis van 20 oktober 2010 en hierboven onder 2.1 is herhaald, is [gedn.conv./eis.reconv.] aansprakelijk jegens [eis.conv./gedn.reconv.] voor de schade zoals daar omschreven. Dit betekent dus dat voor wat betreft de hoofdsom die aansprakelijkheid beperkt is tot maximaal € 15.000,00. Verkoop van de in vuistpand genomen zaken heeft nog niet plaatsgevonden, zodat de netto-opbrengst van die verkoop thans nog niet bekend is. Daaruit volgt dat thans evenmin bekend is of [eis.conv./gedn.reconv.] een vordering wegens schadevergoeding op [gedn.conv./eis.reconv.] heeft en zo ja, tot welk bedrag.

2.5. De vordering tot betaling zal dan ook voorwaardelijk worden toegewezen als hierna omschreven waarbij – zoals is beslist in het vonnis van 9 juni 2010 onder 4.1 – aan [eis.1conv./ged.1reconv.] en [eis.2conv./ged.2reconv.] elk de helft van de vordering zal worden toegewezen. Deze voorwaardelijke veroordeling betekent dus dat tot het moment waarop de netto-opbrengst van die verkoop van de executieverkoop van de op 16 oktober 2009 in vuistpand genomen zaken bekend is, onduidelijk is of [eis.conv./gedn.reconv.] een vordering wegens schadevergoeding op [gedn.conv./eis.reconv.] heeft en zo ja, tot welk bedrag. Daaruit volgt dat het desbetreffende toewijzende vonnis voor wat betreft dit onderdeel van de vordering niet geëxecuteerd zal kunnen worden dan nadat de omvang van die netto-opbrengst bekend zal zijn.

2.6. Voor het overige zal de vordering in hoofdsom (dus: het bedrag van de geldlening met rente) worden afgewezen.

het bedrag van € 8.772,52

2.7. De kosten van verhaal bestaan uit de vervoerskosten en deurwaarderskosten. De vervoerskosten bedragen volgens [eis.conv./gedn.reconv.] € 7.449,40. Dat bedrag wordt echter niet alleen als onderdeel van de kosten van verhaal gevorderd, maar daarnaast ook separaat. Nu die vervoerskosten dus dubbel worden gevorderd, wordt reeds om die reden een dezer vorderingen afgewezen.

2.8. Zoals de rechtbank heeft overwogen (in het vonnis van 20 oktober 2010 onder 2.10), staat op grond van de overgelegde factuur vast dat [eis.conv./gedn.reconv.] kosten ten bedrage van € 7.449,40 heeft gemaakt. [gedn.conv./eis.reconv.] betwist deze kosten op zichzelf niet, maar acht deze onevenredig hoog. In het bijzonder het aantal uren acht [gedn.conv./eis.reconv.] te hoog. Dit verweer, dat verder niet is onderbouwd, moet mede gezien deze factuur als onvoldoende gemotiveerd worden verworpen. [gedn.conv./eis.reconv.] voert nog aan dat het praktischer en goedkoper zou zijn geweest als [eis.conv./gedn.reconv.] conservatoir beslag zonder afgifte op de goederen van Diro had gelegd, maar daar was [eis.conv./gedn.reconv.] niet toe gehouden. Het bedrag van € 7.449,40, waarvan € 3.000,00 is gesecureerd door het pandrecht, is dus toewijsbaar.

2.9. Ook de deurwaarderskosten zijn toewijsbaar, nu [gedn.conv./eis.reconv.] deze naar aanleiding van de factuur niet meer heeft betwist.

het bedrag van € 1.788,00

2.10. Ter vergoeding van advieskosten gemaakt door zijn accountant en advocaat ter zake van buitengerechtelijke werkzaamheden vordert [eis.conv./gedn.reconv.] een bedrag van € 6.851,00. Voorts vordert hij buitengerechtelijke incassokosten ten bedrage van € 1.788,00. Zonder toelichting, die ontbreekt, moeten de desbetreffende werkzaamheden als buitengerechtelijke werkzaamheden ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid en ter verkrijging van voldoening buiten rechte in de zin van artikel 6:96 lid 2 aanhef en sub b en c worden beschouwd en ziet de rechtbank geen aanleiding als vergoeding daarvoor een hoger bedrag toe te kennen dan het gebruikelijke forfaitaire bedrag conform het rapport-Voorwerk II. Dit bedrag, gebaseerd op de toe te wijzen hoofdsom, is € 904,00 en is toewijsbaar. Voor het overige zal dit onderdeel van de vordering worden afgewezen.

het bedrag van € 1.000,00 per maand

2.11. Na eerst in zijn dagvaarding te hebben gesteld dat de kosten van opslag € 350,00 per maand bedragen, stelt [eis.conv./gedn.reconv.] in zijn antwoordakte dat de opslagkosten € 1.000,00 per maand bedragen, in verband waarmee hij zijn vordering heeft vermeerderd. [gedn.conv./eis.reconv.] heeft die vermeerderde vordering betwist. Noch bij dagvaarding noch bij antwoordakte d.d.18 augustus 2010 of bij de antwoordakte d.d. 15 december 2010 heeft [eis.conv./gedn.reconv.] bewijsstukken betreffende die kosten in de vorm van een huurovereenkomst, facturen of bankafschriften overgelegd. Hij heeft hiervoor nooit enige verklaring gegeven. In het licht van het verweer van [gedn.conv./eis.reconv.], die uitdrukkelijk wijst op dat gebrek aan onderbouwing, acht de rechtbank de vordering in zoverre onvoldoende onderbouwd. Uit zijn akte d.d. 17 november 2010 begrijpt de rechtbank dat [gedn.conv./eis.reconv.] opslagkosten ten bedrage van € 350,00 per maand niet onredelijk acht en dus in zoverre geen verweer voert. Dit onderdeel van de vordering zal dan ook tot dat bedrag worden toegewezen en voor het overige worden afgewezen.

de proceskosten

2.12. [eis.conv./gedn.reconv.] vordert de veroordeling van [gedn.conv./eis.reconv.] in de proceskosten, “waaronder begrepen de kosten van beslaglegging en bewaarneming onder meer deurwaarderskosten, transportkosten en de kosten van opslag van de in beslag genomen auto vanaf 22 oktober 2009 tot aan de dag van algehele voldoening, alsmede het salaris van de raadsman” van [eis.conv./gedn.reconv.]

2.13. Kosten van beslaglegging en bewaarneming vormen geen onderdeel van de proceskosten. De rechtbank gaat ervan uit dat dit onderdeel van de vordering is gebaseerd op de artikelen 706 (ten aanzien van de beslaglegging) respectievelijk 857 (ten aanzien van de bewaarneming) Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en aldus begrepen is deze vordering toewijsbaar.

De kosten van beslaglegging en bewaarneming hebben kennelijk betrekking op het beslag c.a. op de auto. Die kosten bedragen volgens [eis.conv./gedn.reconv.] € 701,77 voor de afvoer van de auto, € 890,84 deurwaarderskosten en € 100,00 per maand exclusief btw wegens opslagkosten. [gedn.conv./eis.reconv.] betwist deze kosten op zichzelf niet, maar acht de opslagkosten onevenredig hoog. Dit verweer, dat verder niet is onderbouwd, wordt verworpen.

2.14. [gedn.conv./eis.reconv.] zal worden veroordeeld in de kosten van dit geding, gevallen aan de zijde van [eis.conv./gedn.reconv.], waarbij het salaris advocaat zal worden begroot op basis van het tarief dat correspondeert met het toe te wijzen bedrag. Deze kosten worden tot aan dit vonnis begroot op:

- betekening dagvaarding € 85,98

- griffierecht € 1.625,00

- salaris advocaat € 2.316,00 (4 punten x € 579,00, tarief III)

€ 4.026,98

in reconventie

2.15. In het vonnis van 20 oktober 2010, r.ov. 2.12, is reeds beslist dat de vordering zal worden afgewezen.

2.16. [gedn.conv./eis.reconv.] zal worden veroordeeld in de kosten van dit geding, gevallen aan de zijde van [eis.conv./gedn.reconv.] en tot aan dit vonnis begroot op € 904,00 (2 punten x € 452,00, tarief II) wegens salaris advocaat.

3. De beslissing

De rechtbank

in conventie

3.1. veroordeelt [ged.1conv./eis.1reconv.] en [ged.1conv./eis.2reconv.] hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, indien en voor zover een bedrag van € 15.000,00 de netto-opbrengst van de executieverkoop van de op 16 oktober 2009 in vuistpand genomen zaken zal overtreffen, om aan [eis.1conv./ged.1reconv.] te betalen de helft van het bedrag waarmee het bedrag van € 15.000,00 die netto-opbrengst zal overtreffen, dat bedrag vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 4 november 2009 tot de dag der voldoening,

3.2. veroordeelt [ged.1conv./eis.1reconv.] en [ged.1conv./eis.2reconv.] hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, indien en voor zover een bedrag van € 15.000,00 de netto-opbrengst van de executieverkoop van de op 16 oktober 2009 in vuistpand genomen zaken zal overtreffen, om aan [eis.2conv./ged.2reconv.] te betalen de helft van het bedrag waarmee het bedrag van € 15.000,00 die netto-opbrengst zal overtreffen, dat bedrag vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 4 november 2009 tot de dag der voldoening,

3.3. veroordeelt [ged.1conv./eis.1reconv.] en [ged.1conv./eis.2reconv.] hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, aan [eis.1conv./ged.1reconv.] en [eis.2conv./ged.2reconv.] € 8.772,52 (zevenduizend vierhonderdnegenenveertig euro en veertig eurocent) te betalen,

3.4. veroordeelt [ged.1conv./eis.1reconv.] en [ged.1conv./eis.2reconv.] hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, aan [eis.1conv./ged.1reconv.] en [eis.2conv./ged.2reconv.] € 904,00 (negenhonderdvier euro) te betalen,

3.5. veroordeelt [ged.1conv./eis.1reconv.] en [ged.1conv./eis.2reconv.] hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, aan [eis.1conv./ged.1reconv.] en [eis.2conv./ged.2reconv.] € 350,00 (driehonderdvijftig euro) per maand te betalen vanaf 16 oktober 2009 tot de dag waarop de opslag van de zaken die onder het pandrecht vallen, is geëindigd,

3.6. veroordeelt [ged.1conv./eis.1reconv.] en [ged.1conv./eis.2reconv.] hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, aan [eis.1conv./ged.1reconv.] en [eis.2conv./ged.2reconv.] te betalen bedragen van € 701,77 en € 890,84 alsmede een bedrag van € 100,00 exclusief btw per maand totdat de opslag van de auto zal zijn beëindigd,

3.7. veroordeelt [ged.1conv./eis.1reconv.] en [ged.1conv./eis.2reconv.] hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, in de kosten van dit geding, gevallen aan de zijde van [eis.1conv./ged.1reconv.] en [eis.2conv./ged.2reconv.] en tot aan dit vonnis begroot op € 4.026,98,

3.8. verklaart dit vonnis in conventie tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.9. wijst af het meer of anders gevorderde,

in reconventie

3.10. wijst de vordering af,

3.11. veroordeelt [ged.1conv./eis.1reconv.] en [ged.1conv./eis.2reconv.] in de kosten van dit geding, gevallen aan de zijde van [eis.1conv./ged.1reconv.] en [eis.2conv./ged.2reconv.] en tot aan dit vonnis begroot op € 904,00,

3.12. verklaart dit vonnis voor wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. O. Nijhuis en in het openbaar uitgesproken op 2 maart 2011.