Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2011:BP5952

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
03-02-2011
Datum publicatie
28-02-2011
Zaaknummer
210693
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Beëindiging samenwerkingsovereenkomst. Binnen het kader van het kort geding kan niet worden vastgesteld of de beëindiging rechtmatig is geweest. De op niet rechtsgeldige opzegging gebaseerde vordering in reconventie wordt daarom grotendeels afgewezen. Daarom faalt het beroep op opschortingsbevoegdheid in conventie, zodat de vordering in conventie (voorwaardelijk) wordt toegewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 210693 / KG ZA 11-17

Vonnis in kort geding van 3 februari 2011

in de zaak van

de vennootschap naar Spaans recht

MOLDES MARINA ALTA S.L.,

h.o.d.n. Styro Stone,

gevestigd en kantoorhoudende te Javea/Alicante (Spanje),

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat mr. J. Hellendoorn te Horst, gemeente Horst aan de Maas,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SYNPRODO B.V.,

gevestigd en kantoorhoudende te Wijchen,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaten mr. drs. T.L. Cieremans en mr. P.R. van der Vorst te Rotterdam.

Partijen zullen hierna Styro Stone en Synprodo genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de eis in reconventie.

- de mondelinge behandeling

- de pleitnota van Styro Stone

- de pleitnota van Synprodo.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. Styro Stone levert bouwstenen/bouwelementen voor de bouw.

2.2. Synprodo handelt in en fabriceert grondstoffen en eindproducten voor de kunststofindustrie.

2.3. Styro Stone had tot medio 2010 een samenwerkingsovereenkomst met Van der Heijden Nederland Polystyreen Schuim B.V. (hierna: Van der Heijden). Styro Stone heeft daartoe matrijzen aangeleverd aan Van der Heijden, waarna Van der Heijden deze matrijzen aan de hand van de specificaties van Styro Stone op afroep – kort gezegd – volschuimde met EPS (polystyreenschuim) en daarbij soms ook gebruik maakte van verbindingsplastics, die werden aangeleverd door Styro Stone. Zo ontstonden bouwelementen/bouwstenen, die Styro Stone afnam van Van der Heijden en vervolgens verkocht aan klanten. In de samenwerkingsovereenkomst, ingaande 1 juni 2009, was voor zover hier relevant het volgende vastgelegd:

Recitals

MMA (Styro Stone, de voorzieningenrechter), who by way of license owns several moulds to enable the production of stones made from expanded polystyrene (EPS) enters into this agreement with VDH (Van der Heijden, de voorzieningenrechter) who owns a manufacturing facility to produce EPS-parts using shape moulding machines and also has within its organization facilities for storage.

The moulds owned by MMA are protected and any EPS-parts in both form and shape bear the trade mark of “Styro Stone”. Such mould will at all times remain the property of MMA and used exclusively for and solely in the fulfilment of demand of MMA and for no other purpose.

The object of this agreement is to bring together the moulds of MMA and the manufacturing capability and storage facilities of VDH.

To allow this objective to succeed:

(…)

8.

In the event of termination VDH will undertake

* to return to MMA all moulds under loan in good condition normal wear and tear accepted

* to allow access for all immediate collection of any “Styro Stone” products.

9.

MMA will guarantee to make payment to VDH after delivery of “Styro Stone” in accordance with the purchase prices agreed within Appendix 1, value added tax is not included.

2.4. Van der Heijden is op 25 juni 2010 in staat van faillissement verklaard, waarna de curator is overgegaan tot verkoop van de onderneming (waaronder de machines en de voorraad bouwstenen) aan Synprodo. De curator heeft de prijzen, die Styro Stone voor de af te nemen producten moest betalen, verhoogd met 10%. Synprodo heeft deze prijzen overgenomen. Synprodo is vervolgens op afroep bouwstenen/bouwelementen gaan produceren voor Styro Stone.

2.5. Op 26 oktober 2010 hebben Styro Stone en Synprodo gesproken over de prijzen van de bouwstenen.

2.6. Bij e-mailbericht van 17 december 2010 heeft de heer [betrokkene1] (hierna: [betrokkene1]), general sales manager bij Synprodo, de heer [betrokkene2], werkzaam bij Styro Stone, onder meer het volgende bericht:

During our meeting at Wijchen (NL) we have discussed your current price-level and the necessity for Synprodo to increase this level (considering production-, quality- and logistical costs). We did some serious exercise in order to determine the exact costing-levels and based on this information we can inform you today about the new prices of all the concerned articles (see attachment).

The following conditions are applicable for het concerned prices:

> Valid for all new orders as from December 17th 2010

> Ex Works

> Minimum orderquantity is 500 pieces per article

> No warehousing-costs are included

> Delivery-time: 4 weeks after receipt of het order

2.7. De heer [betrokkene3], eveneens werkzaam bij Styro Stone, heeft [betrokkene1] bij e-mailbericht van 20 december 2010, voor zover thans relevant, het volgende medegedeeld:

You have tripled the prices – there can be no argueing this being an extreme action.

To give an example, we take our Styro Stone no #0001:

Van der Heijden produced that for 3,00, your future production price shall bee 8,95, our nominal sales price is 8,03, in this time of crisis we have tot give discounts up to 30%, our momentary average sales price is 5,82.

This situation does not leave us much of a choice.

Our suggestion:

1. You return our moulds immediately to us.

2. We reduce the stock of our Styro Stones with priority, paying the price agreed with Van der Heijden on the date of his insolvency, that is the price we have paid to you up to now.

2.8. [betrokkene1] heeft hierop bij e-mailbericht van 20 december 2010 gereageerd. In dit bericht is, voor zover hier van belang, het volgende opgenomen:

1) Tools

The concerned tools can be picked up from our production location as soon as all the outstanding invoices (including stock / see item 2) are paid. I will send you by separate mail an overview of these invoices.

2) Stock Synprodo

We will sent you an overview of the current stock. This stock will be invoiced with the price agreed with “Van der Heijden” on the date of his insolvency. After the receipt of this payment the stock can be picked up together with the moulds.

2.9. Partijen hebben vervolgens uitvoerig per e-mail gecorrespondeerd, maar dit heeft niet geleid tot een oplossing van hun geschil.

2.10. De advocaat van Styro Stone heeft Synprodo bij brief, alsook per e-mailbericht van 29 december 2010 onder meer gesommeerd tot afgifte van de mallen (matrijzen). Tevens heeft hij aangegeven dat Styro Stone de openstaande facturen betreffende reeds geleverde producten zal voldoen en dat Styro Stone bereid is de nog resterende voorraad tegen oude tarieven af te roepen op het moment dat het nodig is.

2.11. [betrokkene1] heeft bij e-mailbericht van 11 januari 2011 de advocaat van Styro Stone onder meer het volgende bericht:

Betreffende uw opmerkingen over amortisatie c.q. mallen kan ik u het volgende melden. De matrijzen zijn nog geen volledig eigendom van de firma MM (Styro Stone, de voorzieningenrechter) aangezien een gedeelte van de aanschafwaarde nog niet (middels amortisatie) is voldaan. Het totaal openstaande bedrag aan amortisatie bedraagt € 8.819,50. (…) Wij blijven derhalve van mening dat de betreffende matrijzen kunnen worden afgehaald nadat aan alle financiële verplichtingen is voldaan.

(…)

Om tot een vriendelijke oplossing te komen willen wij een gebaar maken in de richting van uw cliënt. Deze heeft namelijk aangegeven de voorraad binnen een termijn van vier tot vijf manden af te nemen (zie zijn e-mail van 23 december 2010 15:03). Bij het verkrijgen van een financiële garantie (middels bankgarantie) ter grootte van de financiële waarde van de aanwezige voorraad, zullen wij overgaan tot het afgeven van de matrijzen, mits natuurlijk aan alle andere financiële verplichting is voldaan.

2.12. De advocaat van Styro Stone heeft Synprodo bij brief en per e-mailbericht van 11 januari 2011 – kort gezegd – bericht dat Styro Stone niet instemt met het voorstel en heeft nogmaals gesommeerd tot afgifte van de matrijzen, waarbij Styro Stone heeft aangeboden over te gaan tot betaling van de openstaande facturen van € 2.084,37.

2.13. Styro Stone heeft vanaf medio december 2010 geen producten meer afgenomen van Synprodo en kan daardoor thans haar klanten niet meer voorzien van bouwstenen.

3. Het geschil in conventie

3.1. Styro Stone stelt dat zij eigenaar is van de matrijzen en vordert in conventie dat de voorzieningenrechter Synprodo veroordeelt op straffe van verbeurte van een dwangsom tot afgifte aan Styro Stone, zijnde het beschikbaar stellen en medewerking verlenen voor het afhalen daarvan op de locatie van Synprodo, van de plusminus twintig matrijzen die Styro Stone in eigendom toebehoren, welke matrijzen zich bevinden bij Synprodo. Styro Stone is bereid de openstaande facturen ad € 2.084,37 te betalen.

3.2. Synprodo voert verweer.

3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. Het geschil in reconventie

4.1. Synprodo vordert in reconventie dat de voorzieningenrechter

primair

Styro Stone veroordeelt tot betaling aan Synprodo, zo nodig bij wijze van voorschot, van een bedrag van € 84.673,65, vermeerderd met de wettelijke rente,

subsidiair

Styro Stone veroordeelt tot betaling aan Synprodo, zo nodig bij wijze van voorschot, van een bedrag van € 92.807,15, vermeerderd met de wettelijke rente.

4.2. Synprodo legt aan haar vorderingen ten grondslag dat Styro Stone, door de samenwerking met Synprodo niet voort te zetten haar achterlaat met aanzienlijke kosten.

Synprodo heeft amortisatiekosten (kosten die zijn gemaakt om de machines van Synprodo aan te passen) moeten maken ad primair € 8.819,50. Subsidiair vordert Synprodo een bedrag van € 16.953,-, zijnde de gemaakte investeringskosten ad € 19.560,- minus de reeds door Styro Stone betaalde amortisatiekosten ad € 2.607,-.

Voorts vordert Synprodo een bedrag van € 32.462,70 in verband met het verhuizen van de machines en voorraden. Daarnaast stelt Synprodo dat zij schade lijdt omdat zij ten behoeve van en op voorschrift van Styro Stone voorraad heeft moeten aanhouden, welke voorraad een waarde vertegenwoordigt van € 37.783,58. Tot slot vordert Synprodo nog een bedrag van € 5.607,87 aan openstaande facturen. Volgens Synprodo heeft zij recht op en belang bij betaling van deze bedragen voordat de matrijzen aan Styro Stone worden geretourneerd.

4.3. Styro Stone voert verweer.

4.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

5. De beoordeling in conventie en in reconventie

Rechtsmacht

5.1. Styro Stone is een in Spanje gevestigde vennootschap naar het recht van Spanje. Haar vordering tegen de in Nederland gevestigde Synprodo draagt een internationaal karakter. De Nederlandse rechter komt krachtens artikel 2 lid 1 van de Europese Verordening nr. 44/2001 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (EEX-Verordening) rechtsmacht toe, nu Synprodo haar vestigingsplaats in Nederland heeft. De voorzieningenrechter van deze rechtbank is relatief bevoegd, gelet op de vestigingsplaats van Synprodo te Wijchen.

Toepasselijk recht

5.2. Tussen partijen is niet in discussie dat op hun rechtsverhouding, de vorderingen en de beoordeling daarvan Nederlands recht toepasselijk is.

De inhoudelijke beoordeling

5.3. Omdat de beide vorderingen nauw met elkaar verbonden zijn, zullen ze hierna tezamen worden behandeld.

5.4. Anders dan Synprodo heeft betoogd is de voorzieningenrechter van oordeel dat Styro Stone een voldoende spoedeisend belang heeft bij haar vordering in conventie. Styro Stone en Synprodo doen thans geen zaken meer met elkaar, terwijl Synprodo de matrijzen nog steeds onder zich heeft. Styro Stone heeft aangevoerd dat alleen met behulp van de matrijzen bouwstenen kunnen worden vervaardigd. Styro Stone kan haar afnemers op dit moment dan ook niet voorzien van bouwstenen. Dat in China nieuwe matrijzen worden vervaardigd, ontneemt aan de vordering niet het spoedeisend belang. Deze matrijzen zijn naar verwachting pas in maart 2011 gereed en moeten dan vervolgens nog getransporteerd worden. Tot die tijd kan Styro Stone geen nieuwe bouwstenen leveren aan klanten. Bovendien kost het maken van een nieuwe mal, zo stelt Styro Stone, minimaal € 10.000,-.

Het spoedeisend belang is hiermee gegeven.

5.5. In confesso is dat de matrijzen die Synprodo onder zich heeft eigendom zijn van Styro Stone. In beginsel is Synprodo dan ook gehouden deze matrijzen te retourneren. Synprodo doet evenwel een beroep op een haar toekomend opschortingsrecht. Zij stelt daartoe dat Styro Stone de samenwerking met Synprodo plotsklaps heeft opgezegd, waardoor er sprake is van een onregelmatige beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst. Styro Stone is volgens Synprodo dan ook gehouden de kosten, die Synprodo heeft moeten maken en die nader omschreven zijn onder 4.2., aan haar te vergoeden. Tevens dient Styro Stone de achterstallige facturen te voldoen. Eerst na vergoeding van deze kosten en betaling van achterstallige factuurbedragen zal Synprodo tot afgifte van de matrijzen overgaan.

5.6. Voor een bevoegdelijke opschorting is, onder andere, vereist dat Synprodo een opeisbare vordering heeft op Styro Stone (artikel 6:52 BW). Dezelfde vordering waarop zij haar opschortingsbevoegdheid baseert, heeft zij in reconventie ingesteld. In dit verband is van belang dat deze vordering in reconventie ziet op een veroordeling tot betaling van een geldsom. Terughoudendheid bij een dergelijke vordering in kort geding is op zijn plaats. De rechter zal daarbij niet alleen hebben te onderzoeken of het bestaan van een vordering van de eiser op de gedaagde voldoende aannemelijk is, maar ook of daarnaast sprake is van feiten en omstandigheden die meebrengen dat uit hoofde van onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening is vereist, terwijl de rechter in de afweging van de belangen van partijen mede zal hebben te betrekken de vraag naar - kort gezegd - het risico van onmogelijkheid van terugbetaling, welk risico kan bijdragen tot weigering van de voorziening.

5.7. Volgens Synprodo kon Styro Stone gelet op de tussen partijen bestaande rechtsverhouding de overeenkomst niet zomaar opzeggen zonder daarbij kosten voor haar rekening te nemen. Deze rechtsverhouding dient, zo stelt Synprodo, tussen partijen ingevuld te worden door de goede trouw. Synprodo stelt daartoe dat Styro Stone wist dat aanzienlijke kosten gemaakt moesten worden om de matrijzen in de productielijn van Synprodo te komen opnemen, waarmee zij vervolgens ook heeft ingestemd en verder dat Styro Stone de toezegging heeft gedaan volumes in de orde van grootte van miljoenen af te nemen.

Styro Stone heeft deze stellingen uitdrukkelijk en gemotiveerd weersproken. Zij heeft gesteld dat er in het geheel geen afspraken over volumes zijn gemaakt. Styro Stone heeft in 2009 voor een bedrag van € 89.000,- en in 2010 voor een bedrag van € 108.000,- bouwstenen afgenomen bij Van der Heijden. Het is volgens Styro Stone dus allerminst aannemelijk dat er afspraken zijn gemaakt over het afnemen van bouwstenen voor een bedrag van € 3.000.000,- per jaar. Volgens Styro Stone is er evenmin over kosten van verhuizing of over kosten voor het aanpassen van machines en matrijzen gesproken. Synprodo heeft de machines overgenomen van Van der Heijden, welke machines productiegereed waren. Dat Synprodo mogelijk haar eigen machinepark anders is gaan inrichten, kan en mag niet voor rekening van Styro Stone komen. De kosten die Synprodo stelt te maken, omdat zij ten behoeve van en op voorschrift van Styro Stone voorraad (die een waarde vertegenwoordigt van bijna € 40.000,-) heeft moeten aanhouden, worden eveneens betwist. Volgens Styro Stone heeft zij Synprodo nooit gevraagd om een minimale voorraad aan te houden.

5.8. Nu Styro Stone de stellingen van Synprodo gemotiveerd heeft betwist, kan in het bestek van dit kort geding zonder nadere bewijslevering, waarvoor deze procedure zich niet leent, vooralsnog niet worden vastgesteld of de samenwerkingsovereenkomst rechtmatig is beëindigd, door wie en op welke grond(en). Gelet op het partijdebat bestaat daarover onvoldoende duidelijkheid. Dit heeft tot gevolg dat in deze procedure van de grondslag van de vordering in reconventie (een niet rechtsgeldige opzegging van de samenwerkingsovereenkomst) vooralsnog niet kan worden uitgegaan. Dat betekent dat niet kan worden vastgesteld of Styro Stone gehouden was amortisatiekosten, althans investeringskosten en/of verhuiskosten aan Synprodo te betalen, nog daargelaten dat Styro Stone het bestaan en de omvang van die kosten gemotiveerd heeft weersproken, zodat – bij gebreke van een deugdelijke onderbouwing daarvan – niet kan worden gezegd dat aannemelijk is dat Synprodo dergelijke kosten tot de door haar gestelde omvang daadwerkelijk heeft gemaakt. Bovendien heeft Styro Stone ten aanzien van de amortisatiekosten nog aangevoerd dat deze niet gemaakt hadden hoeven te worden, nu de machines van Van der Heijden reeds geschikt waren om de bouwstenen te fabriceren, welk betoog Synprodo niet aanstonds heeft kunnen weerleggen. Kortom: dat Synprodo een vordering op Styro Stone heeft als door haar gesteld, is in dit kort geding niet aannemelijk geworden, met uitzondering van het door Styro Stone erkende factuurbedrag van € 2.084,37. Daaraan kan nog worden toegevoegd dat Synprodo in het geheel niets heeft gesteld omtrent het – voor toewijzing van een geldvordering in kort geding vereiste – bestaan van een voldoende spoedeisend belang.

5.9. De vordering in reconventie zal derhalve dienen te worden afgewezen, behoudens de door Styro Stone erkende vordering tot betaling van achterstallige factuurbedragen ad

€ 2.084,37. Daarom faalt ook het beroep op een opschortingsbevoegdheid, voor zover gegrond op een hogere (tegen)vordering dan € 2.084,37. De vordering in conventie zal worden toegewezen, echter onder voorwaarde van betaling van het in reconventie toegewezen factuurbedrag. Aan deze veroordeling zal een dwangsom worden verbonden die zal worden gematigd en gemaximeerd.

5.10. Synprodo zal als de zowel in conventie als in reconventie (grotendeels) in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Styro Stone worden begroot op:

In conventie

- dagvaarding € 96,76

- vast recht 568,00

- salaris advocaat 816,00

In reconventie

- salaris advocaat 408,00 (factor 0,5 × tarief € 816,00)

Totaal € 1.888,76

6. De beslissing

De voorzieningenrechter

in conventie

6.1. veroordeelt Synprodo tot afgifte aan Styro Stone, zijnde het beschikbaar stellen en medewerking verlenen voor het afhalen daarvan op de locatie van Synprodo, van de plusminus twintig matrijzen die Styro Stone in eigendom toebehoren, welke matrijzen zich bevinden bij Synprodo, binnen één week nadat Styro Stone de openstaande facturen ad

€ 2.084,37 heeft voldaan aan Synprodo,

6.2. veroordeelt Synprodo om aan Styro Stone een dwangsom te betalen van € 10.000,- voor iedere dag of gedeelte daarvan dat zij niet aan de in 6.1. uitgesproken hoofdveroordeling voldoet, tot een maximum van € 200.000,- is bereikt,

in reconventie

6.3. veroordeelt Styro Stone tot betaling aan Synprodo van een bedrag van € 2.084,37, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf veertien dagen na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,

in conventie en in reconventie

6.4. veroordeelt Synprodo in de proceskosten, aan de zijde van Styro Stone tot op heden begroot op € 1.480,76, en aan de zijde van Styro Stone tot op heden begroot op € 408,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf veertien dagen na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,

6.5. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

6.6. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.A van der Pol en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier mr. B.J.M. Vermulst op 3 februari 2011.