Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2010:BM3545

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
26-04-2010
Datum publicatie
06-05-2010
Zaaknummer
668526 - CV EXPL 10-2407
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

"Tijdens comparitie van partijen twijfelt gedaagde over toedracht, en wordt eerdere verweer (in conclusie van antwoord) niet langer gehandhaafd. Het uiten van twijfels, zonder nadere onderbouwing, is onvoldoende. Vordering toegewezen."

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector kanton

Locatie Arnhem

zaakgegevens 668526 \ CV EXPL 10-2407 \ BE \ 391 \ kw

uitspraak van 26 april 2010

vonnis

in de zaak van

[eisende partij],

handelende onder de naam [handelsnaam]

gevestigd te [vestigingsplaats]

eisende partij

gemachtigde mr. H.R.T.M. van Ojen

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Barrio Habana B.V.

gevestigd te Arnhem

gedaagde partij

procederend in persoon

Partijen worden hierna [eisende partij] en Barrio Habana genoemd.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 22 februari 2010;

- de aantekeningen van de griffier van de comparitie van partijen van 14 april 2010.

2. De feiten

2.1. Op 23 augustus 2008 heeft [eisende partij] aan Barrio Habana geluidsapparatuur verhuurd.

2.2. Op 23 augustus 2008 is de bedrijfswagen van [eisende partij] betrokken geweest bij een ongeval in Huissen. De op dat moment in de bedrijfswagen aanwezige en voor Barrio Habana bestemde geluidsapparatuur, die in eigendom toebehoort aan [eisende partij], was dermate ernstig beschadigd dat deze niet meer kon worden gebruikt. [eisende partij] heeft toen van een derde geluidsapparatuur gehuurd.

Deze gehuurde geluidsapparatuur is door [eisende partij] op de praalwagen van Barrio Habana geplaatst. De praalwagen heeft deelgenomen aan de optocht tijdens het festival Rio aan de Rijn.

2.3. [eisende partij] heeft op 29 september 2008 een factuur voor een bedrag van € 1.317,03 aan Barrio Habana gezonden. Deze factuur ziet op reparatiekosten van geluidsapparatuur. De factuur is ondanks aanmaningen en sommaties niet voldaan.

De op 22 september 2008 verstuurde factuur voor de huurpenningen heeft Barrio Habana wel voldaan.

3. De vordering en het verweer

3.1. [eisende partij] vordert veroordeling van Barrio Habana tot betaling van een bedrag van

€ 1.542,23, bestaande uit een bedrag van € 1.317,03 terzake de onbetaald gebleven factuur van 29 september 2008, een bedrag van € 24,30 aan vervallen rente en een bedrag van

€ 178,50 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over een bedrag van € 1.542,23 vanaf 26 januari 2009, met veroordeling van Barrio Habana in de kosten van deze procedure.

3.2. [eisende partij] legt aan zijn vordering ten grondslag dat tussen hem en Barrio Habana een overeenkomst tot verhuur van geluidsapparatuur is gesloten. De door hem aan Barrio Habana verhuurde geluidsapparatuur verkeerde in goede staat bij aflevering. Na afloop van de huur bleek de geluidsapparatuur defect te zijn. Barrio Habana is daardoor tekort geschoten in de op haar rustende verplichting om het gehuurde na afloop van de huurperiode in dezelfde, niet-defecte staat aan [eisende partij] terug te geven. [eisende partij] is door de hoofdverhuurder op vergoeding van de herstelkosten aangesproken. [eisende partij] heeft deze kosten vervolgens bij Barrio Habana in rekening gebracht.

3.3. Barrio Habana voert verweer. Bij conclusie van antwoord heeft zij aangevoerd dat de door [eisende partij] afgeleverde en door hem aangesloten apparatuur van meet af aan defect is geweest, en dat zulks ook direct aan [eisende partij] is meegedeeld. Dit is ook door haar gemachtigde als zodanig verwoord in een brief van 12 maart 2009 aan [eisende partij].

Ter comparitie heeft zij echter aangevoerd dat de apparatuur die aanvankelijk was bestemd voor verhuur aan haar bij een ongeval betrokken is geweest in Huissen. Er is door de verhuurder andere geluidsapparatuur geleverd, en daarover zijn geen klachten ontvangen bij Barrio Habana dan wel door Barrio Habana aan [eisende partij] gemeld. De huurpenningen zijn dan ook voldaan. Barrio Habana weigert de reparatiefactuur te voldoen omdat het haar niet duidelijk is of deze factuur betrekking heeft op de door haar ontvangen en gebruikte en door [eisende partij] gehuurde apparatuur of dat deze factuur ziet op de reparatiekosten van de aanvankelijk gehuurde maar niet door haar gebruikte apparatuur, die [eisende partij] in eigendom toebehoort. In het laatste geval is zij zeker niet gehouden tot betaling van de reparatiefactuur, en in het eerste geval behoort het tot het ondernemersrisico van [eisende partij] om de reparatiekosten aan zijn verhuurder te voldoen. Aan dit gewijzigde feitencomplex ligt een miscommunicatie met haar gemachtigde ten grondslag.

4. De beoordeling

4.1. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft Barrio Habana niet, althans niet voldoende, aannemelijk gemaakt waarom zij pas ter comparitie dit nieuwe feitencomplex naar voren heeft gebracht.

De enkele suggestie, die bovendien pas is gedaan na de schorsing van de comparitie, dat er sprake is van een miscommunicatie tussen haar en haar gemachtigde is onvoldoende. Het had op de weg gelegen van Barrio Habana om onmiddellijk na de constatering dat er kennelijk miscommunicatie heeft plaatsgevonden hierover met de wederpartij in overleg te treden, dan wel om voorafgaande aan de comparitie of onmiddellijk bij aanvang van de comparitie hierover nadere mededelingen te doen.

Door dit achterwege te laten heeft Barrio Habana niet enkel het voorschrift uit artikel 21 Rv, maar ook het voorschrift uit artikel 20 lid 2 Rv geschonden.

De kantonrechter zal hieraan de gevolgen verbinden die hem juist voorkomen.

4.2. Door [eisende partij] is gesteld dat de geleverde geluidsapparatuur bij aflevering niet defect is geweest. Door Barrio Habana is dit ook erkend. Zij heeft immers uitdrukkelijk verklaard dat zij geen klachten heeft ontvangen

over de door haar gebruikte geluidsapparatuur, noch van de D.J. noch van anderen. Hiermee is naar het oordeel van de kantonrechter voldoende komen vast te staan dat de geleverde apparatuur bij aanvang niet defect is geweest.

4.3. Voorts heeft Barrio Habana onvoldoende gemotiveerd betwist dat de factuur van 15 september 2008 door de hoofdverhuurder aan [eisende partij] is gezonden. Barrio Habana heeft in feite volstaan met de stelling dat die factuur mogelijk geen betrekking heeft op de door haar gebruikte geluidsapparatuur, maar op de apparatuur die zich in de bedrijfswagen bevond die op de dag van (ver)huur in Huissen bij een ongeval was betrokken. Zij heeft dat niet onderbouwd maar slechts aangegeven het – zo heeft Barrio Habana ook met zoveel woorden gezegd – iets te toevallig te vinden dat niet alleen die apparatuur (ongeval Huissen) maar ook de door haar gehuurde apparatuur beschadigd zou zijn. Daarbij is het gebleven. Bij nadere beschouwing is dat echter geen voldoende betwisting van de stelling van [eisende partij] zodat de vordering reeds om die reden toewijsbaar is.

Daar komt bij dat onderhavige opmerking, voor zover dit al als een verweer zou moeten worden beschouwd, met inachtneming van hetgeen in rechtsoverweging 4.1. is overwogen, te laat is gedaan zodat ook om die reden geen aanleiding bestaat om Barrio Habana in de gelegenheid te stellen haar stellingen nader toe te lichten, of haar zelfs tot bewijs van haar stellingen toe te laten.

4.4. De slotsom is dan ook dat de kantonrechter van oordeel is dat voldoende is komen vast te staan dat Barrio Habana de apparatuur in defecte staat heeft teruggegeven. Dit komt voor rekening en risico van Barrio Habana. De vordering tot betaling van de reparatiefactuur wordt dan ook toegewezen, evenals de vordering tot betaling van de wettelijke rente vanaf de vervaldatum van deze factuur.

4.5. Aannemelijk is dat [eisende partij] buitengerechtelijke werkzaamheden heeft laten verrichten en dat hiervoor kosten zijn gemaakt. Het gevorderde bedrag van € 178,50 aan buitengerechtelijke kosten is lager dan op grond van de gebruikelijke en redelijke tarieven in rekening gevorderd mogen worden. Het bedrag wordt dan ook toegewezen.

De gevorderde wettelijke rente over de buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen omdat niet is gesteld of gebleken dat deze kosten al zijn betaald.

4.6. Barrio Habana wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten dragen.

5. De beslissing

De kantonrechter

5.1. veroordeelt Barrio Habana tot betaling van een bedrag van € 1.495,53, te vermeerderen met de wettelijke rente over een bedrag van € 1.317,03 vanaf 7 oktober 2008 tot aan de dag van algehele voldoening;

5.2. veroordeelt Barrio Habana in de proceskosten, tot deze uitspraak aan de kant van [eisende partij] begroot op € 73,89 aan dagvaardingskosten, € 208,00 aan vastrecht en € 300,00 aan salaris voor de gemachtigde;

5.3. verklaart deze veroordeling(en) uitvoerbaar bij voorraad;

5.4. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. B.J. Engberts en in het openbaar uitgesproken op 26 april 2010.