Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2009:BI6771

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
06-05-2009
Datum publicatie
05-06-2009
Zaaknummer
182856
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Uitoefening erfdienstbaarheid van weg.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 182856 / KG ZA 09-197

Vonnis in kort geding van 6 mei 2009

in de zaak van

[eisers]

eisers,

advocaat mr. P.A. van Enckevort te Venlo,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

RESORT ARCEN B.V.,

statutair gevestigd te Lunteren, gemeente Ede, kantoorhoudende te Uithoorn,

gedaagde,

advocaat mr. W.R. de Vries te Zwolle.

Partijen zullen hierna [eiser sub 1], [eiser sub 2] en Resort Arcen worden genoemd.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties

- de mondelinge behandeling

- de pleitnota van Resort Arcen

- de ter zitting overgelegde producties van [eiser sub 1] en [eiser sub 2] en Resort Arcen.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. [eiser sub 1] en [eiser sub 2] zijn beide eigenaar van een recreatievilla met ondergrond, erf en tuin, voorzien van respectievelijk huisnummer [huisnummer 1] en [huisnummer 2], gelegen in recreatiepark Resort Arcen.

2.2. [eiser sub 1] en [eiser sub 2] hebben een aantal jaren geleden hun lidmaatschap ten aanzien van de Vereniging van Eigenaars van het recreatiepark opgezegd. Er bestaat geen beheersovereenkomst tussen [eiser sub 1] en [eiser sub 2] enerzijds en Resort Arcen anderzijds met betrekking tot het gebruik van het recreatiepark.

2.3. Ten behoeve van (de percelen van) [eiser sub 1] en [eiser sub 2] en ten laste van Resort Arcen is een erfdienstbaarheid van weg gevestigd. Het gaat hierbij om een erfdienstbaarheid van weg om te komen van en te gaan naar de openbare weg, de [weg], over de wegen van het recreatiepark.

2.4. Het recreatiepark is middels een slagboom afgesloten van de openbare weg. Deze slagboom is alleen met een door Resort Arcen af te geven pasje te openen.

2.5. Resort Arcen weigert tot op heden twee pasjes voor de duur van het kalenderjaar aan [eiser sub 1] en [eiser sub 2] beschikbaar te stellen. Zij is blijkens een brief van 3 januari 2009 van haar directeur, [betrokkene], wel bereid om een pasje voor de duur van één kalendermaand te verstrekken, waarna deze eventueel kan worden verlengd.

2.6. Bij brief van 16 januari 2009 heeft de toenmalige advocaat van [eiser sub 1] en [eiser sub 2], mr. M.N. van Geenen, Resort Arcen gesommeerd om binnen 24 uur aan [eiser sub 1] en [eiser sub 2] een tweetal pasjes voor het jaar 2009 af te geven.

2.7. Resort Arcen Beheer B.V. heeft medio 2004 een door [eiser sub 1] in 2003 geplaatst poortje op de grens van zijn erf met de openbare weg verwijderd en het hekwerk in de oude staat teruggebracht. De daarmee gepaard gaande kosten, € 406,98, zijn in rekening gebracht bij [eiser sub 1].

3. Het geschil

3.1. [eiser sub 1] en [eiser sub 2] vorderen primair dat Resort Arcen op straffe van een dwangsom wordt veroordeeld om aan hen binnen 24 uur na betekening van dit vonnis een geactiveerd slagboompasje in tweevoud af te geven, welke geactiveerd blijft voor de duur van het kalenderjaar. De subsidiaire vordering van [eiser sub 1] en [eiser sub 2] ziet op de afgifte van één geactiveerd slagboompasje. Daarnaast vordert [eiser sub 1] dat Resort Arcen op straffe van een dwangsom wordt veroordeeld tot herplaatsing van het poortje op zijn erf. Ten slotte vorderen [eiser sub 1] en [eiser sub 2] dat Resort Arcen wordt veroordeeld in de kosten van deze procedure.

3.2. [eiser sub 1] en [eiser sub 2] leggen aan hun vordering ten grondslag dat zij door de handelwijze van Resort Arcen niet langer in de gelegenheid zijn het hun toekomende recht van erfdienstbaarheid uit te oefenen. Bovendien handelt Resort Arcen onrechtmatig jegens [eiser sub 1] en [eiser sub 2] door te weigeren op een behoorlijke manier een slagboompasje beschikbaar te stellen, terwijl de overige bewoners van het recreatiepark voor elk kalenderjaar wel twee slagboompasjes krijgen waarmee zij het gehele jaar de slagboom kunnen openen. Ten slotte handelt Resort Arcen onrechtmatig jegens [eiser sub 1] door het toegangspoortje, dat [eiser sub 1] op zijn eigen grond had geplaatst, te verwijderen.

3.3. Resort Arcen voert gemotiveerd verweer waarop, voor zover van belang, hierna zal worden ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Ten aanzien van de vordering van [eiser sub 1] en [eiser sub 2], die ziet op de afgifte van een of twee slagboompasjes, vloeit het spoedeisend belang voort uit de stellingen van [eiser sub 1] en [eiser sub 2]. Ten aanzien van de vordering van [eiser sub 1], die ziet op herplaatsing van het toegangspoortje, is het spoedeisend belang naar het oordeel van de voorzieningenrechter voldoende aannemelijk geworden, nu deze vordering ertoe strekt een einde te maken aan een als stelselmatige inbreuk op een subjectief recht aan te merken handeling waarvan [eiser sub 1] doorlopend schade stelt te ondervinden. Het gaat immers om het belemmeren van de doorgang aan de achterzijde van de recreatievilla van [eiser sub 1], nu Resort Arcen Beheer B.V. het toegangspoortje heeft verwijderd en opnieuw een hek heeft geplaatst. De enkele omstandigheid dat [eiser sub 1] geruime tijd heeft laten verlopen voordat hij in kort geding een vordering tot herplaatsing van het toegangspoortje instelde, maakt dit niet anders (vergelijk Hoge Raad 29 juni 2001, NJ 2001, 602).

4.2. Niet in geschil is dat ten behoeve van de percelen van [eiser sub 1] en [eiser sub 2] een erfdienstbaarheid van weg bestaat ten laste van Resort Arcen. Het gaat in dit kort geding dan ook onder meer om de vraag of Resort Arcen dit recht van weg van [eiser sub 1] en [eiser sub 2] op onredelijke wijze bemoeilijkt en daarmee inbreuk maakt op de ten behoeve van de percelen van [eiser sub 1] en [eiser sub 2] gevestigde erfdienstbaarheid van weg om te komen van en te gaan naar de openbare weg, de [weg], over de wegen van het recreatiepark.

ten aanzien van de erfdienstbaarheid van [eiser sub 1]

4.3. Vaststaat dat Resort Arcen het recreatiepark van de openbare weg heeft afgesloten middels een slagboom, die alleen is te openen met een door Resort Arcen af te geven pasje. Nu Resort Arcen tot op heden weigert een pasje aan [eiser sub 1] af te geven, is de voorzieningenrechter voorshands van oordeel dat Resort Arcen daarmee het recht van uitweg van [eiser sub 1] op onredelijke wijze bemoeilijkt. In zoverre is er dan ook sprake van inbreuk op de ten behoeve van het perceel van [eiser sub 1] gevestigde erfdienstbaarheid van weg.

4.4. Resort Arcen stelt dat [eiser sub 1] zich niet houdt aan de op het recreatiepark geldende verkeersvoorschriften. Volgens Resort Arcen houdt [eiser sub 1] zich niet aan de maximumsnelheid van 10 km/uur en rijdt hij tegen de richting in op een weg waar slechts eenrichtingsverkeer is toegestaan. In verband met de veiligheid op het recreatiepark, alsmede om de doorstroom van voertuigen te bevorderen en de rust op het park te bewaren, heeft Resort Arcen besloten om aan [eiser sub 1] een pasje uit te geven met een geldigheidsduur van één maand, welke duur telkens kan worden verlengd indien [eiser sub 1] zich aan de (verkeers)regels houdt.

4.5. Ter zitting heeft Resort Arcen aangegeven bereid te zijn aan [eiser sub 1] twee pasjes voor de duur van dit kalenderjaar te verstrekken, onder de voorwaarde dat [eiser sub 1] op de voor Resort Arcen minst bezwarende wijze, te weten alleen langs de kortste weg, van en naar zijn recreatievilla over de wegen van het recreatiepark rijdt, en met inachtneming van de op het recreatiepark geldende verkeersvoorschriften. [eiser sub 1] heeft ter zitting met deze voorwaarden ingestemd. Het primair gevorderde zal dan ook in voege zoals hierna aan te geven worden toegewezen. Daarbij bestaat aanleiding de gevorderde dwangsom te matigen en te maximeren.

ten aanzien van de erfdienstbaarheid van [eiser sub 2]

4.6. Voor [eiser sub 2] geldt in beginsel hetzelfde als hiervoor onder 4.3 ten aanzien van [eiser sub 1] is overwogen. Resort Arcen heeft door haar weigering een pasje aan [eiser sub 2] af te geven vooralsnog het recht van uitweg van [eiser sub 2] op onredelijke wijze bemoeilijkt. In zoverre is er dan ook sprake van inbreuk op de ten behoeve van het perceel van [eiser sub 2] gevestigde erfdienstbaarheid van weg.

4.7. Ter zitting heeft Resort Arcen aangegeven dat [eiser sub 2] zijn recreatievilla vaak ter beschikking stelt aan derden. Deze derden zijn niet bij Resort Arcen bekend. Het beheren van een recreatiepark brengt met zich mee dat de beheerder verantwoordelijk is voor de registratie van de bezoekers van het park. Indien de beheerder weet welke bezoekers het park mogen betreden, kan worden vastgesteld wanneer personen zich ongeoorloofd op het park bevinden. Dit komt de veiligheid op het park ten goede. Doordat [eiser sub 2] zijn recreatievilla steeds aan wisselende gebruikers ter beschikking stelt, kan niet worden geconstateerd of deze gebruikers al dan niet geoorloofd het park betreden. Resort Arcen kan daardoor haar taak als beheerder onvoldoende uitvoeren. Bovendien dient Resort Arcen te weten wie op het recreatiepark verblijft in verband met het afdragen van de toeristenbelasting aan de gemeente. Voorshands geoordeeld zijn dit gerechtvaardigde belangen. Het primaire gevorderde zal dan ook worden toegewezen, onder de voorwaarde dat iedereen die zich met een van de twee aan [eiser sub 2] ter beschikking te stellen slagboompasjes bij de ingang van het recreatiepark meldt, zich met naam bekend maakt bij de receptie van het recreatiepark. Dit laatste geldt niet voor [eiser sub 2] zelf en voor de heer J. Maas. Ten aanzien van laatstgenoemde heeft Resort Arcen immers aangegeven dat hij genoegzaam bij haar bekend is. Bovendien geldt ook hier de voorwaarde dat [eiser sub 2] op de voor Resort Arcen minst bezwarende wijze, te weten alleen langs de kortste weg, van en naar zijn recreatievilla over de wegen van het recreatiepark dient te rijden. Er bestaat aanleiding de gevorderde dwangsom te matigen en te maximeren.

ten aanzien van het toegangspoortje

4.8. Het perceel van [eiser sub 1] grenst direct aan de openbare weg en is slechts door een hekwerk daarvan afgesloten. Ter zitting heeft [eiser sub 1] onbetwist gesteld dat hij, voordat hij het poortje heeft geplaatst, overleg heeft gevoerd met de gemeente Arcen en Velden. Deze heeft hem medegedeeld dat er geen vergunning was vereist en dat hij kon overgaan tot feitelijke plaatsing. [eiser sub 1] heeft vervolgens een toegangspoortje geplaatst op zijn eigen perceel. Het betrof een smal hekje waardoor [eiser sub 1] te voet naar de openbare weg kan gaan, zodat hij niet de lange omweg langs de hoofdingang met de slagboom hoeft te maken. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is dit poortje als gevolg van natrekking eigendom geworden van [eiser sub 1]. Het was dan ook niemand toegestaan om zonder toestemming van [eiser sub 1] het toegangspoortje weer te verwijderen. Ter zitting is gebleken dat het toegangspoortje in 2004 door Resort Arcen Beheer B.V. is verwijderd. Voorshands geoordeeld heeft zij daarmee dan ook onrechtmatig gehandeld jegens [eiser sub 1].

4.9. Resort Arcen heeft gesteld dat [eiser sub 1] met haar vordering tot herplaatsing van het toegangspoortje aan het verkeerde adres is, nu niet zij, maar Resort Arcen Beheer B.V. het poortje heeft verwijderd. Dit verweer wordt verworpen. Ter zitting heeft de heer [betrokkene] aangegeven dat Resort Arcen Beheer B.V. ten tijde van het verwijderen van het poortje exploitant was het recreatiepark en De Nederland Vakantie Groep B.V. eigenaar. [betrokkene] was toen parkmanager, zo blijkt uit een overlegde brief van 15 maart 2004. Thans is Resort Arcen eigenaar van het recreatiepark, terwijl Resort Arcen Beheer B.V. blijkens een in het geding gebracht uittreksel uit het handelsregister van 19 maart 2009 bestuurder is van Resort Arcen, met [betrokkene] als directeur/gevolmachtigde. Onder deze omstandigheden moet naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter ervan worden uitgegaan dat Resort Arcen feitelijk tot herplaatsing van het toegangspoortje kan en mag overgaan. [betrokkene] heeft ter zitting ook aangegeven dat het destijds verwijderde poortje zeer waarschijnlijk nog bij Resort Arcen staat opgeslagen. De vordering van [eiser sub 1] tot herplaatsing van het poortje zal dan ook worden toegewezen, met dien verstande dat Resort Arcen een termijn van zeven dagen zal worden gegund om daartoe over te gaan. Ook hier bestaat er aanleiding de gevorderde dwangsom te matigen en te maximeren.

4.10. Met betrekking tot de vorderingen overweegt de voorzieningenrechter ten slotte het volgende. Ter zitting heeft Resort Arcen nog naar voren gebracht dat het recreatiepark vanaf 1 januari 2009 wordt gehuurd door Resort Arcen Exploitatie B.V. en dat zij daarmee thans het aanspreekpunt is. Voor zover nodig dienen de hierna vermelde veroordelingen dan ook zo te worden begrepen dat Resort Arcen het ertoe dient te leiden dat deze worden nagekomen.

4.11. Resort Arcen zal als de overwegend in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eiser sub 1] en [eiser sub 2] worden begroot op:

- dagvaarding € 85,98

- vast recht € 262,00

- salaris advocaat € 816,00

Totaal € 1.163,98

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. veroordeelt Resort Arcen om aan [eiser sub 1] binnen drie (3) dagen na betekening van dit vonnis in tweevoud een geactiveerd slagboompasje af te geven, welke geactiveerd blijft voor de duur van het kalenderjaar, onder de voorwaarde dat [eiser sub 1] alleen langs de kortste weg van en naar zijn recreatievilla over de wegen van het recreatiepark rijdt, een en ander zoals aangegeven op het aan dit vonnis gehechte kaartje, en met inachtneming van de op het recreatiepark geldende verkeersvoorschriften;

5.2. bepaalt dat Resort Arcen voor iedere dag dat zij in strijd handelt met het onder 5.1 bepaalde, aan [eiser sub 1] een dwangsom verbeurt van € 250,00 per dag, tot een maximum van € 10.000,00,

5.3. veroordeelt Resort Arcen om aan [eiser sub 2] binnen drie (3) dagen na betekening van dit vonnis in tweevoud een geactiveerd slagboompasje af te geven, welke geactiveerd blijft voor de duur van het kalenderjaar, onder de voorwaarde dat [eiser sub 2] alleen langs de kortste weg van en naar zijn recreatievilla over de wegen van het recreatiepark rijdt, alsmede onder de voorwaarde dat iedereen die zich met een van de twee genoemde slagboompasjes bij de ingang van het recreatiepark meldt, zich met naam bekend maakt bij de receptie van het recreatiepark, met uitzondering van [eiser sub 2] zelf en de heer J. Maas,

5.4. bepaalt dat Resort Arcen voor iedere dag dat zij in strijd handelt met het onder 5.3 bepaalde, aan [eiser sub 2] een dwangsom verbeurt van € 250,00 per dag, tot een maximum van € 10.000,00,

5.5. veroordeelt Resort Arcen om binnen zeven (7) dagen na betekening van dit vonnis over te gaan tot herplaatsing van het toegangspoortje op het erf van [eiser sub 1],

5.6. bepaalt dat Resort Arcen voor iedere dag dat zij in strijd handelt met het onder 5.5 bepaalde, aan [eiser sub 1] een dwangsom verbeurt van € 250,00 per dag, tot een maximum van € 10.000,00,

5.7. veroordeelt Resort Arcen in de proceskosten, aan de zijde van [eiser sub 1] en [eiser sub 2] tot op heden begroot op € 1.163,98,

5.8. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.9. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. N.W. Huijgen en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier mr. M. van Gameren op 6 mei 2009.