Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2008:BJ6200

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
28-02-2008
Datum publicatie
27-08-2009
Zaaknummer
AWB 07/1646
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Leges. Aanmaningskosten ter zake van niet-betalen leges voor afgewezen gehandicaptenkaart zijn terecht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Belastingblad 2009/1406
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ARNHEM

Sector bestuursrecht, enkelvoudige belastingkamer

Procedurenummer: AWB 07/1646

Uitspraakdatum: 28 februari 2008

Uitspraak als bedoeld in artikel 8:77 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het geding tussen

[X] wonende te [Z], eiser,

en

de heffingsambtenaar van de gemeente [P] verweerder.

1. Ontstaan en loop van het geding

Verweerder heeft aan eiser € 35 aan leges in rekening gebracht voor de aanvraag van een gehandicaptenparkeerkaart. Omdat eiser de verschuldigde leges niet heeft voldaan is op

30 januari 2007 een aanmaning verzonden waarbij € 6 aan aanmaningskosten in rekening is gebracht.

Verweerder heeft bij uitspraak op bezwaar van 10 april 2007 de in rekening gebrachte leges en de aanmaningskosten gehandhaafd.

Eiser heeft daartegen bij brief van 11 april 2007, ontvangen bij de rechtbank op 12 april 2007, beroep ingesteld.

Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd en een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 30 oktober 2007 te Arnhem.

Eiser is door de griffier bij aangetekende brief, verzonden op 7 augustus 2007, naar het adres [a straat 1] te [0000 AA] [Z], onder vermelding van plaats en tijdstip, uitgenodigd om ter zitting te verschijnen. Eiser is zonder kennisgeving aan de rechtbank niet verschenen. Nu genoemde brief niet ter griffie is terugontvangen is de rechtbank van oordeel dat de uitnodiging om op de zitting te verschijnen op juiste wijze, tijdig op het juiste adres is aangeboden. Namens verweerder is verschenen [gemachtigde] bijgestaan door [A].

De rechtbank heeft vervolgens het onderzoek ter zitting geschorst teneinde verweerder in de gelegenheid te stellen de Tarieventabel 2006 behorende bij de Legesverordening 2002 (hierna: Tarieventabel 2006) aan de rechtbank toe te zenden. Verweerder heeft de Tarieventabel 2006 bij brief van 20 november 2007 toegezonden. Verweerder heeft in deze brief vermeld eiser een vermindering van de leges van € 15,60 te verlenen.

De rechtbank heeft deze stukken bij brief van 23 november 2007 aan eiser toegezonden. Aangezien eiser inmiddels was verhuisd heeft de rechtbank de stukken bij brief van 3 december 2007 naar het juiste adres verzonden. Eiser heeft op deze stukken gereageerd bij brief van 12 december 2007.

Met toestemming van partijen heeft de rechtbank bepaald dat de nadere zitting achterwege blijft. De rechtbank heeft vervolgens het onderzoek gesloten.

2. Feiten

Op grond van de stukken van het geding en het verhandelde ter zitting staat het volgende vast.

Eiser heeft een gehandicaptenparkeerkaart aangevraagd. Hiervoor is met dagtekening 10 juli 2006 aan eiser € 35 aan leges in rekening gebracht. Eiser heeft dit bedrag niet voldaan zodat hem met dagtekening 30 januari 2007 een aanmaning is verzonden. Daarbij is € 6 aan aanmaningskosten in rekening gebracht.

3. Geschil

In geschil is het antwoord op de vraag of de aanmaningskosten tot een juist bedrag in rekening zijn gebracht.

Partijen doen hun standpunten steunen op de gronden die daartoe door hen zijn aangevoerd in de van hen afkomstige stukken.

4. Beoordeling van het geschil

Op grond van artikel 2 van de Kostenwet invordering rijksbelastingen is voor het verzenden van een aanmaning tot een gevorderde som van € 454 een bedrag van € 6 verschuldigd.

Uit de feiten volgt dat eiser de verschuldigde leges niet heeft voldaan. De rechtbank is derhalve van oordeel dat de aanmaningskosten terecht in rekening zijn gebracht.

De stelling van eiser dat de afwijzing van een aanvraag voor een gehandicaptenparkeerkaart nog onder de rechter is kan niet leiden tot een verlaging van de aanmaningskosten.

Gelet op het vorenoverwogene dient het beroep ongegrond te worden verklaard.

5. Proceskosten

De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

6. Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan op 28 februari 2008

en op dezelfde dag in het openbaar uitgesproken door mr. drs. L.B.M. Klein Tank, rechter, in tegenwoordigheid van mr. L.L. van Benthem, griffier.

De griffier, De rechter,

Afschrift aangetekend verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Arnhem (belastingkamer), Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.

Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:

1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd;

2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:

a. de naam en het adres van de indiener;

b. een dagtekening;

c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;

d. de gronden van het hoger beroep.