Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2008:BD5836

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
27-06-2008
Datum publicatie
01-07-2008
Zaaknummer
524012 CV Expl. 07-6925
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHARN:2009:BL1084
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Woonfraude. Gehuurde woning hoofdververblijf?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector kanton

Locatie Nijmegen

zaakgegevens 524012 \ CV EXPL 07-6925 \ 199 jt

uitspraak van 27 juni 2008

Vonnis

in de zaak van

de stichting Portaal Nijmegen

gevestigd te Nijmegen

eisende partij

gemachtigde mr. R.J. Verweij

tegen

[gedaagde partij]

wonende te Nijmegen

gedaagde partij

gemachtigde mr. J. van Delft

Partijen worden hierna Portaal en [gedaagde partij] genoemd.

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit

- het tussenvonnis van 22 februari 2008

- het proces-verbaal van de comparitie van 26 mei 2008

De feiten

De kantonrechter gaat uit van de volgende vaststaande feiten.

1. [gedaagde partij] huurt van Portaal de woning aan de [adres] te Nijmegen (hierna: de woning).

De vordering en het verweer

2. Portaal vordert dat bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, de huurovereenkomst tussen partijen wordt ontbonden en [gedaagde partij] wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning en in de proceskosten.

Portaal voert daartoe, kort samengevat, aan. [gedaagde partij] handelt in strijd met zijn verplichting hoofdverblijf te houden in de woning doordat hij niet in de woning slaapt en verblijft. Hij komt slechts af en toe de post ophalen. Kennelijk laat [gedaagde partij] het gebruik van de woning over aan twee volwassen zonen.

2. [gedaagde partij] voert gemotiveerd verweer en voert daartoe, kort samengevat, aan. Hij bestrijdt primair dat hij verplicht zou zijn tot het houden van hoofdverblijf in de woning. Subsidiair voert hij aan dat hij hoofdverblijf had en heeft in de woning.

De beoordeling

4. Het primaire verweer gaat niet op. De huur van de woning brengt, mede gelet op doel en strekking van artt. 7: 266 lid 1, 267 lid 1 en 269 lid 1 BW, voor [gedaagde partij] de verplichting met zich dat hij zijn hoofdverblijf heeft in de woning.

5. De verplichting van [gedaagde partij] om hoofdverblijf te hebben in de woning, houdt in dat zijn privé-leven zich hoofdzakelijk in en vanuit de woning afspeelt. Anders gezegd, overeenkomstig vaste jurisprudentie, is het hoofdverblijf de plek waar iemand werkelijk woont met zijn eventuele gezinsleden, zijn zaken behartigt, zijn eigendommen beheert, zodat hij er niet vandaan gaat dan met een bepaald doel en voor een bepaalde tijd en tevens met het plan om, als dat doel is bereikt, terug te keren.

Portaal heeft bij de dagvaarding ter onderbouwing van haar stellingen onder meer verklaringen van drie buurtbewoners van [gedaagde partij] overgelegd. Volgens hen slaapt [gedaagde partij] al jaren niet meer in de woning; ze zien hem met zijn auto komen en weer gaan. [gedaagde partij] heeft op de comparitie van partijen onder meer verklaard dat nog twee kinderen thuis wonen, dat hij twee nachten per week in de woning slaapt en de andere nachten bij zijn zes uitwonende kinderen slaapt. Het structureel enkel twee nachten per week door [gedaagde partij] slapen in de woning is echter onvoldoende om de woning als hoofdverblijf van [gedaagde partij] te bestempelen. [gedaagde partij] heeft verder zijn betwisting van de stelling van Portaal dat de woning niet zijn hoofdverblijf is niet feitelijk geadstrueerd door bijvoorbeeld overlegging van een uittreksel uit de Gemeentelijke Basisadministratie en voor hem bestemde bankafschriften en correspondentie met officiële instanties en elektriciteit-, water- en gasleveranciers op het onderhavige adres. Dit brengt met zich dat het verweer van [gedaagde partij] als niet (voldoende) gemotiveerd wordt gepasseerd.

De vordering zal daarom worden toegewezen.

6. [gedaagde partij] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van de procedure worden veroordeeld.

De beslissing

De kantonrechter

ontbindt de huurovereenkomst met betrekking tot de woning aan [adres] te Nijmegen;

veroordeelt [gedaagde partij] om binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis de woning met alles wat van [gedaagde partij] is en ieder die bij [gedaagde partij] hoort, te verlaten en te ontruimen en de sleutels af te geven aan Portaal;

veroordeelt [gedaagde partij] in de proceskosten, tot deze uitspraak aan de kant van Portaal begroot op € 85,44 aan dagvaardingskosten, € 285,00 aan vastrecht en € 300,- aan salaris voor de gemachtigde;

verklaart deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. J.W.M. Tromp en in het openbaar uitgesproken op 27 juni 2008.