Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2008:BC8811

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
26-03-2008
Datum publicatie
07-04-2008
Zaaknummer
155920
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank zal het aandeelhoudersbesluit vernietigen en verklaren voor recht dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig is beëindigd bij besluit van 24 augustus 2007.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 2
Burgerlijk Wetboek Boek 2 8
Burgerlijk Wetboek Boek 2 14
Burgerlijk Wetboek Boek 2 15
Burgerlijk Wetboek Boek 2 24
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JAR 2008/124 met annotatie van Mr. R.M. Beltzer
JOR 2008/153 met annotatie van mr. M. Holtzer
JIN 2008/336
AR-Updates.nl 2008-0251
RO 2008, 45
JAR 2008, 124
JRV 2008, 510

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 155920 / HA ZA 07-844

Vonnis van 26 maart 2008

in de zaak van

[eiser],

wonende te [woonplaats],

eiser in conventie,

verweerder in reconventie,

procureur mr. A.T. Bolt,

advocaat mr. B.J. Bongaards te Rotterdam,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DIMENSION DATA NEDERLAND B.V.,

gevestigd te Barneveld,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

procureur mr. E.A. van der Dussen,

advocaat mr. P.G. Vestering te Amsterdam.

Partijen zullen hierna [eiser] en Dimension Data Nederland genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 18 juli 2007

- de akte wijziging van eis in conventie, tevens conclusie van antwoord in reconventie van [eiser]

- het proces-verbaal van comparitie van 16 januari 2008

- de akte van [eiser]

- de akte van Dimension Data Nederland.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. [eiser] is per 1 oktober 2001 in dienst getreden bij Dimension Data Nederland als algemeen directeur/managing director; per 1 januari 2002 is hij statutair directeur geworden.

2.2. In het op 11 september 2001 door partijen ondertekende ‘Contract of employment’ (hierna: de arbeidsovereenkomst) staat onder 1.5:

In the event that [eiser] is dismissed bij DDN without good cause, DDN shall pay [eiser] by way of compensation and in full and final settlement of all and any claims arising out of his dismissal and termination of employment, an amount equal to (…) twelve times his monthly basic salary payable as of the date immediately preceding his dismissal.

2.3. Op dezelfde dag, 11 september 2001, is de Share Purchase Agreement relating to the shares in In Time Networks B.V. and Netbuilding Nederland B.V. (hierna: SPA) door partijen ondertekend. Het sluiten van de SPA wordt in de preambule van de arbeidsovereenkomst genoemd als een van de redenen om de arbeidsovereenkomst te sluiten. De SPA noemt bij haar annexes niet de arbeidsovereenkomst.

2.4. Art. 1 van de SPA bevat definitions:

In this Agreement including all Schedules and Annexes thereto, the following terms have the meaning set forth hereafter, unless this Agreement bears to the contrary.

Onder deze definities bevindt zich Good Cause:

In relation to the termination of employment of a Non Compete Principal (daaronder valt [eiser], de rechtbank) by the Purchaser (Dimension Data Nederland, de rechtbank) or Group Company, any of the following:

i) the commission of a crime or other act or omission involving dishonesty or fraud with respect to the Purchaser or the Group or any of their customers or suppliers;

ii) conduct which brings the Purchaser or any Group Company or Dimension Data Holdings plc into disrepute or public disgrace;

iii) repeated failure to perform duties and responsibilities of the office held by the Non Compete Principal;

iv) gross negligence or wilful misconduct with respect to the Purchaser or the Group.

2.5. [eiser] heeft in augustus 2006 € 60.000,00 nodig voor een overbrugging van zijn hypotheek. Hij overlegt met [XXX]. Deze staat als financieel directeur van Dimension Data Nederland onder [eiser], maar is, anders dan [eiser], board member van de holding.

2.6. [eiser] leent het benodigde bedrag van Dimension Data Nederland en [XXX] betaalt het gewenste bedrag in twee gedeelten uit, € 40.000,00 en € 20.000,00.

2.7. Er vindt een regulier onderzoek door Deloitte & Touche plaats, waarbij het bestaan van de lening wordt geconstateerd.

2.8. Op 23 oktober 2006 wordt [eiser] uitgenodigd voor een algemene vergadering van aandeelhouders die op 17 november 2006 in Hampshire zal worden gehouden. Op de agenda staat blijkens de uitnodiging aan [eiser]:

Dimension Data has discovered recently that Mr. John [eiser], a Managing Director of Dimension Data Nederland B.V., has withdrawn € 60.000 from the company for his personal use without seeking approval in accordance with the company’s authority matrix or corporate governance procedures. It is not exactly clear as to when it is intended to have this amount repaid.

2.9. Op 27 oktober 2006 heeft [eiser] zijn hypotheek rond en betaalt hij het geleende geld terug aan Dimension Data Nederland.

2.10. Op 16 november 2006 spreekt [eiser] [XXX], hoofd van de Europese organisatie van het concern waartoe Dimension Data Nederland behoort, op een door een derde georganiseerde bijeenkomst waar zij beiden aanwezig zijn. Zij spreken af dat [eiser] de volgende dag telefonisch zal deelnemen aan de vergadering die in Hampshire plaats zal vinden.

2.11. [eiser] vergadert telefonisch mee op 17 november 2006. Hij en [XXX] leggen de gang van zaken uit. Dimension Data Nederland blijft bij het standpunt dat in strijd met de authority matrix of de corporate governance code is gehandeld. De algemene vergadering neemt in aanmerking dat [eiser]

(…) had breached corporate governance rules and internal regulations. The Company had lost confidence and trust in his professional judgement and therefore was going to be released as the Managing Director of Dimension Data Netherlands.

Zij heeft geen vertrouwen meer in [eiser] en ontslaat hem ‘with immediate effect’ als bestuurder en met inachtneming van de opzegtermijn van zes maanden – dus per 1 juni 2007 – als werknemer.

2.12. Ook tegen [XXX] worden maatregelen genomen. Hij behoudt zijn positie binnen Dimension Data Nederland, maar verliest die van board member bij de holding.

2.13. Op 21 november 2006 schrijft [eiser]s advocaat aan Dimension Data Nederland. Hij vecht het ontslagbesluit aan.

2.14. Bij brief van 25 juli 2007 wordt [eiser] door Dimension Data Nederland uitgenodigd voor een aandeelhoudersvergadering op 24 augustus 2007, waarop het besluit tot zijn ontslag – opnieuw – aan de orde zal zijn. In zijn reactie geeft [eiser] kort zijn standpunt weer:

(…) that I always acted in good Faith, in consultation with and in agreement with another director. Moreover the matter of the loan itself gives the company – to my opinion – no valid reason for a dismissal after so many years of service for the company in which I always successfully acted in the benefit of the company.

2.15. Op 24 augustus 2007 neemt de aandeelhoudersvergadering van Dimension Data Nederland onder meer het volgende besluit.

(…) is hereby decided:

(a) to the extent that the nullity of the Resolution (van 17 november 2006, de rechtbank) could be invoked (…), to confirm (…) the Resolution in accordance with (art. 2:15 lid 6 BW, de rechtbank) so that this Resolution is valid and effective from 17 November 2006, and

(b) to the extent that the Resolution would be subject to nullity (…), to affirm (…) the Resolution in accordance with (art. 2:14 lid 2 BW, de rechtbank) so that this Resolution is valid and effective as from 17 November 2006, and

(c) to the extent that the confirmation and affirmation mentioned under (a) and (b) would not have legal effect and the Resolution would not remain effective as from 17 November 2006, to hereby take a new resolution to dismiss Mr. [eiser] as Managing Director of the Company with immediate effect as from today, which dismissal also means the termination of the employment agreement of Mr. [eiser] with the Company with observance of the applicable notice period.

2.16. [eiser] aanvaardt een nieuwe dienstbetrekking per 1 oktober 2007.

3. De vordering in conventie

3.1. [eiser] vordert na wijziging van de eis primair:

- het aandeelhoudersbesluit van Dimension Data Nederland d.d. 17 november 2006 tot ontslag van Dimension Data Nederland te vernietigen,

- te verklaren voor recht dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen nog in stand is tot deze rechtsgeldig beëindigd werd bij besluit van 24 augustus 2007,

- te verklaren voor recht dat Dimension Data Nederland gehouden is maandelijks [eiser]s salaris ad € 9.220,00 bruto te voldoen van 1 juni 2007 tot 1 oktober 2007.

3.2. De subsidiaire en meer subsidiaire vordering hebben deels het karakter van een naast de primaire komende, voorwaardelijke vordering. Kort samengevat vordert [eiser] voor het geval het genomen ontslagbesluit geldig is,

- Dimension Data Nederland te veroordelen de beëindigingsregeling die is opgenomen in art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst, na te komen en hem uit dien hoofde € 110.640,00 te vermeerderen met de wettelijke rente van af 1 juni 2007, op de door hem gewenste wijze tot voldoen binnen twee weken na betekening van het vonnis.

3.3. Meer subsidiair, voor het geval de rechtbank oordeelt dat de contractuele beëindigingsregeling niet leidt tot een verplichting tot het betalen van een vergoeding aan [eiser], vordert hij

- te verklaren voor recht dat het hem gegeven ontslag kennelijk onredelijk is,

- Dimension Data Nederland te veroordelen aan [eiser] een vergoeding toe te kennen van € 110.640,00, te vermeerderen met de wettelijke rente van af 1 juni 2007, uit hoofde van een kennelijk onredelijke beëindiging van het dienstverband, te voldoen binnen twee weken na betekening van het vonnis.

[eiser] vordert Dimension Data Nederland te veroordelen in de proceskosten.

3.4. De bij dagvaarding genoemde gronden voor de vernietiging van het besluit van 17 november 2006 liggen in de wijze van agendering voor de desbetreffende vergadering, de gebruikte termijn voor oproeping en de plaats van de vergadering, een en ander in verband met de eisen van redelijkheid en billijkheid die de verhouding tussen [eiser] en Dimension Data Nederland mede beheersen. Hij eist voorts betaling van een uitkering zoals voorzien in art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst omdat er geen good cause is die zich tegen die betaling verzet. Voor het geval dat de rechtbank oordeelt dat hij op die uitkering geen recht heeft, eist hij een vergoeding op grond van kennelijk onredelijke opzegging.

4. Het verweer in conventie

4.1. Dimension Data Nederland stelt dat er een geldig ontslagbesluit ligt en dat zij niet verplicht is een vergoeding als bedoeld in art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst of een vergoeding wegens kennelijk onredelijke opzegging te betalen.

5. De vordering in reconventie

5.1. Dimension Data Nederland vordert dat de rechtbank verklaart voor recht dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig per 1 juni 2007 is geëindigd, met veroordeling van [eiser] in de proceskosten.

6. Het verweer in reconventie

6.1. Het verweer sluit aan bij [eiser]s betoog in conventie en komt voorts, voor zover nodig, hierna aan de orde.

7. De beoordeling in conventie en in reconventie

De geldigheid van het ontslagbesluit

7.1. Dat de vergadering van 17 november 2006 in Hampshire plaatsvond acht de rechtbank op zichzelf toelaatbaar. In de eerste plaats maakt art. 17 lid 8 van de statuten van Dimension Data Nederland dit mogelijk, omdat dit bepaalt dat op andere plaatsen dan te Apeldoorn door de algemene vergadering van aandeelhouders in vergadering rechtsgeldige besluiten kunnen worden genomen mits het gehele geplaatste kapitaal vertegenwoordigd is. In discussie is niet dat aan deze eis is voldaan. Nu niet anders is gesteld of gebleken, moet aangenomen worden dat die zelfde regels gelden voor een algemene vergadering waarop een niet aandeelhouder wordt uitgenodigd. [eiser] heeft zich ook niet tegen de oproep voor de vergadering in Hampshire verzet.

7.2. [eiser] is in de betekenis die daaraan op grond van de statuten moet worden gegeven tijdig – veertien dagen – voor de vergadering opgeroepen.

7.3. In de agenda van de vergadering van 17 november 2006 staat de aankondiging van het onderwerp zoals onder 2.8 hierboven geciteerd. Naar de letter voldoet dit aan de eis van art. 17 lid 2 van de statuten (en art. 2:224 BW) dat de oproeping de te behandelen onderwerpen vermeldt.

7.4. De ontmoeting die [eiser] en [XXX] op 16 november 2006 hebben gehad, is op de comparitie besproken. Door [eiser] wordt geïmpliceerd en door Dimension Data Nederland wordt niet betwist, dat [XXX] daar mede namens Dimension Data Nederland sprak. [eiser] en [XXX] hebben ter comparitie onder meer het volgende verklaard.

[eiser]:

[XXX] gaf mij aan dat hij het niet over zijn hart kon verkrijgen mij naar Engeland te laten komen, terwijl eigenlijk al vaststond wat er zou gebeuren. Ik had eerder uitgelegd wat mijn standpunt was.

[XXX]:

Tenzij er iets heel bijzonders naar voren gebracht werd dat niemand had kunnen voorzien, zou ontslag de juiste maatregel zijn. Ik kon me niet voorstellen dat daar anders over gedacht werd. Ik heb niet de dag daarvoor tegen [eiser] gezegd dat we al wisten wat er ging gebeuren. Daar moesten de aandeelhouders en het hoofdkantoor over beslissen (…). Ik wilde met deze wijze van vergaderen [eiser] de embarrassment besparen; bovendien wilde ik geen onnodige reiskosten laten maken.

7.5. [eiser] verklaart vervolgens dat hij op de 16e niet goed wist wat hem overkwam. Dit is de achtergrond van zijn stelling dat Dimension Data Nederland bij de totstandkoming van het besluit in strijd heeft gehandeld met de eisen van redelijkheid en billijkheid die zij tegenover hem als statutair bestuurder op grond van art. 2:8 BW in acht had te nemen.

7.6. De rechtbank volgt [eiser] hierin om de volgende redenen. In de eerste plaats is de strekking van de wettelijke en de statutaire bepaling dat de oproeping voor de algemene vergadering de te behandelen onderwerpen dient in te houden, te bereiken dat de deelnemers weten of op bepaalde onderwerpen besluitvorming dient plaats te vinden en, zeker bij belangrijke onderwerpen, zo mogelijk in welke richting deze zou kunnen gaan. Dit geldt naar het oordeel van de rechtbank des te sterker als de oproeping gericht is tot een persoon die geen deel uitmaakt van de vergadering, maar over een hem persoonlijk regarderende kwestie gehoord zal worden.

De algemene aanduiding van het onderwerp bij de oproeping (2.8), die zelfs, gelet op de woorden ‘It is not exactly clear as to when it is intended to have this amount repaid,’ kan inhouden dat de algemene vergadering in de eerste plaats een toelichting van [eiser] op zijn gedrag wenste, geeft onvoldoende duidelijk aan wat volgens [XXX] de inhoud van het onderwerp was: “Tenzij er iets heel bijzonders naar voren gebracht werd dat niemand had kunnen voorzien, zou ontslag de juiste maatregel zijn.” Hierop diende [eiser], wiens positie als bestuurder en werknemer aan de orde was, zich goed te kunnen voorbereiden.

7.7. De rechtbank acht, gelet op het voorgaande, de opstelling van Dimension Data Nederland waarbij zij na een onvoldoende duidelijke oproeping in een kort en informeel gesprek dat toevallig plaatsvindt, bij monde van [XXX] aangeeft dat [eiser] niet op de vergadering hoeft te komen, maar dat telefonisch meevergaderen voldoende is, in strijd met de zorgvuldigheid waarmee zij een bestuurder/werknemer in staat behoort te stellen om over zijn voorgenomen ontslag te worden gehoord en daarmee in strijd met de eisen van redelijkheid en billijkheid die een rechtspersoon en degenen die krachtens de wet en de statuten bij zijn organisatie zijn betrokken, jegens elkander in acht hebben te nemen (art. 2:8 BW). Het besluit is dan ook vernietigbaar op grond van art. 2:15 lid 1 onder b BW en de vordering tot vernietiging ervan is toewijsbaar.

7.8. Uit het voorgaande volgt dat de primaire vordering van [eiser] als volgt toewijsbaar is. De rechtbank zal het aandeelhoudersbesluit van 17 november 2006 vernietigen en verklaren voor recht dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig is beëindigd bij besluit van 24 augustus 2007. Nu dit inhoudt dat de ‘dismissal also means the termination of the employment agreement of Mr. [eiser] with the Company with observance of the applicable notice period, en de opzegtermijn zes maanden beloopt, heeft [eiser] geen belang bij de verklaring voor recht dat Dimension Data Nederland gehouden is zijn salaris te voldoen tot 1 oktober 2007.

7.9. Dit besluit leent zich niet voor bevestiging op grond van art. 2:15 lid 6 BW, dat immers slechts ziet op besluiten die onder letter a van het eerste lid vallen. Het is dus niet bevestigd bij het onder 2.15 geciteerde besluit van 24 augustus 2007.

7.10. Ook de bekrachtiging van art. 2:14 lid 2 BW is niet mogelijk bij besluiten die tot stand zijn gekomen in strijd met de eisen van redelijkheid en billijkheid die in art. 2:8 BW zijn bedoeld.

7.11. Uit het voorgaande volgt tevens dat de reconventionele vordering moet worden afgewezen.

7.12. Het feit dat het op 24 augustus 2007 genomen nieuwe besluit tot ontslag van [eiser] per die datum als bestuurder en met inachtneming van de opzegtermijn als werknemer rechtsgeldig is, leidt tot vragen naar de gevolgen van het besluit.

De gronden van het ontslag

7.13. Bij het navolgende moet worden uitgegaan van de gronden van het ontslag zoals die op 17 november 2006 en 24 augustus 2007 aan de orde zijn geweest. Dit betreft dus het standpunt van Dimension Data Nederland dat [eiser] had breached corporate governance rules and internal regulations en dat zij had lost confidence and trust in his professional judgement. De aanleiding hiervoor was dat Dimension Data Nederland via het onderzoek door Deloitte had ontdekt dat [eiser] (had) withdrawn € 60.000 from the company for his personal use without seeking approval in accordance with the company’s authority matrix or corporate governance procedures. Bij dit laatste kwam blijkens de oproeping voor de aandeelhoudersvergadering dat het not exactly clear was as to when it is intended to have this amount repaid.

De subsidiaire vordering in conventie; good cause

7.14. Ten aanzien van de gevolgen van het ontslagbesluit ligt een aantal vragen voor. Nu het ontslag tot stand gekomen is, komt immers de vordering aan de orde die is gericht op veroordeling tot betaling van de in art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst voorziene vergoeding. Die vergoeding is verschuldigd als het ontslag zonder good cause plaatsvond.

7.15. Partijen verschillen van mening over het antwoord op de vraag wat onder good cause in de zin van art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst moet worden verstaan. Bij de beoordeling van dit onderdeel van het geschil staat voorop dat de vraag hoe in een schriftelijk contract de verhouding tussen partijen is geregeld, niet kan worden beantwoord op grond van alleen maar een zuiver taalkundige uitleg van de bepalingen van het contract. Voor de beantwoording van die vraag komt het aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan deze bepalingen mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. In dit geval speelt hierbij een rol dat de teksten van de akten, naar uit de stukken blijkt en ter comparitie naar voren is gekomen, door partijen na rijp beraad en in overleg met hun adviseurs zorgvuldig zijn geredigeerd. Dat legt veel gewicht op de tekst.

7.16. [eiser] stelt dat het begrip good cause uit de SPA overeenstemt met de good cause in art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst omdat er, gelet op de onderlinge samenhang en de totstandkoming van beide overeenkomsten, van uitgegaan moet worden dat de definities van de SPA ook voor de arbeidsovereenkomst gelden.

7.17. Het standpunt van Dimension Data Nederland is in de eerste plaats dat zijzelf nimmer beoogde van de letterlijke vertaling af te wijken. Met good cause is in de arbeidsovereenkomst niet anders bedoeld dan wat er letterlijk vertaald staat, een goede grond. Art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst betekent dan dat bij een goede grond voor ontslag c.q. indien het ontslag in de risicosfeer van [eiser] ligt, er geen contractuele ontslagvergoeding geldt.

In de tweede plaats stelt Dimension Data Nederland dat de term, zoals in arbeidscontracten vaker gebeurd, is gebruikt in de zin van de Amerikaanse Model Employment Termination Act, te weten een redelijke grond voor ontslag.

In de derde plaats betoogt Dimension Data Nederland dat de definitie van good cause in de SPA evenals die van de non-compete principal slechts is opgenomen in verband met de non-compete clausule in art. 10 van de SPA. De arbeidsovereenkomst hanteert niet, zo stelt zij, de definities van de SPA.

7.18. De rechtbank acht voorshands de redenering van Dimension Data Nederland niet overtuigend. Waar zij stelt dat zijzelf nimmer beoogde van de letterlijke vertaling af te wijken, stelt zij niet dat zij én [eiser] dit nimmer beoogden. Bij haar verwijzing naar de Amerikaanse Model Employment Termination Act geeft Dimension Data Nederland evenmin te kennen dat beide partijen beoogden de term daaraan te ontlenen. Zij voert deze in de dagvaarding slechts ten tonele omdat noch in het Nederlandse noch in het Engelse arbeidsrecht een equivalent voor het begrip good cause gangbaar is. De stelling dat de definitie van good cause in de SPA evenals die van de non-compete principal slechts is opgenomen in verband met de non-compete clausule vindt geen steun in de tekst van de SPA en lijkt daarmee voorshands geoordeeld strijdig omdat boven de definities staat ‘In this Agreement including all Schedules and Annexes thereto, the following terms have the meaning set forth hereafter, unless this Agreement bears to the contrary’ en noch de term good cause noch de term non-compete principal in de SPA zo beperkt wordt uitgelegd als Dimension Data Nederland thans bepleit.

7.19. Nu van weerskanten wordt gesteld dat de arbeidsovereenkomst en de SPA in onderlinge samenhang zeer zorgvuldig waren voorbereid door partijen en hun adviseurs, het begrip good cause in beide stukken alleen onder de definities van de SPA en in art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst voorkomt en overigens niet overeenstemt met een begrip uit het Engelse of het Nederlandse arbeidsrecht, en beide overeenkomsten op dezelfde dag, als resultaat van uitvoerige onderhandelingen werden getekend, is de rechtbank van oordeel dat uit de ontstaansgeschiedenis van de overeenkomsten en hun tekstuele uitleg volgt dat het standpunt van [eiser] gevolgd dient te worden.

7.20. Dimension Data Nederland betoogt, zoals reeds is aangegeven, niet dat haar uitleg dat het begrip good cause niet door de SPA-definities wordt beheerst, door partijen bedoeld is. Zij biedt ook niet te bewijzen aan dat dit de bedoeling van de arbeidsovereenkomst is geweest. De rechtbank komt dan ook niet aan een bewijsopdracht toe.

7.21. De rechtbank acht zich in haar oordeel dat good cause in de arbeidsovereenkomst is bedoeld zoals de SPA-definities aangeven, gesteund door wat het resultaat zou zijn van een bewijslevering die op zou leveren dat good cause los van die definities geïnterpreteerd moet worden. Dan ligt immers de vraag voor wat dan het begrip good cause dat is gedefinieerd onder de SPA-definities in concreto betekent. Dit leidt tot het volgende.

7.22. [eiser] betoogt primair dat het begrip good cause in dit geval uitgelegd moet worden als ‘dringende reden’ in de zin van art. 7:677, 678 BW. Volgens Dimension Data Nederland wordt in art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst bedoeld dat bij een goede grond voor ontslag c.q. indien het ontslag in de risicosfeer van [eiser] ligt, geen contractuele ontslagvergoeding verschuldigd is.

7.23. Naar het oordeel van de rechtbank kan de uitleg die Dimension Data Nederland aan het begrip good cause geeft, niet juist zijn. Bij een zorgvuldig voorbereid contract is een algemene verwijzing naar de risicosfeer van [eiser] met alle uitlegrisico’s die zo’n algemene, niet gepreciseerde verwijzing meebrengt, ondenkbaar. Bovendien zou een ontslag zonder goede grond al aan te vechten zijn door [eiser] en waarschijnlijk Dimension Data Nederland al schadeplichtig maken. In zoverre zou de bepaling dus overbodig zijn.

7.24. De rechtbank wijst op het volgende. De uitleg van het begrip als ‘dringende reden’ in de zin van art. 7:677, 678 BW sluit aan bij een zeer specifieke regeling in het Nederlandse recht. Op zichzelf acht de rechtbank het bij een zorgvuldig voorbereid contract onwaarschijnlijk dat partijen hebben willen aansluiten bij een specifieke regeling zonder dat uitdrukkelijk te doen. De wet rekent echter tot dringende redenen (art. 7:678 BW) ‘zodanige daden, eigenschappen of gedragingen van de werknemer, die ten gevolge hebben dat van de werkgever redelijkerwijze niet kan gevergd worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren.’ Dit komt echter wel zeer dicht bij de SPA-definitie van good cause, waar het in wezen ook gaat om daden, eigenschappen of gedragingen van de werknemer, die ten gevolge hebben dat van de werkgever redelijkerwijze niet gevergd kon worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren.

7.25. De slotsom is dus op dit onderdeel dat good cause in de arbeidsovereenkomst is bedoeld in de zin die daaraan wordt gegeven in de SPA-definities.

Is er sprake van een good cause in dit geval?

7.26. Nu moet worden nagegaan of de gronden voor het ontslag vallen onder het begrip good cause van de SPA-definities. Dimension Data Nederland stelt dat dit het geval is omdat het gedrag van [eiser] blijk geeft van oneerlijkheid, Dimension Data Nederland een slechte naam bezorgde en valt onder repeated failure to perform duties and responsibilities of the office. Dit alles omdat er sprake is van evident tegenstrijdig belang, omdat de aandeelhouder niet tijdig is geïnformeerd, omdat de lening niet zorgvuldig werd vastgelegd en omdat zorgvuldigheidsnormen en interne regelgeving met voeten zijn getreden.

7.27. De hier door Dimension Data Nederland aangevoerde criteria zijn echter niet de juiste om te bezien of het ontslag met een good cause in de zin van de SPA is gegeven. Daarvoor moet gekeken worden naar de achtergrond van het ontslag zoals onder 7.12 weergegeven. Naar het oordeel van de rechtbank leveren een breach of corporate governance rules and internal regulations en de daardoor ontstane vertrouwensbreuk (Dimension Data Nederland ‘had lost confidence and trust in his professional judgement’) niet een van de in de SPA bedoelde vormen van good cause op.

7.28. Van dishonesty or fraud, essentieel in onderdeel i, is geen sprake nu er onweersproken van een terugbetaalde lening sprake is. Dit gegeven leidt er in combinatie met de formulering van de ontslaggrond toe dat de rechtbank van oordeel is dat zich hier niet een good cause in de hier bedoelde betekenis voordoet.

Dat Dimension Data Holdings into disrepute or public disgrace zou zijn gekomen is in het algemeen gesteld, maar noch gebleken noch met feiten onderbouwd. Van een repeated failure is geen sprake. Het is duidelijk dat het ontslag op één incident gebaseerd is.

7.29. Resteert de vraag of er sprake is geweest van ‘gross negligence or wilful misconduct with respect to the Purchaser or the Group.’ Deze good cause voor ontslag komt het dichtst in de buurt van de door Dimension Data Nederland geformuleerde ontslaggrond.

7.30. In de statuten van Dimension Data Nederland is de bepaling opgenomen dat voorafgaande toestemming van de raad van commissarissen nodig is voor directiebesluiten strekkend tot het aangaan van geldleningen ten laste van de vennootschap (art. 11 lid 3 aanhef en onder j). Tevens bevatten de statuten de bepaling (art. 11 lid 4) dat in de gevallen van tegenstrijdig belang tussen de vennootschap en een van de directeuren de vennootschap op dezelfde wijze wordt vertegenwoordigd als in de andere gevallen. Dit laatste betekent dus dat als een directeur geld leent van de vennootschap, hij zelf kan optreden, maar slechts met toestemming van de raad van commissarissen. [eiser] acht dit een loze letter omdat de raad van commissarissen ontbreekt bij Dimension Data Nederland.

7.31. Dat er geen commissarissen zijn betekent echter, anders dan [eiser] stelt, niet dat hij geen toestemming behoeft te vragen, maar dat hij zich behoort af te vragen of een lening en dan nog wel een lening aan hemzelf niet moet worden gesloten met toestemming van degenen ten behoeve van wie commissarissen hun controlerende taak uitoefenen, de aandeelhouders. Het oordeel van Dimension Data Nederland dat [eiser] er blijk van gegeven heeft de rechtspersonenrechtelijke situatie verkeerd in te schatten, wat zij aangeeft met de woorden dat zij vertrouwen in zijn professional judgement heeft verloren, acht de rechtbank dan ook gerechtvaardigd. Hier kan sprake zijn van een opzettelijke onjuiste gedraging – wilful misconduct – maar daarbij is de opzet niet op het ontoelaatbare van de gedraging gericht. Niet is gesteld of gebleken dat het passeren van de aandeelhouders iets anders is dan het gevolg van een verkeerde inschatting van de verhoudingen binnen Dimension Data Nederland en tussen deze rechtspersoon en haar holding. Door de ontslaggrond – de verdenking van breach of corporate governance rules and internal regulations – wordt dit bevestigd. Hier komt bij dat niet gesteld of gebleken is dat het door [eiser] geleende bedrag van een orde van grootte was dat door het uitlenen ervan het voortbestaan van Dimension Data Nederland in gevaar gebracht kon worden en dat het op het moment van het ontslag terugbetaald was, conform de toezegging van snelle terugbetaling door [eiser]. Ook hierbij sluit de ontslaggrond aan die immers niet rept van verduistering of fraude, maar alleen van een van de regels afwijkend gedrag en een onjuiste beoordeling van een situatie.

7.32. Al met al is de rechtbank van oordeel dat het gedrag van [eiser] dat geleid heeft tot het ontslag, niet is te zien als een good cause in de zin van gross negligence or wilful misconduct with respect to the Purchaser or the Group.

De beperkende werking van redelijkheid en billijkheid

7.33. Dimension Data Nederland voert aan dat het onder de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat [eiser] haar aan de verplichting tot het doen van een uitkering ex art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst houdt. Uit de stellingen van [eiser] vloeit voort dat hij het hiermee niet eens is.

7.34. De rechtbank verwerpt dit beroep van Dimension Data Nederland op de beperkende werking van redelijkheid en billijkheid. Waar het gaat om de specifieke regeling van art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst die geldt wanneer er zonder good cause is opgezegd, moet ervan uitgegaan worden dat partijen bij het sluiten van de arbeidsovereenkomst niet hebben gewild dat in andere gevallen dan bij het ontbreken van de good cause het recht op de uitkering zou vervallen. De omstandigheden dat [eiser] wellicht in strijd met de algemene regels over tegenstrijdig belang heeft gehandeld en dat er wellicht sprake is van breach of corporate governance rules and internal regulations en van een vertrouwensbreuk, zijn dus door partijen niet gewild als uitzonderingen op de uitkeringsplicht. Het loutere feit dat deze omstandigheden zich nu voordoen, het enige waarop Dimension Data Nederland zich te dezen beroept, is dan onvoldoende om eruit te kunnen concluderen dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat [eiser] Dimension Data Nederland aan de verplichting tot het doen van een uitkering houdt.

Slotsom in conventie

7.35. Gelet op het voorgaande komt de rechtbank niet toe aan de subsidiaire vordering tot het betalen van een vergoeding op grond van een kennelijk onredelijke opzegging van de arbeidsovereenkomst.

7.36. De vordering tot betaling van de in art. 1.5 van de arbeidsovereenkomst voorziene uitkering is toewijsbaar voor een bedrag van € 110.640,00 met de wettelijke rente daarover vanaf 24 februari 2008.

7.37. De kosten zullen nu partijen over en weer gedeeltelijk in het ongelijk zijn gesteld, in die zin worden gecompenseerd dat ieder de eigen kosten van de procedure draagt.

Slotsom in reconventie

7.38. In reconventie zal de vordering worden afgewezen (7.11). Nu Dimension Data Nederland in het ongelijk gesteld is, dient zij in de kosten van [eiser] in reconventie veroordeeld te worden. Aangezien de reconventie geheel uit de conventie voortvloeit, stelt de rechtbank de kosten van [eiser] in reconventie op nihil.

8. De beslissing

De rechtbank

in conventie

8.1. vernietigt het besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders van Dimension Data Nederland tot ontslag van [eiser] dat genomen is op 17 november 2006,

8.2. verklaart voor recht dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig is beëindigd door het daarop gerichte besluit dat de algemene vergadering van aandeelhouders van Dimension Data Nederland heeft genomen op 24 augustus 2007,

8.3. Veroordeelt Dimension Data Nederland tot betaling aan [eiser] van € 110.640,00 (honderdtienduizendzeshonderdveertig euro) met de wettelijke rente daarover vanaf 24 februari 2008.

8.4. bepaalt dat iedere partij de eigen kosten van deze procedure draagt,

8.5. wijst af het anders of meer gevorderde

in reconventie

8.6. wijst de vordering af,

8.7. veroordeelt Dimension Data Nederland in de kosten van deze procedure, aan de zijde van [eiser] tot op heden begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mrs. J.D.A. den Tonkelaar, M.P.C.J. van Bavel en J.R. Veerman en in het openbaar uitgesproken op 26 maart 2008.