Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2008:BC7328

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
12-03-2008
Datum publicatie
20-03-2008
Zaaknummer
05/900713
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

5 jaar gevangenisstraf voor diefstal vergezeld van geweld en bedreiging en afpersing.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ARNHEM

SECTOR STRAFRECHT

MEERVOUDIGE KAMER

Parketnummer : 05/900713-07

Datum zitting : 27 februari 2008

Datum uitspraak : 12 maart 2008

TEGENSPRAAK

In de zaak van

de officier van justitie in het arrondissement Arnhem

tegen

naam : [verdachte],

geboren op : [geboortedatum] te [geboorteplaats],

zonder vaste woon- of verblijfplaats hier ten lande bekend,

thans gedetineerd in de P.I. Arnhem - Huis van Bewaring Arnhem Zuid, Ir. Molsweg 5 te Arnhem.

Raadsvrouw: mr. H.S.K. Jap A Joe, advocaat te Utrecht.

1. De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

1.

hij op of omstreeks 11 mei 2007 te Wijchen, in elk geval in de gemeente Wijchen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- een mobiele telefoon (samsung) en/of een aantal sigaretten, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan M. [slachtoffer1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- een jas en/of een rijbewijs en/of een aantal bankpassen en/of een kentekenbewijs en/of een mobiele telefoon (nokia) en/of 4, althans een aantal asbestmaskers en/of een aantal sleutels en/of een auto (mercedes/[nummer]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan E.E.B.J. [slachtoffer2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- een mobiele telefoon (sony Ericsson) en/of een aantal sleutels, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan S.P. [slachtoffer3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- 3, althans een aantal mobiele telefoons (nokia), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan S. [slachtoffer4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die M. [slachtoffer1] en/of E.E.B.J. [slachtoffer2] en/of P.J. [slachtoffer5] en/of S.P. [slachtoffer3] en/of S. [slachtoffer4], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan haar mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) gewapend met een aantal vuurwapens, in elk geval op vuurwapens gelijkende voorwerpen een pand ([adres]) is/zijn binnen gegaan en/of (vervolgens) naar een of meer voormelde perso(o)n(en) (aanwezig in dat pand) heeft/hebben geroepen: "Dit is een overval" en/of "geld, geld" en/of "uitkleden" en/of "op de grond liggen" en/of "zakken, zakken, kop naar beneden en ogen dicht of er wordt geschoten", althans woorden van gelijke (dreigende) aard en/of strekking en/of (vervolgens) een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp tegen het hoofd van die P.J. [slachtoffer5] en/of E.E.B.J. [slachtoffer2] heeft/hebben gedrukt en/of die [slachtoffer2] de woorden heeft/hebben toegevoegd: "Als je niet op past, kun je nog meer hoofdpijn krijgen", althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of in de richting van voormelde perso(o)n(en) (aanwezig in dat pand) heeft/hebben geroepen: "Fuck, fuck, op de grond liggen, anders knal ik je kop eraf" en/of "niet kijken, anders maak ik je af", althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of die [slachtoffer5] (met kracht) tegen het lichaam heeft/hebben geschopt en/of op hardhandige wijze die [slachtoffer3] naar de grond heeft/hebben gebracht en/of tegen diens gezicht heeft/hebben geslagen en/of (met kracht) die [slachtoffer3] tegen het hoofd en/of het lichaam heeft/hebben geschopt en/of getrapt en/of op dreigende wijze een aantal pistolen en/of een riotgun, in elk geval een of meer op (een) vuurwapen(s) gelijkende voorwerpen heeft/hebben gericht op en/of op duidelijk zichtbare wijze (vasthoudend) getoond aan die [slachtoffer1] en/of [slachtoffer2] en/of [slachtoffer5] en/of [slachtoffer3] en/of [slachtoffer4];

2.

hij in of omstreeks 11 mei 2007 te Wijchen, in elk geval in de gemeente Wijchen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld

- E.E.B.J. [slachtoffer2] heeft gedwongen tot de afgifte van een (gouden) horloge en/of een geldbedrag (van ongeveer 1500 euro), in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan E.E.B.J. [slachtoffer2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en/of

- P.J. [slachtoffer5] heeft gedwongen tot de afgifte van een mobiele telefoon (nokia) en/of 2, althans een aantal bankpassen en/of identiteitsbewijs en/of een rijbewijs en/of een portefeuille met inhoud en/of 2, althans een aantal sleutels, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan P.J. [slachtoffer5], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- S. [slachtoffer4] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag (van ongeveer 130 euro), in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan S. [slachtoffer4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) gewapend met een aantal vuurwapens, in elk geval op vuurwapens gelijkende voorwerpen een pand ([adres]) is/zijn binnen gegaan en/of (vervolgens) naar een of meer voormelde perso(o)n(en) (aanwezig in dat pand) heeft/hebben geroepen: "Dit is een overval" en/of "geld, geld" en/of "uitkleden" en/of "op de grond liggen" en/of "zakken, zakken, kop naar beneden en ogen dicht of er wordt geschoten", althans woorden van gelijke (dreigende) aard en/of strekking en/of (vervolgens) een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp tegen het hoofd van die P.J. [slachtoffer5] en/of E.E.B.J. [slachtoffer2] heeft/hebben gedrukt en/of die [slachtoffer2] de woorden heeft/hebben toegevoegd: "Als je niet op past, kun je nog meer hoofdpijn krijgen", althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of in de richting van voormelde perso(o)n(en) (aanwezig in dat pand) heeft/hebben geroepen: "Fuck, fuck, op de grond liggen, anders knal ik je kop eraf" en/of "niet kijken, anders maak ik je af", althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of die [slachtoffer5] (met kracht) tegen het lichaam heeft/hebben geschopt en/of op hardhandige wijze die [slachtoffer3] naar de grond heeft/hebben gebracht en/of tegen diens gezicht heeft/hebben geslagen en/of (met kracht) die [slachtoffer3] tegen het hoofd en/of het lichaam heeft/hebben geschopt en/of getrapt en/of op dreigende wijze een aantal pistolen en/of een riotgun, in elk geval een of meer op (een) vuurwapen(s) gelijkende voorwerpen heeft/hebben gericht op en/of duidelijk zichtbaar (vasthoudend) getoond aan die [slachtoffer1] en/of [slachtoffer2] en/of [slachtoffer5] en/of [slachtoffer3] en/of [slachtoffer4];

3.

hij op of omstreeks 30 mei 2007 te 's-Hertogenbosch, in elk geval in de gemeente 's-Hertogenbosch, althans in Nederland, ter uitvoering van het voornemen en het misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening weg te nemen een kluis met inhoud en/of een hoeveelheid geld en/of een hoeveelheid goederen, in elk geval enig goed en/of enig geldbedrag, geheel of ten dele toebehorende aan H.H. van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die Van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7], te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan (een) andere deelnemer(s) van dat misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, tezamen en in vereniging met verdachtes mededader(s), althans alleen, de woning van die Van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7] is/zijn binnengestormd en/of (vervolgens) die Van de [slachtoffer6] (met kracht) heeft/hebben vastgepakt en/of bij de keel heeft/hebben gegrepen en/of heeft/hebben geduwd (tengevolge waarvan die Van de [slachtoffer6] op de grond is gevallen) en/of (vervolgens) een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, tegen het hoofd van die Van de [slachtoffer6] heeft/hebben gehouden en/of dreigend de woorden heeft/hebben toegevoegd "Ik schiet hoor als je je mond niet dicht houdt. Ik schiet hoor. Niet kijken, niet kijken, ogen dicht" althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of op dreigende wijze een pistool, althans een op een vuurwapeen gelijkend voorwerp heeft/hebben getoond aan die Van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7] en/of de woorden heeft/hebben toegevoegd "waar is de kluis", althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of (vervolgens) een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp in het trappengat van de woning omhoog heeft/hebben gehouden/gericht in de richting van en/of op (dreigende wijze) getoond aan die C. [slachtoffer7] (die zich op dat moment op de bovenetage van de woning bevond), terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

althans, indien het vorenstaande onder 3 niet tot een veroordeling leidt:

hij op of omstreeks 30 mei 2007 te 's-Hertogenbosch, in elk geval in de gemeente 's-Hertogenbosch, althans in Nederland, ter uitvoering van het voornemen en het misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld H.H. van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7] te dwingen tot de afgifte van de inhoud van een kluis en/of een hoeveelheid geld en/of een hoeveelheid goederen, in elk geval van enig goed of enig geldbedrag, geheel of ten dele toebehorende aan H.H. van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), met voormeld oogmerk gewapend met vuurwapens, althans op vuurwapens gelijkende voorwerpen, de woning van die Van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7] is/zijn binnengestormd en/of (vervolgens) die Van de [slachtoffer6] (met kracht) heeft/hebben vastgepakt en/of bij de keel heeft/hebben gegrepen en/of heeft/hebben geduwd (tengevolge waarvan die Van de [slachtoffer6] op de grond is gevallen) en/of (vervolgens) een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, tegen het hoofd van die Van de [slachtoffer6] heeft/hebben gehouden en/of op dreigende wijze een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp heeft/hebben getoond aan die Van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7] en/of die de [slachtoffer6] dreigend de woorden heeft/hebben toegevoegd "Ik schiet hoor als je je mond niet dicht houdt.Ik schiet hoor.Niet kijken, niet kijken, ogen dicht" althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of die Van de [slachtoffer6] de woorden heeft/hebben toegevoegd "waar is de kluis", althans woorden van gelijk aard en/of strekking en/of (vervolgens) een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp in het trappengat van de woning omhoog heeft/hebben gericht/gehouden in de richting van en/of (op dreigende wijze) getoond aan die C. [slachtoffer7] (die zich op dat moment op de bovenetage van zijn woning bevond), terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

4.

hij op of omstreeks 30 mei 2007 te Nijmegen, in elk geval in de gemeente Nijmegen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een horloge (Breitling) en/of een gouden ring en/of een digitale fotocamera (Nikon Coolpix 5200) en/of een (cartier panter) hangertje en/of ketting en/of een aantal (3) heren polstasjes en/of een (zwarte horeca)portemonnee en/of een aantal gouden gladde ringetjes en/of een aantal gouden schakelarmbandjes en/of een gouden (hartvormige) broche (met witte parel in het midden) en/of een aantal (2) zilveren/gouden horloges, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan P.M.H. [slachtoffer8] en/of I. [slachtoffer9], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer8] en/of [slachtoffer9], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op die [slachtoffer8] heeft/hebben gericht en/of (vervolgens) de voordeur van de woning van die [slachtoffer8] heeft/hebben open geduwd en/of (vervolgens) met die [slachtoffer8] in gevecht is/zijn geraakt en/of (vervolgens) de vrouw van die [slachtoffer8], te weten [slachtoffer9] (met kracht) (bij de haren) heeft/hebben vastgepakt en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp tegen het hoofd van die [slachtoffer9] heeft/hebben gehouden en/of daarbij dreigend de woorden heeft/hebben toegevoegd "stoppen, anders schiet ik haar dood", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking en/of (vervolgens) (telkens) dreigend een of meer vuurwapens, althans op vuurwapens gelijkende voorwerpen, op (het hoofd/de hoofden van) die [slachtoffer8] en/of [slachtoffer9] heeft/hebben gericht, althans die/dat vuurwapen(s), althans die/dat op (een) vuurwapen(s) gelijkende voorwerp(en), op een voor die [slachtoffer8] en/of [slachtoffer9] (duidelijk) zichtbare wijze heeft/hebben vastgehouden en/of de woorden heeft/hebben toegevoegd "waar is dat mooie horloge van je en waar is het geld?" althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of die [slachtoffer8] in/tegen de rug heeft/hebben geschopt en/of die [slachtoffer9] (met kracht) bij de haren heeft/hebben gepakt en/of meermalen, althans eenmaal die [slachtoffer9] in/tegen het gezicht heeft/hebben geslagen en/of gestompt en/of meermalen, althans eenmaal met de kolf van een vuurwapen, althans het op een vuurwapen gelijkende voorwerp die [slachtoffer9] tegen het hoofd heeft/hebben geslagen en/of (met kracht) de keel van die [slachtoffer9] heeft/hebben dichtgeknepen;

5.

hij op of omstreeks 30 mei 2007 te Nijmegen, in elk geval in de gemeente Nijmegen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld P.M.H. [slachtoffer8] en/of I. [slachtoffer9] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag (van ongeveer 10.000 euro), in elk geval van enig goed en/of enig geldbedrag , geheel of ten dele toebehorende aan P.M.H. [slachtoffer8] en/of I. [slachtoffer9], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op die [slachtoffer8] heeft/hebben gericht en/of (vervolgens) de voordeur van de woning van die [slachtoffer8] heeft/hebben open geduwd en/of (vervolgens) met die [slachtoffer8] in gevecht is/zijn geraakt en/of (vervolgens) de vrouw van die [slachtoffer8], te weten [slachtoffer9] (met kracht) (bij de haren) heeft/hebben vastgepakt en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp tegen het hoofd van die [slachtoffer9] heeft/hebben gehouden en/of daarbij dreigend de woorden heeft/hebben toegevoegd "stoppen, anders schiet ik haar dood", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking en/of (vervolgens) (telkens) dreigend een of meer vuurwapens, althans op vuurwapens gelijkende voorwerpen, op (het hoofd/de hoofden van) die [slachtoffer8] en/of [slachtoffer9] heeft/hebben gericht, althans die/dat vuurwapen(s), althans die/dat op (een) vuurwapen(s) gelijkende voorwerp(en), op een voor die [slachtoffer8] en/of [slachtoffer9] (duidelijk) zichtbare wijze heeft/hebben vastgehouden en/of de woorden heeft/hebben toegevoegd "waar is dat mooie horloge van je en waar is het geld?" althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of die [slachtoffer8] in/tegen de rug heeft/hebben geschopt en/of die [slachtoffer9] (met kracht) bij de haren heeft/hebben gepakt en/of meermalen, althans eenmaal die [slachtoffer9] in/tegen het gezicht heeft/hebben geslagen en/of gestompt en/of meermalen, althans eenmaal met de kolf van een vuurwapen, althans het op een vuurwapen gelijkende voorwerp die [slachtoffer9] tegen het hoofd heeft/hebben geslagen en/of (met kracht) de keel van die [slachtoffer9] heeft/hebben dichtgeknepen;

2. Het onderzoek ter terechtzitting

De zaak is laatstelijk op 27 februari 2008 ter terechtzitting onderzocht. Daarbij is verdachte verschenen. Verdachte is bijgestaan door mr. H.S.K. Jap A Joe, advocaat te Utrecht.

Als benadeelde partijen hebben zich schriftelijk in het geding gevoegd:

• S. [slachtoffer4], [adres],

• H.H. [slachtoffer6], [adres],

• I. [slachtoffer9], [adres],

• P.M.H. [slachtoffer8], [adres],

• E.E.B.J. [slachtoffer2], [adres].

De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het onder 1, 2, 3 subsidiair, 4 en 5 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 7 jaren met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorge¬bracht.

Ten aanzien van de vorderingen van de benadeelde partijen heeft de officier van justitie verzocht:

• dat de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer4] tot een bedrag van € 1121,50 wordt toegewezen en dat er een schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd tot dit bedrag. Voor het overige heeft de officier van justitie verzocht dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk zal worden verklaard in de vordering;

• dat de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer6] tot een bedrag van € 1446,36 wordt toegewezen en dat er een schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd tot dit bedrag. Voor het overige heeft de officier van justitie verzocht dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk zal worden verklaard in de vordering;

• dat de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer9] tot een bedrag van € 630,92 wordt toegewezen en dat er een schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd tot dit bedrag;

• dat de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer8] tot een bedrag van € 3.000,00 wordt toegewezen en dat er een schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd tot dit bedrag. Voor het overige heeft de officier van justitie verzocht dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk zal worden verklaard in de vordering;

• dat de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer2] tot een bedrag van € 4.423, 43 wordt toegewezen en dat er een schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd tot dit bedrag. Voor het overige heeft de officier van justitie verzocht dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk zal worden verklaard in de vordering.

Verdachte en zijn raadsvrouw hebben het woord ter verdediging gevoerd.

3. De beslissing inzake het bewijs

Voor zover in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

3a. Feiten

Overval te Wijchen

Op 11 mei 2007 werd een overval te Wijchen gepleegd. Drie mannen drongen een pand aan [adres] binnen, gewapend met drie vuurwapens. Hierbij werd geroepen: “Dit is een overval”, “geld, geld”, “uitkleden” en “zakken, zakken kop naar beneden en ogen dicht of er wordt geschoten” , “fuck, fuck, op de grond liggen, anders knal ik je kop eraf” en “niet kijken anders maak ik je af”. De vuurwapens, waaronder een riotgun, werden gericht op de aanwezige [slachtoffer2], [slachtoffer5], [slachtoffer4], [slachtoffer1] en [slachtoffer3].

Ook werd er een pistool tegen het hoofd van die [slachtoffer2] en [slachtoffer5] gezet, waarbij tegen [slachtoffer2] werd gezegd “Als je niet oppast, kun je nog meer hoofdpijn krijgen”. Voorts werd die [slachtoffer5] geschopt en die [slachtoffer3] tegen de grond gewerkt, in het gezicht geslagen en geschopt.

Dit geweld maakte dat [slachtoffer2] werd gedwongen zijn gouden horloge en tenminste € 1.300,- af te staan ,

[slachtoffer5] zijn mobiele telefoon (merk Nokia), 2 bankpassen, een identiteitsbewijs, rijbewijs, portefeuille met inhoud en 2 sleutels , en [slachtoffer4] € 130,- . De daders vertrokken nadat zij hadden weggenomen een mobiele telefoon (merk Samsung) en sigaretten van [slachtoffer1] , een jas, rijbewijs, bankpassen, een kentekenbewijs, mobiele telefoon (merk Nokia), 4 asbestmaskers, een aantal sleutels, een Mercedes met kenteken [nummer] van [slachtoffer2] , een mobiele telefoon (merk Sony Ericson) en een aantal sleutels van [slachtoffer3] , en een aantal mobiele telefoons (merk Nokia) van [slachtoffer4] .

Overval te Den Bosch

Op 30 mei 2007 drongen drie mannen de woning van H.H. van de [slachtoffer6] en C. [slachtoffer7] te Den Bosch binnen. Een van de daders, omschreven door aangeefster als ‘persoon 2’, gekleed in een donkere trui of jas met capuchon, pakte die van de [slachtoffer6] vast, onder meer bij haar keel, en duwde haar als gevolg waarvan zij ten val kwam. Deze jongen hield een vuurwapen bij haar hoofd en voegde haar daarbij de woorden toe “Ik schiet hoor als je je mond niet dicht houdt. Ik schiet hoor. Niet kijken, niet kijken, ogen dicht.”, en vroeg haar waar zich de kluis in de woning bevond.

Nadat het in het huis geïnstalleerde alarm was afgegaan zijn de drie mannen de woning uitgevlucht zonder goederen te hebben meegenomen.

Overval te Nijmegen

Op 30 mei 2007 stonden drie mannen bij de woning van P.M.H. [slachtoffer8] en I. [slachtoffer9] te Nijmegen. Nadat die [slachtoffer8] de voordeur had geopend, duwde een van de drie mannen de voordeur verder open en raakte met die [slachtoffer8] in gevecht. Tevens werd de echtgenote van [slachtoffer8], [slachtoffer9], een vuurwapen op het hoofd gezet, waarbij werd gezegd “stoppen, anders schiet ik haar dood”. [slachtoffer9] is bij de haren gepakt, in het gezicht geslagen, met een vuurwapen geslagen, en haar keel is dichtgeknepen. Voorts werden er een of meer vuurwapens op [slachtoffer8] en [slachtoffer9] gericht, en werd er gezegd “Waar is dat horloge van je en waar is het geld?” [slachtoffer8] voelde zich door het voorgaande gedwongen een geldbedrag af te geven aan deze mannen. Voorts werd [slachtoffer8] in zijn rug geschopt.

De daders verlieten de woning nadat zij ook nog een Breitling horloge, een digitale fotocamera (Nikon Coolpix 5200), (cartier panter) hangertje, ketting, drie heren polstasjes, een zwarte horecaportemonnee, een aantal gouden gladde ringetjes, een aantal gouden schakelarmbandjes, een gouden (hartvormige) broche (met witte parel in het midden) en een tweetal zilveren/gouden horloges, hadden weggenomen.

3b. Verweren

Verdachte heeft over het tenlastegelegde niets willen verklaren, noch bij de politie, noch ter terechtzitting. Zijn raadsvrouw heeft betoogd dat verdachte bij gebrek aan bewijs dient te worden vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten.

Meer in het bijzonder heeft de raadsvrouw gesteld dat de herkenning van verdachte van de videobeelden door de moeder niet voor bewijs kunnen worden gebezigd, nu de goede procesorde zich ertegen verzet om de moeder van een verdachte te horen als getuige.

De rechtbank verwerpt het verweer nu zich geen rechtsregel verzet tegen het horen van de ouders van een verdachte, en ook overigens niet is gebleken dat het verhoren van de moeder van verdachte onbehoorlijk was. De rechtbank zal de herkenning door verdachte’s moeder voor bewijs bezigen.

De herkenning van verdachte door medeverdachte [medeverdachte1] zou niet voor bewijs kunnen worden gebezigd volgens de raadsvrouw, nu deze fotoconfrontatie met meerdere foto’s had moeten worden uitgevoerd. Voorts zou verdachte het onderscheidend kenmerk van zijn gezicht, namelijk de pokdalige huid, gemeen hebben met medeverdachte L.R. [medeverdachte2].

De rechtbank is van oordeel dat het verweer niet kan slagen, nu de gestelde gelijkenis tussen verdachte en [medeverdachte2] onvoldoende onderbouwd is met feiten. Ook overigens is de rechtbank niets gebleken van een sterke gelijkenis tussen verdachte en [medeverdachte2]. In dit verband zij opgemerkt dat [medeverdachte1] persoonlijk bekend was met zowel [medeverdachte2] als verdachte, en dat er om die reden vanuit mag worden gegaan dat hij in staat is deze twee personen op kleurenfoto’s van elkaar te onderscheiden.

Volgens de raadsvrouw zou het kenmerk dat verdachte lid is van de ‘[naam]’ hem niet onderscheiden van medeverdachten, nu niet is uitgezocht of (een van de) medeverdachten ook lid is van de ‘[naam]’.

De rechtbank stelt vast dat geen van de medeverdachten van de drie tenlastegelegde feiten wordt omschreven of zichzelf omschrijft als lid van de [naam]. Juist verdachte profileert zich als zodanig, en heeft zijn kamer opgesierd met het [naam] logo. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij bij een groepje hoorde dat zichzelf de [naam] noemt. Dat uit het dossier blijkt dat ten minste één medeverdachte deels blauwe kleding heeft gedragen doet aan het voorgaande niet af. Waar verklaringen van de medeverdachten dan ook betrekking hebben op het lid van de [naam], begrijpt de rechtbank dat zij over verdachte verklaren.

3c. Motivering van de bewezenverklaring

De overval te Wijchen

Medeverdachte [medeverdachte3], die bekend heeft te hebben deelgenomen aan de overvallen te Den Bosch en Nijmegen en op de hoogte te zijn geweest van het plan van de overval te Wijchen, heeft één van zijn mededaders bij die drie overvallen, waaronder die te Wijchen, beschreven als de jongen die lid is van de [naam].

L.R. [medeverdachte2] heeft verklaard dat hij hoorde dat verdachte samen met drie medeverdachten plannen maakten voor het plegen van een overval , en dat hij –onder meer– verdachte waarschuwde de overval te Wijchen niet te plegen.

Medeverdachte R. [medeverdachte1] heeft desgevraagd verklaard dat hij een jongen naar de overval te Wijchen heeft gereden die ‘[naam2]’ wordt genoemd. Verdachte heeft desgevraagd verklaard dat hij ‘[naam2]’ wordt genoemd. Deze medeverdachte heeft verdachte van een foto aangewezen als één van de personen die hij naar de plaats van de overval te Wijchen vervoerde.

Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte een van de drie daders was die bij de overval te Wijchen het pand is binnen gegaan.

De overval te Den Bosch

De daders van de overval te Den Bosch zijn gefilmd door middel van bewakingscamera’s. De moeder van verdachte heeft van stilstaande camerabeelden één van de personen die bij de overval de bewuste woning binnendrong herkend als haar zoon, verdachte.

Medeverdachte [medeverdachte4], die bekend heeft te hebben deelgenomen aan de overval te Den Bosch, heeft de jongen met de donkere jas met capuchon beschreven als de jongen die lid is van de [naam]. Deze jongen zou bij de drie overvallen de leiding hebben gehad. Zoals hierboven overwogen, begrijpt de rechtbank dat het verdachte is die door zijn medeverdachten wordt geduid als het lid van de [naam].

Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte een van de drie daders was die bij de overval te Den Bosch de woning is binnengedrongen.

Medeverdachte [medeverdachte3] heeft verklaard dat het de jongen met de donkere jas degene was die bij deze overval als eerste de woning binnendrong en de vrouw bij de nek of hals naar binnen duwde. De beschrijving van de kleding, alsook het eerste binnendringen en vastpakken, komt overeen met de beschrijving die aangeefster geeft van ‘persoon 2’.

Op grond van het voorgaande stelt de rechtbank vast dat verdachte de jongen met de donkere jas was, en dat hij degene is die in de aangifte van Van de [slachtoffer6] als ‘persoon 2’ wordt geduid. De rechtbank is van oordeel dat verdachte, zijnde een van de daders van overval te Den Bosch, de handelingen heeft verricht die aangeefster heeft beschreven van ‘persoon 2’.

De overval te Nijmegen

Medeverdachte [medeverdachte4] heeft verklaard dat de jongen met de donkere jas met capuchon, die op de foto stond met betrekking tot de overval te Den Bosch, ook deelnam aan de overval in Nijmegen op diezelfde dag. De rechtbank begrijpt dat deze verklaring slaat op verdachte, mede gelet op de videobeelden van de overval te Den Bosch.

Medeverdachte [medeverdachte4] heeft voorts verklaard dat bij de overval te Nijmegen de jongen van de [naam] zijn gezicht bedekte met een blauw doekje. De rechtbank begrijpt dat dit wederom slaat op verdachte, nu verdachte degene is die door medeverdachten wordt geduid als het lid van de [naam].

De verklaringen van deze medeverdachte vinden bevestiging in de verklaring van aangever [slachtoffer8], waar die heeft verklaard dat één van de daders een zwarte jas met capuchon droeg en een doekje voor zijn gezicht hield.

Op grond van het voorgaande, in samenhang met hetgeen is overwogen over verdachte’s betrokkenheid bij de overval te Den Bosch, is de rechtbank van oordeel dat verdachte de persoon was met de donkere jas en het doekje voor zijn gezicht. De rechtbank stelt

vast dat verdachte ook bij de overval te Nijmegen een van de daders is geweest.

3d. Conclusie

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1, 2, 3 primair, 4 en 5 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat bewezen wordt geacht dat:

1.

hij op 11 mei 2007 te Wijchen, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- een mobiele telefoon (samsung) en een aantal sigaretten, toebehorende aan M. [slachtoffer1], en

- een jas en een rijbewijs en een aantal bankpassen en een kentekenbewijs en een mobiele telefoon (nokia) en 4 asbestmaskers en een aantal sleutels en een auto (mercedes/[nummer]), toebehorende aan E.E.B.J. [slachtoffer2], en

- een mobiele telefoon (sony Ericsson) en een aantal sleutels toebehorende aan S.P. [slachtoffer3] en

- een aantal mobiele telefoons (nokia), toebehorende aan S. [slachtoffer4],

welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die M. [slachtoffer1] en E.E.B.J. [slachtoffer2] en P.J. [slachtoffer5] en S.P. [slachtoffer3] en S. [slachtoffer4], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken,

welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) gewapend met een aantal vuurwapens, een pand ([adres]) zijn binnen gegaan en vervolgens naar voormelde personen (aanwezig in dat pand) heeft/hebben geroepen: "Dit is een overval" en "geld, geld" en "uitkleden" en "op de grond liggen" en "zakken, zakken, kop naar beneden en ogen dicht of er wordt geschoten", en een pistool, tegen het hoofd van die P.J. [slachtoffer5] en E.E.B.J. [slachtoffer2] heeft/hebben gedrukt en die [slachtoffer2] de woorden heeft/hebben toegevoegd: "Als je niet op past, kun je nog meer hoofdpijn krijgen", en in de richting van voormelde personen (aanwezig in dat pand) heeft/hebben geroepen: "Fuck, fuck, op de grond liggen, anders knal ik je kop eraf" en "niet kijken, anders maak ik je af", en die [slachtoffer5] met kracht tegen het lichaam heeft/hebben geschopt en op hardhandige wijze die [slachtoffer3] naar de grond heeft/hebben gebracht en/of tegen diens gezicht heeft/hebben geslagen en met kracht die [slachtoffer3] tegen het lichaam heeft/hebben geschopt en/of getrapt en op dreigende wijze een aantal pistolen en een riotgun, heeft/hebben gericht op die [slachtoffer1] en [slachtoffer2] en [slachtoffer5] en [slachtoffer3] en [slachtoffer4];

2.

hij op 11 mei 2007 te Wijchen, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld

- E.E.B.J. [slachtoffer2] heeft gedwongen tot de afgifte van een gouden horloge en een geldbedrag van ongeveer 1500 euro, toebehorende aan E.E.B.J. [slachtoffer2], en

- P.J. [slachtoffer5] heeft gedwongen tot de afgifte van een mobiele telefoon (nokia) en 2 bankpassen en identiteitsbewijs en een rijbewijs en een portefeuille met inhoud en 2 sleutels, toebehorende aan P.J. [slachtoffer5], en

- S. [slachtoffer4] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag van ongeveer 130 euro, toebehorende aan S. [slachtoffer4], en welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat verdachte en verdachtes mededader(s) gewapend met een aantal vuurwapens, een pand ([adres]) zijn binnen gegaan en vervolgens naar een of meer voormelde personen (aanwezig in dat pand) heeft/hebben geroepen: "Dit is een overval" en "geld, geld" en "uitkleden" en "op de grond liggen" en "zakken, zakken, kop naar beneden en ogen dicht of er wordt geschoten", en een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp tegen het hoofd van die P.J. [slachtoffer5] en E.E.B.J. [slachtoffer2] heeft/hebben gedrukt en die [slachtoffer2] de woorden heeft/hebben toegevoegd: "Als je niet op past, kun je nog meer hoofdpijn krijgen", en in de richting van voormelde personen (aanwezig in dat pand) heeft/hebben geroepen: "Fuck, fuck, op de grond liggen, anders knal ik je kop eraf" en "niet kijken, anders maak ik je af", en die [slachtoffer5] met kracht tegen het lichaam heeft/hebben geschopt en op hardhandige wijze die [slachtoffer3] naar de grond heeft/hebben gebracht en tegen diens gezicht heeft/hebben geslagen en met kracht die [slachtoffer3] het lichaam heeft/hebben geschopt en/of getrapt en op dreigende wijze een aantal pistolen en een riotgun heeft/hebben gericht op die [slachtoffer1] en [slachtoffer2] en [slachtoffer5] en [slachtoffer3] en [slachtoffer4];

3.

hij op 30 mei 2007 te 's-Hertogenbosch ter uitvoering van het voornemen en het misdrijf om tezamen en in vereniging anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening weg te nemen een kluis met inhoud en/of een hoeveelheid geld en/of een hoeveelheid goederen, toebehorende aan H.H. van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7], en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en te doen vergezellen van geweld en bedreiging met geweld tegen die Van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7], te plegen met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, tezamen en in vereniging met verdachtes mededaders, de woning van die Van de [slachtoffer6] en C. [slachtoffer7] is binnengestormd en vervolgens die Van de [slachtoffer6] met kracht heeft vastgepakt en bij de keel heeft gegrepen en heeft geduwd (tengevolge waarvan die Van de [slachtoffer6] op de grond is gevallen) en een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, tegen het hoofd van die Van de [slachtoffer6] heeft gehouden en dreigend de woorden heeft toegevoegd "Ik schiet hoor als je je mond niet dicht houdt. Ik schiet hoor. Niet kijken, niet kijken, ogen dicht" en op dreigende wijze een pistool, heeft getoond aan die Van de [slachtoffer6] en/of C. [slachtoffer7] en de woorden heeft toegevoegd "waar is de kluis", terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

4.

hij op 30 mei 2007 te Nijmegen, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een horloge (Breitling) en een digitale fotocamera (Nikon Coolpix 5200) en een (cartier panter) hangertje en ketting en een aantal (3) heren polstasjes en een (zwarte horeca)portemonnee en een aantal gouden gladde ringetjes en een aantal gouden schakelarmbandjes en een gouden (hartvormige) broche (met witte parel in het midden) en een aantal (2) zilveren/gouden horloges,toebehorende aan P.M.H. [slachtoffer8] en/of I. [slachtoffer9], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer8] en [slachtoffer9], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) een pistool, op die [slachtoffer8] heeft/hebben gericht en de voordeur van de woning van die [slachtoffer8] heeft/hebben open geduwd en met die [slachtoffer8] in gevecht is/zijn geraakt en de vrouw van die [slachtoffer8], te weten [slachtoffer9] met kracht bij de haren heeft/hebben vastgepakt en een vuurwapen, tegen het hoofd van die [slachtoffer9] heeft/hebben gehouden en daarbij dreigend de woorden heeft/hebben toegevoegd "stoppen, anders schiet ik haar dood", en dreigend een of meer vuurwapens, op van die [slachtoffer8] en [slachtoffer9] heeft/hebben gericht, en de woorden heeft/hebben toegevoegd "waar is dat horloge van je en waar is het geld?" en die [slachtoffer8] tegen de rug heeft/hebben geschopt en die [slachtoffer9] met kracht bij de haren heeft/hebben gepakt en meermalen, die [slachtoffer9] tegen het gezicht heeft/hebben geslagen en meermalen, met de kolf van een vuurwapen, die [slachtoffer9] tegen het hoofd heeft/hebben geslagen en met kracht de keel van die [slachtoffer9] heeft/hebben dichtgeknepen;

5.

hij op 30 mei 2007 te Nijmegen, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld P.M.H. [slachtoffer8] en I. [slachtoffer9] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag toebehorende aan P.M.H. [slachtoffer8] en/of I. [slachtoffer9],

welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) een pistool, op die [slachtoffer8] heeft/hebben gericht en de voordeur van de woning van die [slachtoffer8] heeft/hebben open geduwd en met die [slachtoffer8] in gevecht is/zijn geraakt en de vrouw van die [slachtoffer8], te weten [slachtoffer9] met kracht bij de haren heeft/hebben vastgepakt en een vuurwapen, tegen het hoofd van die [slachtoffer9] heeft/hebben gehouden en daarbij dreigend de woorden heeft/hebben toegevoegd "stoppen, anders schiet ik haar dood", en dreigend een of meer vuurwapens, op die [slachtoffer8] en [slachtoffer9] heeft/hebben gericht, en de woorden heeft/hebben toegevoegd "waar is dat horloge van je en waar is het geld?" en die [slachtoffer8] tegen de rug heeft/hebben geschopt en die [slachtoffer9] met kracht bij de haren heeft/hebben gepakt en meermalen, die [slachtoffer9] tegen het gezicht heeft/hebben geslagen en meermalen, met de kolf van een vuurwapen, die [slachtoffer9] tegen het hoofd heeft/hebben geslagen en met kracht de keel van die [slachtoffer9] heeft/hebben dichtgeknepen;

Hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd is niet bewezen. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken. De beslissing dat verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat.

4a. De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

Ten aanzien van feit 1 en 2:

voortgezette handeling van:

• diefstal vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, en

• afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Ten aanzien van feit 3:

poging tot diefstal vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Ten aanzien van feit 4 en 5:

voortgezette handeling van:

• diefstal vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, en

• afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

4b. De strafbaarheid van de feiten

De feiten zijn strafbaar.

5. De strafbaarheid van verdachte

Niet is gebleken van feiten of omstandigheden die de strafbaarheid van verdachte geheel uitsluiten.

6. De motivering van de sanctie

Bij de beslissing over de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met:

- de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan;

- de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waarbij onder meer is gelet op:

- de justitiële documentatie betreffende verdachte, gedateerd 2 februari 2008;

- briefrapport van het voorgeleidingsconsult door J.H. Verhoef, psychiater bij het NIPF, gedateerd 25 september 2007; en

- een voorlichtingsrapport van Reclassering Nederland, betreffende verdachte, gedateerd 28 december 2007.

De rechtbank overweegt in het bijzonder het navolgende.

Verdachte heeft deelgenomen aan drie gewapende overvallen, waarbij in twee gevallen goederen werden buitgemaakt door diefstal en afpersing. Twee van die overvallen vonden plaats in woningen waar op dat moment bewoners aanwezig waren.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan ernstige feiten. Verdachte vervulde bij de drie overvallen een actieve rol, en wordt door medeverdachten en enkele van de slachtoffers beschreven als degene die de leiding had. Wat hier ook van zij, het binnenvallen van een woning en het dreigen met vuurwapens is een buitengewoon ernstige inbreuk op de veiligheid en geborgenheid die het eigen huis moet bieden. Verdachte schuwde daarbij niet grof fysiek geweld te gebruiken. Als buitengewoon ernstig beschouwt de rechtbank daarenboven dat bij de overval te Nijmegen werd gedreigd de echtgenote van een slachtoffer dood te schieten indien deze zijn verzet niet zou staken.

Nu verdachte niet heeft willen verklaren over de bewezenverklaarde feiten of zijn motieven, kan de rechtbank hier slechts in zeer beperkte mate rekening mee houden. Verdachte is nog van relatief jonge leeftijd, maar is al wel een aantal malen voor gewelds- en vermogensdelicten veroordeeld. De reclassering wijst in dit verband bovendien op enkele aanwezige factoren die het recidiverisico verhogen.

Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen oordeelt de rechtbank dat voor de afdoening van de onderhavige zaak geen andere straf in aanmerking komt dan een langdurige gevangenisstraf. De rechtbank zal bij het bepalen van de duur van de gevangenisstraf afwijken ten opzichte van de eis van de officier van justitie, gelet op de jeugdige leeftijd van verdachte.

6a. De beoordeling van de civiele vorderingen, alsmede de

gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel

De benadeelde partijen hebben overeenkomstig het bepaalde in artikel 51b van het Wetboek van Strafvordering opgave gedaan van de inhoud van de vordering, strekkende tot vergoeding van geleden schade.

De rechtbank zal de civiele vordering van S. [slachtoffer4] tot een bedrag van € 682,30 aan materiële en immateriële schade toewijzen, waarbij de omvang van de schade door de rechtbank op basis van de overgelegde stukken naar redelijkheid en billijkheid op dat bedrag is begroot, te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 11 mei 2007. De rechtbank zal de benadeelde partij [slachtoffer4] niet-ontvankelijk verklaren in de vordering betreffende materiële schade geleden ter zake van een derde mobiele telefoon, nu aangever in zijn aangifte verklaart dat er twee telefoons zijn meegenomen. Naar het oordeel van de rechtbank is de vordering met betrekking tot die derde telefoon onvoldoende met stukken onderbouwd en daarmee niet van zo eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in het strafgeding.

De rechtbank zal de civiele vordering van [slachtoffer6] tot een bedrag van € 600,00 aan immateriële schade toewijzen, waarbij de omvang van de schade door de rechtbank op basis van de overgelegde stukken naar redelijkheid en billijkheid op dat bedrag is begroot, te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 30 mei 2007. De rechtbank zal de benadeelde partij [slachtoffer6] niet-ontvankelijk verklaren in de vordering betreffende materiële schade omdat deze schade niet rechtstreeks is toegebracht door het jegens verdachte bewezenverklaarde feit.

De rechtbank zal de civiele vordering van [slachtoffer9] tot een bedrag van € 618,92 aan immateriële en materiële schade toewijzen, waarbij de omvang van de schade door de rechtbank op basis van de overgelegde stukken naar redelijkheid en billijkheid op dat bedrag is begroot, te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 30 mei 2007. De rechtbank zal de benadeelde partij [slachtoffer9] niet-ontvankelijk verklaren in het overige deel van de vordering betreffende immateriële schade.

De rechtbank zal de civiele vordering van [slachtoffer8] tot een bedrag van € 8.400,00 aan immateriële en materiële schade toewijzen, waarbij de omvang van de schade door de rechtbank op basis van de overgelegde stukken naar redelijkheid en billijkheid op dat bedrag is begroot, te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 30 mei 2007. De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in het overige deel van de vordering ter zake vergoeding van immateriële en materiële schade omdat dit deel van de vordering onvoldoende met stukken is onderbouwd en daarmee niet van zo eenvoudige aard is dat het zich leent voor behandeling in het strafgeding.

De rechtbank zal de civiele vordering van [slachtoffer2] tot een bedrag van € 3.323,43 aan immateriële en materiële schade toewijzen, waarbij de omvang van de schade door de rechtbank op basis van de overgelegde stukken naar redelijkheid en billijkheid op dat bedrag is begroot, te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 11 mei 2007. De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in het overige deel van de vordering ter zake vergoeding van immateriële en materiële schade omdat dit deel van de vordering onvoldoende met stukken is onderbouwd en daarmee niet van zo eenvoudige aard is dat het zich leent voor behandeling in het strafgeding.

De rechtbank heeft bij het bepalen van de immateriële schade van de hierboven genoemde benadeelde partijen aansluiting gezocht bij de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 31 januari 2006, opgenomen in de ANWB-Smartegeldgids onder nummer 1310.

Voor de toewijsbare delen van de vorderingen geldt tevens dat de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel ex art. 36f van het Wetboek van Strafrecht zal toepassen en dus verdachte de verplichting zal opleggen een bedrag, gelijk aan het door de rechtbank toe te wijzen schadebedrag, aan de Staat te betalen ten behoeve van de benadeelde partijen.

De verdachte is niet meer tot vergoeding gehouden indien en voorzover het gevorderde door zijn mededaders is of wordt voldaan.

7. De toegepaste wettelijke bepalingen

De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 27, 36f, 56, 57, 310, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht.

8. De beslissing

De rechtbank, rechtdoende:

Verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4.

Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot

een gevangenisstraf voor de duur van vijf (5) jaren.

Beveelt overeenkomstig het bepaalde in artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht dat de tijd, door de veroordeelde voor de tenuitvoer¬legging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, geheel in mindering zal worden gebracht.

De beslissing op de vordering van de benadeelde partij S. [slachtoffer4].

Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer4] ten dele toe.

- Veroordeelt de veroordeelde - met dien verstande dat indien en voorzover zijn mededaders betalen ook veroordeelde daardoor tegenover [slachtoffer4] zal zijn gekweten - tegen kwijting aan S. [slachtoffer4], wonende [adres],

te betalen € 682,30 (zegge zeshonderd en tweeëntachtig euro en dertig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 11 mei 2007.

- Veroordeelt de veroordeelde tevens in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden vooralsnog begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken.

- Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk nu de vordering voor dat gedeelte niet van zo eenvoudige aard is dat zij zich leent voor behandeling in het strafgeding.

Maatregel van schadevergoeding ad € 682,30, subsidiair 13 dagen hechtenis.

- Legt op aan veroordeelde de verplichting aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer S. [slachtoffer4], wonende [adres] te betalen € 682,30 (zegge zeshonderd en tweeëntachtig euro en dertig cent), bij gebreke van volledi¬ge betaling en volledig verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 13 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

- Bepaalt daarbij dat, indien en voor zover veroordeelde of één van zijn mededaders

heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, het daarmee corresponderende gedeelte van de civielrechtelijke verplichting van veroordeelde om aan de benadeelde partij te betalen komt te vervallen en dat indien en voor zover veroordeelde aan de benadeelde partij heeft betaald, de verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

De beslissing op de vordering van de benadeelde partij H. [slachtoffer6].

Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer6] ten dele toe.

- Veroordeelt de veroordeelde - met dien verstande dat indien en voorzover zijn mededaders betalen ook veroordeelde daardoor tegenover [slachtoffer6] zal zijn gekweten - tegen kwijting aan H. [slachtoffer6], wonende [adres], te betalen € 600,00 (zegge zeshonderd euro), te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 30 mei 2007.

- Veroordeelt de veroordeelde tevens in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden vooralsnog begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken.

- Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk nu de vordering voor dat gedeelte niet van zo eenvoudige aard is dat zij zich leent voor behandeling in het strafgeding.

Maatregel van schadevergoeding ad € 600, subsidiair 12 dagen hechtenis.

- Legt op aan veroordeelde de verplichting aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer H. [slachtoffer6], wonende [adres], te betalen € 600,00 (zegge zeshonderd euro), bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 12 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

- Bepaalt daarbij dat, indien en voor zover veroordeelde of één van zijn mededaders heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, het daarmee corresponderende gedeelte van de civielrechtelijke verplichting van veroordeelde om aan de benadeelde partij te betalen komt te vervallen en dat indien en voor zover veroordeelde aan de benadeelde partij heeft betaald, de verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

De beslissing op de vordering van de benadeelde partij I. [slachtoffer9].

Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer9] ten dele toe.

- Veroordeelt de veroordeelde - met dien verstande dat indien en voorzover zijn mededaders betalen ook veroordeelde daardoor tegenover [slachtoffer9] zal zijn gekweten - tegen kwijting aan I. [slachtoffer9], wonende [adres], te betalen € 618,92 (zegge zeshonderd en achttien euro en tweeënnegentig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 30 mei 2007.

- Veroordeelt de veroordeelde tevens in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden vooralsnog begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken.

- Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk nu de vordering voor dat gedeelte niet van zo eenvoudige aard is dat zij zich leent voor behandeling in het strafgeding.

Maatregel van schadevergoeding ad € 618,92, subsidiair 12 dagen hechtenis.

- Legt op aan veroordeelde de verplichting aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer I. [slachtoffer9], wonende [adres], te betalen € 618,92 (zegge zeshonderd en achttien euro en tweeënnegentig cent), bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 12 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

- Bepaalt daarbij dat, indien en voor zover veroordeelde of één van zijn mededaders heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, het daarmee corresponderende gedeelte van de civielrechtelijke verplichting van veroordeelde om aan de benadeelde partij te betalen komt te vervallen en dat indien en voor zover veroordeelde aan de benadeelde partij heeft betaald, de verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

De beslissing op de vordering van de benadeelde partij P.H.M. [slachtoffer8].

Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer8] ten dele toe.

- Veroordeelt de veroordeelde - met dien verstande dat indien en voorzover zijn mededaders betalen ook veroordeelde daardoor tegenover [slachtoffer8] zal zijn gekweten - tegen kwijting aan P.H.M. [slachtoffer8], wonende [adres], te betalen € 8.400,00 (zegge achtduizend en vierhonderd euro), te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 30 mei 2007.

- Veroordeelt de veroordeelde tevens in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden vooralsnog begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken.

- Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk nu de vordering voor dat gedeelte niet van zo eenvoudige aard is dat zij zich leent voor behandeling in het strafgeding.

Maatregel van schadevergoeding ad € 8.400,00, subsidiair 72 dagen hechtenis.

- Legt op aan veroordeelde de verplichting aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer P.H.M. [slachtoffer8], wonende [adres], te betalen € 8.400,00 (zegge achtduizend en vierhonderd euro), bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 72 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

- Bepaalt daarbij dat, indien en voor zover veroordeelde of één van zijn mededaders heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, het daarmee corresponderende gedeelte van de civielrechtelijke verplichting van veroordeelde om aan de benadeelde partij te betalen komt te vervallen en dat indien en voor zover veroordeelde aan de benadeelde partij heeft betaald, de verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

De beslissing op de vordering van de benadeelde partij E.E.B.J. [slachtoffer2].

Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer2] ten dele toe.

- Veroordeelt de veroordeelde - met dien verstande dat indien en voorzover zijn mededaders betalen ook veroordeelde daardoor tegenover [slachtoffer2] zal zijn gekweten - tegen kwijting aan E.E.B.J. [slachtoffer2], wonende [adres], te betalen € 3.323,43 (zegge drieduizend driehonderd en drieëntwintig euro en drieënveertig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 11 mei 2007.

- Veroordeelt de veroordeelde tevens in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden vooralsnog begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken.

- Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk nu de vordering voor dat gedeelte niet van zo eenvoudige aard is dat zij zich leent voor behandeling in het strafgeding.

Maatregel van schadevergoeding ad € 3.323,43 , subsidiair 46 dagen hechtenis.

- Legt op aan veroordeelde de verplichting aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer E.E.B.J. [slachtoffer2], wonende [adres], te betalen

€ 3.323,43 (zegge drieduizend driehonderd en drieëntwintig euro en drieënveertig cent), bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 46 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.

- Bepaalt daarbij dat, indien en voor zover veroordeelde of één van zijn mededaders. heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, het daarmee corresponderende gedeelte van de civielrechtelijke verplichting van veroordeelde om aan de benadeelde partij te betalen komt te vervallen en dat indien en voor zover veroordeelde aan de benadeelde partij heeft betaald, de verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

Aldus gewezen door:

mr. W.J. Vierveijzer, rechter, als voorzitter,

mr. E.G. Smedema, rechter,

mr. F.J.H. Hovens, rechter,

in tegenwoordigheid van mr. B. de Jonge, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 12 maart 2008.