Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2007:BB8995

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
24-10-2007
Datum publicatie
28-11-2007
Zaaknummer
507078 HA VERZ 07-1301
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Werkneemster nalatig ten aanzien van eigen reïntegratie. Geen reflexwerking opzegverbod. Niet valt in te zien wat werkgever nog meer kan doen om werkneemster tot reïntegratie te bewegen nu onder andere eerdere loonopschorting geen effect heeft gehad. Uit stukken blijkt niet dat werkneemster niet bij machte is de consequenties van één en ander te overzien.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Beschikking

RECHTBANK ARNHEM

Sector kanton

Locatie Wageningen

zaakgegevens 507078 \ HA VERZ 07-1301 \ LS/91/rz

uitspraak van 24 oktober 20007

Beschikking

in de zaak van

de besloten vennootschap Analytico Milieu B.V.

gevestigd te Barneveld

verzoekende partij

gemachtigde mr. S.I. Witkamp

tegen

[werkneemster]

wonende te Barneveld

verwerende partij

procederend in persoon

Partijen worden hierna Analytico en [werkneemster] genoemd.

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit

- het verzoekschrift

- het verweerschrift

- de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling.

De feiten

De kantonrechter gaat uit van de volgende vaststaande feiten.

[werkneemster], thans 39 jaar oud, is op 13 maart 2002 in dienst getreden bij Analytico, in de functie van administratief medewerker F&A. Haar laatstgenoten bruto loon bedraagt € 946,56 bruto per maand (parttime 52,41%) exclusief vakantietoeslag en overige emolumenten.

Op 4 mei 2007 heeft [werkneemster] zich ziek gemeld.

Per 20 juli 2007 heet Analytico de loonbetalingen aan [werkneemster] opgeschort.

Het verzoek en het verweer:

Analytico verzoekt de arbeidsovereenkomst met [werkneemster] te ontbinden op zo kort mogelijke termijn zonder toekenning van een vergoeding aan [werkneemster].

Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst is gebaseerd op gewichtige redenen vanwege gewijzigde omstandigheden.

Als gewijzigde omstandigheden voert Analytico, kort samengevat, aan dat op basis van het gebrek aan medewerking van [werkneemster] aan haar reïntegratie Analytico geen enkel vertrouwen meer heeft in de persoon van [werkneemster]. [werkneemster] verschijnt niet of nauwelijks bij de arbo-arts, zij wenst niet mee te werken aan een door Analytico aangevraagd deskundigenoordeel bij het UWV, alle verdere pogingen van Analytico om contact met [werkneemster] te krijgen zijn mislukt, en een voorgesteld mediation-traject is door gebrek aan medewerking van [werkneemster] niet op gang gekomen.

Tussen partijen zijn problemen ontstaan nadat [werkneemster] tijdens haar beoordelingsgesprek op 9 maart 2007 te horen heeft gekregen dat Analytico niet tevreden is over haar functioneren. Een door [werkneemster] ingediende klacht bij de directie met betrekking tot dit gesprek is ongegrond verklaard. Voorgesteld is vervolgens om een gesprek te plannen teneinde de bezwaren uit te spreken zodat de samenwerking in de toekomst goed kon worden voortgezet. [werkneemster] heeft zich toen ziek gemeld.

[werkneemster] voert verweer. Zij stelt dat haar gezondheid ernstige schade heeft opgelopen door het handelen en het intimiderende gedrag van het personeel van Analytico. Zij is niet in staat om contact te hebben met Analytico omdat dit haar herstel tegen zal werken. Om die reden is zij ook niet verschenen op de in deze zaak geplande mondelinge behandeling. Gebleken is ook dat de bedrijfsartsen die zij bezocht heeft onjuiste informatie gaven, hetgeen eveneens herstelbelemmerd voor [werkneemster] is geweest. Eerst wanneer haar gezondheidstoestand verbeterd is, zal zij meewerken aan een bemiddelingsgesprek. Haar gezondheidstoestand heeft haar er ook van weerhouden een loonvorderingsprocedure op te starten.

De beoordeling

Beoordeeld dient te worden of de arbeidsovereenkomst moet worden ontbonden.

Op de voet van artikel 7:685 lid 1 van het B.W. dient de kantonrechter zich er eerst van te vergewissen of het ontbindingsverzoek verband houdt met het bestaan van een opzegverbod.

De enkele omstandigheid dat [werkneemster] arbeidsongeschikt is staat niet zonder meer de toewijsbaarheid van het verzoek in de weg. Wanneer er een andere gewichtige reden dan ziekte is, kan een verzoek desondanks toch worden toegewezen.

De kantonrechter is van oordeel dat het verzoek geen verband houdt met een opzegverbod nu de grondslag van de door Analytico gevraagde ontbinding van de arbeidsovereenkomst niet de arbeidsongeschiktheid van [werkneemster] is, maar haar onwillige houding om mee te werken aan het reïntegratietraject waaraan zij, op grond van de Wet Verbetering Poortwachter, gehouden is mee te werken.

[werkneemster] heeft in haar verweerschrift gesteld dat zij arbeidsongeschikt is, doch zij heeft zich niet beroepen op een opzegverbod. Wel erkent [werkneemster] expliciet dat zij thans niet voornemens is enige actie te ondernemen richting de werkgever, omdat haar gezondheidsproblemen dat in haar ogen niet toelaten.

Tussen partijen bestaat een verschil van inzicht omtrent de arbeidsongeschiktheid van [werkneemster]. Analytico weerspreekt, bij gebrek aan wetenschap, de arbeidsongeschiktheid van [werkneemster], aangezien [werkneemster] zich ziek heeft gemeld naar aanleiding van een arbeidsconflict en zij op geen enkele wijze opheldering omtrent haar ziekte wil geven. De bedrijfsarts heeft aangegeven geen afgerond oordeel te geven over de arbeidsongeschiktheid van [werkneemster]. [werkneemster] heeft aan de bedrijfsarts geen machtiging willen afgeven opdat deze informatie kon inwinnen bij haar behandelend arts. [werkneemster] heeft niet mee willen werken aan het door Analytico aangevraagde deskundigenoordeel.

[werkneemster] heeft wel zelf een deskundigenoordeel bij het UWV aangevraagd; het oordeel was dat [werkneemster] op 4 mei 2007 arbeidsongeschikt was. De kantonrechter is van oordeel dat [werkneemster] daarmee thans niet meer kan volstaan. Van de kant van [werkneemster] is op geen enkele manier aannemelijk gemaakt dat zij na 4 mei 2007 niet in staat was op enig moment een aanvang te maken met haar reïntegratie.

Bij het verweerschrift heeft [werkneemster] een kopie overgelegd van een blok tekst waaronder de handtekening staat van [naam verzekeringsarts], verzekeringsarts. Weliswaar staat in die tekst te lezen dat onderzoek naar de reïntegratie zinloos is, doch deze tekst zal bij de beoordeling buiten beschouwing blijven. Niet te achterhalen is of de tekst betrekking heeft op [werkneemster], wat de context van de betreffende zinsneden is en van welke datum de tekst is

Daargelaten wat de oorzaak van de arbeidsongeschiktheid van [werkneemster] is, de werkgever zal moeten trachten haar op termijn, voorzover zij daartoe geschikt wordt geacht door de bedrijfsarts, te laten reïntegreren. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft Analytico voldoende ondernomen om [werkneemster] tot reïntegratie te bewegen. Analytico heeft zelfs op enig moment de loonbetalingen aan [werkneemster] opgeschort teneinde haar er op die manier toe te bewegen haar reïntegratie op te pakken. Ook hierop heeft [werkneemster] niets ondernomen. Toch blijkt uit het verweerschrift dat [werkneemster] op de hoogte is van het feit dat zij tegen de loonopschorting rechtsmiddelen kon aanwenden, doch zij heeft om haar moverende redenen er voor gekozen dit niet te doen. Dit dient voor haar rekening en risico te komen.

Niet valt in te zien wat van Analytico verder nog verwacht had mogen worden.

De kantonrechter is van oordeel dat de reïntegratie niet lukt omdat [werkneemster] zich telkenmale afmeldt en zich op die manier ongrijpbaar maakt.

Ter zitting heeft Analytico nog aangegeven dat de samenwerking met [werkneemster] voor haar ziekmelding al te wensen overliet. [werkneemster] paste zelf haar werktijden aan en zij hield zich niet aan afspraken. Een gesprek voeren was moeizaam omdat [werkneemster] zich vaak beriep op haar geloofsovertuiging, waardoor zij bepaalde dingen niet kon of mocht.

Op grond van het bovenstaande komt de kantonrechter tot de slotsom dat er tussen partijen te veel is gebeurd om nog een vruchtbare samenwerking te verwachten bij een terugkeer op termijn van [werkneemster]. Dit kan niet aan Analytico worden toegerekend en dient voor rekening van [werkneemster] te blijven.

[werkneemster] heeft een reële kans gehad haar materiële belangen in de ontbindingsprocedure te (doen) behartigen. Zij had immers, zelfs in de door haar geschetste moeilijke omstandigheden, haar echtgenoot of een gemachtigde ter zitting haar positie kunnen doen toelichten. Uit de door haar overgelegde correspondentie blijkt niet dat zij niet bij machte is de consequenties van één en ander te overzien. [werkneemster] had niet zo maar, zonder meer, er van uit mogen gaan dat zij rustig kon afwachten totdat zij zichzelf voldoende hersteld achtte om te trachten te reïntegreren.

Het verzoek tot ontbinding is dus gegrond en kan worden toegewezen.

Vervolgens dient beoordeeld te worden of aan [werkneemster] een vergoeding dient te worden toegekend.

Door Analytico is geen vergoeding aangeboden.

De kantonrechter ziet aanleiding aan [werkneemster] geen vergoeding toe te kennen.

[werkneemster] heeft moeten begrijpen dat er serieuze kritiek was op haar functioneren en dat het klaarblijkelijk niet langer goed mogelijk was om met haar samen te werken. Niet valt in te zien wat Analytico nog meer had kunnen doen om [werkneemster] als werknemer te behouden.

Op grond van het voren overwogene dient te worden beslist als hieronder te vermelden.

De kantonrechter is van plan de arbeidsovereenkomst te ontbinden met ingang van 1 november 2007 en daarbij aan [werkneemster] geen vergoeding toe te kennen.

Omdat geen vergoeding wordt toegekend hoeft Analytico geen gelegenheid het verzoek in te trekken.

De proceskosten zullen worden gecompenseerd.-

De beslissing

De kantonrechter

ontbindt de arbeidsovereenkomst met ingang van 1 november 2007;

compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;

Deze beschikking is gegeven door de kantonrechter mr. drs. L.A. van Son en in het openbaar uitgesproken op 24 oktober 20007.