Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2007:BB0204

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
26-06-2007
Datum publicatie
24-07-2007
Zaaknummer
155866
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Voor de beoordeling van de gevraagde rectificatie van de brieven van 18 en 25 april 2007 aan Atari dient de vraag beantwoord te worden of gedaagden met het schrijven van die brieven onrechtmatig jegens eisers hebben gehandeld. Omdat eisers rectificatie vorderen van drie door gedaagden in de gewraakte brieven aan de orde gestelde punten, zullen die hierna afzonderlijk worden beoordeeld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 155866 / KG ZA 07-287

Vonnis in kort geding van 26 juni 2007

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

JES GAMES B.V.,

gevestigd te Blaricum,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

WOEDEND! GAMES B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eisers bij dagvaarding van 4 juni 2007,

procureur mr. L. Paulus,

advocaten mrs. A.P. Groen en L.P. Keijzer te Amsterdam,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

YVE HOLDING B.V.

gevestigd te Velp (gemeente Rheden),

2. [gedaagde 2]

wonende te [woonplaats]

gedaagden,

advocaat mr. T. Kressin te Utrecht.

Partijen worden afzonderlijk hierna respectievelijk JES Games, Woedend! Games, YVE Holding en [gedaagde 2] genoemd.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de mondelinge behandeling.

- de pleitnota van eisers

- de pleitnota van gedaagden.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. [gedaagde 2] heeft bij notariële akte op 9 januari 2004 een document van twee pagina’s in bewaring gegeven aan notaris [(naam notaris)] te Lochem. In dat document staat onder andere het idee dat meisjes kunnen (leren) paardrijden door middels van een computerspel waarin zij als het ware zelf op het paard zitten en dat paard berijden. Voor de ontwikkeling van een dergelijk spel is [gedaagde 2] in contact gekomen met [Naam] Beheer B.V. en Beheermaatschappij [beheermaatschappij] B.V. Tezamen met die vennootschappen heeft YVE Holding, de houdstermaatschappij van [gedaagde 2], voor de ontwikkeling van computerspellen op 21 januari 2005 JES Games opgericht. Bij de oprichting zijn YVE Holding, [Naam] Beheer en Beheermaatschappij [beheermaatschappij] ieder voor 1/3 gedeelte aandeelhouder van JES Games geworden. YVE Holding is bij de oprichting van JES Games benoemd tot bestuurder.

2.2. In art. 11 van de statuten van JES Games staat onder meer:

1. Het bestuur heeft vooraf goedkeuring nodig van de algemene vergadering van

aandeelhouders voor bestuursbesluiten strekkende tot:

(…)

j. in het algemeen het aangaan van alle handelingen, andere dan hiervoor gemeld, waarvan het belang of de waarde een bedrag van VIJFTIG DUIZEND EURO, of zoveel meer of minder als door de algemene

vergadering van aandeelhouders wordt vastgesteld, te boven gaat.

2. Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door of tegen derden geen beroep worden gedaan.

2.3. In art. 14 van de statuten is onder andere opgenomen:

6. Ongeacht of een vergadering is voorgeschreven, kunnen besluiten van aandeelhouders, in plaats van in algemene vergaderingen van aandeelhouders, ook schriftelijk worden genomen, mits alle aandeelhouders zich schriftelijk – waaronder begrepen telegrafisch, per telexbericht of per telefax – omtrent het voorstel hebben geuit en het besluit met algemene stemmen wordt genomen (…).

2.4. Namens JES Games in oprichting is op 20 januari 2005 een management-overeenkomst gesloten met YVE Holding. In artikel 1 van die overeenkomst is bepaald dat YVE Holding als opdrachtnemer het creatieve management voert bij opdrachtgever JES Games. Op grond van artikel 2 is de overeenkomst aangegaan voor onbepaalde tijd met een opzegtermijn van twee maanden. Artikel 3 sub a j° sub d bepaalt dat de opdrachtnemer na goedkeuring van de opdrachtgever een of meer personen ter beschikking stelt om het management over de opdrachtgever te voeren, in het bijzonder door leiding te geven aan het creatieve gedeelte van de onderneming van de opdrachtgever die zich bezighoudt met de ontwikkeling en exploitatie van computerspellen. YVE Holding heeft met instemming van JES Games [gedaagde 2] aangesteld als creatief manager van JES Games.

2.5. JES Games heeft op enig moment Woedend! Games ingeschakeld voor de ontwikkeling van een computerspel over paardrijden.

2.6. In de notulen van de algemene vergadering van aandeelhouders van JES Games d.d. 31 maart 2005 staat dat met algemene stemmen is besloten YVE Holding te ontslaan als bestuurder van JES Games en [Naam] Beheer te benoemen tot bestuurder. De notulen zijn namens alle aandeelhouders (van destijds) ondertekend. [gedaagde 2] heeft dat gedaan voor YVE Holding. Namens [Naam] Beheer zijn de notulen ondertekend door de heer D.J. [betrokkene] (hierna [betrokkene]).

2.7. Bij brief van 30 november 2006 aan YVE Holding heeft [betrokkene] namens JES Games de managementovereenkomst opgezegd per 31 december 2006.

2.8. [betrokkene] heeft namens Woedend! Games en JES Games een overeenkomst getekend, gedateerd 27 maart 2007, waarbij deze voor € 1.600.000,00 exclusief royalties de verdere ontwikkeling van het paardrijdcomputerspel, genaamd Horse! opdragen aan spellenproducent Atari Europe Sasu (hierna: Atari) en waarbij zij de rechten op dat spel verkopen aan Atari.

2.9. Bij brief van hun raadsman van 18 april 2007 hebben gedaagden aan Atari onder meer geschreven:

Mrs [gedaagde 2], director and shareholder of YVE Holding B.V. (“YVE Holding”)

has requested us to provide legal advise with respect to JES Games B.V. (“JES

Games)” a company with which Atari is about to enter into contract, and with

respect to her rights concerning the computer game ‘Horse’.

‘Horse’ is a computer game developed at the request and the expense of JES

Games. We have learned that JES Games recently has signed a contract with

Atari to sell this game for about EUR 1.6 million. For your information, we are not

familiar with the details of the contract. We have also learned that the game has

already been delivered to Atari, but that Atari has not signed the contract yet.

Before Atari proceeds to sign the contract, we would like to indicate the following

three different aspects concerning the sales contract.

1. Mrs [gedaagde 2] is the author, or at least co-author of the game ‘Horse’.

Consequently the full copyright of ‘Horse’ is not transferable to Atari

without [gedaagde 2]’s consent, which has not been requested, nor obtained

by JES Games.

2. The managing director of JES Games is not authorized to sell ‘Horse’ to

Atari, since the required approval of the shareholders’ meeting is

lacking.

3. It is under the discussion and therefore questionable whether JES Games

has been duly represented at the time the contract with Atari was signed.

We deem it in our client’s interest, but just as much in Atari’s interest, to make you

aware of the above-mentioned aspects In the following more detailed information

will be given on these aspects.

2.10. Voorts heeft de raadsman van gedaagden bij brief van 25 april 2007 aan Atari onder andere geschreven:

In addition to our letter dated on April 18, 2007, we would like to emphasize our

client’s interest concerning the computer game ‘Horse’.

As we have already informed you, our client Mrs [gedaagde 2] is (co-)author of

aforementioned computer game. This implies that Mrs [gedaagde 2] has the

copyright on ‘Horse’. As you may understand, it is of great importance that Mrs

[gedaagde 2]s’s copyright on this game is well protected and not infringed by third

parties.

In order to avoid arising of disputes between our client and Infogrames

Entertainment SA, it is necessary to make sure that Infogrames Entertainment SA

will remain from developing or exploiting the computer game, and from any other

infringement on Mrs [gedaagde 2]’s copyright. Therefore we kindly ask you to have

enclosed ‘commitment of refrain’ duly undersigned. Please note that in case

Infogrames Entertainment SA is reluctant to undersign the ‘commitment of refrain’

our client is compelled to take appropriate steps in order to protect her copyright

on ‘Horse’.

2.11. Atari heeft de overeenkomst van 27 maart 2007 over de verkoop van Horse! nog niet getekend.

3. Het geschil

3.1. Eisers vorderen dat de voorzieningenrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad,

a. YVE Holding en/of [gedaagde 2] gebiedt binnen 24 uur na betekening van dit vonnis Atari een brief te sturen zowel per reguliere post als per telefax aan de directie van Infogrames Entertainment SA Atari Europe Sasu (ter attentie van Mr. [xxx], Ms [xxx]) met uitsluitend de volgende inhoud:

“Dear Madam, dear Sir,

Please be informed that by judgment of [date] 2007, the Judge of the District Court of Arnhem in interlocutory injunction proceedings ruled that by sending Atari Europe Sasu (“Atari”) the letters dated 18 and 25 april 2007, YVE Holding and E. [gedaagde 2] acted wrongfully against JES Games B.V. and Woedend! Games B.V.

Please also be informed that contrary to the claim in those letters E. [gedaagde 2] is not the author nor the co-author of the Horse game, the managing director of JES Games B.V. was authorised to sell ‘Horse’ to Atari, and YVE Holding B.V. was not the managing director of JES Games B.V.

From our point of view there is no longer any reason for Atari not to send back a signed copy of the contract of 27 March 2007 to JES Games.

We apologise for the inconvenience our letters posed on Atari.

Kind regards,

Elsa [gedaagde 2]

YVE Holding B.V.”

althans een brief waarin afstand wordt gedaan van de litigieuze

mededelingen in de brieven van 18 en 25 april 2007 aan Atari en waarvan

de inhoud is vastgesteld door de voorzieningenrechter,

zulks met afschrift van deze brief per gelijke post te versturen aan de raadsman van JES Games en Woeden! Games, en zulks op straffe van een dwangsom van € 25.000,00 voor iedere dag of een gedeelte van een dag dat YVE Holding en/of [gedaagde 2] geheel of gedeeltelijk in gebreke blijft met de naleving van dit gebod;

b. YVE Holding en [gedaagde 2] veroordeelt in de kosten van dit geding.

3.2. Eisers leggen aan de vorderingen ten grondslag dat gedaagden met het schrijven van de brieven van 18 en 25 april 2007 aan Atari, onrechtmatig jegens eisers hebben gehandeld. Zij voeren daarvoor aan dat gedaagden ten onrechte in die brieven hebben geschreven dat:

- [gedaagde 2] rechthebbende is van het auteursrecht op Horse!,

- de algemene vergadering van aandeelhouders geen goedkeuring heeft gegeven voor de

verkoop van Horse!

- en dat de koopovereenkomst van 27 maart 2007 niet door een daartoe bevoegd persoon namens Jes Games en Woedend! Games is ondertekend.

Eisers stellen dat gedaagden met deze handelwijze de verkoop van Horse! in gevaar hebben gebracht en daarmee de mogelijkheid om de investeringen terug te verdienen die zijn gedaan zijn voor de ontwikkeling van Horse!. Atari is immers volgens eisers de enige spellenfabrikant die Horse! op de markt wil brengen en Atari heeft te kennen gegeven dat de koop pas doorgaat als gedaagden bij rectificatiebrief terugkomen op hun gedane mededelingen. Eisers vrezen dat als een dergelijke brief niet spoedig wordt verstuurd, Atari haar interesse in Horse! zal verliezen.

3.3. Gedaagden voeren verweer. Hierna zal, voor zover nodig nader op de stellingen van partijen worden ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Het spoedeisend belang bij de vorderingen blijkt voldoende uit de stellingen van eisers.

4.2. Voor de beoordeling van de gevraagde rectificatie van de brieven van 18 en 25 april 2007 aan Atari dient de vraag beantwoord te worden of gedaagden met het schrijven van die brieven onrechtmatig jegens eisers hebben gehandeld. Omdat eisers rectificatie vorderen van drie door gedaagden in de gewraakte brieven aan de orde gestelde punten, zullen die hierna afzonderlijk worden beoordeeld.

Auteursrecht

4.3. Partijen zijn het erover eens dat Horse! een werk is dat auteursrechtelijk is beschermd. De voorzieningenrechter volgt partijen daarin en zal aannemen dat Horse! een auteursrechtelijk beschermd werk is.

4.4. Het auteursrecht op een werk geeft in beginsel de maker van dat werk het uitsluitend recht om het werk openbaar te maken of te verveelvoudigen, behoudens de beperkingen bij de wet gesteld (art. 1 Aw). Het is over de vraag wie de maker is van Horse! in de zin van de Auteurswet, dat partijen strijden.

4.5. Behoudens tegenbewijs wordt voor de maker gehouden hij die op of in het werk als zodanig is aangeduid, of bij gebreke van een dergelijke aanduiding, degene die bij de openbaarmaking van het werk als maker daarvan is bekend gemaakt door hem die het werk openbaar maakt (art. 4 Aw). Van de zijde van eisers zijn kleurenprints overgelegd van afbeeldingen die in het spel Horse! te zien zijn, als ook een kleurenprint van de dvd Horse! en van de dvdbox. Op deze afdrukken staat de naam Woeden! Games. Dat is opmerkelijk omdat partijen er over twisten of het auteursrecht aan JES Games of [gedaagde 2] toekomt.

Eisers hebben in dat kader verklaard dat het er nog niet van is gekomen om het auteursrecht van Woedend! Games over te dragen aan JES Games, maar dat het van meet af aan de bedoeling was en nog steeds is dat het auteursrecht op Horse! toebehoort aan JES Games.

Wat daarvan zij, de naam [gedaagde 2] of YVE Holding staat in ieder geval niet op overgelegde prints. Dit betekent dat tenzij gedaagden het tegendeel bewijzen, Woedend! Games op grond van art. 4 Aw voor de maker van Horse! moet worden gehouden.

Voorts kan gesteld worden dat aan de vermelding van de maker op de dvd met toebehoren geen enkele aanwijzing ontleend kan worden voor het door gedaagden gestelde auteursrecht van [gedaagde 2].

4.6. Gedaagden baseren het ‘makerschap’ van [gedaagde 2] op art. 6 Aw. Zij stellen dat sprake is van een ontwerp van [gedaagde 2] en dat Horse! op basis van dit ontwerp en onder haar leiding en toezicht is gemaakt. Ten aanzien van het ontwerp van [gedaagde 2] hebben gedaagden toegelicht dat er weliswaar diverse paarden computerspellen op de markt zijn, maar dat het ontwerp van [gedaagde 2] zich kenmerkt doordat Horse! een realistisch en zogeheten “first person” spel is, dat wil zeggen een computerspel dat wordt gespeeld vanuit het gezichtspunt van de speler waardoor het voor de speler lijkt alsof hij – in dit geval – zelf op een paard zit. Gedaagden beroepen zich in dat kader op de inbewaringgeving op 9 januari 2004 van het idee voor een dergelijk spel door [gedaagde 2] bij notaris [(naam notaris)]. Vervolgens is Horse!, aldus gedaagden, naar aanleiding van het idee van [gedaagde 2] en onder haar leiding en toezicht tot stand gekomen bij JES Games door toedoen van daarvoor door JES Games ingehuurde medewerkers van Woedend! Games. Gedaagden voeren hiervoor aan dat [gedaagde 2] als creatief manager de medewerkers van Woedend! Games heeft meegenomen naar maneges om aan hen te tonen hoe een en ander eruit moest komen te zien in Horse! en dat [gedaagde 2] twee dagen per week bij Woedend! Games aanwezig was om er voor te zorgen dat Horse! overeenkomstig haar idee zou worden vervaardigd.

4.7. Voor zover gedaagden met hun beroep op de inbewaringgeving van ideeën bij notaris [(naam notaris)] hebben betoogd dat de reeds gedeponeerde ideeën auteursrechtelijk zijn beschermd, faalt dat verweer. Slechts wanneer een idee is uitgewerkt in een concrete uiting kan het bescherming als werk in de zin van de Auteurswet genieten (vgl. HR 29 december 1995, NJ 1996, 546 (Decaux/Mediamax; Stadsmeubilair)). De overgelegde kopie van het document dat [gedaagde 2] op 9 januari 2004 bij de notaris heeft gedeponeerd, bevat wel het idee voor een spel waarin de speler als het ware zelf paardrijdt in een realistische omgeving – er wordt de vergelijking met een flight simulator gemaakt – maar dat idee wordt in het document niet, althans onvoldoende, geconcretiseerd. Er wordt niet gedetailleerd beschreven hoe het spel eruit moet komen te zien. Daardoor is het document geen werk met een eigen oorspronkelijk karakter dat het persoonlijk stempel van de maker draagt (vgl. HR 4 januari 1991, NJ 1991, 608 (Van Dale/Romme)). Dit geldt te meer omdat gedaagden niet de stelling van eisers hebben weersproken dat er al realistische “first person” computer paardrijdspellen op de markt waren vóórdat [gedaagde 2] haar ideeën heeft gedeponeerd.

4.8. Het beroep dat gedaagden doen op art. 6 Aw slaagt niet. Voor een geslaagd beroep op art. 6 Aw moet aannemelijk zijn dat Horse! is gemaakt naar een geheel of gedeeltelijk ontwerp van [gedaagde 2]. Gedaagden stellen dat wel maar onderbouwen die stelling niet.

Zij hebben niets overgelegd waaruit dat blijkt. Dat [gedaagde 2] medewerkers van Woedend! Games heeft meegenomen naar maneges is onvoldoende om aan te nemen dat Horse! door [gedaagde 2] is ontworpen. De bezoeken kunnen ook bedoeld zijn geweest om de ontwerpers van Woedend! Games een beeld te geven van [gedaagde 2]s idee zodat de ontwerpers van Woedend! Games beter in staat zouden zijn om op basis van dat – zoals hiervoor is overwogen – op zichzelf niet auteursrechtelijk beschermde idee, zelf een ontwerp voor Horse! te maken. Ook het enkele feit dat [gedaagde 2] was aangesteld als creatief manager en haar kennelijk regelmatige aanwezigheid bij Woedend! Games – waarbij partijen erover twisten hoe vaak en hoe lang [gedaagde 2] aanwezig was in de studio van Woedend! Games – is onvoldoende om aan te nemen dat Horse! de creatie van [gedaagde 2] is. Gedaagden hebben voorts geen spelontwerpen van de hand van [gedaagde 2] in het geding gebracht, maar enkel het door [gedaagde 2] gedeponeerde, niet auteursrechtelijk beschermde, idee voor een spel als Horse!. Samengevat is, voorlopig geoordeeld, geen sprake van een ontwerp van [gedaagde 2] dat onder haar leiding en toezicht is vervaardigd.

4.9. Het vorenstaande leidt ertoe dat het er voorlopig geoordeeld voor moet worden gehouden dat de mededelingen aan Atari over [gedaagde 2]s (co-) auteurschap van Horse! niet juist waren.

Goedkeuring aandeelhoudersvergadering

4.10. Niet in geschil is dat het besluit van JES Games om de voorgenomen transactie met Atari aan te gaan, een besluit is dat op grond van art. 11 lid 1 sub j van de statuten voorafgaande goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders behoeft. Waar partijen over twisten is of de algemene vergadering van aandeelhouders van JES Games die goedkeuring heeft gegeven. Evenwel kan in dit kort geding in het midden blijven of die goedkeuring wel of niet is gegeven. Waar het om gaat is of gedaagden er een gerechtvaardigd belang bij hadden Atari te wijzen op het statutaire goedkeuringsvereiste en daarop hun visie te geven, te weten dat de goedkeuring van de aandeelhouders ontbreekt.

4.11. Het goedkeuringsvereiste zoals neergelegd in art. 11 lid 1 sub j van de statuten is een bepaling die voor bepaalde handelingen van het bestuur de goedkeuring voorschrijft van de algemene vergadering van aandeelhouders. Op grond van art. 2:240 lid 3 BW, dat bepaalt dat een wettelijk toegelaten of voorgeschreven beperking of voorwaarde voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging slechts door de vennootschap kan worden ingeroepen, levert de bepaling in art.11 lid 1 sub j van de statuten geen beperking op van de vertegenwoordigingsbevoegdheid die het bestuur krachtens art. 2:240 lid 1 en 2 BW toekomt. Als het bestuur van JES Games art. 11 lid 1 sub j van de statuten bij de verkoop van Horse! aan Atari niet zou hebben nageleefd, dan houdt dat in dat het bestuur in strijd heeft gehandeld met een interne instructie van de vennootschap. In dat geval heeft het bestuur jegens de vennootschap wanprestatie gepleegd, maar de vennootschap wordt wel gebonden aan de verkoop. Het is echter slechts de vennootschap die zich op grond van

art. 11 lid 2 van de statuten kan beroepen op het goedkeuringsvereiste.

4.12. Het hiervóór overwogene brengt mee dat gedaagden geen rechtens te respecteren belang hadden bij het doen van mededelingen aan Atari over de statutaire goedkeurings-bepaling. Dat zij Atari hebben willen behoeden voor een onrechtmatige daad jegens gedaagden, althans [gedaagde 2], namelijk door gebruik te maken van de gestelde tekortkoming van JES Games, overtuigt niet en rechtvaardigt deze mededelingen niet.

Vertegenwoordigingsbevoegdheid

4.13. Partijen twisten over de bevoegdheid van [betrokkene] om JES Games te kunnen vertegenwoordigen. Volgens eisers was [betrokkene] bevoegd om namens [Naam] Beheer voor JES Games de verkoopovereenkomst te ondertekenen omdat [Naam] Beheer op 31 maart 2005 is benoemd tot bestuurder van JES Games en YVE Holding destijds is ontslagen als bestuurder. Gedaagden stellen zich daarentegen op het standpunt dat op 31 maart 2005 geen rechtsgeldig ontslag- en benoemingsbesluit is genomen, zodat YVE Holding nog steeds de bestuurder is van JES Games.

4.14. Partijen zijn het erover eens dat de aandeelhouders van JES Games niet op 31 maart 2005 bijeen zijn geweest om te vergaderen. Er zijn slechts notulen opgesteld die ter ondertekening aan de aandeelhouders zijn toegezonden. Alle aandeelhouders hebben de notulen vervolgens getekend. Anders dan gedaagden stellen, volgt uit deze handelwijze niet dat er geen rechtsgeldige besluiten, gedateerd 31 maart 2005, kunnen zijn genomen.

Het bepaalde in art.14 lid 6 van de statuten, dat is geënt op art. 2:238 BW, biedt immers de mogelijkheid om ook buiten vergadering besluiten te nemen. Voorwaarde daarbij is dat de stemmen schriftelijk uitgebracht worden en dat het besluit met algemene stemmen wordt genomen. De aan de aandeelhouders toegestuurde concept notulen bevatten de besluiten tot ontslag van YVE Holding en de benoeming van [Naam] Beheer tot bestuurder van JES Games. Alle aandeelhouders hebben hierdoor kennis kunnen nemen van de voorgenomen besluiten. Vervolgens hebben zij daarmee ingestemd, nu namens ieder van de aandeelhouders de notulen zijn getekend. Dit betekent dat de aandeelhouders schriftelijk en met algemene stemmen de besluiten hebben genomen die in de notulen staan. Daarmee is in overeenstemming met art. 14 lid 6 van de statuten gehandeld en zijn naar het oordeel van de voorzieningenrechter de besluiten, gedateerd 31 maart 2005, rechtsgeldig genomen.

Dat [gedaagde 2], zoals gedaagden hebben betoogd, niet mondeling is gehoord over de besluiten, doet aan het vorenstaande niet af. [gedaagde 2] had er voor kunnen kiezen om de notulen niet te tekenen en bezwaar te maken. Dat heeft zij niet gedaan, toen niet en in de periode daarna evenmin.

4.15. Het vorenstaande betekent dat op 27 maart 2007 [Naam] Beheer de bestuurder was van JES Games. Gesteld noch gebleken is dat [betrokkene] [Naam] Beheer niet kon vertegenwoordigen op 27 maart 2007. De slotsom van één en ander is dan ook dat [betrokkene] namens [Naam] Beheer bevoegd was om bij de overeenkomst van 27 maart 2007 JES Games te vertegenwoordigen. De andersluidende mededelingen van gedaagden in de brieven

van 18 en 25 april 2007 aan Atari zijn naar het oordeel van de voorzieningenrechter daarom niet juist.

Conclusie

4.16. Uit het vorenstaande volgt dat in dit kort geding moet worden aangenomen dat in de brieven van 18 en 25 april 2007 onjuiste mededelingen staan, dan wel mededelingen die mogelijk niet onwaar zijn, maar ter zake waarvan gedaagden geen in rechte te respecten belang hadden om die te doen. Nu het voorts aannemelijk is dat als gevolg van deze brieven de voorgenomen transactie met verkoop van Horse! aan Atari in gevaar is en dat eisers schade zullen lijden als die transactie niet doorgaat, is de slotsom dat gedaagden met het schrijven van de brieven van 18 en 25 april 2007 onrechtmatig hebben gehandeld jegens eisers. De vorderingen zullen daarom worden toegewezen, op de wijze als hierna vermeld.

Ambtshalve zal de dwangsom worden beperkt als hierna bepaald.

4.17. Gedaagden zullen als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van dit kort geding worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van eisers worden tot op heden begroot op:

- kosten dagvaarding € 70,85

- vast recht 251,00

- salaris procureur 816,00

Totaal € 1.137,85

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. veroordeelt gedaagden om binnen twee werkdagen na betekening van dit vonnis Atari een brief te sturen, zowel per reguliere post als per faxbrief, gericht aan Infrogrames Entertainment SA, Atari Europe Sasu (ter attentie van Mr F. [xxx] en Ms V. [xxx]) met uitsluitend de volgende inhoud:

“Dear Madam, dear Sir,

Please be informed that by judgment of 26 June 2007, the Judge of the District Court of Arnhem in interlocutory injunction proceedings held that no legal basis exists for the claims of YVE Holding and [gedaagde 2] in the letters dated 18 and 25 april 2007, and that YVE Holding and [gedaagde 2] therefore acted wrongfully against JES Games B.V. and Woedend! Games B.V. by sending these letters to Atari.

Please also be informed that in the context of these interlocutory injunction proceedings the judge held, as a preliminary decision, that E. [gedaagde 2] is not the author or the co-author of ‘Horse!’ and that the managing director of JES Games B.V. was authorised to enter into the agreement dated 27 March 2007 between Woedend! Games and JES Games on the one hand and Atari on the other hand.

From our point of view there is no longer any reason for Atari not to send back a signed copy of the contract of 27 March 2007 to JES Games.

We apologise for the inconvenience our letters posed on Atari.

Kind regards,

[gedaagde 2]

YVE Holding B.V.”

zulks met kopie van deze brief per gelijke post te sturen aan de raadsman van JES Games en Woedend! Games,

5.2. veroordeelt gedaagden aan eisers een dwangsom te betalen van € 25.000,00 voor iedere dag of een gedeelte van een dag dat gedaagden geen uitvoering geven aan de veroordeling onder 5.1. zulks met een maximum van in totaal € 1.000.000,00,

5.3. veroordeelt gedaagden in de kosten van dit kort geding, tot aan deze uitspraak aan de zijde van eisers begroot op € 1.137,85,

5.4. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.5. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.J. Blaisse en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier mr. M.J. Daggenvoorde op 26 juni 2007.