Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2007:BA5652

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
24-05-2007
Datum publicatie
24-05-2007
Zaaknummer
155106
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Innoforte moet gebreken in klimaatvoorziening van Casa Intermezzo vóór 1 augustus verhelpen

De voorzieningenrechter van de rechtbank Arnhem heeft vandaag in kort geding beslist dat Innoforte de gebreken in de klimaatvoorziening van Casa Intermezzo vóór 1 augustus a.s. moet verhelpen. In Casa Intermezzo worden de komende jaren tijdelijk ouderen verzorgd en verpleegd tijdens de periode van renovatie of nieuwbouw van het verzorgingshuis of verpleeghuis, waarin zij wonen. Insula Dei is een van de huurders van Innoforte, die eigenaar van het gebouw is en ook exploitant van enkele verzorgings- en verpleeghuizen. Insula Dei klaagde erover dat de temperatuur in de kamers niet te regelen was, dat er te veel tocht was en dat de zogenaamde fancoilunits te veel lawaai maakte. Ook klaagde zij erover dat de temperatuur in de gangen te hoog opliep. Innoforte dient vóór 1 augustus afdoende voorzieningen voor deze klachten te hebben getroffen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 155106 / KG ZA 07-248

Vonnis in kort geding van 24 mei 2007

in de zaak van

de stichting

STICHTING TOT BEHEER EN EXPLOITATIE VAN HET R.K. VERZORGINGSHUIS INSULA DEI,

gevestigd en kantoorhoudende te Arnhem,

eiseres,

procureur en advocaat mr. J.M. Heikens te Arnhem,

tegen

de stichting

STICHTING INNOFORTE,

gevestigd en kantoorhoudende te Velp, gemeente Rheden,

gedaagde,

procureur en advocaat mr. B. Martens te Arnhem.

Partijen zullen hierna Insula Dei en Innoforte genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- dagvaarding

- de mondelinge behandeling

- de pleitnota van Innoforte.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. Insula Dei en Innoforte zijn zorginstellingen. Insula Dei exploiteert onder meer een verzorgingshuis in Arnhem en Innoforte verpleeg- en verzorgingshuizen in Velp. Mede in verband met nieuwbouw en renovatie van de verzorgings- en verpleeghuizen van Innoforte en Insula Dei heeft Innoforte vergunning verkregen op grond van art. 6 van de Wet ziekenhuisvoorzieningen en een tijdelijke vrijstelling van het bestemmingsplan op grond van art. 19 Wet op de ruimtelijke ordening voor de bouw van tijdelijke huisvesting aan de Broekstraat 9 te Velp. De tijdelijke huisvesting heet Casa Intermezzo. Casa Intermezzo is gebouwd door De Groot Vroomshoop Bouwmaatschappij B.V. te Vroomshoop– hierna: De Groot. De installaties zijn aangelegd door Lammerink Installatiebedrijf B.V. te Ootmarsum – hierna: Lammerink. De fancoilunits zijn geleverd door Lennox Benelux B.V. te Nijkerk – hierna: Lennox. Innoforte liet zich bijstaan bij de bouwbegeleiding door SDB Consulting, afdeling Bouwadvies gezondheidszorg te Leidschendam - hierna: SDB. De technische installatietekeningen zijn vervaardigd door Intechno Consulting Engineers B.V. te Veenendaal – hierna: Intechno. Casa Intermezzo is in 2006 opgeleverd.

2.2. Insula Dei is huurder van de begane grond en de tweede en derde verdieping van Casa Intermezzo. De huurovereenkomst is ingegaan op 15 september 2006 en eindigt op 30 september 2008.

2.3. Op grond van artikel 1.2. van de huurovereenkomst is het gehuurde uitsluitend bestemd om te worden gebruikt voor huisvesting van, en zorgverlening aan personen (ouderen), die verzorging, verpleging en begeleiding behoeven, en die daarvoor geïndiceerd zijn. Krachtens de huurovereenkomst met Insula Dei dient het gehuurde als tijdelijke huisvesting en verzorging van circa 106 van haar bewoners gedurende de renovatie van de eigen vestiging van het verzorgingshuis te Arnhem.

2.4. Vanaf de aanvang van het gebruik van het gehuurde ondervinden de bewoners en het personeel van Insula Dei overlast in de klimaatvoorziening van het complex en geluidsoverlast van de buitenluchtkleppen. Insula Dei heeft Innoforte vanaf september 2006 van die klachten op de hoogte gesteld.

2.5. Op 23 november 2006 heeft een controle van de restpunten naar aanleiding van de oplevering plaatsgevonden. Uit de daarbij behorende staat van oplevering van 28 november 2006 wordt het volgende geciteerd:

“Grootste knelpunt blijft de klimaatbeheersing. Er ontbreekt een aantal thermostaten van kantoren die gebruikt zijn voor units van de appartementen, ook zijn er nog een aantal thermostaten die niet of niet goed functioneren. Daarnaast is de “tocht”problematiek in de appartementen nog niet verholpen evenals het probleem dat bij harde buitenwind dit binnen duidelijk voelbaar is.”

2.6. Uit het door SDB opgestelde verslag van besprekingen over de oplevering op 23 en 30 november 2006 wordt het volgende geciteerd:

“Klimaatbeheersing in het gebouw is niet optimaal. Op de bovenste twee etages is de temperatuur in de gangen en in de kantoorruimten hoog. Inregelen en vervangen van de thermostaten verloopt erg traag. Toch in de appartementen als gevolg van krachtige wind op de voorgevel. Het inregelen en vervangen van de thermostaten vindt plaats uiterlijk in week 49. De overige klimaat beheer-klachten worden in goed overleg besproken. Bezien wordt welke maatregelen binnen de garantiebepalingen getroffen kunnen worden.”

2.7. Op 11 december 2006 is een bespreking geweest tussen medewerkers van Innoforte, Lammerink, Lennox en Intechno over de problemen met de klimaatbeheersing. Uit het besprekingsverslag wordt het volgende geciteerd:

“2. Klimaatklachten

De volgende klachten zijn besproken:

1) fancoil-units veroorzaken tocht;

2) bediening van de fancoil-units is zeer lastig;

3) bij harde wind komen er ongecontroleerde luchtstromingen binnen die als tocht worden ervaren;

4) de buitenkleppen worden regelmatig open/dicht gestuurd wat als hinderlijk wordt ervaren;

5) hoe hoger men komt des te warmer het wordt.

3. 1) Fancoil-units veroorzaken tocht

(…)

Maandag 23 oktober heeft een bespreking plaatsgevonden met INT, INN, LAM en LEN waarbij een aantal rookproeven zijn gehouden. Daarbij is steeksproefsgewijs gekeken of de fancoil-units voldoet aan de gestelde voorwaarden. Uit de rookproef is gebleken dat de luchtsnelheid bij de bedden binnen de gestelde voorwaarde ligt. Echter de luchtsnelheid bij het raam is hoog zoals verwacht.

Om de tochtklachten te kunnen beperken wordt als proef op een 4-tal units een geperforeerde ‘deken’ gelegd om de lucht laminair uit te laten stromen. Deze mogelijke oplossing zal waarschijnlijk meer een psychologisch effect geven.

4. 2) Bediening fancoil-units

(…)

INT geeft aan dat in het bouwtraject bewust gekozen is om de units te vergrendelen. Dit omdat anders het systeem makkelijk kan worden verstoord. Tijdens de bespreking is besloten dat bewoners en werknemers toch zelf de unit moeten kunnen bedienen. Er zal een voorstel worden gemaakt (als proef) van een externe thermostaat waarbij een unit aan/uit kan worden geschakeld en waarbij de ruimtetemperatuur +/- 2°C kan worden versteld t.o.v. setpoint. Setpoint wordt gesteld op 22°C. Afgesproken is dat de proef wordt uitgevoerd op vier fancoil-units.

(…)

5. 3) Harde wind

(…) Oorzaak wordt door LEN bekeken.

6. 4) Open/dicht sturen buitenluchtkleppen

De buitenluchtkleppen worden vaak open en dicht gestuurd. LEN geeft aan dat dit te maken kan hebben met de laatste wijzigingen. De laatste wijzigingen houden indien er geen warmte/koude vraag is de unit uit gaat en de buitenklep wordt dicht gestuurd. Omdat bij het dichtsturen de klep tegen de unit slaat (ijzer op ijzer) veroorzaakt dit geluidshinder. LEN zal dit onderzoeken en nagaan of hiervoor een oplossing is.

7. 5) Temperatuursklachten

INN geeft aan dat hoe hoger men het gebouw betreedt, des te hoger de temperatuur zal zijn. Met name in de gangen, trappenhuizen en in de kantoren op de tweede en derde verdieping geeft dit problemen. (…) Op dit moment zijn op de bovenste verdieping de nooddeuren opengezet om de gang af te koelen.

Oorzaak is dat het interne ruimten betreft waarbij de ontwikkelde warmte niet weg kan. INT vraag aan LAM de revisiebescheiden en inregelrapportages van de luchtbehandelingsinstallatie om na te gaan of deze ruimten voldoende worden geventileerd. In de kantoren worden als proef door LEN mobiele koelunits geplaatst. Het gaat hierbij om totaal 6 stuks met vermogen van +/- 1 kW.”

2.8. Tijdens een bespreking op 18 januari 2007 zijn de proefmaatregelen geëvalueerd. Uit het verslag wordt het volgende geciteerd:

“3. 1) Fancoil-units veroorzaken tocht

(…)

Echter de bewoners zitten in de woonkamer zeer dicht naast de fancoil-unit en ervaren daar de uitstromende lucht als zeer hinderlijk. De lamellen op de bovenzijde van de fancoil-unit zijn namelijk gericht naar de ruimte. Lamellen gericht naar de ramen zijn niet door LEN te leveren.

In het kantoor van de heer [anoniem] (technische dienst) is een geïmproviseerde proef uitgevoerd. Dit houdt in dat de fancoil-unit aan de voor/bovenzijde wordt afgedekt en de lucht gedwongen wordt om via de spleet tussen de vensterbank en gevel alsmede via de zijkanten de ruimte in stroomt. Tijdens deze proef is geconstateerd dat de luchtsnelheid ter plaatse van een stoel, geplatst direct naast de fancoil-unit niet meer merkbaar aanwezig was. Ook de lucht die aan de zijkanten van de afdekking onder de vensterbank uitstroomde was op 10 cm vanaf de vensterbank niet meer merkbaar (zowel warme als koude lucht)

Na de bespreking (18-1-2007) wordt door LAM op de 4 proeflocaties een tijdelijke afscherming aangebracht.

4. 2) Bediening fancoil-units

Er is een externe thermostaat op de 4 proeflocaties geïnstalleerd waarbij de unit aan/uit kan worden geschakeld en waarbij de ruimtetemperatuur kan worden versteld van 19°C tot 24°C. De bediening van de thermostaat wordt door de bewoners als positief ervaren. (…)

5. 3) Harde wind

(…) Door LAM wordt achter het retourrooster aan de onderzijde van de unit een filter toegevoegd om een meer laminaire stroming met lagere luchtsnelheid te bewerkstelligen. Door LEN zal worden opgegeven wat de lekverliezen in gesloten stand van de buitenluchtklep mogen zijn (in % bij een bepaalde winddruk),

6. 4) Open/dicht sturen buitenluchtkleppen

Door LEN is op dit moment de buitenluchtklep handmatig vast gezet in de dichte stand. Door LEN wordt aangegeven dat zij inschatten dat er voldoende verse buitenlucht via de lekverliezen naar de ruimte wordt toegevoerd. Door INT is aangegeven dat een inschatting niet acceptabel is maar dat via een meting (bv. op het buitenluchtrooster) moet worden aangetoond dat vereiste hoeveelheid buitenlucht wordt toegevoerd. Dit geldt voor de diverse georiënteerde gevels bij geen druk op de gevel. Tevens dient de buitenluchtklep te worden geschakeld op basis van het aan/uit schakelen van de unit.

(…)

7. 5) Temperatuursklachten

In de interne kantoren zijn als proef door LEN mobiele koelunits geplaatst (6 stuks). INN geeft aan dat de temperatuur in de kantoren hiermee tot een aanvaardbaar niveau is gedaald.

2.9. Lammerink heeft op 12 februari 2007 een offerte aan Innoforte uitgebracht voor de plaatsing en montage van 410 acrylkappen en thermostaten voor € 166.713,00 exclusief BTW.

2.10. Lammerink heeft Lennox bij brief van 19 februari 2007 aansprakelijk gesteld voor onder meer de storingen aan de fancoil-units.

2.11. Innoforte heeft Raadgevend Technies Buro van Heugten bv te Nijmegen – hierna: Van Heugten – bij brief van 22 februari 2007 om een second opinion gevraagd over de problemen rondom de klimaatbeheersing. Uit de brief wordt het volgende geciteerd:

“In de praktijk bleek dat na enkele dagen de temperatuur niet te regelen was en tot de dag van vandaag het klimaat niet te beheersen is. De problemen zijn in grote lijnen: veroorzaken van tocht, bediening is zeer lastig, ongecontroleerde luchtstromen bij veel wind, buitenluchtkleppen veroorzaken geluidsoverlast, ontzettend warm vooral hoe hoger met in het gebouw komt. Bewoners en medewerkers ervaren het als een groot probleem waarin moeilijk geleefd en gewerkt kan worden.

De huidige fancoil-units voldoen niet aan de eisen en wensen die Innoforte voor ogen had.”

2.12. Van Heugten heeft op 2 mei 2005 haar definitieve rapport aan Innoforte gestuurd. Uit het rapport wordt het volgende geciteerd:

“7. Oorzaken klachten

De tochtverschijnselen die optreden hebben drie oorzaken:

- De eerste oorzaak is doordat er relatief koude buitenlucht door de buitenluchtaanzuigroosters aangezogen wordt. Deze buitenlucht komt samen met de retourlucht in een mengsectie terecht die in de fancoil zit. In de mengsectie wordt de buitenlucht met de retourlucht uit de ruimte gemengd. Vervolgens gaat deze gemengde lucht door de fancoil heen en wordt verwarmd. Echter doordat de retourlucht warm is en de buitenlucht koud, valt de buitenlucht bij binnen komen van de fancoil naar beneden, waardoor er weinig tot geen menging ontstaat met de retourlucht. De koude buitenlucht verlaat de fancoil over de vloer, waardoor er een koude luchtstroom over de vloer ontstaat, wat ervaren wordt als tocht.

- Een tweede oorzaak ontstaat doordat de fancoil teveel lucht (m3/hr) verplaatst. Daardoor kan de luchtsnelheid in bepaalde delen van de ruimte boven de 0,2 m/sec uitkomen, wat tochtver¬schijnselen kan veroorzaken. In de mengsectie wordt gemengde luchttemperatuur gemeten en wordt de fancoil aangestuurd op basis van deze referentietemperatuur. Hierdoor kan de fancoil op een hogere stand worden gesteld om de ruimte te verwarmen waardoor de luchtsnelheden zullen toenemen.

- De derde oorzaak wat tochtverschijnselen kan veroorzaken zijn de ongecontroleerde lucht¬stromingen die bij harde wind binnenkomen. Dit is een gevolg doordat de buitenluchtklep niet geregeld kan worden. Bij een hogere windbelasting op de gevel zullen er ongecontroleerde hoeveelheden lucht binnen komen. Bij windstil weer zal dit niet voorkomen.

Doordat in de ganggebieden geen afzuigsysteem geprojecteerd is wordt de vervuilde en opgewarmde lucht daar ook niet goed afgevoerd. Enkele ruimten direct gelegen aan de ganggebieden zuigen wel lucht af vanuit de gangen, echter is dit niet voldoende om aan de 200 m3/hr verversing volgens PVE te voldoen. Doordat er onvoldoende lucht wordt ververst, wordt het ook steeds warmer in de ganggebieden. De warme lucht stijgt op en daardoor wordt het ook steeds warmer naarmate men hoger in het gebouw komt.

De buitenluchtkleppen die regelmatig open en dicht worden gestuurd kan naar onze mening niet voorkomen, omdat de buitenluchtklep veerbediend is. De hinder waarover men spreekt kan een gevolg zijn van een wisselende winddruk op de gevel waardoor de buitenluchtklep gaat klapperen.

8. Conclusie

- De in het PVE gestelde uitgangspunten van Intechno voldoen aan de volgens bouwbesluit geldende normen.

- In het PVE staat beschreven onder 2.7.4 dat de buitenluchtkleppensectie uitgevoerd dient te worden met een servomotor, echter volgens mondelinge opgave van de fabrikant (zie de mail "kostenindicatie aanpassen fancoil units te Velp" d.d. 6-02-2007) is deze klep veerbediend. Dit is dus afwijkend van het gestelde in het PVE.

- In de mengsectie van de fancoil, waar de buitenlucht en de retourlucht worden gemengd, vindt onvoldoende menging plaats om de te voorkomen dat de koudelucht “valt". Onzes inziens is dit een constructief probleem van de fancoil.

- Het "piepend geluid" van de buitenluchtkleppen is een mechanisch probleem. Constructief is dit niet correct.

- De ganggebieden worden niet goed geventileerd. Volgens PVE dienen de ganggebieden 200 m3/hr geventileerd te worden. Doordat er geen afzuigsysteem geprojecteerd is in de ganggebieden, worden de gangen slechts sporadisch geventileerd (door een opslagruimte of bijruimte). Dit is echter onvoldoende om aan 200 m3/hr te voldoen. Hiermee wordt niet voldaan aan het gestelde in het PVE.

9. Aandachtspunten

Als toevoeging op de conclusie zijn er een aantal aandachtspunten:

- In het besprekingsverslag van Intechno met als referentienummer 104793-06-BS05, wordt onder punt 3 weergegeven dat de bewoners op één na geen tochtklachten meer ervaren door toepassing van een tijdelijke afscherming van de fancollunit. Bij de bewoner met de tocht¬klachten werd dit veroorzaakt door een slecht dichtende buitenluchtklep wanneer de fancoil uitgeschakeld was. Bij uitschakelen van de fancoilunit, blijft het afzuigsysteem nog in werking, wat inhoudt dat er nog steeds een onderdruk heerst in de ruimte. Het afzuigsysteem onttrekt dan nog steeds lucht vanuit de buitenluchtrooster.

Als men de buitenluchtrooster kan dichtzetten, wordt de ruimte ook niet meer conform PVE geventileerd, en voldoet de ruimte ook niet aan het bouwbesluit. Als ook het afzuigsysteem uitgeschakeld wordt, heerst er geen onderdruk meer in de ruimte, waardoor de buitenluchtklep op veerkracht dicht gaat.

- Vanwege de aanzuigroosters in de gevel van de verpleegkamers, dienen de fancoils dag en nacht in bedrijf te zijn. Dit is nodig om de buitenlucht te verwarmen en om tochtverschijnselen tegen te gaan. In de zomerperiode is dit minder van belang. Echter energetisch gezien is dit erg nadelig.

- Bijkomend verschijnsel is de mate van geluidsbelasting van de fancoilunits. In de bijlage zijn de geluidsniveaus's met bijbehorende ventilatorstanden te vinden. In de laagste stand geeft de installatie een geluidsvermogen af van 35 dB(A). De ruimtedemping in een verpleegruimte/ bewonerskamer is ongeveer 10 dB(A). Dit houdt in dat de fancoil in de kamer een geluids¬vermogen afgeeft van ongeveer 25 dB(A). Volgens de NEN 1070 (zie bijlage 2) is een referentiemaat voor het geluid in woon en slaapruimten ongeveer 25dB(A). Als de fancoilunit nu één stand hoger wordt gezet, komt het geluidsniveau al boven deze referentiewaarde uit. Vooral in slaap- en rustruimten kan dit geluid een storend effect hebben. Echter uit de berekeningen blijkt dat de fancoil alleen op extreme warme dagen een ventilatorstand hoger geschakeld word. Dit betreft dan een situatie overdag, waardoor het hogere geluidsniveau niet direct tot overlast zal zorgen.

- Bij de keuze voor het gebruik van fancoilunits in woon/verblijf ruimten zijn goede randvoor¬waarden van de apparatuur noodzakelijk om dit naar behoren te laten functioneren. Indien deze niet worden behaald dan zijn klachten te verwachten.”

2.13. In opdracht van Innoforte zijn in april 2007 over de fancoilunits zogenaamde lexaankappen, plastic kappen, geplaatst. Insula Dei heeft gelast dat de plaatsing van deze lexaankappen zou worden gestopt, omdat daardoor het bedieningspaneel van de fancoilunits onbereikbaar was geworden.

2.14. Bij brief van 4 april 2007 heeft Insula Dei Innoforte in gebreke gesteld door haar een termijn tot 1 mei 2007 te stellen om de gebreken aan de klimaatinstallatie te verhelpen.

3. Het geschil

3.1. Insula Dei vordert samengevat – Innoforte te veroordelen de gebreken, genoemd onder punt 3 van de dagvaarding, binnen twee weken na betekening van dit vonnis te verhelpen, meer in het bijzonder doch niet uitsluitend door ervoor zorg te dragen en ervoor in te staan dat de onder punt 3 van de in de dagvaarding omschreven problemen aan de klimaatvoorziening definitief worden opgelost, op straffe van een dwangsom. Ten slotte vordert Insula Dei veroordeling van Innoforte in de kosten van dit geding.

3.2. Als grondslag van haar vorderingen voert Insula Dei aan dat Innoforte in de nakoming van haar verplichtingen uit de huuroverenkomst is tekortgeschoten. De bewoners en het personeel van Insula Dei ondervinden vanaf de aanvang van het gebruik van het gehuurde ernstige overlast als gevolg van tekortkomingen aan de klimaatvoorziening op de begane vloer, 2e en 3e verdieping van het complex. De klachten worden door de volgende verschijnselen veroorzaakt:

Fancoilunits:

- de fancoilunits veroorzaken tocht;

- de fancoilunits vallen regelmatig uit, waardoor de bewoners in de kou zitten;

- de bediening van de fancoilunits is lastig en soms zelfs onmogelijk; bedieningsknoppen ontbreken, of zijn te klein.

Temperatuur:

- de flucuatie in temperatuur is te groot; het is te warm of te koud;

- de temperatuur loopt per verdieping op; op de gangen ligt de temperatuur regelmatig boven de 25 graden bij normale buitentemperatuur;

- de temperatuur is op vele plaatsen niet per vertrek te regelen.

Luchtstromen en geluid:

- bij harde wind komen er ongecontroleerde luchtstromen naar binnen;

- de buitenluchtkleppen worden regelmatig open/dich gestuurd wat als hinderlijk wordt ervaren; bewoners worden uit hun slaap gehouden.

Insula Dei stelt voorts dat de gebreken een bedreiging vormen voor de gezondheid en het welzijn van de bewoners en de personeelsleden van Insula Dei.

Ten slotte stelt Insula Dei dat de tekortkomingen in de klimaatvoorziening tot gevolg hebben dat haar bewoners en personeel niet het genot kan verschaffen dat zij bij het aangaan van de huurovereenkomst mocht verwachten van een dergelijk complex. De tekortkomingen moeten derhalve als een gebrek in de zin van artikel 7: 204 lid 2 BW worden gekwalificeerd. Volgens Insula Dei rust als verhuurder al vanaf de eerste melding door Insula Dei de verplichting de gebreken te verhelpen. Toezeggingen om de problemen tot een oplossing te brengen worden volgens Insula Dei door Innoforte niet nagekomen.

3.3. Innoforte voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Insula Dei vreest dat door het slecht functioneren van de klimaatvoorziening in Casa Intermezzo tijdens de zomermaanden gezondheidsschade bij haar bewoners zal ontstaan. Zij heeft daarom een spoedeisend belang bij de gevraagde voorziening.

4.2. Insula Dei stelt dat de in 3.2 genoemde tekortkomingen aan de klimaatvoorziening in Casa Intermezzo moeten worden gekwalificeerd als gebreken in de zin van art. 7:204 lid 2 BW. Insula Dei had als huurder van tijdelijke woonruimte voor ouderen met een somatische en/of psychogeriatrische aandoening of beperking of een psychosociale probleem, de tekortkomingen in de klimaatvoorziening niet behoeven te verwachten, zodat Innoforte die als verhuurder op grond van art. 7:206 lid 1 BW moet verhelpen.

4.3. Innoforte betwist de door Insula Dei genoemde klachten niet, maar bestrijdt dat er sprake is van gebreken in de zin van art. 7:204 lid 2 BW. Zij stelt dat zij geen wettelijke eisen omtrent klimaatvoorzieningen heeft geschonden en evenmin garanties daaromtrent. Verder stelt zij dat zij vanaf de oplevering intensief heeft overlegd met de aannemer, installateur en leverancier van de fancoilunits, maar dat het nog niet is gelukt de klachten te verhelpen.

4.4. Uit de ook door Innoforte zelf in het geding gebrachte stukken blijkt, hoe ernstig Innoforte de klachten opneemt. In haar eigen bewoordingen is de temperatuur in Casa Intermezzo niet te regelen en het klimaat niet te beheersen (zie 2.11). Innoforte heeft de kwestie zo indringend bij aannemer, installateur en leverancier aan de orde gesteld, dat de installateur de leverancier aansprakelijk heeft gesteld voor de gebrekkige fancoils (zie 2.10). Zij heeft een offerte aan Lammerink gevraagd voor het installeren van een thermostaat en een lexaankap op iedere kamer (zie 2.9). Niet duidelijk is geworden, waarom Innoforte de offerte van Lammerink niet heeft aanvaard. Uit de proefopstelling in vier kamers is gebleken dat die maatregelen een deel van de klachten zullen verhelpen. Uit het rapport van Van Heugten blijkt dat de buitenluchtroosters in afwijking van het Programma van Eisen niet zijn uitgerust met een servomotor, maar veerbediend zijn. In dit rapport is verder vermeld dat in de ganggebieden geen afzuigsysteem is aangelegd, zodat de temperatuur daar te ver oploopt (zie 2.12).

4.5. Vooralsnog is voldoende duidelijk geworden dat de klachten over de klimaatvoorziening zodanig ernstig zijn dat sprake is van gebreken in de zin van art. 7:204 lid 2 BW, zelfs als men in aanmerking neemt dat het om een tijdelijk onderkomen voor de ouderen gaat in afwachting van de renovatie van Insula Dei. De klimaatvoorziening in een verzorgingshuis is nu eenmaal belangrijk, omdat ouderen kwetsbaarder zijn voor te hoge of te lage temperaturen of voor tocht. Ter zitting heeft een bewoonster verteld dat de bewoners meer dan vroeger last hebben van griep, verkoudheid e.d.. Op Innoforte als verhuurder rust daarom de verplichting deze gebreken te verhelpen. Zij zal daartoe dan ook worden veroordeeld.

4.6. Innoforte zal in de eerste plaats worden veroordeeld om op basis van de offerte van Lammerink van 12 februari 2007 thermostaten en lexaankappen te installeren op de door Insula Dei gehuurde kamers. Verder zal zij worden veroordeeld om voorzieningen te treffen, waardoor een afdoende oplossing wordt gerealiseerd voor te hoge temperaturen in de gangen, voor de harde rukwinden die door de buitenluchtroosters naar binnen dringen en voor de geluidsoverlast die wordt veroorzaakt door het dichtslaan van de buitenluchtkleppen. Innoforte zal tot 1 augustus 2007 de gelegenheid hebben deze voorzieningen te treffen. De zomermaanden staan voor de deur. Aan Innoforte wordt daarom de aanbeveling gedaan voorrang te verlenen aan de maatregelen die het te ver oplopen van de temperatuur voorkomen.

4.7. De gevorderde dwangsom zal worden beperkt als volgt.

4.8. Innoforte zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Insula Dei worden begroot op:

- dagvaarding € 84,31

- vast recht € 251,00

- salaris procureur € 816,00

Totaal € 1.151,31

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. beveelt Innoforte om vóór 1 augustus 2007

1. op basis van de offerte van Lammerink van 12 februari 2007 thermostaten en lexaankappen te installeren in de door Insula Dei gehuurde kamers,

2. voorzieningen te treffen waardoor een afdoende oplossing wordt gerealiseerd voor te hoge temperaturen in de gangen, voor de harde rukwinden die door de buitenluchtroosters naar binnen dringen en voor de geluidsoverlast die wordt veroorzaakt door het dichtslaan van de buitenluchtkleppen,

5.2. bepaalt dat Innoforte voor iedere dag dat zij in strijd handelt met het onder 5.1. bepaalde, aan Insula Dei een dwangsom verbeurt van € 3.000,-, tot een maximum van € 100.000,-,

5.3. veroordeelt Innoforte in de proceskosten, aan de zijde van Insula Dei tot op heden begroot op € 1.151,31,

5.4. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.5. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. F.J. de Vries en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier V.R. Bouwmeister op 24 mei 2007.