Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2007:3918

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
19-11-2007
Datum publicatie
14-03-2019
Zaaknummer
161490 KV RK 07-1156
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Burgerlijk procesrecht. Executieverkoop van inbeslaggenomen aandelen. Verlenging van de daarvoor bij eerdere beschikking gegeven termijn. Afwijzing verzoek tot afgifte jaarstukken nu daarvoor een wettelijke grondslag ontbreekt en wel een specifieke rechtsvordering open staat.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JONDR 2019/473
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rekestnummer: 161490 / KV RK 07-1156

Beschikking van 19 november 2007

in de zaak van

de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE BEUNINGEN,

zetelend te Beuningen,

verzoekster,

procureur mr. W.D. Huizinga,

advocaat mr. J.D. van Vlastuin te Utrecht,

en

[belanghebbende] ,

wonende te Winssen,

belanghebbende,

niet verschenen.

1 De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het verzoekschrift, ingediend op 8 oktober 2007

  • -

    de mondelinge behandeling op 12 november 2007. Verschenen is mr. Vlastuin voornoemd.

2 De beoordeling

2.1.

De gemeente heeft executoriaal beslag gelegd op de aandelen die [belanghebbende] houdt in de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [naam bedrijf].

Bij beschikking van 10 april 2007 heeft de rechtbank op verzoek van de gemeente onder meer bepaald dat de verkoop en de overdracht van de in beslag genomen aandelen binnen een termijn van zes maanden nadien zal geschieden.

2.2.

Het onderhavige verzoek strekt er in de eerste plaats toe deze termijn met één jaar te verlengen. Verlenging is nodig omdat de partijen de door de rechtbank gegunde termijn hebben benut voor schikkingsoverleg dat niet tot resultaat heeft geleid. De aandelen kunnen daarom niet meer binnen de gestelde termijn worden verkocht, aldus de gemeente.

De wet biedt niet met zoveel woorden een grondslag voor verlenging van de voor de verkoop en overdracht bepaalde termijn, maar sluit een verzoek en de mogelijkheid daartoe ook niet uit. Nu de rechtbank op de voet van artikel 474g Rv de bevoegdheid heeft de termijn vast te stellen ligt in de rede dat zij ook bevoegd is een eenmaal vast gestelde termijn te verlengen. Afwijzing van het verzoek ligt daarnaast niet voor de hand. Dat leidt er immers slechts toe dat de gemeente opnieuw beslag zal leggen, gevolgd door een hernieuwd verzoek ex artikel 474g Rv. Dat is mede vanwege de kosten, niet in het belang van de partijen. Nu [belanghebbende], hoewel hij daartoe behoorlijk is opgeroepen, geen bezwaar heeft geuit tegen verlenging van de termijn, en bezwaren daartegen ook overigens niet goed denkbaar zijn, zal het verzoek worden toegewezen.

2.3.

De gemeente heeft verder, met het oog op het bepalen van de waarde van de aandelen, verzocht om [naam bedrijf] te bevelen aan de deurwaarder afschriften te verstrekken van de jaarstukken van de vennootschap over 2005 en de conceptcijfers over 2006. De vennootschap heeft haar jaarcijfers tot op heden niet bij de kamer van koophandel gedeponeerd, aldus de gemeente.

Dit verzoek is niet op enige wettelijke bepaling gegrond. Dat staat aan toewijzing in de weg (HR 15 maart 1991, NJ 1991, 397). Zonodig kan de gemeente op de voet van artikel 2:394 lid 7 BW openbaarmaking van de jaarrekeningen vorderen.

2.4.

De partijen zijn over en weer te beschouwen als op enkele punten in het ongelijk gesteld, zodat de kosten geheel zullen worden gecompenseerd.

3 De beslissing

De rechtbank

verlengt de bij beschikking van 10 april 2007 voor de verkoop en overdracht van de in beslag genomen aandelen in de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [naam bedrijf] bepaalde termijn met twaalf maanden,

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. R.J.B. Boonekamp en in het openbaar uitgesproken op 19 november 2007.