Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2006:AY7031

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
19-07-2006
Datum publicatie
29-08-2006
Zaaknummer
138811
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bevoegdheidsincident

Forumkeuze in algemene voorwaarden

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 138811 / HA ZA 06-530

Vonnis in incident van 19 juli 2006

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BAKKER & KOK KEUKENTECHNIEKEN MRM B.V.,

gevestigd te Hooge Mierde,

eiseres in de hoofdzaak,

verweerster in het incident,

procureur mr. J.C.N.B. Kaal,

advocaat mr. C.M. van den Reek te Tilburg,

tegen

1. [gedaagde 1]

wonende te [woonplaats]

2. [gedaagde]

wonende te [woonplaats]

gedaagden in de hoofdzaak,

eisers in het incident,

procureur mr. F.J. Boom,

advocaat mr. A.F. Noija te Arnhem.

Partijen zullen hierna Bakker & Kok en [gedaagden] genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de incidentele conclusie tot onbevoegdverklaring

- de incidentele conclusie van antwoord.

1.2. Vervolgens is vonnis bepaald in het incident.

2. De vordering en het verweer in het incident

2.1. [gedaagden] vordert dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart. Hij stelt zich, verkort weergegeven, op het standpunt dat hij niet is gebonden aan de algemene voorwaarden van Bakker & Kok en de daarin vervatte forumkeuze, op grond waarvan de rechtbank te Arnhem bevoegd zou zijn om van het geschil tussen partijen kennis te nemen. Voorts stelt [gedaagden] zich op het standpunt dat op grond van artikel 2 en artikel 5 van de EG-Verordening 44/2001 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (hierna: de EEX-Verordening) de Engelse rechter bevoegd is om van het geschil kennis te nemen.

2.2. Bakker & Kok voert gemotiveerd verweer. Zij beroept zich, kort samengevat, op de forumkeuze die is opgenomen in haar algemene voorwaarden.

2.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

3. De beoordeling in het incident

3.1. De rechtbank stelt voorop dat sprake is van een internationale (koop)overeenkomst tussen een Britse partij en een Nederlandse partij. De vraag naar de bevoegdheid van de rechtbank moet daarom worden beantwoord aan de hand van de EEX-Verordening. In geschil is of partijen een geldige forumkeuze hebben gedaan.

3.2. Artikel 23 van de EEX-Verordening bepaalt dat, wanneer de partijen van wie er ten minste één woonplaats heeft op het grondgebied van een lidstaat, een gerecht of de gerechten van een lidstaat hebben aangewezen voor de kennisneming van geschillen die naar aanleiding van een bepaalde rechtsbetrekking zijn ontstaan of zullen ontstaan, dit gerecht bevoegd is of de gerechten van die lidstaat bevoegd zijn. Deze overeenkomst tot aanwijzing van een bevoegd gerecht wordt, voor zover in deze zaak van belang, gesloten bij een schriftelijke overeenkomst (artikel 23 lid 1 sub a van de EEX-Verordening). Een geldige forumkeuze als bedoeld in deze bepaling maakt de aldus aangewezen rechter (behoudens afwijkend beding) exclusief bevoegd en prevaleert boven de bevoegdheidsregels in de artikelen 2 en 5 van de EEX-Verordening.

3.3. Artikel 16 van de algemene voorwaarden van Bakker & Kok (productie 4 bij dagvaarding) luidt:

With respect to our agreements and those which arise from it parties declare to choose residence at Arnhem at our office premises so that differences possible arisen between parties will resort under the authorised Judges in the District of Arnhem.

3.4. [gedaagden] betwist dat de algemene voorwaarden deel uitmaken van de overeenkomst. Hij stelt zich op het standpunt dat partijen geen wilsovereenstemming hebben bereikt ten aanzien van de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden en dus ook niet ten aanzien van een forumkeuze.

3.5. Nu sprake is van een overeenkomst tussen een Britse partij en een Nederlandse partij, rijst de vraag aan de hand van welk recht moet worden beoordeeld of partijen de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden zijn overeengekomen. [gedaagden] stelt zich op het standpunt dat deze beoordeling moet plaatsvinden aan de hand van Nederlands recht. In de conclusie van antwoord in het incident heeft Bakker & Kok dit standpunt van [gedaagden] onderschreven. Nu beide partijen daarmee in feite een rechtskeuze hebben gemaakt voor Nederlands recht, zal de rechtbank naar Nederlands recht beoordelen of partijen toepasselijkheid van de algemene voorwaarden zijn overeengekomen.

3.6. Ingevolge artikel 6:217 lid 1 BW komt een overeenkomst tot stand door een aanbod en de aanvaarding daarvan. [gedaagden] voert aan dat hij weliswaar de opdrachtbevestiging heeft ondertekend, maar dat de algemene voorwaarden niet op de achterzijde van de opdrachtbevestiging stonden vermeld. [gedaagden] stelt dat Bakker & Kok er niet (gerechtvaardigd) op mocht vertrouwen dat [gedaagden] de algemene voorwaarden heeft aanvaard. Bakker & Kok stelt dat de algemene voorwaarden wel degelijk op de achterzijde van de opdrachtbevestiging stonden vermeld. Zij stelt verder dat [gedaagden] de algemene voorwaarden voorafgaand aan de totstandkoming van de overeenkomst toegestuurd heeft gekregen en dat bovendien de vertegenwoordiger van Bakker & Kok in Engeland, Robert Neill, de algemene voorwaarden vooraf nog uitvoerig met [gedaagden] heeft doorgenomen.

3.7. Nu Bakker & Kok zich beroept op de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden en het daarin vervatte forumkeuzebeding en [gedaagden] de toepasselijkheid van bedoelde voorwaarden gemotiveerd betwist, zal Bakker & Kok overeenkomstig de hoofdregel van artikel 150 Rv worden opgedragen te bewijzen dat partijen inderdaad wilsovereenstemming hebben bereikt over de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden.

3.8. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

4. De beslissing

De rechtbank

in het incident

4.1. draagt Bakker & Kok op te bewijzen dat partijen wilsovereenstemming hebben bereikt over de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden,

4.2. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 2 augustus 2006 voor uitlating door Bakker & Kok of zij bewijs wil leveren door het overleggen van bewijsstukken, door het horen van getuigen en / of door een ander bewijsmiddel,

4.3. bepaalt dat Bakker & Kok, indien zij geen bewijs door getuigen wil leveren maar wel bewijsstukken wil overleggen, die stukken direct in het geding moet brengen,

4.4. bepaalt dat Bakker & Kok, indien zij getuigen wil laten horen, de getuigen en de verhinderdagen van de partijen en hun advocaten in de maanden september tot en met november 2006 direct moet opgeven, waarna dag en uur van het getuigenverhoor zullen worden bepaald,

4.5. bepaalt dat dit getuigenverhoor zal plaatsvinden op de terechtzitting van mr. J.R. Veerman in het paleis van justitie te Arnhem aan de Walburgstraat 2-4,

4.6. bepaalt dat alle partijen uiterlijk twee weken voor het eerste getuigenverhoor alle beschikbare bewijsstukken aan de rechtbank en de wederpartij moeten toesturen,

4.7. houdt iedere verdere beslissing aan,

in de hoofdzaak

4.8. houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. I.D. Jacobs en in het openbaar uitgesproken op 19 juli 2006.

Coll: JC