Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2006:AY4091

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
05-07-2006
Datum publicatie
18-07-2006
Zaaknummer
132632
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank overweegt dat de "voorwaardelijke conclusie van antwoord" in het burgerlijk procesrecht niet bestaat en acht het in strijd met de goede procesorde om Van Wijnen c.s. in de gelegenheid te stellen om, onder intrekking van haar reeds genomen conclusie, opnieuw te antwoorden in de hoofdzaak.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 132632 / HA ZA 05-1897

Vonnis in incident van 5 juli 2006

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

INSTALLATIEBEDRIJF KLEIN POELHUIS VOLTMAN B.V.,

gevestigd te Winterswijk,

eiseres in de hoofdzaak, vrijwaringszaak van HA ZA 05-820,

verweerster in het (onder)vrijwaringsincident,

procureur mr. R.P. Elzas,

advocaat mr. H.M. Kruitwagen te Arnhem,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VAN WIJNEN PROJECTONTWIKKELING OOST B.V.,

gevestigd te Arnhem,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VAN WIJNEN EIBERGEN B.V.,

gevestigd te Eibergen,

gedaagden in de hoofdzaak, vrijwaringszaak van HA ZA 05-820,

eiseressen in het (onder)vrijwaringsincident,

procureur mr. F.J. Boom,

advocaat mr. H.N.T. Hoogwout te Amsterdam.

Partijen zullen hierna Klein Poelhuis Voltman en Van Wijnen c.s. genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 3 mei 2006

- de conclusie van antwoord in het (onder)vrijwaringsincident.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het (onder)vrijwaringsincident.

2. De beoordeling in het incident

2.1. Van Wijnen c.s. heeft voor alle weren gevorderd dat het haar wordt toegestaan om in (onder)vrijwaring op te roepen:

a. V.O.F. Vloerenbedrijf Nijverdal, gevestigd te Nijverdal;

b. [betrokkene1], [adres];

c. [betrokkene2] [adres].

2.2. Klein Poelhuis Voltman refereert zich aan het oordeel van de rechtbank.

2.3. De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen, nu de aangevoerde en niet weersproken gronden die vordering kunnen dragen.

2.4. De rechtbank zal de beslissing omtrent de kosten van het incident aanhouden, totdat in de hoofdzaak zal worden beslist.

3. De beoordeling in de hoofdzaak

3.1. Van Wijnen c.s. heeft in haar incidentele conclusie tevens “voorwaardelijk” geantwoord in de hoofdzaak (vrijwaringszaak van HA ZA 05-820). Zij heeft de rechtbank verzocht om, indien de rechtbank haar toestemming verleent om V.O.F. Vloerenbedrijf Nijverdal in (onder)vrijwaring op te roepen, deze “voorwaardelijke” conclusie van antwoord als niet genomen te beschouwen en Van Wijnen c.s. alsnog in de gelegenheid te stellen te antwoorden in de hoofdzaak.

3.2. De rechtbank overweegt dat de “voorwaardelijke conclusie van antwoord” in het burgerlijk procesrecht niet bestaat en acht het in strijd met de goede procesorde om Van Wijnen c.s. in de gelegenheid te stellen om, onder intrekking van haar reeds genomen conclusie, opnieuw te antwoorden in de hoofdzaak. Dit geldt te meer, daar Van Wijnen c.s. niet heeft gemotiveerd wat een toewijzing van haar vordering in het incident kan toe- of afdoen aan de inhoud van haar eerder genomen conclusie van antwoord. Gezien het voorgaande bestaat geen aanleiding de zaak alsnog naar de rol te verwijzen voor conclusie van antwoord.

3.3. De rechtbank zal dan ook een comparitie van partijen bevelen om inlichtingen over de zaak te vragen en om te onderzoeken of partijen het op een of meer punten met elkaar eens kunnen worden. Daarbij kan de mogelijkheid van doorverwijzing naar een mediator aan de orde komen. De comparitie zal worden gepland op een langere termijn dan gebruikelijk, zodat zij zo mogelijk tegelijk kan plaatsvinden met een eventuele comparitie van partijen in de bij dit vonnis toegestane ondervrijwaring.

3.4. De rechtbank wijst erop dat zij uit een niet verschijnen van een partij ter comparitie de gevolgtrekkingen - ook in het nadeel van die partij - kan maken die zij geraden zal achten.

3.5. De partijen wordt verzocht de stukken waarop zij tijdens de comparitie een beroep willen doen, uiterlijk twee weken tevoren in fotokopie aan de andere partij en aan de rechtbank toe te zenden.

3.6. Partijen moeten er op voorbereid zijn dat de rechtbank een mondeling tussenvonnis kan wijzen.

3.7. Ter zitting kan aan de orde komen of een deskundigenonderzoek noodzakelijk is, welke vragen moeten worden beantwoord en wie partijen als deskundige benoemd willen zien.

4. De beslissing

De rechtbank

in het incident

4.1. staat toe dat

- V.O.F. Vloerenbedrijf Nijverdal, gevestigd te Nijverdal

- [betrokkene1], [adres] en

- [betrokkene2] [adres]

door Van Wijnen c.s. worden gedagvaard tegen de terechtzitting van 23 augustus 2006,

4.2. houdt de beslissing omtrent de kosten van het incident aan,

in de hoofdzaak

4.3. beveelt een verschijning van partijen, bijgestaan door hun advocaten, voor het geven van inlichtingen en ter beproeving van een minnelijke regeling op de terechtzitting van mr. T.P.E.E van Groeningen in het paleis van justitie te Arnhem aan de Walburgstraat 2-4 op een door de rechtbank vast te stellen datum en tijd,

4.4. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 23 augustus 2006 voor het opgeven van de verhinderdagen van de partijen en hun advocaten in de maanden oktober tot en met december 2006, waarna dag en uur van de comparitie zullen worden bepaald,

4.5. bepaalt dat bij gebreke van de gevraagde opgave(n) de rechtbank het tijdstip van de comparitie zelfstandig zal bepalen,

4.6. bepaalt dat na de vaststelling van het tijdstip van de comparitie dit in beginsel niet zal worden gewijzigd,

4.7. wijst partijen er op, dat voor de zitting twee uur zal worden uitgetrokken,

4.8. bepaalt dat Installatiebedrijf Klein Poelhuis Voltman B.V., Van Wijnen Projectontwikkeling Oost B.V. en Van Wijnen Eibergen B.V. dan vertegenwoordigd moeten zijn door iemand die van de zaak op de hoogte is en hetzij rechtens hetzij op grond van een bijzondere schriftelijke volmacht bevoegd is hen te vertegenwoordigen,

4.9. verzoekt de tijdige toezending van de stukken.

Dit vonnis is gewezen door mr. T.P.E.E van Groeningen en in het openbaar uitgesproken op 5 juli 2006.

Coll: JC

RECHTBANK ARNHEM

Sector civiel

PLANNING DUUR COMPARITIE

Inzake INSTALLATIEBEDRIJF KLEIN POELHUIS VOLTMAN B.V. / V.O.F. VLOERENBEDRIJF NIJVERDAL

Zaak-/Rolnr. 132632 / HA ZA 05-1897

Vonnisdatum 5 juli 2006

Rechter mr. T.P.E.E van Groeningen

Verwachte duur comparitie: twee uur

De rechter stuurt dit formulier met het tussenvonnis mee naar de roladministratie, deze geeft het formulier door aan de enquêtegriffie.