Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBARN:2001:AB2063

Instantie
Rechtbank Arnhem
Datum uitspraak
12-06-2001
Datum publicatie
04-07-2001
Zaaknummer
72760/KG ZA 01-197 en 74645 KG ZA 01-312
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Arrondissementsrechtbank te Arnhem

Sector civiel recht

Zaak/rolnummer: 72760 / KG ZA 01-197 en 74645 / KG ZA 01-312

Datum uitspraak: 12 juni 2001

72760 / KG ZA 01-197 en 74645 / KG ZA 01-312Zaak/rolnummer: 72760 / KG ZA 01-197 en 74645 / KG ZA 01-312

Vonnis

in kort geding

in de zaak 01-197 van

1. De heer DANSE, wonende of verblijvende te Harderwijk,

en 47 eisers

eisers bij dagvaarding van 4 mei 2001

,

procureur mr.J.C.B.N. Kaal,1

M. KuiperHarderwijk

advocaat mr. M. Kuiper te Harderwijk,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,

Van kraaikamp beheer b.v.,

gevestigd te Terschuur en zaakdoende te Elst,

2. albert adrianus van kraaikamp,

handelende onder de naam MB-All B.V.,

wonende te Elst,

gedaagden

,

advocaten en procureur mr. J.L. Zegelink en mr. D.W. Peters,

en in de zaak 01-312 van

1. De heer VAN NOORT, wonende te Harderwijk,

en 4 eisers

eisers bij dagvaarding van 21 mei 2001,

procureur mr. J.C.B.N. Kaal,

advocaat mr. A.D. Kok te Ermelo,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,

Van kraaikamp beheer b.v.,

gevestigd te Terschuur en zaakdoende te Elst,

2. albert adrianus van kraaikamp,

wonende te Elst,

gedaagden

,

advocaten en procureur mr. J.L. Zegelink en mr. D.W. Peters te Elst.

Eisers zullen verder worden aangeduid als Danse e.a. en Van Noort e.a. en gedaagden als MB-All.

Het verloop van de procedure in beide zaken

Danse e.a. en Van Noort e.a. hebben MB-All ter zitting in kort geding doen dagvaarden en bij mondelinge conclusie van eis gevorderd als weergegeven in de dagvaarding. MB-All heeft geconcludeerd tot weigering van de gevorderde voorzieningen. De korte gedingen zijn ter zitting op verzoek van partijen gezamenlijk behandeld. De advocaten van partijen hebben de zaak bepleit overeenkomstig de door hen overgelegde pleitnotities. Daarbij hebben zij producties in het geding gebracht. Ten slotte hebben partijen vonnis gevraagd.

De vaststaande feiten in beide zaken

1. Eisers 1 tot en met 26 (in de zaak 72760/KG ZA 01-197) zijn eigenaren en/of bewoners van recreatiewoningen in het recreatiepark Ceintuurbaan te Harderwijk; eisers 27 tot en met 48 (eveneens in de zaak 72760/KG ZA 01-197) zijn eigenaren en/of bewoners van recreatiewoningen in het recreatiepark Woudstee te Hierden, gemeente Harderwijk. Eisers 1 tot en met 5 (in de zaak 74645/KG ZA 01-312) zijn eigenaren en/of bewoners van recreatiewoningen in het recreatiepark Slenk & Horst te Harderwijk.

2. Gedaagde sub 1 is blijkens een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Centraal Gelderland van 7 maart 2001 bevoegd functionaris van MB-All, rechtspersoon in oprichting, met als bedrijfsomschrijving: “Het verlenen van adviezen en/of diensten op het gebied van milieu en beveiliging, alles in de ruimste zin.” Gedaagde sub 2 is blijkens een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Centraal Gelderland van 20 maart 2001 directeur/aandeelhouder van gedaagde sub 1.

3. Het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Harderwijk (hierna: de gemeente Harderwijk) heeft onder meer bij brief van 8 september 1997 aan notarissen, banken, makelaars, hypotheekadviseurs en recreatieparken in Harderwijk kenbaar gemaakt dat permanente bewoning van recreatiewoningen in recreatieparken in de gemeente Harderwijk niet is toegestaan. Vervolgens heeft de gemeente Harderwijk in september 1999 een Plan van aanpak Permanente bewoning van recreatiewoonverblijven in Harderwijk vastgesteld.

4. MB-All B.V. (waarover hierna meer) heeft op 1 juni 1999 een offerte “Aanpak permanente bewoning op recreatieparken in de gemeente Harderwijk” aan de gemeente Harderwijk uitgebracht. Deze offerte gaat uit van de volgende aanpak:

“1. Intake gesprekken met eigenaar en/of beheerder of met de vereniging

van eigenaren of bewoners om de bestaande situatie per park in kaart te brengen. In deze intake-gesprekken wordt tevens het voorgenomen beleid van de gemeente nog eens toegelicht en er worden afspraken gemaakt wanneer en op welke wijze op het betreffende park door ons bedrijf gewerkt gaat worden. Hierbij wordt o.a. rekening gehouden met een eigen aankondiging naar bewoners en eigenaren op het betreffende park.

2. Inventarisatie van alle verblijfsobjecten per lokatie:

invullen vragenlijst t.a.v. gebruik van het object (indien mensen aanwezig zijn)

foto van het object met eigen nummering en vermelding parknummer,

noteren en onderzoeken van alle zaken om een sluitende bewijsvoering van PBW mogelijk te maken (kentekens, telefoonaansluitingen enz.)

afstemming en aanvullen van de inventarisatiegegevens met gemeentelijke informatie als GBA gegevens, belasting gegevens, kadastrale gegevens en eventueel andere beschikbare informatie.

3. Statusbepaling per object in overleg met de gemeente. Dit in verband met het

vaststellen van de te controleren objecten.

4. Maandelijkse controle van de “verdachte objecten PBW” en het verwerken van de verkregen informatie per object.”

5. Bij brief van 9 november 1999 heeft de gemeente Harderwijk MB-All B.V. opdracht verleend tot inventarisatie van de recreatiewoonverblijven in Harderwijk, een en ander overeenkomstig de offerte van MB-All B.V. van 1 juni 1999. “Doel van dit onderzoek is inzicht te krijgen in het aantal verdachte gevallen van permanente bewoning van recreatiewoonverblijven op de in de offerte nader omschreven locaties.”, aldus de gemeente Harderwijk. Verder heeft de gemeente Harderwijk in haar verklaring van 2 november 1999 het volgende verklaard:

“(…)

De personen die in dienst van MB-All b.v. deze controles uitvoeren, zijn als zodanig door ons voorzien van een legitimatie.

(…)

Bovenbedoelde personen zijn door mij tevens aangewezen als personen, die op grond van het bepaalde in artikel 69, lid 1 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening in deze gemeente van zonsopgang tot zonsondergang toegang hebben tot alle terreinen, voor zover dat redelijkerwijs voor de uitvoering van deze wet nodig is.

(…)”

6. Bij brief van 25 oktober 1999 heeft de advocaat van Danse e.a MB-All en haar medewerkers verboden zich te bevinden op de eigendommen c.q. de gronden van vereniging en leden alsmede verboden gegevensbestanden te raadplegen welke op basis van de Wet op de Persoonsregistratie niet door MB-All mogen en/of rechtmatig kunnen worden geraadpleegd.

7. Vervolgens heeft MB-All tijdens een bespreking op 17 november 1999 aan een vertegenwoordiging van Danse e.a. uitleg gegeven over haar werkwijze, hetgeen door de advocaat van Danse e.a. op 29 november 1999 is bevestigd. Daarbij heeft MB-All aangegeven dat de observaties ter controle zouden bestaan uit visuele waarnemingen vanaf de openbare weg, waaronder mede werd verstaan de gemeenschappelijke wegen en paden van de “besloten” parken.

8. Bij brief van 21 juli 2000 heeft de gemeente Harderwijk eigenaren van recreatiewoningen in Harderwijk geïnformeerd over de resultaten van de inventarisatie bewoning van recreatiewoonverblijven. Niet alle recreatiewoonverblijven bleken alleen voor recreatieve doeleinden te worden gebruikt, volgens de gemeente Harderwijk. Eigenaren die hun recreatiewoning alleen voor recreatieve doeleinden gebruiken, zijn door de gemeente Harderwijk in de gelegenheid gesteld om dat aan te geven op een vragenformulier (verklaring gebruik recreatiewoonverblijf). Eigenaren die reeds vóór 10 september 1997 een recreatiewoning permanent bewoonden, zijn door de gemeente Harderwijk in de gelegenheid gesteld om een aanvraagformulier voor een gedoogstatus in te vullen. Eigenaren die niet tijdig reageren en eigenaren die niet onder één van de bovengenoemde categorieën vallen, zullen volgens de gemeente Harderwijk op korte termijn worden aangeschreven de permanente bewoning van hun recreatiewoonverblijf te staken.

9. Bij brief van 15 maart 2001 heeft de advocaat van Danse e.a. aan MB-All laten weten dat gebleken is dat MB-All observaties heeft uitgevoerd op de privé-terreinen van de individuele eigenaren alsmede dat MB-All onbevoegd gegevensbestanden heeft geraadpleegd. De advocaat van Danse e.a. sommeert MB-All onder meer tot afgifte van de controlerapporten en tot vernietiging van de door MB-All aangelegde gegevensbestanden. MB-All heeft tot op heden niet aan deze sommatie voldaan.

10. Bij brief van 18 april 2001 heeft de advocaat van Van Noort e.a. aan MB-All laten weten dat zijn cliënten zich door de controles van MB-All ernstig in hun privéleven voelen aangetast. Tevens sommeert de advocaat van Van Noort e.a. MB-All tot afgifte en vernietiging van de gegevens die MB-All verzameld heeft. MB-All heeft tot op heden ook aan deze sommatie niet voldaan.

De vorderingen in beide zaken

1. Danse e.a. en Van Noort e.a. vorderen, samengevat weergegeven, MB-All te verbieden inbreuk te maken of te doen maken op de rechten op eerbiediging van hun persoonlijke levenssfeer en hen in het bijzonder te verbieden observaties in of nabij de woningen van Danse e.a. en Van Noort e.a. uit te voeren of te doen uitvoeren en gegevens van Danse e.a. en Van Noort e.a. of van hun eigendommen of die van hun bezoekers of familieleden in enige registratie vast te leggen of te doen vastleggen. Voorts vorderen zij MB-All te veroordelen tot afgifte aan Danse e.a. en Van Noort e.a. van de originele controlerapporten, foto’s en overige registratieformulieren, alsmede van alle kopieën daarvan en voor zover originelen of kopieën aan derden werden verstrekt, MB-All te verplichten deze bij deze derden terug te vorderen en eveneens aan Danse e.a. en Van Noort e.a. af te geven, een en ander op straffe van het verbeuren van een dwangsom.

2. Als grondslag voor hun vorderingen voeren Danse e.a. en Van Noort e.a. allereerst aan dat zij zich in ernstige mate in hun privacy voelen aangetast. Medewerkers van MB-All lopen rond op de recreatieparken en fotograferen en observeren stelselmatig de recreatiewoningen. Daarbij noteren zij onder meer kentekens van nabij de recreatiewoning geparkeerde auto’s, betreden zij afgesloten privé-percelen en wordt in woningen, bergingen en carports gekeken. Volgens Danse e.a. en Van Noort e.a. worden deze bevindingen aangevuld met gegevens uit persoonsregistraties, zoals de Gemeentelijke Basis Administratie en de Rijksdienst van het Wegverkeer. Daarmee maakt MB-All een onrechtmatige inbreuk op de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer, zoals gewaarborgd in artikel 8 van het EVRM en artikel 10 van de Grondwet.

3. Verder handelt MB-All volgens Danse e.a. en Van Noort e.a. in strijd met de Wet persoonsregistraties (Wpr). MB-All heeft in opdracht van de gemeente Harderwijk een persoonsregistratie aangelegd, maar voldoet niet aan het bepaalde in de artikelen 5, 13, 17, 19 en 24 van deze wet. Zo heeft MB-All onder meer geen privacyreglement vastgesteld en heeft zij de

persoonsregistratie niet aangemeld bij de Registratiekamer, aldus Danse e.a. en Van Noort e.a. Ook voldoet MB-All niet aan het bepaalde in de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureau’s (Wpb). MB-All heeft onder meer niet de vereiste vergunning voor het verrichten van recherchewerk en heeft niet voldaan aan de eisen voor het in dienst nemen van personeel. Ook op deze grond handelt MB-All, aldus Danse e.a. en Van Noort e.a., dus onrechtmatig.

4. Ten slotte voeren Danse e.a. en Van Noort e.a. aan dat de besloten vennootschap MB-All B.V. niet bestaat. Volgens het uittreksel van de Kamer van Koophandel staat MB-All vanaf 1994 geregistreerd als rechtspersoon in oprichting en is zij nooit opgericht. Daarmee is de overeenkomst tot het controleren van permanente bewoning in recreatieparken te Harderwijk tussen MB-All en de gemeente Harderwijk nietig en daarmee zijn de personen die op grond van artikel 69 van de WRO door de gemeente Harderwijk zijn aangewezen om die controles uit te voeren niet bevoegd; een niet-bestaande rechtspersoon kan immers niet rechtsgeldig overeenkomsten aangaan en mensen in dienst hebben.

5. MB-All voert gemotiveerd verweer, waarop hierna voor zover nodig zal worden ingegaan.

De beoordeling van het geschil in beide zaken

6. Allereerst voert MB-All aan dat Danse e.a. en Van Noort e.a. niet-ontvankelijk in hun vorderingen dienen te worden verklaard. Volgens MB-All hadden de vorderingen niet tegen MB-All maar tegen de gemeente Harderwijk moeten worden ingesteld. MB-All werkt immers in opdracht van de gemeente Harderwijk en voert alleen de haar opgedragen taken uit. Alle klachten gericht tegen MB-All zijn in feite klachten gericht tegen de gemeente Harderwijk.

7. Hoewel eisers er beter aan hadden gedaan ook de gemeente Harderwijk in deze kort geding procedures te betrekken, omdat de gemeente Harderwijk de opdracht heeft gegeven en de gemeente Harderwijk het bestuursorgaan is dat de voor de bewuste recreatieparken geldende bestemmingsplannen moet handhaven, laat dat onverlet dat Danse e.a. en Van Noort e.a. wel degelijk tegen MB-All hun vorderingen kunnen instellen. Weliswaar werkt MB-All in opdracht van de gemeente Harderwijk, maar zij treedt bij de uitvoering van de opdracht geheel zelfstandig op. Tevens worden de feitelijke handelingen - die volgens Danse e.a. en Van Noort e.a. een onrechtmatige inbreuk op hun persoonlijke levenssfeer maken - door MB-All verricht. Dat rechtvaardigt dat Danse e.a. en Van Noort e.a. hun vorderingen in ieder geval ook tegen MB-All kunnen instellen.

8. Verder voert MB-All aan dat Danse e.a. en Van Noort e.a. niet-ontvankelijk in hun vorderingen dienen te worden verklaard, omdat volgens MB-All een groot deel van de eisers geen belang (meer) heeft bij de vorderingen: 8 van de eisers zijn onbekend, 1 eiseres, Marielle Bossen, wordt tweemaal opgevoerd en 22 van de eisers hebben inmiddels een gedoogstatus waardoor zij niet meer worden gecontroleerd. Aan deze laatste categorie komt in ieder geval wegens gebrek aan belang geen vordering toe, aldus MB-All.

9. Vaststaat dat bij de eerste inventarisatie alle recreatiewoonverblijven in het onderzoek van MB-All zijn betrokken. Dat inmiddels 22 eigenaren en/of bewoners een gedoogstatus hebben gekregen betekent niet dat deze personen geen belang (meer) hebben bij hun vordering. Zij zijn immers wel gecontroleerd door MB-All en aan de gedoogstatus is een uitsterfconstructie verbonden. Derhalve hebben ook deze personen belang bij de onderhavige vorderingen. Alleen Marielle Bosser is ten onrechte tweemaal (als eiseres sub 3 en als eiseres sub 26) als eiseres opgevoerd. Danse e.a. en Van Noort e.a. hebben hun belang bij de vorderingen voldoende aannemelijk gemaakt en zullen dan ook, met uitzondering van eiseres 26, in hun vorderingen worden ontvangen.

10. Alvorens op de vraag in te gaan of MB-All bevoegd is de controles uit te oefenen en zo ja, of zij dit op onrechtmatige wijze, dat wil zeggen op een de privacy van eisers schendende wijze heeft gedaan, dient allereerst de vraag te worden behandeld of de opdracht die de gemeente Harderwijk aan MB-All heeft gegeven om controles uit te oefenen om te onderzoeken of eisers al dan niet het ter plaatse vigerende bestemmingsplan overtreden, past binnen de bestuursrechtelijke regelgeving en de bevoegdheden van de gemeente. Hierbij doet zich de complicatie voor dat de gemeente Harderwijk niet in rechte is betrokken en ook niet ter zitting vertegenwoordigd was, zodat het voorlopig oordeel van de president dienaangaande alleen gebaseerd kan worden op de door partijen overgelegde producties en de geldende wettelijke bepalingen.

11. Niet in geschil is dat volgens de vigerende bestemmingsplannen de recreatieterreinen niet permanent mogen worden bewoond. Het is de taak en de bevoegdheid van de gemeente Harderwijk toezicht te houden dat de regels van het bestemmingsplan niet worden overtreden. Wanneer de gemeente Harderwijk het vermoeden heeft dat iemand in strijd met het bestemmingsplan toch zijn hoofdverblijf op het recreatieterrein heeft, heeft zij de bevoegdheid dit te controleren en zonodig het bestemmingsplan onder toepassing van bestuursdwang te handhaven.

12. De opdracht die de gemeente Harderwijk aan MB-All heeft gegeven moet, voorlopig geoordeeld, gezien worden in het kader van de controle op de naleving van het bestemmingsplan en niet om de opsporing. De gemeente Harderwijk heeft vier medewerkers van MB-All gelegitimeerd “als toezichthouder op de naleving van de voorschriften bij of krachtens de Wet RO, t.b.v. controle permanente bewoning van zomerhuizen”. Krachtens artikel 69 lid 1 onder 3° WRO heeft de gemeente deze bevoegdheid.

13. Danse e.a. en Van Noort e.a. stellen echter dat de medewerkers van MB-All geen toezichthoudende bevoegdheden kunnen hebben. MB-All is immers een niet-bestaande rechtspersoon; als zodanig kan zij geen medewerkers in dienst hebben. De medewerkers van MB-All hadden door de gemeente Harderwijk niet mogen worden gelegitimeerd als toezichthouders op de naleving van de WRO ten behoeve van de controle op permanente bewoning van recreatiewoningen.

14. MB-All heeft erkend dat MB-All B.V. nog niet is opgericht. De gemeente Harderwijk heeft dit nimmer gecontroleerd en is ervan uitgegaan dat zij met MB-All B.V. te maken had. Inmiddels is de gemeente Harderwijk, kennelijk naar aanleiding van het onderzoek van eisers in deze procedures, hier achter gekomen en richt zij nu haar brieven aan MB-All. Hoewel de gemeente Harderwijk dus met een niet bestaande B.V. heeft gecontracteerd, zijn de bewuste legitimaties aan vier natuurlijke personen verstrekt, zodat op zichzelf genomen de gemeente Harderwijk niet in strijd heeft gehandeld met artikel 69 WRO. Overigens kan MB-All deze fout herstellen door alsnog tot oprichting van de B.V. over te gaan.

15. Er vooralsnog van uitgaande dat de legitimaties door de gemeente Harderwijk rechtsgeldig aan de medewerkers van MB-All zijn verstrekt, komt vervolgens de vraag aan de orde of het handelen van MB-All een onrechtmatige inbreuk maakt op de persoonlijke levenssfeer van Danse e.a. en Van Noort e.a.

16. Daartoe wordt het volgende overwogen. Hoewel MB-All betoogt dat zij zich in haar onderzoek heeft beperkt tot waarnemingen ter plaatse en dat zij daarmee op geen enkele manier inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van Danse e.a. en Van Noort e.a., is de president op grond van de in de offerte van MB-All van 1 juni 1999 vermelde aanpak vooralsnog van oordeel dat de opdracht van de gemeente Harderwijk meer omvat dan waarnemingen alleen, zoals door MB-All betoogd. De offerte van MB-All gaat immers uit van de volgende aanpak:

inventarisatie van alle verblijfsobjecten per locatie, invullen vragenlijst, foto van het object met eigen nummering en vermelding parknummer, noteren en onderzoeken van alle zaken om een sluitende bewijsvoering van PBW mogelijk te maken (kentekens, telefoonaansluitingen enz.) alsmede

het afstemmen en aanvullen van de inventarisatiegegeven met gemeentelijke informatie als GBA gegevens, belastinggegevens, kadastrale gegevens en eventueel andere beschikbare informatie.

17. Naar het voorlopig oordeel van de president valt deze opdracht onder de omschrijving van het begrip “persoonsregistratie”, zoals geformuleerd in artikel 1 van de Wet persoonsregistraties (Wpr). Het gaat hier immers om …”een samenhangende verzameling van op verschillende personen betrekking hebbende persoonsgegevens, die langs geautomatiseerde weg wordt gevoerd of met het oog op een doeltreffende raadpleging van die gegevens systematisch is aangelegd.” Daarbij zijn tot individuele natuurlijke personen herleidbare gegevens vastgelegd (foto van het object met eigen nummering en parknummer) en heeft de afdeling Burgerzaken van de gemeente Harderwijk op 28 april 2000 advies uitgebracht over de manier waarop…”de verstrekking van gegevens uit de GBA aan MB-All b.v. doelmatig en goed (kan) verlopen.”

18. Nu de werkzaamheden van MB-All onder de Wpr vallen had ingevolge van artikel 17 Wpr een privacyreglement moeten worden vastgesteld dat openbaar ter inzage had moeten worden gelegd. Voorts had de persoonsregistratie ingevolge artikel 24 Wpr moeten worden aangemeld bij de Registratiekamer. Dat is allemaal niet gebeurd, zodat MB-All in strijd met de regels van de Wpr handelt.

19. Wonen of recreatief verblijven is een privacy-gevoelige activiteit. Met onbeperkt verzamelen van gegevens moet zeer behoedzaam worden omgegaan; met de controle en de daaraan gekoppelde gegevensuitwisseling kan een aanzienlijke inbreuk op de persoonlijke levenssfeer gepaard gaan.

20. Uit het commentaar op de controlestaten van een groot aantal eigenaars/bewoners van de recreatiewoningen moet ernstig getwijfeld worden aan de zin en juistheid van de door MB-All verzamelde gegevens. Het is bijvoorbeeld de vraag of aan de hand van een vermoeden (rook uit de schoorsteen, planten die verzorging nodig hebben e.d.) kan worden geconcludeerd dat er sprake is van permanente bewoning. Op grond van onder meer de artikelen 5 en 13 van de Wpr had MB-All de nodige voorzieningen moeten treffen ter bevordering van de juistheid en de volledigheid van de opgenomen persoonsgegevens. Ook in dat opzicht heeft MB-All in strijd met de regels van de Wpr gehandeld. Voorts blijkt niet dat MB-All een selectie vooraf heeft gemaakt, teneinde een belangenafweging te maken tussen het doel van nagestreefde registratie en de privacybelangen van de onderzochte personen.

21. Al het voorgaande leidt tot de conclusie dat MB-All, althans de vier door de gemeente Harderwijk gelegitimeerde personen, voorlopig geoordeeld in strijd met de regels van de Wpr heeft gehandeld. Dat betekent dat voorshands moet worden aangenomen dat MB-All met haar handelen een onrechtmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van Danse e.a. en Van Noort e.a. heeft gemaakt. De vraag of MB-All ook heeft gehandeld in strijd met de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus, artikel 10 van de Grondwet en artikel 8 van het EVRM hoeft dan ook niet meer te worden behandeld, reeds daarom niet omdat MB-All B.V. niet bestaat.

22. De vorderingen van Danse e.a. en Van Noort e.a. zullen worden toegewezen zoals hierna zal worden gemeld. Aan de veroordeling “voor zover originelen en kopieën aan derden werden verstrekt” zal geen dwangsom worden verbonden, omdat niet bekend is wie die derden zijn en omdat het de vraag is of MB-All ervoor kan zorgen dat door derden aan deze veroordeling wordt voldaan.

23. Als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij zal MB-All in de proceskosten worden veroordeeld.

De beslissing

De president

in de zaak 01-197

1. verklaart eiseres sub 26, Marielle Bossen, niet ontvankelijk in haar vordering,

2. verbiedt MB-All om met onmiddellijke ingang inbreuk te maken of te doen maken op de rechten op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van Danse e.a. en verbiedt MB-All in het bijzonder observaties in of nabij de woningen van Danse e.a. uit te voeren of te doen uitvoeren en gegevens van Danse e.a. of over hun eigendommen of die van hun bezoekers of familieleden in enige registratie vast te leggen of te doen vastleggen,

3. veroordeelt MB-All om ingeval zij (na betekening van dit vonnis) het onder 2 genoemde verbod overtreedt, aan ieder der eisers een dwangsom te betalen van ƒ 1.000,00 per keer, echter met een maximum van in totaal ƒ 250.000,00, althans de tegenwaarde daarvan in euro’s,

4. veroordeelt MB-All binnen een week na betekening van dit vonnis tot afgifte aan de advocaat van Danse e.a. van de originele controlerapporten, foto’s en overige registratieformulieren alsmede van alle kopieën daarvan,

5. veroordeelt MB-All om ingeval zij (na betekening van dit vonnis) in gebreke mocht blijven aan de onder 4 genoemde veroordeling te voldoen, aan ieder der eisers een dwangsom te betalen van ƒ 1.000,00 per dag, echter met een maximum van in totaal ƒ 250.000,00, althans de tegenwaarde daarvan in euro’s,

6. veroordeelt MB-All, voor zover originelen of kopieën van de onder 4 genoemde bescheiden aan derden werden verstrekt, deze bij derden terug te vorderen en eveneens aan de advocaat van Danse e.a. af te geven,

7. veroordeelt MB-All in de kosten van deze procedure, tot aan deze uitspraak aan de zijde van Danse e.a. bepaald op ƒ 1.550,00 voor salaris procureur en op ƒ 539,47 voor verschotten,

8. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

9. weigert het anders of meer gevorderde,

in de zaak 01-312

1. verbiedt MB-All om met onmiddellijke ingang inbreuk te maken of te doen maken op de rechten op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van Van Noort e.a. en verbiedt MB-All in het bijzonder observaties in of nabij de woningen van Van Noort e.a. uit te voeren of te doen uitvoeren en gegevens van Van Noort e.a. of over hun eigendommen of die van hun bezoekers of familieleden in enige registratie vast te leggen of te doen vastleggen,

2. veroordeelt MB-All om ingeval zij (na betekening van dit vonnis) het onder 1 genoemde verbod vertreedt, aan ieder der eisers een dwangsom te betalen van ƒ 1.000,00 per keer, echter met een maximum van in totaal ƒ 50.000,00, althans de tegenwaarde daarvan in euro’s,

3. veroordeelt MB-All binnen een week na betekening van dit vonnis tot afgifte aan de advocaat van Van Noort e.a. van de originele controlerapporten, foto’s en overige registratieformulieren alsmede van alle kopieën daarvan,

4. veroordeelt MB-All om ingeval zij (na betekening van dit vonnis) in gebreke mocht blijven aan de onder 3 genoemde veroordeling te voldoen, aan ieder der eisers een dwangsom te betalen van ƒ 1.000,00 per dag, echter met een maximum van in totaal ƒ 50.000,00, althans de tegenwaarde daarvan in euro’s,

5. veroordeelt MB-All, voor zover originelen of kopieën van de onder 3 genoemde bescheiden aan derden werden verstrekt, deze bij derden terug te vorderen en eveneens aan de advocaat van Van Noort e.a. af te geven,

6. veroordeelt MB-All in de kosten van deze procedure, tot aan deze uitspraak aan de zijde van Van Noort e.a. bepaald op ƒ 1.550,00 voor salaris procureur en op ƒ 525,66 voor verschotten,

7. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

8. weigert het anders of meer gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.A.Z. Hooft Graafland en in het openbaar uitgesproken op 12 juni 2001 in tegenwoordigheid van de griffier mr. T.J. Steenland. De griffier is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.