Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2022:2703

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
20-05-2022
Datum publicatie
20-05-2022
Zaaknummer
C/13/716407 / KG ZA 22-323 IHJK/MvG
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Een man die een agentuurovereenkomst sloot met een Amsterdams softwarebedrijf over de provisie die hij kreeg voor de klanten die hij voor het bedrijf wierf, heeft na de beëindiging van die overeenkomst geen recht meer op provisie.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

zaaknummer / rolnummer: C/13/716407 / KG ZA 22-323 IHJK/MvG

Vonnis in kort geding van 20 mei 2022

in de zaak van

[eiser] ,

wonende te [woonplaats] ,

eiser bij dagvaarding van 28 april 2022,

advocaat mr. A.C. van der Bent te Rotterdam,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

EDSSON SOFTWARE B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde,

advocaat mr. M.G. Lutje Beerenbroek te Amsterdam.

Partijen zullen hierna [eiser] en Edsson Software worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Tijdens de mondelinge behandeling van dit kort geding op 6 mei 2022 heeft [eiser] zijn vorderingen toegelicht. Edsson Software heeft verweer gevoerd. Beide partijen hebben producties en een pleitnotitie in het geding gebracht. Vonnis is bepaald op heden.

1.2.

Bij de mondelinge behandeling waren aanwezig:

- [eiser] en zijn dochter met mr. Van der Bent;

- aan de zijde van Edsson Software: [naam 1] , aandeelhouder, met mr. Lutje Beerenbroek en via een videobelverbinding [naam 2] , CEO, en mr. K. Lenssen, kantoorgenoot van mr. Lutje Beerenbroek.

2 De feiten

2.1.

Edsson Software levert diensten op het gebied van softwareontwikkeling. Edsson Software is gevestigd in Amsterdam, maar verricht haar diensten vanuit Kiev (Oekraïne).

2.2.

[eiser] was van 2009 tot medio 2014 Sales Director bij en aandeelhouder van Edsson Software.

2.3.

[eiser] , via zijn persoonlijke holding McLake Holding B.V., en Edsson Software hebben op 16 juli 2015 een agentuurovereenkomst gesloten. Partijen hebben daarin afgesproken dat [eiser] provisie ontvangt voor opdrachten van door hem geworven klanten. De provisie bedraagt een percentage van de aan die klanten gefactureerde omzet per maand. In artikel 7 lid 1 van de agentuurovereenkomst staat het volgende:

7.1. In consideration of the obligations undertaken by McLake under this agreement, Client (Edsson Software, vzr) shall pay McLake

7.1.1.

a maximum sales commission rate of twenty-five per cent (25%) of deal value (paid revenue) for named accounts, paid upon receipt by Client of paid funds for the Services as detailed in the client payment schedule.

7.1.2.

a compensation for hours spent for sales efforts for other than named accounts of McLake, when ordered by Client, will be compensated at fifty Euro (50) per hour. Ordering this time requires an email from Client to McLake with conformation of the time required.”

2.4.

Edsson Software verstrekte maandelijks aan [eiser] overzichten waarin de hoogte van de provisie werd berekend.

2.5.

De rechten en verplichtingen van McLake Holding en Edsson Software over en weer uit hoofde van de agentuurovereenkomst zijn op 1 januari 2020 overgegaan op [eenmanszaak] , de eenmanszaak van [eiser] .

2.6.

In april 2021 hebben partijen gesproken over het aanpassen van de agentuurovereenkomst. Edsson Software heeft hiertoe een addendum voorgelegd aan [eiser] . Hij heeft niet ingestemd met dat voorstel.

2.7.

Bij brief van 16 juni 2021 heeft Edsson Software de agentuurovereenkomst met [eiser] opgezegd tegen 31 december 2021.

2.8.

Vervolgens is tussen partijen discussie ontstaan over de vraag of [eiser] na 31 december 2021 recht houdt op provisie.

3 Het geschil

3.1.

[eiser] vordert samengevat - Edsson Software te veroordelen:

1. om binnen twee dagen na het wijzen van dit vonnis en op straffe van een dwangsom aan hem over de maanden januari, februari en maart 2022 en voor de maanden daarna overzichten te verstrekken van:

- de ontwikkelaars die door Edsson Software ten behoeve van door [eiser] aangebrachte klanten zijn ingezet,

- de in- en verkoopprijs per ontwikkelaar en de gehanteerde wisselkoers EUR/USD,

- het aantal per ontwikkelaar gefactureerde uren, en

- de berekening van de aan [eiser] toekomende provisie,

2. tot betaling van de provisie zoals die blijkt uit de overzichten als bedoeld onder 1, steeds te vermeerderen met de wettelijke handelsrente,

3. tot betaling van de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.

3.2.

[eiser] stelt hiertoe dat hij op grond van artikel 7 lid 1 van de agentuurovereenkomst en artikel 7:431 lid 1 Burgerlijk Wetboek (BW) na het eindigen van de agentuurovereenkomst op 31 december 2021 recht houdt op betaling van provisie door Edsson Software, zolang zij omzet genereert van vóór het eindigen van de overeenkomst door hem aangebrachte klanten. Zolang het recht op provisie voortduurt is Edsson Software gehouden om maandelijks overzichten aan [eiser] te verstrekken waaruit de hoogte van de aan hem toekomende provisie blijkt.

3.3.

Edsson Software heeft hiertegen aangevoerd dat [eiser] na het beëindigen van de agentuurovereenkomst geen recht meer heeft op provisie, noch op grond van die overeenkomst noch op grond van artikel 7:431 lid 1 BW.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

De vordering van [eiser] strekt tot nakoming van gemaakte afspraken. Een vordering tot nakoming kan in kort geding alleen worden toegewezen, indien voldoende aannemelijk is dat de bodemrechter het standpunt van eiser zal volgen, bijvoorbeeld als gedaagde een kennelijk ongegrond verweer voert, en indien van eiser niet kan worden gevergd dat hij de uitslag van de bodemprocedure afwacht.

4.2.

[eiser] heeft een beroep gedaan op artikel 7 lid 1 van de agentuurovereenkomst (zie 2.3). In dit artikel valt niet te lezen en het kan redelijkerwijs ook niet zo worden opgevat dat partijen hebben afgesproken dat [eiser] recht houdt op provisie nadat de agentuurovereenkomst is geëindigd. [eiser] heeft in de dagvaarding onvoldoende gemotiveerd waar de verplichting van Edsson Software tot doorbetaling van de provisie na het einde van de overeenkomst verder uit zou kunnen volgen. De agentuurovereenkomst biedt daarom geen basis voor de vordering van [eiser] .

4.3.

Artikel 7:431 lid 1 BW biedt evenmin een basis voor de vordering van [eiser] . Op grond van dat artikellid heeft de handelsagent gedurende de looptijd van de overeenkomst - en dus niet daarna - recht op provisie in de daarin genoemde drie gevallen (zie A.G. Castermans en H.B. Krans, Tekst & Commentaar BW, art. 7:431 BW, aant. 2). Op grond van lid 2 van artikel 7:431 BW heeft een handelsagent in bepaalde gevallen recht op provisie voor de voorbereiding van na het einde van de agentuurovereenkomst tot stand gekomen overeenkomsten. Dat die situatie zich hier voordoet is gesteld noch gebleken.

4.4.

Bovenstaande betekent dat de vorderingen van [eiser] worden afgewezen. Dit neemt niet weg dat [eiser] mogelijk een aanspraak heeft op een klantenvergoeding op grond van artikel 7:442 BW en/of schadevergoeding. Daartoe is in dit kort geding echter geen vordering ingesteld.

4.5.

[eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten, tot op heden aan de zijde van Edsson Software begroot op € 2.837,00 aan griffierecht en € 1.016,00 aan salaris advocaat.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

weigert de gevraagde voorzieningen,

5.2.

veroordeelt [eiser] in de proceskosten, tot op heden aan de zijde van Edsson Software begroot op € 3.853,00,

5.3.

verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. I.H.J. Konings, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. M.F. van Grootheest, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2022.1

1 type: MvG coll: mb