Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2021:4225

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
10-06-2021
Datum publicatie
30-08-2021
Zaaknummer
13/751464-21
Rechtsgebieden
Europees strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste en enige aanleg
Inhoudsindicatie

Verzoek om toestemming te verlenen voor de uitbreiding van de tenuitvoerlegging van vrijheidsstraffen als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aanhef en onder f, OLW - weigeringsgrond van artikel 12 OLW van toepassing - toestemming wordt geweigerd

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/751464-21

RK nummer: 21/2325

Datum uitspraak: 10 juni 2021

Beslissing

op het verzoek om toestemming te verlenen voor de uitbreiding van de tenuitvoerlegging van vrijheidsstraffen als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aanhef en onder f, Overleveringswet (OLW). Dit verzoek is ingediend door de Arrondissementsrechtbank te Warschau, VIII Afdeling Strafzaken (Polen) op 13 januari 2020 en betreft de uitbreiding van de tenuitvoerlegging van vrijheidsstraffen van:

[opgeëiste persoon]

geboren te [geboorteplaats] (Polen) op [geboortedag] 1980

thans gedetineerd in Polen

hierna te noemen de overgeleverde persoon.

1 Procesgang

Het verzoek is behandeld in de meervoudige raadkamer op 27 mei 2021, in tegenwoordigheid van de officier van justitie mr. C.L.E. McGivern.

2 Beoordeling van het verzoek

2.1

Inleiding

Bij uitspraak van 10 oktober 2019 heeft de rechtbank de overlevering van de overgeleverde persoon aan Polen toegestaan. De betrokkene is nadien overgeleverd aan Polen. Het onderhavige verzoek strekt tot het verlenen van toestemming tot uitbreiding van de tenuitvoerlegging van vrijheidsstraffen in Polen.

Het verzoek gaat vergezeld van de gegevens als bedoeld in artikel 2, tweede lid, OLW.

Op grond van artikel 14 OLW moet de rechtbank de verzochte toestemming verlenen ten aanzien van feiten waarvoor krachtens de Overleveringswet overlevering had kunnen worden toegestaan en die voorafgaand aan de eerder verleende toestemming tot overlevering zijn begaan. Dit betekent dat de rechtbank hetzelfde toetsingskader moet hanteren als bij de beoordeling van een EAB.

2.2

Grondslag en inhoud van het verzoek

In het verzoek wordt melding gemaakt van een vonnis van de arrondissementsrechtbank van Warschau van 9 augustus 2017, dossier nr. VIII K 366/11, gewijzigd bij het vonnis van het Hof van Beroep in Warschau van 22 januari 2019, dossier nr. II AKa 368/18.

Het verzoek strekt tot de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van 2 jaar en

6 maanden, door de overgeleverde persoon te ondergaan op het grondgebied van Polen.

De vrijheidsstraf is aan de overgeleverde persoon opgelegd bij het hiervoor genoemde vonnis ter zake van het feit dat is omschreven in onderdeel e) van het verzoek. Een door de griffier gewaarmerkte fotokopie van dit onderdeel is als bijlage aan deze uitspraak gehecht.

2.3

Strafbaarheid

Feit vermeld op bijlage 1 bij de OLW

Onderzoek naar de dubbele strafbaarheid van het feit waarvoor de uitbreiding tot tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf wordt verzocht, moet achterwege blijven, nu de justitiële autoriteit het strafbare feit heeft aangeduid als een feit vermeld in de lijst van bijlage 1 bij de OLW. Dit feit valt op deze lijst onder nummer 18, te weten:

Georganiseerde of gewapende diefstal

Volgens de in rubriek c) van het verzoek vermelde gegevens is op dit feit naar het recht van Polen een vrijheidsstraf met een maximum van ten minste drie jaren gesteld.

2.4.

Artikel 12 OLW

Door de Poolse autoriteit is in rubriek d) niet vermeld of de opgeëiste persoon in persoon bij het proces is verschenen dat tot het vonnis heeft geleid waarvoor toestemming tot tenuitvoerlegging wordt verzocht.

De officier van justitie stelt zich primair op het standpunt dat het verzoek van de Poolse autoriteit moet worden geweigerd nu het Openbaar Ministerie meerdere malen heeft verzocht om nadere informatie en de Poolse autoriteit heeft geweigerd deze informatie te verstrekken. Subsidiair verzoekt de officier van justitie de behandeling van de zaak aan te houden teneinde nogmaals aan de Poolse autoriteit om informatie te verzoeken.

De rechtbank acht onder de door de officier van justitie geschetste omstandigheden de weigeringsgrond van artikel 12 OLW van toepassing.

Op grond van de tot op heden door de Poolse autoriteit verschafte informatie valt immers niet vast te stellen of de overgeleverde persoon zijn verdedigingsrechten heeft kunnen uitoefenen ten aanzien van het vonnis dat tot de opgelegde vrijheidsstraf heeft geleid. Daar komt bij dat de officier van justitie meermalen aan de Poolse autoriteiten heeft verzocht om nadere informatie en hier geen antwoord op is gekomen.

De rechtbank acht het mede gezien de beslistermijn en de voortdurende onzekerheid bij de opgeëiste persoon niet aangewezen de officier van justitie nogmaals de opdracht te geven de Poolse autoriteiten te verzoeken om nadere informatie. Verder is ook niet gebleken dat de overgeleverde persoon afstand heeft gedaan van zijn recht om aanwezig te zijn op de zitting die tot het vonnis heeft geleid waarvoor toestemming tot tenuitvoerlegging wordt verzocht.

De rechtbank zal gelet op het voorgaande geen toestemming verlenen tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis VIIII K 366/11opgelegde vrijheidsstraf.

3 Slotsom

Nu de weigeringsgrond van artikel 12 OLW aan het verlenen van de verzochte toestemming in de weg staat, zal de rechtbank de verzochte toestemming weigeren.

4 Beslissing

Weigert de toestemming aan de Arrondissementsrechtbank te Warschau, VIII Afdeling Strafzaken (Polen) voor de uitbreiding van de tenuitvoerlegging van de aan [opgeëiste persoon] opgelegde vrijheidsstraf.

Aldus gedaan door

mr. M.E.M. James-Pater, voorzitter,

mrs. N.M. van Waterschoot en C. Huizing-Bruil, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. H.L. van Loon, griffier,

en uitgesproken in raadkamer van 10 juni 2021.