Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2021:2741

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
14-05-2021
Datum publicatie
08-06-2021
Zaaknummer
20/8986
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Zorgmachtiging verleend voor 6 maanden. Met oplegging van een civielrechtelijk dwangkader in combinatie met een strafrechtelijk drangkader wordt het meest geschikte behandelkader aan betrokkene geboden en wordt bovendien de maatschappij beschermd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling Strafrecht

Locatie: Amsterdam

Zorgmachtiging (artikel 2.3, eerste lid, Wet forensische zorg (Wfz) jo. art. 6:5, aanhef en onderdeel a, Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz)).

Rekestnummer: 20/8986

Beschikking van de rechtbank op het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 Wvggz, ten aanzien van:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1995 te [geboorteplaats] ,

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:

[adres] ,

gedetineerd in [detentieadres] ,

hierna te noemen: betrokkene.

1 Procesverloop

1.1.

De officier van justitie heeft verzocht een zorgmachtiging ten behoeve van betrokkene te verlenen. Dit verzoekschrift is op 12 maart 2021 bij de rechtbank binnengekomen. Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

- de medische verklaring van psychiater H. Schaffels van 23 februari 2021;

- de bevindingen van de geneesheer-directeur N. Ruhl van 10 maart 2021;

- het consult rechtspleging van psycholoog M. Breij van 26 oktober 2020;

- de reclasseringsrapportages van reclassering Inforsa van 26 oktober 2020 en 17 maart 2021;

- een uittreksel uit het curatele- en bewindregister van 29 oktober 2020;

- de Pro Justitia rapportages van 14 januari 2013, 22 november 2013 en 23 november 2013, die zijn opgemaakt in een eerdere strafzaak tegen betrokkene;

- het reclasseringsrapport van reclassering Inforsa van 21 december 2015, waarin in een eerdere strafzaak werd geadviseerd tot oplegging van de maatregel van Plaatsing in een Inrichting voor Jeugdigen (PIJ-maatregel) aan betrokkene;

- de politiegegevens en de strafvorderlijke en justitiële gegevens van betrokkene die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van het ernstig nadeel.

De rechtbank heeft per e-mail van 21 april 2021 als aanvulling op het verzoekschrift de volgende stukken ontvangen:

- een memo van de (zorg)officier van justitie mr. J. Ang;

- het zorgplan van GGZ inGeest, opgesteld door psychiater B.G. Heij, datum onbekend; Heij

- de medische verklaring van psychiater H. Schaffels van 17 maart 2021.

- de bevindingen van de geneesheer-directeur H. Schaffels van 15 april 2021;

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 30 april 2021 in het gebouw van de rechtbank Amsterdam.,

1.3.

Ter zitting waren aanwezig en heeft de rechtbank gehoord:

- de betrokkene;

- de advocaat van betrokkene mr. J.W.F. Menick;

- de officier van justitie mr. S. van der Hart;

- de zorgverantwoordelijke/behandelend psychiater M. Eggers;

- de geneesheer-directeur H. Schaffels, door middel van een telefonische verbinding.

2 Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft de rechtbank verzocht een zorgmachtiging te verlenen. Ten aanzien van de verschillende vormen van zorg en de op te leggen duur heeft de officier van justitie verwezen naar het zorgplan.

3 Standpunt van betrokkene

Betrokkene heeft ter terechtzitting verklaard dat hij een klinische opname niet nodig vindt, omdat hij vrijwillig zijn medicatie tegen zijn psychotische klachten slikt. Daarnaast heeft betrokkene benadrukt dat hij is gestopt met het gebruik van cannabis. Volgens betrokkene kunnen zijn broer en zus controleren of hij zijn medicatie zal blijven gebruiken.

De advocaat van betrokkene heeft zich primair op het standpunt gesteld dat het verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging moet worden afgewezen, omdat geen sprake is van maatschappelijke teloorgang. Betrokkene slikt vrijwillig zijn medicijnen, heeft een eigen huis en er is geen sprake van schuldenproblematiek.

Indien de rechtbank een zorgmachtiging verleent, heeft de advocaat van betrokkene aangevoerd dat verplichte zorg in een ambulant behandelkader volstaat, omdat betrokkene vrijwillig zijn medicatie inneemt. Een zorgmachtiging voor de duur van drie maanden is volgens de advocaat afdoende om een stabiele leefsituatie op te bouwen.

4 Toelichting psychiater M. Eggers

De psychiater heeft ter terechtzitting toegelicht dat betrokkene sinds anderhalve maand vrijwillig zijn medicatie inneemt. Sindsdien is een positieve gedragsverandering zichtbaar.

5 Toelichting geneesheer-directeur H. Schaffels

De geneesheer-directeur heeft ter terechtzitting telefonisch toegelicht dat het noodzakelijk is dat de behandeling van betrokkene, vanwege het hoge recidiverisico, in aanvang plaatsvindt binnen de beveiligde klinische setting van een Forensisch Psychiatrische Kliniek (hierna: FPK) of Forensisch Psychiatrische Afdeling (hierna: FPA). Binnen een dergelijke setting kan de behandeling van betrokkene eerst worden gericht op het stabiliseren van zijn problematiek, waarna kan worden toegewerkt naar voortzetting van de behandeling in een ambulant kader, een terugkeer naar de thuissituatie van betrokkene en het opbouwen van een stabiele leefsituatie. Betrokkene kan in het kader van een zorgmachtiging in FPA [naam] te [plaats] worden geplaatst.

Op grond van artikel 2.3 van de Wet forensische zorg (Wfz) kan betrokkene via een zorgmachtiging voor zes maanden worden opgenomen binnen de beveiligde setting van voornoemde instelling, waarna de behandeling via een zorgmachtiging naar verwachting moet worden voortgezet binnen een reguliere GGZ-instelling. Het is noodzakelijk om naast de zorgmachtiging een strafrechtelijk drangkader op te leggen onder de bijzondere voorwaarde van plaatsing in een FPK/FPA, zodat de behandeling van betrokkene – indien geïndiceerd – na zes maanden kan worden voortgezet binnen een klinische setting. Met oplegging van een civielrechtelijk dwangkader in combinatie met een strafrechtelijk drangkader kan het meest geschikte behandelkader aan betrokkene worden geboden en wordt bovendien de maatschappij beschermd tegen recidive van betrokkene.

6 Beoordeling

6.1.

Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychotische stoornis en aan een stoornis in het gebruik van cannabis, die nu in vroege volledige remissie is.

6.2.

Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in

a. levensgevaar;

b. ernstig lichamelijk letsel;

c. ernstige psychische schade;

d. maatschappelijke teloorgang;

e. de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept.

6.3.

Om een crisissituatie en ernstig nadeel af te wenden heeft betrokkene verplichte zorg nodig, alsook om de geestelijke gezondheid van betrokkene dusdanig te herstellen dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint.

6.4.

Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig. De in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg zijn gebaseerd op het zorgplan, de medische verklaring en de bevindingen van de geneesheer-directeur.

De volgende vormen van zorg worden voor na te noemen duur verzocht:

Vorm van zorg

Duur

toedienen van medicatie

6 maanden

het verrichten van medische controles

6 maanden

beperken van de bewegingsvrijheid

6 maanden

Insluiten

6 maanden

uitoefenen van toezicht op betrokkene

6 maanden

onderzoek aan kleding of lichaam

6 maanden

onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen

6 maanden

controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen

6 maanden

aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen

6 maanden

opnemen in een accommodatie

6 maanden

6.5.

De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste zorg is rekening gehouden met de met de veiligheid van betrokkene en met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen.

6.6.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.

6.7.

Vanwege de ernst van de psychiatrische problematiek van betrokkene en het daarmee samenhangende risico op recidive is het niet mogelijk om de behandeling van betrokkene binnen een ambulant behandelkader te laten aanvangen. Gelet op het advies van de geneesheer-directeur, dat langdurige behandeling binnen een stevig behandelkader noodzakelijk is om de kans op recidive terug te dringen, ziet de rechtbank geen aanleiding om de opname in een accommodatie te beperkten tot maximaal drie maanden. De rechtbank acht behandeling in het kader van een zorgmachtiging voor de duur van maximaal zes maanden passend en geboden. Daarbij heeft de rechtbank meegewogen dat de behandeling ambulant zal worden voortgezet, zodra de behandelaars dit geïndiceerd achten.

6.8.

De rechtbank komt tot de conclusie dat is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. De zorgmachtiging zal dan ook worden verleend.

6.9.

De verschillende vormen van zorg kunnen voor de hieronder gestelde termijnen worden toegepast. Deze termijnen zijn noodzakelijk om het doel van verplichte zorg te realiseren.

6.10.

Gelet op het overwogene onder 6.7. wordt betrokkene tijdelijk geplaatst binnen de beveiligde setting van FPA [naam] te [plaats]. Zodra de geneesheer-directeur van deze instelling voortzetting van de behandeling in een ambulant kader geïndiceerd acht, zal betrokkene worden overgeplaatst naar de reguliere GGZ-instelling “ [naam instelling] ” van GGZ inGeest, waar zijn behandeling door het ACT-team van GGZ inGeest zal worden voortgezet.

7 Beslissing

De rechtbank:

Wijst toe het verzoek van de officier van justitie en verleent een zorgmachtiging ten aanzien van:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1995 te [geboorteplaats],

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

Vorm van zorg

Duur

toedienen van medicatie

6 maanden

het verrichten van medische controles

6 maanden

beperken van de bewegingsvrijheid

6 maanden

insluiten

6 maanden

uitoefenen van toezicht op betrokkene

6 maanden

onderzoek aan kleding of lichaam

6 maanden

onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen

6 maanden

controleren op de aanwezigheid van gedragsbeïnvloedende middelen

6 maanden

aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen

6 maanden

opnemen in een accommodatie

6 maanden

Betrokkene wordt tijdelijk geplaatst op de Forensisch Psychiatrische Afdeling (FPA) van [naam] te [plaats].

Deze zorgmachtiging is bij voorraad uitvoerbaar. De machtiging is geldig vanaf dagtekening en moet binnen twee weken ten uitvoer worden gelegd.

Deze zorgmachtiging is geldig voor de duur van 6 (zes) maanden, te weten uiterlijk tot en met 14 november 2021.

Deze beslissing is op 14 mei 2021 gegeven door

mr. R.C.J. Elte-Hamming, voorzitter,

mrs. E.A. Messer en D. Abels, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. K.P.M. Smeets, griffier.

Tegen de beschikking van deze rechtbank staat voor verzoeker beroep in cassatie bij de Hoge Raad open,

in te stellen door een advocaat middels het indienen van een verzoekschrift bij de griffie van de Hoge Raad,

binnen drie maanden na de dag van de uitspraak van deze beschikking.