Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2021:2063

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
26-04-2021
Datum publicatie
07-06-2021
Zaaknummer
AWB - 21_742
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Beroep niet tijdig. Bezwaar tegen dwangsombesluit. Bezwaarschrift ongedateerd en geen ontvangstbevestiging. Niet voldaan aan voorwaarden voor het instellen van beroep. Het beroep is niet ontvankelijk.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Bestuursrecht

zaaknummer: AWB 21/742

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser

(gemachtigde: [gemachtigde] ),

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam, verweerder

Procesverloop

Eiser heeft met de brief van 28 januari 2021, door de rechtbank ontvangen op 3 februari 2021, beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing op zijn bezwaar.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Overwegingen

1. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

2. Tegen het niet tijdig nemen van een besluit kan beroep worden ingesteld.1Het beroepschrift kan worden ingediend als het bestuursorgaan niet tijdig een besluit heeft genomen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.2

3. Met een besluit van 15 oktober 2020 heeft verweerder besloten geen dwangsom aan eiser toe te kennen naar aanleiding van zijn ingebrekestelling van 18 september 2020. Eiser stelt dat hij op 13 november 2020 bezwaar heeft gemaakt tegen dit besluit. Verweerder ontkent het bezwaarschrift ontvangen te hebben. De rechtbank stelt vast dat het bezwaarschrift niet is voorzien van een dagtekening. Daarnaast heeft eiser geen ontvangstbevestiging overgelegd waaruit blijkt of, en zo ja, op welke datum het bezwaarschrift door verweerder is ontvangen. Op grond van de in het dossier aanwezige stukken kan de rechtbank niet vaststellen dat eiser daadwerkelijk bezwaar heeft gemaakt tegen de afwijzing van zijn dwangsomverzoek, noch op de door hem genoemde datum, noch op een andere datum. Het emailbericht van 13 november 2020 kan daaraan niet afdoen, nu niet duidelijk is op welk bezwaarschrift deze email betrekking heeft.

4. Gelet hierop moet naar het oordeel van de rechtbank worden geconcludeerd dat niet is voldaan aan de voorwaarden voor het instellen van beroep, zoals genoemd in artikel 6:12, tweede lid, onder a, van de Algemene wet bestuursrecht en dat dus geen sprake is van een ontvankelijk beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit door verweerder. Het beroep zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.

5. Ten overvloede merkt de rechtbank op dat uit vaste rechtspraak volgt dat geen dwangsom wordt verbeurt bij het niet tijdig nemen van een besluit op bezwaar tegen een dwangsombeschikking. Dat betekent dat ook bij een (tijdig) bezwaar, geen dwangsom is verbeurd.3

6. Voor een proceskostenveroordeling of teruggave van het griffierecht is geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M.M.L.A.T. Doll, rechter, in aanwezigheid van

mr. N. van der Kroft, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op:

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden ingesteld bij deze rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.

1 Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, in samenhang met artikel 7:1, eerste lid, aanhef en onder f, van de Awb.

2 Artikel 6:12, tweede lid, van de Awb

3 Zie hiervoor de uitspraak van 10 december 2014 van de Raad van State ECLI:NL:RVS:2014:4448