Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2021:1716

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
08-04-2021
Datum publicatie
16-04-2021
Zaaknummer
21-1827
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Op tegenspraak
Beschikking
Inhoudsindicatie

Zorgmachtiging verleend aan betrokkene, welke machtiging aansluit op de TBS-maatregel met dwangverpleging (waarvan de vordering tot verlenging is afgewezen).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling Strafrecht

Locatie: Amsterdam

Datum: 8 april 2021

Zorgmachtiging (artikel 2.3, eerste lid, Wet forensische zorg (Wfz) jo. art. 6:5, aanhef en onderdeel a, Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz))

Rekestnummer: 21/1827

Beschikking van de rechtbank op het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 Wvggz, ten aanzien van:

[betrokkene] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 2] 1985,

thans verpleegd in [FPC] ,

bijgestaan door zijn raadsman mr. R.A.F. Jansen, advocaat te Rotterdam,

hierna te noemen: betrokkene.

1 Procesverloop

1.1.

De officier van justitie heeft verzocht een zorgmachtiging ten behoeve van betrokkene te verlenen. Dit verzoekschrift is op 17 maart 2021 bij de rechtbank binnengekomen. Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

  • -

    de medische verklaring;

  • -

    de zorgkaart inclusief de bijlagen;

  • -

    het zorgplan inclusief de bijlagen;

  • -

    de bevindingen van de geneesheer-directeur;

  • -

    een afschrift van de indicatiestelling en het verplegings- en behandelingsplan, bedoeld in de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;

  • -

    de politiegegevens en de strafvorderlijke en justitiële gegevens van betrokkene.

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoekschrift heeft plaatsgevonden op 25 maart 2021 in het gebouw van de rechtbank.

1.3.

Ter zitting zijn aanwezig en worden gehoord:

  • -

    betrokkene;

  • -

    de raadsman van betrokkene inzake het verzoekschrift tot het afgeven van een zorgmachtiging;

  • -

    de raadsvrouw van betrokkene inzake de vordering tot verlenging van de tbs-maatregel;

  • -

    de officier van justitie;

  • -

    de deskundigen R. van Beusekom (hoofd behandeling van [FPC] ) en W. de Ruiter (onafhankelijk psychiater).

2 Standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie heeft de rechtbank verzocht een zorgmachtiging te verlenen. Ten aanzien van de verschillende vormen van zorg en de op te leggen duur heeft de officier van justitie verwezen naar het verzoekschrift.

3 Standpunt van betrokkene

De raadsman van betrokkene heeft aangevoerd dat het verzoek moet worden toegewezen.

4 Beoordeling

4.1.

Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen.

4.2.

Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel en ernstige maatschappelijke teloorgang,

4.3.

Om ernstig nadeel af te wenden, de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren en de geestelijke gezondheid van betrokkene dusdanig te herstellen dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint, heeft betrokkene verplichte zorg nodig.

4.4.

Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig. De in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg zijn gebaseerd op het zorgplan, de medische verklaring en het advies van de geneesheer-directeur.

De volgende vormen van zorg worden voor na te noemen duur verzocht:

Vorm van zorg

Duur

toedienen van vocht

6 maanden

toedienen van voeding

6 maanden

toedienen van medicatie

6 maanden

het verrichten van medische controles

6 maanden

het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening

6 maanden

beperken van de bewegingsvrijheid

6 maanden

insluiten

6 maanden

uitoefenen van toezicht op betrokkene

6 maanden

onderzoek aan kleding of lichaam

6 maanden

onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen

6 maanden

controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen

6 maanden

aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen

6 maanden

beperken van het recht op het ontvangen van bezoek

6 maanden

opnemen in een accommodatie

6 maanden

4.5.

De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste zorg is rekening gehouden met de veiligheid van betrokkene en met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen.

4.6.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.

4.7.

Wat door betrokkene als verweer is aangevoerd maakt dit niet anders.

4.8.

De rechtbank komt tot de conclusie dat is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. De zorgmachtiging zal dan ook worden verleend.

4.9.

De verschillende vormen van zorg kunnen voor de hieronder gestelde termijnen worden toegepast. Deze termijnen zijn noodzakelijk om het doel van verplichte zorg te realiseren.

4.10.

Indien de geneesheer-directeur dit noodzakelijk acht vanwege de veiligheid binnen de accommodatie, kan betrokkene tijdelijk worden overgeplaatst naar een rijksinstelling voor forensische zorg of een private instelling voor de verpleging van ter beschikking gestelden. De duur van een tijdelijke overplaatsing wordt beperkt tot acht weken. De Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden is voor de duur van de opname in voornoemde instelling van overeenkomstige toepassing voor zover vermeld in artikel 6:4 lid 5 Wvggz.

5 Beslissing

De rechtbank:

Wijst toe het verzoek van de officier van justitie en verleent een zorgmachtiging ten aanzien van

[betrokkene] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 1] 1985,

thans verpleegd in [FPC] ,

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

Vorm van zorg

Duur

toedienen van vocht

6 maanden

toedienen van voeding

6 maanden

toedienen van medicatie

6 maanden

het verrichten van medische controles

6 maanden

het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening

6 maanden

beperken van de bewegingsvrijheid

6 maanden

insluiten

6 maanden

uitoefenen van toezicht op betrokkene

6 maanden

onderzoek aan kleding of lichaam

6 maanden

onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen

6 maanden

controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen

6 maanden

aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen

6 maanden

beperken van het recht op het ontvangen van bezoek

6 maanden

opnemen in een accommodatie

6 maanden

Bepaalt dat betrokkene voor de duur van maximaal acht weken kan worden overgeplaatst naar een rijksinstelling voor forensische zorg of een private instelling voor de verpleging van ter beschikking gestelden. De Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden is voor de duur van de opname in voornoemde instelling van overeenkomstige toepassing voor zover vermeld in artikel 6:4 lid 5 Wvggz.

Deze zorgmachtiging is uitvoerbaar bij voorraad. De machtiging is geldig vanaf dagtekening en moet binnen twee weken ten uitvoer worden gelegd.

Deze zorgmachtiging is geldig voor de duur van 6 (zes) maanden, te weten uiterlijk tot 8 oktober 2021.

Deze beschikking is op 8 april 2021 gegeven door

mr. I. Mannen, voorzitter,

mrs. H.E. Hoogendijk en M.M. Prinsen, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. J.B.P. Terwindt, griffier.

De jongste rechter is buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.

Tegen de beschikking van deze rechtbank staat voor betrokkene en officier van justitie beroep in cassatie bij de Hoge Raad open,

in te stellen door een advocaat middels het indienen van een verzoekschrift bij de griffie van de Hoge Raad,

binnen drie maanden na de dag van de uitspraak van deze beschikking.