Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2021:1686

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
06-04-2021
Datum publicatie
16-04-2021
Zaaknummer
C/13/700152 / HA RK 2021-119
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Wraking
Inhoudsindicatie

Wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk. Het verzoek is gedaan nadat reeds uitspraak was gedaan.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Wrakingskamer

Beslissing op het bij brief van 31 maart 2021, schriftelijke gedane en onder rekestnummer C/13/700152 / HA RK 21/119 ingeschreven verzoek van:

[verzoekster] ,

wonende te [woonplaats] ,

verzoekster,

welk verzoek strekt tot wraking van mr. E.D. Bonga-Sigmond, kantonrechter, hierna: de rechter.

1. De ontvankelijkheid van het verzoek

1.1.

Bij de rechtbank is onder zaaknummer 8843644 EB VERZ 20-13872 een procedure aanhangig waarbij verzoekster partij is. De zaak is ter behandeling aan de rechter toebedeeld. Op 19 maart 2021 heeft de Wrakingskamer een eerder wrakingsverzoek van verzoekster tegen de rechter in dezelfde zaak afgewezen (zaaknummer C/13/698921 / HA RK 21-82). Op 30 maart 2021 heeft de rechter uitspraak gedaan in de zaak van verzoekster.

1.2.

In artikel 36 van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering is bepaald dat elk van de rechters die een zaak behandelen op verzoek van een partij kan worden gewraakt, op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

1.3.

De Wrakingskamer acht verzoekster kennelijk niet-ontvankelijk in het wrakingsverzoek. Nu de rechter op 30 maart 2021 uitspraak heeft gedaan, had de rechter de zaak van verzoekster niet meer in behandeling toen het verzoek bij brief van 31 maart 2021 werd gedaan. Een verzoek tot wraking kan alleen gericht zijn tegen een rechter die een zaak in behandeling heeft. Een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek kan achterwege blijven.

1.4.

Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.

BESLISSING

De Wrakingskamer:

 verklaart verzoekster niet ontvankelijk in haar verzoek tot wraking;

Aldus gegeven door mrs. N.C.H. Blankevoort, voorzitter, A.W.J. Ros en P.B. Martens, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 april 2021 in tegenwoordigheid van de griffier.

De beslissing is ondertekend door de jongste rechter.

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.