Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2020:6981

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
23-12-2020
Datum publicatie
28-10-2021
Zaaknummer
C/13/681190 / HA ZA 20-299
Rechtsgebieden
Burgerlijk procesrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Car claim procedeert reeds tegen Volkswagen cs over sjoemelsoftware. SDEJ is daarna WAMCA-procedure begonnen. Car Claim heeft incidentele vordering ingesteld; zij wil in die procedure tussenkomen dan wel zich daarin voegen, met het doel de tweede procedure stil te leggen tot de eerste procedure is beslist. Incidentele vordering afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

rolbeslissing

RECHTBANK AMSTERDAM

afdeling privaatrecht

zaaknummer / rolnummer: C/13/681190 / HA ZA 20-299

Rolbeslissing van 23 december 2020

in de zaak van

de stichting

STICHTING DIESEL EMISSIONS JUSTICE,

gevestigd te Amsterdam,

advocaat mr. Q.L.C.M. Bongaerts te Amsterdam,

e i s e r e s,

tegen

1. de vennootschap naar buitenlands recht

VOLKSWAGEN AKTIENGESELLSCHAFT,

gevestigd te Wolfsburg, Duitsland,

advocaat mr. J.K. van Hezewijk te Amsterdam,

2. de vennootschap naar buitenlands recht

AUDI AKTIENGESELLSCHAFT,

gevestigd te Ingolstadt, Duitsland,

advocaat mr. A. Knigge te Amsterdam,

3. de vennootschap naar buitenlands recht

DR. ING. H.C. F. PORSCHE AG,

gevestigd te Stuttgart, Duitsland,

advocaat mr. W. Heemskerk te 's-Gravenhage,

4. de vennootschap naar buitenlands recht

ŠKODA AUTO A.S.,

gevestigd te Mlada Boleslav, Tsjechië,

advocaat mr. J.K. van Hezewijk te Amsterdam,

5. de vennootschap naar buitenlands recht

SEAT S.A.,

gevestigd te Martorell, Spanje,

advocaat mr. J.K. van Hezewijk te Amsterdam,

6. de vennootschap naar buitenlands recht

ROBERT BOSCH GMBH,

gevestigd te Gerlingen-Schillerhöhe, Duitsland,

advocaat mr. D. Horeman te Amsterdam,

7. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PON'S AUTOMOBIELHANDEL B.V.,

gevestigd te Leusden,

advocaat mr. B.W.G. van der Velden te Amsterdam,

8. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOLAND VAN DEN BRUG B.V.,

gevestigd te Drachten,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

9. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BOURGUIGNON LEEUWARDEN B.V.,

gevestigd te Leeuwarden,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

10. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VALLEI AUTO GROEP HOLDING B.V.,

gevestigd te Ede,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

11. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DAGO AALTEN B.V.,

gevestigd te Aalten,

gedaagde,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

12. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOBEDRIJF DAGO B.V.,

gevestigd te Doetinchem,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

13. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOLEASE BEHEER B.V.,

gevestigd te Apeldoorn,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

14. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DE WAAL AUTOGROEP B.V.,

gevestigd te Tiel,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

15. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HEGEMAN GROEP B.V.,

gevestigd te Nijmegen,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

16. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ZIJM B.V.,

gevestigd te Arnhem,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

17. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

CENTUR AUTOGROEP B.V.,

gevestigd te Groningen,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

18. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTO ARENA B.V.,

gevestigd te Venlo,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

19. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

WEALER B.V.,

gevestigd te Heerlen,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

20. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUBORRO B.V.,

gevestigd te Roosendaal,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

21. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOBEDRIJF VAN DEN UDENHOUT B.V.,

gevestigd te 's-Hertogenbosch,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

22. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOBEDRIJF VAN MOSSEL B.V.,

gevestigd te Waalwijk,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

23. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VAN TILBURG-BASTIANEN B.V.,

gevestigd te Breda,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

24. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HERON AUTO AGENTEN B.V.,

gevestigd te Purmerend,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

25. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

A-POINT B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

26. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOBEDRIJF J. MAAS UITHOORN B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

27. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BROEKHUIS ALKMAAR B.V.,

gevestigd te Alkmaar,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

28. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BROEKHUIS DEALER HOLDING B.V.,

gevestigd te Harderwijk,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

29. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PON DEALER B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

30. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HUISKES-KOKKELER AUTOMOBIELBEDRIJVEN B.V.,

gevestigd te Hengelo (Overijssel),

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

31. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

POUW DEALER B.V.,

gevestigd te Leusden,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

32. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTO MUNTSTAD B.V.,

gevestigd te Utrecht,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

33. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOMOBIELBEDRIJF VAN BEYNUM WOERDEN B.V.,

gevestigd te Woerden,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

34. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTO POPPE DE BEVELANDEN B.V.,

gevestigd te Goes,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

35. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AMES AUTOBEDRIJF B.V.,

gevestigd te Dordrecht,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

36. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTO HOOGENBOOM B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

37. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOBEDRIJF J. MAAS ALPHEN AAN DEN RIJN B.V.,

gevestigd te Alphen aan den Rijn,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

38. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOMOBIELBEDRIJF M. DE KONING B.V.,

gevestigd te Krimpen aan den IJssel,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

39. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VAN BEYNUM GOUDA B.V.,

gevestigd te Gouda,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

40. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

WITTEBRUG B.V.,

gevestigd te ‘s-Gravenhage,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

41. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOBEDRIJF J. MAAS NIEUWKOOP B.V.,

gevestigd te Nieuwkoop,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

42. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HEGEMAN ARNHEM B.V.,

gevestigd te Arnhem,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

43. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOBEDRIJF MELSE GOES B.V.,

gevestigd te Goes,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

44. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

M.G.P. BASTIAANSEN HOLDING B.V.,

gevestigd te Waalwijk,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

45. de vennootschap onder firma

AUTOMOBIELBEDRIJF GEBR. SCHENKELS,

gevestigd te Nuenen,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

46. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VERSLUIS AUTOMOBIELEN B.V.,

gevestigd te Zoetermeer,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

47. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BROEKHUIS ASSEN 2 B.V.,

gevestigd te Assen,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

48. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BROEKHUIS EMMEN B.V.,

gevestigd te Emmen,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

49. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BROEKHUIS HOOGEVEEN B.V.,

gevestigd te Hoogeveen,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

50. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOBEDRIJF ROTOR B.V.,

gevestigd te Heerlen,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

51. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOMOBIELBEDRIJF RIJNWOUD B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

52/53. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GARAGEBEDRIJF KORTERINK ZWOLLE B.V.,

gevestigd te Rouveen dan wel Staphorst,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

54. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VAN BENUM MOORDRECHT B.V.,

gevestigd te Moordrecht,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

55. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTO FLEVO B.V.,

gevestigd te Harderwijk,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

56. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTO CARMA B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

57. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AMES AUTO CASA B.V.,

gevestigd te ,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

58. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOBEDRIJF JAN KOK B.V.,

gevestigd te Zwolle,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

59. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTO TRAA B.V.,

gevestigd te Nijmegen,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

60. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GARAGE W.A. MAAS B.V.,

gevestigd te Aalsmeer,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

61. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VAN DER LINDEN GROEP SEAT ZOETERMEER B.V.,

gevestigd te Zoetermeer,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

62. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AUTOBEDRIJF VAN DER LINDEN WADDINXVEEN B.V.,

gevestigd te Waddinxveen,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

63. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PCG B.V.,

gevestigd te Heteren,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

64. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PCT B.V.,

gevestigd te Enter,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

65. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PON LUXURY CARS B.V.,

gevestigd te Leusden,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

66. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PGZ B.V.,

gevestigd te Eindhoven,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

67. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PON LUXURY CARS AMSTERDAM B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

advocaat mr. M.W.E. Evers te Amsterdam,

g e d a a g d e n,

en

de stichting

STICHTING CAR CLAIM,

gevestigd te Rotterdam

eiseres in incidentele vorderingen tot voeging, tussenkomst en aanhouding,

advocaat mr. P. Haas te Rotterdam.

De voornoemde eiseres en gedaagden in de hoofdzaak zijn tevens verweersters in de genoemde incidenten

Eiseres zal hierna SDEJ genoemd worden, gedaagden 1-5 worden afzonderlijk Volkswagen, Audi, Porsche, Škoda en Seat genoemd en samen Volkswagen c.s. Gedaagden 6 en 7 worden Bosch respectievelijk Pon genoemd. Gedaagden onder 8-67 worden aangeduid als de Autodealers. Eiseres in de incidenten zal worden aangeduid als Car Claim.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding;

  • -

    de akte overlegging producties;

  • -

    de incidentele conclusie houdende vordering tot tussenkomst, tevens houdende vordering

tot aanhouding, althans tot voeging, met producties, van Car Claim;

- de conclusie van antwoord in verband met de incidentele vorderingen tot tussenkomst,

voeging of aanhouding, met producties, van SDEJ;

- de conclusie van antwoord in het incident tot tussenkomst, althans tot voeging, van

Volkswagen c.s.;

- de conclusie van antwoord in het incident tot tussenkomst tevens vordering tot aanhouding

althans tot voeging, van Bosch;

  • -

    de conclusie van antwoord in incident tot tussenkomst of voeging ex art. 217 Rv, van Pon;

  • -

    de incidentele conclusie van antwoord, met producties, van de Autodealers;

  • -

    de brief van Volkswagen c.s. van 1 december 2020,

  • -

    de brief van Pon van 7 december 2020

  • -

    de brief van Bosch van 8 december 2020,

  • -

    de brief van SDEJ van 9 december 2020;

  • -

    de brief van Car Claim van 10 december 2020.

2 De beoordeling

2.1.

De rechtbank heeft eerder bepaald dat op 18 januari 2021 een zitting zal plaatsvinden in deze zaak, waarbij de door Car Claim opgeworpen incidenten mondeling worden behandeld en tevens een regiezitting plaatsvindt teneinde het verdere verloop van de procedure te bespreken.
Deze rolbeslissing dient om de agenda van de zitting van 18 januari 2021 vast te stellen en partijen de gelegenheid te geven ter zitting te reageren op de – op basis van de door partijen geleverde inbreng – door de rechtbank voorgestelde procesorde.

ingekomen brieven

2.2.

Volkswagen c.s. heeft bij brief van 1 december 2020 het standpunt ingenomen dat de behandeling en beslissing van de incidenten zouden moeten worden uitgesteld tot is geoordeeld over de bevoegdheid van de Nederlandse rechter, de toepasselijkheid van de Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie (hierna: WAMCA) en de ontvankelijkheid van SDEJ. Verder heeft zij gesteld dat op de regiezitting geen inhoudelijk debat gevoerd zou moeten worden over de toepasselijkheid van de WAMCA. Ten slotte heeft Volkswagen c.s. een voorstel gedaan voor de fasering van de procedure:

a. internationale bevoegdheid

b. toepasselijkheid WAMCA

c. ontvankelijkheid en toepasselijk materieel recht

d. incidentele vorderingen van Car Claim

e. nadere regie.

2.3.

Pon heeft er bij brief van 7 december 2020 op gewezen dat in de berichten van 18 augustus 2020 en 23 september 2020 alleen wordt verwezen naar het door Car Claim opgeworpen voegingsincident, maar dat Car Claim ook incidenten strekkende tot tussenkomst en aanhouding heeft opgeworpen.

Verder heeft Pon gewezen op processuele complicaties indien reeds nu wordt beslist over voeging of tussenkomst en pas later over de toepasselijkheid van de WAMCA. Dat zou er toe kunnen leiden dat de mondelinge behandeling weliswaar plaatsvindt, maar dat de beslissing wordt aangehouden.

Pon heeft zich wat de voorgestelde fasering betreft aangesloten bij Volkswagen c.s. Zij stelt voor bij de regiezitting de te hanteren termijnen en het al dan niet toestaan van re- en dupliek te bespreken. Verder is Pon van mening dat de regiezitting niet geschikt is om de toepasselijkheid van de WAMCA te bespreken. Daarbij wijst zij er op dat de WAMCA gedeeltelijk van toepassing zou kunnen zijn.

2.4.

Bosch sluit zich aan bij de door Volkswagen c.s. ingenomen standpunten inzake de wenselijkheid eerst over de toepasselijkheid van de WAMCA te beslissen alvorens te beslissen over de incidenten. Ook Bosch acht het onwenselijk de toepasselijkheid van de WAMCA te bespreken op de regiezitting. Ook zij is het eens met de door Volkswagen c.s. voorgestelde fasering.

2.5.

SDEJ vindt de voorstellen van de kant van gedaagden een nodeloos vertragende en gecompliceerde rechtsgang. Zij stelt voor dat in de eerste schriftelijke ronde de toepasselijkheid van de WAMCA wordt behandeld en dat partijen zich daarbij ook uitlaten over de ontvankelijkheidsvoorwaarden volgens de WAMCA en/of artikel 3:305a (oud) Burgerlijk Wetboek (BW). SDEJ verzet zich tegen uitstel van de mondelinge behandeling van de door Car Claim opgeworpen incidenten. Na deze schriftelijke ronde zou een mondelinge behandeling kunnen plaatsvinden en zou een tussenvonnis moeten worden gewezen. Het debat over de bevoegdheid kan eventueel daarna plaatsvinden in een tweede schriftelijke ronde, maar niet ervoor.

Vervolgens dient te worden beslist op het verzoek van SDEJ om als exclusieve belangenbehartiger te worden aangewezen.

2.6.

Car Claim refereert zich met betrekking tot de hiervoor beschreven voorstellen van de overige partijen aan het oordeel van de rechtbank.

in de incidenten

2.7.

De rechtbank stelt voorop dat de wet bepaalt dat op incidenten ‘indien de zaak dat medebrengt’ eerst en vooraf wordt beslist (artikel 209 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv)). In dit geval doet zich de situatie voor dat denkbaar is dat de beslissing over de incidenten mede afhangt van de vraag of in deze zaak de WAMCA geheel of gedeeltelijk van toepassing is. Het uitstellen van de mondelinge behandeling van de incidenten totdat is beslist over de toepasselijkheid van de WAMCA zou echter tot vertraging van de procedure kunnen leiden. Daarom zal de geplande mondelinge behandeling wel worden gehouden, maar dat sluit niet uit dat het mogelijk is dat de beslissing in de incidenten geheel of gedeeltelijk zal moeten worden aangehouden, omdat eerst in de hoofdzaak andere beslissingen genomen moeten worden alvorens over de incidenten te beslissen.

Pon heeft terecht gesignaleerd dat in eerdere berichten van de rechtbank alleen het voegingsincident is genoemd, in andere berichten is wel sprake geweest van ‘de incidenten’. Voor alle duidelijkheid zal de rechtbank bepalen dat op 18 januari 2021 alle door Car Claim opgeworpen incidenten worden behandeld.

in de hoofdzaak

toepasselijkheid van de WAMCA

2.8.

De rechtbank komt terug op het in de brief van 19 maart 2020 geuite voornemen om op de regiezitting de vraag of de WAMCA (geheel of gedeeltelijk) toepasselijk is op de in deze zaak ingestelde vorderingen te bespreken. Het verzoek van gedaagden om over deze kwestie eerst schriftelijk een standpunt in te mogen nemen wordt toegewezen.

kader voor de indeling van de procedure

2.9.

De rechtbank zal voordat zij tot een inhoudelijke behandeling komt de volgende vragen moeten beslissen:
- heeft de rechtbank rechtsmacht ten aanzien van elk van de gedaagden,

- is op elk van de ingestelde vorderingen de WAMCA dan wel het voor 1 januari 2020 geldende recht van toepassing,

- is SDEJ ontvankelijk volgens de WAMCA dan wel het voor 1 januari 2020 geldende recht (beide voor zover deze van toepassing zijn).
In soortgelijke zaken wordt vaak de vraag wat het toepasselijke recht is ook als voorvraag beschouwd, omdat het efficiënt is als partijen bij de inhoudelijke behandeling weten naar welk recht de ingestelde vorderingen beoordeeld zullen worden.

2.10.

Indien en voor zover de WAMCA van toepassing is en SDEJ ontvankelijk is verklaard, zal de rechtbank bovendien moeten beslissen op het verzoek van SDEJ om als exclusieve belangenbehartiger te worden aangewezen. Indien de rechtbank daartoe overgaat, heeft dat onder meer de in artikelen 1018f en 1018g Rv geregelde rechtsgevolgen, waaronder de mogelijkheid voor belanghebbenden om zich van de collectieve actie te bevrijden (“opt out”) dan wel daaraan juist deel te nemen (“opt in”). Die mogelijkheid zal moeten worden geboden alvorens de zaak inhoudelijk wordt behandeld.

2.11.

Bij de vraag in welke volgorde de bovengenoemde vragen moeten worden beantwoord dient de rechtbank zich te laten leiden door het streven naar efficiëntie en het streven om onnodige vertraging te voorkomen. Het streven naar efficiëntie kan er toe leiden dat vragen afzonderlijk worden behandeld en beslist, voor zover een beslissing de behandeling van vervolgvragen overbodig maakt of vereenvoudigt. Echter kan het afzonderlijk behandelen van alle deelvragen de procedure vertragen. De rechtbank dient hierin het juiste midden te vinden.

2.12.

De rechtbank wijst op de navolgende bepalingen van het landelijk rolreglement:

1.6 Procesvoering, afwijkende procesvoering

Partijen zijn gebonden aan de wijze en termijnen van procesvoering als in dit reglement voorzien, tenzij de rechtbank op hun eenstemmig verzoek dat vóór de eerste roldatum is gedaan, een daarvan afwijkende procesvoering toestaat.

1.18 Bijzondere omstandigheden

Indien omstandigheden van het geval daartoe aanleiding geven, kan de rechtbank van dit reglement afwijken.

2.13.

Door partijen is wel een van het landelijk rolreglement afwijkende procedure voorgesteld, maar de door gedaagden en door SDEJ gedane voorstellen voor de procesorde wijken van elkaar af. Dat betekent dat de rechtbank de procesorde zal moeten vaststellen, rekening houdend met de bovengenoemde uitgangspunten en de wensen van partijen.

2.14.

Teneinde de bespreking op de regiezitting te structureren zal de rechtbank hieronder een voorstel voor de procesorde formuleren. Partijen krijgen op de regiezitting de gelegenheid hierop te reageren, waarna de procesorde definitief zal worden bepaald.

voorstel procesorde

2.15.

De rechtbank zal met partijen het navolgende voorstel voor de procesorde bespreken:

eerste fase:

-

antwoordconclusie van gedaagden met betrekking tot de volgende onderwerpen:

- rechtsmacht Nederlandse rechter

- toepasselijkheid van de WAMCA en/of artikel 3:305a (oud) BW op elk van de

vorderingen

-

mondelinge behandeling

-

tussenvonnis


tweede fase:

-

antwoordconclusie van de gedaagden ten aanzien van wie de rechtbank rechtsmacht heeft aangenomen met betrekking tot de volgende onderwerpen:

- ontvankelijkheid van SDEJ volgens de WAMCA en/of artikel 3:305a (oud) BW (afhankelijk van wat in de eerste fase is beslist)

- toepasselijk recht

- aanwijzing van SDEJ als exclusieve belangenbehartiger

-

mondelinge behandeling

-

tussenvonnis

[fase 2A:

indien SDEJ ontvankelijk is en de WAMCA van toepassing is en SDEJ als exclusieve belangenbehartiger wordt aangewezen: zie onder 2.10]

derde fase:

-

indien dit door partijen wordt verzocht: regiezitting over de inhoudelijke behandeling

-

indien dit wordt verzocht: gelegenheid het inhoudelijke deel van de dagvaarding te actualiseren door het nemen van een herziene conclusie van eis

-

antwoordconclusie van de gedaagden ten aanzien van de hoofdzaak

-

mondelinge behandeling

-

vonnis


Voorstel voor de termijnen: steeds 12 weken, echter zonder mogelijkheid van uitstel.

Repliek en dupliek: in de eerste en tweede fase niet voorafgaand aan de mondelinge behandeling. Indien daar blijkt van de noodzaak van re- en dupliek kan dit alsnog worden toegestaan.

In de derde fase: in beginsel hetzelfde, tenzij anders wordt bepaald.


digitaal dossier

2.16.

De rechtbank zal partijen medewerking vragen voor het aanleveren van een digitaal dossier. Dit zal kort op de regiezitting worden toegelicht, waarna schriftelijke instructies zullen worden verspreid.

persoonlijke verschijning
2.17. Nu het gaat om een regiezitting behoeven partijen niet persoonlijk te verschijnen (al mag dat wel). De rechtbank verwacht hen geen vragen te stellen en is niet voornemens hen in de gelegenheid te stellen het woord te voeren. De raadslieden dienen wel te verschijnen en gemachtigd te zijn om in het kader van de regiezitting afspraken te maken over de inrichting van de procedure.

In verband met de corona-maatregelen is het aantal personen dat de zitting kan bijwonen zeer beperkt; hierover volgen nadere mededelingen.

3 De beslissing

De rechtbank

3.1.

bepaalt de agenda voor de mondelinge behandeling op 18 januari 2021, 9.30 uur als volgt:

1. Mondelinge behandeling van de door Car Claim opgeworpen incidenten tot voeging, tussenkomst en aanhouding

2. Bespreking procesorde

3. Digitaal dossier

4. Rondvraag;

3.2.

bepaalt dat de persoonlijke verschijning van partijen (c.q. hun wettelijke vertegenwoordigers of gemachtigden) niet nodig is,

3.3.

bepaalt dat deze zaak behandeld zal worden door mr. R.H.C. Jongeneel, mr. J.T. Kruis en mr. M.L.S. Kalff,

3.4.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beslissing is gegeven door mr. R.H.C. Jongeneel en in het openbaar uitgesproken op 23 december 2020.1

1 type: RHCJ coll: