Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2020:6297

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
18-12-2020
Datum publicatie
18-12-2020
Zaaknummer
AMS 20/6227
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Een avondwinkel en slijterij blijven voorlopig dicht omdat de belangen van openbare orde en veiligheid zwaarder wegen dan die van de exploitant bij heropening.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Bestuursrecht

zaaknummer: AMS 20/6227

uitspraak van de voorzieningenrechter van 18 december 2020 in de zaak tussen

[verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker

(gemachtigde: mr.ir. M.W. van Genderen),

en

de burgemeester van Amsterdam, verweerder

(gemachtigden: mr. F.W.E. Eekhof).

Procesverloop

Bij besluit van 24 november 2020 (het primaire besluit) heeft de burgemeester het verzoek om heropening van de avondwinkel en de slijterij aan de [adres 1] respectievelijk [adres 2] afgewezen.

Verzoeker heeft tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 9 december 2020. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. De burgemeester heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde en [naam] . Ook is verschenen de heer Cicek, die als tolk voor verzoeker heeft opgetreden.

Overwegingen

1. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.

Aanleiding voor deze procedure

2. Verzoeker is exploitant van de avondwinkel en de slijterij aan de [adres 1] en [adres 2] . De burgemeester heeft deze panden voor onbepaalde tijd gesloten op grond van artikel 2.10, eerste lid, onder e, van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) vanwege geweldsincidenten. Uit een bestuurlijke rapportage van de districtsrecherche Amsterdam-West van 26 september 2020 is naar voren gekomen dat in de nacht van 25 op 26 september 2020 een explosief pakket is aangetroffen ter hoogte van de avondwinkel. Een soortgelijk explosief pakket werd geplaatst voor de slijterij. Op dat moment kwam verzoeker naar buiten en betrapte de daders. Hij is hen achterna gegaan en in een worsteling beland, waarbij verzoeker is beschoten. Hij raakte hierbij zwaar gewond.

3. Verzoeker heeft op 13 oktober 2020 verzocht om heropening van beide panden. In het heropeningsverzoek heeft verzoeker benadrukt dat hij alles in goed overleg met de burgemeester en de politie wil doen. Hij werkt volledig mee aan het politieonderzoek naar de incidenten en heeft voorstellen gedaan om de veiligheid in de buurt te vergroten. Zo wil hij meer verlichting op straat voor zijn winkelpanden en meer camerabeveiliging (ook) bij andere ondernemers in de buurt. Verzoeker wil daarnaast een WhatsApp-groep starten om verdachte en/of spoedeisende situaties snel aan elkaar te melden en tussentijdse gesprekken met ondernemers en bewoners uit de buurt voeren. Hij stelt daarnaast voor dat de gemeente inventariseert of de inrichting van de openbare ruimte veranderd kan worden zodat het voor criminelen moeilijker wordt hun daden uit te voeren. Recidive is niet volledig te voorkomen, maar het valt niet te verwachten, omdat intimidatie het doel van de daders is en omdat het politietoezicht is aangescherpt in de buurt.

4. In het kader van het heropeningsverzoek hebben gesprekken en e-mailverkeer tussen verzoeker en vertegenwoordigers van de burgemeester plaatsgevonden. Ook heeft de districtsrecherche Amsterdam-West een aanvullende bestuurlijke rapportage van 5 november 2020 uitgebracht.

5. De burgemeester heeft het heropeningsverzoek bij het bestreden besluit afgewezen. Zij heeft zich hierbij gebaseerd op de aanvullende bestuurlijke rapportage van 5 november 2020. De districtsrecherche heeft de burgemeester hierin geadviseerd om vooralsnog niet over te gaan tot heropening. Het recidiverisico is onverminderd hoog. Het opsporingsonderzoek loopt nog. Hierin wordt ook een mogelijk verband onderzocht met twee andere geweldsincidenten: een explosie bij de avondwinkel van verzoekers broer op 5 september 2020 en een beschieting van een telecomwinkel aan de [adres 3] (naast verzoekers avondwinkel) op 21 september 2020. De politie houdt rekening met het scenario dat het geweld op de panden die verzoeker gebruikt een boodschap vanuit het criminele milieu betreft. Ondanks de door verzoeker voorgestelde maatregelen heeft de burgemeester besloten dat sluiting langer nodig is. Het persoonlijk belang van verzoeker weegt hierbij minder zwaar dan het algemeen belang van de openbare orde, aldus de burgemeester.

Standpunt verzoeker

6. Verzoeker is het niet eens met de afwijzing. Hij voert aan dat hij volledig meewerkt. Hij heeft in het heropeningsverzoek ook om samenwerking met de burgemeester en de politie gevraagd om de veiligheid in de buurt te verbeteren, waar niet op in is gegaan. Door sluiting van de panden vindt juist verloedering plaats. Bovendien is het nu juist veiliger in de buurt dan voorheen, door betere verlichting en meer politie op straat. Verder is er geen onderzoek naar de veiligheid en geen dreigingsanalyse gedaan. Verzoeker betwist dat er een grote kans op herhaling is. Het risico op herhaling is nooit helemaal uit te sluiten. Maar verzoeker woont boven zijn winkel en er is sinds de incidenten helemaal geen bedreiging meer geweest richting hem of zijn familie.

Oordeel van de voorzieningenrechter

7. Op grond van beleid Sluitingen en Heropeningen1 is de burgemeester bevoegd om bij ernstig gevaar voor de openbare orde bedrijfspanden voor onbepaalde tijd te sluiten. Om ervoor te zorgen dat een sluiting voor onbepaalde tijd geen onevenredig zware maatregel wordt moet maatwerk toegepast worden. Dit maatwerk vindt plaats in het kader van de heropening. Hoe lang sluiting noodzakelijk is hangt af van de aard en ernst van het incident en het risico op herhaling. Doorgaans is een minimale sluitingsduur noodzakelijk in verband met de signaalwerking richting de samenleving, de veiligheidsgevoelens van omwonenden en het doorbreken van een loop naar het pand. Tot slot is de sluitingsduur afhankelijk van de tijd die nodig is voor het nemen van maatregelen door de exploitant.

8. Omdat de laatste bestuurlijke rapportage dateert van 5 november 2020, heeft de burgemeester in aanloop naar de zitting op verzoek van de voorzieningenrechter navraag gedaan bij de politie naar de laatste stand van zaken. Desgevraagd heeft de gemachtigde van de burgemeester op de zitting aangegeven dat het politieonderzoek nog in volle gang is en er is een aantal verdachten op het oog. In dit geval was sprake van een heftig explosief waarbij de politie heeft aangegeven dat er een levensbedreigende situatie kan ontstaan. De politie onderzoekt nog steeds een mogelijk verband tussen deze incidenten en de explosie die bij de avondwinkel van verzoekers broer heeft plaatsgevonden en het feit dat verzoeker getuige is geweest van de beschieting van 21 september 2020 van de naastgelegen telecomwinkel, die mogelijk op verzoeker was gericht. De politie sluit niet uit dat er een verband is. Verzoeker heeft recent pas aangifte gedaan. Het risico op herhaling is volgens de politie nog onverminderd groot, en daarmee ook het gevaar voor de openbare orde en veiligheid.

9. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de burgemeester op de informatie van de politie heeft mogen afgaan. Op grond van deze informatie is voldoende aannemelijk dat het nu heropenen van de avondwinkel en de slijterij een ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde. De burgemeester heeft daarbij zeker ook oog voor de belangen van verzoeker als ondernemer en de buurt. Maar als het risico op herhaling nog onverminderd groot is, mag de burgemeester een doorslaggevend gewicht toekennen aan het belang van bescherming en het herstel van de openbare orde en veiligheid. Kortom: op dit moment is de tijd nog niet rijp voor heropening.

Conclusie

10. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.

11. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. L.H. Waller, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M. Journée, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 18 december 2020.

griffier voorzieningenrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

1 Gemeenteblad 2020 nr. 1157577, mei 2020.