Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2020:5476

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
11-11-2020
Datum publicatie
23-11-2020
Zaaknummer
C/13/690931 / KG ZA 20-893
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Kort geding
Inhoudsindicatie

kort geding, vordering terugbetaling lening afgewezen omdat aannemelijk is dat de leningsovereenkomst samenhangt met een koopovereenkomst van aandelen, welke niet zijn geleverd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

zaaknummer / rolnummer: C/13/690931 / KG ZA 20-893 MDvH/JD

Vonnis in kort geding van 11 november 2020

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

INTERNET JET B.V.,

gevestigd te Breda,

eiseres bij dagvaarding van 12 oktober 2020,

advocaat mr. C. Hellingman te Amsterdam,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] , Verenigd Koninkrijk,

gedaagde,

advocaat mr. M.H.J. van Maanen te 's-Gravenhage.

Partijen zullen hierna Internet Jet en [gedaagde] worden genoemd.

1 De procedure

Ter zitting van 27 oktober 2020 heeft Internet Jet de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding toegelicht. [gedaagde] heeft verweer gevoerd en de op voorhand ingediende conclusie van antwoord toegelicht. Beide partijen hebben producties en een pleitnota ingediend.

Ter zitting waren aanwezig:

aan de kant van Internet Jet:

- mr. Hellingman,

- [naam 1] , bestuurder van NIC International Corp,

aan de kant van [gedaagde] :

- mr. O.J.N.L. Vranken, kantoorgenoot van mr. Van Maanen,

- mr. R.C. de Mol, kantoorgenoot van mr. Van Maanen,

- L. Mitzman, tolk in de Engelse taal,

via Skype hebben aan de zitting deelgenomen:

- [gedaagde] ,
- mr. Van Maanen.

Vonnis is bepaald op heden.

2 De feiten

2.1.

Internet Jet is een vennootschap die een family office drijft. Bestuurder van Internet Jet is [naam 2] . Internet Jet is de rechtsopvolger onder algemene titel van STB Family Offices Services B.V. (hierna: STB), na juridische fusie tussen Internet Jet als verkrijgende rechtspersoon en STB als verdwijnende rechtspersoon. STB beheerde het vermogen van [naam 3] (hierna: [naam 3] ), de ex-echtgenote van [naam 2] .

2.2.

[gedaagde] heeft de Engelse nationaliteit, hij is effectenmakelaar van beroep.

2.3.

Natur International Corp. (hierna: “NIC”) is een Amerikaanse beursgenoteerde vennootschap, die zich bezighoudt met het produceren van natuurlijke en biologische ‘plant-based’ voedingswaren en dranken. Van januari 2019 tot 21 februari 2020 zat [naam 3] , tevens oprichtster van NIC, in de Board of Directors van de vennootschap.

2.4.

Op 23 april 2019 heeft [gedaagde] met NIC een Binding Letter of Intent ondertekend, waarin een aandelentransactie op hoofdlijnen is overeengekomen.

2.5.

Op 8 mei 2019 hebben [gedaagde] (als Buyer) en NIC (de Company) een Stock Purchase Agreement ondertekend. Daarin is de Binding Letter of Intent uitgewerkt en is, voor zover van belang, het volgende bepaald:

“(…)

1 Sale and Purchase. (a) (..) Buyer hereby agrees to purchase from

the Company, and the Company hereby agrees to sell and deliver to Buyer, 13,157.895 shares of Series D Preferred Stock (“ First Shares ”) for an aggregate cash consideration of US$500,000.00, without deduction ( the “Purchase Price” ). The First Shares will be initially convertible into 13,157,895 shares of common stock of the Company (“ Common Stock ”)
(…)”.

2.6.

Bij overeenkomst van 14 mei 2019 hebben STB en [gedaagde] een overeenkomst van geldlening (hierna: de Loan Agreement) gesloten, op grond waarvan STB een bedrag van USD 500.000,00 heeft geleend aan [gedaagde] tegen een rentepercentage van 4% (artikel 4.1 Loan Agreement). In artikel 3 van de Loan Agreement staat dat [gedaagde] dat bedrag zal aanwenden voor verwerving van aandelen in NIC. Partijen zijn daarbij overeengekomen dat het volledige bedrag inclusief rente uiterlijk op 31 oktober 2019 (de Repayment Date) aan STB zou worden terugbetaald (artikel 5.1 Loan Agreement).

Verder is in de Loan Agreement, voor zover van belang, het volgende bepaald:

“(…)
6. Payments

6.1

All sums payable by the Borrower in connection with this Agreement, whether in respect of principal, Interest, fees or any other item must be made in full without any set-off, counterclaim, deduction or withholding save to the extent that the Borrower is required by law to make payment subject to any deduction or withholding. (…)”.

2.7.

Op 20 mei 2019 heeft STB in twee tranches GBP 215.000,00 en GBP 173.000,00 overgemaakt op de in artikel 2.2 Loan Agreement aangewezen bankrekening ten name van [gedaagde] .

3 Het geschil

3.1.

Internet Jet vordert – samengevat – veroordeling van [gedaagde] tot betaling aan haar van een bedrag van USD 500.000,00 vermeerderd met de contractuele rente van 4%, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten en de nakosten, beide vermeerderd met de wettelijke rente, met het verzoek om dit vonnis te waarmerken als Europese executoriale titel in de zin van de verordening (EG) nr. 805/2004.

3.2.

[gedaagde] voert verweer.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover voor de beoordeling van belang, ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

De vorderingen van Internet Jet strekken tot (i) nakoming van de Loan Agreement en tot (ii) betaling van een geldsom. Die vorderingen zijn slechts toewijsbaar in kort geding indien (i) voldoende aannemelijk is dat de bodemrechter het standpunt van eiseres zal volgen en indien van haar niet kan worden gevergd dat zij de uitslag van de bodemprocedure afwacht, en (ii) het bestaan en de omvang van de vorderingen voldoende aannemelijk zijn en uit hoofde van onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening is vereist. Bij de afweging van de belangen van partijen wordt mede betrokken het risico dat niet kan worden terugbetaald, in het geval de veroordeling in kort geding geen stand houdt.

4.2.

Internet Jet stelt dat de tekst van de Loan Agreement niet voor tweeërlei uitleg vatbaar is, dat deze op zichzelf staat en dat [gedaagde] niet gerechtigd is de betaling op te schorten en/of te verrekenen. De lening moest eenvoudigweg op de Repayment Date (31 oktober 2019) worden terugbetaald.

4.3.

[gedaagde] stelt daarentegen dat de Loan Agreement onderdeel uitmaakt van een samenstel van afspraken, gearrangeerd door [naam 3] . Zij heeft in de communicatie over die afspraken verscheidene hoedanigheden aangenomen, waarbij zij soms optrad als vertegenwoordiger van STB, dan weer van NIC of van beide, of in eigen hoedanigheid. [gedaagde] heeft op instigatie van [naam 3] afspraken met haar gemaakt die vervolgens zijn geformaliseerd in de Binding Letter of Intent (zie 2.4), de Stock Purchase Agreement (zie 2.5) en de Loan Agreement (zie 2.6). De verplichtingen die uit die overeenkomsten voortvloeien zijn met elkaar vervlochten, met [naam 3] als centrale contactpersoon. De samenstel van afspraken hield in dat
- [naam 3] via haar family office (STB) een bedrag van USD 500.000,00 aan

[gedaagde] zou lenen met de uitdrukkelijke bedoeling dat hij daarmee aandelen in NIC zou kopen;

- [gedaagde] het voorgeschoten bedrag zou aanwenden om aandelen NIC te verkrijgen met een korting (3 dollarcent in plaats van 11 dollarcent),

- [naam 3] c.q. NIC zou zorgdragen voor uitgifte, verkoop en levering van de aandelen aan [gedaagde] ,

- [gedaagde] de aandelen zou ontvangen, een aantal maanden voordat hij de lening zou moeten terugbetalen, waartoe hij de aandelen (deels) zou kunnen verkopen.

4.4.

[naam 3] heeft hem enerzijds USD 500.000,00 geleend met het doel dat dat bedrag zou worden aangewend om aandelen te verkrijgen in NIC, maar zij heeft vervolgens anderzijds heeft toegelaten dat NIC de overeengekomen aandelentransactie niet nakomt, waardoor hij die aandelen niet volgens plan te gelde heeft kunnen maken om de lening bij STB (thans Internet Jet) af te lossen. [gedaagde] zal daarom in een bodemprocedure schadevergoeding vorderen van [naam 3] uit hoofde van onrechtmatige daad. Als de vordering van Internet Jet in dit kort geding vooruitlopend op die bodemprocedure wordt toegewezen, dan wordt hij voor een bedrag van USD 500.000,00 verarmd zonder tegenprestatie, waarbij de vraag is of [naam 3] in een later stadium verhaal zal bieden voor dat bedrag. Anders dan Internet Jet stelt, heeft hij wel het volledige bedrag van USD 500.000,00 aan NIC betaald. Conform (een mondelinge) afspraak met [naam 3] heeft hij USD 350.000,00 aan NIC overgemaakt en USD 150.000,00 aan een crediteur van NIC, [naam 4] , aldus steeds [gedaagde] .

4.5.

Bij de uitleg van overeenkomsten – ook als de tekst op zich niet voor tweeërlei uitleg vatbaar is – is de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepalingen van de overeenkomst mochten toekennen en hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten (de Haviltex-norm), beslissend. Daarbij zijn alle omstandigheden van het geval van belang, in hun onderlinge samenhang bezien. Ook indien groot gewicht toekomt aan de taalkundige betekenis van gekozen bewoordingen, kunnen de overige omstandigheden van het geval meebrengen dat een andere (dan de taalkundige) betekenis aan de bepalingen van de overeenkomst moet worden gehecht (vgl. HR 5 april 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY8101 (Lundiform/Mexx)).

4.6.

Voor de stelling van [gedaagde] dat de Loan Agreement niet op zich stond en dat [naam 3] bij de totstandkoming daarvan een centrale rol speelde, zijn – naast de (in)directe betrokkenheid van [naam 3] bij STB en NIC – ook verder voldoende aanknopingspunten te vinden in de overgelegde stukken.

4.6.1.

Allereerst in de Loan Agreement zelf. Artikel 3 van de Loan Agreement specificeert het doel van de lening, namelijk investering in NIC. De data van de Stock Purchase Agreement (8 mei 2019) en de Loan Agreement (14 mei 2019) liggen dicht bij elkaar en het geleende bedrag uit hoofde van de laatste overeenkomst komt exact overeen met het overeengekomen bedrag voor de aan te kopen aandelen uit hoofde van de eerste overeenkomst.

4.6.2.

Ook uit de overgelegde correspondentie blijkt dat [naam 3] betrokken was bij verscheidene, zo niet alle, gemaakte afspraken in de verhouding STB (nu Internet Jet) - [gedaagde] - NIC. Het is [naam 3] die namens NIC de investeringsmogelijkheid aanbiedt en aangeeft dat NIC graag met [gedaagde] in zee wil. In een e-mail aan [gedaagde] van 18 april 2019 schrijft [naam 3] onder meer: “the deal we offered you is very attractive and necessary for us as we would like to have some non-affiliate float”. De betrokkenheid van [naam 3] bij de afspraken over de aandelen van NIC blijkt ook uit een e-mail van 25 oktober 2020 van [naam 5] van NIC waarin hij schrijft: “I understood from [naam 3] , vzr] that we are in agreement to adjust the signed share purchase agreement to reflect the change in the investment amount”.

4.6.3.

Niet is weersproken dat ten tijde van het sluiten van de Loan Agreement, STB het bedrijf was dat het familievermogen van [naam 3] beheerde. Dit wordt ook bevestigd door een e-mail van 20 februari 2020 van [naam 3] aan NIC waarin zij schrijft: “Very simply my family office lent monies to [gedaagde] to pay for his preferred shares.” De stelling dat [naam 3] betrokken was bij de afspraken die over de lening van STB aan [gedaagde] zijn gemaakt wordt ook onderbouwd door e-mails van [naam 3] waarin zij aandringt op terugbetaling aan STB. In een e-mail van 20 december 2019 aan [gedaagde] schrijft [naam 3] : “I would appreciate knowing when you will pay back the 350 k plus interest This is overdue and we need it”. [naam 3] herhaalt deze vraag op 23 december 2019 in een Whatsapp-bericht aan [gedaagde] :

I need to know when you will repay us the 350 k”.

4.7.

De voorgaande opsomming van omstandigheden maakt voldoende aannemelijk dat de lening aan [gedaagde] en de daarop volgende investering door hem in NIC inderdaad met elkaar samenhingen, zoals door [gedaagde] gesteld. Het is daarom voorshands niet onaannemelijk dat bodemrechter zal oordelen dat [gedaagde] de lening niet zonder meer hoeft terug te betalen. De gevraagde voorziening zal daarom worden geweigerd.

4.8.

Ten overvloede wordt overwogen dat Internet Jet ter zitting heeft betoogd dat [gedaagde] zijn verplichtingen op grond van de Share Purchase Agreement niet is nagekomen en dat daardoor de investering nog niet is geëffectueerd (waardoor hij de lening niet kan terugbetalen). Dit betoog wordt – voor zover al van belang – voorshands ook niet gevolgd. De rol van [naam 4] blijft duister, maar aannemelijk is wel dat hij – als “gezamenlijke kennis” – een rol heeft gespeeld. In een e-mail van 20 februari 2020 van [naam 3] aan ( [naam 5] van) NIC schrijft zij:


Very simply my family office lent monies to [gedaagde] to pay for his preferred shares.

He paid in to NIC 350k and never paid the remaining 150k. .. as he

said this was an advance of one year on advisory fees for [naam 4] , vzr].
[naam 5] , vzr] position is that Tarek did not send an invoice.. This is a Problem of NIC to resolve and NOT The [naam 3] family.

(…)

[gedaagde] states that his position is that it is paid for NIC preferred shares in lieu of NOC paying Tarek. This could be booked .

Bij e-mail van dezelfde dag stuurt [naam 5] dit bericht van [naam 3] door aan [gedaagde] en voegt daaraan het volgende toe:

(…) I like to resolve the issue and the 100K we also paid to you.

Iave attached 2 consultancy agreements, one for [naam 4] (150K and one for you (100K).
Can you please review and if ok, signs and send back?”

Uit deze e-mails lijkt te volgen dat [naam 3] ermee akkoord was dat een consultancy agreement voor USD 150.000,00 in de boeken van NIC zou komen voor [naam 4] , welk bedrag NIC dan aan [naam 4] verschuldigd zou zijn. Dit geeft steun aan de stelling van [gedaagde] dat hij conform afspraak aan [naam 4] heeft betaald, ter voldoening van een vordering van [naam 4] op NIC.

4.9.

Internet Jet zal als in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten, tot heden aan de zijde van [gedaagde] begroot op:

– € 1.639,00 aan griffierecht en

€ 980,00 aan salaris advocaat

Totaal € 2.619,00.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

weigert de gevraagde voorziening,

5.2.

veroordeelt Internet Jet in de kosten van dit geding, tot heden aan de zijde van [gedaagde] begroot op € 2.619,00,

5.3.

verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.A. Dudok van Heel, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. J. Dekker, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 11 november 2020.1

1 type: JD coll: JE