Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2020:2206

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
16-04-2020
Datum publicatie
18-04-2020
Zaaknummer
8044745 CV EXPL 19-19659
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verstek. Ambtshalve toetsing. Overeenkomst gesloten in verkoopruimte waar het gebruikelijk is dergelijke overeenkomsten te sluiten. Toetsing aan 6:230m BW niet nodig. Vordering toegewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer: 8044745 CV EXPL 19-19659

vonnis van: 16 april 2020

fno.: 991

vonnis van de kantonrechter

i n z a k e

Tele2 Nederland B.V.

gevestigd te Amsterdam

eisende partij

gemachtigde: LAVG Gerechtsdeurwaarders (Groningen)

t e g e n

[gedaagde partij]

wonende te [plaats]

gedaagde partij

niet verschenen

Verder verloop van de procedure

Bij tussenvonnis van 17 oktober 2019 is eisende partij in de gelegenheid gesteld om het bijgevoegde informatieformulier in te vullen en dit ingevulde formulier en de daarin aangegeven stukken in het geding te brengen, en een kopie hiervan aan gedaagde partij te sturen met de mededeling dat deze hierop kan reageren.

Eisende partij heeft op de rolzitting van 14 november 2019 een akte ingediend. Gedaagde partij heeft hierop niet gereageerd.

Vervolgens is een datum voor vonnis bepaald.

Gronden van de beslissing

De kantonrechter dient op grond van rechtspraak van het Hof van Justitie (4 juni 2009, C 243/08, punt 32) en de Hoge Raad (HR 13 september 2013 ECLI:NL:HR:2013:691) ambtshalve te beoordelen of de vordering gebaseerd is op onredelijk bezwarende bedingen. De kantonrechter dient ook ambtshalve te beoordelen of eisende partij, in het geval de overeenkomst op afstand of buiten verkoopruimte is gesloten na 13 juni 2014, heeft voldaan aan de verplichtingen die voortvloeien uit Afdeling 2B van Titel 5 van Boek 6 Burgerlijk Wetboek, zoals de wettelijke (pre)contractuele informatieverplichtingen.

De tussen partijen gesloten overeenkomst, die door eisende partij is overgelegd, is tot stand gekomen in de Media Markt; een verkoopruimte waar het gebruikelijk is overeenkomsten als de onderhavige te sluiten. Daarom hoeft niet te worden getoetst of is voldaan aan de wettelijke precontractuele informatieverplichtingen van artikel 6:230m lid 1 BW.

De bedingen waarop eisende partij haar vordering gedeeltelijk baseert zijn niet oneerlijk in de zin van Richtlijn 93/13 oneerlijke bedingen.

De vordering komt de kantonrechter, mede gelet op het bovenstaande, niet onrechtmatig of ongegrond voor.

Beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt gedaagde partij tot betaling aan eisende partij van:
- € 213,23 aan hoofdsom, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 augustus 2019 tot de dag van de algehele voldoening;
- € 40,00 aan buitengerechtelijke kosten;

veroordeelt gedaagde partij in de proceskosten, die tot op heden aan de zijde van eisende partij worden begroot op € 121,00 aan griffierecht, € 85,18 aan explootkosten en € 72,00 aan salaris gemachtigde, een en ander voor zover van toepassing, inclusief btw;

veroordeelt gedaagde partij in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 18,00 aan salaris gemachtigde, te verhogen met een bedrag van € 68,00 en de explootkosten van betekening van het vonnis, een en ander voor zover van toepassing inclusief btw, onder de voorwaarde dat gedaagde partij niet binnen veertien dagen na aanschrijving volledig aan dit vonnis heeft voldaan en betekening van het vonnis pas na veertien dagen na aanschrijving heeft plaatsgevonden;

verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.W.J. Ros, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 16 april 2020 in tegenwoordigheid van de griffier.