Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2020:1944

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
24-03-2020
Datum publicatie
30-03-2020
Zaaknummer
13/751580-19
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste en enige aanleg
Tussenuitspraak
Inhoudsindicatie

EAB uit België. Tussenuitspraak i.v.m. de uitbraak van het coronavirus.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/751580-19

RK nummer: 19/3944

Datum uitspraak: 24 maart 2020

TUSSEN- UITSPRAAK


op de vordering ex artikel 23 Overleveringswet (OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank. Deze vordering dateert van 25 juni 2019 en betreft onder meer het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).

Dit EAB is uitgevaardigd op 17 juni 2019 door de Eerste Substituut Procureur des Konings te Turnhout (België) en het strekt tot de aanhouding en overlevering van:

[opgeëiste persoon],

geboren te [geboorteplaats] (Suriname) op [geboortedag] 1978,

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:

[adres],

hierna te noemen de opgeëiste persoon.

1 Procesgang

De vordering is behandeld op de openbare zitting van 10 maart 2020. Het verhoor heeft plaatsgevonden in tegenwoordigheid van de officier van justitie mr. C.L.E. McGivern. De opgeëiste persoon is bijgestaan door zijn raadsman, mr. R.P.G. van der Weide, advocaat te Amsterdam.

De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van artikel 22, eerste lid, OLW uitspraak moet doen met dertig dagen verlengd en heeft vervolgens de termijn waarbinnen zij op grond van artikel 22, derde lid, OLW uitspraak moet doen voor onbepaalde tijd verlengd omdat zij die verlengingen nodig heeft om over de verzochte overlevering te beslissen.

2 Identiteit van de opgeëiste persoon

De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht. De opgeëiste persoon heeft ter zitting verklaard dat de bovenvermelde personalia juist zijn en dat hij de Nederlandse nationaliteit heeft.

3 Heropening en schorsing van het onderzoek

Op de zitting van 10 maart 2020 is aan de opgeëiste persoon en zijn raadsman meegedeeld dat op 24 maart 2020 op het overleveringsverzoek zal worden beslist.

Gelet op de maatregelen die met ingang van 17 maart 2020 door de Rechtspraak zijn genomen in verband met de uitbraak van het coronavirus, zal de rechtbank het onderzoek heropenen om op een later moment – na 6 april 2020, zijnde de datum tot wanneer de landelijke maatregelen van kracht zullen zijn – te sluiten en uitspraak te doen.

De opgeëiste persoon en zijn raadsman zullen te zijner tijd worden geïnformeerd over de datum waarop de rechtbank een uitspraak zal doen op het verzoek tot overlevering.

4 Beslissing

HEROPENT EN SCHORST het onderzoek voor onbepaalde tijd, maar in ieder geval tot na 6 april 2020, in afwachting van de ontwikkelingen omtrent het coronavirus en de daarmee samenhangende maatregelen die door de Rechtspraak zijn genomen, dan wel de aanvullende maatregelen die nog zullen worden genomen.

BEVEELT de oproeping van de opgeëiste persoon tegen een nog vast te stellen uitspraakdatum en tijdstip, met tijdige kennisgeving aan zijn raadsman.

Aldus gedaan door

mr. A.K. Glerum, voorzitter,

mrs. C. Klomp en M.E.M. James-Pater, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. A.T.P. van Munster, griffier,

en uitgesproken ter openbare zitting van 24 maart 2020.

De leden van de combinatie en de griffier zijn buiten staat deze uitspraak te ondertekenen.

Gezien en namens dezen,

Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.