Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2019:8272

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
25-10-2019
Datum publicatie
13-11-2019
Zaaknummer
C/13/671490 / KG ZA 19-912
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

In deze aanbestedingsprocedure gaat het om de beoordeling van de inschrijving van eiseres op een van de kwaliteitscriteria door de aanbestedende dienst. Slechts indien de beoordelingscommissie in redelijkheid niet had kunnen komen tot haar oordeel is plaats voor ingrijpen van de rechter. In dit geval heeft de aanbestedende dienst in redelijkheid tot haar oordeel kunnen komen, en heeft zij die beslissing voldoende gemotiveerd. Kort geding. Aanbesteding. Incident 843a Rv.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

zaaknummer / rolnummer: C/13/671490 / KG ZA 19-912 AB/LO

Vonnis in kort geding van 25 oktober 2019

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SKYSOURCE B.V.,

gevestigd te Schiedam,

eiseres bij dagvaarding van 29 augustus 2019,

advocaat mr. B. Nijhof te Eindhoven,

tegen

de stichting

STICHTING PANTAR AMSTERDAM,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde,

advocaat mr. P.A. Hesselink te Amsterdam.

en tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PQR B.V.,

gevestigd te De Meern,

tussenkomende partij,

advocaat mr. J.J. A. Bokhorst,

Partijen zullen hierna Skysource, Pantar en PQR worden genoemd.

1 De procedure

Op de mondelinge behandeling van 11 oktober 2019 heeft Skysource gesteld en gevorderd overeenkomstig de in kopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding. Pantar heeft verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorziening.

PQR heeft een incidentele conclusie tot tussenkomst, althans tot voeging ingediend. Skysource en Pantar hebben hiertegen geen bezwaar gemaakt, waarna de primair gevorderde tussenkomst is toegestaan.

Skysource en PQR hebben producties in het geding gebracht en alle partijen hebben het woord gevoerd aan de hand van een pleitnota.
Na verder debat hebben zij verzocht vonnis te wijzen.

Ter zitting waren aanwezig:

aan de zijde van Skysource: [vertegenwoordiger Skysource 1] , [vertegenwoordiger Skysource 2] en [vertegenwoordiger Skysource 3] met
mr. Nijhof;

aan de zijde van Pantar: [vertegenwoordiger Pantar 1] en [vertegenwoordiger Pantar 2] met mr. Hesselink en diens kantoorgenoot mr. L.C. Brederveld;

aan de zijde van PQR: [vertegenwoordiger PQR] met mr. Bokhorst.

2 De feiten

2.1.

Pantar heeft op 29 april 2019 een Europese openbare aanbesteding aangekondigd op TenderNed. De opdracht is gesplitst in twee percelen: perceel 1 ziet op datacenterdiensten en digitale werkplekinrichting voor de medewerkers van Pantar. Perceel 2 speelt in deze procedure geen rol. Het gunningscriterium is de beste prijs-kwaliteitverhouding.

2.2.

In het Beschrijvend Document (BD) staat onder meer het volgende.

G2.2 Kwalitatieve gunningscriteria :

G2.2.1 Adoptieplan

Achtergrond

Opdrachtgever wenst een Opdrachtnemer te contracteren die Opdrachtgever maximaal ontzorgt bij de implementatie van de dienstverlening en daarmee de continuïteit van de dienstverlening van Opdrachtgever zo goed mogelijk waarborgt.

Gevraagde informatie

Deelnemer dient daartoe een adoptieprogramma bij haar Inschrijving te voegen, conform eis 105 van het Programma van Eisen en zoals hier onder beschreven:

Opdrachtnemer dient een adoptieprogramma te verzorgen voor de nieuwe werkplekinrichting. Doel hiervan is om medewerkers op de hoogte te stellen en vertrouwd te maken met de veranderingen binnen hun werkplek, om de nieuwe mogelijkheden die de werkplek biedt inzichtelijk te maken en om in de eerste maanden van gebruik zo min mogelijk vragen van medewerkers te krijgen over werking of gebruik. Hierbij gelden de volgende aandachtspunten:

 Eerst zullend e huidige applicaties vanuit nieuwe omgeving beschikbaar worden gesteld (zoals mail, MS Word en Excel), later pas nieuwe applicaties (zoals bv. Yammer).

 Medewerkers van Opdrachtgever werken op een achttal locaties.

 Medewerkers van Opdrachtgever vallen binnen verschillende profielen (zie Bijlage E – Persona’s). Een aantal medewerkers zullen van apparatuur worden voorzien (bv laptops) die zij nu nog niet hebben.

 Medewerkers van Opdrachtgever hebben een zeer grote diversiteit in kennis van ICT en het gemak waarmee met ICT wordt gewerkt.

 In de komende jaren zullen wijzigingen in de diensten / configuratie worden doorgevoerd waarbij er mogelijk (wederom) een impact op de gebruikers is.

 Opdrachtgever wil het adoptieprogramma later met Opdrachtnemer kunnen detailleren.

In het adoptieplan is minimaal opgenomen:

A. Impact van de voorgestelde nieuwe omgeving ten opzichte van de huidige omgeving.

B. De omschrijving van activiteiten die Opdrachtnemer uitvoert ten behoeve van het adoptieprogramma, inclusief planning.

a. De te hanteren planning, bestaat uit:

b. Een grafische weergave van de projectplanning in weken waarbij de prioritering in de adoptie inzichtelijk wordt gemaakt in de verschillende fasen en waarin fasering van uitrol applicaties wordt beschreven met onderbouwing.

c. Een gespecificeerd overzicht van mijlpalen, evenals de activiteiten per mijlpaal en de onderlinge samenhang tussen de verschillende activiteiten; De verantwoordelijke per activiteit: Opdrachtnemer of Opdrachtgever en de benodigde inzet van Opdrachtgever.

C. Samenwerking met eventiele andere leveranciers via Opdrachtnemer of Opdrachtgever.

D. Hoe de ondersteuning er tijdens de looptijd van het contract uitziet, in het kader van nieuwe releases en/of applicaties.

E. Hoe de expertise van Opdrachtgever wordt meegenomen. Opdrachtgever heeft een eigen interne opleidingsafdeling die bij voorkeur mede wordt ingezet (HRO).

F. De voorgestelde sleutelfunctionaris(sen) die het adoptieprogramma uitvoeren en leiden, door het overleggen van zijn/haar/hun curriculum vitae en motivatie. Elk cv mag maximaal twee bladzijden A4 omvang hebben (enkelzijdig, lettertype Arial, lettergrootte 10).

G. Een risicoanalyse:

a. Minimaal drie risico’s die Deelnemer ziet die zich gedurende de adoptie kunnen voordoen. Deelnemer gaat uitsluitend in op de risico’s waarvan hij van mening is dat Deelnemer risico-eigenaar is;

b. Een onderbouwing van elk risico, met daarbij een inschatting van de kans dat het risico zich voordoet en de impact van dit risico (uitgedrukt in termen van hoog, midden en laag);

c. De maatregel die Deelnemer voorstelt om het risico waar Deelnemer Risico-eigenaar is te mitigeren;

d. Het restrisico dat na het doorvoeren van de voorgestelde maatregel overblijft.

Deelnemer dient de uitwerking van Gunningscriterium G2.2.1 in maximaal acht bladzijden A4 omvang (enkelzijdig, lettertype Arial, lettergrootte 10) (exclusief cv’s) toe te voegen aan de Inschrijving.

Opdrachtgever zal dit voorstel beoordelen en scoren volgens onderstaande methodiek:

 Het adoptieprogramma zal naar verwachting goed of zeer goed aan de in eis 105 genoemde doelstelling voldoen: 55 punten

 Het adoptieprogramma zal naar verwachting ruim voldoende aan de in eis 105 genoemde doelstelling voldoen: 40 punten

 Het adoptieprogramma zal naar verwachting matig, slecht, niet of nauwelijks aan de in eis 105 genoemde doelstelling voldoen: 0 punten. In dit geval wordt de Inschrijving niet verder beoordeeld en komt deze niet voor gunning in aanmerking.

Beoordelingskader G2.2.1

Bij de beoordeling wordt gelet op de volgende elementen:

 De kwaliteit van de uitwerking van de activiteiten is afhankelijk van de mate waarin Deelnemer een concrete beschrijving van de werkwijze maakt, waarbij er een realistisch tijdspad is opgesteld. De kwaliteit van de uitwerking van de planning is afhankelijk van de mate waarop de planning realistisch en volledig is. Een planning is realistisch als de uit te voeren activiteiten in logische volgorde in de tijd gepositioneerd en er voldoende tijd is om de activiteiten naar behoren uit te voeren. Hoe beter de planning aansluit bij Opdrachtgever wen hoe beter Deelnemer aannemelijk maakt dat Opdrachtgever de nieuwe systemen vanaf 1 januari 2010 probleemloos en volledig in gebruik kan nemen, hoe beter Opdrachtgever dit waardeert.

 De kwaliteit van de uitwerking van het Curriculum Vitae is afhankelijk van de mate waarin Deelnemer sleutelfunctionaris(sen) voorstelt die, gegeven de relevante kennis en kunde, werkervaring en competenties van de sleutelfunctionaris(se), een waarborg vormt voor een goede uitvoering van de adoptie. Hoe meer dit het geval is, hoe beter de Opdrachtgever dit waardeert.

 De kwaliteit van de uitwerking van de risicoanalyse is afhankelijk van de mate waarin Deelnemer een realistische analyse van de relevante adoptierisico’s maakt. Opdrachtgever beoordeelt de relevantie van de risico’s en de kwaliteit van de voorgestelde beheersmaatregel(en) en restrisico’s. Hoe relevanter de risicoanalyse en hoe beter de maatregelen zijn, hoe beter Opdrachtgever dit waardeert.

 De volledigheid van de uitwerking. Hoe vollediger de uitwerking, hoe beter de Opdrachtgever dit waardeert.

Hoe meer uit de uitwerking blijkt dat er sprake is van de genoemde elementen, hoe beter Opdrachtgever dit waardeert. Bij het Gunningscriterium dient een duidelijke en concrete beschrijving van het aangebodene te bevatten en op een deugdelijke manier te zijn onderbouwd. (…)

2.3.

Voor de kwalitatieve gunningscriteria is maximaal € 1.000.000,- aan fictieve korting te behalen bij het bepalen van de fictieve inschrijfprijs (prijs – behaalde fictieve korting). Voor het adoptieplan – een van de kwalitatieve criteria – is een maximale korting van € 275.000,- te behalen.

2.4.

Bij aanbiedingsbrief van 1 juli 2019 heeft Skysource ingeschreven op perceel 1 van de aanbesteding.

2.5.

Op 29 juli 2019 heeft Pantar de voorlopige gunningsbeslissing, waarbij PQR als voorlopige winnaar is aangewezen, aan Skysource gestuurd. De inschrijving van Skysource is uitgesloten, omdat het beoordelingsteam nul punten heeft gegeven voor het (sub)gunningscriterium 2.2.1 “Adoptieplan”. In bijlage A bij de voorlopige gunningsbeslissing staat onder meer het volgende.

(…) De door Skysource B.V. behaalde scores worden als volgt onderbouwd: (…)

Ten aanzien van Gunningscriterium G2.2.1 heeft het beoordelingsteam Skysource B.V. een waardering van “ Voldoet matig, slecht, niet of nauwelijks” gegeven en daarmee 0 punten toegekend. Deze puntentoekenning leidt ertoe dat de Inschrijving niet voor gunning in aanmerking komt. (…) De waardering is gebaseerd op de volgende constateringen:

 Deelnemer beschrijft niet alle gevraagde onderdelen in het adoptieplan. Opdrachtgever mist een beschrijving van de impact (onderdeel A), de fasering van applicaties (onderdeel B) en de samenwerking met eventuele andere leveranciers (onderdeel C), waardoor Opdrachtgever de uitwerking van dit Gunningscriterium als niet volledig beoordeeld en daardoor het adoptieprogramma niet aan de gestelde doelstelling kan voldoen.

 Opdrachtgever beoordeelt de doorlooptijd van de planning niet realistisch omdat er volgens Opdrachtgever te weinig tijd is om de activiteiten uit te voeren, de planning niet concreet is uitgewerkt plus de onderlinge verdeling in tijd wordt niet duidelijk gemaakt, waardoor Opdrachtgever de volledigheid van de uitwerking niet met de maximale score beoordeelt. (…)

 De kennis, kunde, werkervaring en competenties van de voorgestelde sleutelfunctionarissen middels curriculum vitae zijn in beperkte mate beschreven, niet specifiek gericht op de Opdrachtgever en de Opdracht en vormen hierdoor volgens Opdrachtgever geen waarborg voor het goed uitvoeren van de adoptie.

 Opdrachtgever acht de beschreven risico’s in de risicoanalyse te weinig toegespitst op de adoptie en te veel op de technische componenten, waardoor de risico’s als minder relevant worden beoordeeld. (…)

2.6.

Bij brief van 6 augustus 2019 heeft Pantar aan Skysource bericht dat zij de opschortende termijn zal verlengen tot en met 31 augustus 2019.

2.7.

Bij brief van 20 augustus 2019 heeft mr. Hesselink Skysource nader geïnformeerd over de beoordeling van haar inschrijving.

2.8.

Op 23 augustus 2019 hebben Pantar en Skysource een gesprek gehad, waarin Skysource vragen heeft gesteld en nadere uitleg heeft gekregen over de beoordeling van haar inschrijving.

3 Het geschil

3.1.

Skysource vordert – samengevat – uitvoerbaar bij voorraad:

In het incident ex artikel 843a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv)/ voorlopige maatregel ex artikel 223 Rv

Primair

I. Pantar te gebieden aan Skysource afschriften te verschaffen van alle stukken die betrekking hebben op de beoordelingssessies van de inschrijvingen op perceel 1;

Subsidiair

II. Pantar te gebieden aan Skysource afschriften te verschaffen van alle stukken die betrekking hebben op de beoordelingssessies van de inschrijvingen op perceel 1, met weglating van bedrijfsvertrouwelijke informatie van ander inschrijvers;

Primair en subsidiair

III. een dwangsom te verbinden aan het gevorderde onder I en II;

In de hoofdzaak

Primair

I. Pantar te gebieden om het gunningsvoornemen aan PQR voor perceel 1 in te trekken;

II. Pantar te verbieden om de Opdracht voor perceel 1 aan PQR te gunnen op basis van deze aanbestedingsprocedure;

III. Pantar te gebieden om de Opdracht voor perceel 1 aan geen ander te gunnen dan aan Skysource;

Subsidiair

IV. Pantar te gebieden om het gunningsvoornemen aan PQR voor perceel 1 in te trekken;

V. Pantar te gebieden een nieuwe beoordeling van de inschrijving van Skysource te verrichten, al dan niet door een nieuw, onafhankelijk beoordelingsteam;

Meer subsidiair

VI. Pantar te gebieden om het gunningsvoornemen aan PQR voor perceel 1 in te trekken;

VII. Pantar te verbieden om de opdracht voor perceel 1 aan PQR te gunnen op basis van deze aanbestedingsprocedure;

VIII. Pantar te gebieden om de aanbestedingsprocedure voor perceel 1 te staken en gestaakt te houden;

IX. Pantar te gebieden om de Opdracht voor perceel 1 opnieuw aan te besteden;

Primair en subsidiair

X. een dwangsom te verbinden aan het gevorderde onder I tot en met V;

XI. Pantar te veroordelen in de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.

3.2.

Pantar voert verweer.

3.3.

PQR heeft in de tussenkomst geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen van Skysource.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

Doel van de aanbesteding is kort gezegd een nieuwe digitale werkomgeving ‘in de cloud’ voor Pantar. Zij heeft aan de inschrijvers gevraagd of zij dit systeem kunnen leveren, en tevens om in de vorm van een zogenaamd adoptieplan een voorstel te doen voor de wijze waarop de medewerkers wordt geleerd met dit nieuwe IT-systeem om te gaan.

4.2.

Het geschil gaat over de beoordeling van het adoptieplan van Skysource. Bij de beoordeling van kwaliteitscriteria door een aanbestedende dienst is enige mate van subjectiviteit onontkoombaar. Dit levert geen strijd op met de aanbestedingsrechtelijke beginselen van transparantie en gelijke behandeling zolang (a) voor een kandidaat-inschrijver duidelijk is wat van hem wordt verwacht, (b) de inschrijvingen aan de hand van een zo objectief mogelijk systeem worden beoordeeld en (c) de gunningsbeslissing zodanig wordt gemotiveerd dat een afgewezen inschrijver de wijze waarop de beoordeling heeft plaatsgevonden kan toetsen. Slechts indien de beoordelingscommissie in redelijkheid niet had kunnen komen tot haar oordeel is er plaats voor ingrijpen van de rechter.

Verwachtingen (a)

4.3.

Pantar hecht grote waarde aan het adoptieplan, en heeft daarvoor de volgende redenen. De nieuwe werkomgeving (het IT-systeem) vraagt om een heel andere manier van werken. Daarbij komt dat onder de medewerkers van Pantar een grote diversiteit bestaat in kennis van IT en in het gemak waarmee met IT wordt gewerkt. In de Nota van Inlichtingen staat dat een groot deel van de medewerkers van Pantar ouder is dan 45 jaar en een beperkt adaptatievermogen heeft. In het BD wordt in twee pagina’s uitgelegd welke eisen Pantar stelt aan het adoptieplan, en aan de cv’s van de sleutelfiguren die de inschrijver wil gaan inzetten voor de begeleiding bij de invoering van het nieuwe IT-systeem. Verder blijkt uit het BD dat Pantar een fictieve korting van € 275.000,- toekent aan inschrijvers die een goed adoptieplan indienen. Bovendien worden inschrijvingen die niet minstens een ruim voldoende halen voor het adoptieplan uitgesloten van gunning. Ook daaruit blijkt het belang van de adoptie.

4.4.

Adoptie is een kernbegrip binnen de IT-branche. Het ziet op de menselijke kant van een nieuw IT-systeem, die naast de technische kant een belangrijke factor is in het succes van de invoering daarvan. Uit het door PQR als productie 1 overgelegde ‘whitepaper’ van Skysource, blijkt dat ook zij bekend was met het belang van adoptie. Daarbij komt dat in het BD (en de Nota van Inlichtingen) duidelijk is omschreven wat het doel is van het adoptieplan, namelijk om medewerkers op de hoogte te stellen van en vertrouwd te maken met de veranderingen binnen hun werkplek, om de nieuwe mogelijkheden die de werkplek biedt inzichtelijk te maken en om in de eerste maanden van gebruik zo min mogelijk vragen van medewerkers te krijgen over werking of gebruik. Ook is uitgebreid voorgeschreven aan welke eisen het adoptieplan moet voldoen. Door geen van de inschrijvers zijn vragen gesteld over de strekking of het belang van adoptie en de wijze van beoordeling. De aanbestedingsstukken zijn op dit punt dan ook op een zodanig duidelijke, precieze en ondubbelzinnige wijze geformuleerd dat een behoorlijk geïnformeerde en normaal oplettende inschrijver de juiste draagwijdte daarvan kan begrijpen en deze op dezelfde manier zal interpreteren (HvJEU 29 april 2004, Succhi de Frutta, ECLI:EU:C:2004:236).

Beoordeling (b)

4.5.

Pantar heeft de beoordeling van het adoptieplan van Skysource toegelicht in bijlage A van de voorlopige gunningsbeslissing (zie 2.5). Daarnaast is er een gesprek geweest, en heeft de advocaat van Pantar vooruitlopend op dat gesprek een nadere toelichting gegeven op de beoordeling. Kort gezegd mist Pantar in het adoptieplan van Skysource een beschrijving van de impact (A), de fasering van applicaties (B) en de samenwerking met eventuele andere leveranciers (C), vindt zij de doorlooptijd van de planning niet realistisch, zijn de kennis, kunde, werkervaring en competenties van de voorgestelde sleutelfunctionarissen in beperkte mate beschreven en niet specifiek gericht op Pantar, en heeft Skysource de risicoanalyse te weinig toegespitst op de adoptie en te veel op de technische componenten.

4.6.

Volgens Skysource zijn de onderdelen A, B en C wel beschreven in haar adoptieplan. Zo heeft zij verwezen naar onderdeel 3.2.2 daarvan, waarin het volgende staat:

De Skysource Private Cloud diensten zijn er om Pantar te ontzorgen. Skysource is van mening dat ook de projectdiensten (zie ook paragraaf 3,3) Pantar dienen te ontzorgen. Met deze aanpak begeleiden we de eindgebruikers naar de Skysource Workspace en migreren we de applicaties op een zorgvuldige wijze naar de Skysource Private Cloud, waarbij de impact op de huidige omgeving zoveel als mogelijk wordt geminimaliseerd.

4.7.

Dat is echter louter een herhaling van de wensen van Pantar. Skysource heeft niet concreet duidelijk gemaakt hoe zij Pantar gaat ‘ontzorgen’ en hoe zij ervoor gaat zorgen dat de impact wordt geminimaliseerd, anders dan door de vrij algemene toezegging om veel te zullen communiceren met de medewerkers en een Servicedesk beschikbaar te stellen, digitaal, telefonisch en enkele dagdelen per week op locatie. Dat het beoordelingsteam van Pantar dit onderdeel als onvoldoende heeft beoordeeld is dan ook begrijpelijk. Het hiervoor weergegeven citaat van onderdeel 3.3.2 van het adoptieplan is exemplarisch voor het gehele adoptieplan, dat nergens volledig, concreet en duidelijk beschrijft op welke manier Skysource voorstelt de medewerkers te zullen leren omgaan met het nieuwe IT-systeem. Het plan van aanpak, dat schematisch is weergegeven onder paragraaf 3.3, heeft voornamelijk betrekking op technische aspecten, en ook de risicoanalyse ziet op de technische implementatie (snelheid van verbindingen, inzetbaarheid externe leveranciers bij installatie van applicaties en rechten datastructuur), terwijl in het BD onder G.2.2.1 bij de gevraagde informatie onder G duidelijk de vereisten zijn genoemd, en het gelet op hetgeen hiervoor onder 4.4 is overwogen voor Skysource helder had moeten zijn dat het hier om de adoptie ging, en niet om de technische implementatie. In dit verband vindt Pantar ook de doorlooptijd van de adoptie niet realistisch. Het tijdschema heeft immers betrekking op de technische implementatie, die vier maanden in beslag zou nemen, en maakt nergens duidelijk dat en hoeveel tijd is gepland voor adoptie.

Tot slot waren voor Pantar ook de door Skysource ingediende cv’s, die ieder maximaal twee pagina’s A4 groot mochten zijn, aanleiding voor de nulscore. In het BD onder ‘Beoordelingskader G.2.2.1’ wordt duidelijk omschreven wat Pantar van de inschrijvers verlangde. In de door Skysource ingediende ‘cv’s’ wordt niet concreet duidelijk gemaakt welke kennis, kunde, werkervaring en competenties de voorgestelde medewerkers hebben voor een goede uitvoering van de adoptie. Zo heeft Skysource onder meer het volgende ‘cv’ ingediend:

Mijn naam is (…) en ik ben de afgelopen 20 jaar werkzaam geweest in de IT. De eerste jaren ben ik werkzaam geweest voor Unit4 Cloud Services waarbij ik als presales consultant de zakelijke dienstverlening en healthcare markt als focus had. Begin vorig jaar ben ik in dienst getreden bij Skysource. De ervaring bij Unit4 komt volledig tot zijn recht in mijn rol bij Skysource om techniek en Cloud optimaal te laten samenwerken.

Motivering (c)

4.8.

Zoals hiervoor overwogen heeft Pantar de beoordeling van het adoptieplan van Skysource toegelicht in bijlage A van de voorlopige gunningsbeslissing (zie 2.5). Daarnaast is er een gesprek geweest, en heeft de advocaat van Pantar vooruitlopend daarop een nadere toelichting gegeven op de beoordeling. Al met al is de beslissing daarmee zodanig gemotiveerd dat Skysource de wijze waarop de beoordeling heeft plaatsgevonden kon toetsen.

Skysource heeft nog gesteld dat op Pantar een bijzondere motiveringsplicht rust, nu in paragraaf 6.1 van het BD staat dat (alleen) in uitzonderlijke gevallen het niet aanleveren van gevraagde documenten of gegevens tot ongeldigheid kan leiden. Paragraaf 6.1 is echter een algemene bepaling die eerder in het BD is opgenomen en kan niet afdoen aan de latere, specifieke bepaling in paragraaf G2.2.1, waarin staat dat inschrijvers die nul punten voor het adoptieplan behalen niet voor gunning in aanmerking komen.

4.9.

De conclusie is dat Pantar het door Skysource ingediende adoptieplan in redelijkheid als matig/onvoldoende heeft kunnen beoordelen, en zij die beslissing voldoende heeft gemotiveerd. Voor een heraanbesteding of herbeoordeling is dan ook geen plaats.

Incidentele vordering tot inzage

4.10.

Gelet op deze uitkomst is er geen aanleiding voor het toewijzen van de incidentele vordering tot het verschaffen van stukken die betrekking hebben op de beoordelingssessies. Dit zou immers niet tot een andere uitkomst kunnen leiden.

4.11.

Gezien deze uitkomst behoeft het standpunt van PQR geen verdere bespreking.

4.12.

Skysource zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Pantar en PQR worden begroot op voor ieder:

- griffierecht € 639,00

- salaris advocaat 980,00

Totaal € 1.619,00

4.13.

De nakosten zullen worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing vermeld.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

weigert de gevraagde voorzieningen,

5.2.

veroordeelt Skysource in de proceskosten, aan de zijde van Pantar en PQR tot op heden begroot op voor elk van hen € 1.619,00,

5.3.

veroordeelt Skysource in de na dit vonnis ontstane kosten aan de zijde van Pantar en PQR voor elk van hen begroot op € 157,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, indien betekening van dit vonnis plaatsvindt, met een bedrag van € 82,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak,

5.4.

verklaart deze kostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. Beukenhorst, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. L. Oostinga, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 25 oktober 2019.1

1 type: LO coll: MV