Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2019:526

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
05-02-2019
Datum publicatie
19-02-2019
Zaaknummer
7143921
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Overeenkomst waarbij een auto wordt geleasd aan Uber-chauffeur heeft ook kenmerken van een arbeidsovereenkomst. Gemengde overeenkomst. De contractuele bepalingen met betrekking tot lease niet strijdig met dwingend rechtelijke bepalingen uit arbeidsrecht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2019-0199
JAR 2019/78 met annotatie van
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer: 7143921 CV EXPL 18-17985

vonnis van: 5 februari 2019
fno.: 562

vonnis van de kantonrechter

I n z a k e

1. [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1]

2. [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2]

beiden wonende te [woonplaats]

eisers in conventie
verweerders in reconventie

nader te noemen: [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2]

gemachtigde: GGN Mastering Credit Rotterdam

t e g e n

[gedaagde in conventie, eiser in reconventie]

wonende te [woonplaats]

gedaagde in conventie
eiser in reconventie

nader te noemen: [gedaagde in conventie, eiser in reconventie]

gemachtigde: mr. R.J. van Wolferen

VERLOOP VAN DE PROCEDURE


De kantonrechter is uitgegaan van de volgende processtukken en/of proceshandelingen:

- dagvaarding van 27 juli 2018, met producties;
- antwoord/eis in reconventie, met producties;
- instructievonnis;
- dagbepaling comparitie;

- comparitie die heeft plaatsgevonden op 23 november 2018. [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] , [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] en [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zijn verschenen, vergezeld door hun gemachtigden. [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] hebben een conclusie van antwoord in reconventie met producties ingediend. Partijen zijn gehoord en hebben vragen van de kantonrechter beantwoord. Ten slotte is vonnis gevraagd en is een datum voor vonnis bepaald.


GRONDEN VAN DE BESLISSING

Feiten


In conventie en in reconventie

1. Als gesteld en niet (voldoende) weersproken staat het volgende vast.

1.1.

[eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] waren vennoten van de inmiddels opgeheven vennootschap onder firma [naam VOF] (hierna: [naam VOF] )

1.2.

[naam VOF] en [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] hebben op 11 januari 2017 een schriftelijk vastgelegde overeenkomst gesloten. Die schriftelijke overeenkomst vermeldt dat het een “Leasecontract” is. Op grond van die overeenkomst leasde [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] van [naam VOF] een personenauto, Toyota Auris (hierna: de auto). De overeengekomen leasetermijnen bedragen € 287,38 per week.

1.3.

De schriftelijk vastgelegde overeenkomst ging vergezeld van een “checklist” die – voor zover hier van belang – het volgende vermeldt:
Ik heb mij voldoende voor laten lichten over de dienst die ik ga afnemen en het contract dat ik aan zal gaan. Dat heb ik gedaan door het rustig doorlezen van de beschikbare informatie en het, waar ik dat nodig vond, vragen van verduidelijking aan [naam VOF] .
1. Ik ben van plan om een actieve uberX chauffeur te worden die met de rit-inkomsten meer dan voldoende gaat verdienen om de leasekosten van de auto te kunnen betalen. Ik werk als zelfstandige en ben op de hoogte van de ondernemersrisico’s.
2. Ik sluit een contract voor het gebruik van de auto, rechtstreeks met [naam VOF] en niet met Uber.
3. (…)
4. (…)
5. Als ik met Uber stop dan stopt het leasecontract conform opzegtermijn. Als Uber stopt met mij, dan lever ik direct de auto in en betaal ik een afkoopsom voor het beëindigen van het leasecontract. Deze hoogte van de afkoopsom staat gedefinieerd in het contract.
6. Ik heb begrepen dat kwaliteit hoog in het vaandel staat van zowel Uber als [naam VOF] . Daarom mogen Uber en [naam VOF] van mij verwachten dat:
a. Ik begrijp dat een goede rating voor al mijn ritten van belang is om blijvend klanten te kunnen vervoeren en geld te verdienen.
(…)
d. ik mijn boetes voor eigen rekening neem en tijdig betaal.
7. Hierbij verklaar ik dat ik [naam VOF] zal betalen aan de hand van een urenstaffel en ik wekelijks minimaal 25 uur zal afnemen. Deze urenstaffel is opgenomen in het contract. Uitzondering zal geschieden op basis van een schriftelijke toestemming van [naam VOF] .
(…)
8. Ik ben op de hoogte van het feit dat de auto die ik ter beschikking krijg, is uitgerust met een zogenaamd ‘tracking device (“Dongel”)’ die als doel heeft om [naam VOF] de mogelijkheid te geven online-realtime het aantal gereden kilometers en onderhoud meldingen uit het motormanagement te kunnen lezen.

1.4.

In de overeenkomst is – voor zover hier van belang – vermeld:
Speciaal voor Uber chauffeurs
Dit leasecontract is op maat gemaakt voor uber chauffeurs zoals jij. Hieronder maken we een aantal afspraken die de lease speciaal maken voor Uber chauffeurs:
- Je staat als Uber chauffeur ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.
- Je gaat de auto hoofdzakelijk gebruiken als Uber chauffeur, voor zakelijke doeleinden. Dat betekent dat je wel privé in de auto mag rijden, maar dat je er hoofdzakelijk in rijdt in de uitoefening van je beroep/bedrijf.
- Je bepaald zelf op welke tijden je rijd en bent eigen baas. Wel houd je er rekening mee dat je voldoende omzet maakt om je minimale lease fee te kunnen betalen.
(…)
Autodelen (car sharing)
Het is niet toegestaan om gebruik te maken van autodelen tenzij dit specifiek door [naam VOF] is goedgekeurd. Het is de intentie van Uber, ons en daarmee ook van jou om jouw persoonlijke kwaliteit van dienstverlening te koppelen aan één voertuig en één Uber account (…).
Actuele kilometerstanden
Door ondertekening van dit leasecontract geef je ons toestemming om een tracking device (“Dongel”) in het voertuig te installeren waardoor het voor ons mogelijk is om kilometerstanden op afstand uit te kunnen lezen. Indien de Dongel in je voertuig is geïnstalleerd, hoef je alleen op ons verzoek actuele kilometerstanden aan ons door te geven wanneer onze geautomatiseerde maandelijkse uitlezing van kilometers om welke reden dan ook, niet werkt.

1.5.

De vergoedingen voor de ritten die [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] als Uber-chauffeur met de auto verrichtte, werden ontvangen door de [naam stichting] . [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] is bestuurder van die stichting. Na aftrek van de leasetermijnen die [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] op grond van de leaseovereenkomst voor de lease van de auto verschuldigd was en aftrek van een zekere opslag werd het restantbedrag door de [naam stichting] aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] (door)betaald.

1.6.

Op 19 februari 2017, 23 februari 2017 en 8 maart 2017 zijn boetes opgelegd vanwege snelheidsovertredingen die [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] met de auto heeft begaan. Er zijn voor deze snelheidsovertredingen boetes opgelegd aan [naam VOF] – de kentekenhouder van de auto – tot een totaalbedrag van
€ 383,54, inclusief administratiekosten. Bij de laatste snelheidsovertreding in maart 2017 is ook het rijbewijs van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] ingevorderd.

1.7.

Een e-mail van 29 maart 2017 van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aan [naam VOF] houdt – voor zover hier van belang – het volgende in:
Ik wil graag mijn contract opzeggen.
Reden: rijbewijs ingevorderd

1.8.

[naam VOF] heeft aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] een factuur toegezonden voor het bedrag van € 4.406,86. Op die factuur wordt aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in rekening gebracht: de drie boetes, achterstallige leasetermijnen over de weken 11 en 12 (in totaal
€ 574,76) en € 3.448,56 aan kosten voor afwikkeling van de leaseovereenkomst.

1.9.

Op verzoek van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is tussen hem en [naam VOF] eind maart 2017 overeengekomen – onder de voorwaarde dat een nieuwe overeenkomst door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] met [naam VOF] zal worden aangegaan binnen zes maanden nadat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] weer over zijn rijbewijs zal beschikken – dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] kan volstaan met betaling van € 2.465,58, te voldoen in drie termijnen. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft geen betalingen aan [naam VOF] verricht waardoor de getroffen regeling is komen te vervallen.

Vorderingen en verweer

In conventie

2. [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] vorderen [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] bij vonnis, uitvoerbaar te verklaren bij voorraad, te veroordelen tot betaling van € 4.406,86 in hoofdsom, € 565,69 aan buitengerechtelijke kosten, € 87,10 aan wettelijke handelsrente, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over de hoofdsom vanaf de dag der dagvaarding, met veroordeling van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in de kosten van de procedure.

3. [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] stellen dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] tekort is geschoten in zijn verplichting tot betaling van hetgeen hij op grond van de leaseovereenkomst verschuldigd is. De hoofdsom betreft de lease over de weken 11 tot en met 24 van 2017 (13 maart 2017 tot en met 18 juni 2017, € 287,38 per week, € 4.023,32) en € 383,54 aan opgelegde boetes wegens verkeersovertredingen.

4. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] voert verweer. Volgens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is de overeenkomst die tussen partijen is gesloten een arbeidsovereenkomst. De werkzaamheden van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] bestonden uit het verrichten van chauffeurswerkzaamheden via Uber. Hij ontving voor het verrichten van die werkzaamheden betaling, dat als “loon” is aan te merken. Overeengekomen is dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] minimaal 25 uur per week moest werken. Hij moest die werkzaamheden persoonlijk verrichten, want hij mocht de auto niet aan een ander ter beschikking stellen.
De verschuldigdheid aan [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] van leasetermijnen voor een auto waarmee hij, als werknemer van [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] , zijn werkzaamheden verrichtte en die hij niet (ook) voor privé doeleinden mocht gebruiken, is volgens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in strijd met goed werkgeverschap en/of de redelijkheid en billijkheid. Volgens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is hij daarom geen leasetermijnen voor de auto aan [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] verschuldigd. Verder is [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet door [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] in de gelegenheid gesteld om zich tegen de verkeersboetes te verzetten. De verkeersboetes kunnen daarom niet door [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in rekening worden gebracht.
Subsidiair beroept [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zich op verrekening met hetgeen hij van [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] te vorderen heeft op grond van de arbeidsovereenkomst die volgens hem bestaat.

In reconventie

5. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] vordert bij vonnis, uitvoerbaar te verklaren bij voorraad:
- voor recht te verklaren dat tussen partijen op 11 januari 2017 een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd tot stand is gekomen met een arbeidsomvang van minimaal 25 uren per week;
- voor recht te verklaren dat de door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] opgebouwde, maar niet genoten wettelijke vakantiedagen over het jaar 2017 niet zijn vervallen, omdat zulks in strijd is met de redelijkheid en billijkheid;
- [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] hoofdelijk te veroordelen tot betaling van € 18.746,62 bruto aan achterstallig loon over de periode 1 maart 2017 tot en met 31 augustus 2018, onder verstrekking van salarisspecificaties, dat laatste op straffe van verbeurte van een dwangsom;
- [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] hoofdelijk te veroordelen tot betaling van het salaris van € 1.012,86 per maand en 8% vakantietoeslag, vermeerderd met de wettelijke verhoging, buitengerechtelijke kosten en wettelijke rente, met veroordeling van [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] in de kosten van de procedure.

6. Op hetgeen partijen naar voren hebben gebracht, zal hierna worden ingegaan voor zover dat voor de beoordeling van belang is.

Beoordeling

In conventie

7. De overeenkomst die partijen hebben gesloten omvat afspraken met betrekking tot de lease van een auto door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] . In de schriftelijke overeenkomst en de checklist die bij de overeenkomst hoort en die eveneens door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is ondertekend, zijn ook afspraken vastgelegd die de reikwijdte van een leaseovereenkomst met betrekking tot een auto te buiten gaan. In de checklist is vastgelegd dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet de vrijheid heeft om te bepalen waarvoor hij de auto gebruikt. Hij moet de auto gebruiken voor het verrichten van Uber-chauffeur werkzaamheden. De lease van de auto hangt blijkens de overeenkomst rechtstreeks samen met het verrichten van die chauffeurswerkzaamheden. Als [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] namelijk stopt met die chauffeurswerkzaamheden eindigt ook het leasecontract. Hij mag de auto niet met een ander delen en moet de chauffeurswerkzaamheden dus zelf verrichten. Ook ten aanzien van de wijze waarop hij de chauffeurswerkzaamheden moet verrichten heeft [naam VOF] in de overeenkomst verplichtingen aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] opgelegd: de kwaliteit dient hoog in het vaandel te staan en (Uber en) [naam VOF] mogen van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] verwachten dat hij begrijpt dat een goede rating voor al zijn ritten van belang is om blijvend klanten te kunnen vervoeren en geld te verdienen. Op grond van de overeenkomt ontvangt [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] van [naam VOF] , althans van de [naam stichting] waarvan [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] bestuurder is, vergoeding en betaling van de (Uber-)ritten die hij met de auto heeft verricht. Dit alles maakt dat de overeenkomst niet uitsluitend een leaseovereenkomst is.

8. [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] voeren aan dat aan hetgeen hiervoor is weergegeven geen betekenis kan worden toegekend voor de kwalificatie van de overeenkomst en bij beantwoording van de vraag of die overeenkomst als arbeidsovereenkomst moet worden aangemerkt. Dat laatste wordt namelijk door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] betoogd. [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] kunnen niet in dat standpunt worden gevolgd. Het mag zo zijn dat zij de betreffende bepalingen en bedingen één op één hebben overgenomen uit een overeenkomst die gehanteerd wordt door een andere leasemaatschappij die ook auto’s least aan chauffeurs die als Uber-chauffeur willen gaan werken, maar dat betekent niet dat die bepalingen en bedingen daarom niet hebben te gelden als overeengekomen met [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] en dat aan die bepalingen en bedingen geen materiële betekenis zou toekomen voor de inhoud van de rechtsverhouding tussen partijen.

9. Verder hebben [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] aangevoerd dat [naam VOF] zich uitsluitend richtte op activiteiten met het doel om Uber-chauffeurs te ontlasten en te faciliteren, waaronder het ter beschikking stellen van een auto door middel van het aangaan van een leaseovereenkomst. Zij voeren aan niet te hebben beoogd een arbeidsrechtelijke verhouding aan te gaan. Dat brengt, anders dan [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] kennelijk menen, echter niet met zich dat de contractuele relatie van partijen niet toch door het arbeidsrecht zou kunnen worden beheerst.

10. Op grond van hetgeen hiervoor in rechtsoverweging 7 is weergegeven, wordt vastgesteld dat de overeenkomst tussen partijen, naast afspraken met betrekking tot de lease van een auto, ook kenmerken heeft van een arbeidsovereenkomst. De overeenkomst heeft dan ook een gemengd karakter, waarvan de onderdelen één onderling samenhangend geheel vormen. In artikel 6:215 BW is bepaald dat de bepalingen in een gemengde overeenkomst naast elkaar van toepassing zijn, “behoudens voor zover deze bepalingen niet wel verenigbaar zijn of de strekking daarvan in verband met de aard van de overeenkomst zich tegen toepassing verzet.” Dat betekent dat het gemengde karakter van een overeenkomst niet automatisch tot het gevolg leidt dat, zoals in het standpunt van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] besloten lijkt te liggen, het arbeidsrechtelijke onderdeel van die overeenkomst prevaleert en dat het deel van de overeenkomst met betrekking tot de lease van de auto dus geheel buiten toepassing dient te blijven. Alleen wanneer de rechtsregels niet naast elkaar toepasbaar zijn, prevaleren op grond van artikel 7:610 lid 2 BW de bepalingen van boek 7, titel 10 BW.

11. Situaties waarin werkers verplicht worden om bij of via hun contractuele wederpartij middelen aan te schaffen die noodzakelijk zijn om de overeengekomen werkzaamheden te verrichten komen niet heel vaak, maar wel eens voor. Te denken valt aan (bedrijfs)kleding of gereedschappen. Hoe dan ook, concrete feiten of omstandigheden waaruit kan volgen dat in dit geval de rechtsregels met betrekking tot het element “arbeid” en het element “lease” in de overeenkomst niet naast elkaar van toepassing kunnen zijn, zijn niet gebleken. De enkele stelling dat de lease van de auto door FSN Beheer aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in strijd is met goed werkgeverschap en/of redelijkheid en billijkheid, is te vaag en ongericht. Het standpunt van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] dat erop neerkomt dat hij niet gehouden is tot nakoming van de afspraken die tussen partijen zijn gemaakt met betrekking tot de lease van de auto, maar (in reconventie) wel aanspraak kan maken op nakoming door [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] van de verplichtingen van de arbeidsrechtelijke componenten uit de overeenkomst, treft dan ook geen doel.

12. Het voorgaande leidt ertoe dat de gevorderde leasetermijnen, waarvan de omvang niet door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is betwist, door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] verschuldigd zijn.

13. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] erkent dat hij boetes heeft veroorzaakt door het begaan van verkeersovertredingen. Uit zijn stellingen blijkt niet dat het enig verschil uitgemaakt zou hebben indien hij zich zou hebben kunnen verweren tegen de opgelegde boetes. De gevorderde vergoeding van die boetes zijn toewijsbaar, nu [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zich in de overeenkomst tot vergoeding daarvan heeft verplicht.

14. De vorderingen tot vergoeding van rente en buitengerechtelijke kosten zijn als onweersproken eveneens toewijsbaar.

15. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zal als de in het ongelijk gestelde partij met de proceskosten worden belast.

In reconventie

16. Ook indien de overeenkomst geheel beantwoordt aan de definitie die in artikel 7:610 lid 1 BW van een arbeidsovereenkomst is gegeven, is de vordering van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] desondanks niet toewijsbaar. Daartoe is het volgende redengevend.

16. Het rijbewijs van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is in maart 2017 ingevorderd vanwege een snelheidsovertreding die hij had begaan. Niet duidelijk is wanneer dat precies was. In ieder geval was hij vanaf dat moment niet in staat de chauffeurswerkzaamheden te verrichten door omstandigheden die aan hem zijn toe te rekenen en die voor zijn risico komen. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft bij e-mail van 29 maart 2017 de overeenkomst opgezegd omdat zijn rijbewijs was ingevorderd. Daarna is contact geweest tussen [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] en [naam VOF] over de financiële afwikkeling van de overeenkomst vanwege de beëindiging daarvan door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] . [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft zijn rijbewijs drie maanden na de invordering weer terug gekregen. Dat was dus in juni 2017. Hij heeft toen niet aan [naam VOF] kenbaar gemaakt dat hij, omdat hij zijn rijbewijs inmiddels terug had en hoewel hij de overeenkomst inmiddels had opgezegd, desondanks weer de chauffeurswerkzaamheden wilde gaan verrichten. Dat hij dat op enig later moment alsnog heeft gedaan, is gesteld noch gebleken. El Boussani heeft over het tijdvak waarover hij nu – kort gezegd – loon, vakantiegeld en niet-genoten vakantiedagen vordert dus geen arbeid verricht omdat hij daartoe eerst niet in staat was omdat hij geen auto mocht besturen en daarna niet omdat hij zich in het geheel niet bij [naam VOF] heeft gemeld om zijn arbeid te verrichten. Daarop stuiten de vorderingen van El Boussani die gericht zijn op het verkrijgen van betaling van loon, vakantiegeld en niet-genoten vakantiedagen af.

16. Feiten of omstandigheden waaruit afgeleid kan worden dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] desondanks belang heeft bij een afzonderlijke verklaring voor recht dat de overeenkomst tussen partijen is aan te merken als een arbeidsovereenkomst, heeft hij niet gesteld en zijn ook niet gebleken.

16. De vorderingen van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zijn niet toewijsbaar. Als de in het ongelijk gestelde partij zal hij met de proceskosten worden belast.

BESLISSING

De kantonrechter:

In conventie

veroordeelt [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] tot betaling aan [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] van € 5.059,65 aan hoofdsom, vermeerderd met de wettelijke handelsrente over € 4.406,86 rente vanaf 27 juli 2018 tot aan de voldoening;

veroordeelt [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] begroot op € 313,08 aan verschotten en € 500,-- aan salaris voor gemachtigde;

In reconventie

wijst de vordering af;

veroordeelt [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in de kosten van het geding aan de zijde van [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 2] gevallen, tot heden begroot op € 300,-- aan salaris van de gemachtigde, voor zover van toepassing, inclusief btw;

In conventie en in reconventie

veroordeelt [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € … aan salaris gemachtigde, te verhogen met een bedrag van € 68,00 en de explootkosten van betekening van het vonnis, een en ander voor zover van toepassing inclusief btw, onder de voorwaarde dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet binnen veertien dagen na aanschrijving volledig aan dit vonnis heeft voldaan en betekening van het vonnis pas na veertien dagen na aanschrijving heeft plaatsgevonden;

verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.C. van Harmelen, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 5 februari 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.