Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2019:3868

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
31-05-2019
Datum publicatie
31-05-2019
Zaaknummer
C/13/666214 / KG ZA 19-505
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Lidl heeft zich schuldig gemaakt aan misleidende reclame, door haar dagcrème te vergelijken met die van La Prairie, zonder dat zij die claim kan bewijzen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

zaaknummer / rolnummer: C/13/666214 / KG ZA 19-505 CK/LO

Vonnis in kort geding van 31 mei 2019

in de zaak van

de vennootschap naar buitenlands recht

LABORATOIRES LA PRAIRIE SA,

gevestigd te Volketswil (Zwitserland),

eiseres bij dagvaarding van 10 mei 2019,

advocaat mr. D.M. Wille te Amsterdam,

tegen

de vennootschap naar buitenlands recht

LIDL NEDERLAND GMBH,

gevestigd te Neckarsulm (Duitsland), kantoorhoudende te Huizen,

gedaagde,

advocaat mr. D. Haije te Amsterdam.

Partijen zullen hierna La Prairie en Lidl worden genoemd.

1 De procedure

Ter zitting van 17 mei 2019 heeft La Prairie gesteld en gevorderd overeenkomstig de in kopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding. Lidl heeft verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorziening. Beide partijen hebben producties en een pleitnota in het geding gebracht. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen.

Ter zitting waren aanwezig:

aan de zijde van La Prairie: [naam 1] , legal counsel, bijgestaan door een tolk in de Duitse taal, D.M. Oudesluijs, met mr. Wille en haar kantoorgenoot mr. D.A. Geerts;

aan de zijde van Lidl: [naam 2] , legal counsel, met mr. Haije.

2 De feiten

2.1.

La Prairie biedt wereldwijd en ook in Nederland huidverzorgingsproducten aan.

2.2.

La Prairie is houdster van het internationale merk IR 597026 en het woordmerk ‘La Prairie’ in categorie 3 (onder meer soaps, perfumery, cosmetics, non-medicinal preparations in the form of creams, lotions, emulsions and concentrates for skin protection, care and treatment) en 5 (medicinal preparations in the form of creams, lotions, emulsions and concentrates for skin protection, care and treatment), dat onder meer geldt in de Benelux.

2.3.

La Prairie brengt onder meer ‘La Prairie Cellular Radiance Cream’ op de markt, dat het geoctrooieerde ingrediënt ‘Cellular Complex’ bevat.

2.4.

Lidl is een levensmiddelenbedrijf met winkels in verschillende landen, waaronder Nederland.

2.5.

Lidl heeft een aantal keer met een tijdelijke actie en een beperkte voorraad ‘Cien Cellular beauty gezichtscrème’ (dag- en nacht- en oogcrème) aangeboden in haar winkels in Nederland. De voorraad was steeds binnen enkele dagen uitverkocht.

2.6.

In een persbericht van Lidl UK van 15 januari 2018 staat onder meer het volgende.

(…) Lidl UK launches cellular beauty range for as little as £ 3.49 and it’s over £ 400 cheaper than a similar designer product (…) For the beauty bargain hunter who is looking for a steal, Lidl’s entire four-piece Cien Cellular Cream range can be bought for under under £15 making it more than £400 cheaper than one pot of a designer cellular cream2 (…)

In voetnoot 2 in het persbericht staat een verwijzing naar www.Harrods.com/en-gb/la-prairie/cellular Radiance Cream.

2.7.

Op 18 januari 2018 is in de Britse tabloid THE SUN een artikel verschenen met de titel ‘Lidl are launching a £3.49 cellular beauty cream – and it costs £490 less than La Prairie’s version’. In het artikel zelf staat dat ‘The creams and serums use similar ingredients to the ones found in the La Prairie Cellular Radiance Cream, which costs nearly £500 for an identical sized pot.’

2.8.

In december 2018 heeft Lidl tijdelijk de Cien Cellular Beauty gezichtsverzorging aangeboden in haar winkels, en heeft zij een reclamecampagne gevoerd waarin in een televisiecommercial is vermeld ‘vergelijkbaar met La Prairie’ en in een advertentie in Flair Magazine ‘bevat dezelfde ingrediënten als de La Prairie Cellular Radiance Cream, die bijna € 550,- kost!*’. De aanhalingstekens duiden op een verwijzing naar het artikel in THE SUN van 18 januari 2018, dat bij een enkele uitlating ook als bron onder het citaat vermeld staat..

2.9.

Bij brief van 18 december 2018 heeft La Prairie Lidl gesommeerd zich te onthouden van het doen van dergelijke (volgens La Prairie) onrechtmatige reclame-uitingen, en het plaatsen van een rectificatie. Lidl heeft daarop toegezegd bepaalde uitlatingen te zullen staken.

2.10.

In mei 2019 heeft Lidl opnieuw tijdelijk de Cien Cellular Beauty gezichtsverzorgingsproducten aangeboden als moederdagactie. Zij heeft voor de crème een reclamecampagne gevoerd waarbij radiocommercials zijn uitgezonden en advertenties zijn verschenen in de huis-aan-huis-folder van Lidl en in verschillende landelijke dagbladen, waaronder De Telegraaf.

2.11.

De radiocommercial van Lidl die op 3 mei en op 6 mei is uitgezonden op in ieder geval Radio 538 en NPO 2 luidt als volgt.

“Wegens succes herhaald: Cien Cellular beauty gezichtscrèmes van Lidl. Deze dag- en nachtcrèmes bevatten ingrediënten die vergelijkbaar zijn met La Prairie. En speciaal voor Moederdag in luxe geschenkverpakking. 2 stuks voor maar € 7,99. Vanaf maandag in de winkel. Op=op. Lidl, de hoogste kwaliteit voor de laagste prijs.”

2.12.

In de huis-aan-huis folder van Lidl van week 19 (6 tot en met 12 mei 2019) op de voorpagina en in De Telegraaf op de complete achterpagina stond de volgende advertentie.

2.13.

Op pagina 16 en 17 van de huis-aan-huis folder stond de volgende advertentie.

In het ronde paarse vlak staat:

“Een crème met ingrediënten die je ook in luxe crèmes vindt!” Bron: Marie Claire, 9 april 2019,

“Lidl brengt spotgoedkope variant van La Prairie crème op de markt” Bron: Flair, 22 januari 2019,

“Deze crème van Lidl is volgens beautygoeroes exact hetzelfde als de duurste crème ter wereld” Bron: Grazia 21 maart 2018,

“De prijs van een crème zegt niet altijd alles over de kwaliteit” Bron: Beaumonde, 2018.

2.14.

In de winkels van Lidl zijn de Cien Cellular Beauty gezichtsverzorgingsproducten aangeboden op een speciale display, die er als volgt uit zag.

3 Het geschil

3.1.

La Prairie vordert – samengevat – uitvoerbaar bij voorraad:

  1. Lidl elk gebruik van het merk La Prairie te verbieden en haar te verbieden haar crèmes aan te prijzen door deze te vergelijken met La Prairie, althans door te suggereren dat de ingrediënten of kwaliteit vergelijkbaar zijn;

  2. Lidl te gebieden een rectificatie te plaatsen met de tekst zoals in de dagvaarding vermeld en met Lidl logo op de prints, op de website van Lidl, in haar huis-aan-huis-folder, op de landingspagina van reclamefolder.nl, in De Telegraaf (op en volledige pagina op de achterpagina) en andere dagbladen waarin de advertentie is verschenen, op Radio 538, NPO2 en overige zenders waarop de radiocommercial is uitgezonden, met dezelfde duur, frequentie en regelmaat, althans een rectificatie conform hetgeen de voorzieningenrechter in goed justitie redelijk oordeelt;

  3. Lidl te gebieden alle nog vindbare of geplande commercials/advertenties met de bewuste claims te verwijderen/ in te trekken, met verzending van bewijzen daarvan aan de advocaat van La Prairie;

  4. op straffe van dwangsommen;

  5. Lidl te veroordelen tot betaling van de volledige proceskosten als bedoeld in artikel 1019h van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv.).

3.2.

La Prairie heeft ter toelichting van haar vordering – samengevat en voor zover van belang – het volgende gesteld. Met de claim dat Cien Cellular beauty gezichtscrème ‘ingrediënten bevat die vergelijkbaar zijn met La Prairie’ en dat deze crème ‘vergelijkbare ingrediënten bevat als in de La Prairie cellular radiance cream (die bijna € 550,- kost)’ maakt Lidl zich schuldig aan misleidend adverteren en aan onrechtmatige vergelijkende reclame in de zin van artikel 6:194 en 6:194a van het Burgerlijk Wetboek (BW) waardoor dientengevolge sprake is van merkinbreuk in de zin van artikel 2.20 lid 2 sub b en d van het Benelux-verdrag voor de Intellectuele Eigendom (BVIE).

3.3.

Lidl voert verweer.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

Juridisch kader

4.1.

La Prairie heeft gesteld dat sprake is van misleidend adverteren en onrechtmatige vergelijkende reclame in de zin van artikel 6:194a BW, en daarmee van merkinbreuk als bedoeld in artikel 2.10 lid 2 sub c en d BVIE. La Prairie beroept zich terecht op titel 3, afdeling 4 van boek 6 BW (en niet op de artikelen 6:193 BW en verder), nu zij een onderneming is, en bij toepassing van deze afdeling is niet van belang op welke doelgroep de reclame zich richt: ondernemingen, consumenten of beide.

Lidl voert aan dat het haar is toegestaan vergelijkende reclame te maken. Haar product wordt als alternatief voor het product van La Prairie aangeboden, zonder dat het daarbij gaat om een imitatieproduct en zonder dat daarbij afbreuk wordt gedaan aan de merkfuncties, zodat sprake is van gezonde en eerlijke mededinging.

4.2.

Vooropgesteld wordt dat in de Europese richtlijnen en de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (HvJ) het maken van vergelijkende reclame wordt toegejuicht, nu de consument daarbij gebaat is. Voor een doeltreffende vergelijkende reclame kan het noodzakelijk zijn de producten van een concurrent aan te duiden door melding te maken van een merk waarvan deze laatste de houder is. Dergelijk gebruik van een merk vormt geen inbreuk indien daarbij is voldaan aan een aantal cumulatief geldende voorwaarden, als genoemd in artikel 6:194a BW.

Vergelijkende reclame geoorloofd?

4.3.

Aan de orde is dus of de reclame-uitingen van Lidl voldoen aan de eisen voor geoorloofdheid van artikel 6:194a BW. Ingevolge het tweede lid van dit artikel dient vergelijkende reclame onder meer niet misleidend te zijn en op objectieve wijze één of meer wezenlijke, relevante, controleerbare en representatieve kenmerken van de desbetreffende goederen of diensten, zoals de prijs, met elkaar te vergelijken, zodat de gemiddeld geïnformeerde, omzichtige en oplettende gewone consument (hierna de gemiddelde consument) kan nagaan of de vergelijking zakelijk in orde is.

4.4.

Lidl vermeldt in haar reclame-uitingen dat de Cien Cellular beauty gezichtscrème ‘vergelijkbare ingrediënten bevat als in de La Prairie Cellular Radiance cream (die bijna € 550,- kost!)’. Bij de beoordeling van het gestelde misleidend karakter van deze claims geldt als uitgangspunt dat een reclame misleidend kan worden wanneer deze zodanige onwaarheden of halve waarheden bevat dat het publiek in goed vertrouwen afgaat op de juistheid van de gedane mededeling en als gevolg daarvan tot aankoop van de aangeprezen goederen overgaat. In beginsel kan daarbij worden uitgegaan van de intelligentie en het voorstellingsvermogen van het gemiddelde publiek, dat zich bewust is van en zich niet laat beïnvloeden door het feit dat aan reclame een zekere overdrijving eigen is.

4.5.

Op grond van artikel 6:195 BW is het aan Lidl om in kort geding de juistheid en volledigheid van de feitelijke gegevens in de reclame voldoende aannemelijk te maken. Lidl heeft in haar reclame-uitingen verwezen naar de bron van haar claims, onder meer de artikelen in THE SUN van 18 januari 2018, in Flair Magazine van 22 januari 2018 , Beaumonde van 2018 en Grazia van 21 maart 2018 en Marie Claire van 9 april 2019 (zie hiervoor onder 2.13) . Ook het aanhalen van deze artikelen moet voldoen aan de eisen voor vergelijkende reclame. Het verwijzen naar een bron is geen vrijbrief indien blijkt dat het onderzoek waarop de vergelijking is gebaseerd onjuist of onvolledig blijkt. Dat deze tijdschriften zelfstandig een onderzoek hebben verricht naar de ingrediënten van beide crèmes is niet door Lidl betoogd en overigens ook onvoldoende aannemelijk. Het heeft er namelijk gelet op de tekst en de datum van verschijning alle schijn van dat in ieder geval het artikel in THE SUN en de artikelen in Flair, Beaumonde en Grazia zijn gebaseerd op het persbericht van Lidl UK dat kort daarvoor werd gepubliceerd. In het volledige artikel van THE SUN is geen andere inhoudelijke informatie over de crème te lezen dan ontleend kan worden aan het persbericht inclusief de voetnoot. Aan de stelling dat Lidl UK een onderneming is die los staat van Lidl Nederland, zodat deze daarmee niet kan worden vereenzelvigd, wordt voorbij gegaan. Voor zover Lidl niet op de hoogte was van dat persbericht, hetgeen niet voor de hand ligt, nu La Prairie ook in het Verenigd Koninkrijk bezwaar heeft gemaakt tegen de reclame-uitingen van Lidl, had zij in ieder geval kunnen weten dat de aangehaalde tijdschriften geen eigen onderzoek hebben verricht, zodat zij daarmee de claims niet kon onderbouwen.

4.6.

In deze procedure heeft Lidl een rapport overgelegd van A. Broekman van Zag & Van Elk Consultancy, service and advice for the cosmetic industry van 15 mei 2019. Ook dit rapport maakt de claims onvoldoende aannemelijk. Broekman heeft de ingrediënten van beide crèmes met elkaar vergeleken. In de conclusie van het rapport staat onder meer: ‘De ingrediënten in CIEN Day en CIEN Night zijn naar mijn mening bijna allemaal vergelijkbaar met ingrediënten die in Radiance [La Prairie Cellular Radiance Cream, vzr.]voorkomen qua primaire functie.’ Blijkens het rapport bevat de crème van Lidl 36 ingrediënten en die van La Prairie 81. Lidl vertelt dus minst genomen een halve waarheid, nu de crème van La Prairie naast de ingrediënten die vergelijkbaar zijn met die in de crème van Lidl nog 45 andere ingrediënten bevat. Zoals La Prairie terecht heeft gesteld rechtvaardigt de overlap in ingrediënten nog niet de conclusie dat door vergelijkbare ingrediënten ook een vergelijkbare crème ontstaat. Zo bevat iedere gezichtscrème water, oliën, stabilisators en conserveermiddelen, maar daarmee is nog niet iedere gezichtscrème vergelijkbaar. Anders gezegd: een fiets heeft twee wielen, maar niet alles met twee wielen is ook een fiets. Lidl heeft weliswaar niet letterlijk beweerd dat haar crème dezelfde crème is als die van La Prairie, maar gelet op de advertentie als geheel en de publicaties die zij citeert, is dat wel de suggestie die wordt gewekt. De boodschap die in de reclame wordt gebracht en die het gemiddelde publiek oppikt, is dat de crème vergelijkbaar is met die van La Prairie, maar dan veel goedkoper. Ook de wijziging in de reclame-uiting van mei 2019 ten opzichte van december 2018 dat niet meer wordt gesproken van “gelijke ingredienten” maar van “vergelijkbare ingredienten” als vertaling van “similar ingredients”, maakt hierin onvoldoende verschil. De crème bevat vergelijkbare ingrediënten en is meer dan € 500,- goedkoper dan die van La Prairie, aldus Lidl, waarmee de suggestie wordt gewekt dat de consument een vergelijkbaar product krijgt voor een fractie van de prijs. Verder vermeldt de reclame niets over de kwaliteiten of de beoogde effecten van de Cien crème. De conclusie van het voorgaande is dat sprake is van misleidende reclame, zodat in ieder geval niet is voldaan aan het vereiste van artikel 6:194a, lid 2, sub a BW. De vergelijkende reclame is dan ook niet geoorloofd.

Merkinbreuk

4.7.

Nu hiervoor is geoordeeld dat geen sprake is van geoorloofde vergelijkende reclame, is de vraag aan de orde of het gebruik van het merk door Lidl inbreuk oplevert. La Prairie heeft een beroep gedaan op artikel 2.20 lid 2 sub b, c en d BVIE. Niet in geschil is dat Lidl het merk heeft gebruikt en dat La Prairie daar geen toestemming voor heeft gegeven. Evenmin is in geschil dat het merk wordt gebruikt voor het aanprijzen van gelijke of overeenstemmende waren (gezichtscrème). Zoals hiervoor onder 4.6 is overwogen is van een geldige reden (geoorloofde vergelijkende reclame) voor het gebruik van het merk geen sprake. Verder is van belang of La Prairie een bekend merk is, zoals door La Prairie gesteld en door Lidl betwist. Lidl heeft in haar reclame-uitingen direct verwezen naar het merk La Prairie (‘vergelijkbaar met La Prairie’, ‘bevat vergelijkbare ingrediënten als La Prairie’) zonder enige toelichting, zoals bijvoorbeeld de toevoeging ‘het bekende luxe cosmeticamerk La Prairie’. Daaruit kan worden afgeleid dat zij bij haar klanten kennelijk bekendheid veronderstelt met het merk La Prairie. Daarmee is aan het vereiste van bekendheid voldaan.

4.8.

Om uit te maken of door het gebruik van het merk ongerechtvaardigd voordeel wordt getrokken uit het onderscheidend vermogen of de reputatie van het merk, moet een globale beoordeling worden gemaakt met inachtneming van alle relevante omstandigheden van het concrete geval. Daarbij speelt een rol dat hoe directer naar het merk wordt verwezen, hoe groter de kans dat ongerechtvaardigd voordeel wordt getrokken. In dit geval heeft Lidl het woordmerk La Prairie expliciet gebruikt in haar reclame-uitingen. Ook speelt een rol, zoals hiervoor reeds overwogen, dat Lidl in de advertenties uitsluitend aanhaakt bij La Prairie en verder niets vermeldt over de kwaliteiten of beoogde effecten van haar eigen crème (of zelfs die van La Prairie). Aannemelijk is dat Lidl zonder het aanhaken bij La Prairie niet zoveel potjes crème zou hebben verkocht als zij nu heeft gedaan, onweersproken heeft La Prairie gesteld dat het een succesvolle campagne is geweest. De conclusie is dan ook dat Lidl met het gebruik van het merk La Prairie ongerechtvaardigd voordeel trekt uit het onderscheidend vermogen of de reputatie van het merk. Dankzij de afstraling van het imago van La Prairie of de door La Prairie opgeroepen kenmerken van de crème is duidelijk sprake van exploitatie van de bekendheid van het merk. Lidl lift mee op de reputatie van La Prairie. Voor het voldoen aan dit criterium is niet van belang of het onderscheidend vermogen of de reputatie van La Prairie worden aangetast, al heeft La Prairie gesteld dat dat het geval is. Voldoende is dat Lidl voordeel haalt uit het gebruik van het merk La Prairie. Daarmee is voldaan aan alle criteria van artikel 2.20, lid 2, sub c BVIE. De vorderingen zullen dan ook worden toegewezen, met dien verstande dat het gevorderde enigszins wordt beperkt voor zover deze zodanig ruim zijn geformuleerd dat deze tot executiegeschillen zullen leiden. De overige argumenten behoeven geen bespreking omdat die niet tot een andere veroordeling zouden leiden.

4.9.

Het onder 3 gevorderde zal worden afgewezen, omdat de actie van Lidl een korte campagne was met een “OP=OP”-karakter gericht op de kerstperiode en moederdag, zodat kan worden volstaan met de hieronder vermelde verboden.

4.10.

De gevorderde dwangsom zal worden beperkt en gemaximeerd als volgt.

4.11.

La Prairie heeft veroordeling van Lidl gevorderd in de volledige (proces)kosten, op grond van artikel 1019h Rv. Die vordering zal worden toegewezen tot het in de IE-indicatietarieven genoemde bedrag van € 15.000,-. Verder wordt € 103,58 aan dagvaardingskosten en € 639,- aan griffierecht toegewezen.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

verbiedt Lidl, na betekening van dit vonnis, het gebruik van het merk La Prairie voor zover daarbij haar crèmes worden aangeprezen door deze te vergelijken met La Prairie, althans door te stellen of suggereren dat de ingrediënten of kwaliteit vergelijkbaar zijn,

5.2.

gebiedt Lidl om binnen twee werkdagen na betekening van dit vonnis een bericht te plaatsen op haar website, voor de duur van twee weken, alsmede op de voorpagina van de eerst mogelijke huis-aan-huis-folder en de online versie daarvan , alsmede binnen een week na betekening op de achterpagina van De Telegraaf, op hetzelfde formaat als de oorspronkelijke advertentie, met de volgende tekst en zonder toevoegingen:

RECTIFICATIE

Lidl heeft geadverteerd met de claim dat de Lidl CIEN cellular beauty crèmes vergelijkbare ingrediënten bevatten als La Prairie producten en gesuggereerd dat de crèmes vergelijkbaar zijn. De voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam heeft geoordeeld dat die claim misleidend is. Op last van de rechter dient Lidl het gebruik van de claim te staken en deze rectificatie te plaatsen.

5.3.

veroordeelt Lidl om aan La Prairie een dwangsom te betalen van € 5.000,- voor iedere keer en/of dag of gedeelte daarvan dat zij niet aan de in 5.1 en/of 5.2 uitgesproken veroordelingen voldoet, tot een maximum van € 100.000,- is bereikt,

5.4.

veroordeelt Lidl in de proceskosten, aan de zijde van La Prairie tot op heden begroot op € 15.742,58,

5.5.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.6.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. C.M.E. de Koning, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. L. Oostinga, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 31 mei 2019.1

1 type: LO coll: BB