Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2018:79

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
10-01-2018
Datum publicatie
12-01-2018
Zaaknummer
AMS 18/4
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

De burgmeester mocht een belwinkel in Amsterdam-Oost voorlopig niet sluiten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Bestuursrecht

zaaknummer: AMS 18/4

uitspraak van de voorzieningenrechter van 10 januari 2018 in de zaak tussen

[verzoeker] , te [plaats] , verzoeker

(gemachtigde: mr. E. Kok),

en

de burgemeester van Amsterdam, verweerder

(gemachtigden: mr. R. Nomden, mr. S.A. de Wiet en mr. A. Klugkist).

Partijen zullen hierna worden aangeduid als ‘ [verzoeker] ’ en ‘de burgemeester’.

Procesverloop

Bij besluit van 29 december 2017 (het primaire besluit) heeft de burgemeester bevolen om met ingang van 2 januari 2018 om 13:30 uur belwinkel [verzoeker] te sluiten voor onbepaalde tijd.

[verzoeker] heeft tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Per e-mail van 2 januari 2018 heeft de gemachtigde van de burgemeester bevestigd dat de sluiting van [verzoeker] wordt geschorst tot de behandeling van het verzoek om een voorlopige voorziening op de zitting.

Het onderzoek op de zitting heeft plaatsgevonden op 4 januari 2018. [verzoeker] is vertegenwoordigd door zijn gemachtigde en zijn wettelijk vertegenwoordiger [naam wettelijk vertegenwoordiger] (hierna: [naam wettelijk vertegenwoordiger] ). Ook was aanwezig de heer [naam broer] , medewerker van [verzoeker] en broer van [naam wettelijk vertegenwoordiger] . De burgemeester is vertegenwoordigd door zijn gemachtigden.

De voorzieningenrechter heeft het onderzoek op de zitting gesloten. De voorzieningenrechter heeft het primaire besluit geschorst tot de datum van de uitspraak. De burgemeester heeft zich hier niet tegen verzet.

Overwegingen

Het primaire besluit

1.1

De burgemeester heeft op 29 december 2017 bevolen om belwinkel [verzoeker] aan de [adres] te [plaats] te sluiten met ingang van 2 januari 2018 om 13:30 uur. Aan dit besluit heeft de burgemeester ten grondslag gelegd dat het geopend blijven van de belwinkel een ernstig gevaar voor de openbare orde oplevert. Met de sluiting van de belwinkel wordt beoogd de loop uit het pand te halen door de bekendheid van de belwinkel als plek waar criminelen hun PGP-telefoons1 kunnen kopen te beëindigen. Ook wil de gemeente naar buiten laten zien dat het faciliteren van (zware) criminelen door de verkoop van PGP-telefoons een verstoring van de openbare orde oplevert en dat tegen deze ondermijnende activiteit hard wordt opgetreden. Verwijtbaarheid speelt geen rol. Daarbij geldt desondanks dat het feit dat [naam wettelijk vertegenwoordiger] verklaart te beseffen dat hij deze telefoons aan criminelen verkoopt een verzwarende omstandigheid oplevert.

1.2

Ter onderbouwing van het primaire besluit heeft de burgemeester verwezen naar de bestuurlijke rapportage van de politie van 15 november 2017. Uit die rapportage blijkt, zakelijk samengevat, dat:

- vanuit de belwinkel PGP-telefoons worden verkocht;

- PGP-telefoons door voornamelijk criminelen gebruikt worden voor onderlinge communicatie om gecodeerd berichten en e-mails te verzenden. Alleen ontvangers met de juiste code kunnen de berichten decoderen;

- gevoelige informatie kan hierdoor buiten het zicht van de politie worden gedeeld;

- uit het rapport van het Wetenschappelijk Onderzoek- en documentatiecentrum van het Ministerie van Veiligheid over liquidaties (oktober 2017) blijkt dat PGP-telefoons een grote rol spelen bij de voorbereiding van liquidaties;

- uit verscheidene mediaberichten uit 2017, verschenen in de NRC en bij de NOS, blijkt dat PGP-telefoons veel door criminelen worden gebruikt voor het plegen van zware criminaliteit;

- uit meerdere politieobservaties, gedaan in de periode 2015 t/m oktober 2017, is gebleken dat er veel klanten in de belwinkel [verzoeker] komen met verschillende soorten antecedenten op het gebied van de Opiumwet, geweld, vuurwapens en witwassen;

- uit de politieobservaties tevens blijkt dat enkele van deze klanten bekenden lijken te zijn van de eigenaar en/of medewerker van de belwinkel en dat is gezien dat klanten zelf telefoontoestellen pakken uit de schappen of achter de toonbank;

- bij een politiecontrole op 2 november 2017 naar de belwinkel, door de eigenaar onder andere is verklaard dat hij:

 verschillende merken PGP-telefoons verkoopt, waaronder van het bedrijf [naam bedrijf] ;

 weet dat de PGP-telefoons veel gebruikt worden door zware criminelen;

 iedereen in de winkel helpt, dus ook criminelen;

 eerder ook PGP-telefoons geleverd heeft gekregen van een persoon waarbij twee jaar geleden een vuurwapen thuis is aangetroffen;

- in een rechercheonderzoek naar witwassen, onderzoek 13Zeis, is waargenomen dat de hoofdverdachten zich bezig hielden met verkoop van PGP-telefoons waarbij:

 de hoofdverdachten in deze zaak meerdere malen in de belwinkel zijn gezien;

 daarbij ook is gezien dat één van de verdachten een telefoondoosje pakt uit de vitrine en weer naar buiten loopt;

 een medewerker van de belwinkel uit een auto stapt waarin de twee hoofdverdachten zitten.

Standpunt verzoeker

2. Verzoeker voert, zakelijk samengevat, aan dat het openblijven van de belwinkel geen ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde. De verkoop van PGP-telefoons is legaal, [naam wettelijk vertegenwoordiger] en zijn broer hebben geen antecedenten, de bestuurlijke rapportage en het primaire besluit bevatten feitelijke onjuistheden en verzoeker is bereid de verkoop van PGP-telefoons per direct te staken.

Beoordeling voorzieningenrechter

3.1

Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventuele) beroepsprocedure niet.

3.2

De burgemeester heeft de sluiting van [verzoeker] gebaseerd op artikel 2.10, eerste lid, onder e, van de Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Amsterdam.

3.3

Op grond van deze bepaling kan de burgemeester de sluiting bevelen van een voor publiek toegankelijk gebouw, inrichting of ruimte als daar zich (andere) feiten of omstandigheden hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het geopend blijven van het gebouw, de inrichting of de ruimte ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde.

3.4

Anders dan de burgemeester is de voorzieningenrechter van oordeel dat niet aan de voorwaarden voor sluiting van [verzoeker] is voldaan. Het is op dit moment onvoldoende aannemelijk geworden dat zich in de betreffende belwinkel feiten of omstandigheden hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het geopend blijven van de belwinkel een ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde. De voorzieningenrechter stelt daartoe voorop dat de verkoop van PGP-telefoons legaal is in Nederland. Weliswaar is het een feit van algemene bekendheid dat PGP-telefoons veel door criminelen worden gebruikt, PGP-telefoons worden echter niet alleen aan criminelen verkocht. Het enkel voor handen hebben van PGP-telefoons kan, in het licht van het vorenstaande, geen ernstig gevaar voor de openbare orde opleveren.

Daar komt bij dat vooralsnog niet aannemelijk is geworden dat in belwinkel [verzoeker] PGP-telefoons aan verdachten van strafbare feiten zijn verkocht. Dit blijkt immers niet uit de bestuurlijke rapportage. Ook in zoverre concludeert de voorzieningenrechter dat niet aan de voorwaarden is voldaan voor sluiting van [verzoeker] .

3.5

Zo al aangenomen zou moeten worden dat zich in [verzoeker] feiten of omstandigheden hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het geopend blijven van [verzoeker] een ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde, is de voorzieningenrechter van oordeel dat de burgemeester bij afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid van zijn bevoegdheid tot sluiting gebruik heeft kunnen maken. Het is niet aannemelijk geworden dat de eigenaar, dan wel het personeel van [verzoeker] wist, dan wel redelijkerwijs had kunnen weten dat (PGP-)telefoons werden verkocht aan verdachten van strafbare feiten. Het beeld dat daartoe wordt geschetst in de bestuurlijke rapportage is onvoldoende om een duidelijke verwevenheid tussen boven- en onderwereld aan te kunnen nemen.

3.6

De verwachting is dus dat het besluit tot sluiting van [verzoeker] bij deze stand van zaken in bezwaar geen stand zal kunnen houden. Het verzoek om een voorlopige voorziening komt om die reden voor toewijzing in aanmerking. De voorzieningenrechter zal het primaire besluit schorsen tot bekendmaking van de beslissing op bezwaar. Voor het opleggen van een dwangsom, zoals door verzoeker is verzocht, ziet hij geen aanleiding.

3.7

Los van het vorenstaande wordt aan de eigenaar van [verzoeker] in overweging gegeven de verkoop van PGP-telefoons met onmiddellijke ingang te staken.

4. Omdat de voorzieningenrechter het verzoek toewijst, bepaalt de voorzieningenrechter dat de burgemeester aan verzoeker het door hem betaalde griffierecht vergoedt.

5. De voorzieningenrechter veroordeelt de burgemeester in de door [verzoeker] gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 1002,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift, 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 501,- en een wegingsfactor 1). Indien ten behoeve van deze zaak een toevoeging is verleend, moet de burgemeester de proceskostenvergoeding betalen aan de rechtsbijstandverlener.

Beslissing

De voorzieningenrechter:

  • -

    schorst het primaire besluit tot bekendmaking van de beslissing op bezwaar;

  • -

    draagt de burgemeester op het betaalde griffierecht van € 333,- aan [verzoeker] te

vergoeden;

- veroordeelt de burgemeester in de proceskosten tot een bedrag van € 1002,-.

Deze uitspraak is gedaan door mr. H.C. Naves, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. N. Vreede, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 10 januari 2018.

griffier voorzieningenrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

1 Pretty Good Privacy-telefoons.