Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2018:1145

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
21-02-2018
Datum publicatie
05-03-2018
Zaaknummer
17/5930
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Mondelinge uitspraak
Inhoudsindicatie

Samenvatting:

Op verzoek wijziging toeslagpartner is al beslist. Geen procesbelang. Beroep NO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Bestuursrecht

zaaknummer: AMS 17/5930

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 februari 2018 in de zaak tussen

[eiser] , te Tanger (Marokko), eiser, hierna: [eiser]

(gemachtigde: mr. A. El Kadi)

en

de raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank, verweerder, hierna: de Svb

(gemachtigde: [naam] ).

Procesverloop

[eiser] heeft een pensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) met een toeslag voor zijn eerste echtgenote.

Met het besluit van 2 januari 2017 (het primaire besluit) heeft de Svb geweigerd de gegevens van zijn toeslagpartner te wijzigen ten gunste van zijn tweede echtgenote. Tegen dit besluit heeft [eiser] bezwaar gemaakt. Met het besluit van 3 oktober 2017 (het bestreden besluit) heeft de Svb het bezwaar van [eiser] ongegrond verklaard. [eiser] heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Het beroep is behandeld op de zitting van 21 februari 2018. [eiser] is niet verschenen. Zijn gemachtigde is, met bericht van verhindering, evenmin verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Na afloop van de zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Overwegingen

1. [eiser] stelt dat de Svb nog niet definitief heeft beslist op zijn verzoek van 18 juli 2016 om zijn toeslagpartner te wijzigen in zijn tweede echtgenote.

2. De rechtbank stelt vast dat met het besluit van 18 oktober 2017 de Svb op het verzoek van [eiser] heeft beslist. Daarbij is hem vanaf november 2017 een toeslag toegekend op zijn AOW-pensioen voor zijn tweede echtgenote.

3. Het beroep is op grond van het voorgaande niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang.

4. Voor een proceskostenveroordeling of vergoeding van het griffierecht bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Hirzalla, rechter, in aanwezigheid van
mr. R.M.N. van den Hazel, griffier, op 21 februari 2018.

griffier

rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak is hoger beroep mogelijk

U kunt binnen zes weken na de dag van verzending van het proces-verbaal daarvan hoger beroep instellen bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.

Is uw zaak spoedeisend en moet er al tijdens de procedure in hoger beroep iets worden beslist wat niet kan wachten, dan kunt u de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige maatregel te treffen.