Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2017:8591

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
23-11-2017
Datum publicatie
23-11-2017
Zaaknummer
13/994046-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Een transport- en opslagbedrijf moet een boete betalen van 50.000 euro (waarvan de helft voorwaardelijk) voor het doorvoeren van militaire goederen naar Rusland.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
DouaneUpdate 2017-0630

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

VONNIS

Parketnummer: 13/994046-17 (Promis)

Datum uitspraak: 23 november 2017

Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige economische strafkamer, in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

gevestigd op het adres [adres] .

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 9 november 2017.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. J. Pauwelussen en van wat de vertegenwoordiger van verdachte, [naam 1] , en haar raadsman mr. B. Chababi naar voren hebben gebracht.

2 Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat

zij op of omstreeks 17 maart 2015 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, in ieder geval in Nederland, al dan niet opzettelijk militaire goederen, aangewezen in de Uitvoeringsregeling strategische goederen 2012, danwel onderdelen daarvan, te weten:

- twee OMB-units, zijnde onderdelen van het radarsysteem 36SH-01/1 (onderdeel van de gevechtsstraaljager Sukhoi 30MKI)

direct of indirect heeft verkocht en/of geleverd en/of heeft overgedragen danwel heeft doorgevoerd naar een persoon of entiteit in Rusland, te weten Ural Optical & Mechanical Plant in Ekatarinaburg (Rusland);

subsidiair

dat zij op of omstreeks 17 maart 2015 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, in ieder geval in Nederland, al dan niet opzettelijk geleidings- en navigatieapparatuur, aangewezen in post ML11.a.g. van de Gemeenschappelijke EU-lijst van militaire goederen, vastgesteld door de Raad van Europa op 9 februari 2015, te weten:

- twee OMB-units, zijnde onderdelen van het radarsysteem 36SH-01/1 (onderdeel van de gevechtsstraaljager Sukhoi 30MKI) heeft doorgevoerd of heeft laten doorvoeren, zonder (doorvoer)vergunning van onze (destijds geheten) minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;

meer subsidiair:

dat zij in of omstreeks de periode van 11 tot en met 17 maart 2015 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer en/of in de gemeente Amersfoort, in ieder geval in Nederland, ter uitvoering van het door haar voorgenomen misdrijf om opzettelijk geleidings- en navigatieapparatuur, aangewezen in post ML11.a.g. van de Gemeenschappelijke EU-lijst van militaire goederen, vastgesteld door de Raad van Europa op 9 februari 2015, te weten:

- twee OMB-units, zijnde onderdelen van het radarsysteem 36SH-01/1 (onderdeel van de gevechtsstraaljager Sukhoi 30MKI) door te voeren of laten doorvoeren, zonder (doorvoervergunning) van onze (destijds geheten) minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

- per e-mail met (een) medewerker(s) van [bedrijf] overleg heeft gevoerd of heeft laten voeren over het vervoer van Amsterdam naar Ekatarinaburg en/of de vluchtgegevens vanaf Amsterdam (vlucht RU458 d.d. 19 maart 2015) heeft doorgegeven of heeft laten doorgeven (bijlage 24)

- de goederen in een ruimte van luchtvrachtafhandelaar Menzies World Cargo Schiphol heeft laten plaatsen en/of

- een (concept) Air Waybill heeft opgemaakt of heeft laten opmaken ten behoeve van het (lucht)transport Amsterdam-Ekatharinaburg (bijlage 16) zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid.

3 Voorvragen

De raadsman heeft ten aanzien van het subsidiaire tenlastegelegde aangevoerd dat de dagvaarding partieel nietig moet worden verklaard, omdat de tenlastelegging onvoldoende duidelijk is. Gelet op hetgeen hierna onder punt 4.3 wordt besproken, behoeft dit verweer geen bespreking.

De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 Waardering van het bewijs

Inleiding

Op 17 maart 2015 is door de Douane op Schiphol een zending stopgezet. De zending was een doorvoerzending van Royal Malaysia Airforce onderweg naar Ural Optical & Mechanical Plant in Ekatarinaburg in Rusland. Naar aanleiding van de stopzetting is door team POSS (precursoren, strategische goederen en sanctiewetgeving) van de Douane een opsporingsonderzoek gestart.

Verdachte wordt verweten dat zij de zending heeft doorgevoerd naar voornoemde entiteit in Rusland.

4.1.

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie heeft – kort gezegd – gerekwireerd tot bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde feit voor zover deze ziet op de doorvoer van de goederen.

4.2.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft algehele vrijspraak bepleit. De raadsman heeft daartoe ten aanzien van het primair ten laste gelegde, samengevat, het volgende aangevoerd. In het dossier bevinden zich geen stukken die aantonen dat sprake is geweest van (in)directe verkoop, leveren of overdragen van militaire goederen aan Rusland. Hetzelfde geldt ten aanzien van het overbrengen of doorvoeren naar Rusland, nu het voorgenomen vervoer van de goederen op last van de douaneautoriteiten is stopgezet. De goederen hebben Rusland nooit bereikt. Voorts heeft de verdediging zich op het standpunt gesteld dat de Sanctieregeling in verbinding met de Sanctiewet geen grondslag voor het primair gemaakte verwijt is, nu het bedrijf Ural Optical & Mechanical Plant te Ekatarinaburg niet op bijlage 1 bij Verordening nr. 269/2014 voorkomt. Meer subsidiair moet verdachte worden vrijgesproken omdat de goederen defect waren en de goederen daarom niet (langer) te kwalificeren zijn als militaire goederen.

Ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde heeft de raadsman aangevoerd dat het onduidelijk is op welke subpost van de Gemeenschappelijke EU-lijst de tenlastelegging ziet. Er bestaat onduidelijkheid over de kwalificatie en eventueel de juiste rubricering van de goederen als gevolg van het onvoldoende deugdelijk gemotiveerde onderzoek dat daardoor niet als deskundig oordeel kwalificeert. Subsidiair moet dit leiden tot bewijsuitsluiting van het deskundig oordeel. De verdediging stelt voorts dat ook de pogingvariant (meer subsidiaire verwijt) niet kan slagen.

Voor alle varianten geldt dat verdachte niet kan worden tegengeworpen opzet, ook niet in voorwaardelijke zin, te hebben gehad op de doorvoer of het laten doorvoeren van bedoelde militaire goederen. Niet staat vast dat verdachte wetenschap had of behoorde te hebben over de specifieke aard van de goederen, dan wel de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat de voorgenomen doorvoer op dergelijke goederen betrekking had. De figuur van kleurloos opzet wordt te beperkt uitgelegd.

4.3.

Het oordeel van de rechtbank

Vast staat dat in de stopgezette doorvoerzending twee OMB-units zijn aangetroffen.

In de “Motivatie stopzetting” van Douane Nederland is opgenomen dat de twee OMB-Units onderdeel zijn van het optisch radar station 36SH-01. Dit type radarstation is afkomstig uit de gevechtsstraaljager type Sukhoi 30MKI. Dit type straaljager is in dienst bij de Maleisische luchtmacht. De Maleisische defensie heeft onderhoudscontracten met Russische (militaire) productiemaatschappijen ten aanzien van deze gevechtsstraaljagers. Eén van die productiemaatschappijen is de firma Ural Optical & Mechanical Plant te Ekaterinaburg Rusland. Dit productiebedrijf is de fabrikant van onder andere het optische radar station type 36SH-01. De twee OMB Units zijn voor reparatie opgestuurd naar deze productiemaatschappij in Rusland. De OMB Units zijn specifiek militair ontworpen en ontwikkeld voor toepassing in de gevechtsstraaljager Su30MKI.

De rechtbank is op grond van het voorgaande van oordeel dat de ten laste gelegde goederen (twee OMB-units), nu deze goederen speciaal militair ontworpen zijn, vallen onder militaire goederen als aangewezen in de Gemeenschappelijke EU-lijst van militaire goederen onder post ML 11.a.g. Dat de goederen mogelijk defect waren nu zij ter reparatie werden aangeboden, maakt dat niet anders, nu zij immers na herstel voor een militair doel kunnen worden gebruikt.

Vast staat dat verdachte voor deze zending geen doorvoervergunning heeft. Ook staat vast dat indien verdachte voor de doorvoer van de betreffende goederen een vergunning had aangevraagd, deze vergunning zou zijn geweigerd. In de Sanctieregeling territoriale integriteit Oekraïne 2014 is immers bepaald dat het verboden is om militaire goederen door te voeren naar Rusland.

Voltooid delict?

In artikel 1, zesde liggende streepje, van het Besluit strategische goederen is opgenomen dat onder doorvoer door Nederland moet worden verstaan het vervoer van militaire goederen die uitsluitend het Nederlands grondgebied worden binnengebracht om via dat gebied te worden vervoerd naar een bestemming buiten het Nederlands grondgebied. Vast staat dat de goederen zich bevonden op Schiphol met als eindbestemming Rusland, welke goederen zich slechts met voormeld doel bevonden op Nederlands grondgebied. Naar het oordeel van de rechtbank is er dan ook sprake van een voltooide doorvoer.

Ontbreken grondslag?

Het verweer dat een grondslag voor het primair tenlastegelegde ontbreekt, verwerpt de rechtbank. Dat het bedrijf Ural Optical & Mechanical Plant te Ekatarinaburg niet op bijlage 1 bij Verordening nr. 269/2014 voorkomt is namelijk in de onderhavige casus niet van belang. Bijlage I ziet op het bevriezen van tegoeden en economische middelen van natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten en lichamen. Voor het verbod om militaire goederen door te voeren bestaat geen limitatieve opsomming van personen of entiteiten. Dit verbod geldt voor alle personen en entiteiten in Rusland.

Opzet?

Voor het bewijs van het (subjectieve) bestanddeel ‘opzettelijk’ hoeft in het onderhavige strafbare feit bij verdachte slechts sprake te zijn van kleurloos opzet. Het opzet dat in dit verband dient te worden bewezen, betreft niet opzet op de wederrechtelijkheid van het handelen dan wel opzettelijk nalaten, maar ziet slechts op de feitelijke gedraging, dat wil zeggen het opzet op het doorvoeren van de betreffende militaire goederen naar Rusland. Dit (kleurloos) opzet kan worden bewezen, nu het handelen van verdachte was gericht op de uitvoer van de goederen naar Rusland. In dat verband is nog van belang dat verdachte in haar hoedanigheid van professioneel vervoerder weet dat haar handelen of nalaten onder deze regelgeving valt. Dat verdachte het verbod niet heeft willen overtreden en van overtreding van het verbod geen wetenschap had, is voor het bewijs van het kleurloos opzet niet van betekenis en disculpeert verdachte niet. Verdachte heeft naar het oordeel van de rechtbank opzettelijk gehandeld en daarbij het verbod overtreden.

Alle verweren zullen daarom worden verworpen. Nu de rechtbank het primair tenlastegelegde bewezen zal verklaren, behoeven de verweren met betrekking tot het subsidiair en meer subsidiair ten laste gelegde, geen bespreking.

4.4.

Bewijsmiddelen

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde op grond van de volgende bewijsmiddelen en de daarin vervatte redengevende feiten en omstandigheden.

1. Proces-verbaal met nummer 45934 van 2 december 2015, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] , met bijlagen

(…)

Op 23 maart 2015 ontving ik per e-mailbericht een opdracht van accountmanager [naam 2] voor het instellen van een onderzoek naar een door de Douane Schiphol Cargo gestopte zending. Het betrof een doorvoerzending van Royal Malaysia Airforce, Material Udara Satu te Kuala Lumpur, Maleisië naar de entiteit Ural Optical & Mechanical Plant in Ekaterinaburg te Rusland.

De zending bestond uit 2 colli met daarin “OMB unit (v) from 36SHset”. Aandacht werd gevraagd voor de vraag of de goederen militair waren en zonder doorvoervergunning Nederland mochten verlaten dan wel of de goederen vielen onder de sanctiemaatregelen tegen Rusland en niet geleverd mochten worden aan de entiteit in Rusland.

(…)

Bij het e-mailbericht van 23 maart 2015 waren onder andere de volgende documenten gevoegd, waarop ik onder andere zag vermeld:

• Motivatie Douane Schiphol Cargo, (bijlage 7):

- stopnummer FTST 2015-00172 ; lokaal dossiernr. SPL20150143;

- Afzender Royal Malaysia Airforce, Material Udara Satu D/A Kuala Lumpur Pangkalan Udara Kuala Lumpur Jalan, Lapangan terbang Lama, Maleisië;

- Ontvanger: Ural Optical & Mechanical Plant, 33-b Vostochnaya Street, Ekaterinaburg 620100, Rusland;

- Opgeslagen in de loods van Menzies World Cargo te Schiphol

- Goederen: 2 colli van 618 kg

- Inhoudende: 2x “OMB unit (v) van 36SHset”, serienummers 10107, 11007;

- AWBnummer: 607-61619375

- HAWBnummer: UKU 01150800;

- Zijnde onderdelen van optisch radar station 36SH-01. Type is ingebouwd in gevechtsstraaljager type Sukhoi 30MKI, oa in dienst bij Maleisische Luchtmacht.

• Kopie Stopformulier FTST2015-00172 gedateerd 17 maart 2015 (bijlage 8):

(..)

- Airwaybill nummer: 607-61619375

- House Airwaybill nummer: UKU 01150800;

- betreffende 2 colli met een gewicht van 618 kg;

- goederenomschrijving: “Opticals”

- Herkomst : Luchthaven van Kuala Lumpur

- land van bestemming Rusland

(..)

• Kopie Air Waybill 607-61619375 gedateerd 10 maart 2017 (bijlage 9):

- shipper: [bedrijf]

- consignee: [verdachte] , [adres]

- agent: [bedrijf]

- Vlucht: EY411 /13mar en EY077 / 16 mar

- Goederen: Consolidation

- 2 colli Gewicht: 618 kg

- opgemaakt in KUL (=Kuala Lumpur)

• Kopie House Airwaybill nummer: UKU-Ol 150800 gedateerd 10 maart 2015 (bijlage 10):

- Opgemaakt door [naam 3] te KUL (Kuala Lumpur);

- Shipper: Royal Malaysia Airforce, Material Udara Satu D/A Kuala Lumpur Pangkalan Udara Kuala LumpurJalan, Lapangan Terbang Lama, Malaysia;

- Consignee: Ural Optical & Mechanical Plant, 33-b Vostochnaya Street, Akaterinaburg 620100, Russia;

- Carrier’s name: [bedrijf] .

- Handling information: “To be re-forward from Amsterdam to final destination Ekateringburg, Rusia”

- Vlucht: EY41 1/ l3mar en EY077 / 16 mar

- Goederen: OMB Unit (v)from 36SHSet.

- 2 colli; Gewicht: 618 kg

- Invoice # KP/PER03E/SEAL071 00/RT033/09/OE

- Repair order no: PSA140353L124/M52

- Repair order no: PSA140354L124/M52

• Kopie MasterAWB nummer: 607-61619375, luchthaven van bestemming: Amsterdam (bijlage 11):

- Member: [bedrijf] .

- Lot no: KUL-AMS 15000024

- Vlucht: EY41 1/ l3mar en EY077 / 16 mar

- Datum: 10 maart 2015

- Consigned to: [verdachte] , [adres] ;

- HAWB nr.: UKU-01150800

- 2 colli; Gewicht: 618 kg

- Goederen: OMB Unit (v)from 36SHSet.

- Shipper: Royal Malaysia Airforce, Material Udara Satu D/A Kuala Lumpur Pangkalan Udara Kuala Lumpur Jalan, Lapangan Terbang Lama, Malaysia;

- Consignee: Ural Optical & Mechanical Plant, 33-b Vostochnaya Street, Akaterinaburg 620100, Russia;

• Kopie Invoice van Royal Malaysia Airforce, Material Udara Satu (bijlage 12):

- Contract nr: # KP/PER03E/SEAL071 00/RT033/09/OE

- Shipper: Royal Malaysia Airforce, Material Udara Satu D/A Kuala Lumpur Pangkalan Udara Kuala Lumpur Jalan, Lapangan Terbang Lama, Malaysia;

- Consignee: Ural Optical & Mechanical Plant, 33-b Vostochnaya Street, Akaterinaburg 620100, Russia;

- Repair order no: PSA140353L124/M52

- Repair order no: PSA140354L124/M52

- Omschrijving goederen:

‘OMB unit (v) van 36SHset”, partnr. 36SH-01/1, serienr. 10107, waarde MYR 3.000.000,00

“OMB unit (v) van 36SHset”, partnr. 36SH-01/1, serienr. 11007, waarde MYR 3.000.00000;

- Box: 2 houten kisten

- Gewicht 108 kg.

- Gedateerd 27 februari 2015.

• Kopie document met boven aan vermeld: RESTRICTED: PART ONE (bijlage 13)

- Royal Malaysia Airforce Repair order consigment note BAT L3018

- Repair facility: Utal Optical & Mechanical Plant, 33-b Vostochnaya Street, Akaterinaburg 620100, Russia;

- Betreffende: part 36SH-01/1. Serienr. 11007, hoeveelheid 1stuks, omschrijving OMB Unit(v) van 36SHSet reden retourneren: reparatie;

• Kopie document met boven aan vermeld: RESTRICTED: PART TWO (bijlage 14)

- SHIPPING INSTRUCTION:

Authority : KP/PER03E/SEAL07100/RT033/09/OE

File Reference :PSA140353L124/M52

Cost of New : RM 3.000.000, 00/EA

- Case marking: RMAF/ PSA140353L124/M52 (1/1);

- Weight: 304 kgs;

- Date dispatch: 24 feb 2015

• Informatie van internet website van Ural Optical & Mechanical Plant: (bijlage 15)

- Website: http://uomz.ru/militarv and technical cooperation

Op deze uitgedraaide pagina zag ik in de Engelse taal, onder andere staan:

- YOM3 joint stock company production association”Urals Optical & Mechanical Plant”, genoemd naar [naam 4] ”.

- Military and Technical Cooperation;

- PA “Ural Optical & Mechanical Plant” heeft het recht om rechtstreekse buitenlandse handel activiteiten met betrekking tot militaire doeleinden producten te voeren. Lijst van PA ‘UOMZ” producten die voor de directe export binnen de perken van de militaire en technische coorporation:

- Optronic zicht systeem voor gevechtsvliegtuigen Su-27 OEPS 27 (31E) voor vliegtuigen Su-27SK;

- Optische radarstation 36 Sh-01 voor vliegtuigen Su-31MKl

- Optronic zicht systeem OEPS-301 (31 E-MK) voor vliegtuigen Su-30MKK

- Militaire producten van de PA “UOMZ” worden gebruikt in de Russische vliegtuigen die geëxporteerd worden naar 38 landen van de wereld.

2. Motivatie stopzetting van Douane Nederland, Centrale Dienst voor In- en Uitvoer, lokaal dossiernummer SPL20150143, opgemaakt door [opsporingsambtenaar 2] , bijlage 7

(…) Inhoud: 2x OMB Unit van 36 SHSET (serienummers 10107 en 11007)

Zijnde onderdelen van optisch radar station 36SH-01.

Dit type radar station is afkomstig uit (ingebouwd in) de gevechtsstraaljager type Sukhoi 30MKI.

Dit type gevechtsstraaljager is in dienst bij de Maleisische Luchtmacht.

De Maleisische defensie heeft onderhoudscontracten met de Russische (militaire) productiemaatschappijen tav deze gevechtsstraaljagers.

Eén hiervan is de firma Ural Optical & Mechanical Plant (YOM3) te Ekaterinaburg Rusland. Dit productiebedrijf is fabrikant van o.a. optische radar station type 36SH-01 bedoeld voor toepassing in de gevechtsstraaljager Su30MKI en de Su30MKK.

De aangetroffen zending bevat 2 stuks OMB Units van de 36SHSet (optisch radar station) die voor onderhoud/reparatie wordt opgestuurd naar Rusland (onder contractbasis, wat zeer waarschijnlijk deel uitmaakt van de aankooporder destijds).

De genoemde onderdelen zijn specifiek militair ontworpen en ontwikkeld voor toepassing in de gevechtsstraaljager Su30 MKI.

(…)

Er is vastgesteld dat er géén individuele doorvoervergunning aanwezig, dan wel afgegeven is voor deze specifieke zending, door de CDIU te Groningen.

3. Proces-verbaal van bevindingen met nummer 2015-0297-06187 01 van 25 augustus 2015, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 3] , bijlage 16.

(..)

Via de openbare bronnen (internet) las ik dat de ontvanger ook in militaire goederen doet en dat de goederen onderdelen waren van een optische radar systeem en mogelijk vallen onder militaire goederen zoals genoemd in de Gemeenschappelijke EU-lijst Militaire Goederen.

4. Proces-verbaal met nummer 2015-0297-06187 01 van 25 augustus 2015, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsmabtenaar 4], bijlage 18

(..) Ik zag op de voorgenoemde opslaglocatie het volgende:

Twee grijzen kisten, die er identiek uit zagen. Ik zag bij het aflezen van de aangebrachte tekst op de kisten dat deze, vermoedelijk, van de Maleisische Luchtmacht afkomstig waren. Op deze kisten las ik ook dat de kisten gegast waren. (..)

Bij het openen van de kisten zag ik het volgende:

Twee stuks onderdelen, 1 per kist, voor vermoedelijk militaire vliegtuigen. Voorts zag ik dat zich in de kist documentatie bevond. Hierop las ik oa “36SH01”, mogelijk het typenummer van het militair vliegtuigonderdeel. Dit zijn vermoedelijk onderdelen van een optisch radar station 36SH-01, welke een onderdeel is van een gevechtsstraaljager van het type Sukhoi 30 MKI.

5. Proces-verbaal van verhoor van [naam 1] met nummer 45934/V2.001 van 26 maart 2015, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] , bijlage 24

De zending met goederen is aangenomen door [bedrijf] . [bedrijf] heeft ons gevraagd om de goederen via Amsterdam te sturen wat de kosten zouden zijn. Er is per email contact geweest met [bedrijf] .

5 Bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de in rubriek 4.4 vervatte bewijsmiddelen bewezen dat verdachte

op 17 maart 2015 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, opzettelijk militaire goederen, aangewezen in de Uitvoeringsregeling strategische goederen 2012, danwel onderdelen daarvan, te weten:

- twee OMB-units, zijnde onderdelen van het radarsysteem 36SH-01/1 (onderdeel van de gevechtsstraaljager Sukhoi 30MKI)

heeft doorgevoerd naar een entiteit in Rusland, te weten Ural Optical & Mechanical Plant in Ekatarinaburg (Rusland).

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

6 De strafbaarheid van het feit

Het bewezen geachte feit is volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

7 De strafbaarheid van verdachte

De raadsman heeft bepleit dat, mocht de rechtbank tot een veroordeling komen, verdachte dient te worden ontslagen van alle rechtsvervolging omdat er geen sprake is van strafrechtelijk verwijtbare schuld. Het was de Douane niet aanstonds duidelijk om welke goederen het ging en eerst na interventie van een vraagbaak werd pas vastgesteld om welke goederen het precies ging.

De rechtbank verwerpt dit verweer. Verdachte is een professionele vervoerder met kennis van zaken. Van haar mag dan ook worden verwacht en gevergd dat zij weet met welke goederen zij van doen heeft alvorens deze door te voeren, dan wel dat zij indien zij aanwijzingen heeft voor een mogelijk militaire bestemming van te vervoeren goederen, naar die goederen een onderzoek instelt. Die aanwijzing was in dit geval reeds gelegen in het feit dat de afzender van de goederen de Maleisische luchtmacht was.

Er is ook overigens geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

8 Motivering van de straf

8.1.

De eis van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor het door haar bewezen geachte feit zal worden veroordeeld tot een geldboete van € 80.000,-.

8.2.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft, naast het verzoek om rekening te houden met overschrijding van de redelijke termijn, geen strafmaatverweer gevoerd.

8.3.

Het oordeel van de rechtbank

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte en de omstandigheden waaronder dit is begaan, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte, zijnde een professionele vervoerder, heeft zich schuldig gemaakt aan de doorvoer van militaire goederen naar Rusland. De doorvoer van militaire goederen naar Rusland is verboden op grond van - onder meer - de Sanctieregeling Oekraïne. Deze sanctieregeling is in het leven geroepen door de Europese Unie wegens de gewapende conflicten tussen Oekraïne en Rusland. Door deze goederen toch door te voeren, terwijl verdachte naar eigen zeggen op de hoogte was van de boycot op Rusland, heeft zij de sancties en daarmee de Nederlandse staat ondermijnd. De rechtbank neemt dit verdachte zeer kwalijk en zal deze omstandigheid betrekken bij het bepalen van de straf.

De rechtbank weegt in het voordeel van verdachte mee dat zij, zoals volgt uit het uittreksel Justitiële Documentatie van 8 september 2017, nooit eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten.

De rechtbank neemt verder in aanmerking dat de vertegenwoordiger van verdachte ter terechtzitting te kennen heeft gegeven de procedures te zullen aanpassen, controles aan te scherpen en ook overigens maatregelen zal nemen om zo herhaling van dit soort feiten te voorkomen. De rechtbank ziet in deze beloftes van verdachte aanleiding om - als prikkel - een gedeelte van de geldboete voorwaardelijk op te leggen.

De rechtbank stelt vast dat niet binnen twee jaar na aanvang van de redelijke termijn op deze zaak is beslist en zal hiermee bij het bepalen van de straf rekening houden.

De rechtbank is van oordeel dat gelet op alle hiervoor genoemde omstandigheden aanleiding bestaat bij de straftoemeting af te wijken van wat de officier van justitie heeft gevorderd. Alles afwegende acht de rechtbank oplegging van een geldboete van € 50.000,- waarvan een gedeelte van € 25.000,- voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar passend en geboden. Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank aansluiting gezocht bij de straffen die rechters eerder in soortgelijke zaken hebben opgelegd.

9 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen

14a, 14b, 14c, 23 en 51 van het Wetboek van Strafrecht,

de artikelen 1, 2 en 6 van de Wet op de economische delicten,

artikel 2 van de Sanctiewet 1977,

artikel 1b van de Sanctieregeling territoriale integriteit Oekraïne 2014,

artikel 2 van de Uitvoeringsregeling strategische goederen 2012,

Gemeenschappelijke EU-lijst van militaire goederen ML11.a.g en

artikel 5 van het Besluit strategische goederen.

10 Beslissing

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezen verklaarde levert op:

- het opzettelijk overtreden van een voorschrift gesteld krachtens artikel 5 Besluit strategische goederen, begaan door een rechtspersoon.

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, [verdachte], daarvoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een geldboete van € 50.000,00 (vijftigduizend euro), met bevel dat een gedeelte daarvan, groot € 25.000,00 (vijfentwintigduizend euro), niet zal worden ten uitvoer gelegd tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat verdachte voor het einde van de op twee jaar bepaalde proeftijd zich aan een strafbaar feit schuldig heeft gemaakt.

Dit vonnis is gewezen door

mr. B. Vogel, voorzitter,

mrs. R.H.C. Jongeneel en A.C.J. Klaver, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. K.M.H. Stikkers, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 23 november 2017.