Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2017:7487

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
06-10-2017
Datum publicatie
23-10-2017
Zaaknummer
5294204 \ CV EXPL 16-24291
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Geen dwaling bij aangaan overeenkomst stewardessenopleiding

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2017/5466
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer \ rolnummer: 5294204 CV EXPL 16-24291

Uitspraak: 6 oktober 2017

Vonnis van de kantonrechter

in de zaak van:

[eiseres] ,

wonende te [plaats] , gemeente [plaats] ,

eiseres,

nader te noemen [eiseres] ,

gemachtigde mr. V.G.G. Veldhuis,

t e g e n

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

WTS B.V., tevens handelend onder de namen “World Travel Academy” en “Flight Attendant College”,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde,

nader te noemen WTS,

gemachtigde mr. W. de Vries.

DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenvonnis van 14 juli 2017 waarin een verschijning van partijen ter terechtzitting is bevolen tot het geven van inlichtingen aan de kantonrechter en het beproeven van een schikking,

  • -

    het proces-verbaal van de op 7 september 2017 gehouden mondelinge behandeling met de daarin genoemde stukken en proceshandelingen,

  • -

    de brief van 13 september 2017 van de raadsman van WTS met opmerkingen naar aanleiding van het proces-verbaal.

Daarna is vonnis bepaald.

1 De verdere beoordeling

1.1.

De kantonrechter volhardt bij hetgeen is overwogen en beslist in het tussenvonnis van 14 juli 2017 en overweegt verder het volgende.

1.2.

Het beroep op dwaling zal niet worden gehonoreerd. Ter zitting heeft [eiseres] over de door haar bijgewoonde open avond verklaard dat er uitdrukkelijk is gezegd dat het geen MBO 4-opleiding betrof, maar een opleiding op NLQF niveau 4. Zij heeft gezegd dat zo zeker te weten, omdat zij op details let. [eiseres] heeft verder verklaard dat er niet is gezegd dat zij bij KLM of bij een andere met name genoemde luchtvaartmaatschappij aan het werk kon met deze opleiding. Zij wilde een korte opleiding, waarmee zij overal terecht kon en heeft om die reden voor deze opleiding gekozen. Er is echter niet gezegd dat zij met deze opleiding overal terecht kon. Het was de indruk die zij kreeg op die avond, omdat men met veel lof over de eigen opleiding sprak en omdat er ook iemand van KLM was die verklaarde dat zij met deze opleiding veel mogelijkheden zou hebben.

1.3.

[eiseres] heeft verder gesteld dat de indruk dat zij met deze opleiding overal terecht zou kunnen in het promotiemateriaal is gewekt. Het promotiemateriaal van WTS, zoals deels weergegeven in 1.3 van het tussenvonnis, vermeldt: “Het opleidingsprogramma van Flight Attendant Colleges is in samenwerking met verschillende luchtvaartmaatschappijen ontwikkeld en sluit dan ook perfect aan op hun selectiecriteria. (…) Kandidaten voor Flight Attendant College worden daarom zorgvuldig geselecteerd. Maar, na deze specialistische opleiding heb je dan ook een trefzekere stap in de richting van een boeiende loopbaan gezet.” Overwogen wordt dat deze tekst onvoldoende is om [eiseres] in de veronderstelling te brengen dat zij met een diploma van de opleiding bij elke of in elk geval de meeste luchtvaartmaatschappij(en) in aanmerking zou kunnen komen voor een baan als grondstewardess. Wel wekt de tekst de indruk dat de opleiding toegang geeft tot een functie bij een flink aantal luchtvaartmaatschappijen.

[eiseres] heeft in dit verband nog verwezen naar de door haar als productie 5 bij dagvaarding overgelegde e-mails van Transavia, Easyjet en KLM. Uit deze e-mails blijkt, en dat heeft WTS niet bestreden, dat het hebben van een HAVO of MBO 4 diploma een noodzakelijke voorwaarde is voor de functie van grondstewardess bij KLM en Transavia. Uit de e-mail van Easyjet blijkt dat niet (“Al onze grondafhandeling wordt uitbesteed aan Menzies. Ik heb even onze operationeel manager bij Menzies gevraagd of hij bekend was met deze opleiding. Dat was niet het geval”). WTS heeft aangevoerd dat een aantal zeer succesvolle luchtvaatmaatschappijen (zoals Easyjet en Ryanair) geen vooropleidingseisen stellen. Ook heeft zij als productie 16 een document met namen van luchtvaartmaatschappijen en hun afhandelaars op Schiphol in het geding gebracht waaruit volgt dat van de 76 luchtvaartmaatschappijen die op Schiphol vliegen, 36 worden afgehandeld door Aviapartner/Menzies die de werving en selectie van grondstewardessen hebben ondergebracht bij uitzendbureau Skyjob, waarvoor NLQF 4, en dus de opleiding van WTS, volstaat. Hier heeft [eiseres] geen relevante feiten of omstandigheden tegenover gesteld. Het voorgaande betekent dat de opleiding toegang geeft tot een functie als grondsteward(ess) bij een zeer belangrijk deel van de luchtvaartmaatschappijen die op Schiphol vliegen zodat het betoog van [eiseres] dat zij door de tekst in het promotiemateriaal op het verkeerde been is gezet niet wordt gevolgd.

1.4.

Gelet op hetgeen is overwogen in 1.2 behoeft het verwijt dat in het promotiemateriaal van WTS de indruk wordt gewekt dat sprake is van een MBO 4 opleiding geen bespreking. Desalniettemin wordt nog als volgt overwogen over het materiaal, dat onder meer als volgt luidt: “Aanbevolen minimale vooropleiding: HAVO/MBO-3/(…)/NLQF-3/EQF-3 (…)

Het tweede Europees erkende niveau-4 diploma! In Februari 2014 is het diploma “International Flight Attendant” officieel ingeschaald op het Europese niveau 4. (…)

Informatie over het NLQF

De kwalificaties International Flight Attendant en Airport Service Agent zijn ingeschaald op niveau 4. Wat betekent dit?

Het Nederlands Kwalificatiekader (NLQF) maakt het mogelijk om niveaus van zowel publieke als private kwalificaties te vergelijken. (…)

Daaruit blijkt niet met zoveel woorden dat sprake is van een MBO 4 opleiding. Wel wordt er melding van gemaakt dat de opleiding grondstewardess is ingeschaald op NLQF 4 niveau en dat het NLQF het mogelijk maakt om publieke kwalificaties (zoals HAVO en MBO 4) te vergelijken met private (zoals de onderhavige). Zonder nadere toelichting, die ontbreekt, blijkt niet waarom daardoor de indruk is gewekt dat sprake is van een MBO 4 opleiding. [eiseres] heeft in dit verband nog verwezen naar “een schematisch overzicht in het informatiemateriaal”. Uit het door [eiseres] als productie 4 bij dagvaarding overgelegde schematisch overzicht blijkt (voor zover al leesbaar) niet dat de genoemde indruk is gewekt. Het genoemde overzicht lijkt eerder juist een inschaling van door de overheid gereguleerde kwalificaties te bevatten in het NLQF en EQF (in plaats van omgekeerd). Het overzicht vermeldt immers “In onderstaande afbeelding is te zien hoe alle Nederlandse publieke kwalificaties in het NLQF zijn ingeschaald” en “Schematisch overzicht generieke inschaling in NLQF en EQF van door de overheid gereguleerde kwalificaties”. Daarmee wordt naar het oordeel van de kantonrechter niet de indruk gewekt dat de door [eiseres] gevolgde opleiding een MBO 4 opleiding is.

1.5.

Al het vorenstaande leidt ertoe dat de vorderingen van [eiseres] niet toewijsbaar zijn. [eiseres] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten aan de zijde van WTS, zoals vermeld in het dictum.

2 BESLISSING

De kantonrechter:

2.1.

wijst het gevorderde af,

2.2.

veroordeelt [eiseres] in de kosten aan de zijde van WTS, tot op heden begroot op € 750,= (drie punten x tarief 250,=) wegens salaris gemachtigde.

Aldus gewezen door mr. N.C.H. Blankevoort, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 oktober 2017 in tegenwoordigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

type: EHL

coll: