Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2017:4862

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
06-07-2017
Datum publicatie
11-07-2017
Zaaknummer
06-07-2017
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verzoek van het OM tot ontslag van de bestuurders van en ontbinding van een stichting.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 2
Burgerlijk Wetboek Boek 2 297
Burgerlijk Wetboek Boek 2 298
Burgerlijk Wetboek Boek 2 301
Burgerlijk Wetboek Boek 2 302
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2017/3624
JONDR 2017/1114
JOR 2017/289 met annotatie van mr. C.J. Scholten
OR-Updates.nl 2017-0217
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer / rekestnummer: C/13/623104 / HA RK 17-33 en

zaaknummer / rekestnummer: C/13/623105 / HA RK 17-34

Beschikking van 6 juli 2017

in de zaken van

OPENBAAR MINISTERIE, ARRONDISSEMENTSPARKET AMSTERDAM,

namens deze mr. O.J.M. van der Bijl, Officier van Justitie,

verzoeker

en

1 [belanghebbende 1] ,

wonende te [plaats] ,

2. [belanghebbende 2],

wonende te [plaats] ,

3. de stichting

STICHTING LUMINORE,

gevestigd te Amsterdam,

belanghebbenden.

Verzoeker wordt hierna het OM genoemd.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

Het verloop van de procedure in zaaknummer / rekestnummer: C/13/623104 / HA RK 17-33 blijkt uit:

  • -

    het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 31 januari 2017;

  • -

    de tussenbeschikking van deze rechtbank van 16 maart 2017 waarbij de bestuurders met onmiddellijke ingang zijn geschorst.

1.2.

Het verloop van de procedure in zaaknummer / rekestnummer : C/13/623105 / HA RK 17-34 blijkt uit:

  • -

    het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 31 januari 2017;

  • -

    de brief van mr. Van der Bijl, ingekomen ter griffie op 10 februari 2017;

  • -

    de (fax)brief van mr. Van der Bijl, ingekomen ter griffie op 11 april 2017.

1.3.

Beschikking is bepaald op heden. Verzoeker is van de beschikkingsdatum op de hoogte gesteld.

1.4.

Gezien de samenhang tussen beide procedures zijn deze zaken ambtshalve gevoegd.

2 De feiten

2.1.

De stichting Stichting Luminore (hierna: Luminore) is opgericht bij akte van 12 augustus 2015. De inschrijving in het handelsregister heeft op 13 augustus 2015 plaatsgevonden. Luminore is statutair gevestigd in Amsterdam en is kantoorhoudende te [plaats] aan de [straats] .

2.2.

Ingevolge een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel van 1 december 2016 zijn de bestuurders van Luminore [belanghebbende 2] (hierna: [belanghebbende 2] ) en [belanghebbende 1] (hierna: [belanghebbende 1] ). Bij beschikking van 16 maart 2017 zijn [belanghebbende 2] en [belanghebbende 1] geschorst als bestuurders van Luminore. Deze schorsing is in het handelsregister aangetekend.

2.3.

Het doel van Luminore blijkt uit artikel 2 van de statuten. Dit artikel luidt als volgt:

Doel

Artikel 2

De stichting heeft ten doel het ten titel van administratie verkrijgen en administreren van de aandelen, alsmede het verrichten van alle verdere handelingen, die met het vorenstaande in de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk kunnen zijn.”.

2.4.

Bij beschikking van de voorzieningenrechter van deze rechtbank van 10 januari 2017 met zaaknummer 620941 / KG RK 16-2698 MW/CB zijn [belanghebbende 2] en [belanghebbende 1] (in hun hoedanigheid van bestuurder van Luminore) bevolen om binnen twee weken na betekening van de beschikking de boeken, de bescheiden en andere gegevensdragers van Luminore beschikbaar te stellen en de waarden van Luminore aan te tonen, een en ander om de beantwoording van de vragen gesteld bij brief van 2 december 2016 mogelijk te maken. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

2.5.

Luminore is eigenaar van een Peugeot 5008 met het [kenteken] .

3 Het verzoek

3.1.

Het verzoek strekt tot schorsing en ontslag van de bestuurders van Luminore op grond van artikel 2:298 van het Burgerlijk Wetboek (BW) ingediend. Tevens strekt het verzoek tot ontbinding van Luminore op grond van artikel 2:301 BW.

3.2.

Het OM legt, kort samengevat, het volgende aan haar verzoeken ten grondslag.

Verzoek om inlichtingen

Bij brief van 1 december 2016 heeft het OM belanghebbenden aangeschreven met het verzoek om inlichtingen als bedoeld in artikel 2:297 BW. Op deze brief heeft het OM geen reactie ontvangen. Daaropvolgend heeft het OM een verzoek bij de voorzieningenrechter op grond van artikel 2:297 BW ingediend. Tegen het verzoek is geen verweer gevoerd. Op 10 januari 2017 heeft de voorzieningenrechter het verzoek toegewezen. Deze beschikking zijn op 12 januari 2017 betekend aan belanghebbenden. Ook hierop is geen reactie ontvangen. Belanghebbenden hebben niet voldaan aan het bevel van de voorzieningenrechter.

Schorsing en ontslag bestuurder

Het niet voldoen aan het bevel van de voorzieningenrechter van deze rechtbank levert ex artikel 2:297 lid 1 sub b BW een zelfstandige reden op om [belanghebbende 2] en [belanghebbende 1] als bestuurders van Luminore te ontslaan.

Bovenstaande geeft het OM aanleiding om een verzoek tot ontslag van de bestuurders, [belanghebbende 2] en [belanghebbende 1] , in te dienen.

Ontbinding rechtspersoon

Tevens legt het OM hieraan het volgende ten grondslag. Uit de literatuur volgt dat artikel 2:301 BW beoogt het voortbestaan van stichtingen die hun zin hebben verloren of niet kunnen waarmaken te voorkomen. Het is een bescherming van de maatschappij tegen loze instellingen. Luminore valt onder deze beschrijving.

Het OM verwijst hierbij naar een arrest van de Hoge Raad (d.d. 2 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5034) . Hierin gaat de Hoge Raad mee in het oordeel van het Hof dat de stichting “nu er jarenlang van enig concreet doel geen sprake is” ontbonden diende te worden. Van Luminore zijn geen aantoonbare (sociale) (media) activiteiten bekend.

[belanghebbende 2] was eveneens bestuurder van de Stichting Nederlandse Evenementen en van de Stichting Betuwse Evenementen. Bij beschikking van 1 juni 2017 is [belanghebbende 2] ontslagen als bestuurder van deze twee stichtingen en zijn deze twee stichtingen door de rechtbank ontbonden. Dit versterkt het vermoeden dat er sprake is van een schijnconstructie en wanbestuur.

Het OM stelt dat Luminore alleen dient als dekmantel voor criminele doeleinden die geen verband houden met de doelstellingen van Luminore. Voortzetting van Luminore zou, gelet het voorgaande, niet leiden tot realisatie van de doelstelling. Wijziging van de doelstelling zal alleen de schijnconstructie in stand houden onder het mom van een andere doelomschrijving.

Het OM verzoekt om ontbinding van Luminore.

Tevens heeft het OM verzocht om, bij toewijzing van het verzoek tot ontbinding, een vereffenaar te benoemen in Luminore als bedoeld in artikel 2:23 lid 2 BW en om deze benoeming uitvoerbaar bij voorraad te verklaren ex artikel 2:23 lid 3 BW.

4 De beoordeling

4.1.

Het OM heeft in boek 2 van het BW in het kader van haar toezichthoudende taak op rechtspersonen, een aantal bevoegdheden toebedeeld gekregen. Eén van die bevoegdheden is het indienen van een verzoek tot ontslag van bestuurders van een stichting. De rechtbank is van oordeel dat het OM voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat met haar verzoek een algemeen belang is gediend. Uit bovenstaande blijkt dat het OM ontvankelijk is in haar verzoeken.

4.2.

Artikel 2:298 lid 1 BW bepaalt dat de rechtbank een bestuurder van een stichting kan ontslaan op verzoek van het openbaar ministerie of op verzoek van iedere belanghebbende, indien deze iets doet of nalaat in strijd met de bepalingen van de wet of van de statuten of indien deze niet of niet behoorlijk voldoet aan een door de voorzieningenrechter, ingevolge artikel 2:297 BW, gegeven bevel.

4.3.

Gelet op het bovenstaande komt de rechtbank tot het oordeel dat [belanghebbende 2] en [belanghebbende 1] geen gevolg gegeven hebben aan het door de voorzieningenrechter van deze rechtbank gegeven bevel van 10 januari 2017.

4.4.

Het verzoek tot ontslag van [belanghebbende 2] en [belanghebbende 1] , zijnde de bestuurders van Luminore, zal daarom worden toegewezen.

4.5.

Artikel 2:301 lid 1 BW bepaalt dat de rechtbank op verzoek van een belanghebbende of het openbaar ministerie de stichting ontbindt indien, kort gezegd, het vermogen van de stichting onvoldoende is voor verwezenlijking van haar, indien het doel van de stichting bereikt is of niet meer bereikt kan worden en gewijzigd kan worden.

4.6.

Nu voldoende aannemelijk is gemaakt dat er sprake is van een geval zoals vermeld in artikel 2:301 BW, zal het verzoek tot ontbinding van Luminore worden toegewezen.

4.7.

De rechtbank ziet de noodzaak van de benoeming van een vereffenaar en heeft hiertoe het advocatenkantoor Levenbach advocaten benaderd. Mr. D. Sjouke van dit advocatenkantoor heeft ingestemd met benoeming tot vereffenaar.

4.8.

Deze beschikking zal overeenkomstig het bepaalde in artikel 2:302 BW door de griffier ter inschrijving worden aangeboden aan het handelsregister.

5 De beslissing

De rechtbank

5.1.

ontslaat [belanghebbende 2] en [belanghebbende 1] als bestuurders van de stichting Stichting Luminore, gevestigd te Amsterdam,

5.2.

ontbindt de stichting Stichting Luminore, gevestigd te Amsterdam,

5.3.

benoemt

Mr. D. Sjouke, Levenbach Advocaten,

kantoorhoudende te (1075 AH) Amsterdam

aan de Oranje Nassaulaan 17

tot vereffenaar van de stichting Stichting Luminore, gevestigd te Amsterdam,

5.4.

verklaart hetgeen is beslist onder 5.1, 5.2. en 5.3. uitvoerbaar bij voorraad,

5.5.

bepaalt dat de griffier deze beschikking ter inschrijving zal aanbieden aan het handelsregister.

Deze beschikking is gegeven door mr. B.T. Beuving en in het openbaar uitgesproken op 6 juli 2017.1

1 type: coll: